ID.nl logo
De 10 beste wifi-mesh-systemen die je kunt kopen
© Reshift Digital
Huis

De 10 beste wifi-mesh-systemen die je kunt kopen

Op gebied van bijvoorbeeld smartphones zien we al enkele jaren meer evolutie dan revolutie. Op het gebied van wifi in huis verandert er een stuk meer, met in 2017 de bredere uitrol van wifi-mesh-systemen. Wij bekijken de huidige staat van het draadloze netwerk thuis. De meeste mesh-systemen zijn inmiddels uit de kinderschoenen gegroeid, dus gaan we op zoek naar de beste mesh-netwerk op de markt.

We duiken eerst even in de wifi-technieken. Er is de laatste jaren nodige vooruitgang geweest wat betreft draadloze netwerken voor thuis. Met name het openen van de 5GHz-band en de introductie van 802.11ac heeft veel verschil gemaakt. Hiermee worden snelheden mogelijk die ruim voorbij de snelheden gaan die de meeste internetverbindingen bieden. Verder zorgen alsmaar robuuster wordende chipsets ervoor dat routers niet om de haverklap gereset moeten worden.

Terwijl de capaciteit en snelheid toenemen, blijkt één ontwikkeling nog harder te gaan: onze wensen en drang naar nog sneller en vooral nog stabielere wifi. We hebben meer apparaten, verslinden meer content, én wat we consumeren wordt dankzij zaken als 4K en HDR enkel zwaarder voor het netwerk.

Ac en 5 GHz

Wifi 802.11ac was de laatste grote stap die ook echt door wist te breken. Hiermee zijn snelheden van netto ruim 400 Mbit/s mogelijk, in plaats van ca. 100 Mbit/s. We stonden op de vooravond van een bredere 802.11ad of ‘WiGig’ uitrol, maar Intel heeft daar min of meer eigenhandig de stekker uitgetrokken. Die techniek biedt enkel nog toekomst voor draadloze vr-toepassingen. De 5GHz-band brengt hogere doorvoersnelheden dan 2,4 GHz, maar dat gaat ten koste van signaalsterkte door muren en plafonds. Eén keer raden welke eigenschappen de 802.11ad 60GHz-band heeft: nog extreme snelheden, maar het signaal komt niet meer door een muur heen.

802.11ax

Een accesspoint in letterlijk elke ruimte zal menig consument te ver gaan, dus heel vreemd is het niet dat 802.11ad niet meer dan wat specifieke doeleinden zal dienen. De grote stap voor het bredere publiek zal dan ook 802.11ax moeten zijn, een techniek die nu van de band begint te rollen. Al is het nog maar de vraag wanneer we geschikte chips met 802.11ax voor onze systemen kunnen aanschaffen of in onze telefoons zullen aantreffen – iets wat wel nodig is om ervan te profiteren. De techniek is veelbelovend op gebied van bereik, snelheid en de mogelijkheid om veel verschillende apparaten gelijktijdig goed te bedienen. Maar we denken dat zelfs de meest fanatieke early-adopters nog moeite zullen hebben over te stappen voordat 2018 voorbij is.

Mesh it up

Wil je je wifi in huis onder handen nemen, dat zit je voorlopig dus nog vast aan de vertrouwde 2,4- en 5GHz-accesspoints die gebruikmaken van 802.11n en 802.11ac. Maar niet getreurd, want ook binnen die standaarden staat de techniek niet stil. 2017 werd hét jaar waarin mesh-systemen in hoog tempo naar Nederland kwamen: afgelopen mei konden wij drie systemen vergelijken, inmiddels zijn dat er al tien. Tevens zien we dat de fabrikanten van de eerste drie voor ons beschikbare modellen ook niet stil hebben gezeten.

©PXimport

Meshtastisch!

Dat we meerdere accesspoints in huis nodig hebben voor een goede dekking en een vlotte verbinding, is de veeleisende gebruiker natuurlijk wel bekend. De grootste charme van mesh-systemen is dat je ze enkel van stroom hoeft te voorzien, en je ze met uitzondering van de router of hoofdnode verder niet hoeft te bekabelen; kabels trekken is één van de grootste hindernissen bij het verbeteren van wifi in bestaande panden. De mesh-punten maken zelf onderlinge verbindingen en geven, althans in theorie, het draadloze signaal zo slim mogelijk door naar buiten. De belofte van al deze systemen is zeer aantrekkelijk: goede dekking, geen gedoe met kabels en daarbij veelal ook nog eens zeer eenvoudig in de installatie.

Of meshschien toch niet?

Wanneer iets te mooi klinkt om waar te zijn is dat vaak ook zo, en ook hier mogen we de nodige kanttekeningen plaatsen – die voor elk van de tien systemen van toepassing zijn. Draadloze signalen lijden nu eenmaal onder andere signalen in de omgeving en zijn zeer afhankelijk van de fysieke bouw van het pand waarin je ze plaatst. Wij zochten voor onze test bewust een pittige omgeving op, maar elke situatie is anders en garanties zijn niet te geven. Er zijn ook voorbeelden van muren waar geen enkele vorm van (bruikbare) wifi doorheen komt.

Wanneer je in staat bent kabels te trekken en bekabelde accesspoints op te hangen, dan zal dat altijd de snelste, meest betrouwbare oplossing geven. En laten we ook niet vergeten dat je voor de prijs van de meeste mesh-sets, prima een installateur een kabeltje kan laten trekken wanneer je reeds loze leidingen hebt liggen. Belangrijk is ook om te onthouden dat mesh-techniek nieuw is, met grote verschillen in de praktijkervaring tot gevolg. Ook zijn er nog significante veranderingen in de meeste firmware-updates. Reden voor ons om deze systemen zo lang mogelijk in de praktijk in te zetten.

©PXimport

Backhaul

Hét codeword in mesh-systemen is backhaul: de verbinding tussen de verschillende wifi-punten in huis. Hoe beter de backhaul, des te beter de ervaring van de gebruiker. De duurdere systemen die vallen in de snelheidsklassen AC2200 of AC3000, hebben hun eigen specifieke dedicated backhaulradio’s. Goedkopere modellen zetten de antennes die ze gebruiken om de aangesloten clients van internet te voorzien, tegelijk in voor de backhaul-verbinding. Meer is geen garantie voor beter, maar een gebrek aan dedicated backhaul zorgt er wel voor dat je sneller tegen de theoretische beperkingen aanloopt, zeker in omgevingen met veel actieve gebruikers. Gezinnen met meerdere zeer actieve dataverbruikers kijken dan beter naar de producten met dedicated backhaul. Sommige wifi-mesh-systemen kunnen naast een draadloze backhaul overigens ook de vertrouwde netwerkkabel inzetten als backhaul, dit lees je in de test.

Chips

Net als mobiele telefoons draaien routers en andere wifi-producten op chips van een zeer beperkt aantal fabrikanten. Het gaat bij mesh-systemen (evenals bij smartphones) om producten van Qualcomm. Een motor maakt echter nog geen auto, en de fabrikanten van de uiteindelijke producten hebben dan ook nog meer dan genoeg voor het zeggen. Het resultaat is een sterk uiteenlopend assortiment producten in de snelheidsklassen AC1200, AC1750, AC2200 en AC3000.

Snelheidsklassen

De mesh-systemen gebruiken een verschillend aantal datastromen op 2,4 of 5 GHz voor verschillende doeleinden. AC1200/1300: geen dedicated backhaul, 2 datastromen op 2,4 GHz en 2 op 5 GHz voor zowel clients als onderlinge communicatie AC1750: geen dedicated backhaul, 3 datastromen op 2,4 GHz en 3 op 5 GHz voor zowel clients als onderlinge communicatie AC2200: wel dedicated backhaul van 2 datastromen op 5 GHz voor onderlinge communicatie, plus 2 datastromen 2,4 GHz en 2 op 5 GHz voor clients AC3000: wel dedicated backhaul van 4 datastromen op 5 GHz voor onderlinge communicatie, plus 2 datastromen 2,4 GHz en 2 op 5 GHz voor clients

Mogelijkheden systemen

De backhaul (zie kader ‘Backhaul’) is het meest cruciale punt waar we op letten wanneer het op capaciteit aankomt. Wat voor jouw aanschaf ook belangrijk kan zijn, is of het systeem kan functioneren als router, of hij een accesspoint-modus heeft en of hij als draadloze bridge ingezet kan worden.

In beginsel kunnen alle systemen als router functioneren, ze kunnen dus als dhcp-server functioneren en alle basistaken in je netwerk op zich nemen. Maar ze bieden niet de pro-features die een luxe router biedt. Dus als je al een goede eigen router hebt, wil je die waarschijnlijk helemaal niet vervangen. Let er in dat geval op of het systeem voorzien is van een accesspoint-modus, zodat je je eigen router kunt blijven gebruiken en het mesh-systeem in je bestaande netwerk wordt opgenomen. Is dit niet het geval, dan krijg je twee gescheiden netwerken en dat is onhandig.

Wil je bekabelde netwerkapparaten op het systeem aansluiten, let dan goed op de verschillen in de lan-poorten op de router en de nodes. Daar zit de nodige variatie in. Heeft de node ook lan-poorten, dan kun je die dus als draadloze bridge gebruiken.

Testomgeving

Een betonnen bouwwerk van rond de eeuwwisseling, drie verdiepingen van ca. 400 vierkante meter per verdieping en de nodige muren. Dat kunnen we wel een zware testomgeving noemen. Eén ding is zeker, geen enkele individuele router, ook geen model van honderden euro’s, is in staat om alle verdiepingen van volledige dekking te voorzien. Eerdere tests toonden aan dat een enkele verdieping wel te doen is voor een accesspoint, wat het uitgangspunt is van deze test.

Dit pand, tien wifi-mesh-systemen en een stapel laptops voorzien van snelle antennes. Zo, we kunnen beginnen!

Wifi moet werken!

De doelstelling van onze test is eenvoudig: we willen op elke verdieping een degelijk bereik én een degelijke snelheid. We letten hierbij extra op de prestaties op de bovenste verdieping. Prestaties in bijvoorbeeld de tuin kun je extrapoleren uit de prestaties op de andere verdiepingen, simpelweg een kwestie van een extra mesh-punt in de richting van je tuin plaatsen.

We testen met de router op de benedenverdieping, een tweede accesspoint op de verdieping daarboven en het derde punt op de bovenste verdieping. Let op dat de meeste systemen in verschillende hoeveelheden geleverd worden. Systemen met twee accesspoints worden ook getest met een optionele derde unit, systemen met drie worden ook getest in een opstelling met twee punten. De zolder-1-hop-test simuleert dus de prestaties op de bovenste verdieping zonder dat daar ook een accesspoint wordt geplaatst. Zo kunnen we duidelijk het prestatieverschil zien tussen twee en drie accesspoints.

©PXimport

De opstelling

Staande modellen staan vrij op een kastje, accesspoints dien je niet weg te frommelen als je om prestaties geeft. Ze presteren in de regel het best wanneer je ze een klein stukje van de muur plaatst. Stopcontactmodellen worden uiteraard als zodanig gebruikt. Positionering van de producten is belangrijk punt, waarbij elk product profiteert van een net iets andere positie. Omdat het redelijkerwijs te verwachten is dat je als gebruiker een gunstige positie op gaat zoeken, hebben wij dat ook gedaan. Elk staand model is op meerdere posities en oriëntaties getest, wel binnen het oppervlak van de door ons gebruikte kast (circa 150 cm breed) waarbij de beste positie mocht tellen. Stopcontactmodellen kregen twee mogelijkheden aangeboden.

Hoewel misschien minder van belang, willen we het aspect van de fysieke afmetingen wel aanhalen. Zo zijn de Netgear Orbi’s flinke torens in het zicht, terwijl vooral Google en TP-Link de formfactor (dankzij minder en minder sterke antennes) duidelijk beperkter houden. Wil je mesh combineren met een donker interieur, dan lijk je vooralsnog pech te hebben, elke fabrikant lijkt overtuigd dat witte kastjes het meest gewild zijn.

Mesh met benefits

Met de backhaul als cruciaal element van elk mesh-systeem zijn vooral modellen met alternatieve backhaul-mogelijkheden wat extra aandacht waard. De TP-Link Deco M5, Google Wifi en Linksys Velop kunnen ook eventuele aanwezige kabels als backhaul inzetten. In deels bekabelde, deels niet bekabelde huizen is dit een grote meerwaarde, omdat ook een slechts deels bekabelde overbrugging in de praktijk gunstiger is dan een hogere draadloze snelheid. De aanstaande TP-Link Deco M5 Plus is opvallend omdat deze ook een powerline-verbinding kan inzetten. Hoe meer de draadloze backhaul kan worden ontzien, des te beter … al dient die M5 Plus zich in de praktijk nog te bewijzen.

TP-Link Deco M5

Netwerkgigant TP-Link staat erom bekend dat het betaalbare producten biedt, het mesh-systeem is daarop geen uitzondering. Met 269 euro voor een set van drie en 99 euro voor additionele units, is het de goedkoopste in de vergelijking. Uiteraard betreft het daarmee een AC1200-AC1300-opstelling met twee datastromen op 2,4 GHz en twee op 5 GHz zonder dedicated backhaul. Daarmee is het niet ondenkbaar dat je het systeem overbelast in een opstelling met veel gelijktijdige streamers. Sterker nog, door de eerste en tweede node volledig te belasten blijft er van de doorvoer op de zolder-node nog bar weinig over. Dat blijkt echter voor alle geteste modellen in deze klasse het geval. Dit maakt deze klasse vooral interessant wanneer je wel betaalbare dekking zoekt over een groter pand, maar geen enorme capaciteit nodig hebt.

Vergeleken met de concurrentie zet de TP-Link Deco M5 vervolgens wel gunstige snelheden neer en is de installatie feilloos. Ook de mogelijkheden van de set, met onder andere accesspoint- en bridge-modus, de optie tot bekabelde backhaul en een ingebouwd Trend-Micro-beveiligingspakket, zijn voor de meeste eindgebruikers ruim voldoende. Gecombineerd met de bescheiden fysieke afmetingen, gunstig stroomverbruik en de laagste prijs, is de Deco M5 voor ons de meest aantrekkelijke optie om goedkoop en gedoe-vrij het pand van wifi te voorzien.

©PXimport

TP-Link Deco M5

Prijs
€ 269,- (voor 3 nodes)
Websitenl.tp-link.com8Score80

  • Pluspunten

  • Prijs

  • Goede dekking en prestaties

  • Gebruiksvriendelijk

  • Minpunten

  • Beperkte capaciteit

Google Wifi

Het duurde grofweg een jaar voordat Google zijn Google Wifi-systeem naar Nederland bracht, wat overigens een zakelijke keuze was en geen technische. In onze optiek een gemiste kans voor de internetgigant, want een jaar eerder had Google onder andere directe concurrent TP-Link Deco M5 af kunnen troeven als aanbieder van betaalbare mesh (want op dát moment was in Nederland alleen de Netgear Orbi RBK50 van de grond gekomen).

Google doet met zijn mesh-set wat Google praktisch altijd goed weet te doen: een uitstekende gebruikerservaring bieden. Het product oogt uitstekend, wordt keurig gepresenteerd en de installatie en app laten weinig te wensen over. De puntjes staan op de i. Hoewel je binnen bereik van het eerste punt weinig verschil zult merken, zien we dat de doorvoersnelheden over bijna de hele linie achterblijven bij de Deco. De capaciteit ligt is niet relevant anders. Beide systemen zijn met meerdere actieve clients op verschillende nodes te overbelasten. Ook hier is een bedrade backhaul en draadloze bridge mogelijk, maar een accesspoint-modus ontbreekt. Onder de streep echt niet onaardig, maar Google Wifi ontbreekt meerwaarde om de significant hogere prijs ten opzichte van de TP-Link Deco M5 te verklaren.

©PXimport

Google Wifi

Prijs
€ 359,- (voor 3 nodes)
Websitestore.google.com6Score60

  • Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Zeer redelijke prestaties

  • Minpunten

  • Te duur voor een AC1200-systeem

  • Geen AP-modus

EnGenius EnMesh

Hoewel typenummer EMR3000 wellicht anders doet vermoeden, is de EnMesh van EnGenius een AC1200-klasse mesh-set. Het systeem biedt dus geen extra datastromen voor de backhaul en heeft twee datastromen op 2,4 GHz en twee op 5 GHz. Met een prijskaartje van 299 euro valt hij tussen de TP-Link Deco M5 en Google Wifi in. EnGenius staat wel voor een pittige uitdaging, als late toetreder én doordat de naam minder bekend is dan TP-Link en Google. Die uitdaging gaat het aan met twee opvallende mogelijkheden. Ten eerste kent elk accesspoint een usb-poort om extra opslag binnen je netwerk toe te voegen. Ten tweede biedt EnGenius optionele accesspoints met ingebouwde beveiligingscamera’s.

De uitvoering van het geheel laat helaas wel wat te wensen over. Zo zijn de usb-prestaties traag, is het meshpunt met camera met dik 400 euro stevig geprijsd en veel belangrijker: kunnen de prestaties als mesh-systeem niet tippen aan die van TP-Link, Google of Ubiquiti. De onderlinge verbindingen zijn simpelweg een stuk minder krachtig, wat in de praktijk af en toe tot signaalverlies leidt. Specifieke niche-features hadden overtuiging kunnen bieden, maar het klasseverschil als mesh-oplossing is simpelweg te groot. Althans in de huidige staat … de EnMesh-set is nog maar net verschenen en laten we niet vergeten dat ook de Deco’s en Orbi’s een pittige peuterfase hebben moeten doorlopen.

©PXimport

EnGenius EnMesh

Prijs
€ 299,- (voor 3 nodes)
Websitewww.engeniustech.com5Score50

  • Pluspunten

  • Uit te breiden met camera’s

  • Usb-opslag

  • Minpunten

  • Bereik en snelheid ondermaats

Ubiquiti AmpliFi HD

AmpliFi HD laat een goede eerste indruk achter, met een tot in de puntjes verzorgde verpakking, productpresentatie en app. De router met informatie-display met touchmogelijkheden is uitstekend bedacht en ook de stopcontact-accesspoints zijn fraai. Het zit uitstekend in elkaar en cruciaal: het werkt ook erg soepel. In tegenstelling tot sommige andere systemen laat Ubiquiti zien dat gebruiksgemak en overzicht in de applicatie niet ten koste hoeven te gaan van informatie en functionaliteit. Dit komt het optimaliseren van de locaties van de accesspoints ten goede.

Hoewel de prestaties binnen bereik van de hoofdmodule uitstekend zijn, lukte het in onze opstelling niet om echt denderende prestaties neer te zetten op de andere verdiepingen. Het werkt, maar de absolute getallen bleven achter, waarbij opvalt dat we (te) frequent op de 2,4GHz-band worden overgezet. Het nadeel van de stopcontact-accesspoints is dat je de flexibiliteit om goed te optimaliseren verliest, want in elk geval in dit scenario consequenties leek te hebben. Ons vermoeden dat dit niet overal zo zal zijn, kunnen we niet met feiten onderbouwen.

Het is cruciaal te vermelden dat de AmpliFi HD geen dedicated backhaul heeft, maar wel AC1750-systeem (zie kader ‘Snelheidsklassen’) is. Maak je gebruik van een recente MacBook Pro of high-end-netwerkkaart, dan zul je op de hoofdmodule een hogere snelheid moeten kunnen bereiken dan met de AC1200-1300-alternatieven. Voor de score maakt het helaas weinig uit, want zelfs met het testen van meerdere locaties voor de accesspoints lukte het niet om de backhaul meer te laten overtuigen. Hierdoor maakt het op de andere verdiepingen niet uit of je een 2x2- of 3x3-antenne in de client gebruikt.

©PXimport

Ubiquiti AmpliFi HD

Prijs
€ 339,- (voor 3 nodes)
Websitewww.amplifi.com6Score60

  • Pluspunten

  • Zeer gebruiksvriendelijk

  • Zeer goede router

  • Uitgebreide app

  • Minpunten

  • Mesh-bereik en -capaciteit blijven achter

Netgear Orbi RBK50, RBK40, RBK30

Netgear was met de Orbi RBK50 één van de eerste fabrikanten die z’n mesh-systeem naar Nederland bracht. Op dat moment kostte een set van twee nodes bijna 450 euro, maar dankzij een dedicated backhaul van veer keer 5 GHz (AC3000) bleek de Orbi bijzonder indrukwekkend. In onze initiële test behaalden we met enkel de twee nodes praktisch volledige dekking over de 1200 vierkante meter van ons pand.

Een jaar en de nodige concurrenten verder is die positie niet veranderd. En Netgear heeft ook niet stil gezeten en het nodige toegevoegd, zoals true mesh waardoor ook de satellieten onderling verbinding kunnen maken. Ook op firmwareniveau weet Netgear te overtuigen. Als geen ander kunnen de Orbi’s overweg met een groot aantal clients die gelijktijdig de verschillende accesspoints belasten. Wel vinden we het ontbreken van een bedrade backhaul jammer, maar we realiseren ons ook dat dat voor lang niet iedereen een gemis is. Het voornaamste waar je als eindgebruiker rekening mee dient te houden, zijn de forse afmetingen van de Orbi RBK50’s: met 23 bij 16 bij 8 cm zijn het forse torens.

Om de verbinding met de koper met een kleiner budget niet te verliezen, bracht Netgear later de RBK40 en RBK30 uit. Dit zijn beide AC2200-klasse-sets, dus met een wat afgezwakte backhaul. Beide kennen vergelijkbare – marginaal kleinere – torentje als de RBK50 als basis. Waar de RBK40 een tweede toren heeft, komt de RBK30 met een accesspoint voor het stopcontact. Net als bij de RBK50 kloppen de ervaring en de prestaties: de doorvoersnelheden zijn goed, met een licht voordeel voor de losse module van de RBK40.

Met de recente prijsverlaging van de krachtigere Orbi RBK50 van circa 450 naar 349 euro, zit Netgear eigenlijk vooral zichzelf in de weg. Een nog iets goedkopere Orbi klinkt aantrekkelijk, maar het voornaamste advies dat wij uit onze testdata kunnen vergaren is dat wanneer je voor hoge snelheden, een stevige capaciteit en een goede gebruikservaring wilt gaan de Netgear Orbi RBK50 sowieso zijn geld waard is. Mocht blijken dat de twee nodes van de RBK50 net niet voldoende zijn, dan kun je deze behalve met de RBS50 ook prima uitbreiden met een (per stuk veel goedkopere) RBS40 of RBW30. En hoewel de RBK30 de strijd met de Deco M5 op gebied van prijs aangaat en per node een betere prestatie biedt, lever je wel de nodige flexibiliteit in doordat het een stopcontactmodel betreft.

©PXimport

Netgear Orbi Pro: Zakelijke mesh

In de tabel is ook de Orbi Pro opgenomen, die dankzij praktisch dezelfde hardware ook praktisch dezelfde (uitstekende) resultaten neerzet als de RBK50. De Orbi Pro heeft echter wat extra’s die vooral voor zakelijk gebruik interessant zijn. Zo voegt de Pro naast het standaard- en gast-wifi-netwerk een derde beheerder-ssid toe, komt het met een marginaal andere constructie welke muur- en plafondinstallatie mogelijk maakt. Het focust op het behouden van eenvoud van installatie (terwijl zakelijke oplossingen vaak toch externe experts vereisen). De meerprijs van 180 euro is fors gezien het gebodene, en een eventuele derde Orbi Pro is wederom duurder. Maar heb je als kleine onderneming je ogen op een mesh-systeem, dan is Orbi Pro wel het overwegen waard.

©PXimport

Orbi RBK50

Prijs
€ 359,- (voor 2 nodes)
Websitewww.netgear.nl10Score100

  • Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Uitstekende prestaties

  • Uitstekend bereik

  • Minpunten

  • Extra nodes duur

  • Geen bedrade backhaul-optie

  • Fysiek erg groot

Orbi RBK40

Prijs
€ 299,- (voor 2 nodes)
Websitewww.netgear.nl8Score80

  • Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Goede prestaties

  • Goed bereik

  • Minpunten

  • Extra nodes duur

  • Geen bedrade backhaul-optie

Orbi RBK30

Prijs
€ 259,- (voor 2 nodes)
Websitewww.netgear.nl8Score80

  • Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Goede prestaties

  • Goed bereik

  • Minpunten

  • Extra nodes duur

  • Geen bedrade backhaul-optie

Orbi Pro SRK60

Prijs
€ 529,- (voor 2 nodes)
Websitewww.netgear.nl9Score90

  • Pluspunten

  • Gebruiksvriendelijk

  • Uitstekende prestaties en bereik

  • Enkele handige zakelijke features

  • Minpunten

  • Forse meerprijs t.o.v. Orbi RBK50

  • Extra nodes duur

ASUS Lyra

ASUS mag dan wel een heel breed productportfolio hebben, aan echte focus op gebied van wifi-producten is geen gebrek. Waar de recente routers van ASUS een steeds agressievere, gamer-stijl achtige uitstralingen aannemen, zijn de Lyra’s juist opvallend bescheiden. De aanwezige rgb-verlichting is echt puur functioneel. Net als de Orbi RBK30, RBK40 en de Linksys Velop, kiest ASUS voor een model met een dedicated backhaul.

De app maakt een wat rommelige indruk en installatie verliep niet zonder dat elk accesspoint minstens één keer opnieuw moest worden aangezet. Een minpuntje voor de wat minder technisch onderlegde doelgroep. Positief is echter dat de Lyra als router het gros van de opties biedt die je van een stevige ASUS-router verwacht. Je zult daarvoor in de webinterface willen duiken, maar als poweruser zijn de flink uitgebreide mogelijkheden waaronder vpn en veiligheidsopties de moeite waard. De accesspoint-modus is nog in bèta en momenteel niet zonder kanttekeningen, maar met de uitgebreide routerfunctionaliteit mis je deze ook minder.

De ASUS Lyra bevindt zich als AC2200-set wel in een pittige situatie. Hij presteert aardig maar niet denderend. De Netgear RBK50 doet met twee nodes niet onder voor deze Lyra, ook niet op de bovenste verdieping. De gebruikerservaring van de ASUS Lyra mag ook nog wel wat verbeterd worden. Je zult dus echt prijs moeten stellen op de uitgebreide routermogelijkheden of graag drie nodes gebruiken (om twee kanten op te kunnen versterken) om de keuze op de Lyra te laten vallen.

©PXimport

ASUS Lyra

Prijs
€ 349,- (voor 3 nodes)
Websitewww.asus.nl7Score70

  • Pluspunten

  • Uitgebreide mogelijkheden router

  • Zeer redelijke prestaties

  • Minpunten

  • Installatie en app-ervaring nog niet optimaal

  • Sterke concurrentie op dit prijspunt

Linksys Velop

Linksys gooit het AC2200-concept met de Velop over een compleet andere boeg. Inmiddels heeft Linksys een webinterface toegevoegd (voorheen was het app-only) en wat meer routerfunctionaliteit beschikbaar gemaakt, maar de focus blijft liggen op een echte hands-off-ervaring. Net als bij de ASUS Lyra is het echter wel een beetje zoeken naar de toegevoegde waarde van dit systeem. De fysieke staanders spreken meer aan dan de giga-torens van de Orbi en de appervaring is ook meer dan prima in orde. Maar voor 429 euro voor drie accesspoints verwacht je wellicht stevigere argumenten dan dat. En wanneer de prestaties niet opboksen tegen Netgears RBK50 met twee nodes, is dat een pittige kluif.

Het feit dat de Velop een AC2200-model is met bedrade backhaul-ondersteuning, lijkt dan het voornaamste argument om er toch naar te kijken. Lyra en Orbi missen die optie en in een deels bedrade woning met één van de extra punten bedraad en de ander draadloos, is de Velop best aantrekkelijk. Wel zul je dan de tergend trage installatie voor lief moeten nemen en dien je rekening te houden met het feit dat het iets meer tijd en moeite vergt om de Velops goed af te stemmen om ze optimaal te laten presteren. Ze zijn namelijk wel gevoeliger dan den concurrentie als het op de positie van elk accesspoint aankomt.

©PXimport

Linksys Velop

Prijs
€ 429,- (voor 3 nodes)
Websitewww.linksys.com7Score70

  • Pluspunten

  • Prima snelheden

  • Optionele bedrade backhaul

  • Fysiek netjes

  • Minpunten

  • Prijs

  • Nodes toevoegen en optimaliseren tergend traag

Conclusie

We herhalen ons zekerheidshalve, maar er gaat niets boven volledige bekabeling in huis of kantoor, óók niet de winnaar van deze test. Daarbij moeten we ook een kanttekening plaatsen voor de testbreedte, we hebben intensief getest en binnen de omgeving elke router de kans gegeven optimaal te presteren. Maar de snelheden kunnen op een andere locatie anders uitpakken. Vergelijkingen met andere (inclusief eerdere) testopstellingen kunnen dan ook niet worden gemaakt.

Wanneer kabels trekken echt niet tot de mogelijkheden behoort, zien we één model op praktisch elk front het meest overtuigen. Je overweegt mesh uiteindelijk om van allerlei wifi-perikelen af te zijn, en dan zien we dat Netgear met de Orbi RBK50 zowel de prestaties als het geven van gemoedsrust het best in balans heeft. De AC3000-klasse RBK50-set is niet goedkoop, maar toont zich het meest capabel om te zorgen dat je overal in huis een goede draadloze verbinding hebt, zonder dat je als gebruiker veel meer hoeft te doen dan je portemonnee treken.

We hebben wel goede hoop voor de AC2200-categorie gekregen, maar aangezien ASUS en Linksys beide nog wat minpuntjes weg te poetsen hebben, missen we daar vooralsnog de echte aanrader … zeker met het huidige prijspunt van de Orbi RBK50 (die ook Netgears eigen RBK40 en RBK30 eigenlijk te veel onder druk zet). Wel verdienen de ASUS en Linksys de aandacht wanneer je het signaal meerdere kanten op wilt versterken, drie nodes komen dan goed van pas en extra nodes voor Orbi zijn prijzig.

Geef je vooral om een goed bereik over een groot oppervlak, maar heb je geen extreme doorvoercapaciteit voor bijvoorbeeld meerdere gelijktijdige (en zeer actieve) gebruikers nodig? Dan geven we nog een eervolle vermelding en Redactietip aan de TP-Link Deco M5. Deze heeft als goedkoopste in de test zowel de prestaties als de gebruikerservaring voor die doelgroep goed op orde. De Netgear Orbi RBK30 houdt hem scherp, maar met drie TP-Link Deco-units heb je meer speelruimte. En zoals Linksys en ASUS ongetwijfeld hun best zullen doen om Netgear het vuur aan de schenen te leggen met aankomende updates, zullen Google, Ubiquiti en EnGenius een beter antwoord moeten bedenken om de Deco te kunnen overtreffen.

Een uitgebreid overzicht van de testresultaten vind je in de onderstaande tabel (.pdf).

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wordt Netflix na Warner Bros.-overname te duur? 'Zeg dan maar op'
© ink drop - stock.adobe.com
Huis

Wordt Netflix na Warner Bros.-overname te duur? 'Zeg dan maar op'

Wat Netflix betreft hebben consumenten die Netflix na de overname van Warner Bros. (en dus HBO Max) te duur vinden worden een simpele oplossing: hun abonnement opzeggen.

Netflix en Warner Bros. hebben vorig jaar een overeenkomst gesloten waarbij eerstgenoemde streamingbedrijf het filmproductiebedrijf overneemt. Als dit allemaal doorgaat, zal Netflix dus niet alleen de films van Warner Bros. in handen krijgen, maar ook concurrerende streamingdienst HBO Max, dat van Warner Bros. is.

Onder sommige abonnees bestaat dan ook de angst dat een Netflix-abonnement veel duurder gaat worden, bijvoorbeeld wanneer er Warner Bros.-films die nog maar net uit zijn in de bioscoop op zullen verschijnen, of als HBO Max eventueel met Netflix wordt samengevoegd.

Die angst bestaat ook bij Amerikaanse waakhonden die controleren of de overname wel door kan gaan, en in een verhoor van de senaat onlangs werd een van Netflix' ceo's, Ted Sarandos, daarover aan de tand gevoeld.

Eén klik

Aldus Sarandos: "Netflix en Warner Bros. hebben beiden streamingdiensten, maar ze complementeren elkaar enorm. Sterker nog: 80% van alle HBO Max-leden hebben ook een abonnement op Netflix. We zullen consumenten meer content voor minder geld geven."

Daarna werd gevraagd of Netflix hun abonnementen "betaalbaar" zou houden na de overname. Daarop had Sanandos een duidelijk antwoord: "Je kunt ons abonnement met één klik opzeggen. Als de consument het teveel geld vindt voor wat ze krijgen, kunnen ze hun abonnement met één klik opzeggen."

Klare taal dus, al wordt hieruit niet duidelijk of prijzen na de overname daadwerkelijk zullen stijgen. Het is ook mogelijk dat Netflix beide streamingdiensten gescheiden houdt, of dat het een allesomvattend abonnement voor beide streamingdiensten aan gaat bieden. Op moment van schrijven is dit niet bekend.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Koopgids drones: wat is dé perfecte minihelikopter?
© Li Zhongfei
Huis

Koopgids drones: wat is dé perfecte minihelikopter?

Drones zijn al lang niet meer alleen speelgoed voor techneuten. Voor een paar tientjes heb je een budgetmodel waarmee je verrassend leuke luchtfoto's en video's maakt. Ga je vaker met een cameradrone op pad, dan loont het om te kijken naar een beter model van een paar honderd tot zelfs duizenden euro's. Het aanbod is groot, dus het helpt om te weten waar je op moet letten. In dit artikel lees je welke eigenschappen belangrijk zijn als je een nieuwe drone koopt.

Soorten drones

Een drone is een onbemand luchtvaartuig dat je op afstand kunt besturen. De dronepiloot gebruikt hiervoor een smartphone, tablet of speciale controller. Laat de minihelikopter daarmee opstijgen, landen en draaien. Bovendien pas je naar eigen wens de hoogte aan.

Hoewel drones oorspronkelijk voor militaire doeleinden werden ontwikkeld, zijn ze tegenwoordig ook voor consumenten volop beschikbaar. Meestal hebben deze luchtvaartuigen vier propellers en evenveel motoren. Om die reden worden ze ook wel quadcopters genoemd. Door de draaisnelheid van de afzonderlijke propellers te wijzigen, kunnen ze alle kanten op vliegen.

Voor consumenten onderscheiden we twee soorten drones. Wie het voornamelijk leuk vindt om loopings, flips en andere stunts te maken, kan een exemplaar zonder camera overwegen. Dit zijn in feite speelgoeddrones. Goede cameradrones zijn een stuk duurder. Hierbij is de lens naar voren of beneden gericht, zodat je tijdens de vlucht adembenemende luchtbeelden kunt schieten. Denk bijvoorbeeld aan wilde dieren in een natuurgebied of een mooie zonsondergang op het strand. In dit artikel lees je meer over verschillende functies van cameradrones.

©DJI

De camera aan de voorzijde van deze DJI Mini 3 is duidelijk te zien.

Gewicht

Het gewicht van een drone is een belangrijk aspect om rekening mee te houden. Voor luchtvaartuigen onder de 250 gram heb je namelijk geen vliegbewijs nodig. Om die reden fabriceren bekende merken als DJI, Potensic en Hoverair modellen die net onder deze grens zitten. Dit betreft meestal minidrones. Houd wegens de lichte accu wel rekening met een relatief korte vliegtijd.

Heb je een zwaardere drone op het oog, dan is er nog geen man overboord. Een vliegbewijs kost, afhankelijk van de gekozen aanbieder, tussen de veertig en honderd euro. Zodra je de online kennistest succesvol hebt afgerond, vraag je het bewijs aan bij de RDW. Dat is geldig in alle lidstaten van de Europese Unie plus Noorwegen, Zwitserland en IJsland.

Overigens mag je met het basiscertificaat (A1 en A3) alleen in onbewoonde gebieden op ruime afstand van mensen vliegen. Het maximaal toegestane gewicht van het luchtvaartuig bedraagt bovendien 900 gram. Voor vluchten in stedelijke gebieden in de buurt van mensen en/of het gebruik van een zwaardere drone tot vier kilo is het zogeheten A2-vaardigheidsbewijs verplicht. Wil je een door de overheid goedgekeurde online cursus volgen? Check dan vooraf goed hoeveel examenpogingen er zijn inbegrepen.

©DJI

De DJI Mavic 4 Pro weegt ruim een kilo, waardoor je een uitgebreid vliegbewijs nodig hebt.
Exploitantnummer aanvragen

Heb je een cameradrone gekocht? Waarschijnlijk dien je dan een zogenoemd exploitantnummer aan te vragen. Dit geldt zowel voor lichtgewicht als zware luchtvaartuigen. Dit nummer 'plak' je op een zichtbare plek van de behuizing. Verder programmeer je het exploitantnummer indien mogelijk in de (software van) de drone. Zo is de eigenaar altijd te traceren. Je regelt de aanvraag op de website van de RDW. Het kost 23 euro.

Voor speelgoedmodellen tot 250 gram is zo'n exploitantnummer niet verplicht. Dit zijn (camera)drones die voor kinderen tot veertien jaar zijn ontwikkeld. Een voorwaarde is dat de leeftijdsindicatie duidelijk op de verpakking of in de handleiding staat vermeld.

De productdoos van deze SefSay-drone vermeldt een leeftijd van 14+, waardoor de eigenaar een exploitantnummer dient aan te vragen.

Videokwaliteit

Let bij de aanschaf van een nieuwe drone op de maximale videoresolutie. Vanuit de lucht wil je tenslotte fraaie beelden maken. De betere drones hebben een beeldsensor van een gerenommeerd merk. Met name Sony en Hasselblad ontwikkelen kwalitatieve dronecamera's. Sommige dure producten hebben zelfs twee of meer camera's, bijvoorbeeld een groothoek- en telelens.

Bekijk ook de maximale videoresolutie. Hoe hoger deze waarde, hoe scherper het beeld. Diverse betaalbare modellen ondersteunen resoluties tot 1920 × 1080 of 2560 × 1440 pixels. De beeldkwaliteit is weliswaar goed, maar besef wel dat de meeste televisies meer pixels kunnen weergeven. Om die reden ligt een dronecamera met een videoresolutie tot 3840 × 2160 pixels voor de hand. Je kijkt dan op een 4K-televisie naar een scherp beeld. Voor bezitters van een 8K-tv ontwikkelt Hoverair relatief betaalbare drones met een resolutie tot 7680 × 4320 pixels.

Bij dronecamera's met een respectabele videoresolutie van 3840 × 2160 pixels of hoger blijft de beeldkwaliteit ook na digitaal inzoomen nog acceptabel. Bij deze techniek maak je in feite een uitsnede van het originele beeld. Er is hierbij dus sprake van pixelverlies. Wil je regelmatig digitaal inzoomen, kies dan bij voorkeur een drone met een hoge videoresolutie.

©DJI

De nogal prijzige DJI Matrice 4T telt maar liefst vier camera's.

Framesnelheid

Een goede drone ondersteunt een behoorlijke framesnelheid van bijvoorbeeld dertig of zestig beelden per seconde. Een hoge waarde is gunstig, want je kijkt daarmee naar een vloeiend beeld zonder schokjes. Zeker bij rappe actiebeelden is de framesnelheid een belangrijke eigenschap. Daarnaast zorgt een hoge waarde ervoor dat je opvallende beelden kunt vertragen. Denk bijvoorbeeld aan een sprong van een kitesurfer of passerende vogel. Een vloeiende weergave van slowmotionvideo's vereist een minimale framesnelheid van zestig beelden per seconde.

©DJI

Let met name bij het maken van actievideo's op de maximale framesnelheid.

Fotokwaliteit

Voor (hobby)fotografen zijn drones interessante apparaten. Niet voor niets hebben de meeste cameraspeciaalzaken tegenwoordig een breed assortiment. Zo'n minihelikopter komt op plekken waar je zelf niet kunt komen. Er is een aantal specificaties waar je op kunt letten. De betere producten bevatten een ruime, lichtgevoelige sensor. Deze dronecamera's hebben minder licht nodig om heldere beelden te schieten. Op foto's van relatief goedkope camera's zie je namelijk doorgaans veel ruis.

In de specificaties van het beoogde product staat verder de maximale cameraresolutie. Fabrikanten drukken deze waarde uit in het aantal megapixel. Als je eens een luchtafbeelding op groot formaat wilt laten afdrukken, is een fotoresolutie van minimaal 12 megapixel geen overbodige luxe. Daarnaast zijn er ook volop drones met nog hogere fotoresoluties verkrijgbaar, bijvoorbeeld 20, 48 of zelfs 100(!) megapixel.

Veel drones slaan foto's optioneel als raw-bestanden op. Een voordeel, want dit formaat kun je met geschikte software naar hartenlust nabewerken. Tot slot pas je op een geschikte drone verschillende camera-opties naar eigen wens aan, zoals de sluitertijd, witbalans en iso-waarde.

Lees ook: Voordelig foto's bewerken: deze tools zijn beter en betaalbaar

©DJI

Als je vaak naar mooie bestemmingen reist, biedt een drone met een hoogwaardige camera veel meerwaarde.

Bediening

Bedenk vooraf goed hoe je de drone wilt bedienen. Hiervoor bestaan grofweg twee mogelijkheden, namelijk met een speciale controller of app op een smartphone. Een controller lijkt erg op het bedieningsapparaat van een spelcomputer, zoals een PlayStation of Xbox. Er zijn veelal twee beweegbare joysticks voorhanden. Pas daarmee de richting aan en beweeg voor- of achteruit. Sommige controllers hebben een scherm of geïntegreerde smartphonehouder. De dronepiloot kijkt dan tijdens de vlucht live mee. Waarschijnlijk heeft de controller ook allerlei andere knopjes. Maak bijvoorbeeld een foto, draai 360 graden rond of laat de drone naar de beginpositie terugkeren.

Bij sommige drones zit geen controller. Je bedient de minihelikopter in dat geval vanuit een app. Een voordeel is dat je op de smartphone kunt zien waar je vliegt. Dat werkt via een live-videoverbinding. Zie onder andere hoe snel en hoe hoog de drone vliegt. Daarnaast check je het actuele batterijniveau. Valt het bereik onverhoopt weg? De meeste drones keren dan automatisch terug naar de startpositie.

Jouw drone ondersteunt wellicht ook automatische vliegfuncties. Een nuttige optie is bijvoorbeeld wanneer het luchtvaartuig een geselecteerd object op eigen houtje kan volgen. Tot slot kunnen uitgebreide drones op basis van vooraf ingestelde routepunten zelfstandig een traject vliegen.

©DJI

Een controller met geïntegreerd scherm biedt het meeste bedieningsgemak.
View post on TikTok

Vliegtijd

Film je in een natuur- of recreatiegebied, dan laad je een lege accu natuurlijk niet zomaar even op. Om die reden verkopen fabrikanten zogeheten fly more-bundels van hun drones. In plaats van één accu neem je dan twee of drie oplaadbare batterijen mee.

Bekijk verder de maximale vliegtijd op een enkele batterijlading. De meeste dronemerken vermelden dat in de specificaties, maar neem de aangegeven vliegtijd met een korreltje zout. De daadwerkelijke vluchtduur is namelijk van talloze factoren afhankelijk, zoals de wind, snelheid en vliegmanoeuvres.

De meeste minidrones (lichter dan 250 gram) ondersteunen in de praktijk een vliegtijd van zo'n vijftien tot hooguit dertig minuten. Dat is in de meeste gevallen lang genoeg om mooie opnames te maken! Wanneer je een grotere drone met een zwaardere accu koopt, kun je mogelijk iets langer vliegen.

©DJI

Volgens DJI kan de Mini 5 Pro op een enkele acculading maximaal 36 minuten vliegen.

Opslag

Uiteraard wil je mooie luchtvideo's en -foto's opslaan. Zeker bij haarscherpe 4K-opnames en raw-kiekjes heb je flink wat opslagcapaciteit nodig. Duizend raw-bestanden nemen gemiddeld ongeveer 25 GB ruimte in beslag. Een uur videomateriaal in 4K-kwaliteit eist al gauw zo'n 50 GB opslagcapaciteit op.

Veel drones bevatten een interne opslagdrager. Dat is natuurlijk handig, maar meestal beperkt de opslagcapaciteit zich tot 8, 16, 32 of hooguit 64 GB. Gelukkig hebben veel modellen een microSD- of SD-kaartslot, zodat je bijvoorbeeld 128, 256 of 512 GB videomateriaal kunt opslaan. Controleer in de specificaties wel even hoeveel gigabyte het aanwezige kaartslot maximaal ondersteunt. Overigens kun je bij moderne drones de opgeslagen beelden vaak rechtstreeks naar een smartphone, tablet of laptop overzetten. Dat werkt via wifi of bluetooth.

©DJI

Verbind je smartphone met de drone en download vervolgens de gewenste beelden.

Veel opslagruimte nodig?

1 TB microSD-kaarten
GoDrone-app

Heb je een mooie dronelocatie op het oog? Check dan met GoDrone of je op deze plek mag vliegen. Deze app van Luchtverkeersleiding Nederland is voor iOS en Android beschikbaar. Het werkt simpel. In rood gemarkeerde gebieden ben je als dronepiloot niet welkom. Met name om luchthavens zie je op de landkaart grote rode cirkels. Daarnaast zie je kleine cirkels boven onder andere industriegebieden, havens, militaire zones en koninklijke paleizen.

Logischerwijs mag je in een ruim gebied rondom Schiphol geen drone laten opstijgen.

Veiligheidsfuncties

Hoe duurder de drone, hoe veiliger je over het algemeen kunt vliegen. Met name obstakeldetectie is ontzettend nuttig, want je verkleint daarmee de kans op een botsing met pakweg een boom, lantaarnpaal of gebouw. De behuizing telt hierbij meerdere sensors die mogelijke obstakels kunnen waarnemen. De drone remt automatisch of past zijn vliegroute zelfstandig aan.

Er zijn ook onbemande luchtvaartuigen met een gps-chip. Gaat er onverhoopt iets mis, dan kun je de locatie van het apparaat achterhalen. Nuttig voor het geval de drone bijvoorbeeld vastzit in een boom. Verder ondersteunen bepaalde modellen met gps geofencing. Hierbij vermijdt de drone op eigen houtje verboden gebieden. Je kunt meestal ook nog zelf virtuele grenzen instellen.

Nagenoeg alle cameradrones hebben een 'return to home'-functie. Is de batterij bijna leeg of valt het signaal van de controller of smartphone plotseling weg? De drone gaat in dat geval vanzelf terug naar de beginpositie. Hoewel je normaal gesproken niet in het donker mag vliegen, hebben sommige modellen ook nog verlichting. Je kunt de drone dan op grote afstand beter waarnemen.

©DJI

Bij de DJI Mini 4 Pro is de kans op een crash minimaal, want de behuizing bevat rondom meerdere sensors.

Kooptips

Wil je een nieuwe cameradrone kopen? We zetten drie populaire producten uit verschillende prijsklassen op een rij.

DJI Mini 4K

Zoek je een goede, betaalbare drone waarvoor je geen vliegbewijs nodig hebt? De DJI Mini 4K is in dat geval een uitstekende kandidaat, want de behuizing weegt exact 249 gram. De camera is op een zogeheten gimbal gemonteerd. Dankzij dit stabilisatiesysteem maakt deze drone vloeiende opnamen zonder schokken. Zelfs bij harde wind! Wegens een behoorlijke videoresolutie van 3840 × 2160 pixels ogen de beelden zeer scherp. De maximale fotoresolutie bedraagt 12 megapixel. Geen zin om zelf te sturen? Activeer dan een van de vier automatische vliegbewegingen. Voor het bekijken van luchtbeelden installeer je een app op een smartphone. Bij de hier besproken basisuitvoering zit een accu met een opgegeven vluchttijd van hoogstens 31 minuten. Daarnaast is er een controller zonder scherm bijgesloten. Tegen een meerprijs is er onder de naam Mini 4K Fly More Combo een pakket met twee extra accu's te koop.

Potensic Atom 2 Fly More Combo

De Potensic Atom 2 Fly More Combo bestuur je met de meegeleverde controller. Dit bedieningsapparaat heeft een geïntegreerde houder voor jouw smartphone, zodat je tijdens de vlucht live kunt meekijken. De video-overdracht werkt op een afstand tot hoogstens tien kilometer. Onder leiding van de aanwezige Sony-sensor legt deze drone video's vast op een maximale resolutie van 3840 × 2160 pixels. In combinatie met een framesnelheid van dertig beelden per seconde ervaar je een scherp en vloeiend beeld. Je kunt zo nodig tot 4× digitaal inzoomen. Opvallend is verder de maximale fotoresolutie van maar liefst 48 megapixel. Het is de Chinese fabrikant gelukt om net onder de grens van 250 gram te blijven. Kortom, je hoeft voor dit model geen vliegbewijs te halen. Deze Fly More Combo-set bevat onder meer drie accu's, een snellader, extra propellers en een opbergtas.

Hoverair X1 Pro

De Hoverair X1 Pro is een opvouwbare cameradrone die je makkelijk overal mee naartoe neemt. Naast de bescheiden omvang weegt de behuizing nog geen tweehonderd gram. Het halen van een vliegbewijs is dus niet nodig. Het betreft een zogeheten selfiedrone. Dit apparaatje volgt je namelijk automatisch tijdens een wandeling, kanotocht of mountainbikeroute. Kies tussen vijftien verschillende vliegmodi, zoals vogelperspectief of zijspoor. Met een resolutie van 3840 × 2160 pixels en een framesnelheid van zestig beelden per seconde leggen gebruikers hun avonturen haarfijn vast. Dankzij obstakeldetectie zijn zelfs bosrijke gebieden en nauwe steegjes geen enkel probleem. Een pluspunt is de nogal brede kijkhoek van 107 graden. Hierdoor vang je een groot gebied in beeld. Houd daarentegen wel rekening met een relatief korte vliegtijd van zo'n zestien minuten op een volle acculading. Er zit trouwens geen controller in de verpakking, want je bedient de selfiedrone met een smartphone-app.

View post on TikTok