ID.nl logo
Wat is een slimme lamp en welke lampen zijn er?
Zekerheid & gemak

Wat is een slimme lamp en welke lampen zijn er?

Een slimme lamp voor in huis is vaak een eerste stap richting een smarthome. Slimme lampen heb je in allerlei soorten, vormen en maten en doen verschillende dingen. Bovendien ondersteunen ze allerlei verschillende smarthomesystemen (soms niet), waardoor er best wat dingen zijn waar je rekening mee moet houden. We nemen je mee langs alle opties.

Mogelijk ben je al in aanraking gekomen met het concept van de slimme lamp. Iemand uit je vriendenkring roept ineens “Hey Google, doe de lampen in de eetkamer aan”, of rommelt wat op zijn of haar smartphone, waarna er ineens lampen aanspringen. Soms merk je niet eens dat slimme lampen hun werk doen, bijvoorbeeld wanneer ze aan gaan via een vooraf ingesteld schema. Dan zit je op de bank koffie te drinken met gezelschap, terwijl je je ineens realiseert dat het buiten donker en binnen licht is. Zonder dat je zelf iets hebt hoeven regelen daarvoor.

Wat is een slimme lamp?

Wanneer je die concepten begrijpt, dan weet je eigenlijk meteen al wat een slimme lamp precies is en kan betekenen in jouw leven. Maar we gaan toch nog even naar de basis. Een slimme lamp is een lamp die via wifi of bluetooth te bedienen is. Ze passen meestal in de lampenhouders die je her en der in huis hebt staan of hangen, waardoor je geen nieuwe accessoires hoeft aan te schaffen. Je vervangt een slimme lamp zoals je een oude led- of misschien nog wel gloeilamp zou vervangen: je draait het oude peertje eruit en draait de nieuwe lamp in de houder.

Nadat je een slimme lamp installeert, kun je hem via de app van het merk instellen. De app gaat op zoek naar zojuist geïnstalleerde lampen en voegt die toe nadat ze gevonden zijn. Vervolgens kun je een aantal dingen doen. Je kunt een lamp in- en uitschakelen, met een druk op een digitale knop. Maar je kunt ze ook bedienen met een accessoire, zoals een knop die via hetzelfde systeem gekoppeld is aan de slimme verlichting in huis. Waarom is dat nodig? Nou, om de slimme lamp te laten werken, moet de standaardschakelaar altijd op ‘aan’ staan.

Want alleen dan kan het systeem achter de slimme lamp een seintje geven dat een lamp aan of uit staat of van kleur of helderheid verandert. Verder kun je een schema instellen, zodat de lampen aanspringen op het moment dat de zon ondergaat (of op andere vasten tijden) en uitgaan wanneer je ongeveer gaat slapen. Het systeem achter een slimme lamp kan overigens verschillen. Soms is dat bluetooth, soms is dat wifi – twee termen waar je wellicht bekend mee bent. Maar het kan ook zijn dat je te maken krijgt met Zigbee of Z-Wave; dit zijn smarthomeprotocollen.

Nooit meer opstaan om je lampen aan te zetten.

Met of zonder hub?

Wanneer je een systeem van slimme lampen via een hub aan je draadloze wifi-netwerk verbindt, dan bedien je die in feite via wifi. Je smartphone of tablet stuurt dan een signaal, vanuit de app, via wifi naar de router. De router stuurt hem door naar de hub en de hub bedient vervolgens de lamp. Geen ingewikkeld of tijdrovend proces, want de handelingen worden vrijwel direct uitgevoerd. Mocht je geen hub nodig hebben, dan kan het ook zijn dat je je lampen direct via wifi aanstuurt. Dan moet je elke lamp dus apart toevoegen aan het draadloze netwerk in huis.

Beide systemen hebben zo hun voor- en nadelen. Wanneer je een hub gebruikt, dan kleeft daar meestal een beperking in de vorm van een maximaal aantal lampen aan vast. De verbinding is en blijft dan wel snel, aangezien alle seintjes van de router naar een hub gaan, die dan verder de boel regelt. Wanneer je een systeem zonder hub gebruikt, dan scheelt dat een stekker in huis. Ook heb je dan een minder grote beperking, omdat een router mogelijk meer apparaten ondersteunt. Maar ondertussen wordt het dan wel druk op je netwerk, waardoor eigenlijk alles trager kan verlopen.

Of je nou voor een systeem met of zonder hub kiest, de voordelen zijn duidelijk. Op toegankelijke wijze kun je allerlei lampen in huis aansturen: zowel handmatig als automatisch. Daarnaast kunnen ze meer kleuren laten zien dan ‘domme’ lampen en kun je ook de helderheid aanpassen. Verder is het zo dat je geld kunt besparen. Slimme lampen zijn namelijk ook led-lampen, die een stuk efficiënter omgaan met energie dan ouderwetse lampen. Het nadeel is dat dergelijke systemen aanvullen een dure grap kan zijn, maar dat is afhankelijk van het systeem dat je uitkiest.

Accessoires, lampsoorten en smarthomesystemen

Specifieke merken bieden verschillende accessoires, lampsoorten en ondersteuning voor smarthomesystemen aan. Zo kun je schakelaars kopen die verschillende functies aanbieden, zoals in- en uitschakelen of van kleur of helderheid veranderen. Daarnaast kun je soms ook kiezen voor slimme stekkers binnen hetzelfde systeem, waardoor je ook lampen kunt toevoegen waarvan nog geen slimme lampensoort bestaat. Je stopt dan de stekker van die lamp in het slimme contactpunt, voegt de accessoire toe en kunt hem vervolgens opnemen in je routines of schema’s.

Aan lampsoorten hebben we echter geen gebrek. Je hebt standaardlampen met standaardaansluitingen zoals je die al kent, zoals E27 of E14. Maar er zijn ook lichtstrips, led-balken, plafondlampen (zowel hangend als direct aan het plafond), vloerlampen, bureaulampen, muurdecoratie en spotlights. Je hebt lampen die je alleen binnen kunt gebruiken, lampen die voor buiten geschikt zijn en lampen die je kunt optillen en werken op een accu. Die neem je dan gewoon overal mee naartoe waar je wil en zijn bovendien gewoon via de app in te stellen.

Tot slot behandelen we nog kort enkele smarthomesystemen. Dit zijn slimme systemen waar je allerlei andere producten onder kunt scharen. Zo heb je Google Home, waardoor je via de Google Assistent commando’s kunt geven. Ook is er HomeKit van Apple, waar Siri tot je dienst staat. En dan hebben we nog uitgebreidere systemen als Homey of Home Assistant, evenals de doe-het-zelvers van IFTTT (If This Then That). Samsung heeft bijvoorbeeld nog SmartThings. Dit klinkt allemaal heel ingewikkeld en daarom is Matter uitgevonden: hét protocol dat de versplintering tegengaat.

De slimme lamp en zijn systemen

Slimme lampen vind je in allerlei slimme systemen. Alle systemen hebben voor- en nadelen, hoge en lage prijzen en verschillend aanbod als het om lampsoorten gaat. Hieronder kijken we naar de meest populaire systemen voor slimme lampen van dit moment, inclusief een actueel aanbod met linkjes naar interessante artikelen op ID.nl. Denk dan aan reviews, maar ook aan achtergrondartikelen. Vergeet ook niet het meest recente aanbod te blijven checken.

Philips Hue

Het meest bekend merk van dit moment is waarschijnlijk Philips Hue. Dit is tevens één van de meest uitgebreide systemen van dit moment, bestaande uit tal van lampsoorten en accessoires. Ook ondersteunt Philips Hue ontzettend veel smarthomesystemen en heb je de optie uit bediening via wifi (maar in feite Zigbee) of bluetooth. Via de app kun je alles regelen: van kleuren tot helderheid en van bediening tot schema’s. Met een uitgebreid aanbod voor zowel binnen als buiten, kun je haast niet misgaan met dit systeem – mits je bereid bent diep in de buidel te tasten.

Review: Philips Hue Centris

Review Philips Hue Wall Switch

Wiz

Wiz is eigenlijk een zustermerk van Philips Hue, die samen onder moederbedrijf Signify opereren. Wiz biedt eveneens een uitgebreid binnenaanbod van lampen aan, heeft een app waarmee je veel zaken kunt regelen, heeft enkele accessoires en is meestal iets goedkoper in de aanschaf ten opzichte van Philips Hue. Het systeem is te bedienen via wifi (zonder Zigbee) of bluetooth. Daardoor zijn er iets minder opties beschikbaar. Maar daar is de prijs dan ook neer.

Nieuws: SpaceSense van Wiz doet lampen zelf aan of uit

Nanoleaf

Nanoleaf is een modulair lichtssysteem. Je neemt verschillende panelen, in verscheidene vormen, af bij het bedrijf en kunt vervolgens een vorm op de muur aanmaken. De panelen zijn allemaal afzonder in te stellen en bieden in de app patronen aan die je kunt visualiseren. Dit is meer ter aanvulling van een coole setup of huiskamerindeling en minder bedoeld als standaard slimme verlichting voor in huis. De starterkits zijn vrij prijzig, waardoor dit systeem niet voor iedereen is. Maar mocht je wat geld willen uitgeven aan de presentatie van een kamer, dan misstaat dit systeem niet. Gelukkig ondersteunt Nanoleaf enkele systemen als Google Assistent en HomeKit.

Lifx

Lifx is een Philips Hue-alternatief dat gebruikmaakt van wifi. De lampen ondersteunen tot duizend verschillende wittinten en tot zestien miljoen kleuren. Je hebt deze lampen in allerlei soorten en maten, die je allemaal via een app of stemassistent bedient. Het mooiste aan dit systeem voor de slimme lamp is dat er heel veel toffe functies in de app gebakken zitten, waardoor je de lampen bijvoorbeeld op de maat van de muziek kunt laten reageren. Je betaalt daar wel flink voor.

Innr

Innr is een merk voor slimme lampen dat voor op de portemonnee let. De lampen zijn snel en eenvoudig in te stellen en zelfs op te nemen binnen het Zigbee-netwerk van Philips Hue. Daardoor heb je een alternatief voor de prijzige lampen van dat systeem. Mocht je dat niet zien zitten en gewoon helemaal voor Innr willen gaan, geen probleem: dan haal je gewoon de Innr Bridge in huis. Je hebt de keuze uit een flink aantal soorten lampen, dus aan variatie geen gebrek.

IKEA

De Zweedse meubelmaker IKEA heeft eveneens een slim systeem voor lampen: Tradfri. Dit is waarschijnlijk de goedkoopste speler op de markt, met ook het kleinste aanbod. Mocht je een bestaand systeem even snel willen uitbreiden met een simpele, doch slimme lamp, dan kun je even snel de Ikea binnenlopen er eentje scoren.

Ben je zelf ook benieuwd naar slimme verlichting voor in huis? Hier vind je een hoop interessante producten!

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.