ID.nl logo
Dit moet je weten over mesh wifi
© Reshift Digital
Huis

Dit moet je weten over mesh wifi

Je wifi thuis moet beter, maar hoe? Vroeger kocht je een betere router, een repeater, of ging je met powerline aan de slag. Vandaag de dag zijn vooral mesh wifi-systemen een opmars aan het maken. Niet vreemd, want het zijn capabele, veelal stabiele wifi oplossingen waarbij je de grootste uitdaging niet aan hoeft te gaan: kabels trekken. Vervolgens krijg je een groter bereik, hogere snelheden en kan je ook door je huis roamen zonder onderbrekingen. In dit artikel helpen we jou tot de beste mesh oplossing voor jouw huis te komen.

Tip 01: Bereik

De eerste vraag die je dient te beantwoorden is veelal de meest eenvoudige: hoe is het huidige bereik van jouw wifi in huis? Aan de hand daarvan moet je besluiten of je een mesh wifi systeemkoopt met twee, drie, of zelfs meer nodes, soms ook satellieten of access points genoemd.

Een enkele instap mesh node is normaliter minimaal even krachtig als de modem die je van je provider krijgt, een high-end mesh node krachtiger. Is je huidige bereik redelijk, maar heb je bijvoorbeeld net moeite om de zolder, kelder of ander hoekje in huis te bereiken? Dan ben je meestal prima af met een betaalbare mesh systeem bestaande uit twee nodes, verderop bespreken we daar een voorbeeld van. Eén node komt op de plek waar je router staat, de ander stel je op in de richting van waar de problemen zijn en die functioneert vervolgens als bereik-uitbreider.

Zijn de problemen met je netwerk groter, dan wil je meer uitgeven voor meer en sterkere nodes. Een mesh systeem met drie nodes is de uitkomst als je vanaf de plek waar je router nu staat in twee richtingen wilt versterken, zo kan de derde node gebruikt worden om bijvoorbeeld het bereik achterin de tuin te verbeteren (let wel op: waterdicht zijn de meeste niet!)

Krachtigere nodes hebben meerdere voordelen, maar een groter bereik is daar wel één van. Merk je dat het bereik wordt beperkt door een zware steunmuur of dik plafond, dan doe je er verstandig aan om niet alleen een extra node te pakken, maar ook een wat krachtigere uitvoering. Ook hier bespreken we verderop voorbeelden van.

Tip 02: Capaciteit

Mesh-systemen kan je ruwweg in twee categorieën opdelen. Dual-band en tri-band oplossingen. Tri-band mesh-systemen kenmerken zich door een extra draadloos netwerk ingebouwd te hebben die enkel de taak heeft om de onderlinge communicatie tussen de nodes af te handelen, dit heet een ‘dedicated backhaul’ en geeft fundamenteel veel betere prestaties.

Dual-band oplossingen, te herkennen aan AC1200, AC1300 en AC1750 labels, dienen vooral om het bereik van je netwerk te vergroten maar kennen door de afwezigheid van deze backhaul een beperkte capaciteit. Ga je met meerdere intensieve internetgebruikers op de verschillende nodes werken dan vraag je om problemen. Dual-band-systemen zijn daarom vooral geschikt als een betaalbare oplossing voor huishoudens die wel willen profiteren van beter bereik, maar met slechts een beperkt aantal draadloze apparaten tegelijk werkt.

Wil je met het hele gezin op verschillende plekken in huis werken, dan kijk je naar minimaal een AC2200 klasse Tri-band systeem. Met de hogere capaciteit is het prima mogelijk dat één gebruiker wat download, de ander Netflix in 4K aan het streamen is, en dat de Fortnite gamer op Zolder niet hoeft te klagen over een haperende verbinding.

Tip 03: Toch een draadje?

Het idee achter mesh-systemen is dat je geen (netwerk)kabels hoeft te trekken in huis, en dat is ook zeker geen vereiste. Ze hebben wel stroom nodig, maar dat is het enige wat daadwerkelijk vereist is. Maar mocht je toevallig een deel van je huis wel reeds bekabeld hebben dan kunnen sommige mesh-systemen daar wel degelijk van profiteren.

Door een mesh systeem met een bedrade backhaul te kiezen (op de productpagina vaak herkenbaar als wired backhaul, of wired dedicated backhaul optie) kan de aanwezige bekabeling het draadloze mesh netwerk voor een groot deel ontlasten. Met een set met bedrade backhaul kan de onderlinge communicatie tussen de nodes volledig bedraad lopen, of de belasting verdeeld worden tussen de draad en de draadloze capaciteit. Dat levert in de praktisch een enorme winst op.

Het is prima mogelijk om een deel van je nodes te bekabelen, en een ander deel draadloos in te zetten. Omdat mesh-systemen een stuk slimmer en flexibeler zijn dan traditionele routers pakken ze zelf de weg van de minste weerstand. Zo kan je één van je nodes bijvoorbeeld ergens bedraad plaatsen voor een grote capaciteit op een druk stukje van je huis, en één node als draadloze brug naar een kamertje waar de wifi momenteel helemaal niet reikt.

©PXimport

Draden trekken is niet nodig, maar reeds aanwezige bekabeling kan wel worden gebruikt

-

Tip 04: Gebruiks gemak versus extra features

Mesh-systemen zijn inherent ontworpen voor consumenten. Gewoon goed wifi is tenslotte een wens van iedereen, of vandaag de dag praktisch een basisbehoefte. Installatie- en gebruiksgemak is dan ook een primaire focus bij praktisch elke fabrikant van mesh-systemen. Waar je vroeger met een nieuwe router zelf met IP adressen en instellingen moest knutselen bieden de meeste mesh oplossingen een dermate eenvoudige installatie dat zelfs een complete tech-leek het kan doen.

Bijna alle mesh-systemen zijn simpelweg met een App te installeren zonder dat er een computer aan te pas komt. Je telefoon maakt dan via Bluetooth verbinding met je router. Je beantwoord vervolgens wat eenvoudige vragen zoals hoe je wifi netwerk moet heten, welk wachtwoord je wilt, en of je een gastnetwerk wilt, en voor de rest valt het systeem je niet lastig en kan je genieten van je betere wifi.

In die bijbehorende app kan je vaak wel wat fundamentele zaken aanpassen, zo biedt praktisch elke fabrikant wel wat beheersopties voor ouders aan (o.a. sites blokkeren, wifi-uit tijden instellen). Deze aanwezige features worden ook altijd eenvoudig gepresenteerd waardoor wederom geen eerdere kennis nodig is.

Wat je dus niet hoeft te doen is zorgen maken over het feit of je deze producten zelf wel kan installeren, enkel wat uitzonderingen met een specifieke doelgroep kunnen wat complexer zijn.

Maar gevolg van die lage drempel is lang niet elke mesh oplossing geschikt voor prosumers die wel graag wat instellingen tweaken. Zo is het geen gegeven dat je zelf port forwardings in kan instellen of je eigen VPN op kan zetten. Heb jij wel wensen die verder gaan dan “gewoon goed wifi”, zoek dan een mesh systeem met een uitgebreide web interface. Via die web interface heb je als veeleisende gebruiker dan toegang tot typische geavanceerde routerfeatures.

©PXimport

Tip 05: Slim Netwerk?

Maak je ook gebruik van slimme apparatuur in huis? Dan kan het de moeite zijn je mesh oplossing aan je bestaande spullen aan te passen. Dankzij de toenemende populariteit van deze IoT (Internet-of-Things) devices bieden meerdere mesh oplossingen ook een secundair netwerk aan voor je smart devices. Google wifi en sommige Netgear Orbi en TP-Link Deco oplossingen hebben bijvoorbeeld een Zigbee netwerk aan boord.

Door Zigbee in je mesh nodes te integreren heb je dan een dekkend Zigbee netwerk in huis voor je slimme lampen of andere sensoren.

Tip 06: Design en positionering

De consumenten focus van mesh wifi zien we ook terug in het design. Waar de typische router bestaat uit glimmend zwart plastic met externe antennes, mogelijk met wat knalrode details om een gaming smaakje toe te voegen, zijn de meeste mesh-systemen een stukje eleganter: wit, geen externe antennes, en bij de meeste producten is er wat tijd en moeite gestoken in een design. Het gevolg is dat de meeste chic ogen en vooral makkelijker te verkopen is in een typisch huishouden met een gezonde weerstand tegen een grote, lelijke router in het zicht.

De reden dat het design iets is om over na te denken is dat de prestaties staan of vallen met de positionering van elke node. Een node in de meterkast verstoppen of onder de verwarming en achter de bank wegdrukken is een uitstekende manier om je prestaties significant te verminderen. Een positie vrij en in het zicht, iets van de muur af, maakt een wereld van verschil, en dus wil je een mesh oplossing die ook aantrekkelijk oogt.

Gelukkig zijn de meesten mesh-systemen redelijk presentabel, maar hou er wel rekening mee dat sommige nodes flink aan de maat zijn en dus zichtbaar zijn in huis. Zeker high-end mesh oplossingen zijn dankzij een groter aantal antennes, plus grotere antennes, flinke torens. De Netgear Orbi RBK50 is daar een goed voorbeeld van, maar onthoud wel: je krijgt daar wel weer prestaties voor terug.

©PXimport

Tip 07: Nu kopen? Of toch even wachten?

Mesh-systemen zijn inmiddels zo’n 3 jaar aanwezig op de markt, en vandaag de dag kunnen we het gerust een volwassen technologie noemen. Ze zijn in de regel stabieler dan een typische modem-router, en er zijn feitelijk geen breekpunten waarvoor we zouden zeggen dat je vandaag de dag geen mesh moet overwegen.

Op één na zijn alle huidige mesh oplossingen echter wifi 5, terwijl de nieuwe wifi 6 standaard al bestaat en er zelfs (prijzige) wifi 6 routers op de markt zijn. Wifi 6 brengt naast iets hogere snelheden ook wat fundamentele verbeteringen met zich mee, bijvoorbeeld in hoe een router of mesh node met meerdere gelijktijdige gebruikers om gaat. In theorie zouden we dus graag een Wifi 6 mesh Systeem zien. De enige die tot nu toe is uitgebracht is de ASUS AX6100, maar die is zowel extreem prijzig als niet zonder zijn eigen inherente nadelen. De vraag is dan ook: wanneer wordt Wifi 6 mesh zowel toegankelijk als betaalbaar.

Een glazen bol hebben we echter niet, en er is altijd wel een nieuw, beter product als je maar lang genoeg wacht. Als je geen haast hebt kan het geen kwaad nog even te wachten, maar als je nu met Wifi problemen kampt zien we ook zeker geen reden om nu niet in de huidige mesh producten in te stappen.

©PXimport

Tip 08: Aansluiten op je bestaande netwerk

De meeste lezers zullen mesh wifi-systemen als een complete oplossing zien, het enige systeem in huis die je van een draadloos netwerk voorziet, en andere hardware zoals bijvoorbeeld je providermodem doen niets anders dan als brug functioneren naar de buitenwereld. Is je enige doelstelling om een beter draadloos netwerk in huis te halen hoef je ook niet stil te staan bij wat je nu reeds hebt, en in hoeverre je daar nog iets mee wilt doen.

Desondanks bevatten sommige mesh wifi-systemen een AP of access point modus. Hiermee functioneert je mesh wifi systeem weliswaar als complete set draadloze toegangspunten in huis, maar kan je de volledige functionaliteit van je eigen (luxe) router behouden. Een high-end router met een extreme feature-set kan een fijne basis van je netwerk zijn als je bijvoorbeeld vergaande wensen hebt wat betreft beheer of beveiliging, en een mesh wifi systeem met AP modus kan dan een goede aanvulling daarop zijn waar een systeem zonder AP modus niet fijn samen zal werken.

In sommige specifieke gevallen hoef je ook geen complete mesh oplossing te kopen, maar kan je met eenvoudige mesh uitbreidingen aan de slag. Bezitters van AVM FRITZ!Box routers kunnen bijvoorbeeld met behulp van een FRITZ!Repeater 1750E of 3000 hun bestaande netwerk met mesh functionaliteit uitbouwen. Zo behoudt je de volledige functionaliteit van je uitgebreide router, maar profiteer je ook van het betere bereik, de prestaties en het eenvoudig roamen van een mesh netwerk. Daarbij bespaart het ook kosten, je vervangt je hoofdrouter tenslotte niet.

Mocht je reeds een high-end ASUS router bezitten kan je ook een mesh netwerk bouwen door simpelweg een andere (AImesh compatible) ASUS router aan te schaffen, Tri-band bij voorkeur. Dit vereist wel enige affiniteit met routers en is niet goedkoop, maar dat is ook de doelgroep van die producten. Tenzij je precies weet wat je wilt zouden we echter adviseren om simpelweg voor een mesh Systeem met AP modus te kiezen; dan krijg je veel meer nodes voor minder geld.

©PXimport

Kooptips

Heb je na het lezen van deze checklist hulp nodig met het maken van je keuze? We raden je vier mesh-systemen aan, voor vier verschillende doeleinden.

Instap mesh: TP-Link Deco M4

Prijs: € 99 (2 nodes) - € 149 (3 nodes) TP-Link’s Deco M4 en M5 behoren consistent tot de best presterende AC1200-AC1300 klasse mesh-systemen die we hebben getest. Het zijn daarmee wel dual-band-systemen en ze hebben niet de extreme capaciteit die een actief internettend gezin dient te zoeken, maar voor 99 (2 nodes) of 149 euro (3 nodes) is het de ongeslagen oplossing om voor weinig geld toch een hele ruime dekking in huis op te zetten.

©PXimport

Mesh voor het hele gezin: Netgear Orbi RBK23

Prijs: € 229,– (3 nodes) De Netgear Orbi RBK23 is zowel één van de betere AC2200 mesh-systemen als één van de meer betaalbare. AC2200 betekent dat het een Tri-Band systeem is met voldoende capaciteit voor een groter aantal actieve gebruikers, en met drie nodes kan je ook in een groot huis een ruim bereik halen.

Mesh met Zigbee: TP-Link Deco M9+

Prijs: € 299,– (3 nodes) TP-Link’s Deco M9+ is de directe concurrent van de Orbi RBK23. Snel, goed bereik, hoge capaciteit. De huidige meerprijs van 70 euro weegt echter niet op tegen de bescheiden prestatiewinst, 20 euro klinkt redelijker, echter de aanwezigheid van een Zigbee netwerk maakt deze Deco wel interessanter voor mesh kopers die ook een Zigbee netwerk willen hebben om zo slimme devices in en rond het huis te kunnen gebruiken.

©PXimport

Ultieme mesh: Netgear Orbi RBK50

Prijs: € 299,– (2 nodes) Je merkt het al, TP-Link en Netgear doen de beste zaken momenteel met hun mesh oplossingen met consistent de betere prestaties. De ultieme mesh oplossing is echter van Netgear, de Orbi RBK50 waar je 299 euro kwijt bent aan twee nodes. Daarmee verlies je wat flexibiliteit van de sets van 3, maar krijg je wel de mesh oplossing met de sterkste backhaul op de markt. Wil je gewoon een ijzersterk signaal één kant op sturen is dit de beste oplossing

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.