ID.nl logo
Review Philips 65OLED908 – Fraai beeld én geluid
© Mees Tas | Lukkien.bv
Huis

Review Philips 65OLED908 – Fraai beeld én geluid

In het topsegment van Philips vind je deze 65OLED908 met Bowers & Wilkins-audio. De samenwerking met de Britse luidsprekerfabrikant loopt al enkele jaren en staat garant voor prima geluid. Voeg je daar Philips' beeldexpertise en een nieuw, helder oledpaneel aan toe, dan krijg je dit mooie resultaat.

Fantastisch
Conclusie

De Philips 65OLED908 is een mooie combinatie van beeld en geluid. Wie liever geen soundbar in huis haalt, maar audio toch belangrijk vindt, zal blij zijn met de prestaties van de Bowers & Wilkins-configuratie. De beeldkwaliteit is uitstekend en leunt op het nieuwste oledpaneel voor een erg hoge piekhelderheid, maar dankt zijn prima beeldverwerking ook aan de Philips P5-processor. De minpunten zijn beperkt: soms wat minder goed schaduwdetail en geen effectieve oplossing voor kleurstroken. Het gebruiksgemak is dankzij Google TV en vooral de vernieuwde afstandsbediening zeer goed. Gamers worden bovendien voorzien van alle belangrijke features.

Plus- en minpunten
  • META-oledpaneel met zeer hoge piekhelderheid
  • Mooie audio dankzij Bowers & Wilkins-luidsprekers
  • Slimme lichtsensor voor helderheid en kleurtemperatuur
  • Zeer goede beeldverwerking en universele HDR-ondersteuning
  • Driezijdige Ambilight Next Generation
  • Ruisonderdrukking kan geen kleurstroken in gradiënten verwijderen
  • Onderdrukt af en toe wat schaduwnuance

Philips 65OLED908

  • Adviesprijs: 2.399 euro
  • Wat: Ultra HD 4K 120 Hz W-OLED-tv
  • Schermformaat: 65 inch (164 cm)
  • Aansluitingen: 4x HDMI (2x 48Gbps, 2x 18 Gbps, ARC/eARC, ALLM, 4K120, VRR), 3x USB, 1x optisch digitaal uit, 1x hoofdtelefoon, 1x subwoofer pre-out, 2x antenne, Bluetooth
  • Extra’s: HDR10, HLG, HDR10+ Dolby Vision, Dolby Atmos, DTS:X, WiFi (802.11ax) ingebouwd, Google TV (12), Chromecast, Airplay 2, USB/DLNA-mediaspeler, DVB-T2/C/S2, CI+-slot, Philips P5 Processor AI
  • Afmetingen: 1444 x 891 x 290 mm (incl. voet)
  • Gewicht: 28,3 kg (incl. voet)
  • Verbruik: SDR 112 W (G) / HDR 108 W (G)

Eén ding moet je Philips nageven: ze slagen erin om jaar na jaar knappe designs neer te zetten. Ook dit model komt met zijn typerend slanke oledscherm, dat onderaan voorzien is van een luidsprekerbalk, stijlvol voor de dag. Die steekt als een soort kin lichtjes uit naar voren en is afgedekt met Kvadrat-luidsprekerstof.

Aan de achterzijde zitten de Ambilight-leds en een grote woofer-module. Het toestel staat op een centrale draaivoet, maar in plaats van de typische voetplaat zie je alleen een vrij kleine U-vormige stand. De stabiliteit van de opstelling wordt gegarandeerd door een slanke, brede balk aan de achterzijde.

©Mees Tas | Lukkien.bv

Aansluitingen

De OLED908 moet het ondanks zijn prestige als topmodel stellen met twee HDMI 2.0-poorten en twee HDMI 2.1-poorten met 48Gb/s-bandbreedte. Er is ondersteuning voor ALLM, 4K120, VRR en ARC/eARC. De input-lag klokte af op 14,2 ms bij 4K60 en 5,2 ms bij 2K120. Met andere woorden: deze televisie is uitstekend geschikt voor gaming. Dat blijkt ook wel uit het feit dat de VRR-ondersteuning goed is voor zowel AMD FreeSync als NVIDIA G-Sync. ARC neemt een van je HDMI 2.1-poorten in beslag; dat is altijd lastig voor gamers met meerdere 4K120-bronnen. Maar met de ingebouwde luidsprekerbalk in gedachte koop je dit model niet met de intentie om er een externe audiobron aan te hangen.

De tv heeft verder een enkelvoudige tv-tuner. Je kunt eventueel opnemen en live-tv pauzeren als je een externe usb-schijf aansluit. We vinden daarnaast drie usb-poorten, een optische audio-uitgang (Toslink), een subwoofer pre-out voor eventueel een extra subwoofer en een hoofdtelefoonaansluiting.

©Eric Beeckmans

Beeldverwerking 

Topmodellen van Philips krijgen normaal gesproken een unieke krachtige processor: de P5 Dual Engine. De OLED908 is echter een uitzondering en gebruikt de P5 AI Perfecte Picture Engine, net als de OLED808. We zien dan ook veel gelijkenissen met dat model.

De prestaties zijn uitstekend, zeker wat upscaling betreft. Het nieuwe superresolutie-algoritme (te activeren met de instellingen Textuurverbetering) geeft beelden wat subtiele extra scherpte die nooit stoort, maar wel een tikkie meer realiteit in beeld brengt. Eén uitzondering: wanneer je ouder materiaal zoals dvd’s of lage kwaliteit live-tv bekijkt, kun je deze functie beter uitzetten. Ondanks de prima ruisonderdrukking is er dan toch risico dat je ongewenste effecten ziet.

©TP Vision

Voor kleurstroken in zachte gradiënten heeft Philips nog steeds geen toereikende oplossing. Heel subtiele stroken worden netjes verborgen, maar de gevallen die echt storen, daar weet de processor geen raad mee. Je kunt natuurlijk MPEG-ruisonderdrukking in een hogere stand zetten, maar dan riskeer je weer dat je veel detail verliest.

Philips levert wel uitstekend werk door bewegingsonscherpte het hoofd te bieden. Geholpen door de snelle reactietijd van het oledpaneel en dankzij een uitstekende motion interpolation-algoritme kun je dat typische geschokk (judder) bij snelle camerabewegingen laten verdwijnen. Zet de Motionstijl op Vloeiend of minstens op Standaard. Zeker voor sport, maar zelfs voor films vinden we dat een aanrader, al is dat ook een kwestie van persoonlijke smaak.

De lichtsensor kan niet alleen ingrijpen op de helderheid van het beeld, maar kan ook de donkere details wat accentueren of de kleurtemperatuur aanpassen. Alle drie zijn ze afzonderlijk te activeren. Die laatste optie schakelen we uit; ondanks de goede resultaten vinden we dat effect minder wenselijk.

©Mees Tas | Lukkien.bv

Oledscherm met MLA-technologie is erg helder

Als topmodel kreeg de OLED908 het nieuwste oledpaneel dat is uitgerust met een laagje microlenzen (MLA staat voor Micro Lens Array). Die laag minimaliseert de interne reflecties (en dus lichtverlies) van het oledpaneel. In combinatie met de aangepaste aansturing van het paneel is de verbetering van de piekhelderheid aanzienlijk.

We meten 1351 nits op het 10%-venster en 236 nits op een volledig wit scherm, allemaal in de uitstekend gekalibreerde HDR Filmmaker Mode. Dat is in lijn met de resultaten van de Panasonic MZW2004 en LG G3. Beide genoemde concurrenten scoren nog iets hoger op het 10%-venster, maar Philips neemt de leiding op het volledig witte scherm.

Het kleurbereik van 96% P3 is daarnaast uitstekend. Philips heeft de tonemapping aanzienlijk bijgestuurd ten opzichte van wat we zagen op de OLED808. De processor geeft nog steeds voorrang aan correcte, intense kleuren ten koste van wat helderheid, maar de ongewenste kleurstroken zijn verdwenen.

De processor maakt erg goed gebruik van zijn helderheid, met erg duidelijke lichtaccenten. Af en toe verdwijnt er wat minimaal witdetail, maar dat was niet storend. In donkere scènes zien we weliswaar dat er wat zwartdetail kan ontbreken, al is dat gelukkig vooral zichtbaar in testpatronen en veel minder in gewone beelden. Ook hier zien we een lichte verbetering ten opzichte van de resultaten die we zagen op de OLED808. De kalibratie van de Filmmaker-mode was zowel in HDR als SDR erg goed.

©Mees Tas | Lukkien.bv

Bowers & Wilkins-geluid

De luidsprekerbalk onder op de tv springt misschien niet in het oog, maar is wel een belangrijk onderdeel van de aantrekkingskracht van deze tv. Hij is ontworpen door Bowers & Wilkins, een gerenommeerd luidsprekerfabrikant uit het Verenigd Koninkrijk. Achter de Kvadrat-luidsprekerstof schuilt een 3.1-opstelling; de woofer zit in de rug van het apparaat en laat omwille van zijn afmeting mooie resultaten vermoeden. De tv ondersteunt Dolby Atmos en DTS:X.

We doken eerst in de Dolby Atmos-soundtracks, en de klank is prima met duidelijke dialogen, knappe, diep klinkende explosies en een bescheiden ruimtelijk gevoel. Omhoog gerichte luidsprekers ontbreken op deze televisie, dus een echt hoogte-effect is er helaas niet. We missen bovendien een beetje een ruimer surround-gevoel.

Aangemoedigd door de mooie klanken schakelen we over naar muziek, en daar kan deze Philips zich uitstekend onderscheiden. Ongeacht het genre was de klank erg aangenaam, met duidelijke stemmen, fijne hoge tonen en een goede, strak klinkende bas. Duik even in de instellingen voor je favoriete preset als je de klank wat wilt bijsturen.

©Mees Tas | Lukkien.bv

Google TV en een nieuwe afstandsbediening

De OLED908 draait op Google TV en levert een vlotte en aangename werking. Het platform biedt de ruimste selectie aan apps en enorm veel aanbevelingen gesorteerd in verschillende categorieën. Er is ondersteuning voor Chromecast, maar helaas niet voor Apple AirPlay. Philips biedt wel DTS Play-Fi, maar dat is vooral handig als je de tv wilt uitbreiden met een Philips-soundbar. Voor meer detail kun je terecht in het artikel over Google TV.

De blikvanger wat gebruiksgemak betreft is echter de nieuwe afstandsbediening. De toetsen zijn verlicht zodra je er eentje aanraakt en de afstandsbediening gebruikt een ingebouwde oplaadbare batterij. Opladen doe je via usb-c.

De vormgeving is erg slank, de randen zijn ietwat scherp: dat geeft een erg knappe look, maar ligt soms wat ongemakkelijk in de hand. De toetsen hebben een uitstekende, lichte maar duidelijke aanslag. De vormgeving en lay-out sluiten aan bij de trend om minder toetsen te gebruiken, maar daar heeft Philips een handige oplossing voor.

Het numerieke toetsenbord licht namelijk op onder de D-pad zodra je op de nummertoets drukt (tussen de volume en kanaaltoetsen). Een uitstekende oplossing, want zo blijven cijfertoetsen fysiek beschikbaar zonder extra ruimte in te nemen. Voor de volume- en kanaaltoetsen koos Philips kanteltoetsen. Dat is ook een aanpak die we voor het eerst zien. Het vraagt wat minimale gewenning, maar het werkt wel.

©Eric Beeckmans

Conclusie

De Philips 65OLED908 is een mooie combinatie van beeld en geluid. Wie liever geen soundbar in huis haalt, maar audio toch belangrijk vindt, zal blij zijn met de prestaties van de Bowers & Wilkins-configuratie. De beeldkwaliteit is uitstekend en leunt op het nieuwste oledpaneel voor een erg hoge piekhelderheid, maar dankt zijn prima beeldverwerking ook aan de Philips P5-processor. De minpunten zijn beperkt: soms wat minder goed schaduwdetail en geen effectieve oplossing voor kleurstroken. Het gebruiksgemak is dankzij Google TV en vooral de vernieuwde afstandsbediening zeer goed. Gamers worden bovendien voorzien van alle belangrijke features.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.