ID.nl logo
Wat moet ik kiezen? Voor- en nadelen van alle soorten energiecontracten
© LEONID IASTREMSKYI
Zekerheid & gemak

Wat moet ik kiezen? Voor- en nadelen van alle soorten energiecontracten

Wie een ander energiecontract wil, heeft heel wat te kiezen. Naast een vast en variabel energiecontract is ook het dynamisch energiecontract in trek. Om je te helpen de juiste keuze te maken, zetten we de voor- en nadelen van alle vormen van energiecontracten voor je op een rij.

In dit artikel vertellen we je:

  • Wanneer een vast energiecontract interessant is (en wanneer niet)
  • Welke voor- en nadelen een variabel energiecontract heeft
  • Wat een dynamisch energiecontract inhoudt en waar je op moet letten

Ook interessant: Dit betekent de nieuwe Energiewet voor jou

Vast energiecontract: voordelen en nadelen

Een vast energiecontract biedt de meeste zekerheid, helemaal na het einde van het prijsplafond in januari 2024. De leveringsprijzen van elektriciteit en gas blijven hetzelfde, zolang je contract loopt. Je kunt vaak een contract voor één jaar of voor drie jaar afsluiten. Daarna wordt je contract automatisch omgezet in een variabel contract, tenzij je weer een nieuw vast contract afsluit. Met een vast energiecontract heb je dus geen zorgen over prijsschommelingen op de energiemarkt. Je weet gedurende de looptijd precies waar je aan toe bent en je hoeft niet bang te zijn voor plotselinge prijsstijgingen. 

Lees hier hoe een vast energiecontract je honderden euro’s kan besparen.

Aan de andere kant is er ook een kans dat de energieprijzen niet stijgen maar zakken. Daardoor betaal je misschien wel meer dan wanneer je een variabel contract had. Het is lastig te voorspellen wat de energieprijzen in de toekomst doen. Daarom is een vast energiecontract vooral verstandig als je de tarieven binnen het contract acceptabel vindt en niet het risico wil lopen dat de energieprijzen het komende jaar (of jaren) stijgen. 

©nevodka.com - stock.adobe.com

Het ‘vaste’ aan deze contractvorm zorgt er ook voor dat je er minder makkelijk vanaf komt. Tussentijds overstappen van energieleverancier is mogelijk, maar dan heb je te maken met een opzegvergoeding. Voorheen was dat bedrag nog te overzien, maar sinds juni 2023 ben je een stuk meer kwijt bij voortijdige opzegging. Zeg je het contract vóór de einddatum op, dan moet je als klant namelijk het bedrag bijleggen dat de leverancier misloopt door je vertrek. Hoe hoog deze ‘opzegboete’ precies is, verschilt per situatie. Je mag er echter van uitgaan dat het bedrag een stuk hoger ligt dan de 50 tot 125 euro die voorheen gold (zeg je zowel stroom als gas op, dan wordt dit bedrag verdubbeld). 

Ben je van plan om binnenkort te verhuizen? Houd er rekening mee dat een vast energiecontract op je naam staat en niet op je adres. Verhuis je bijvoorbeeld van een huis met gasaansluiting naar een gasloze woning? Dan blijf je zolang je vast energiecontract loopt wel de vaste leveringskosten en netbeheerkosten betalen, terwijl je geen gas meer gebruikt.

Ook interessant: Is het slim om (weer) een vast energiecontract af te sluiten?

Ben je voordeliger uit bij een andere aanbieder?

Check of overstappen de moeite waard is!

Voor- en nadelen van variabel energiecontract

Een variabel energiecontract is een contract voor onbepaalde tijd, wat inhoudt dat je het contract op ieder moment kunt opzeggen. Je bent dus erg flexibel, maar daar staat tegenover dat de energietarieven iedere maand kunnen wijzigen. Je kunt de ene maand dus voordeliger uit zijn dan de andere. Het is ook mogelijk dat je over een jaar fors meer betaalt dan als je nu een vast contract voor drie jaar had afgesloten.

Is er sprake van een dalende energieprijs, dan is een variabel energiecontract erg interessant. Je profiteert immers van de lagere energieprijzen. Het is echter niet altijd even duidelijk of er wel sprake is van een dalende energiemarkt. Bovendien kan het sentiment ook zomaar omslaan, bijvoorbeeld door een oorlog. Omdat het een contract voor onbepaalde tijd betreft, kun je in het geval van flinke stijgingen ook snel alsnog een vast contract afsluiten. De kans is echter aanwezig dat ook de prijzen voor vaste contracten zijn gestegen. Je dekt jezelf echter wel in als de prijzen nóg hoger worden.

Doordat je energietarieven iedere maand verschillen, weet je wat minder goed waar je aan toe bent. Je kunt dan ook het best van een hoger maandbedrag uitgaan dan je eigenlijk verwacht, zodat je niet voor verrassingen komt te staan.  

Dynamisch energiecontract: de voors en tegens

Het dynamisch energiecontract werkt wat anders dan bovenstaande contractvormen. Er is namelijk geen sprake van een vast energietarief gedurende de hele looptijd (zoals bij een vast contract), maar er is ook geen wisselend maandtarief (zoals bij een variabel contract). In plaats daarvan betaal je de actuele beursprijs van elektriciteit en gas. Die prijzen schommelen ieder uur voor elektriciteit en iedere dag voor gas. Zoals bij elk contract is het belangrijk om de prijsverschillen tussen aanbieders te vergelijken

©alice_photo - stock.adobe.com

De tarieven kunnen soms zelfs negatief zijn. Dat betekent dat je geen geld hoeft te betalen, maar juist geld krijgt als je energie gebruikt. Dit kan gebeuren op momenten dat het stroomnet overvol is. In de praktijk komt dit niet vaak voor. Bovendien kunnen de prijzen de rest van de tijd hoog zijn, waardoor je er uiteindelijk alsnog geen profijt van hebt. Voor eigenaren van zonnepanelen kan een dynamisch contract bovendien nadelig uitvallen als je stroom levert op het moment dat het stroomnet overvol is. De teruglevertarieven zijn namelijk gekoppeld aan de huidige marktprijzen. Bij negatieve prijzen betaal je daardoor voor het terugleveren van energie.

Zo’n dynamisch energiecontract is dus heel interessant als je energie gebruikt op uren dat de energieprijzen het laagst zijn. Dat helpt ook bij het voorkomen van een overvol stroomnet. De energieprijzen zijn namelijk hoger in de piekuren, wanneer het gros van de Nederlandse huishoudens energie gebruikt. Zo’n contract is dan ook vooral interessant als je overdag (of misschien wel ‘s nachts) de wasmachine en droger laat draaien, of bijvoorbeeld je elektrische auto oplaadt. Lees ook onze tips voor slim laden met een dynamisch energiecontract.

Tip: na 1 januari 2024 wordt gas wat duurder en stroom wat goedkoper. Het kan aantrekkelijk zijn om een kamer te verwarmen met bijvoorbeeld een elektrisch kacheltje.

Een nadeel van een dynamisch energiecontract is echter dat het tijdsintensief kan zijn om gedurende de dag steeds te monitoren wanneer de tarieven het laagst zijn. De tarieven kunnen van uur tot uur en van dag tot dag flink schommelen. Als je de huidige prijzen niet actief in de gaten houdt, kan een dynamisch contract ertoe leiden dat je energiekosten veel hoger uitvallen dan bij een vast of variabel energiecontract. 

Lees ook: Zo maak je de uurprijzen van een dynamisch energiecontract visueel.


🌡️Minder gas en meer stroom gebruiken? Met een airco verwarm en koel je alleen de ruimtes die je gebruikt!
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.