ID.nl logo
JBL Tour Pro+ - luxe ogende oortjes
© Reshift Digital
Huis

JBL Tour Pro+ - luxe ogende oortjes

Met de JBL Tour Pro+ oortjes brengt het merk betaalbare bluetooth in-ears op de markt met ruisonderdrukking (ANC) en ambient modus. Bovendien durft JBL het aan om het ontwerp niet af te kijken van de AirPods. Allemaal pluspunten in het intro. Zijn de JBL Tour Pro+ oortjes ook de aanschaf waard?

De JBL Tour oortjes zijn draadloze in-ears, die qua uiterlijk een beetje lijken op de Samsung Galaxy Buds+. Het ontwerp is een dopje dat je in je oorschelp steekt. Wat opvalt is dat de JBL Tour Pro+ oortjes ontzettend luxe ogen. Hetzelfde geldt voor het ovaalvormige oplaaddoosje, met een matzwarte afwerking met glimmende accenten. Ledjes zijn subtiel in het doosje verwerkt, zodat je ziet of de oortjes verbonden zijn en wat de accustatus is. Het oplaaddoosje laad je op via de usb-c-poort of via een draadloze oplader.

Draagcomfort problematisch

De JBL Tour Pro+ hebben een wat eigenaardige vorm, waarbij het dopje vrij diep je gehoorkanaal in gaat. In mijn geval zonder echt vast te blijven zitten. Deze pasvorm zorgt ervoor dat m’n oren na verloop van tijd wat pijnlijk werden en dat bij beweging de koptelefoon uit m’n oren valt. Tijdens werk of onderweg blijven de in-ears prima zitten. Bij beweging zoals (hard)lopen niet. Hoewel deze ervaring per persoon, of zelfs per oor verschilt, was dit voor mij een hinderlijke ervaring.

De rubber tipjes, die dus vrij diep je gehoorkanaal in gaan, zijn vervangbaar. In de doos krijg je de tipjes in drie maten. Het kan dus zomaar zijn dat de JBL-oortjes jou beter passen. Gelukkig wisten de oortjes dankzij de passende tipjes mijn gehoorkanaal goed af te sluiten, zodat de geluidsbeleving en andere features goed genoeg getest konden worden.

©PXimport

©PXimport

JBL Tour Pro+ eigenschappen

De JBL Tour Pro+ zijn de meest luxe oortjes die het merk aanbiedt. Het verklaart het luxe ontwerp, maar ook qua eigenschappen heeft JBL alles uit de kast getrokken. Zo is er ruisonderdrukking aanwezig en een ambient modus, die geluid juist doorlaat (handig voor in het verkeer of op het werk). Ook is er een fraai vormgegeven app beschikbaar voor Android en iOS, waarmee je je JBL Tour Pro+ instelt en updatet.

Al die luxe komt wel met een prijskaartje: de oortjes kosten zo’n 200 euro. Zo’n prijs schept verwachtingen voor de geluidskwaliteit en accuduur, want voor minder geld kun je uitstekende bluetooth in-ears kopen zoals de Jabra Elite 85t, Apple AirPods Pro en de Oppo Enco X. Helaas weet de JBL Tour Pro+ de slag met deze concurrenten niet te winnen. De ruisonderdrukking en ambient modus zijn te weinig op te merken.

Ook de geluidsbeleving is niet heel erg overtuigend. Hoewel het geluid goed scoort op helderheid, wat gunstig is voor telefoongesprekken, podcasts en audioboeken, is het geluid niet erg krachtig. Muziek klinkt vrij zacht en als je het volume opschroeft raakt het basgeluid vervormd. Echt lekker opgaan in de muziek lukte me dus niet echt met de JBL Tour Pro+ oortjes, want als je wilt genieten van de details of meegaan in de volle bas moet je kiezen tussen een laag volume of vervormd geluid. Zonde, want de afstelling van midden-, hoge- en lage tonen lijkt prima.

De ingebouwde microfoons doen uitstekend hun werk, waardoor de oortjes (in combinatie met de geluidskwaliteit) prima zijn voor telefoongesprekken en videochats. Desgewenst kun je de microfoons ook gebruiken voor spraakbediening.

©CIDimport

©CIDimport

©CIDimport

©CIDimport

Accuduur

De accuduur van de JBL Tour Pro+ headset is natuurlijk afhankelijk van de luistermodus die je gebruikt. Heb je ambient modus of ruisonderdrukking aan staan, dan zal de accuduur korter zijn. Een uurtje of vier. Gebruik je de gewone afspeelmodus dan gaan de oortjes zo’n vijf uur mee op een volgeladen accu. Het oplaaddoosje heeft genoeg capaciteit om de oortjes bijna vijf keer volledig op te laden.

Conclusie: JBL Tour Pro+ kopen?

Alles aan de JBL Tour Pro+ straalt luxe uit. Van de oortjes tot het oplaaddoosje en de app. De concurrentie is echter moordend en JBL’s headset legt het af tegen de AirPods Pro, Oppo Enco X en Jabra Elite 85t. Het geluid mist net even teveel power en de afspeelmodi maken niet het verschil. Tevens viel het draagcomfort mij tegen.

Oké
Conclusie

**Adviesprijs** € 199,- **Kleur** zwart **Verbinding** Bluetooth 5.0 **Accu** 55 mAh (oortje), 510 mAh (oplaaddoosje) **Gewicht** 7 gram (oortje), 55 gram (oplaaddoosje) **Features** microfoon, ruisonderdrukking, omgevingsgeluidmodus **Opladen** Usb-c, draadloos **Website** [www.jbl.nl](https://www.jbl.nl/draadloze-oordopjes/TOUR-PRO-TWS-.html?dwvar_TOUR-PRO-TWS-_color=Black-GLOBAL-Current&cgid=true-wireless-headphones#start=1)

Plus- en minpunten
  • Luxe ontwerp en app
  • Gesprekskwaliteit
  • Draagcomfort
  • Geluid mist kracht
  • Ruisonderdrukking en ambient modus
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.