ID.nl logo
Zo kies je de beste gamelaptop
© Reshift Digital
Huis

Zo kies je de beste gamelaptop

Dankzij alsmaar efficiënter wordende hardware en grote tekorten aan componenten voor desktopcomputers zijn gamelaptops interessanter dan ooit. Bovendien zijn dit niet langer lelijke, dikke, luide apparaten met een dramatische accuduur. We zien tal van elegante en praktische laptops die ook echt uitstekend presteren in games en andere toepassingen. In deze koopgids leren we je waar je op moet letten bij de aanschaf van de beste gamelaptop en kijken we naar wat de populairste gamelaptops van dit moment te bieden hebben.

De discussie over wat er beter is voor gaming – desktops of laptops – is al jaren aan de gang. Echte pc-liefhebbers hebben daar vaak een sterke mening over. Desktops zijn simpelweg krachtiger en bieden meer prestaties voor hetzelfde geld. Hoewel laptops deze achterstand voor een groot deel hebben weggewerkt, zit er nog wel een kern van waarheid in. Een compact laptopje kan natuurlijk nooit echt concurreren met een grote kast die vrijwel onbeperkt energie kan slurpen.

Desktops hebben ook het voordeel dat ze vaak makkelijker te repareren zijn. Een defect onderdeel is vaak te vervangen, terwijl je met een laptop al snel je hele machine moet opsturen. Heb je plek voor een stevige vaste pc, dan valt daar nog altijd wat voor te zeggen.

Maar de vergelijking is zinloos wanneer je simpelweg een laptop wilt of zelfs nodig hebt. Tal van gamers willen ook andere werkzaamheden verrichten en niet iedereen heeft ruimte voor twee apparaten. En laten we kinderen die hun tijd moeten verdelen tussen twee thuisfronten bijvoorbeeld ook niet vergeten. Kortom, een directe vergelijking is gewoon niet relevant voor de beoogde doelgroep. Voor hen is het goed nieuws dat de moderne gamelaptop een gemiddelde desktop aardig bij kan benen, maar dan in mobiel formaat.

Waar moet je op letten?

Voordat we enkele interessante modellen bespreken, vertellen we je hieronder eerst wat de belangrijkste zaken zijn op om te letten als je een gamelaptop gaat kopen. We behandelen zeven aandachtspunten en beginnen bij het belangrijkste: de grafische power.

1. De videokaart

Het hart van een gamelaptop is de videokaart. Deze bepaalt voor het grootste deel welke games je kunt spelen en hoe soepel ze draaien. Je hebt laptops met geïntegreerde videokaarten en met dedicated videokaarten (ook wel discrete videokaarten genoemd). Om een laptop een ‘gamelaptop’ te noemen, is zo’n dedicated videokaart echt een vereiste. Laptops met geïntegreerde oplossingen zijn vaak prima in staat om wat lichte games te spelen, maar komen kracht te kort voor de grotere hedendaagse games.

Alle relevante gamelaptops van dit moment maken gebruik van een Nvidia GeForce GTX- of GeForce RTX-videokaart. Gaminglaptops uit 2021 beschikken over kaarten uit de RTX 3000-serie zoals de RTX 3060 of RTX 3070, laptops uit 2020 over kaarten uit de 1600- of 2000-serie, zoals de GTX 1650 of de RTX 2060. Er is niets mis met een leuke, scherp geprijsde laptop uit 2020, maar laptops van vóór 2020 kun je beter links laten liggen.

Meer grafische kracht is altijd beter, maar daar hangt uiteraard een prijskaartje aan. Ons uitgangspunt voor een echte gamelaptop is een RTX 3060. Dergelijke laptops zijn in staat om alle games van dit moment soepel weer te geven en zijn verkrijgbaar vanaf zo’n 1000 euro. Besparen met een mindere videokaart kan, maar dan moet je bereid zijn concessies te doen. Sommige zware games zullen niet soepel draaien, in andere zul je de grafische instellingen moeten terugschroeven. Staat het budget het toe? Dan koop je met een RTX 3070 net wat meer prestaties, zeker met het oog op de toekomst niet verkeerd.

©PXimport

TDP videokaart

De afgelopen jaren hebben gpu-fabrikant Nvidia en de laptopmakers de verschillen tussen diverse videokaarten wat laten verwateren. Er kunnen namelijk grote verschillen zitten in het maximale stroomverbruik tussen verschillende laptops. Een RTX 3070 die 150 watt aan stroom mag verbruiken, zoals in de dikste gamelaptops, is natuurlijk een ander beestje dan een RTX 3080 die beperkt wordt tot 80 watt. Bij een gelijke waarde zijn de prestaties van het hoger gepositioneerde model beter, maar zodra er verschillen in het maximaal toegestane energieverbruik zitten, wordt het soms lastig in de aanschaf. Staar je dus niet blind op het modelnummer, maar zorg ook dat het maximale verbruik, normaliter als TDP in de specificaties vermeld, in lijn is met je verwachting. Ga uit van 80-90 watt voor dunne, iets zuinigere modellen en 115-165 watt voor echte performancelaptops.

2. Formaat en scherm

Het scherm is het volgende waar je naar kijkt. Je moet een keuze maken wat betreft formaat, resolutie, snelheid en kleur. Een groter scherm kijkt makkelijker, maar maakt ook de laptop groter en minder draagbaar. Je zult zelf moeten afwegen wat je belangrijker vindt. Game je veel in huis en neem je je laptop incidenteel mee, dan is een grotere 17inch-laptop aantrekkelijk. Reis je dagelijks, dan is een standaard 15inch-maat een logischere keuze.

Als gamer is ook de snelheid van je scherm belangrijk. Een sneller scherm zorgt voor soepelere bewegingen in games. Een 144Hz-scherm is tegenwoordig redelijk standaard, maar er zijn ook 240- en zelfs 300Hz-schermen. Kiezen is redelijk eenvoudig: hoe sneller hoe beter, mits het budget het toestaat.

De meeste gamelaptops hebben een scherm met een 1080p-resolutie (Full HD). Dat biedt normaliter een prima balans tussen gamen en allround gebruik. In het hogere segment, vanaf circa 2000 euro, is het ook mogelijk om een hoge snelheid te combineren met een hoge resolutie, bijvoorbeeld 1440p in combinatie met 144 Hz of hoger. Een hogere resolutie zorgt voor een aantrekkelijker (scherper) beeld, maar biedt ook meer netto werkruimte voor productiviteit.

Hoewel goede kleurprestaties normaliter niet het eerste zijn waar je aan denkt, dien je er wel bij stil te staan als je met een gamelaptop ook foto- en videowerk wilt doen. Heb je een creatieve wens, zoek dan een laptop die ook op het gebied van kleurweergave iets te bieden heeft. Helaas is dit vaak lastig uit de specs op te maken en zul je reviews en tests moeten opzoeken om zeker te zijn dat een laptop aan jouw eisen voldoet.

©PXimport

3. De cpu

Ook een goede processor is cruciaal voor een soepele game-ervaring. Gelukkig hebben de twee grootste processorfabrikanten de afgelopen jaren flinke stappen gemaakt. De meeste processors in moderne gamelaptops zijn zo krachtig dat je je als consument geen zorgen hoeft te maken. Zolang je nieuwe laptop recent is en een processor met zes of acht cores heeft, zit je goed.

Een recente AMD Ryzen 5, 7 of 9 of een Intel Core i5, i7 of i9 is een goed uitgangspunt. Let wel even scherp op het aantal cores: helaas heeft Intel ook een paar i7-modellen met slechts vier cores, en die leveren in sommige games merkbaar mindere prestaties.

©PXimport

©PXimport

4. Werkgeheugen

De hoeveelheid werkgeheugen wordt vaak overschat als factor in je game-ervaring. Omdat geheugen vaak relatief goedkoop is, zien we fabrikanten geregeld extreem veel werkgeheugen in game-pc’s zetten; zonde geld dus.

Maar het is wel belangrijk dat je game-pc voldoende werkgeheugen heeft. Aan 8 GB heb je genoeg voor een game-pc die louter lichte games speelt, 16 GB is een mooi uitgangspunt voor een systeem dat ook grote, moderne games speelt en 32 GB is op zijn plaats in een high-end, compromisloze laptop. Let er wel op dat het bij veel laptops tegenwoordig niet meer vanzelfsprekend is dat je het werkgeheugen kunt upgraden, al kan dit bij gamelaptops doorgaans nog wel.

5. Opslag

Als het op opslag aankomt, zijn er twee dingen waar je op moet letten: de hoeveelheid en het type opslag. Bij voorkeur koop je een laptop met enkel ssd-opslag. Mechanische harde schijven zijn een goedkope manier om veel data kwijt te kunnen, maar ze zijn ook kwetsbaar, zeker in draagbare apparaten die veel schokken en stoten te verduren krijgen.

Goedkopere gamelaptops hebben vaak slechts een kleine ssd en dat is niet ideaal. Sommige games zijn honderden gigabytes groot en één ssd van 512 GB kan dus al vol raken met enkel Windows en een game of twee. Een laptop met een ssd van een terabyte of meer is dus wel zo fijn, maar je hebt de exacte configuraties niet altijd voor het kiezen.

Gelukkig bieden de meeste laptops ruimte om zelf een extra ssd toe te voegen. Dit is een prima oplossing om extra opslag te krijgen. In de meeste laptops is het ook erg eenvoudig om te doen, dan hoef je slechts een paar schroefjes los te draaien. Durf je dat niet aan, dan is een externe ssd vaak een makkelijke en voordelige manier om je laptopopslag uit te breiden.

©PXimport

6. Aansluitingen

De meeste gamelaptops hebben voldoende aansluitingen voor het gros van de gamers. Een muis, een externe ssd en een headset kun je praktisch altijd wel kwijt. Toch is het iets om even op te letten als je een groot aantal usb-poorten nodig hebt.

Wil je een externe monitor gebruiken, zorg dan dat de laptop de juiste aansluiting heeft. Let ook goed op je netwerkaansluitingen. Heb je een netwerkkabel liggen op de plek waar je het meest zit te gamen, zorg dan dat je gamelaptop een ethernetpoort heeft, bedraad biedt nu eenmaal de beste prestaties.

Werk je op wifi? Dan raden we aan een laptop te pakken die wifi 6 aan boord heeft, zo ben je alvast voorbereid op de nieuwe routers en wifi-mesh-systemen van de komende jaren.

©PXimport

7. Gebruiksgemak

Dan is het nu tijd voor nog wat praktische zaken. Wil je een laptop die een hele dag op de accu kan werken? Dat kan, maar dan moet je daar wel specifiek op shoppen. Sommige gamelaptops die wij testten, doen acht of zelfs tien uur op een accu. Maar er zitten ook modellen tussen die na drie of soms zelfs twee uur al de geest geven. Helaas kun je dit niet aan de specificaties aflezen, het formaat van de accu vertelt maar het halve verhaal. Houd er ook rekening mee dat elke laptop pas optimale gameprestaties biedt wanneer je hem aan de lader hangt.

Ga je voor een laptop met een lange accuduur, dan wil je uiteraard ook het gewicht en de afmetingen even bekijken. Een gamelaptop van twee kilo neem je wat makkelijker mee dan een extreem performancemonster van dik drie kilo waar een oplader van nog eens een kilo bij hoort.

Hoewel je een gamelaptop niet snel voor zijn webcam in huis zult halen, is zo’n videobelcamera wel iets om bij stil te staan. Zeker nu er zoveel thuis wordt gewerkt en geleerd. In tegenstelling tot doorsnee laptops spreekt het bij gamelaptops namelijk niet vanzelf dat er ook daadwerkelijk een webcam aan boord is.

©PXimport

Aankoop

Na het lezen van de aandachtspunten hierboven zul je vast al een idee hebben van hoe je ideale laptop eruitziet. Let daarbij vooral op wat voor jou belangrijk is; er is niet zo iets als één beste laptop. Op de volgende pagina’s bespreken we enkele van de beste gamelaptops van dit moment, elk met een specifieke doelgroep in het achterhoofd.

Let wel op, bijna alle fabrikanten hebben een aantal basismodellen met daarbinnen verschillende leverbare configuraties. Die specifieke configuraties wisselen geregeld, waardoor wij de nadruk leggen op wat je van het basismodel mag wachten. Kies een eventuele betere configuratie op basis van de eerder besproken aandachtspunten met bijvoorbeeld genoeg werkgeheugen en opslagruimte.

Verplichte accessoires

Gamen op een laptop is prima te doen, maar een aantal extra accessoires is wel onvermijdelijk. Zo is een goede muis een echte must. Ook een headset is onmisbaar, want er zijn maar weinig laptops met een écht overtuigend setje speakers. Zo’n headset helpt ook als je je laptop in de performance- of sportstand zet: je laptop maakt dan wat meer lawaai, maar knijpt dan ook net wat meer prestaties uit de hardware.

©PXimport

Basisgamelaptop: MSI GF65 Thin

De MSI GF65 Thin is een van de voordeligste laptops die echt geschikt zijn voor gaming, met minimaal een GeForce RTX 3060 aan boord dus. Daarmee kun je alle games soepel spelen op het 144Hz-scherm dat je op de meeste uitvoeringen aantreft. Het is ook nog eens een opvallend dunne en lichte laptop, met een gewicht van minder dan 2 kilogram. Het toetsenbord is aangenaam en er zit een webcam op voor school en werk. Bovendien oogt hij relatief neutraal, wat wij een pluspunt noemen.

Een instapper kent uiteraard wel consequenties. Zo is de batterijduur niet uitzonderlijk: 3-5 uur is niet verkeerd, maar sommige andere laptops doen het dubbele. Ook zijn de bouw en afwerking relatief eenvoudig. Daarnaast moet je van het touchpad geen wonderen verwachten, maar dat geldt voor alle betaalbare gamelaptops. Ook een enkele 512GB-ssd houdt niet over. Een tweede ssd zal dus al snel gewenst zijn.

De processor is van de tiende generatie Intel Core-series terwijl de elfde generatie inmiddels uit is, maar in de praktijk hoef je daar niet wakker van te liggen. Zoek je veel prestaties voor weinig geld, dan is dit ons uitgangspunt.

©PXimport

MSI GF65 Thin

Prijs
Vanaf € 1049,-
Websitewww.msi.com7Score70

  • Pluspunten

  • Veel prestaties voor je geld

  • Dun en draagbaar

  • Minpunten

  • Eenvoudige constructie

  • Beperkte accuduur

Betaalbaar en mobiel: ASUS TUF Gaming F15 FX506HM 

De ASUS TUF Gaming F15 FX506HM is de 2021-uitvoering van de al iets langer lopende TUF Gaming-lijn. Dit model is voorzien van de nieuwste 8-core Intel i7-11800H, momenteel een van de snelste processors die je kunt kopen, ook in het hogere segment. Dit maakt de laptop erg capabel voor gebruikers die ook cpu-intensieve taken willen doen. Voor de gamers heeft hij een GeForce RTX 3060, wederom genoeg om alle games soepel te spelen op het 144Hz-paneel (1080p) dat in de meeste configuraties zal zitten.

Met een prijs van 1399 euro voor de configuratie met een Core i7 en RTX 3060 is hij wel significant duurder dan de MSI GF65 Thin, zonder dat je daar nu echt noemenswaardig betere specificaties voor krijgt. Je krijgt wel een iets chiquere behuizing, maar ook de ASUS is nog altijd grotendeels van plastic en geen toppunt van bouwkwaliteit.

De webcam is wel wat beter en het touchpad ook, maar het grote verschil zit ‘m in de accuduur. Die is echt aanzienlijk beter: met de F15 kun je makkelijk acht uur doorwerken bij lichte taken en als je het niet te bont maakt, is zelfs tien uur haalbaar. Gecombineerd met een laag gewicht en geringe dikte maakt dat de F15 een fijne laptop om dagelijks mee op pad te gaan.

©PXimport

ASUS TUF Gaming F15 FX506HM

Prijs
Vanaf € 1399,-
Websitewww.asus.com8Score80

  • Pluspunten

  • Goede allround prestaties

  • Uitstekende accuduur

  • Minpunten

  • Meerprijs t.o.v. prijsvechters

  • Relatief eenvoudige constructie

Uitstekende allrounder: Gigabyte Aorus 15P 

Gigabyte is een relatieve nieuwkomer in de laptopwereld, maar weet wel meteen een goede indruk achter te laten. De 15P biedt een uitstekende balans tussen draagbaarheid en stevigheid. Ook de specificaties zijn evenwichtig, met een Intel Core i7 aan de basis en een RTX 3060- of RTX 3070-videokaart. Beide hebben een relatief hoge TDP-rating voor iets betere prestaties.

Het 240Hz-paneel met Full-HD-resolutie is aanzienlijk beter dan het 144Hz-paneel op de meeste instappers. En dan hebben we het niet alleen over de verversingssnelheid: de huidige 240Hz-panelen presteren ook allemaal beter op het gebied van kleurweergave en responstijden. Het maakt de complete ervaring simpelweg beter.

De 15P is vooral een laptop die weinig steken laat vallen. Alle elementen variëren van goed tot zeer goed. Het enige echte nadeel is dat je daar natuurlijk wat meer voor betaalt dan bij prijsvechters. Bovendien is de accuduur gemiddeld in plaats van uitzonderlijk. Maar al met al is het een uitstekende allrounder.

©PXimport

Gigabyte Aorus 15P

Prijs
Vanaf € 1599,-
Websitewww.gigabyte.com9Score90

  • Pluspunten

  • Degelijk gebouwd

  • Goede prestaties

  • Bovengemiddeld scherm

  • Minpunten

  • Meerprijs t.o.v. prijsvechters

Premium: ASUS ROG Zephyrus G15 

Het nieuwe 2021-model uit de ASUS ROG Zephyrus-serie laat goed zien wat het verschil is tussen een premium gamelaptop uit 2021 en eentje uit 2020. Zo is dit een van de eerste laptops die de nieuwe generatie 165Hz-panelen met 1440p-resolutie aan boord heeft. Het gevolg is een aanzienlijk luxere schermervaring dan de Full-HD-panelen van voorheen. Meer pixels geven meer scherpte en 165 Hz is alsnog genoeg voor een echt soepele game-ervaring.

Ook is deze laptop voorzien van AMD’s nieuwste Ryzen-processors. Die zijn niet alleen enorm krachtig voor zware taken als foto- en videobewerking, maar ook enorm efficiënt. Deze gamelaptop kan namelijk ook gewoon makkelijk tien uur op een batterij werken. En al dat moois zit in een elegante, strakke en degelijke behuizing die prima mee te nemen is.

Wel hangt er natuurlijk een prijskaartje aan al dat moois: 2099 euro voor het model met de RTX 3060 en 2399 euro voor het model met de RTX 3070. Wij zouden dan toch voor de laatste uitvoering kiezen: gamen op 1440p vereist nu eenmaal meer grafische power.

©PXimport

ASUS ROG Zephyrus G15

Prijs
Vanaf € 2099,-
Websitewww.asus.com10Score100

  • Pluspunten

  • Keurige constructie

  • Top beeldscherm

  • Goede allround prestaties

  • Minpunten

  • Prijzig

Ultra premium: Razer Blade 15 Advanced 

De Razer Blade 15 Advanced is een superslanke aluminium laptop die op het gebied van bouwkwaliteit en afwerking boven zijn concurrenten staat. Hij is voorzien van een gloednieuwe Intel Core i7-processor, GeForce RTX 3070- of RTX 3080-videokaart en high-end paneelopties zoals een 360Hz-paneel met 1080p-resolutie of zelfs een 240Hz-paneel met 1440p-resolutie. Zaken als toetsenbord, touchpad en camera zijn ook dik voor elkaar.

De prestaties zijn niet per se rapper dan bij de concurrenten, de focus ligt op een minimale dikte en een lage geluidsproductie. Je betaalt wel een forse meerprijs om aan Razers luxe laptop te mogen zitten. Dit is dus een ultiem model voor gamers die goed in de slappe was zitten en graag de meest chique afwerking kopen.

©PXimport

Razer Blade 15 Advanced

Prijs
Vanaf € 2799,-
Websitewww.razer.com10Score100

  • Pluspunten

  • Ultieme bouwkwaliteit en afwerking

  • Top beeldschermopties

  • Goede allround prestaties

  • Minpunten

  • Enorm prijzig

De extreemste: MSI GE76 Raider (10UE) 

Zoek je echt een extreme laptop, dan komen twee modellen bij ons op. De M17 r4 van Alienware is de opvallendste, maar de MSI GE76 Raider is toch de betere van de twee. Hoewel hij verkrijgbaar is vanaf 2099 euro, komt de GE76 Raider eigenlijk pas echt tot zijn recht bij de duurdere configuraties met onder meer een RTX 3070 of RTX 3080 en een 4K-scherm.

Voor het beste scherm mag je een duizelingwekkende 4000 euro reserveren. Je krijgt dan wel de beste prestaties die je kunt wensen: topscherm, stevige processor, de dikste videokaarten met hoge TDP-waardes, veel opslag én de optie om maar liefst drie ssd’s in te bouwen. De keerzijde is dat dit een grote jongen is met een beperkte accuduur, dus je zult hem vooral thuis willen gebruiken.

©PXimport

MSI GE76 Raider (10UE)

Prijs
Vanaf € 2099,-
Websitewww.msi.com 9Score90

  • Pluspunten

  • Extreme prestaties

  • Top beeldscherm

  • Ideaal voor veel thuisgebruik

  • Minpunten

  • Erg duur

  • Matig om mee te reizen

  • Matige accuduur

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.