ID.nl logo
De 10 beste wifi-mesh-systemen die je kunt kopen
© Reshift Digital
Huis

De 10 beste wifi-mesh-systemen die je kunt kopen

Op gebied van bijvoorbeeld smartphones zien we al enkele jaren meer evolutie dan revolutie. Op het gebied van wifi in huis verandert er een stuk meer, met in 2017 de bredere uitrol van wifi-mesh-systemen. Wij bekijken de huidige staat van het draadloze netwerk thuis. De meeste mesh-systemen zijn inmiddels uit de kinderschoenen gegroeid, dus gaan we op zoek naar de beste mesh-netwerk op de markt.

We duiken eerst even in de wifi-technieken. Er is de laatste jaren nodige vooruitgang geweest wat betreft draadloze netwerken voor thuis. Met name het openen van de 5GHz-band en de introductie van 802.11ac heeft veel verschil gemaakt. Hiermee worden snelheden mogelijk die ruim voorbij de snelheden gaan die de meeste internetverbindingen bieden. Verder zorgen alsmaar robuuster wordende chipsets ervoor dat routers niet om de haverklap gereset moeten worden.

Terwijl de capaciteit en snelheid toenemen, blijkt één ontwikkeling nog harder te gaan: onze wensen en drang naar nog sneller en vooral nog stabielere wifi. We hebben meer apparaten, verslinden meer content, én wat we consumeren wordt dankzij zaken als 4K en HDR enkel zwaarder voor het netwerk.

Ac en 5 GHz

Wifi 802.11ac was de laatste grote stap die ook echt door wist te breken. Hiermee zijn snelheden van netto ruim 400 Mbit/s mogelijk, in plaats van ca. 100 Mbit/s. We stonden op de vooravond van een bredere 802.11ad of ‘WiGig’ uitrol, maar Intel heeft daar min of meer eigenhandig de stekker uitgetrokken. Die techniek biedt enkel nog toekomst voor draadloze vr-toepassingen. De 5GHz-band brengt hogere doorvoersnelheden dan 2,4 GHz, maar dat gaat ten koste van signaalsterkte door muren en plafonds. Eén keer raden welke eigenschappen de 802.11ad 60GHz-band heeft: nog extreme snelheden, maar het signaal komt niet meer door een muur heen.

802.11ax

Een accesspoint in letterlijk elke ruimte zal menig consument te ver gaan, dus heel vreemd is het niet dat 802.11ad niet meer dan wat specifieke doeleinden zal dienen. De grote stap voor het bredere publiek zal dan ook 802.11ax moeten zijn, een techniek die nu van de band begint te rollen. Al is het nog maar de vraag wanneer we geschikte chips met 802.11ax voor onze systemen kunnen aanschaffen of in onze telefoons zullen aantreffen – iets wat wel nodig is om ervan te profiteren. De techniek is veelbelovend op gebied van bereik, snelheid en de mogelijkheid om veel verschillende apparaten gelijktijdig goed te bedienen. Maar we denken dat zelfs de meest fanatieke early-adopters nog moeite zullen hebben over te stappen voordat 2018 voorbij is.

Mesh it up

Wil je je wifi in huis onder handen nemen, dat zit je voorlopig dus nog vast aan de vertrouwde 2,4- en 5GHz-accesspoints die gebruikmaken van 802.11n en 802.11ac. Maar niet getreurd, want ook binnen die standaarden staat de techniek niet stil. 2017 werd hét jaar waarin mesh-systemen in hoog tempo naar Nederland kwamen: afgelopen mei konden wij drie systemen vergelijken, inmiddels zijn dat er al tien. Tevens zien we dat de fabrikanten van de eerste drie voor ons beschikbare modellen ook niet stil hebben gezeten.

©PXimport

Meshtastisch!

Dat we meerdere accesspoints in huis nodig hebben voor een goede dekking en een vlotte verbinding, is de veeleisende gebruiker natuurlijk wel bekend. De grootste charme van mesh-systemen is dat je ze enkel van stroom hoeft te voorzien, en je ze met uitzondering van de router of hoofdnode verder niet hoeft te bekabelen; kabels trekken is één van de grootste hindernissen bij het verbeteren van wifi in bestaande panden. De mesh-punten maken zelf onderlinge verbindingen en geven, althans in theorie, het draadloze signaal zo slim mogelijk door naar buiten. De belofte van al deze systemen is zeer aantrekkelijk: goede dekking, geen gedoe met kabels en daarbij veelal ook nog eens zeer eenvoudig in de installatie.

Of meshschien toch niet?

Wanneer iets te mooi klinkt om waar te zijn is dat vaak ook zo, en ook hier mogen we de nodige kanttekeningen plaatsen – die voor elk van de tien systemen van toepassing zijn. Draadloze signalen lijden nu eenmaal onder andere signalen in de omgeving en zijn zeer afhankelijk van de fysieke bouw van het pand waarin je ze plaatst. Wij zochten voor onze test bewust een pittige omgeving op, maar elke situatie is anders en garanties zijn niet te geven. Er zijn ook voorbeelden van muren waar geen enkele vorm van (bruikbare) wifi doorheen komt.

Wanneer je in staat bent kabels te trekken en bekabelde accesspoints op te hangen, dan zal dat altijd de snelste, meest betrouwbare oplossing geven. En laten we ook niet vergeten dat je voor de prijs van de meeste mesh-sets, prima een installateur een kabeltje kan laten trekken wanneer je reeds loze leidingen hebt liggen. Belangrijk is ook om te onthouden dat mesh-techniek nieuw is, met grote verschillen in de praktijkervaring tot gevolg. Ook zijn er nog significante veranderingen in de meeste firmware-updates. Reden voor ons om deze systemen zo lang mogelijk in de praktijk in te zetten.

©PXimport

Backhaul

Hét codeword in mesh-systemen is backhaul: de verbinding tussen de verschillende wifi-punten in huis. Hoe beter de backhaul, des te beter de ervaring van de gebruiker. De duurdere systemen die vallen in de snelheidsklassen AC2200 of AC3000, hebben hun eigen specifieke dedicated backhaulradio’s. Goedkopere modellen zetten de antennes die ze gebruiken om de aangesloten clients van internet te voorzien, tegelijk in voor de backhaul-verbinding. Meer is geen garantie voor beter, maar een gebrek aan dedicated backhaul zorgt er wel voor dat je sneller tegen de theoretische beperkingen aanloopt, zeker in omgevingen met veel actieve gebruikers. Gezinnen met meerdere zeer actieve dataverbruikers kijken dan beter naar de producten met dedicated backhaul. Sommige wifi-mesh-systemen kunnen naast een draadloze backhaul overigens ook de vertrouwde netwerkkabel inzetten als backhaul, dit lees je in de test.

Chips

Net als mobiele telefoons draaien routers en andere wifi-producten op chips van een zeer beperkt aantal fabrikanten. Het gaat bij mesh-systemen (evenals bij smartphones) om producten van Qualcomm. Een motor maakt echter nog geen auto, en de fabrikanten van de uiteindelijke producten hebben dan ook nog meer dan genoeg voor het zeggen. Het resultaat is een sterk uiteenlopend assortiment producten in de snelheidsklassen AC1200, AC1750, AC2200 en AC3000.

Snelheidsklassen

De mesh-systemen gebruiken een verschillend aantal datastromen op 2,4 of 5 GHz voor verschillende doeleinden. AC1200/1300: geen dedicated backhaul, 2 datastromen op 2,4 GHz en 2 op 5 GHz voor zowel clients als onderlinge communicatie AC1750: geen dedicated backhaul, 3 datastromen op 2,4 GHz en 3 op 5 GHz voor zowel clients als onderlinge communicatie AC2200: wel dedicated backhaul van 2 datastromen op 5 GHz voor onderlinge communicatie, plus 2 datastromen 2,4 GHz en 2 op 5 GHz voor clients AC3000: wel dedicated backhaul van 4 datastromen op 5 GHz voor onderlinge communicatie, plus 2 datastromen 2,4 GHz en 2 op 5 GHz voor clients

Mogelijkheden systemen

De backhaul (zie kader ‘Backhaul’) is het meest cruciale punt waar we op letten wanneer het op capaciteit aankomt. Wat voor jouw aanschaf ook belangrijk kan zijn, is of het systeem kan functioneren als router, of hij een accesspoint-modus heeft en of hij als draadloze bridge ingezet kan worden.

In beginsel kunnen alle systemen als router functioneren, ze kunnen dus als dhcp-server functioneren en alle basistaken in je netwerk op zich nemen. Maar ze bieden niet de pro-features die een luxe router biedt. Dus als je al een goede eigen router hebt, wil je die waarschijnlijk helemaal niet vervangen. Let er in dat geval op of het systeem voorzien is van een accesspoint-modus, zodat je je eigen router kunt blijven gebruiken en het mesh-systeem in je bestaande netwerk wordt opgenomen. Is dit niet het geval, dan krijg je twee gescheiden netwerken en dat is onhandig.

Wil je bekabelde netwerkapparaten op het systeem aansluiten, let dan goed op de verschillen in de lan-poorten op de router en de nodes. Daar zit de nodige variatie in. Heeft de node ook lan-poorten, dan kun je die dus als draadloze bridge gebruiken.

Testomgeving

Een betonnen bouwwerk van rond de eeuwwisseling, drie verdiepingen van ca. 400 vierkante meter per verdieping en de nodige muren. Dat kunnen we wel een zware testomgeving noemen. Eén ding is zeker, geen enkele individuele router, ook geen model van honderden euro’s, is in staat om alle verdiepingen van volledige dekking te voorzien. Eerdere tests toonden aan dat een enkele verdieping wel te doen is voor een accesspoint, wat het uitgangspunt is van deze test.

Dit pand, tien wifi-mesh-systemen en een stapel laptops voorzien van snelle antennes. Zo, we kunnen beginnen!

Wifi moet werken!

De doelstelling van onze test is eenvoudig: we willen op elke verdieping een degelijk bereik én een degelijke snelheid. We letten hierbij extra op de prestaties op de bovenste verdieping. Prestaties in bijvoorbeeld de tuin kun je extrapoleren uit de prestaties op de andere verdiepingen, simpelweg een kwestie van een extra mesh-punt in de richting van je tuin plaatsen.

We testen met de router op de benedenverdieping, een tweede accesspoint op de verdieping daarboven en het derde punt op de bovenste verdieping. Let op dat de meeste systemen in verschillende hoeveelheden geleverd worden. Systemen met twee accesspoints worden ook getest met een optionele derde unit, systemen met drie worden ook getest in een opstelling met twee punten. De zolder-1-hop-test simuleert dus de prestaties op de bovenste verdieping zonder dat daar ook een accesspoint wordt geplaatst. Zo kunnen we duidelijk het prestatieverschil zien tussen twee en drie accesspoints.

©PXimport

De opstelling

Staande modellen staan vrij op een kastje, accesspoints dien je niet weg te frommelen als je om prestaties geeft. Ze presteren in de regel het best wanneer je ze een klein stukje van de muur plaatst. Stopcontactmodellen worden uiteraard als zodanig gebruikt. Positionering van de producten is belangrijk punt, waarbij elk product profiteert van een net iets andere positie. Omdat het redelijkerwijs te verwachten is dat je als gebruiker een gunstige positie op gaat zoeken, hebben wij dat ook gedaan. Elk staand model is op meerdere posities en oriëntaties getest, wel binnen het oppervlak van de door ons gebruikte kast (circa 150 cm breed) waarbij de beste positie mocht tellen. Stopcontactmodellen kregen twee mogelijkheden aangeboden.

Hoewel misschien minder van belang, willen we het aspect van de fysieke afmetingen wel aanhalen. Zo zijn de Netgear Orbi’s flinke torens in het zicht, terwijl vooral Google en TP-Link de formfactor (dankzij minder en minder sterke antennes) duidelijk beperkter houden. Wil je mesh combineren met een donker interieur, dan lijk je vooralsnog pech te hebben, elke fabrikant lijkt overtuigd dat witte kastjes het meest gewild zijn.

Mesh met benefits

Met de backhaul als cruciaal element van elk mesh-systeem zijn vooral modellen met alternatieve backhaul-mogelijkheden wat extra aandacht waard. De TP-Link Deco M5, Google Wifi en Linksys Velop kunnen ook eventuele aanwezige kabels als backhaul inzetten. In deels bekabelde, deels niet bekabelde huizen is dit een grote meerwaarde, omdat ook een slechts deels bekabelde overbrugging in de praktijk gunstiger is dan een hogere draadloze snelheid. De aanstaande TP-Link Deco M5 Plus is opvallend omdat deze ook een powerline-verbinding kan inzetten. Hoe meer de draadloze backhaul kan worden ontzien, des te beter … al dient die M5 Plus zich in de praktijk nog te bewijzen.

TP-Link Deco M5

Netwerkgigant TP-Link staat erom bekend dat het betaalbare producten biedt, het mesh-systeem is daarop geen uitzondering. Met 269 euro voor een set van drie en 99 euro voor additionele units, is het de goedkoopste in de vergelijking. Uiteraard betreft het daarmee een AC1200-AC1300-opstelling met twee datastromen op 2,4 GHz en twee op 5 GHz zonder dedicated backhaul. Daarmee is het niet ondenkbaar dat je het systeem overbelast in een opstelling met veel gelijktijdige streamers. Sterker nog, door de eerste en tweede node volledig te belasten blijft er van de doorvoer op de zolder-node nog bar weinig over. Dat blijkt echter voor alle geteste modellen in deze klasse het geval. Dit maakt deze klasse vooral interessant wanneer je wel betaalbare dekking zoekt over een groter pand, maar geen enorme capaciteit nodig hebt.

Vergeleken met de concurrentie zet de TP-Link Deco M5 vervolgens wel gunstige snelheden neer en is de installatie feilloos. Ook de mogelijkheden van de set, met onder andere accesspoint- en bridge-modus, de optie tot bekabelde backhaul en een ingebouwd Trend-Micro-beveiligingspakket, zijn voor de meeste eindgebruikers ruim voldoende. Gecombineerd met de bescheiden fysieke afmetingen, gunstig stroomverbruik en de laagste prijs, is de Deco M5 voor ons de meest aantrekkelijke optie om goedkoop en gedoe-vrij het pand van wifi te voorzien.

©PXimport

TP-Link Deco M5

Prijs
€ 269,- (voor 3 nodes)
Websitenl.tp-link.com8Score80

  • Pluspunten

  • Prijs

  • Goede dekking en prestaties

  • Gebruiksvriendelijk

  • Minpunten

  • Beperkte capaciteit

Google Wifi

Het duurde grofweg een jaar voordat Google zijn Google Wifi-systeem naar Nederland bracht, wat overigens een zakelijke keuze was en geen technische. In onze optiek een gemiste kans voor de internetgigant, want een jaar eerder had Google onder andere directe concurrent TP-Link Deco M5 af kunnen troeven als aanbieder van betaalbare mesh (want op dát moment was in Nederland alleen de Netgear Orbi RBK50 van de grond gekomen).

Google doet met zijn mesh-set wat Google praktisch altijd goed weet te doen: een uitstekende gebruikerservaring bieden. Het product oogt uitstekend, wordt keurig gepresenteerd en de installatie en app laten weinig te wensen over. De puntjes staan op de i. Hoewel je binnen bereik van het eerste punt weinig verschil zult merken, zien we dat de doorvoersnelheden over bijna de hele linie achterblijven bij de Deco. De capaciteit ligt is niet relevant anders. Beide systemen zijn met meerdere actieve clients op verschillende nodes te overbelasten. Ook hier is een bedrade backhaul en draadloze bridge mogelijk, maar een accesspoint-modus ontbreekt. Onder de streep echt niet onaardig, maar Google Wifi ontbreekt meerwaarde om de significant hogere prijs ten opzichte van de TP-Link Deco M5 te verklaren.

©PXimport

Google Wifi

Prijs
€ 359,- (voor 3 nodes)
Websitestore.google.com6Score60

  • Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Zeer redelijke prestaties

  • Minpunten

  • Te duur voor een AC1200-systeem

  • Geen AP-modus

EnGenius EnMesh

Hoewel typenummer EMR3000 wellicht anders doet vermoeden, is de EnMesh van EnGenius een AC1200-klasse mesh-set. Het systeem biedt dus geen extra datastromen voor de backhaul en heeft twee datastromen op 2,4 GHz en twee op 5 GHz. Met een prijskaartje van 299 euro valt hij tussen de TP-Link Deco M5 en Google Wifi in. EnGenius staat wel voor een pittige uitdaging, als late toetreder én doordat de naam minder bekend is dan TP-Link en Google. Die uitdaging gaat het aan met twee opvallende mogelijkheden. Ten eerste kent elk accesspoint een usb-poort om extra opslag binnen je netwerk toe te voegen. Ten tweede biedt EnGenius optionele accesspoints met ingebouwde beveiligingscamera’s.

De uitvoering van het geheel laat helaas wel wat te wensen over. Zo zijn de usb-prestaties traag, is het meshpunt met camera met dik 400 euro stevig geprijsd en veel belangrijker: kunnen de prestaties als mesh-systeem niet tippen aan die van TP-Link, Google of Ubiquiti. De onderlinge verbindingen zijn simpelweg een stuk minder krachtig, wat in de praktijk af en toe tot signaalverlies leidt. Specifieke niche-features hadden overtuiging kunnen bieden, maar het klasseverschil als mesh-oplossing is simpelweg te groot. Althans in de huidige staat … de EnMesh-set is nog maar net verschenen en laten we niet vergeten dat ook de Deco’s en Orbi’s een pittige peuterfase hebben moeten doorlopen.

©PXimport

EnGenius EnMesh

Prijs
€ 299,- (voor 3 nodes)
Websitewww.engeniustech.com5Score50

  • Pluspunten

  • Uit te breiden met camera’s

  • Usb-opslag

  • Minpunten

  • Bereik en snelheid ondermaats

Ubiquiti AmpliFi HD

AmpliFi HD laat een goede eerste indruk achter, met een tot in de puntjes verzorgde verpakking, productpresentatie en app. De router met informatie-display met touchmogelijkheden is uitstekend bedacht en ook de stopcontact-accesspoints zijn fraai. Het zit uitstekend in elkaar en cruciaal: het werkt ook erg soepel. In tegenstelling tot sommige andere systemen laat Ubiquiti zien dat gebruiksgemak en overzicht in de applicatie niet ten koste hoeven te gaan van informatie en functionaliteit. Dit komt het optimaliseren van de locaties van de accesspoints ten goede.

Hoewel de prestaties binnen bereik van de hoofdmodule uitstekend zijn, lukte het in onze opstelling niet om echt denderende prestaties neer te zetten op de andere verdiepingen. Het werkt, maar de absolute getallen bleven achter, waarbij opvalt dat we (te) frequent op de 2,4GHz-band worden overgezet. Het nadeel van de stopcontact-accesspoints is dat je de flexibiliteit om goed te optimaliseren verliest, want in elk geval in dit scenario consequenties leek te hebben. Ons vermoeden dat dit niet overal zo zal zijn, kunnen we niet met feiten onderbouwen.

Het is cruciaal te vermelden dat de AmpliFi HD geen dedicated backhaul heeft, maar wel AC1750-systeem (zie kader ‘Snelheidsklassen’) is. Maak je gebruik van een recente MacBook Pro of high-end-netwerkkaart, dan zul je op de hoofdmodule een hogere snelheid moeten kunnen bereiken dan met de AC1200-1300-alternatieven. Voor de score maakt het helaas weinig uit, want zelfs met het testen van meerdere locaties voor de accesspoints lukte het niet om de backhaul meer te laten overtuigen. Hierdoor maakt het op de andere verdiepingen niet uit of je een 2x2- of 3x3-antenne in de client gebruikt.

©PXimport

Ubiquiti AmpliFi HD

Prijs
€ 339,- (voor 3 nodes)
Websitewww.amplifi.com6Score60

  • Pluspunten

  • Zeer gebruiksvriendelijk

  • Zeer goede router

  • Uitgebreide app

  • Minpunten

  • Mesh-bereik en -capaciteit blijven achter

Netgear Orbi RBK50, RBK40, RBK30

Netgear was met de Orbi RBK50 één van de eerste fabrikanten die z’n mesh-systeem naar Nederland bracht. Op dat moment kostte een set van twee nodes bijna 450 euro, maar dankzij een dedicated backhaul van veer keer 5 GHz (AC3000) bleek de Orbi bijzonder indrukwekkend. In onze initiële test behaalden we met enkel de twee nodes praktisch volledige dekking over de 1200 vierkante meter van ons pand.

Een jaar en de nodige concurrenten verder is die positie niet veranderd. En Netgear heeft ook niet stil gezeten en het nodige toegevoegd, zoals true mesh waardoor ook de satellieten onderling verbinding kunnen maken. Ook op firmwareniveau weet Netgear te overtuigen. Als geen ander kunnen de Orbi’s overweg met een groot aantal clients die gelijktijdig de verschillende accesspoints belasten. Wel vinden we het ontbreken van een bedrade backhaul jammer, maar we realiseren ons ook dat dat voor lang niet iedereen een gemis is. Het voornaamste waar je als eindgebruiker rekening mee dient te houden, zijn de forse afmetingen van de Orbi RBK50’s: met 23 bij 16 bij 8 cm zijn het forse torens.

Om de verbinding met de koper met een kleiner budget niet te verliezen, bracht Netgear later de RBK40 en RBK30 uit. Dit zijn beide AC2200-klasse-sets, dus met een wat afgezwakte backhaul. Beide kennen vergelijkbare – marginaal kleinere – torentje als de RBK50 als basis. Waar de RBK40 een tweede toren heeft, komt de RBK30 met een accesspoint voor het stopcontact. Net als bij de RBK50 kloppen de ervaring en de prestaties: de doorvoersnelheden zijn goed, met een licht voordeel voor de losse module van de RBK40.

Met de recente prijsverlaging van de krachtigere Orbi RBK50 van circa 450 naar 349 euro, zit Netgear eigenlijk vooral zichzelf in de weg. Een nog iets goedkopere Orbi klinkt aantrekkelijk, maar het voornaamste advies dat wij uit onze testdata kunnen vergaren is dat wanneer je voor hoge snelheden, een stevige capaciteit en een goede gebruikservaring wilt gaan de Netgear Orbi RBK50 sowieso zijn geld waard is. Mocht blijken dat de twee nodes van de RBK50 net niet voldoende zijn, dan kun je deze behalve met de RBS50 ook prima uitbreiden met een (per stuk veel goedkopere) RBS40 of RBW30. En hoewel de RBK30 de strijd met de Deco M5 op gebied van prijs aangaat en per node een betere prestatie biedt, lever je wel de nodige flexibiliteit in doordat het een stopcontactmodel betreft.

©PXimport

Netgear Orbi Pro: Zakelijke mesh

In de tabel is ook de Orbi Pro opgenomen, die dankzij praktisch dezelfde hardware ook praktisch dezelfde (uitstekende) resultaten neerzet als de RBK50. De Orbi Pro heeft echter wat extra’s die vooral voor zakelijk gebruik interessant zijn. Zo voegt de Pro naast het standaard- en gast-wifi-netwerk een derde beheerder-ssid toe, komt het met een marginaal andere constructie welke muur- en plafondinstallatie mogelijk maakt. Het focust op het behouden van eenvoud van installatie (terwijl zakelijke oplossingen vaak toch externe experts vereisen). De meerprijs van 180 euro is fors gezien het gebodene, en een eventuele derde Orbi Pro is wederom duurder. Maar heb je als kleine onderneming je ogen op een mesh-systeem, dan is Orbi Pro wel het overwegen waard.

©PXimport

Orbi RBK50

Prijs
€ 359,- (voor 2 nodes)
Websitewww.netgear.nl10Score100

  • Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Uitstekende prestaties

  • Uitstekend bereik

  • Minpunten

  • Extra nodes duur

  • Geen bedrade backhaul-optie

  • Fysiek erg groot

Orbi RBK40

Prijs
€ 299,- (voor 2 nodes)
Websitewww.netgear.nl8Score80

  • Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Goede prestaties

  • Goed bereik

  • Minpunten

  • Extra nodes duur

  • Geen bedrade backhaul-optie

Orbi RBK30

Prijs
€ 259,- (voor 2 nodes)
Websitewww.netgear.nl8Score80

  • Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Goede prestaties

  • Goed bereik

  • Minpunten

  • Extra nodes duur

  • Geen bedrade backhaul-optie

Orbi Pro SRK60

Prijs
€ 529,- (voor 2 nodes)
Websitewww.netgear.nl9Score90

  • Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Uitstekende prestaties en bereik

  • Enkele handige zakelijke features

  • Minpunten

  • Forse meerprijs t.o.v. Orbi RBK50

  • Extra nodes duur

ASUS Lyra

ASUS mag dan wel een heel breed productportfolio hebben, aan echte focus op gebied van wifi-producten is geen gebrek. Waar de recente routers van ASUS een steeds agressievere, gamer-stijl achtige uitstralingen aannemen, zijn de Lyra’s juist opvallend bescheiden. De aanwezige rgb-verlichting is echt puur functioneel. Net als de Orbi RBK30, RBK40 en de Linksys Velop, kiest ASUS voor een model met een dedicated backhaul.

De app maakt een wat rommelige indruk en installatie verliep niet zonder dat elk accesspoint minstens één keer opnieuw moest worden aangezet. Een minpuntje voor de wat minder technisch onderlegde doelgroep. Positief is echter dat de Lyra als router het gros van de opties biedt die je van een stevige ASUS-router verwacht. Je zult daarvoor in de webinterface willen duiken, maar als poweruser zijn de flink uitgebreide mogelijkheden waaronder vpn en veiligheidsopties de moeite waard. De accesspoint-modus is nog in bèta en momenteel niet zonder kanttekeningen, maar met de uitgebreide routerfunctionaliteit mis je deze ook minder.

De ASUS Lyra bevindt zich als AC2200-set wel in een pittige situatie. Hij presteert aardig maar niet denderend. De Netgear RBK50 doet met twee nodes niet onder voor deze Lyra, ook niet op de bovenste verdieping. De gebruikerservaring van de ASUS Lyra mag ook nog wel wat verbeterd worden. Je zult dus echt prijs moeten stellen op de uitgebreide routermogelijkheden of graag drie nodes gebruiken (om twee kanten op te kunnen versterken) om de keuze op de Lyra te laten vallen.

©PXimport

ASUS Lyra

Prijs
€ 349,- (voor 3 nodes)
Websitewww.asus.nl7Score70

  • Pluspunten

  • Uitgebreide mogelijkheden router

  • Zeer redelijke prestaties

  • Minpunten

  • Installatie en app-ervaring nog niet optimaal

  • Sterke concurrentie op dit prijspunt

Linksys Velop

Linksys gooit het AC2200-concept met de Velop over een compleet andere boeg. Inmiddels heeft Linksys een webinterface toegevoegd (voorheen was het app-only) en wat meer routerfunctionaliteit beschikbaar gemaakt, maar de focus blijft liggen op een echte hands-off-ervaring. Net als bij de ASUS Lyra is het echter wel een beetje zoeken naar de toegevoegde waarde van dit systeem. De fysieke staanders spreken meer aan dan de giga-torens van de Orbi en de appervaring is ook meer dan prima in orde. Maar voor 429 euro voor drie accesspoints verwacht je wellicht stevigere argumenten dan dat. En wanneer de prestaties niet opboksen tegen Netgears RBK50 met twee nodes, is dat een pittige kluif.

Het feit dat de Velop een AC2200-model is met bedrade backhaul-ondersteuning, lijkt dan het voornaamste argument om er toch naar te kijken. Lyra en Orbi missen die optie en in een deels bedrade woning met één van de extra punten bedraad en de ander draadloos, is de Velop best aantrekkelijk. Wel zul je dan de tergend trage installatie voor lief moeten nemen en dien je rekening te houden met het feit dat het iets meer tijd en moeite vergt om de Velops goed af te stemmen om ze optimaal te laten presteren. Ze zijn namelijk wel gevoeliger dan den concurrentie als het op de positie van elk accesspoint aankomt.

©PXimport

Linksys Velop

Prijs
€ 429,- (voor 3 nodes)
Websitewww.linksys.com7Score70

  • Pluspunten

  • Prima snelheden

  • Optionele bedrade backhaul

  • Fysiek netjes

  • Minpunten

  • Prijs

  • Nodes toevoegen en optimaliseren tergend traag

Conclusie

We herhalen ons zekerheidshalve, maar er gaat niets boven volledige bekabeling in huis of kantoor, óók niet de winnaar van deze test. Daarbij moeten we ook een kanttekening plaatsen voor de testbreedte, we hebben intensief getest en binnen de omgeving elke router de kans gegeven optimaal te presteren. Maar de snelheden kunnen op een andere locatie anders uitpakken. Vergelijkingen met andere (inclusief eerdere) testopstellingen kunnen dan ook niet worden gemaakt.

Wanneer kabels trekken echt niet tot de mogelijkheden behoort, zien we één model op praktisch elk front het meest overtuigen. Je overweegt mesh uiteindelijk om van allerlei wifi-perikelen af te zijn, en dan zien we dat Netgear met de Orbi RBK50 zowel de prestaties als het geven van gemoedsrust het best in balans heeft. De AC3000-klasse RBK50-set is niet goedkoop, maar toont zich het meest capabel om te zorgen dat je overal in huis een goede draadloze verbinding hebt, zonder dat je als gebruiker veel meer hoeft te doen dan je portemonnee treken.

We hebben wel goede hoop voor de AC2200-categorie gekregen, maar aangezien ASUS en Linksys beide nog wat minpuntjes weg te poetsen hebben, missen we daar vooralsnog de echte aanrader … zeker met het huidige prijspunt van de Orbi RBK50 (die ook Netgears eigen RBK40 en RBK30 eigenlijk te veel onder druk zet). Wel verdienen de ASUS en Linksys de aandacht wanneer je het signaal meerdere kanten op wilt versterken, drie nodes komen dan goed van pas en extra nodes voor Orbi zijn prijzig.

Geef je vooral om een goed bereik over een groot oppervlak, maar heb je geen extreme doorvoercapaciteit voor bijvoorbeeld meerdere gelijktijdige (en zeer actieve) gebruikers nodig? Dan geven we nog een eervolle vermelding en Redactietip aan de TP-Link Deco M5. Deze heeft als goedkoopste in de test zowel de prestaties als de gebruikerservaring voor die doelgroep goed op orde. De Netgear Orbi RBK30 houdt hem scherp, maar met drie TP-Link Deco-units heb je meer speelruimte. En zoals Linksys en ASUS ongetwijfeld hun best zullen doen om Netgear het vuur aan de schenen te leggen met aankomende updates, zullen Google, Ubiquiti en EnGenius een beter antwoord moeten bedenken om de Deco te kunnen overtreffen.

Een uitgebreid overzicht van de testresultaten vind je in de onderstaande tabel (.pdf).

©PXimport

▼ Volgende artikel
Kristen Bell speelt Amy Rose in vierde Sonic the Hedgehog-film
Huis

Kristen Bell speelt Amy Rose in vierde Sonic the Hedgehog-film

Actrice Kristen Bell zal de stem van Amy Rose inspreken in de aankomende vierde Sonic the Hedgehog-film.

Het personage, dat veelvuldig in de Sonic-games voorkomt, had al een gastrolletje aan het einde van de film Sonic the Hedgehog 3. Deze week heeft The Hollywood Reporter onthuld dat het personage in de vierde Sonic-film ingesproken zal worden door Kristen Bell.

Bell heeft al ervaring met stemacteerwerk: ze speelde ook de rol van Princess Anna in de Frozen-films. Verder is ze bekend van series als The Good Place, Veronica Mars en Deadwood. Ze speelde ook de rol van Lucy in de allereerste Assassin's Creed-game.

De vierde Sonic the Hedgehog-film draait vanaf 19 maart 2027 in de bioscoop.

View post on X

Over de Sonic the Hedgehog-films

De Sonic the Hedgehog-films zijn gebaseerd op het populaire gamepersonage van Sega, een blauwe egel die zijn dierenvrienden probeert te redden en extreem snel kan rennen. De films combineren live-action acteerwerk met computergeanimeerde beelden.

De drie uitgekomen verfilmingen zijn een megasucces: begin 2025 werd al aangekondigd dat de drie Sonic-films bij elkaar meer dan een miljard dollar aan bioscoopopbrengsten hadden gegenereerd.

De films staan mede bekend om hun goedgevulde cast. Zo zijn James Marsden en Jim Carrey te zien, en verlenen onder andere Ben Schwartz, Keanu Reeves en Idris Elba hun stemmen aan computergeanimeerde personages.

▼ Volgende artikel
Alles over Tomb Raider: The Legacy of Atlantis, Catalyst en de aankomende serie
© Crystal Dynamics
Huis

Alles over Tomb Raider: The Legacy of Atlantis, Catalyst en de aankomende serie

Eind 2025 kregen we eindelijk de langverwachte eerste beelden van Tomb Raiders toekomst te zien. Het was al een aantal jaren bekend dat Amazon de franchise met zowel een serie als nieuwe games wilde terugbrengen, maar hoe precies, dat was nog lang giswerk. Nu is bekend dat er maar liefst twee nieuwe games op stapel staan: Tomb Raider: The Legacy of Atlantis en Tomb Raider: Catalyst.

Releasedata van de nieuwe Tomb Raider-games

Tijdens The Game Awards in 2025 werd aangekondigd dat Tomb Raider: The Legacy of Atlantis (een remake van de allereerste Tomb Raider-game uit 1996) in 2026 moet verschijnen. Een geheel nieuwe Tomb Raider-game die zich later in de tijdlijn afspeelt is Catalyst, de game die in 2027 moet verschijnen. Beide spellen komen uit op de PlayStation 5, Xbox Series X en S en pc.

Beide titels worden ontwikkeld door Crystal Dynamics, dat eerder Tomb Raider uit 2013 en Rise of the Tomb Raider uit 2015 maakte. Ook hielp de studio mede-ontwikkelaar Eidos Montréal met de productie van Shadow of the Tomb Raider (2018). De studio Flying Wild Hog (Shadow Warrior, Trek to Yomi) ondersteunt de ontwikkeling van Tomb Raider: The Legacy of Atlantis.

Allemaal in één tijdlijn

Met dit nieuwe Tomb Raider-tijdperk willen Amazon en ontwikkelaar Crystal Dynamics harder dan ooit inzetten op de eenduidige tijdlijn van de franchise. In de allereerste Tomb Raider-game uit 1996 was Lara Croft al een geharde avonturier, en in 2012 begon Crystal Dynamics met het vertellen van haar 'oorsprongsverhaal'. De zogenaamde Survivor-trilogie omvat de games Tomb Raider (2013), Rise of the Tomb Raider (2015) en Shadow of the Tomb Raider (2018), die samen laten zien hoe Lara steeds meer in die rol van de geharde bad-ass groeit.

©Crystal Dynamics

De bedoeling is in principe altijd geweest dat de Survivor-trilogie een voorloper vormt op de originele games, al werd daar nog vaak over gediscussieerd door fans. Sommigen vinden bijvoorbeeld dat de sfeer van de modernere games niet goed overeenkomt met de originele titels. Desalniettemin gaat Amazon door met het plan, zo werd al aangekondigd in 2021, waar in een speciale video het volgende werd gezegd over de aankomende Tomb Raider-game:

"Het bevat alle elementen die de Tomb Raider-reeks een van de meest geprezen franchises in gaming heeft gemaakt. Spelers besturen een zelfverzekerde en multidimensionale heldin in een omgeving waarin verkenning en creatief routes vinden wordt beloond. Er zijn duizelingwekkende puzzels om op te lossen en er is een grote variatie aan vijanden om het tegen op te nemen."

©Crystal Dynamics

Tomb Raider: Legacy of Atlantis

Tomb Raider: The Legacy of Atlantis lijkt dit duidelijk te moeten maken. De game is dus een remake van het spel waar de franchise mee begon, met gemoderniseerde gameplay en visuals. Het verhaal rondom het krachtige artefact de Scion blijft intact, al gaat de verhaalvertelling in deze versie van het spel wat anders dan in 1996.

Dit biedt de ontwikkelaar ook genoeg kansen om het avontuur waar het voor Lara allemaal begon te koppelen aan de Survivor-delen, en dus het tijdperk tussen nieuw en oud te overbruggen. De dinosauriërs uit het origineel zijn dus nog gewoon aanwezig, al is dat nu met veren. Want we moeten wel rechtdoen aan de geschiedenis.

Watch on YouTube

Tomb Raider: Catalyst

Dus wat betekent dat voor Tomb Raider: Catalyst, de andere game die tijdens The Game Awards voor het eerst getoond werd? Catalyst is eigenlijk een soort schone lei voor Tomb Raider, met een verhaal dat zich na alle voorgaande games, boeken, comics en series - ja, daar komen we later nog op - afspeelt.

De voorgaande verhalen worden wel als 'canon' (lees: onderdeel van de geschiedenis in deze tijdlijn) beschouwd. Dat kunnen we opmaken uit de onthullingstrailer van het spel, waarin gerefereerd wordt aan de gebeurtenissen uit Tomb Raider (2013) en de eerste Tomb Raider-game - alsmede Legacy of Atlantis dus.

Watch on YouTube

Het spel speelt zich af in het noorden van India, in de nasleep van een cataclysmische gebeurtenis waardoor verschillende geheimen uit de geschiedenis plotseling geopenbaard zijn. Lara Croft en zo ongeveer iedere andere schattenjager in de wereld gaat dus op pad naar het gebied om de geheimen en rijkdommen van weleer te ontdekken. Aan Lara de taak om te zorgen dat de soms gevaarlijke mythische voorwerpen uit de verkeerde handen blijven, wat volgens de website voor een verhaal bomvol 'vertrouwen en verraad' zorgt.

De start van een trilogie?

Het is goed mogelijk dat Catalyst het eerste deel is van een gloednieuwe Tomb Raider-trilogie. In maart 2024 vond er bij het South by Southwest-filmfestival (SXSW) een panel plaats waarin (zo ontdekte het Tomb Raider fan-account Society of Raiders) Dimitri Johnson aan het woord kwam.

©Crystal Dynamics

Johnson, een producent van onder andere de eerste Sonic the Hedgehog-film, heeft een deal gesloten met Amazon Studios voor het ontwikkelen van televisieseries, onder andere romdom Tomb Raider. In het panel over transmedia - oftewel het gebruiken van een IP (intellectual property) via verschillende mediums, waaronder live-action films, series, animatie en games - zei hij het volgende:

"Er is een franchise waar we aan werken waar ik niet te diep op in kan gaan. En dit is een groot experiment voor ons - de studio's en het gamebedrijf waar we werken aan animatie, live-action films, live-action televisie en een trilogie aan games die gebouwd zijn in Unreal 5. Daarbij kijken we naar een manier om de assets die voor de game gebruikt worden toe te passen om de productie van de live-action producties te ondersteunen."

©Amazon

De precieze franchise waar het om gaat wordt niet genoemd, maar gezien zijn betrokkenheid bij de live-action serie valt aan te nemen dat het om Tomb Raider gaat. Hij heeft dus mogelijk bevestigd dat Cataclysm het startschot is van een nieuwe Tomb Raider-trilogie.

Amazon en Crystal Dynamics lijken hier ook naar te hinten met de trailer van het spel. Na een lange monoloog van een antagonist over hoe de 'legende van Lara Croft tot een einde moet komen' stelt de avonturier zelf dat ze nog maar net begonnen is. Dat kan uiteraard een knipoog zijn naar haar langverwachte terugkeer, maar het lijkt erop dat Amazon hard op Tomb Raider gaat inzetten.

©Crystal Dynamics

De stem van Lara Croft

In de nieuwe games krijgt Lara een nieuwe stemactrice. Alix Wilton Regan - bekend van rollen in Mass Effect 3, Cyberpunk 2077 en Assassin's Creed: Origins - gaat het stokje overnemen van Camilla Luddington, die het personage vertolkte in de Survivor-trilogie. Na de aankondiging dat Regan de rol op zich gaat nemen, plaatste Luddington een emotioneel bericht op haar Instagram-account:

"Ik wil jullie laten weten dat ik van de fans heb gehouden. Het was een ongelooflijke eer om Lara Croft te spelen en ze blijft altijd onderdeel van mij uitmaken. De Survivor-trilogie bood mij een decennium aan avontuur dat ik nooit ga vergeten. Ik kan niet trotser zijn op wat we hebben gecreëerd. Zoals altijd ontvangt de nieuwe actrice een ongelooflijke gift door in haar laarzen te mogen stappen."

View post on Instagram
 

Gameplay van de nieuwe Tomb Raider

Van Legacy of Atlantis hebben we al wat gameplay - mogelijk gemaakt door Unreal Engine 5 - kunnen zien met de onthullingstrailer. Daaruit blijkt dat Lara net zo acrobatisch is als in de oorspronkelijke PlayStation-games - iets wat in de Survivor-trilogie minder aan bod kwam. In de trailer zien we in ieder geval dat Lara zich niet simpelweg omhoog drukt tijdens het klimmen, maar haar iconische 'cirkelmethode' nog altijd onder de knie heeft. Verder zijn er beelden te zien van het klimmen, een puzzel en de valstrikken die je in de verschillende tombes te wachten staan. Ook kregen we een glimp van de gunplay in het spel. Lara heeft haar twee vertrouwde pistolen, en kan die al ontwijkend en springend loslaten op dinosauriërs.

Van Catalyst is nog geen gameplay getoond, al onthult de cinematische trailer mogelijk wel een paar gameplaymogelijkheden. Denk aan de grijphaak die Lara op Spider-Man-achtige wijze aan haar pols heeft hangen, en die ze schijnbaar ook tijdens gevechten kan inzetten om vijanden af te leiden of uit te schakelen. Ook zien we haar een lamp kapotschieten om voor verwarring te zorgen, en daar een voordeel uit halen. Wellicht wordt de combat en stealth dus wel uitgebreid met mechanieken rondom lichtinval. Veel meer is er nog niet op te maken, al zijn er in de afgelopen jaren wellicht al een paar details naar buiten gekomen.

©Crystal Dynamics

Eerdere geruchten

Deze nieuwe Tomb Raider-games zijn al jaren in ontwikkeling, en er zijn in die tijd ook een flink aantal geruchten opgedoken rondom Catalyst. Niets is bevestigd, dus houd een korreltje zout bij de hand.

Het is de insider V Scooper en journalist Gregory Felipe namelijk ter ore gekomen dat de nieuwe Tomb Raider-game een soort Ubisoft-achtige open wereld-game betreft. V Scooper deelde eerder ook al details over het verhaal van Catalyst, die op basis van de onthulling goed overeenkomen.

Volgens V Scooper heeft Lara naast 'gebruikelijke Lara bewegingsmethodes' toegang tot een motor en parachute om zich door het noorden van India te begeven. Daarbij hint hij naar verschillende confrontaties met dieren als luiaarden en tijgers in gebieden als jungles, bergen en woestijnen.

©Crystal Dynamics

Felipe had het voor die berichten ook al over een motor waarmee Lara zich door de map kan verplaatsen. Daarbij had hij het ook over companions met unieke vaardigheden, en dat er bekende personages uit de vorige game terugkeren.

Het spel bevat volgens Felipe vijf Far Cry-achtige vijanden, die volgens hem bestaan uit de stereotiepe rijke man, een misdaadbaas en een duo van twee broers. Lara zelf zou daarbij toegang krijgen tot een skilltree met magische skills. Nogmaals: dit zijn allemaal geruchten. Geen van deze gameplayelementen is tot nu toe bevestigd en er kan in de tijd sinds de rapportage van alles veranderd zijn.

©Crystal Dynamics

De Tomb Raider-serie met Sophie Turner

Tomb Raider en Lara Croft zijn uiteraard game-iconen, maar de franchise is al geruime tijd ook onderdeel van het Hollywoodlandschap. In 2001 en 2003 kwamen respectievelijk de films Lara Croft: Tomb Raider en Lara Croft: Tomb Raider - The Cradle of Life uit. Ondanks de sterrenkracht van Angelina Jolie als Lara Croft waren de films niet bijster succesvol, dus het duurde tot 2018 totdat Lara weer op het witte doek verscheen. Ook met Alicia Vikander in de hoofdrol wist Tomb Raider niet veel indruk te maken als film.

Enfin, we geven niet op. In 2024 kwam Netflix met de animatieserie Tomb Raider: The Legend of Lara Croft - waarvan een tweede en laatste seizoen in 2025 verscheen. Deze serie volgt Lara Croft na de Shadow of the Tomb Raider-game, en overbrugt dus het tijdperk van de Survivor-trilogie en de originele games. Helaas werd ook de animatieserie niet bijster goed ontvangen. Een prima tussendoortje, maar niets om over naar huis te schrijven.

©Netflix

Maar Hollywood - en specifiek Amazon in dit geval - weet niet van ophouden. Er wordt namelijk ook al sinds eind 2023 gewerkt aan een live-action Tomb Raider-serie door Fleabag-maker Phoebe Waller-Bridge, die op een nog onbekend moment op Amazon Prime Video verschijnt. Het heeft even mogen duren voordat de serie in productie ging, maar begin 2026 was het eindelijk zover. In februari kwamen de eerste setfoto's van de serie naar buiten.

Daarbij werd ook bekendgemaakt dat Sophie Turner (van Game of Thrones- en X-Men-faam) de rol van de iconische avonturier op zich neemt. Ze wordt vergezeld door onder anderen Martin Bobb-Semple als Lara's compagnon Zip, Alien-actrice Sigourney Weaver als Evelyn Wallis, Harry Potter-ster Jason Isaacs als Atlas DeMornay en Bill Paterson (Fleabag) als Winston - Lara's butler. Het is nog niet geheel duidelijk hoe de live-action serie in de Tomb Raider-tijdlijn past, en details over het verhaal zijn momenteel nog schaars. Zodra er meer duidelijkheid is, lees je dat uiteraard in dit overzicht.