ID.nl logo
Waterdichte fietstas: droge plek voor je kostbare spullen
© Hans de Looij
Mobiliteit

Waterdichte fietstas: droge plek voor je kostbare spullen

Wie er dagelijks of regelmatig met de fiets op uit trekt, heeft behoefte aan een droge, waterproof opbergmogelijkheid voor de spullen die meegenomen worden. Of het nu gaat om woon-werkverkeer, boodschappen doen of langere fietstochten, een waterdichte fietstas is een nuttige investering die bescherming biedt tegen de elementen en bijdraagt aan een zorgeloze fietsrit.

Als je fietst, moet je je handen vrij hebben. Tassen aan het stuur hangen is geen veilige manier om op pad te gaan. Je komt voor het meenemen van je spullen al snel uit op een fietstas. Maar welke zijn er en waar moet je op letten? In dit artikel lees je meer over de volgende aspecten van fietstassen:

  • Waarom een waterdichte fietstas?
  • Materiaal en uitvoering
  • Montage en bevestiging
  • Waarom een waterdichte fietstas?
  • Verzorging en onderhoud
  • Welke waterdichte fietstassen zijn er?
  • Graveltassen
  • Fietstasmerken

Lees ook: 10 handige accessoires voor je e-bike

Fietsen bij natte weersomstandigheden stelt hoge eisen aan je uitrusting. Dat geldt niet alleen voor een regenjack, maar ook voor een fietstas. Een doorsnee-fietstas geeft je echter niet altijd de zekerheid op waterdichtheid. Hierdoor kunnen je spullen nat worden. En als een fietstas eenmaal vocht doorlaat, worden je spullen onherroepelijk nat en kan het in het geval van een laptop onherstelbare schade betekenen. Kies daarom altijd voor een waterproof fietstas. Een fietstas met een bijgeleverde regenhoes biedt ook bescherming, maar sluit nooit hermetisch af en geeft vocht toch de kans om binnen te dringen.  

Materiaal en uitvoering

Hoogwaardige waterdichte fietstassen moeten in eerste instantie tegen een stootje kunnen. Ze zijn meestal gemaakt van stevige materialen, zoals polyester met een pvc-coating, TPU of Cordura Polyamide nylon met een waterdichte coating aan de binnenzijde. De naden zijn dikwijls gelast, om te voorkomen dat er op deze gevoelige plekken water binnendringt. Door genoemde toepassingen zijn waterdichte fietstassen vaak wat stugger in het gebruik. Met een rolsluiting kan de fietstas hermetisch worden afgesloten, waardoor ook via de bovenzijde geen vocht kan binnendringen. Kleinere fietstassen zijn vaak voorzien van een waterdichte ritssluiting  

Montage en bevestiging

De manier waarop een waterdichte fietstas aan de fiets wordt bevestigd, is van cruciaal belang voor de stabiliteit en veiligheid ervan. Ieder merk heeft zijn eigen bevestigingssysteem, kijk bij de aanschaf van een fietstas dus goed naar het bedieningsgemak van de sluitingen. Bij stuurtassen wordt veel gebruiktgemaakt van het Klickfix-systeem, universeel sluitingssysteem waarbij een adapter op het stuur wordt bevestigd. Met één simpele handeling kun je vervolgens de stuurtas met Klickfix-sluiting vastklikken. Bij de goedkopere tassen wordt het bevestigingssysteem vaak vervangen door riempjes.

🚲Leestip:Een fietstas vastmaken op je e-bike doe je zo

©Hans de Looij

Verzorging en onderhoud

Om de levensduur van je waterdichte fietstas te verlengen en ervoor te zorgen dat deze optimale bescherming blijft bieden, is regelmatig onderhoud essentieel. Maak de tas na elke rit in de regen of op vuile wegen schoon en zet je fiets droog weg om schimmelvorming te voorkomen. Controleer de tas regelmatig op eventuele beschadigingen en kijk of het bevestigingssysteem nog goed vastzit en geen haperingen vertoont.

Welke waterdichte fietstassen zijn er?

Bagagedragertas: deze fietstas wordt aan één of beide zijden van de bagagedrager gemonteerd. De tas is stevig uitgevoerd en biedt in de regel voldoende ruimte voor boodschappen, kleding en andere grotere spullen. Geroemd worden de bagagedragertassen van de Duitse merken Ortlieb en Vaude. De hoogwaardige tassen van genoemde merken worden veel gebruikt door wereld- en vakantiefietsers die hoge eisen stellen aan hun uitrusting. Onderdelen voor deze tassen zijn tot in lengte van dagen verkrijgbaar. Maar ook voor intensief dagelijks gebruik zijn de waterdichte fietstassen van Ortlieb en Vaude uitermate geschikt.

©Hans de Looij

Voordragertas: de tas aan de voordrager is meestal een kleinere versie van de bagagedragertas. De tas wordt bevestigd aan een speciale voordrager die wordt bevestigd op de voorvork. Ook zijn er nieuwe systemen waarbij de tas vastklikt op een voorvorkhouder. Voordragertassen worden eigenlijk alleen toegepast voor meerdaagse fietsreizen waar je behoefte hebt om meer bagage mee te nemen. Ze vormen een mooie opbergplek voor een toilettas, boodschappen en regenspullen die je snel wilt pakken.

Stuurtas: een populaire tas die in de praktijk veel wordt gebruikt om met name kostbare spullen als een mobiele telefoon, fototoestel en portemonnee in op te bergen. Door de positie aan het stuur zijn de spullen makkelijk bereikbaar, ook beschikt de tas vaak over een apart doorzichtig vak voor een routekaart. Verder is een stuurtas vaak eenvoudig los te koppelen en kun je de tas met een bijgeleverde riem als schoudertas meenemen naar een terras of winkel. Je hebt je kostbare spullen dan altijd onder handbereik. Een stuurtas met riembevestiging is voordeliger, maar is in de praktijk toch minder handig.

Zadeltas: deze kleine tas wordt met een riempje of kliksysteem aan de zadelbrug van het zadel bevestigd en leent zich uitstekend voor het opbergen van kleinere spullen zoals bandenplakspullen en gereedschap.

Kleine reparatie aan je fiets?

Met een Zwitsers zakmes heb je altijd je eigen gereedschap bij je

Frametas: een frametas wordt in het frame gemonteerd. Bij herenframes is dat in de driehoek onder de zadelpen of onder aan de stang. Ideaal om gereedschap en kleine accessoires in op te bergen.

©Hans de Looij

Graveltassen

Sinds de opkomst van de gravelfiets is ook het fenomeen bikepacking een feit. Hierbij wordt een gravelfiets uitgerust met een paar functionele fietstassen en zijn meerdaagse tochten mogelijk. Zo´n ontwikkeling wakkert ook de vraag naar waterdichte tassen aan. Fabrikanten springen hier gretig op in met een roltas voor tussen het stuur, een tas voor in het frame en een langwerpige fietstas voor onder het zadel. Als bikepacker wil je natuurlijk dat je bezittingen droog blijven, waterdichtheid van het materiaal is ook hier een must. Vrijwel alle bekende fietstasmerken bieden een complete lijn aan bikepackingtassen.

Fietstasmerken

In de fietsbusiness zijn er heel merken actief die fietstassen verkopen. Deze merken kunnen we vanuit eigen kennis en ervaring aanraden: Ortlieb, Vaude, Thule, Decathlon, AGU, Basil, Willex, Brooks, Valkental, New Looxs, Beck, Jack Wolfskin, Contec en XLC.


▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.