ID.nl logo
Kieskeurig.nl's grote tv-test 2023: welke televisie moet je absoluut hebben?
Huis

Kieskeurig.nl's grote tv-test 2023: welke televisie moet je absoluut hebben?

Het kopen van een nieuwe televisie kan overweldigend zijn vanwege de vele merken, modellen en formaten die beschikbaar zijn. Er is voor ieder wat wils, maar hoe weet je welke televisie het beste bij jou past? Kieskeurig.nl neemt je mee en heeft 16 modellen voor je getest om je te helpen met het maken van de juiste keuze en de tv die het beste aansluit bij jouw wensen en budget.

De technologische ontwikkelingen van televisies gaan snel. Dat maakt het kiezen van een nieuwe tv misschien juist wel complexer, want er zijn veel factoren om over na te denken bij de aanschaf van een nieuwe televisie. Allereerst is de juiste schermgrootte belangrijk, afhankelijk van de ruimte in huis. Ook zijn er veel nieuwe functies en technieken die overwogen kunnen worden, voor zowel beeld als geluid.

Grotere beeldformaten

Tegenwoordig lijkt alles steeds groter te moeten en dat geldt zeker voor de nieuwste televisies. Modellen met een formaat van bijvoorbeeld 32-inch zien we steeds minder; men start doorgaans bij een 43-inch-model, maar over het algemeen zijn de 55-inch-tv's toch het populairst. Groter kan natuurlijk

Beeldtechniek

In 2022 begon de nieuwe beeldtechnologie QD-OLED aan een opmars en dit jaar zien we steeds meer modellen die met deze techniek zijn uitgerust. QD-OLED is in feite een hybride technologie die de voordelen van QLED en OLED combineert. Bij QD-OLED televisies worden de quantum dots geïntegreerd in de OLED pixels. Dit combineert de voordelen van OLED met de betere kleurweergave van quantum dots. Hierdoor hebben QD-OLED-tv's een beter contrast, mooiere zwartwaarden en een breder kleurenspectrum dan reguliere OLED-tv's. In deze 2023-test van Kieskeurig.nl zijn twee modellen opgenomen die zijn voorzien van een QD-OLED-scherm: de Samsung QE55S95C en de Sony XR55A95L. Deze televisies hadden bij het uitbrengen nog wel een hoge adviesprijs (respectievelijk 2.699 euro en 3.799 euro).

Alle geteste televisies ondersteunen minstens de 4K-resolutie en dat is een pluspunt omdat de meeste streamingdiensten ook al content uitzenden in deze hoge resolutie. Daarbij ondersteunen alle tv's ook High Dynamic Range (HDR)-beelden en vaak ook Dolby Vision. Opvallend is dat Samsung deze beeldtechniek helemaal niet ondersteunt.

Betere specificaties voor gamers

We zien dit jaar dat fabrikanten meer rekening houden met gebruikers die televisies ook voor andere zaken inzetten, bijvoorbeeld voor het spelen van games. TV-fabrikanten doen er steeds meer aan om ook die groep consumenten tevreden te houden. Vrijwel alle televisies uit de test hebben op z'n minst een HDMI 2.1-poort met ondersteuning voor gaming op 4K-resolutie met 120Hz, en een lage input-lag. Ook ondersteunen alle televisies variabele refresh rates (VRR) en doorgaans ook nVidia G Sync en AMD's FreeSync. Gamers komen dus goed aan hun trekken met de niewste modellen televisies.

Audioverbeteringen

Qua geluid zien we dit jaar ook al wat verbeteringen, zeker wat betreft de ondersteuning voor Dolby Atmos, zodat je bioscoopgeluid in je woonkamer kunt creëren. Het gros van de door ons geteste televisies kan echter niet overweg met DTS-HD (de verbeterde versie van DTS, dat je vaak tegenkomt op Blu-ray-discs).

©TCL

Keuze uit besturingssystemen

Ook bij de aanschaf van een nieuwe televisie kun je - net als bij een laptop - kiezen uit een aantal besturingssystemen. Fabrikanten als LG, Samsung en Panasonic gebruiken hun eigen ontwikkelde besturingssystemen; Philips, Sony en TLC kiezen voor Android TV of Google TV. Laatstgenoemde besturingssystemen hebben vaak een uitgebreider app-aanbod, omdat er gebruik wordt gemaakt van de Google Play Store. De televisies die een merkgebonden besturingssysteem hebben, bieden vaak ook minder apps aan voor lokale content, voornamelijk voor Belgische consumenten.

©TCL

Alle tv's in deze test ondersteunen 4K-resolutie en de meeste tv's ook HDR10+, waarvan content op onder meer HBO Max, Netflix en Prime Video wordt aangeboden.

Traditioneel tv-kijken

Lineair tv kijken is weliswaar minder populair, maar bij de aanschaf van een nieuwe televisie hoef je niet bang te zijn dat dit niet meer mogelijk is. Bij de meeste tv-providers verloopt het tv-kijken via een mediabox, maar alle televisies in de test bieden ook de mogelijkheid om een smartcard te gebruiken in combinatie met een geïntegreerde CI-module aan de achterzijde. Het opnemen van tv-programma's is dan eveneens mogelijk, maar moet je wel een externe harde schijf aansluiten, wil je die programma's kunnen opslaan en terugkijken. Bij alle televisies is daar minstens één usb-aansluiting voor aanwezig.

©TCL

Samenvattend

Alle modellen die we dit jaar aan een test hebben onderworpen komen goed mee en zijn voorzien van de snufjes die je vandaag de dag mag verwachten. Gamers kunnen terecht bij alle merken voor de ondersteuning van hoge frame rates en 4K-gaming. Qua geluidsproductie zijn er nog wat minpunten te ontdekken, maar die zijn op te lossen door een soundbar aan de tv te koppelen. Opvallend is wel dat de adviesprijzen van televisies met dezelfde beelddiagonaal flink uiteen lopen, maar dan hebben we het over adviesprijzen die later zeker nog stukken lager zullen uitvallen.

De best geteste televisies krijgen het 'Goed uit de test'-predikaat

De winnaars

De televisies van Hisense en TCL vallen op door hun lage prijs – de 55inch-toestellen blijven onder de magische grens van de 1.000 euro – en boeten niet in wat betreft functionaliteit en kwaliteit. Kijken we naar de televisies die van Kieskeurig.nl het Goed uit de test 2023-predicaat krijgen, dan zijn er elf winnaars. Klik op de link van de betreffende televisie om de review te lezen:

Kieskeurig test 16 tv's

Ben je op zoek naar een nieuwe tv, maar weet je niet welke je écht moet hebben? Kieskeurig.nl biedt je een helpende hand en legde 16 modellen op de pijnbank – van de allerbeste high-end modellen en de nieuwste oled- en lcd-toppers tot prima middenklassers. Zo krijg je een compleet overzicht van de sterke én zwakke punten van elke categorie. Benieuwd welke tv's dat zijn en welke als beste uit de bus komen? De volledige test kun je hier lezen!
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.