ID.nl logo
Zo plaats je vloerisolatie in je kruipruimte
© Olga Yastremska, New Africa, Africa Studio
Huis

Zo plaats je vloerisolatie in je kruipruimte

Meer wooncomfort én een lagere energierekening? Dat kan door het aanleggen van vloerisolatie vanuit de kruipruimte. In dit artikel lees je hoe je dat zelf doet wanneer je een houten vloer hebt en wanneer je een betonnen vloer hebt.

Dankzij vloerisolatie verlaag je zonder veel geld te investeren je energierekening. Bovendien is het dé oplossing tegen koude voeten in huis! We nemen je stapsgewijs door het proces zodat je zelf je vloer kunt isoleren. Voor houten vloeren en betonvloeren hebben we een handleiding geschreven. • Wat heb je allemaal nodig? • Zo isoleer je een houten vloer vanuit de kruipruimte. • Stappenplan voor het isoleren van een betonvloer vanuit de kruipruimte.

Lees ook: Zelf je woning isoleren? Dit is waar je aan moet denken

Gereedschap

• Rolmaat
• Isolatiemes of broodmes
• Boormachine
• Werklamp(en)

Bescherming

• Handschoenen
• Mondkapje

Materiaal houten vloer

• Glaswol isolatiemateriaal
• Houten latten (vurenhout 22 x 50 mm)
• Dampdichte folie
• Schroeven

Materiaal betonvloer

• PIR-isolatieplaten
• Aluminium tape
• Isolatielijm

Waarom de vloer isoleren?

Er zijn twee hoofdredenen waarom de vloer isoleren een goed idee is. Via de vloer gaat er warmte verloren. Met een geïsoleerde vloer is je huis sneller warm en kost het minder energie om je huis te verwarmen. Goed voor het klimaat en jouw portemonnee dus! Verder helpt het ook bij het wooncomfort. Ben jij iemand die snel koude voeten heeft? Dan is vloerisolatie een mooie oplossing. Voor veel mensen is isolatie genoeg en is het aanleggen van vloerverwarming bijvoorbeeld niet meer nodig.

Een derde reden om de vloer te isoleren is omdat je daarmee het binnendringen van vocht beperkt. Als het in je huis erg vochtig is, kan vloerisolatie helpen om het vochtgehalte naar beneden te brengen. Dat komt vooral door de eerste stap van het project: het leggen van isolatiefolie op de bodem.

Isolatie in de kruipruimte

De eenvoudigste methode om vloerisolatie zelf aan te brengen is via de kruipruimte. Je plakt het daar tegen het plafond. Hierdoor is het niet nodig om je vloer open te breken of allerlei ingrijpende renovaties uit te voeren. Isolatiemateriaal bovenop de vloer zorgt voor een verhogend effect. Dat betekent niet alleen dat je kamers minder hoog worden, maar ook dat je deuren, drempels en plinten ook onder handen moet nemen. Belangrijk: wil je isoleren via de kruipruimte, dan moet je daar natuurlijk wel de nodige ruimte hebben.

Verschil houten vloer en betonvloer

Nieuwbouwwoningen worden eigenlijk altijd gebouwd met een betonvloer. Maar in Nederland staan ook nog steeds veel huizen met een houten vloer. Er is geen reden om die te vervangen. Maar het heeft wel invloed op hoe je de vloer van onderaf isoleert. Weet je niet of je huis een houten of betonvloer heeft? Ook dat zie je in de kruipruimte!

Een houten vloer wordt gedragen door grote houten balken. Die zie je duidelijk zitten als je in de kruipruimte bent. Een betonvloer is van onderaf egaal.

©christian.bitzas

De isolatiewaarde

Je project wordt pas echt een succes als je kiest voor materiaal met een aanzienlijke isolatiewaarde. Die waarde wordt uitgedrukt in Rd: Resistence declared oftewel vastgestelde weerstand met als eenheid m² K/W. In dit geval adviseren we een waarde van minimaal 3,5 m² K/W.

Lees ook: Je huis isoleren? Gebruik de Rd-waarde om het beste materiaal te kiezen

Opmeten wat je nodig hebt

Hoeveel isolatiemateriaal heb je nodig? We gaan de hele vloer isoleren. Vermenigvuldig de lengte met de breedte van je vloer. Als de kruipruimte onder de volledige vloer ligt, kun je dit ook van bovenaf doen. Maar let hier wel mee op, want bij veel huizen ligt de kruipruimte niet onder de hele woning.

Tel 5 procent bij het totaal op zodat je zeker weet dat je genoeg hebt. Een gedeelte gaat namelijk verloren omdat je het materiaal op maat moet snijden. Meet bij een houten vloer ook meteen de ruimte tussen twee vloerbalken. Verder hebben we bij dit type vloer houten dwarslatten nodig om het isolatiemateriaal vast te zetten. Eén lat per ongeveer 50 centimeter is voldoende.

©diy13

Voor je begint

In de kruipruimte is het vaak vochtig en werk je op een onafgewerkte vloer. Je gaat dus hoe dan ook vies worden. Trek daarom oude kleding aan of kies voor een overall. Verder is het er erg donker. Een werklamp is daarom geen overbodige luxe. Vaak helpt het om meer dan één lichtbron te gebruiken zodat je niet in je eigen schaduw werkt. Als je het isolatiemateriaal gaat snijden, is het dragen van een mondkapje en handschoenen aangeraden.

Handleiding isoleren houten vloer

Voor het isoleren van een houten vloer kiezen we voor glaswol. Dat heeft namelijk een aanzienlijke isolatiewaarde en is relatief eenvoudig aan te brengen zonder dat je specialistisch gereedschap of dure machines nodig hebt. Bovendien is het perfect te combineren met het houten frame van balken dat toch al aanwezig is. Glaswol met een dikte van 14 mm heeft een isolatiewaarde van ongeveer 4 m² K/W. Let ook op de dikte van de houten balken die de vloer dragen. Het isolatiemateriaal moet niet dikker zijn, want we gaan het tussen de balken stoppen.

Werkplan isolatie houten vloer

We gaan de houten balken gebruiken om de glaswol tussen te klemmen. Vervolgens plaatsen we overdwars houten latten om alles op z’n plek te houden. Die zetten we vast met schroeven.

De glaswol plaatsen

Meet allereerst de afstand tussen twee balken. Daar gaan we de glaswol tussen klemmen. Snij het materiaal 2 centimeter breder af, zodat het automatisch klemt. Daarvoor gebruik je idealiter een isolatiemes, maar een broodmes werkt ook.

Op glaswol zit aan één zijde een vlies. Dat is dampopen folie en dat komt aan de onderkant. Werk in het verlengde van de balken en plaats ieder volgend stuk glaswol tegen de vorige aan. Meet dan pas het laatste stuk op. Want omdat je de glaswol enigszins tegen en in elkaar duwt weet je pas aan het einde hoeveel ruimte je over hebt.

Snij het laatste stuk op maat en klem deze tussen de wand en het vorige stuk. Werk op dezelfde wijze de hele vloer af.

©Ccke

Vastzetten met latten

Het isolatiemateriaal blijft uit zichzelf al aardig zitten. Maar we gaan het natuurlijk nog wel echt vastzetten. Bevestig daarvoor vurenhouten latten overdwars tegen de balken aan met schroeven. Doe dit ongeveer om de 50 centimeter en zorg dat er in ieder geval een lat op ongeveer 10 centimeter van de muren aan weerszijden geplaatst is. Dit raamwerk hoeft niet op de centimeter nauwkeurig te zijn, zolang de glaswol maar niet zomaar naar beneden valt.

Handleiding isoleren betonvloer

Voor het isoleren van de vloer kiezen we voor PIR-isolatieplaten. Die hebben een goede isolatiewaarde en zijn relatief eenvoudig te plaatsen. Vanaf ongeveer 80 mm voldoet dit materiaal aan de vereiste Rd van 3,5. We kiezen in dit geval voor 100 mm, zodat we meteen een Rd van rond de 4,5 hebben. Verder hebben we aluminium tape nodig om de naden tussen de isolatieplaten te dichten.

Check nogmaals de meting die je eerder hebt gedaan. Exact meten is bij een betonvloer een stuk belangrijker dan bij een houten vloer. Want hoe preciezer je de platen plaatst, des te beter is de isolatie.

©dima_pics

De PIR-isolatieplaten plaatsen

Een betonvloer heeft geen houten balken. Daarom kunnen we het materiaal niet klemmen, maar gaan we het lijmen. Kies daarvoor speciale isolatielijm. Dat is belangrijk, want normale lijm ondermijnt de isolerende de werking. Bij bouwmarkten vind je isolatielijm van verschillende merken.

Plaats de eerste PIR-plaat in een hoek zo dicht mogelijk tegen beide wanden aan. Het snijden van de platen doe je met een broodmes of een isolatiemes. Duw de volgende plaat steeds stevig tegen de vorige aan en druk hem pas daarna met lijm vast aan het plafond van de kruipruimte.

De naden dichten

Hoe precies je de platen ook plaatst, er zullen altijd kieren ontstaan. Daarom gaan we nu aan de slag met aluminium tape. Kies een dikte van minstens 75 mm en plak alle kieren tussen de platen zorgvuldig dicht.

©Atevi

Dampdichte folie op de grond

Als laatste stap plaatsen we dampdichte folie op de bodem van de kruipruimte. Dat doen we zowel bij een houten vloer als een betonvloer. Met dampdichte folie verhinder je dat vocht uit de grond opstijgt.

Het is mogelijk om de folie als eerste te leggen. Het voordeel daarvan is dat je op een schonere vloer werkt. Maar je loopt ook de kans dat je de folie beschadigt. Bij een gat moet je eigenlijk weer nieuwe folie leggen. Daarom doen we het hier als laatste.

Leg de folie over de complete vloer. Begin in een hoek en houd aan alle kanten ongeveer 20 centimeter folie over. Dat plaatsen we iets omhoog tegen de muur. Zet de folie tegen de muren vast. Daarvoor kun je speciale foliepluggen kopen. Maar je kunt ook kiezen om bakstenen op de hoeken en randen te leggen of tape gebruiken. Veel woonplezier met je nieuw geïsoleerde vloer!

©Grandbrothers

Toch liever laten doen? 👇

Vraag een offerte aan voor isolatie:

▼ Volgende artikel
Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?
© ER | ID.nl
Huis

Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Haperende streams en trage downloads op zolder zijn grote ergernissen in veel huishoudens. Om dat op te lossen twijfelen veel mensen tussen een krachtiger router of een set powerline-adapters. In dit artikel leggen we precies uit wanneer je voor welke oplossing moet kiezen, zodat je geen geld verspilt aan de verkeerde apparatuur.

Voordat je naar de winkel rent: je moet eerst begrijpen wat er precies misgaat met je verbinding. Wifi-problemen kun je doorgaans opdelen in twee categorieën: een gebrek aan bereik of een gebrek aan capaciteit. Bij een gebrek aan bereik komt het signaal simpelweg niet ver genoeg, bijvoorbeeld omdat dikke betonnen muren of plafonds het signaal blokkeren. Je hebt dan op zolder één streepje bereik of zelfs helemaal geen verbinding. Bij een gebrek aan capaciteit is het signaal wel sterk, maar is de router niet krachtig genoeg om alle data te verwerken. Dat merk je als het internet traag wordt zodra iedereen thuis tegelijk online is. Het onderscheid tussen deze twee oorzaken bepaalt of je een router of een powerline-adapter nodig hebt.

Wanneer is een nieuwe router de oplossing?

De router is het hart van je thuisnetwerk en regelt al het verkeer. Vaak gebruiken mensen het standaardmodem dat ze van hun internetprovider hebben gekregen, maar deze apparaten blinken zelden uit in prestaties. Een losse, hoogwaardige router kopen is de beste keuze wanneer je merkt dat de verbinding in de buurt van het modem al niet optimaal is of wanneer je regelmatig met veel apparaten tegelijk online bent.

Als je in de woonkamer zit en de verbinding hapert zodra de kids op hun tablets zitten, is je huidige router waarschijnlijk niet krachtig genoeg om al die gelijktijdige datastromen te verwerken. Een moderne router met ondersteuning voor wifi 6 kan veel meer apparaten tegelijk bedienen en zorgt voor een hogere, stabielere snelheid op de verdieping waar hij staat.

©Andrii

Internet via het stopcontact met powerline

Een powerline-adapter, ook wel homeplug genoemd, werkt volgens een totaal ander principe. Dit systeem maakt gebruik van het bestaande stroomnet in huis om het internetsignaal te verplaatsen. Je stopt één adapter in het stopcontact bij je router en de tweede adapter in een stopcontact op de plek waar je internet nodig hebt, bijvoorbeeld op zolder of in het tuinhuis.

Dit is de ideale oplossing wanneer het wifi-signaal door dikke betonnen muren of plafonds moet dringen. Waar wifi-golven afketsen op gewapend beton, stuurt de powerline het signaal simpelweg via de koperdraden in de muur naar boven. Dat maakt powerline-adapters uitermate geschikt voor specifieke 'dode zones' die te ver weg liggen voor het bereik van een gewone router.

Populaire merken voor netwerkoplossingen

Als je op zoek gaat naar powerline-adapters, kom je al snel uit bij Devolo. Dit Duitse merk is de onbetwiste marktleider op het gebied van homeplugs en staat bekend om de Magic-serie die zeer stabiele verbindingen via het stroomnet garandeert.

Voor routers en mesh-systemen is TP-Link een zeer populaire keuze vanwege de goede balans tussen prijs en prestaties, met modellen voor elk budget. Netgear richt zich met de Nighthawk-serie vaak op de veeleisende gebruiker en gamers die maximale snelheid wensen. Tot slot is AVM, bekend van de FRITZ!Box, een merk dat zowel uitstekende routers als powerline-oplossingen biedt die naadloos met elkaar samenwerken in één netwerk.

Stabiliteit versus snelheid

Bij de keuze tussen deze twee speelt ook het gebruiksdoel een rol. Powerline-adapters zijn vaak de favoriete keuze voor gamers of mensen die thuiswerken op een vaste pc. De reden hiervoor is dat de tweede adapter vaak beschikt over een netwerkafsluiting, waardoor je je computer met een kabel kunt aansluiten. Een bekabelde verbinding via powerline is doorgaans stabieler en heeft een lagere vertraging (ping) dan wifi, wat cruciaal is bij online gamen. Een nadeel is wel dat de snelheid van powerline afhankelijk is van de kwaliteit van je stroomnet. Oude bedrading of zware apparaten zoals een wasmachine kunnen storing veroorzaken, waardoor de snelheid soms fluctueert. Een high-end router biedt daarentegen vaak een hogere topsnelheid, maar is dus gevoeliger voor afstand en obstakels.

De opkomst van mesh-systemen

Tegenwoordig is er een hybride oplossing die de traditionele router steeds vaker vervangt: Multiroom Wifi of Mesh. Dit zijn feitelijk meerdere routers die met elkaar communiceren. Als je een groot huis hebt en overal perfecte wifi wilt zonder kabels te trekken, is dit vaak een betere, maar ook duurdere oplossing dan een simpele powerline-set. Kies je echter voor een budgetvriendelijke oplossing om snel internet op één specifieke, lastig bereikbare kamer te krijgen, dan wint de powerline-adapter het vaak op prijs-kwaliteitverhouding. Is je doel echter om de algehele snelheid en capaciteit in de woonkamer en keuken te verbeteren, investeer dan in een goede router.

▼ Volgende artikel
Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor
Huis

Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor

Maak jij tijdens een welverdiende vakantie talloze video’s? Met VSDC Free Video Editor giet je de leukste fragmenten in een gelikte film. Dankzij het gebruik van mooie overgangen en fraaie effecten oogt het resultaat zeer professioneel. Het kost je bovendien geen cent, want je installeert deze zeer uitgebreide videobewerker gratis op een Windows-computer.

Tegenwoordig liggen er best wat goede gratis videobewerkers voor het oprapen. Zeker wanneer je geen torenhoge eisen aan de videomontage stelt, heb je niet per se een betaald programma als Adobe Premiere Elements of Magix Video Deluxe nodig. Zo krijg je met het gebruiksvriendelijke VSDC Free Video Editor al een heleboel voor elkaar. In tegenstelling tot diverse gratis alternatieven voegt dit programma geen lelijk watermerk toe aan jouw film. Deze freeware heeft daarnaast een verrassend uitgebreide gereedschapskist.

Videobewerker installeren

VSDC Free Video Editor heeft relatief lage systeemeisen. Zeker voor video’s tot een resolutie van 1920 × 1080 pixels heb je geen supersnelle pc of laptop nodig. Wil je haarscherpe 4K-video’s bewerken? In dat geval adviseren de makers een systeem met 8 of 16 GB werkgeheugen. Daarnaast is een krachtige processor met meerdere rekenkernen geen overbodige luxe.

Particulieren mogen VSDC Free Video Editor voor nop installeren. Ga naar de site via www.kwikr.nl/vsdc en download het installatiebestand. Je hebt keuze tussen de 32bit- en 64bit-versie. De meeste computers kunnen met de 64bit-versie uit de voeten. Dubbelklik op het gedownloade exe-bestand en doorloop de stappen van de installatie. 

Nieuw project starten

Zodra je de videobewerker voor de eerste keer opstart, verschijnt er een pop-upvenster met een aanbeveling voor de betaalde Pro-versie (zie kader). Je klikt dat via het kruisje weg. Laat de ietwat drukke gebruikersomgeving even op je inwerken. Het beginscherm toont diverse instructies voor geavanceerde bewerkingen. Laat die als beginnende gebruiker links liggen. Je kunt wel alvast even de tabbladen doornemen, want die herbergen verschillende bruikbare functies.

Je gaat nu eerst een nieuw (video)project starten. Klik op het tabblad Projects en daarna op New project. Er verschijnt een nieuw venster waarin je diverse instellingen voor de videomontage kunt bepalen. Het belangrijkste is de waarde achter Resolution. Voor een scherp beeld en soepele montage laat je de huidige waarde van 1920 × 1080 pixels (16:9) staan. Filmt jouw smartphone of videocamera in een hogere resolutie, dan kun je een andere waarde overwegen. Laat de overige opties ongewijzigd. Je typt achter Project title een relevante projectnaam en kiest onderaan voor Blank project. Bevestig tot slot met Finish.

Welke resolutie ken je aan de videomontage toe?
VSDC Pro

Naast de hier besproken gratis versie bestaat er met VSDC Pro (www.videosoftdev.com/video-editor-pro) ook een betaalde variant. Die bevat allerlei extra snufjes voor geavanceerde gebruikers. Je kunt bijvoorbeeld een achtergrondkleur verwijderen, gesproken commentaar toevoegen en trillende beelden stabiliseren. Daarnaast ondersteunt de Pro-versie hardwareversnelling door een geschikte grafische kaart. Dit leidt tot betere prestaties, omdat de processor minder hoeft te rekenen. Je merkt dat bijvoorbeeld aan kortere wachttijden en een vloeiendere videoweergave. VSDC Pro kost op het moment van schrijven circa 31 euro. 

Video’s toevoegen

Nu ga je met het zojuist aangemaakte videoproject aan de slag. Merk op dat het tabblad Editor is geopend. Je zit nu dus in de videobewerker. Zoals je ziet, zijn er flink wat opties beschikbaar. Laat je hierdoor niet afschrikken, want we nemen de basisfuncties stap voor stap met je door.

Je dient eerst relevante videoclips aan het programma toe te voegen. Gunstig is dat VSDC Free Video Editor alle bekende beeldformaten ondersteunt. Klik bovenaan in de werkbalk op Add object / Video en navigeer naar de map met de bestanden. Je selecteert één of meer video’s, waarna je bevestigt met Openen / OK. Wanneer je minimaal twee fragmenten toevoegt, kies je Add to layer.

Wegens de talloze toeters en bellen ziet deze videobewerker er nogal imponerend uit.

De videoclips verschijnen allemaal in de tijdlijn onderaan het venster. Deze tijdlijn is belangrijk, want die bepaalt welke momenten er in de uiteindelijke film terechtkomen. Verder kun je hieraan bijvoorbeeld ook titels, overgangen, speciale effecten en audiotracks toevoegen. Vind je de tijdlijn te klein? Je kunt dit onderdeel eenvoudig vergroten. Zweef onder Layer 1 op de scheidslijn totdat er een dubbele pijl verschijnt. Beweeg de muis nu met ingedrukte muisknop omlaag. In VSDC Free Video Editor pas je op soortgelijke wijze de grootte van alle deelvensters aan. Kortom, richt op die manier het bewerkvenster naar eigen wens in.

Alle geïmporteerde videobestanden belanden op de tijdlijn.

Volgorde clips wijzigen

Waarschijnlijk heb je een bepaalde volgorde voor de videoclips in gedachten. Geen probleem, want je kunt de clips op de tijdlijn verplaatsen. Sleep het beoogde fragment met ingedrukte muisknop één laag omlaag. De overgebleven video’s schuif je daarna naar links of rechts. Creëer op die manier een ‘gat’ en sleep het fragment ernaartoe. Het is belangrijk dat er geen loze ruimtes op de tijdlijn achterblijven. Anders zie je namelijk zwart beeld.

Sleep videoclips naar onder, boven, rechts en links om de volgorde op de tijdlijn te wijzigen.

Scènes inkorten

Vanzelfsprekend wil je alleen boeiende scènes in de film tonen. Saaie passages snijd je daarom resoluut weg. Dat doe je door een videoclip in te korten. Gebruik hiervoor wederom de tijdlijn. Selecteer een fragment en beweeg de rode schuifregelaar naar deze clip. Het bijbehorende beeld verschijnt nu in de voorbeeldweergave. Vind je dit beeld te klein? Klik dan helemaal rechtsonder in het programma op het kleine plusteken. Je past daarmee het zoomniveau aan. Klik nu onder de voorbeeldweergave op de rode afspeelknop (PijltjeRechts) om de video te starten. Begint of eindigt het saaie gedeelte? Via dezelfde rode knop (twee verticale streepjes) pauzeer je de video.

Inkorten is vrij eenvoudig. Een geselecteerde videoclip heeft op de tijdlijn aan weerszijden twee piepkleine vierkanten. Klik daarop en houd de muisknop ingedrukt. Beweeg de muis nu naar links of rechts tot de rode schuifregelaar. Laat de muisknop als laatste los. Het fragment is nu een kopje kleiner gemaakt! 

Fragmenten splitsen

Je kunt een lang fragment ook in twee (of meer) delen opsplitsen. Dat is nuttig wanneer je deze videootjes op verschillende momenten in de film wilt tonen. Selecteer in de tijdlijn een videoclip en bepaal met de rode schuifregelaar een geschikt ‘splitmoment’. Overigens kun je met de mediaknoppen onder de voorbeeldweergave dit moment heel precies bepalen. Spoel bijvoorbeeld een seconde voor- of achteruit. Het is zelfs mogelijk om een video frame voor frame door te nemen. Staat de rode schuifregelaar exact op de goede plek? Klik dan in de werkbalk boven de tijdlijn op het pictogram met de twee rode haakjes. Je ziet vervolgens twee aparte clips.

Maak via de optie Split into parts van één clip twee losse fragmenten.

Roteren en bijsnijden

Soms is het noodzakelijk om een video negentig graden te roteren, omdat het beeld in VSDC Free Video Editor is gedraaid. Gelukkig herstel je deze ‘fout’ simpel. Je selecteert in de tijdlijn de juiste video en klikt helemaal bovenaan bij de sectie Tools op het pictogram met de gebogen pijl. De video draait meteen.

Staat er een ongewenst persoon, lelijk logo of storend object in beeld? Gooi de videoclip dan nog niet weg! Je kunt het fragment namelijk nog bijsnijden. Beslis welk deel van de video je wilt gebruiken en gooi het overtollige beeldmateriaal weg. Je klikt met de rechtermuisknop op een videoclip in de tijdlijn en kiest Crop tools / Custom region. Bepaal in het nieuwe venster welk deel uit beeld moet verdwijnen. Je regelt dat door de zwarte vierkantjes aan de randen van de voorbeeldweergave te verslepen. Tevreden? Met OK voer je de actie definitief uit.

Nuttig om te weten is dat je met deze functie de oorspronkelijke resolutie verkleint. Zeker wanneer je de uiteindelijke film op een grote televisie of pc-monitor bekijkt, zie je mogelijk korrelige beelden. Snijd daarom liever niet te veel beeldmateriaal weg.

Alles buiten de rechthoekige selectie verdwijnt uit de video.

Video-effecten

Wie dat wil, gaat in deze videobewerker helemaal los met speciale effecten. Klik maar eens bovenaan in de werkbalk op Video effects. Er verschijnt een uitgebreid menu. Voordat je iets uitkiest, selecteer je eerst een clip op de tijdlijn. Via Quick styles pas je heel makkelijk een effect toe, omdat hiervoor geen extra instellingen zijn vereist. Laat de video bijvoorbeeld op een gedateerde film uit de jaren ‘70 lijken of pas automatisch de contrastwaarden aan.

Wil je zelf meer invloed op in hoeverre het programma een video-effect toepast? Bij veel filters stel je naar eigen inzicht de intensiteit in. Bekijk hiervoor de mogelijkheden via Video effects / Adjustments. Zo wijzig je onder andere de kleurverzadiging en helderheid. Daarnaast kun je ook een stijlvol sepia- of zwart-wit-effect op de video loslaten. Zodra je eenmaal iets hebt gekozen, pas je in het deelvenster Properties window aan de rechterkant de waarden aan. Als je dit deelvenster niet ziet, klik je achtereenvolgens op het tabblad View en Properties. Tot slot zijn ook de video-effecten binnen de rubrieken Filters en Nature de moeite waard. Spijt van een bepaalde keuze? Met de sneltoets Ctrl+Z maak je de laatste handeling weer ongedaan. Experimenteer er dus lustig op los!

Met het Auto contrast-filter optimaliseer je heel eenvoudig de contrastwaarden.
Gebruik het deelvenster Properties window om de instellingen van een video-effect te wijzigen.

Overgangen

Tijdens de montage van een video ontkom je eigenlijk niet aan het gebruik van overgangen. Doe je dat niet, dan lopen de fragmenten nogal abrupt in elkaar over. Dat is onprettig voor de kijker. Met een overgang wordt een nieuwe videoclip op subtiele wijze geïntroduceerd.

Klik in de tijdlijn op de videoclip waarbij je aan het einde een overgang wilt toevoegen. Je opent zo nodig eerst het tabblad Editor en navigeert daarna naar Video effects / Transitions. Probeer nu één van de beschikbare overgangen uit. Zo laat je het oude fragment bijvoorbeeld in vlammen opgaan (Paper burn) of in scherven uit elkaar vallen (Shattered glass). Kies een overgang en controleer in het pop-upvenster of de optie To the end of scene is geselecteerd. Klik op OK.

Merk op dat er op de tijdlijn een verse laag met de gekozen overgang verschijnt. Klik op de rode afspeelknop onder de videoweergave om de overgang te bekijken. Je past in het eigenschappenvenster aan de rechterkant diverse zaken aan, waaronder de tijdsduur en transparantie.

Deze videobewerker heeft een aantal spectaculaire overgangen in huis.

Geluid

De audiokwaliteit van zelfgeschoten video’s is vaak matig. Stond er toentertijd tijdens de opname een stevig briesje, dan hoor je waarschijnlijk voornamelijk windgeruis. Zet het geluid van dergelijke videoclips daarom gewoon uit. Klik in de tijdlijn op een fragment om de bijbehorende eigenschappen aan de rechterkant te tonen. Verschijnt dat niet, dan klik je op View / Properties. Je scrolt zo nodig een stukje omlaag totdat je de optie Audio track tegenkomt. Klik achter Track 1 op het kleine pijltje en kies Don’t use audio.

Je kunt eventueel zelf audio aan de videomontage toevoegen, zoals achtergrondmuziek of een voice-over. Klik zo nodig op het tabblad Editor en kies Add object / Audio. Je selecteert nu pakweg een mp3-, wma-, wav- of flac-bestand op de computer. Via Openen / OK belandt de audiotrack als nieuwe laag op de tijdlijn. Kies een geschikte plek en pas diverse eigenschappen in het Properties window desgewenst aan. Denk hierbij onder meer aan de snelheid en het volumeniveau.

Schakel bij video’s met slecht geluid het audiospoor eenvoudig uit.

Film opslaan

Deze workshop is slechts een bescheiden introductie van VSDC Free Video Editor. Je kunt namelijk nog veel meer met deze veelzijdige videobewerker doen. Ga er dus vooral ook zelf mee stoeien. Ben je eenmaal klaar, dan sla je het resultaat op. Je kunt de film daarna op verschillende schermen bewonderen.

Klik in de werkbalk op het tabblad Export project en speel zekerheidshalve de volledige videomontage nog eens af. Ben je helemaal tevreden, dan geef je in de werkbalk het gewenste videoformaat aan. Kies bijvoorbeeld voor mp4, mkv, mov, flv of mts. Het is ook mogelijk om de film op een dvd te branden. Wijzig via Change name zo nodig de bestandsnaam en opslaglocatie. Je bevestigt bovenaan ten slotte met Export project / Continue.

VSDC Free Video Editor ondersteunt een heleboel exportformaten.