ID.nl logo
Review Samsung QE65S95B – Geslaagde start voor OLED-tv
Huis

Review Samsung QE65S95B – Geslaagde start voor OLED-tv

Samsung gebruikt al jaren naast LCD ook OLED voor zijn smartphones, maar niet voor zijn tv’s. We hebben dan ook reikhalzend uitgekeken naar de QE65S95B, de eerste Samsung OLED-tv sinds 2013. En Samsung heeft zijn start niet gemist.

Legendarisch
Conclusie

Samsung zet hoog in met deze QE65S95B. De nieuwe QD-OLED-technologie neemt de koppositie in voor helderheid, vergeleken met de andere OLED-modellen. Het verschil is echter niet zo groot, en LCD doet het nog steeds beter. Maar gecombineerd met dat perfecte OLED-contrast en het indrukwekkende kleurbereik van de quantum dots zet hij een fantastische prestatie neer. Films, zekere in HDR zijn een echt feest voor het oog. Vermijd sterk invallend omgevingslicht, daarmee benadeel je de zwartweergave. Het is een tip die voor alle tv’s geldt, maar zeker voor deze. We zijn nog steeds niet gelukkig met de nieuwe Smart Hub layout, maar aan functionaliteit is er geen gebrek. De HDMI 2.1-aansluitingen en de uitstekende bewegingsscherpte zijn dan weer troeven voor sport en games. Voor een nieuwe technologie is deze Samsung bovendien helemaal niet te duur geprijsd.

Plus- en minpunten
  • Hogere helderheid dan de huidige top OLED-tv’s
  • Nagenoeg perfect contrast
  • Bijzonder indrukwekkend kleurbereik
  • Bijna perfecte kijkhoek
  • Uitstekende bewegingsscherpte
  • Zeer goede beeldverwerking
  • HDMI 2.1-aansluitingen met veel gaming features
  • Rechtstreeks invallend licht beïnvloedt de zwartweergave
  • Geen Dolby Vision ondersteuning
  • Nieuwe Tizen Smart Hub is minder gebruiksvriendelijk

Samsung QE65S95B

  • Adviesprijs: 3.499 euro
  • Wat: Ultra HD QD-OLED-tv
  • Schermformaat: 65 inch (165 cm)
  • Aansluitingen: 4x HDMI (4x v2.1 (48 Gbps), eARC, ALLM, VRR, HFR 4K120), 1x optisch digitaal uit, 2x USB, 3x antenne, Bluetooth
  • Extra’s: HDR10, HLG, HDR10+, WiFi (802.11ac) ingebouwd, Tizen 7.0, AirPlay 2, USB/DLNA-mediaspeler, DVB-T2/C/S2, dual tuner, CI+-slot, Neural Quantum 4K Processor, Smart Calibration
  • Afmetingen: 1.444 x 898 x 288 mm (incl. voet)
  • Gewicht: 25,5 kg (incl. voet)
  • Verbruik: SDR 132 (G) / HDR 252 watt (G)

QD-OLED is, zoals de naam doet vermoeden, een combinatie van quantum dots en OLED-technologie. Een blauwe OLED-laag zorgt voor het licht, dat op pixelniveau gedimd kan worden, net zoals de OLED-tv’s die we al kennen. Op subpixelniveau wordt dat blauwe licht dan door quantum dots omgezet (niet gefilterd) naar rood en groen, blauw wordt doorgelaten. Dat is anders dan de bestaande OLED-technologie die kleur maakt door het witte OLED-licht door een kleurfilter te sturen.

Die nieuwe aanpak zou helderder moeten zijn, omdat de kleuren ontstaan door conversie, niet door filteren. De bestaande OLED-tv’s gebruiken een extra witte subpixel om de helderheid te verbeteren, maar dat gaat ten kosten van kleurintensiteit in zeer heldere kleuren. Dat probleem heeft QD-OLED niet, het gebruikt een RGB-subpixelstructuur en zal kleuren dus veel helderder met volle kleurintensiteit kunnen tonen. Omdat er minder lagen voor de lichtgevende pixels zitten flirt de kijkhoek met perfectie.

Nadelen zijn er echter ook. De subpixelstructuur is driehoekig, groen bovenaan, en rood en blauw onderaan. Daardoor kan je licht gekleurde randen zien rond voorwerpen met een scherp contrast, bijvoorbeeld witte tekst op een zwarte achtergrond. Voor tv kijken op een normale afstand is dat effect onzichtbaar. Wie hoopt een QD-OLED-monitor in huis te halen, test beter eerst of hij die randen niet storend vindt.

Daarnaast is dit ook een OLED-scherm en is er daarom risico op inbranden. Ondertussen hebben fabrikanten al heel wat jaren ervaring met OLED, dus mogelijk is dat risico beperkt. Tot slot, omdat de quantum dots helemaal aan de voorzijde van het scherm zitten, kan ook sterk omgevingslicht deze dots activeren. De zwartwaarde verwatert dan wat, en het scherm krijgt een zachte magentaroze tint. Het is duidelijk zichtbaar in donkere beelden, die daardoor sterk aan kwaliteit verliezen, maar heeft nauwelijks effect bij heldere content (sport bijvoorbeeld).

Vermijd dus spotlicht of sterk zonlicht dat rechtstreeks op het scherm schijnt. We kunnen je wel al gerust stellen, bij beperkt omgevingslicht viel het probleem niet op, enkel bij extreme omstandigheden was het goed zichtbaar, maar dan doet geen enkele tv het goed.

Hoe slank kan een tv zijn?

Als het van Samsung afhangt, erg slank. Het scherm zelf is zo dun, en deze 65 inch-versie is zo groot, dat het scherm zelf licht begon te buigen, en sterk wiebelt als je het verplaatst. Wat extra voorzichtigheid is dus geboden. De afwerking is piekfijn in orde. Een fijn zilverkleurig kader omlijst het beeld. De tv staat op een vrij grote centrale voet, met een brede nek die voldoende stabiliteit biedt.

De aansluitingen wijzen naar onder en opzij, we zijn er zeker van dat de S95B er fantastisch uit zou zien aan de muur. Met zijn vier HDMI 2.1-aansluitingen die allemaal 48 Gbps leveren heb je aansluitmogelijkheden genoeg. Er is ondersteuning voor eARC, ALLM, 4K120 en VRR (HDMI VRR en AMD Freesync). De input-lag van 10,1 ms (voor 4K60) en 5,4 ms (voor 2K120) maakt duidelijk dat ook gamers het doelpubliek zijn. 

Verder krijgt je twee usb-aansluitingen, een optisch digitale audio-uitgang, ethernetaansluiting, wifi en bluetooth. De S95B heeft en dubbele tv-tuner, met een usb harde schijf kan je opnemen en tegelijk een ander kanaal bekijken.

Spetterende kleuren

We schakelen de S95B in Filmmaker Mode voor de beste resultaten. Het OLED-contrast springt onmiddellijk in het oog. Pixelfijne lichtaccenten kunnen perfect bestaan op een pikzwarte achtergrond. Het scherm levert veel zwartdetail, je ziet moeiteloos elke nuance en elk detail in donkere scènes. 

De kleurweergave is dankzij een neutrale grijsschaal uitstekend, met foutwaardes die klein genoeg zijn om in de richting van een referentiebeeld te gaan.

Maar de echte test, dat is HDR-weergave. OLED-schermen kunnen hun absolute piekhelderheid maar leveren in een beperkt deel van het beeld. Naarmate de gemiddelde helderheid van het beeld toeneemt, moet de processor de maximale helderheid verlagen. Hier kan de Samsung laten tonen dat QD-OLED-technologie betere prestaties levert, maar de voorsprong is klein ten opzichte van de beste OLED-modellen van 2022.

De piekhelderheid op een 10% venster haalt ongeveer 1.020 nits, en op een volledig wit scherm tikt hij nog 215 nits aan. We zien vooral dat het QD-OLED-scherm de helderheid minder sterk moet verlagen dan de andere OLED-tv’s. Dat is alvast een win. Het kleurbereik oogt misschien niet zo veel groter, al haalt hij wel 99,4% P3. Maar het kleurvolume, de combinatie van helderheid én kleurintensiteit, is wel aanzienlijk groter. 

Er is geen witte subpixel die de kleuren verwatert, en de S95B kan zijn volledige gesatureerde kleuren gemakkelijk twee maal helder weergeven dan een gewone OLED. Dankzij een goede kalibratie van de HDR Filmmaker Mode springen HDR-beelden dan ook echt in het oog, vooral als die erg intens en kleurrijk zijn. Lichtsabelgevechten in Obi-Wan Kenobi bijvoorbeeld, of de spetterende kleuren van Mad Max:Fury Road. 

De processor zorgt voor prima HDR-tonemapping. Hij houdt rekening met de HDR-metadata en toont heel veel schaduwnuances maar net niet alle witdetail. Die neiging om het beeld toch wat extra impact te geven door een minimale hoeveelheid witdetail te clippen kan er vermoedelijk met een goed kalibratie uitgehaald worden. Maar echt storend is het zeker niet.

De Samsung ondersteunt HDR10, HDR10+ adaptive en HLG. Dolby Vision zou de kers op de taart geweest zijn, maar die boot houdt Samsung nog steeds af.

AI-beeldverwerking

De S95B heeft dezelfde processor aan boord als de QN95B, de resultaten liggen dan ook perfect in lijn met elkaar. Zeer mooie upscaling met goede ruisonderdrukking resulteert in erg scherp gedetailleerde beelden. Af en toe gaat de ruisonderdrukking iets te sterk te werk, en verdwijnt er wat heel fijn detail. Het enige zwakke punt van de processor is het wegwerken van kleurbanden in zachte kleurovergangen. Die blijven in sommige donkere beelden met bredere kleurbanden vrij goed zichtbaar.

Voor sport- en gameliefhebbers levert het QD-OLED-paneel uitstekende bewegingsscherpte. Dankzij de snelle pixelresponstijd worden vage of dubbele randen goed vermeden. Enkel het allerfijnste detail in snelle actiescènes verbergt het scherm nog, net zoals andere OLED-tv’s. 

De processor kan een 60 Hz Black Frame Insertion gebruiken om nog wat extra detail te tonen, maar je verliest er veel helderheid door en het 60 Hz-flikkeren van het beeld is irritant. Wil je vloeiende pan-beelden dan kan je ‘Trilvermindering’ activeren. De motion interpolation werkt gestotter goed weg, en laat vrij weinig beeldartefacten achter.

Prettige audio

Levert de QE65S95B genoeg audioprestaties om die knappe filmbeelden nog meeslepender te maken? 60 Watt in een 2.2.2 kanaalconfiguratie en Dolby Atmos ondersteuning, dat lijkt voldoende. De S95B pompt flink wat volume in de kamer, met een degelijk gebalanceerde klank inclusief wat bas. De processor houdt vervorming goed onder controle, dat wordt pas hoorbaar bij erg hoog volume. Maar die slanke behuizing heeft zijn beperkingen. Echt rollende bassen zijn er niet, en het surroundbeeld is erg beperkt, vermoedelijk omdat alle luidsprekers diep achter het toestel zitten. Voor een echt epische filmtrack wijk je beter uit naar een goede soundbar.

Conclusie

Samsung zet hoog in met deze QE65S95B. De nieuwe QD-OLED-technologie neemt de koppositie in voor helderheid, vergeleken met de andere OLED-modellen. Het verschil is echter niet zo groot, en LCD doet het nog steeds beter. Maar gecombineerd met dat perfecte OLED-contrast en het indrukwekkende kleurbereik van de quantum dots zet hij een fantastische prestatie neer. Films, zekere in HDR zijn een echt feest voor het oog. 

Vermijd sterk invallend omgevingslicht, daarmee benadeel je de zwartweergave. Het is een tip die voor alle tv’s geldt, maar zeker voor deze. We zijn nog steeds niet gelukkig met de nieuwe Smart Hub layout, maar aan functionaliteit is er geen gebrek. De HDMI 2.1-aansluitingen en de uitstekende bewegingsscherpte zijn dan weer troeven voor sport en games. Voor een nieuwe technologie is deze Samsung bovendien helemaal niet te duur geprijsd.

▼ Volgende artikel
Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt
© Wesley Akkerman
Huis

Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt

De smartphones van Poco zijn over het algemeen goed geprijsd als je kijkt naar wat je ervoor terugkrijgt. De nieuwe Poco F8 Ultra heeft een prijskaartje van minimaal 800 euro. Gaat die regel ook hier op?

Uitstekend
Conclusie

De Poco F8 Ultra oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze variant een paar gram zwaarder maakt dan de zwarte versie). Wel plaatsen we wat kanttekeningen bij de software- en camera-ervaring. De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

Plus- en minpunten
  • Bose-subwoofer
  • Faux denim achterop
  • Stevig, handzaam en licht
  • Vlotte en overzichtelijke software
  • Gemiddeld tot goed softwarebeleid
  • Batterijduur
  • Kleuren kunnen beter
  • Camera laat te wensen over
  • Bloatware en advertenties
CategorieSpecificatie
Display6,9 inch Amoled-display, 120Hz (adaptief), 3500 nits maximale helderheid
ProcessorSnapdragon 8 Elite Gen 5 (3nm)
Geheugen12 GB of 16 GB LPDDR5X (9600 Mbps)
Opslag256 GB of 512 GB (UFS 4.1)
Batterij6500 mAh met 100W HyperCharge en 50W draadloos laden
Camera achter50 MP hoofdcamera (OIS), 50 MP periscooptelelens (OIS), 50 MP ultragroothoek
Camera voor32 MP met autofocus
VideoTot 8K op 30 fps (achter) / 4K op 60 fps (voor)
SoftwareXiaomi HyperOS 3
BouwIP68 waterbestendig, POCO Shield Glass, 218 (Black) - 220 gram (Denim Blue)
Connectiviteit5G, Wifi 7, Bluetooth 6.0, NFC
Extra'sUltrasone vingerafdrukscanner, Infrarood (IR-blaster), Bose audio

Want wat voor smartphone kun je precies aanbieden als je er net wat meer geld tegenaan gooit? Dat idee heeft een unieke telefoon opgeleverd, voorzien van een denimlook én een extra subwoofer achterop. Gewaagde keuzes, maar in een wereld waarin smartphones steeds meer naar elkaar toe groeien, en in hun identiteitscrisis meer en meer op iPhones gaan lijken, geen verkeerde ontwikkeling. Alleen daarom al zijn we enthousiast over de Poco F8 Ultra (Blue Denim-uitvoering).

Het helpt dan ook zeer dan de subwoofer daar niet alleen voor de show zit. Dit compacte speakertje geeft geluiden en audio meer dan genoeg ruimte om beter tot hun recht te komen vergeleken met reguliere smartphonespeakers. Weg is dat blikkige geluid, dat nu ruimte maakt voor warmere tonen en een bredere soundstage. Klinkt de muziek perfect? Dat kun je niet verwachten, maar we zijn desondanks onder de indruk van de Bose-luidspreker.

©Wesley Akkerman

Uniek en tof

De Poco F8 Ultra ligt prettig in de hand en voelt solide aan dankzij het aluminium frame. Met 220 gram is hij ook niet overdreven zwaar. Het fauxdenim op de achterkant draagt daarbij merkbaar bij aan de grip, waardoor hij niet snel uit je handen glipt. Juist door dat eigenzinnige uiterlijk is dit zo'n smartphone die je liever zonder hoesje gebruikt, ook al loop je daarmee iets meer risico op valschade.

Het grote amoled-paneel van 6,9 inch stelt evenmin teleur. Met zijn hoge resolutie (1.200 bij 2.608 pixels) en verversingssnelheid (120 Hertz) kom je niets tekort en oogt alles scherp en vlot. Het contrast is breed en zwartwaarden zijn diep, maar de kleuren kunnen soms net even wat flets ogen. Dat valt alleen op in directe vergelijkingen met andere smartphones; de kans is heel klein dat dit je hier iets van merkt in het dagelijkse gebruik of als je een minder geoefend oog hebt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Wat je mag verwachten

Ook al draait de Poco F8 Ultra niet op de krachtigste processor die Qualcomm te bieden heeft, in de praktijk merk je daar weinig van. De Snapdragon 8 Elite Gen 5 voelt vlot aan bij multitasking en kan games zonder moeite aan, al moet je er wel rekening mee houden dat de Gen 5 warm (niet heet, gelukkig) kan worden wanneer je high-end spellen speelt. Niets om je zorgen over te maken, je zult hier namelijk je vingers niet aan branden.

Ook de accu stelt niet teleur. Met een capaciteit van 6.500 mAh haal je in veel gevallen probleemloos twee dagen, al hangt dat vanzelfsprekend af van hoe intensief je de smartphone gebruikt. Speel je veel games, dan loopt hij sneller leeg, maar opladen gaat razendsnel. Met een geschikte 100w-lader, die je zelf moet aanschaffen, zit de accu binnen ongeveer veertig minuten weer helemaal vol.

0,7x

1x

2x

Camera en software

Toch is niet alles goud wat er blinkt. Onder de juiste lichtomstandigheden maakt de Poco F8 Ultra kleurrijke en gedetailleerde beelden. Zoomen is geen probleem en ook de selfiecam lijkt goed om te gaan met verschillende huidtypen. De groothoeklens presteert echter minder goed: kleuren komen minder goed uit de verf en details vallen weg. De avondmodus stelt teleur, met een overdaad aan exposure, gebrekkige kleurenaccuraatheid en trage vastlegging.

Aangezien Poco een dochteronderneming is van Xiaomi, draait het toestel op HyperOS 3.0. De Poco staat daardoor vol met overbodige en dubbele apps, waaronder die van Xiaomi, waarvan je het gros kunt verwijderen. Ook kom je her en der wat reclame tegen. Verder is het besturingssysteem vlot en overzichtelijk, twee eigenschappen die we extreem belangrijk vinden. Je krijgt tot slot 'maar' vier Android-upgrades, evenals zes jaar aan beveiligingsupdates.

5x

10x

Poco F8 Ultra kopen?

Ondanks de kanttekeningen die we plaatsen bij de software- en camera-ervaringen, zijn er eigenlijk weinig redenen om niet voor de Poco F8 Ultra te kiezen. Hij oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze uitvoering wel een paar gram zwaarder maakt dan de Poco F8 Ultra Black). De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

52137934

▼ Volgende artikel
Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid
© ER | ID.nl
Huis

Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid

Spatial audio, oftewel ruimtelijke audio, belooft een luisterervaring waarbij het geluid niet alleen van links en rechts komt, maar je volledig omringt. Hoewel de marketingkreten je geregeld om de oren vliegen, is de techniek niet in elke situatie even zinvol. In dit artikel ontdek je wanneer ruimtelijke audio je ervaring verrijkt en wanneer je prima zonder kunt.

Vergeet het statische geluid van je oude vertrouwde stereo-set. Met spatial audio krijgt geluid eindelijk de diepte die het verdient. Dankzij slimme algoritmes die de akoestiek van de echte wereld nabootsen, ontsnapt de audio aan je koptelefoon of soundbar. Geluid beweegt vrij door de kamer, waardoor een helikopter in een film ook echt boven je hoofd lijkt te cirkelen. Het is de overstap van een platte foto naar een hologram, maar dan voor je oren.

Bioscoopervaring thuis

De meest logische toepassing voor spatial audio is zonder twijfel de moderne filmervaring. Wanneer je een blockbuster kijkt die is gemixt in formaten zoals Dolby Atmos, komt de techniek pas echt tot leven. Een helikopter die overvliegt of regen die op een dak klatert, krijgt een verticale dimensie die voorheen onmogelijk was met een standaard hoofdtelefoon of een simpele soundbar.

Voor filmliefhebbers die niet de ruimte hebben voor een volledige surround-installatie met fysieke speakers in het plafond, biedt spatial audio een overtuigend en compact alternatief dat de zogenaamde immersie aanzienlijk vergroot.

Spatial audio in de praktijk

Je komt ruimtelijke audiotechnieken op steeds meer plekken tegen, vaak zonder dat je er specifiek naar hoeft te zoeken. In de filmwereld is Dolby Atmos de absolute standaard, waarbij streamingdiensten zoals Netflix en Disney+ deze techniek inzetten om geluidseffecten via een soundbar dwars door je kamer te laten bewegen.

Muziekliefhebbers vinden soortgelijke ervaringen bij Apple Music en Tidal, waar speciale mixes van bekende albums een breder en dieper geluidsveld bieden dan de originele stereoversie. Ook in de gamingwereld is het inmiddels de norm; Sony gebruikt de Tempest 3D-technologie voor de PlayStation 5 om spelers midden in de actie te plaatsen, terwijl Microsoft met Windows Sonic en Dolby Atmos for Headphones vergelijkbare resultaten behaalt op de Xbox en pc.

©ER | ID.nl

Muziek met een extraatje

Voor muziek is het nut van ruimtelijke audio iets genuanceerder en sterk afhankelijk van de productie. Bij klassieke concerten of live-opnames kan de techniek je het gevoel geven dat je midden in de concertzaal zit, waarbij de akoestiek van de ruimte tastbaar wordt. Ook bij moderne popmuziek die specifiek voor dit formaat is geproduceerd, kunnen artiesten creatiever omgaan met de plaatsing van instrumenten of subtiele geluidseffecten.

Toch blijft voor de purist die zweert bij een eerlijke, ongefilterde weergave van een studio-album de traditionele stereomix vaak de voorkeur genieten, omdat spatial audio de oorspronkelijke balans soms onnatuurlijk kan veranderen.

Gaming en de functionele voorsprong

In de wereld van gaming verschuift de waarde van spatial audio van puur esthetisch naar functioneel. Vooral in competitieve shooters is het horen van de exacte positie van een tegenstander een serieus dingetje. Door gebruik te maken van ruimtelijke audio kun je voetstappen boven, onder of achter je nauwkeurig lokaliseren. Dat geeft niet alleen een intensere spelervaring waarbij je volledig wordt opgeslokt door de spelwereld, maar biedt ook een tactisch voordeel dat met standaard audio simpelweg niet te evenaren is. Hierdoor is de techniek voor fanatieke gamers bijna onmisbaar geworden.

Wanneer kun je het beter uitschakelen?

Ondanks de indrukwekkende demonstraties is spatial audio niet altijd de beste keuze. Voor dagelijks gebruik, zoals het luisteren naar podcasts of het kijken van het journaal, voegt de extra ruimtelijkheid weinig toe en kan het de verstaanbaarheid van stemmen zelfs negatief beïnvloeden. Ook bij oudere opnames die door softwarematige kunstgrepen naar ruimtelijk geluid worden omgezet, ontstaat er vaak een hol en onnatuurlijk resultaat. In dergelijke gevallen is een zuivere stereoweergave nog altijd de meest betrouwbare weg naar een prettige luisterervaring.

Populaire merken voor spatial audio

Verschillende fabrikanten lopen voorop in de adoptie van ruimtelijke audiotechnieken. Apple heeft met de integratie in de AirPods Max en AirPods Pro in combinatie Apple Music de techniek toegankelijk gemaakt voor de massa, terwijl Sony met hun 360 Reality Audio een sterk eigen ecosysteem heeft gebouwd dat vooral schittert bij gaming en specifieke streamingdiensten. Daarnaast is Sonos een dominante speler op het gebied van home-entertainment met soundbars die Dolby Atmos ondersteunen. Bose en Sennheiser zijn eveneens belangrijke namen die met hun geavanceerde algoritmes en hoogwaardige hardware zorgen dat de ruimtelijke beleving ook voor de veeleisende luisteraar geloofwaardig blijft.