ID.nl logo
Review Sony XR-55A95K – OLED-tv met beeldkwaliteit voor gevorderden
Huis

Review Sony XR-55A95K – OLED-tv met beeldkwaliteit voor gevorderden

Naast Samsung rust ook Sony een topmodel uit met de nieuwe OLED-technologie. We zijn erg benieuwd of beide merken een andere aanpak hanteren, maar een ding kunnen we al verklappen. Sony heeft met de XR-55A95K OLED-tv een topper in handen.

Legendarisch
Conclusie

Deze Sony mag zonder enige twijfel bovenaan de verlanglijst van elke filmliefhebber staan. Gamers hadden ongetwijfeld liever gezien dat Sony wat ruimere mogelijkheden bood op HDMI-vlak, maar als de beperkingen je niet storen, is de XR55A95K ook voor hen een uitstekende keuze. De A95K haalt elke gram potentieel uit het nieuwe QD-OLED-paneel. Het geeft ten opzichte van de Samsung S95B een minimum aan terrein prijs op vlak van piekhelderheid, maar toont wel elke nuance in kleur, schaduwen en licht. De beeldverwerking zorgt dat al je bronnen er op hun best uitzien. Kortom, topbeelden om van te smullen. De Acoustic Surface oplossing onderlijnt het beeld met prima geluid. Google TV en de nieuwe afstandsbediening staan garant voor uitstekend gebruiksgemak. Enkel de prijs vinden we nogal zwaar, zeker vermits het verschil met de Samsung S95B niet zo groot is.

Plus- en minpunten
  • Diep, bijna perfect zwart met veel schaduwnuances
  • Hoge piekhelderheid en zeer ruim kleurbereik
  • Bijna perfecte kijkhoek
  • Uitstekende beeldverwerking
  • Zeer goede bewegingsscherpte
  • Acoustic Surface+ levert uitstekend geluid
  • HDMI 2.1-aansluitingen met veel gaming-features
  • Nieuwe, handige en eenvoudigere afstandsbediening
  • Rechtstreeks invallend licht beïnvloedt de zwartweergave
  • Slechts twee HDMI 2.1-aansluitingen
  • Dolby Vision en 4K120 niet te combineren via HDMI

Sony XR-55A95K

  • Adviesprijs: 3.300 euro
  • Wat: Ultra HD QD-OLED-tv
  • Schermformaat: 55 inch (139 cm)
  • Aansluitingen: 4x HDMI (2x v2.0 (18 Gbps), 2x v2.1 (48 Gbps)), ARC/eARC, ALLM, VRR, HFR 4K120),- 1x composiet video + stereo minijack, 2x USB,- 1x optisch digitaal uit, 1x center speaker, 3x antenne, Bluetooth
  • Afmetingen: 1.225 x 753 x 265 mm
  • Gewicht: 31,0 kg (incl. voet)
  • Gemiddeld verbruik: SDR 84 Watt / HDR 114 Watt

De A95K gebruikt een nieuwe type OLED-paneel, dat OLED en quantum dots combineert, vandaar de benaming: QD-OLED. Zowel de Samsung S95B als de Sony A95K gebruiken exact hetzelfde paneel, en ze delen dan ook alle voor-en nadelen. Kort gesteld zijn dat de volgende.

QD-OLED biedt een bijna perfect contrast, maar combineert het met een betere helderheid en vooral met kleuren die hun intensiteit (saturatie) bewaren bij heel hoge helderheden. De pixels hebben een zeer snelle reactietijd. De opbouw van het paneel garandeert een zeer ruime kijkhoek, maar kan anderzijds wat last ondervinden van sterk omgevingslicht dat de zwartweergave licht verwatert. 

De panelen gebruiken een unieke driehoekige subpixelstructuur die het mogelijk iets minder geschikt maakt voor computermonitoren. Tot slot blijft er een beperkt risico op inbranden, hoewel fabrikanten hun ondertussen ruime ervaring met OLED inzetten om dat te vermijden.

Stoere tv

Een ding dat we echt niet verwachten van een OLED-tv is een stoer uiterlijk. De OLED-panelen benadrukken vaak een superslank design. Sony kiest hier duidelijk een ander pad. Het scherm zelf is al wat dikker, maar vooral het feit dat de elektronicabehuizing over de hele rug uitstrekt, is verrassend. Bovendien staat het toestel op een voetplaat die even breed is als het toestel. Het totaalgewicht, 31 kg, liegt er niet om, dit is een forse tv.

Over de afwerking echter geen slecht woord. Die is piekfijn in orde, en aan elk detail is gedacht. De voetplaat kan gemonteerd worden naar voor of naar achter wijzend. Maar wat je ook kiest, het beeld hangt een centimeter boven het meubel dus een soundbar voor de tv zetten is geen optie.

Aansluitingen

Deze Sony zal gamers tot keuzes dwingen. Van de vier HDMI-aansluitingen zijn er maar twee die de 48 Gbps HDMI 2.1 bandbreedte leveren. En een daarvan dient voor ARC/eARC. Wie dus een soundbar op het oog heeft, houdt maar één HDMI 2.1-aansluiting over. Ze kunnen ook niet én Dolby Vision én 4K120 tegelijk ondersteunen, via de instellingen bepaal je wat de HDMI-aansluiting aankan. Ondersteuning voor ALLM en VRR is er wel, en de input-lag van 17,2 ms (4K60) en 8,7 ms (2K120) is in elk geval prima.

Daarnaast vind je op de Sony twee usb-aansluitingen, een composiet video en stereo minijack ingang, en een optisch digitale audio-uitgang. Voor een koptelefoon moet je bluetooth gebruiken. De A95K biedt een unieke oplossing voor wie een AV-receiver gebruikt, hij kan immers aangesloten worden als center-luidspreker. 

Er is natuurlijk ook ethernet en wifi voor smart functies. Met de dubbele tv-tuner kan je kijken en tegelijk een ander kanaal opnemen naar usb-harde schijf. Er is wel maar één CI Plus-slot.

Beeld om van te smullen

Met de resultaten van de Samsung S95B in het achterhoofd zijn we benieuwd of Sony nog meer uit het QD-OLED-paneel kan halen. We zien in elk geval een zeer goede uniformiteit en geen dirty screen-effect. Sony levert in de ‘Gebruiker’ beeldmode de meest accurate resultaten. Het beeld heeft dankzij het perfecte zwart veel diepte, en de Sony haalt erg veel schaduwnuances naar boven. De kleurweergave is erg accuraat, en huidstinten ogen natuurlijk. We durven te spreken van een bijna referentiekwaliteit in SDR-beelden.

De Sony ondersteunt HDR10, HLG en Dolby Vision. Ook in HDR schakelen we naar de ‘Gebruiker’ beeldmode, en daar zien we dezelfde trend die we op de Samsung S95B zagen, maar met kleine verschillen. Zo lijkt Sony iets voorzichtiger te zijn met de maximale helderheid. Die piekt rond de 940 nits op een 10% venster, en 196 nits op een volledig wit scherm. Dat is ongeveer 10% minder dan de Samsung, en met die piekhelderheid zit de Sony eerder op de lijn van de LG G2, al is wel duidelijk dat hij minder hard moet dimmen in meer heldere beelden. 

Met een 99,8% P3 kleurbereik levert hij een heel groot kleurpalet. Het voordeel van QD-OLED is echter dat hij kleuren ook veel helderder kan weergeven (tot 2,5x) dan WOLED zonder aan kleurintensiteit (saturatie) in te boeten. Daardoor heeft de A95K een enorm kleurvolume, heel helder gemasterde beelden houden daardoor al hun kleurpracht. 

Sony heeft een bovendien uitstekende tonemapping aanpak. Die negeert weliswaar de HDR10-metadata en vertrouwt op eigen analyse van het beeld, maar maakt wel elke nuance zichtbaar, zowel aan het donkere als lichte uiteinde van het spectrum. Zo kijk je moeiteloos binnen in de donkerste scènes en blijven heldere beelden zeer rijk aan nuance zonder detail te clippen.

Slimme beeldbewerking

De Sony Cognitive Processor XR levert uitstekende resultaten voor deinterlacing, ruisonderdrukking en upscaling. Met ‘Reality Creation’ geef je het beeld bovendien een beetje extra detail en diepte zonder storende valse contouren. Ook hinderlijke kleurstroken in zachte kleurovergangen werkt hij efficiënt weg, zelfs in moeilijke donkere testscènes. 

Er blijven wel een paar kleine probleempjes. De processor kan horizontaal lopende tekst (de zogenaamde tickers) niet helemaal zonder kleine schokken weergeven. En een gelijkaardig probleem zien we bij motion interpolation, waar de processor in snelle actiepans veel stotter in het beeld laat of duidelijke artefacten introduceert. 

Het QD-OLED-paneel zorgt wel voor zeer goede bewegingsscherpte, de snelle pixelresponstijd maakt dat er nauwelijks een vage rand is rond bewegende voorwerpen. Sony geeft je de mogelijkheid om Black Frame Insertion te activeren, maar veel extra bewegingsscherpte levert dat niet, en de flikkering in beeld is storend.

Geluid recht uit het scherm 

Net als de andere Sony OLED-tv’s gebruikt de A95K Acoustic Surface technologie. Twee actuatoren brengen het aan het trillen zodat het scherm zelf de geluidsgolven produceert. Voor de lage tonen zijn er wel twee woofers voorzien. Belangrijkste voordeel van Acoustic Surface: de klank komt echt recht uit het scherm, in plaats van vanonder het scherm zoals dat vaak het geval is. 

De 60 Watt vermogen zorgt voor een stevige portie audio die gemakkelijk de kamer vult. Ondersteuning voor Dolby Atmos garandeert een erg mooie surroundervaring. Met een korte testprocedure optimaliseer je de weergave voor de kamerakoestiek. Alles bij elkaar een prima resultaat, dat voor veel kijkers ruim zal volstaan.

Google TV met wat extra's 

Het smart tv-deel wordt verzorgd door Google TV. Dat garandeert een uitzonderlijk rijk aanbod apps, en een interface die je overstelpt met aanbevelingen. Die zijn per genre gerangschikt en gaan over verschillende (maar niet alle) streamingdiensten heen. Op de A95K heb je exclusief toegang tot Bravia Core, de streamingdienst van Sony Pictures die een ruim aanbod films heeft. Die toegang geldt voor twee jaar, over de verdere toekomst kon Sony ons niets zeggen.

De interface reageert vlot en apps starten snel, en samen met de nieuwe afstandsbediening levert het een goede gebruikservaring. Wat is er nieuw aan de afstandsbediening? Ze is vereenvoudigd, en past beter bij het meer streaming georiënteerd kijken. Vind je ze niet meer terug, dan gebruik je de Find My Remote functie in de Google Home app. De remote licht dan op en maakt geluid.

De Bravia Cam

In de doos vind je ook de Bravia Cam, een camera die je magnetisch bovenaan het scherm bevestigd. Die gebruik je als webcam om te videochatten via Google Duo. Sony geeft hem ook andere functies, al lijken die ons niet echt belangrijk of nuttig. De camera kan je waarschuwen als je te dicht bij het scherm zit, of geluid en beeld aanpassen op basis van je zitplaats. Later zullen daar nog functies bijkomen, zoals gebaarcontrole of het scherm dimmen als er niemand voor zit. 

Aan privacy is er gelukkig wel gedacht. De camera stuurt geen extra gegevens door voor die functies, en met een schuifknop bovenaan schuif een je een lenskap voor de camera.

Conclusie

Deze Sony mag zonder enige twijfel bovenaan de verlanglijst van elke filmliefhebber staan. Gamers hadden ongetwijfeld liever gezien dat Sony wat ruimere mogelijkheden bood op HDMI-vlak, maar als de beperkingen je niet storen, is de XR55A95K ook voor hen een uitstekende keuze. De A95K haalt elke gram potentieel uit het nieuwe QD-OLED-paneel. Het geeft ten opzichte van de Samsung S95B een minimum aan terrein prijs op vlak van piekhelderheid, maar toont wel elke nuance in kleur, schaduwen en licht. De beeldverwerking zorgt dat al je bronnen er op hun best uitzien. Kortom, topbeelden om van te smullen. 

De Acoustic Surface oplossing onderlijnt het beeld met prima geluid. Google TV en de nieuwe afstandsbediening staan garant voor uitstekend gebruiksgemak. Enkel de prijs vinden we nogal zwaar, zeker vermits het verschil met de Samsung S95B niet zo groot is.

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.