ID.nl logo
Review Samsung QE65S95B – Geslaagde start voor OLED-tv
Huis

Review Samsung QE65S95B – Geslaagde start voor OLED-tv

Samsung gebruikt al jaren naast LCD ook OLED voor zijn smartphones, maar niet voor zijn tv’s. We hebben dan ook reikhalzend uitgekeken naar de QE65S95B, de eerste Samsung OLED-tv sinds 2013. En Samsung heeft zijn start niet gemist.

Legendarisch
Conclusie

Samsung zet hoog in met deze QE65S95B. De nieuwe QD-OLED-technologie neemt de koppositie in voor helderheid, vergeleken met de andere OLED-modellen. Het verschil is echter niet zo groot, en LCD doet het nog steeds beter. Maar gecombineerd met dat perfecte OLED-contrast en het indrukwekkende kleurbereik van de quantum dots zet hij een fantastische prestatie neer. Films, zekere in HDR zijn een echt feest voor het oog. Vermijd sterk invallend omgevingslicht, daarmee benadeel je de zwartweergave. Het is een tip die voor alle tv’s geldt, maar zeker voor deze. We zijn nog steeds niet gelukkig met de nieuwe Smart Hub layout, maar aan functionaliteit is er geen gebrek. De HDMI 2.1-aansluitingen en de uitstekende bewegingsscherpte zijn dan weer troeven voor sport en games. Voor een nieuwe technologie is deze Samsung bovendien helemaal niet te duur geprijsd.

Plus- en minpunten
  • Hogere helderheid dan de huidige top OLED-tv’s
  • Nagenoeg perfect contrast
  • Bijzonder indrukwekkend kleurbereik
  • Bijna perfecte kijkhoek
  • Uitstekende bewegingsscherpte
  • Zeer goede beeldverwerking
  • HDMI 2.1-aansluitingen met veel gaming features
  • Rechtstreeks invallend licht beïnvloedt de zwartweergave
  • Geen Dolby Vision ondersteuning
  • Nieuwe Tizen Smart Hub is minder gebruiksvriendelijk

Samsung QE65S95B

  • Adviesprijs: 3.499 euro
  • Wat: Ultra HD QD-OLED-tv
  • Schermformaat: 65 inch (165 cm)
  • Aansluitingen: 4x HDMI (4x v2.1 (48 Gbps), eARC, ALLM, VRR, HFR 4K120), 1x optisch digitaal uit, 2x USB, 3x antenne, Bluetooth
  • Extra’s: HDR10, HLG, HDR10+, WiFi (802.11ac) ingebouwd, Tizen 7.0, AirPlay 2, USB/DLNA-mediaspeler, DVB-T2/C/S2, dual tuner, CI+-slot, Neural Quantum 4K Processor, Smart Calibration
  • Afmetingen: 1.444 x 898 x 288 mm (incl. voet)
  • Gewicht: 25,5 kg (incl. voet)
  • Verbruik: SDR 132 (G) / HDR 252 watt (G)

QD-OLED is, zoals de naam doet vermoeden, een combinatie van quantum dots en OLED-technologie. Een blauwe OLED-laag zorgt voor het licht, dat op pixelniveau gedimd kan worden, net zoals de OLED-tv’s die we al kennen. Op subpixelniveau wordt dat blauwe licht dan door quantum dots omgezet (niet gefilterd) naar rood en groen, blauw wordt doorgelaten. Dat is anders dan de bestaande OLED-technologie die kleur maakt door het witte OLED-licht door een kleurfilter te sturen.

Die nieuwe aanpak zou helderder moeten zijn, omdat de kleuren ontstaan door conversie, niet door filteren. De bestaande OLED-tv’s gebruiken een extra witte subpixel om de helderheid te verbeteren, maar dat gaat ten kosten van kleurintensiteit in zeer heldere kleuren. Dat probleem heeft QD-OLED niet, het gebruikt een RGB-subpixelstructuur en zal kleuren dus veel helderder met volle kleurintensiteit kunnen tonen. Omdat er minder lagen voor de lichtgevende pixels zitten flirt de kijkhoek met perfectie.

Nadelen zijn er echter ook. De subpixelstructuur is driehoekig, groen bovenaan, en rood en blauw onderaan. Daardoor kan je licht gekleurde randen zien rond voorwerpen met een scherp contrast, bijvoorbeeld witte tekst op een zwarte achtergrond. Voor tv kijken op een normale afstand is dat effect onzichtbaar. Wie hoopt een QD-OLED-monitor in huis te halen, test beter eerst of hij die randen niet storend vindt.

Daarnaast is dit ook een OLED-scherm en is er daarom risico op inbranden. Ondertussen hebben fabrikanten al heel wat jaren ervaring met OLED, dus mogelijk is dat risico beperkt. Tot slot, omdat de quantum dots helemaal aan de voorzijde van het scherm zitten, kan ook sterk omgevingslicht deze dots activeren. De zwartwaarde verwatert dan wat, en het scherm krijgt een zachte magentaroze tint. Het is duidelijk zichtbaar in donkere beelden, die daardoor sterk aan kwaliteit verliezen, maar heeft nauwelijks effect bij heldere content (sport bijvoorbeeld).

Vermijd dus spotlicht of sterk zonlicht dat rechtstreeks op het scherm schijnt. We kunnen je wel al gerust stellen, bij beperkt omgevingslicht viel het probleem niet op, enkel bij extreme omstandigheden was het goed zichtbaar, maar dan doet geen enkele tv het goed.

Hoe slank kan een tv zijn?

Als het van Samsung afhangt, erg slank. Het scherm zelf is zo dun, en deze 65 inch-versie is zo groot, dat het scherm zelf licht begon te buigen, en sterk wiebelt als je het verplaatst. Wat extra voorzichtigheid is dus geboden. De afwerking is piekfijn in orde. Een fijn zilverkleurig kader omlijst het beeld. De tv staat op een vrij grote centrale voet, met een brede nek die voldoende stabiliteit biedt.

De aansluitingen wijzen naar onder en opzij, we zijn er zeker van dat de S95B er fantastisch uit zou zien aan de muur. Met zijn vier HDMI 2.1-aansluitingen die allemaal 48 Gbps leveren heb je aansluitmogelijkheden genoeg. Er is ondersteuning voor eARC, ALLM, 4K120 en VRR (HDMI VRR en AMD Freesync). De input-lag van 10,1 ms (voor 4K60) en 5,4 ms (voor 2K120) maakt duidelijk dat ook gamers het doelpubliek zijn. 

Verder krijgt je twee usb-aansluitingen, een optisch digitale audio-uitgang, ethernetaansluiting, wifi en bluetooth. De S95B heeft en dubbele tv-tuner, met een usb harde schijf kan je opnemen en tegelijk een ander kanaal bekijken.

Spetterende kleuren

We schakelen de S95B in Filmmaker Mode voor de beste resultaten. Het OLED-contrast springt onmiddellijk in het oog. Pixelfijne lichtaccenten kunnen perfect bestaan op een pikzwarte achtergrond. Het scherm levert veel zwartdetail, je ziet moeiteloos elke nuance en elk detail in donkere scènes. 

De kleurweergave is dankzij een neutrale grijsschaal uitstekend, met foutwaardes die klein genoeg zijn om in de richting van een referentiebeeld te gaan.

Maar de echte test, dat is HDR-weergave. OLED-schermen kunnen hun absolute piekhelderheid maar leveren in een beperkt deel van het beeld. Naarmate de gemiddelde helderheid van het beeld toeneemt, moet de processor de maximale helderheid verlagen. Hier kan de Samsung laten tonen dat QD-OLED-technologie betere prestaties levert, maar de voorsprong is klein ten opzichte van de beste OLED-modellen van 2022.

De piekhelderheid op een 10% venster haalt ongeveer 1.020 nits, en op een volledig wit scherm tikt hij nog 215 nits aan. We zien vooral dat het QD-OLED-scherm de helderheid minder sterk moet verlagen dan de andere OLED-tv’s. Dat is alvast een win. Het kleurbereik oogt misschien niet zo veel groter, al haalt hij wel 99,4% P3. Maar het kleurvolume, de combinatie van helderheid én kleurintensiteit, is wel aanzienlijk groter. 

Er is geen witte subpixel die de kleuren verwatert, en de S95B kan zijn volledige gesatureerde kleuren gemakkelijk twee maal helder weergeven dan een gewone OLED. Dankzij een goede kalibratie van de HDR Filmmaker Mode springen HDR-beelden dan ook echt in het oog, vooral als die erg intens en kleurrijk zijn. Lichtsabelgevechten in Obi-Wan Kenobi bijvoorbeeld, of de spetterende kleuren van Mad Max:Fury Road. 

De processor zorgt voor prima HDR-tonemapping. Hij houdt rekening met de HDR-metadata en toont heel veel schaduwnuances maar net niet alle witdetail. Die neiging om het beeld toch wat extra impact te geven door een minimale hoeveelheid witdetail te clippen kan er vermoedelijk met een goed kalibratie uitgehaald worden. Maar echt storend is het zeker niet.

De Samsung ondersteunt HDR10, HDR10+ adaptive en HLG. Dolby Vision zou de kers op de taart geweest zijn, maar die boot houdt Samsung nog steeds af.

AI-beeldverwerking

De S95B heeft dezelfde processor aan boord als de QN95B, de resultaten liggen dan ook perfect in lijn met elkaar. Zeer mooie upscaling met goede ruisonderdrukking resulteert in erg scherp gedetailleerde beelden. Af en toe gaat de ruisonderdrukking iets te sterk te werk, en verdwijnt er wat heel fijn detail. Het enige zwakke punt van de processor is het wegwerken van kleurbanden in zachte kleurovergangen. Die blijven in sommige donkere beelden met bredere kleurbanden vrij goed zichtbaar.

Voor sport- en gameliefhebbers levert het QD-OLED-paneel uitstekende bewegingsscherpte. Dankzij de snelle pixelresponstijd worden vage of dubbele randen goed vermeden. Enkel het allerfijnste detail in snelle actiescènes verbergt het scherm nog, net zoals andere OLED-tv’s. 

De processor kan een 60 Hz Black Frame Insertion gebruiken om nog wat extra detail te tonen, maar je verliest er veel helderheid door en het 60 Hz-flikkeren van het beeld is irritant. Wil je vloeiende pan-beelden dan kan je ‘Trilvermindering’ activeren. De motion interpolation werkt gestotter goed weg, en laat vrij weinig beeldartefacten achter.

Prettige audio

Levert de QE65S95B genoeg audioprestaties om die knappe filmbeelden nog meeslepender te maken? 60 Watt in een 2.2.2 kanaalconfiguratie en Dolby Atmos ondersteuning, dat lijkt voldoende. De S95B pompt flink wat volume in de kamer, met een degelijk gebalanceerde klank inclusief wat bas. De processor houdt vervorming goed onder controle, dat wordt pas hoorbaar bij erg hoog volume. Maar die slanke behuizing heeft zijn beperkingen. Echt rollende bassen zijn er niet, en het surroundbeeld is erg beperkt, vermoedelijk omdat alle luidsprekers diep achter het toestel zitten. Voor een echt epische filmtrack wijk je beter uit naar een goede soundbar.

Conclusie

Samsung zet hoog in met deze QE65S95B. De nieuwe QD-OLED-technologie neemt de koppositie in voor helderheid, vergeleken met de andere OLED-modellen. Het verschil is echter niet zo groot, en LCD doet het nog steeds beter. Maar gecombineerd met dat perfecte OLED-contrast en het indrukwekkende kleurbereik van de quantum dots zet hij een fantastische prestatie neer. Films, zekere in HDR zijn een echt feest voor het oog. 

Vermijd sterk invallend omgevingslicht, daarmee benadeel je de zwartweergave. Het is een tip die voor alle tv’s geldt, maar zeker voor deze. We zijn nog steeds niet gelukkig met de nieuwe Smart Hub layout, maar aan functionaliteit is er geen gebrek. De HDMI 2.1-aansluitingen en de uitstekende bewegingsscherpte zijn dan weer troeven voor sport en games. Voor een nieuwe technologie is deze Samsung bovendien helemaal niet te duur geprijsd.

▼ Volgende artikel
6 handige tips voor het gebruik van je staafmixer
© luismolinero
Huis

6 handige tips voor het gebruik van je staafmixer

Als je alles uit je staafmixer wilt halen, moet je wel weten hoe je ermee om moet gaan. Met deze tips krijg je niet alleen de beste (lees: lekkerste) resultaten, maar gaat je staafmixer ook langer mee. Win-win! 

In het kort: Een staafmixer is in principe een heel simpel apparaat. Je zet hem aan en hij pureert de boel voor je. Maar let op: een staafmixer kan overbelast raken en sneller stukgaan als je hem niet op de juiste manier gebruikt. Ook kunnen je gerechten er minder lekker op worden. Wil je weten hoe je je staafmixer optimaal benut? Lees dan de tips in dit artikel.

Lees ook: Dit kun je allemaal (nog meer) met een staafmixer

Tip 1: Ingrediënten voorsnijden

Hoewel staafmixers erg krachtig kunnen zijn, hebben ze ook relatief kleine mesjes. In tegenstelling tot bijvoorbeeld een blender kan het voor een staafmixer daarom lastig zijn om grote stukken goed en gelijkmatig te verpulveren. Je kunt je staafmixer dus een handje helpen door je ingrediënten van tevoren in kleinere stukken te snijden. Hiermee verklein je de kans op klonten of stukjes in je soep of saus én raken de messen minder snel overbelast. 

Tip 2: Let op het vermogen

Het is altijd belangrijk om rekening te houden met het vermogen van je staafmixer, want dat bepaalt welke ingrediënten het apparaat kan pureren. Het pureren van harde ingrediënten zoals noten of ongekookte groenten met een staafmixer met een laag vermogen gaat hoogstwaarschijnlijk niet lukken. Of het lukt wel, maar met een overbelaste motor tot gevolg. Voor harde ingrediënten is vaak een vermogen van minstens 600 watt nodig. Wil je vaak en veel gaan pureren, kies dan voor een vermogen van minstens 1000 watt. Maar let ook op het toerental, oftewel het aantal rotaties per minuut (RPM). Een staafmixer kan namelijk een laag vermogen hebben, maar wél een toerental van minstens 10.000 RPM. Dan is hij alsnog krachtig genoeg om harde ingrediënten te pureren. 

©Khaletski Siarhei | goffkein.pro

Tip 3: Niet te lang pureren

Lang achter elkaar pureren is funest voor de messen en de motor van een staafmixer. Beter is om in pulsen te pureren, waarbij je de motor tussen het pureren door steeds een paar seconden laat rusten. Vooral bij dikkere mengsels, zoals notenpasta, smoothies en dikke soepen, is dit belangrijk. Het is afhankelijk van het vermogen van een staafmixer hoe lang hij achter elkaar kan pureren. Vaak staat dit aangegeven bij de specificaties. Heb je geen idee? Pureer zachte ingrediënten dan niet langer dan 1,5 minuut en harde ingrediënten niet langer dan 45 seconden. Maakt je staafmixer een raar geluid of wordt hij erg warm, stop dan meteen met pureren. Dit zijn signalen dat het apparaat overbelast is. 

Tip 4: De juiste snelheid

De meeste staafmixers hebben meerdere snelheidsstanden en dat is niet zonder reden. Zo heb je voor het fijn pureren van dikkere mengsels en harde ingrediënten vaak een hogere snelheid nodig dan voor lichte bereidingen. En de turbostand kan handig zijn om harde ingrediënten kort maar krachtig te verpulveren of om een extra gladde soep te maken. Soms wil je een combi van snelheden gebruiken. Je begint bijvoorbeeld met een lage snelheid om spatten in de keuken te voorkomen en bouwt vervolgens geleidelijk op naar een hogere snelheid voor een glad resultaat. 

Tip 5: Ronddraaiende beweging

Beweeg je je staafmixer tijdens het pureren altijd gewoon op en neer? Op zich niks mis mee, want pureren doet het apparaat toch wel. Maar wil je zeker weten dat je geen plekken overslaat, maak dan tijdens het op en neer gaan óók een cirkelvormige beweging. Want op een mayonaise met klontjes zit natuurlijk niemand te wachten. 

©VI Studio

Tip 6: Schoonmaken

Een staafmixer neemt je veel werk uit handen, maar daar moet je wel iets voor terugdoen. Een staafmixer die niet goed schoongemaakt wordt, zal sneller vastlopen door aangekoekte etensresten. De motor moet dan tijdens het pureren harder werken en zal waarschijnlijk sneller overbelast raken. Daarnaast is een vieze staafmixer natuurlijk niet zo hygiënisch. Wil je geen bacteriën en nare geurtjes in je verse soep, maak je staafmixer dan na elk gebruik goed schoon. Dat kost je nauwelijks moeite: laat het apparaat even draaien in een maatbeker met warm water en wat afwasmiddel of doe hem, als dat kan, in de vaatwasser.

Nog meer doen met je staafmixer?

De beste accessoires, van gardes tot hakmolens

▼ Volgende artikel
Sony in 2025: nieuwe soundbars en tv's, maar minder vaak updates
Huis

Sony in 2025: nieuwe soundbars en tv's, maar minder vaak updates

Tijdens het persevent van Sony op het Europese hoofdkwartier in Weybrigde in het Verenigd Koninkrijk werden de nieuwe soundbars en tv's van 2025 aangekondigd. Het bedrijf zegt het misschien niet met zoveel woorden, maar de boodschap is duidelijk: minder frequente updates van alle modellen, en miniled blijft de technologie voor het topmodel.

 De 2023 A95L qd-oled-tv heeft twee jaar in het aanbod gestaan, ondanks het feit dat er vorig jaar wel degelijk een nieuw paneel beschikbaar was. In 2025 krijgt het model wel een update. De Bravia 8 II - te lezen als Bravia 8 Mark 2 - zal uitgerust zijn met het nieuwste (3e generatie) qd-oled-paneel van Samsung Display. Sony claimt dat dit paneel een 25% hogere piekhelderheid zal leveren ten opzichte van de A95L. Als we kijken naar wat Samsung Display (de panelfabrikant) claimde op CES, dan kan dit paneel tot 4.000 nits piekhelderheid leveren. We vermoeden dat Sony daar onder zal blijven, het merk is over het algemeen wat voorzichtiger en pusht zijn oled-panelen niet tot het uiterste op het gebied van piekhelderheid. Opmerkelijk genoeg vermeldde Sony expliciet dat de Bravia 8 II goedkoper zal zijn dan de A95L, maar concrete prijzen zijn er nog niet. De Bravia 8 II zal beschikbaar zijn in 55 en 65 inch.

©Eric Beeckmans | ID.nl

De Bravia 5 en Bravia 3

Verder naar onder in de line-up worden de Bravia 5 en Bravia 3 aangekondigd, ze vervangen respectievelijk de X90L en de X75WL. De Bravia 5 wordt uitgerust met de XR-processor (ook te vinden op de hogere modellen) en een XR Backlight Master Drive, een miniled-achtergrondverlichting die zes keer meer zones zal gebruiken dan de X90L. Hij zal beschikbaar zijn in 55, 65, 75,85, en 98 inch. De Bravia 3 is een instap 4K-model met direct led-achtergrondverlichting en de X1-processor. Dit model zal beschikbaar zijn in 43, 50, 55, 65, 75, en 85 inch. Beide modellen ondersteunen Dolby Vision en Dolby Atmos.

Demo's van nieuwe modellen

Sony toonde een aantal demonstraties van de nieuwe modellen, in vergelijking met een aantal concurrenten (dat waren uiteraard 2024-modellen). De Bravia 8 II stond opgesteld naast de voorganger de A95L, een Sony referentie studiomonitor, en een LG G4 en Samsung S95D. Zowel in Vivid Mode als de Filmmaker Mode (of vergelijkbaar want Sony gebruikt geen Filmmaker Mode) liet de Bravia 8 II een sterke indruk na. Zijn beelden leunen erg dicht tegen de studioreferentie aan. Kleuren in zeer heldere accenten zijn beter, en donkere gradaties worden nauwkeuriger weergegeven.

De Bravia 5 stond opgesteld naast een X85L (wat overigens een ietwat vreemde vergelijking is, want het toestel vervangt de X90L) en een Samsung QN85D. De XR Backlight Master Drive geeft de Sony flink wat extra helderheid en een duidelijke verbetering in contrast. Sony toonde ook een nieuwe techniek voor ruisonderdrukking bij oude bronnen (SD-content zoals Friends). Dat presteerde in sommige gevallen goed, maar liet in andere gevallen meer ruis zien. Mogelijk verfijnt Sony dit nog voordat het model op de markt komt. Het feit dat de testen in Vivid beeldmode gedaan werden, maakt de vergelijking ook moeilijk, vermits fabrikanten daar vaak veel vrijheid nemen.

Audioverwerking, beeldverwerking en Studio Calibrated

Op het gebied van beeldverwerking liet Sony dit keer geen belangrijke nieuwigheden zien. Ons oordeel over het nieuwe ruisonderdrukkingsalgoritme dat tijdens de Bravia 5 demo getoond werd, laten we nog even achterwege totdat we het zelf kunnen testen. De Bravia 3 heeft een nieuw algoritme voor beeldkwaliteit, maar dat werd alleen in Vivid-mode getoond en dat is een test waaruit weinig op te maken valt.  

©Eric Beeckmans | ID.nl

Sony benadrukte verder nog de aanwezigheid van Voice Zoom 3 op de Bravia 8 II en Bravia 5. Daarmee kan de processor nauwkeurig stem of dialogen isoleren van de rest van de audio. Zo kun je die selectief versterken (voor film kijken ’s avonds) of verzwakken (om de commentator bij sport wat stiller te maken).

De tagline van Sony, ‘Cinema is coming home', wil de fabrikant garanderen met een aantal Studio Calibrated beeldmodes: Netflix Adaptive Calibrated Mode, Prime Video Calibrated Mode en Sony Pictures Core Calibrated Mode. Die modi zijn specifiek in samenwerking met de respectievelijke streamingdienst opgezet. Voor alle andere content is er de ‘Professional’-beeldmode.

Tweejaarlijkse cyclus en miniled als toptechnologie

Net als vorig jaar heeft Sony alleen een deel van line-up vernieuwd. Dat is een aanpak die we toejuichen, want het maakt de verbeteringen die een nieuw model krijgt veel duidelijker. Sony kan daar eventueel nog wel van afwijken, bijvoorbeeld als een model het slecht doet in de markt. Maar we hopen dat dit voorbeeld navolging krijgt.

De 2024 Bravia 9 - een miniled-model - geldt nog steeds als het topmodel, ondanks de vernieuwde Bravia 8 II QD-OLED. Sterker nog, Sony kondigde voor volgend jaar een RGB-miniled technologie aan die duidelijk voorbestemd is om het nieuwe topmodel te worden.

Wat is een rgb-miniled achtergrondverlichting?

De achtergrondverlichting is het onderdeel van een lcd-tv dat licht produceert. Dat kunnen witte leds zijn, maar een moderne premium lcd-tv gebruikt doorgaans talloze minileds die blauw licht produceren, dat via een quantum dot-folie wordt omgezet naar wit licht. De leds worden onderverdeeld in zones die de processor individueel kan aansturen om het contrast te verbeteren. In donkere zones dimt hij het licht, in heldere zones kan hij de leds sterker aansturen. Om kleur te produceren wordt elke pixel met behulp van een kleurfilter opgedeeld in een rode, groene en blauwe subpixel.

©Sony

RGB-miniled technologie vervangt dit systeem door trio's van rode, groene en blauwe minileds te gebruiken die samen wit licht creëren, waardoor de quantum dot-laag overbodig wordt. Omdat er nog steeds veel minder leds dan pixels zijn, blijft het kleurenfilter nodig om per pixel de juiste kleuren te creëren. Net zoals bij een huidige miniled-tv worden de leds onderverdeeld in zones om het contrast te verbeteren.

©Sony

Maar deze technologie kan nog een stapje verder gaan. Als de processor detecteert dat er in een bepaalde zone enkel groen licht nodig, dan kan hij de rode en blauwe leds uitschakelen. Dat is alvast veel efficiënter dan het overbodige licht weg te filteren.

Wachten tot 2026 voor nog rijkere, helderdere kleuren

Sony claimt dat dit soort achtergrondverlichting een piekhelderheid van 4.000 nits en kleurbereik van 99 % P3 kan bereiken en 90% Rec.2020. Dat is een flinke upgrade ten opzichte van de beste tv’s die momenteel wel 4000 nits halen, maar eerder 95% P3 en 75% Rec.2020 leveren. Concreet kan een rgb-miniled veel helderdere kleuren tonen, die toch erg intens zijn.

©Sony

Daarnaast zijn ook meer nauwkeurige kleurgradaties mogelijk, en dat zowel in heel donkere als heel heldere tinten. Een aangezien meer en meer filmmakers vaak erg donkere scènes gebruiken, zou dat een welkome verbetering zijn. De technologie heeft nog twee extra voordelen. Ze is schaalbaar naar grote tv-maten. En een rgb-miniled tv zou ook een betere kijkhoek hebben, al liet Sony niet weten hoe dat gerealiseerd wordt. Sony zal een eerste model vermoedelijk in 2026 lanceren.

Ook bij audio een beperkt aantal nieuwe modellen

Net als bij de televisies worden ook de audioproducten niet meer elk jaar vernieuwd zo blijkt. Vorig jaar kreeg de top van het aanbod een make-over, dit jaar is de onderste helft aan de beurt. De Bravia Theatre Bar 6 is een 3.1.2 soundbar met subwoofer. De Bravia Theatre System 6 is een 5.1 soundbar met bijgeleverde surroundluidsprekers en subwoofer. Beide ondersteunen Dolby Atmos, DTS:X, Voice Zoom 3. We kregen een korte demo van de vernieuwde Bravia Bar 6, die een duidelijk vollere en stevigere klank produceerde dan de voorganger.

©Eric Beeckmans | ID.nl

Daarnaast zijn er ook twee optionele accessoires. De Bravia Theatre Rear 8 bestaat uit één paar draadloze surroundluidsprekers die je kunt gebruiken om de Bar 6 uit te breiden. De Bravia Theatre Sub 7 is een compacte draadloze subwoofer van 100W.

Bekijk andere Sony-tv's op Kieskeurig.nl: