ID.nl logo
Review Yale slim alarmsysteem starterskit – Duur en doeltreffend
© Wesley Akkerman
Zekerheid & gemak

Review Yale slim alarmsysteem starterskit – Duur en doeltreffend

De Yale slim alarmsysteem starterskit bestaat uit een aantal onderdelen waarmee je je huis voor een groot deel van binnenuit kunt beveiligen. Het totale pakket is met 329,99 euro flink aan de prijs en dat is nog exclusief een eventueel maandabonnement.

Uitstekend
Conclusie

Na het installeren, hoef je eigenlijk niet specifiek meer naar de Yale slim alarmsysteem starterskit om te kijken. Het enige wat je misschien zo nu en dan zou moeten doen, is checken hoe het zit met de accu’s van geïnstalleerde producten. En je kunt het systeem natuurlijk direct bedienen, indien nodig. Maar het alarm doet verder wat het moet doen. Zodra er beweging is of iemand iets opent, dan krijg je een melding en kun je eventueel actie ondernemen. In dat opzicht werkt deze kit niet anders de andere kits. Door wat Yale-camera’s aan te sluiten zal de kit completer aanvoelen. Of de Yale slim alarmsysteem starterskit hét pakket is voor jou, valt moeilijk te zeggen. In de basis lijkt de kit sterk op wat andere aanbieders bieden. Dat is niet erg, maar daardoor vissen alle aanbieders in dezelfde vijver. Dit is uiteraard een perfect aanvullend systeem voor mensen die al geïnvesteerd hebben in recente Yale-producten. De toegankelijkheid en opties verschilt van de kit sluiten uitstekend aan – en het is zoals gezegd erg handig dat we binnen de app die unieke beveiligingszones kunnen aanmaken.

Plus- en minpunten
  • Uitbreidbaar
  • Veel opties binnen de app
  • Snel en accuraat
  • Redelijk compleet
  • Beveiligingszones aanmaken
  • Je krijgt overal melding van
  • Prijs
  • 4G-back-up in abonnement
  • Informatievoorziening kan beter
  • Zonder camera

Waar Yale met de slimme binnencamera, slimme buitencamera, het nieuwe slimme slot en de recente videodeurbel een fijne prijs-kwaliteitverhouding aanbiedt, zien we dat het bedrijf met de Yale slim alarmsysteem starterskit een beetje uit de bocht vliegt. Met een prijs van net geen 330 euro zit Yale boven een aantal bekende en populaire merken die soortgelijke pakketten aanbieden. In de starterskit tref je een hub, keypad, raam-deursensor, bewegingssensor en kleine afstandsbediening aan. Dit is dus een zes-in-één-kit.

Voor de beveiliging in huis is de starterskit bijna compleet. Je kunt weliswaar niet elke kamer van de nodige accessoires voorzien, maar je krijgt wel van alles wat. Zo maak je direct kennis met wat het systeem aanbiedt. Toch vinden we eigenlijk dat een beveiligingskit niet écht compleet is zonder beveiligingscamera: want als het alarm nu afgaat, weet je eigenlijk nog niet precies wat er aan de hand is. Maar dit komt vaker voor, dus daar kunnen we Yale niet te streng op aanspreken. Dit alarmsysteem werkt wel met de Yale slimme binnencamera.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Een beveiligingskit is in onze ogen pas écht compleet als er ook een camera bijzit.

Zelf samen te stellen alarmsysteem

Een binnencamera toevoegen, is slechts een voorbeeld van de mogelijkheden die je tot je beschikking hebt. Want via de website van Yale kun je allerlei extra accessoires kopen en verbinden met hetzelfde beveiligingsnetwerk. Je kunt via de slimme hub tot honderd apparaten aansluiten, vooropgesteld dat de hub ze ondersteunt. Op de website wordt netjes aangegeven om welke apparaten dat gaat. Denk aan een simpele paniekknop (die het alarm meteen activeert) en extra raam-deur- en bewegingssensors (voor zowel binnen als buiten).

Het Yale-alarmsysteem werkt ook met de Yale-rookmelder (die samen met FireAngel gemaakt is) en de sirenes voor binnen en buiten. Het kan handig zijn extra te investeren in dergelijke sirenes, omdat de hub zelf qua hoeveelheid decibel misschien niet toereikend is voor jouw situatie. We vinden het geproduceerde geluid hard, maar niet luid genoeg om hem altijd buiten te kunnen horen. Je hangt die sirenes op als extra waarschuwing. Het geluid van de hub zal vast een afschrikwekkend effect hebben op kwaadwillenden, maar als je meer sirenes zoekt, dan zijn ze beschikbaar.

Een fijn onderdeel aan dit alarmsysteem – en alarmsystemen in het algemeen – is het fysieke bedieningspaneel. Dat kun je naast de deur hangen om het alarm in en uit te schakelen zonder dat je daarvoor de app hoeft te gebruiken. Binnen de app werkt het wel sneller (daar later meer over), maar met het fysieke paneel hoef je niet iedereen een app te laten downloaden. Ook kun je specifieke mensen toevoegen (via de app dan wel) en die een eigen code geven. Zodoende weet je wie het alarm (de)activeert en op welk moment dat gebeurde.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Installeren en in gebruik

De installatie van het systeem laat een gemengde indruk achter. Het koppelen van verschillende accessoires aan de hub gaat vrijwel probleemloos, maar het is nogal een gedoe om alle QR-codes te scannen. Die codes zitten namelijk achter klepjes die behoorlijk strak zitten. We snappen dat dat is om te voorkomen dat mensen de boel gaan saboteren, maar dat gaat dus ten koste van de gebruiksvriendelijkheid. Ook laat de hub al vanaf het begin een waarschuwing zien. Waar die waarschuwing voor is, vertelt hij er niet bij. En de handleiding biedt ook geen soelaas.

Gelukkig gaat dat niet ten koste van het gebruik van het systeem. Want de sensors, keypad en afstandsbediening doen wat ze moeten doen. Zodra er iets binnen het netwerk verandert, dan krijg je daar een melding van. Je kunt binnen de app instellen of je wilt dat je alleen meldingen ontvangt of dat je ook het alarm zelf wilt laten afgaan. Dat kun je per onderdeel instellen, waardoor je behoorlijk wat ruimte hebt het systeem naar jouw voorkeuren in te stellen. Ook kan de hub een kort geluidje afspelen als er beweging is, of als iemand een deur of raam opent.

De Yale slim alarmsysteem starterskit heeft drie modi: Niet Thuis, Thuis en Uitgeschakeld. Per modus kun je precies instellen wat het gedrag van de accessoires moet zijn. Dat kun je helaas niet met overkoepelende instellingen doen, dus je zult apart de instellingen per apparaat moeten nalopen. Geen groot probleem, aangezien je dat waarschijnlijk toch wel van plan was. Yale heeft ook gedacht aan eventuele problemen. Mocht iemand rommelen met een accessoire of mocht die verbinding verliezen, dan kun je instellen dat je ook daarvan een melding krijgt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Verschillende ruimtes in huis

Wanneer je een apparaat toevoegt, dan kun je aangeven waar het staat of hangt door een kamer te selecteren. Wat in de app niet mogelijk is, is dat je per specifieke kamer of gang apparaten en accessoires in- of uitschakelt. Het systeem staat of aan of uit, maar er is wel een uitzondering. Met de Yale slim alarmsysteem starterskit kun je in de app wel vier aparte zones aanmaken en op die manier dat probleem een beetje omzeilen. Zo zou je bijvoorbeeld de garage kunnen aanmaken als aparte zone, of een ruimte als een box of kelder.

Op het moment dat je thuis bent, hoeft niet elke sensor of camera op scherp te staan. Maar een garage, kelder of schuur, waar je de rest van de tijd niet komt, kan misschien wel nog die extra beveiliging gebruiken. Je kunt per zone aparte regels instellen en het alarm activeren. Dat is superhandig en ook razendsnel opgezet. Zo weet je zeker dat bepaalde ruimtes altijd beveiligd zijn, ook wanneer je thuis bent. Instellen gaat via de app: je maakt de zone aan, voegt de accessoires toe en klaar is Kees. Vervolgens kun je het systeem aan- of uitzetten.

Bij de Yale slim alarmsysteem starterskit hoort ook een optioneel abonnement. Daarmee krijg je alleen toegang tot een back-upoptie via 4G. Dat is handig voor wanneer je wifi eens uitvalt. We hadden liever gezien dat er gewoon standaard een apart simkaartje in had gekund, waardoor we dat zelf konden regelen met een eigen mobiele abonnement. Maar goed, als je ook camera’s van dit merk gebruikt, evenals het slimme slot en de slimme deurbel, en je zoekt naar extra back-upmogelijkheden, dan is het abonnement zeker het overwegen waard.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Yale slim alarmsysteem starterskit kopen?

Na het installeren, hoef je eigenlijk niet specifiek meer naar de Yale slim alarmsysteem starterskit om te kijken. Het enige wat je misschien zo nu en dan zou moeten doen, is checken hoe het zit met de accu’s van geïnstalleerde producten. En je kunt het systeem natuurlijk direct bedienen, indien nodig. Maar het alarm doet verder wat het moet doen. Zodra er beweging is of iemand iets opent, dan krijg je een melding en kun je eventueel actie ondernemen. In dat opzicht werkt deze kit niet anders de andere kits. Door wat Yale-camera’s aan te sluiten zal de kit completer aanvoelen.

Of de Yale slim alarmsysteem starterskit hét pakket is voor jou, valt moeilijk te zeggen. In de basis lijkt de kit sterk op wat andere aanbieders bieden. Dat is niet erg, maar daardoor vissen alle aanbieders in dezelfde vijver. Dit is uiteraard een perfect aanvullend systeem voor mensen die al geïnvesteerd hebben in recente Yale-producten. De toegankelijkheid en opties verschilt van de kit sluiten uitstekend aan – en het is zoals gezegd erg handig dat we binnen de app die unieke beveiligingszones kunnen aanmaken.

Beveiligen met Yale Je kent Yale waarschijnlijk van de sleutels en sloten, maar het bedrijf maakt meer beveiligingsproducten, van slimme deursloten en bewegingssensors en van alarmsystemen tot digitale deurspionnen.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.