ID.nl logo
Wat is de terugverdientijd van een thuisbatterij?
© malp - stock.adobe.com
Energie

Wat is de terugverdientijd van een thuisbatterij?

Thuisbatterijen hebben de afgelopen tijd de interesse gewekt van de consument, maar tegelijkertijd wordt gezegd dat je de investering onmogelijk terugverdient. We vertellen je in dit artikel welke terugverdientijd je op dit moment van een thuisbatterij kunt verwachten, zodat je een weloverwogen keuze kunt maken.

In dit artikel vertellen we je: • Wat een thuisbatterij kost • Hoelang het duurt voordat je een thuisbatterij terugverdient • Welke andere redenen er zijn om een thuisbatterij te overwegen • Hoe je zonder thuisbatterij kunt besparen op je energierekening

Lees ook: Haal meer uit je zonnepanelen met een thuisbatterij

Met een thuisbatterij of thuisaccu kun je de stroom die je zonnepanelen opwekken opslaan voor later gebruik. Die opgeslagen stroom kun je vervolgens gebruiken op een moment dat de zon niet schijnt of als de energietarieven het hoogst zijn (in het geval van een dynamisch energiecontract). Hoewel je met een thuisbatterij in theorie kunt besparen op je energierekening, is het maar de vraag of je door de hoge aanschafkosten onderaan de streep iets overhoudt. 

Wat kost een thuisbatterij?

De exacte kosten voor een thuisbatterij hangen af van het merk, de accutechnologie, 1- of 3-fase-aansluiting en de capaciteit. Kleine thuisbatterijen, waar inje bijvoorbeeld slechts 2 kWh aan stroom kunt opslaan, zijn uiteraard goedkoper dan een grote thuisbatterij van bijvoorbeeld 12 kWh. De meeste thuisbatterijen liggen daar qua capaciteit tussenin. Voor een gemiddelde thuisbatterij van 6 kWh betaal je al snel rond de 4500 euro. Daar komen nog installatiekosten bij, en soms ook de kosten voor een omvormer. 

Het is ook mogelijk om een modulair systeem aan te schaffen. Hierbij koppel je meerdere thuisbatterijen aan elkaar. Dit geeft je een grotere opslagcapaciteit, maar daar staat tegenover dat je natuurlijk wel meer kwijt bent aan aanschafkosten. Wil of kun je niet in één keer meerdere thuisbatterijen aanschaffen? Met zo’n modulair systeem is het ook mogelijk om klein te beginnen en op een later moment uit te breiden met een extra thuisbatterij.

De prijs van een gemiddelde thuisbatterij van 6 kWh is momenteel dus vrij fors. Vooral als je bedenkt dat je op een gemiddelde zomerdag met 9 zonnepanelen zo’n 13 kWh aan stroom opwekt. Het is dus niet mogelijk om alle opgewekte zonne-energie op te vangen. Aan de andere kant wekken je zonnepanelen op een gemiddelde winterdag waarschijnlijk te weinig op om je thuisbatterij volledig vol te laden. 

Wat is de terugverdientijd van een thuisbatterij?

Hoelang het duurt voordat je de aanschafprijs van een thuisbatterij hebt terugverdiend, hangt af van verschillende factoren, zoals de kosten voor de aanschaf en installatie, de opslagcapaciteit, de energieprijzen en je jaarlijkse stroomgebruik.

Volgens onderzoeksbureau CE Delft duurt het zeker 15 jaar voordat je een thuisbatterij hebt terugverdiend. Dat is al vrij lang, maar er zit nog een flink nadeel aan. De levensduur van een thuisbatterij ligt slechts op 10 tot 15 jaar. Dat betekent dat het in veel gevallen vrijwel onmogelijk is om de thuisbatterij terug te verdienen, want de kans is groot dat de thuisbatterij het al ruim voor die tijd begeeft.

Je kunt daarom stellen dat de aanschaf van een thuisbatterij op dit moment helemaal niet aantrekkelijk is. Toch zeggen aanbieders van thuisbatterijen dat je er geld mee kunt verdienen. Dat klopt deels, aangezien je geld kunt verdienen door slim te handelen op de energiemarkt als je een dynamisch energiecontract hebt.

Lees ook: Alle voor- en nadelen van de soorten energiecontracten op een rij

De prijs van energie varieert bij een dynamisch energiecontract. Het ene uur betaal je meer voor stroom dan het andere uur. In plaats van het aanzetten van je wasmachine of vaatwasser in de goedkopere avonduren, kun je op het moment dat stroom goedkoop is ook een thuisbatterij opladen met stroom van het energienet. Je kunt deze stroom dan gebruiken op momenten dat het afnemen van stroom duur is. 

De energieprijzen zijn de afgelopen tijd echter weer gezakt. Met de huidige tarieven en de schommelingen tussen tarieven is het vrij lastig om de aanschafprijs van een thuisbatterij terug te verdienen. Bovendien wordt de salderingsregeling voorlopig nog niet afgeschaft.

©Solarwatt GmbH

Wanneer is een thuisbatterij wel (of niet) interessant?

De terugverdientijd van een thuisbatterij is momenteel zo hoog dat je de investering er nauwelijks uit krijgt. Denk je aan een thuisbatterij te kunnen verdienen, dan kom je waarschijnlijk van een koude kermis thuis. Dat wil niet zeggen dat een thuisbatterij helemaal niet de moeite waard is. Met een thuisbatterij ben je minder afhankelijk van het elektriciteitsnet. Je zorgt er namelijk voor dat je meer stroom afneemt van je eigen zonnepanelen. Daarmee ontlast je bovendien het net, al gaat het slechts om een klein beetje. 

Dat je op dit moment beter geen thuisbatterij kunt aanschaffen om voordeliger uit te zijn, wil niet zeggen dat dit altijd zo blijft. Het is te verwachten dat thuisbatterijen de komende jaren goedkoper worden in aanschaf. Verbeteringen in de technologie zullen uiteindelijk leiden tot goedkopere productieprocessen. Naarmate de vraag naar thuisbatterijen toeneemt, zal er ook sprake zijn van schaalvoordelen voor fabrikanten, wat je als consument gaat terugzien in de prijs.

Ook is het mogelijk dat er in de toekomst subsidies komen om een thuisbatterij aan te schaffen. Momenteel zijn die er nog niet, en ook dit jaar hoef je daar nog niet op te rekenen. Wanneer dan wel is nog maar de vraag. Wel kun je sinds 2024 de btw op thuisbatterijen terugvragen. Dat scheelt je 21 procent op de aanschafprijs, maar is nog niet genoeg om de terugverdientijd van een thuisbatterij aantrekkelijk te maken.

Heb je een elektrische auto, dan beschik je mogelijk al over een grote thuisbatterij. Sommige EV’s kunnen de stroom namelijk twee kanten op sturen. Dit heet bidirectioneel laden. Daar zijn twee soorten van. Met vehicle-to-grid kun je de accu van een auto niet alleen opladen, maar ook ontladen. Oftewel: je kunt stroom terugleveren naar het elektriciteitsnet. Daarnaast heb je vehicle-to-home, waarbij de stroom van je autoaccu niet alleen teruggeleverd kan worden aan het net, maar ook gebruikt kan worden om je eigen woning in de daluren van stroom te voorzien. Er zijn echter nog maar weinig elektrische auto’s die dit kunnen.

Lees ook: Wanneer kunnen we bidirectioneel laden in Nederland?

Milieu-impact Het is ook belangrijk om je te realiseren dat het maken van een thuisbatterij erg belastend is voor het milieu. Voor het produceren van deze accu’s zijn metalen zoals lithium, kobalt en nikkel nodig. De verwerking van deze materialen leidt tot milieuschade, zoals watervervuiling.

©Basilicostudio Stock

Met deze aanpassingen bespaar je wél op je energierekening

Wil je besparen op je energiekosten, dan zijn er andere manieren om dit voor elkaar te krijgen, want op dit moment kost een thuisbatterij je juist geld. Waar zonnepaneelbezitters doorgaans rond de 30 procent van de zonnestroom die hun panelen opwekken zelf gebruiken, kun je er met kleine aanpassingen voor zorgen dat dit percentage oploopt. 

De stroom die je zelf gebruikt, hoef je niet te kopen bij een energieleverancier. Daarom is het slim om je wasmachine of vaatwasser te laten draaien op het moment dat de zon schijnt. Dat geldt ook voor het opladen van je of elektrische auto. Bovendien zijn steeds meer energieleveranciers gestart met het rekenen van een toeslag aan zonnepaneeleigenaren. De hoogte van dat bedrag is vaak hoger naarmate je meer teruglevert. Dat maakt het nog gunstiger om meer van je zelf opgewekte zonnestroom zelf te gebruiken. 

Lees ook: Hoe verbruik je zelf meer van je eigen zonnestroom?


☀️ 🔋 Is een thuisbatterij voor jou de moeite waard? Vergelijk dan aanbieders en offertes!

Vraag een offerte aan voor thuisbatterij:

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.