ID.nl logo
Review Denon Perl White – Met een personal touch
© Wesley Akkerman
Huis

Review Denon Perl White – Met een personal touch

De Denon Perl White is een set oordoppen die een hoop dingen goed doet. Het merk combineert een stijlvol ontwerp met unieke audiofuncties, zonder daarvoor meteen de hoofdprijs te vragen. Echter, met een prijs van 199 euro betekent dat niet dat je helemaal niets hoeft in te leveren op kwaliteit.

Uitstekend
Conclusie

De Denon Perl White oordopjes bieden verrassend goede prestaties voor een prijs van 199 euro, gecombineerd met een comfortabel draagcomfort. Hoewel er wat extra opties gewenst zouden kunnen zijn, is het voor deze prijs een product dat gemakkelijk aan te bevelen valt. Mocht je wel extra opties willen, dan zul je dieper in de buidel moeten tasten.

Plus- en minpunten
  • Persoonlijke audio
  • Pasvorm
  • Meerdere geluidsprofielen
  • Standaardmodus klinkt al erg goed
  • Equalizer schittert door afwezigheid
  • Persoonlijk geluid kan soms wat vervormen
  • Actieve ruisonderdrukking kan beter

Meld je aan voor het Koptelefoonwijzer Eindrapport 2024

Door het invullen van jouw naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van de Kieskeurig.nl Koptelefoonwijzer-resultaten. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl nieuwsbrief.

Denon heeft naast hun premium Perl Pro oordopjes (349 euro) een betaalbaardere variant uitgebracht: de Perl White voor 199 euro. Hoewel de Pro is voorzien van allerlei hoogst geavanceerde snufjes, lijkt de gewone Perl White ook al heel wat waar voor zijn geld te bieden.

Waar zitten dan precies de verschillen? De Pro heeft features als AptX Lossless voor cd-kwaliteit geluid, extra microfoons, bluetooth 5.3 (met multipoint), een equalizer-app, ruimtelijke audio, een breder geluidsbereik en adaptieve ruisonderdrukking. Dikke premium specs dus.

Toch is de Perl White ook al behoorlijk goed uitgerust. Je krijgt bluetooth 5.0, actieve ruisonderdrukking, een persoonlijke geluidsmodus en ondersteuning voor de verbeterde aptX-codec, naast de standaard AAC en SBC. De accuduur zit tussen de 6 en 24 uur, afhankelijk van je gebruik.

Is de Pro voor de gemiddelde muziekliefhebber dan 150 euro meer waard? Dat valt te betwijfelen. De Perl White lijkt op het eerste gezicht namelijk al een zeer competente en complete set oordopjes voor zijn prijs.

©Wesley Akkerman

Gepatenteerde technologie

Met een adviesprijs van 199 euro concurreert Denon niet met grote spelers als Sony en Philips. In plaats daarvan concentreert het merk zich met dit product op het middensegment. Niet dat de concurrentie daar niet moordend is, maar je hebt wel een kans om op te vallen met unieke functies en een goede sound. Plus: consumenten zijn gewend ergens een concessie te doen.

De concessies zijn inmiddels duidelijk gezien de vergelijking die we hierboven beschreven, maar toch zijn we van mening dat de Denon Perl (zonder de Pro, dus) een waardig alternatief is binnen dit budget. Waar het bij dit product namelijk allemaal om te doen is, is de gepatenteerde Masimo Adaptive Acoustic Technology (AAT). Dat is een hele mond vol, maar waar het op neerkomt, is dat dit systeem automatisch het buiten-, midden- en binnenoor scant. Aan de hand van de resultaten 'weten' de oordoppen hoe jij je muziek hoort, waarna de sound kan worden gepersonaliseerd.

©Wesley Akkerman

Daar heb je 'm weer: AI

Je regelt de persoonlijke geluidsmodus via de Denon Headphone-app. De app begeleidt je door een volledig geautomatiseerd proces om je ideale geluidsprofiel samen te stellen. Bij andere oordopjes moet je zelf aangeven wanneer je een testtoon hoort, maar bij Denon gaat alles vanzelf zodra je de dopjes in je oren hebt gedaan.

Na de metingen laat de app een AI (kunstmatige intelligentie) los die een persoonlijk gehoorprofiel voor je samenstelt. Volgens Denon zorgt zo'n aangepast profiel voor meer diepte, details en helderheid, perfect afgestemd op jouw gehoor. Je kunt meerdere profielen aanmaken voor verschillende gebruikers. En mocht de gepersonaliseerde weergave tegenvallen, dan kun je altijd terugschakelen naar de standaard geluidsinstellingen.

De vraag is of zo'n AI-profiel echt toegevoegde waarde biedt of dat de standaardinstellingen al voldoende zijn. Dat zullen we moeten ondervinden tijdens het luisteren naar de Denon Perl White.

©Wesley Akkerman

De personal touch

Het antwoord op die vraag is erg persoonlijk, maar we denken dat de gepersonaliseerde sound de meeste luisteraars zal bevallen. Bij ondergetekende is het verschil in geluid goed hoorbaar. Melodieën klinken harmonieuzer en nemen je veel meer mee op reis dan in de standaardmodus. Daar kan de klank wat dof en ondergedompeld klinken, helemaal als je al een tijdje van de gepersonaliseerde geluidsomgeving geniet. Begrijp ons niet verkeerd: de Denon Perl White klinkt warm, vol en heerlijk, maar die 'personal touch' doet echt veel met en voor muziek.

Vooral de wat hogere tonen komen hier veel beter naar voren dan zonder die 'touch'. Over de hele linie klinkt de audio daardoor breder en ruimtelijker, ook al beschikt de gewone Perl niet over ruimtelijke audio. Muziek krijgt simpelweg meer ademruimte. Je hoort ook meer rauwe randjes op de stembanden, die soms wat kunnen wegvallen in de standaardmodus. We zijn echt onder de indruk van wat Denon hier voor elkaar krijgt. Bij jou kunnen de resultaten net anders klinken. Je moet het dus horen om het te begrijpen.

©Wesley Akkerman

Hier en daar wat vervorming

Omdat in dit geval kunstmatige intelligentie met de muziek aan de haal gaat, kan de muziek wel iets gaan afwijken van hoe de artiest het oorspronkelijk bedoeld heeft. Dat is iets om rekening mee te houden. Mogelijk hoor je hier en daar een vervorming, vooral in de outro's en aan het eind van een uithaal. Met een ongeoefend oor merk je dat misschien niet eens op. Wij vinden het in elk geval minder storend, omdat de algehele muziekbeleving sowieso een enorme boost heeft gekregen. Voor 199 euro krijg je echt een persoonlijke set oordoppen.

Daarnaast heeft Denon veel aandacht besteed aan comfort. Deze oordopjes zitten enorm comfortabel, mede dankzij de verschillende meegeleverde tips. Je krijgt niet alleen siliconen tips in verschillende maten, maar ook een schuimrubber variant. Die laatste is even wennen, maar vormt zich naar de opening van de gehoorgang, wat de actieve ruisonderdrukking ten goede komt. Deze ruisonderdrukking is trouwens goed, maar niet uitmuntend. Voor de beste prestaties moet je toch nog bij de duurdere modellen zijn. Zoemgeluiden worden echter wel goed weggefilterd.

©Wesley Akkerman

Denon Perl White kopen?

De Denon Perl White oordopjes bieden verrassend goede prestaties voor een prijs van 199 euro, gecombineerd met een comfortabel draagcomfort. Hoewel er wat extra opties gewenst zouden kunnen zijn, is het voor deze prijs een product dat gemakkelijk aan te bevelen valt. Mocht je wel extra opties willen, dan zul je dieper in de buidel moeten tasten.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.