ID.nl logo
Synology of Qnap: Verschillen en overeenkomsten
© Reshift Digital
Huis

Synology of Qnap: Verschillen en overeenkomsten

Een nas biedt centrale opslagruimte in een netwerk, met als voordeel dat je de opgeslagen bestanden vanaf elk apparaat kunt benaderen. Maar daar houden de mogelijkheden nog (lang) niet mee op. Een moderne nas kan zelfs een complete server vervangen. Ben je op zoek naar een nas, dan vraag je je misschien af: Synology of Qnap. In dit artikel belichten we verschillen en overeenkomsten tussen deze populaire nas-merken.

Een nas is hoofdzakelijk bedoeld om bestanden centraal in het (thuis)netwerk op te slaan. Dat is heel praktisch, opgeruimd en overzichtelijk. Alle foto’s en video’s van de vakantie kun je bijvoorbeeld naar een gedeeld fotoalbum kopiëren, wat meteen ruimte vrijmaakt op het originele opslagapparaat. En je kunt ze evengoed gewoon bekijken met bijvoorbeeld de app van je nas. Maar eigenlijk is dat nog maar het begin.

De nas heeft er de afgelopen jaren veel functies bijgekregen en kan – mede door de toegenomen rekenkracht – met gemak een kleine thuisserver vervangen. Zo vormt de nas een echte spil in je netwerk, zonder het ingewikkelde beheer dat vaak met een ‘echte’ server gepaard gaat. Hoewel Synology marktleider is, heeft ook Qnap een aantrekkelijk aanbod.

Software: QTS vs DSM

Het in gebruik nemen van een nas is even een klusje, maar daarna heb je er eigenlijk geen omkijken meer naar. De eerste stap is het plaatsen van de harde schijven, gevolgd door het opsporen van het apparaat in het netwerk en installeren van de besturingssoftware. Voor het verdere beheer log je in met een browser. De nas kan de meterkast in.

Belangrijker dan de hardware is de software op de nas, zeker als je er meer mee wilt doen dan alleen netwerkopslag. Hier zien we dat Qnap en Synology vrijwel dezelfde mogelijkheden bieden, maar erg verschillen qua werkomgeving en gebruiksgemak. De gebruikersinterface in de browser lijkt in beide gevallen wel een compleet besturingssysteem, inclusief vensters voor instellingen en toepassingen.

Je kunt QTS van Qnap online proberen op qnap.com/nl-nl/live-demo en vergelijken met DSM van Synology op demo.synology.com/nl-nl/dsm. Deze demonstratieomgevingen zijn wel iets minder interactief dan in de praktijk. QTS is erg kleurrijk en de configuratiemogelijkheden zijn uitgebreid, maar we vinden DSM wat mooier, verzorgder en gebruiksvriendelijker. Dat komt onder meer doordat de schermen meer doordacht zijn, lastige instellingen worden verborgen, de vertalingen beter zijn en hulpteksten uitgebreider.

©PXimport

©PXimport

Snapshots

Nadat de besturingssoftware is geïnstalleerd, moet je de opslag inrichten. Hierbij geeft Qnap wat stof tot nadenken, bijvoorbeeld of een volume statisch, thick of thin moet zijn en of er ruimte voor snapshots moet worden gereserveerd. Zulke snapshots zijn in feite momentopnames van een schijfvolume en kunnen een redding zijn bij een virus of een aanval van ransomware, omdat je het hele volume (maar ook afzonderlijke bestanden en mappen) kunt terugzetten vanaf een snapshot. Elke snapshot bevat alleen de veranderingen vergeleken met de vorige snapshot. Dat bespaart veel ruimte en je kunt bijvoorbeeld elk uur of elke dag een snapshot maken. Ook maak je gebruikers aan via QTS.

Bij Synology werken snapshots iets eenvoudiger door inzet van het zogeheten Btrfs-bestandssysteem. Nadat je de opslagruimte hebt gemaakt, voeg je gebruikers en gedeelde mappen toe, waarbij je per map kiest wie er toegang toe hebben, en of ze mogen lezen of ook schrijven.

Synchroniseren

Je kunt mappen op de nas natuurlijk rechtstreeks benaderen via het netwerk, wat prima is voor bijvoorbeeld een software- of videoarchief. Voor administratie, documenten, foto’s of andere bestanden die je vaak bewerkt, is het praktischer om de mappen op de pc te synchroniseren met de gedeelde mappen op de nas. Qnap heeft daarvoor QSync, dat ongeveer hetzelfde werkt als Cloud Station van Synology. Het principe doet denken aan cloudopslag zoals Dropbox, met het verschil dat je de eigen nas gebruikt met doorgaans veel meer ruimte én een snellere verbinding.

Je zou het ook als extra back-up kunnen zien: de bestanden staan immers zowel op de pc zelf als de nas. Een van de extraatjes is dat je eerdere versies van bestanden kunt bewaren tot een instelbaar aantal versies terug. Handig om een bewerking te herstellen, net als het delen van bestanden via een link.

Extra toepassingen

Qnap biedt net als Synology een groot aantal extra toepassingen die je op de nas kunt installeren. Populair zijn Video Station en Music Station voor het beheren van respectievelijk een film- en muziekcollectie. Je benadert de inhoud vanaf bijvoorbeeld de smart-tv’s, mediaspelers, spelcomputers maar ook – via een app – met smartphone of tablet. Als de standaardtoepassingen niet bevallen, kun je ook uiteenlopende toepassingen van derden installeren, zoals het populaire Plex Media Server. Veel toepassingen kun je eenvoudigweg via App Center installeren.

©PXimport

Docker-container

Als je iets mist, kun je net als bij Synology ook met zogeheten Docker-containers aan de slag. Dat klinkt ingewikkeld, maar het komt er eigenlijk op neer dat je een volledig systeem (met besturingssysteem en toepassingen) laat meedraaien op de nas, los van de rest van het systeem. Het toverwoord is virtualisatie.

Het is een relatief eenvoudige manier om bijvoorbeeld een downloadserver op te zetten (waar overigens ook ingebouwde toepassingen voor zijn) of met WordPress of Home Assistant aan de slag te gaan. Qnap gaat hierin nog wat verder dan Synology.

Foto’s en video’s beheren

Het beheren van je eigen foto’s en video’s lukt goed met de nas van Qnap, al zijn wat meer handelingen nodig dan bij Synology. Je maakt eerst een gedeelde map voor de bestanden met de gewenste toegangsrechten. Vervolgens moet je in de Multimedia Console de map als zogeheten inhoudsbronmap aanmerken, zodat de inhoud ervan wordt geïndexeerd. In Photo Station kun je daarna de inhoud beheren en albums maken.

Een speciale vermelding verdient QuMagie, een toepassing die via kunstmatige intelligentie automatisch mensen, dingen en plaatsen op foto’s herkent en groepeert. Hierdoor kun je alle foto’s met een bepaalde persoon opvragen. Ook groepeert het alle foto’s met ‘dingen’, waarin het veel verdergaat dan Moments van Synology. We zagen bijvoorbeeld niet alleen groep verschijnen met alle dieren (inclusief vogels), maar ook een groep met alleen vogels en zelfs met alleen papegaaien. Het herkent ook bepaalde bloemen en planten.

Perfect is het niet, maar het is een leuk hulpje als je bijvoorbeeld een vuurtoren in je fotoverzameling zoekt. Het groeperen van foto’s rondom plaatsen is al net zo praktisch. En je hoeft er weinig voor te doen, los van het benoemen van de mensen op de foto’s.

©PXimport

Videobewaking

Nog een toepassing die we graag uitlichten, is videobewaking. Heb je één of meerdere ip-camera’s in en om het huis, dan is een nas een ideaal apparaat om de beelden te verzamelen. Die beelden bekijk je op bijvoorbeeld je pc. En je ontvangt een melding bij bijvoorbeeld beweging. Qnap’s Surveillance Station is gedateerd en niet zo fijn als het gelijknamige pakket van Synology. Maar het nieuwere en modernere QVR Pro maakt veel goed, al is er een krachtige nas voor nodig. Daar staat tegenover dat je zonder meerprijs acht camera’s toevoegt, terwijl je bij Synology meestal maar twee cameralicenties krijgt en voor elke extra licentie bijna 50 euro moet neertellen.

Lees hier meer over camerabewaking op je nas.

Conclusie

Een nas biedt een zee aan mogelijkheden, veel meer dan alleen bestandsopslag. De verschillen tussen Qnap en Synology zijn klein. Het is duidelijk dat de concurrenten niet voor elkaar willen onderdoen. Qnap biedt meer configuratiemogelijkheden, maar is minder gebruiksvriendelijk. Het instellen gaat bij Synology vanzelfsprekender. Het is wat dat betreft een beetje als Android versus iOS. Als je het nodig hebt, bieden de extra aansluitingen en uitbreidingsmogelijkheden die Qnap op veel modellen biedt wel een meerwaarde.

Ook vinden we QuMagie een interessante toevoeging, omdat je hiermee op een heel handige manier door foto’s kunt bladeren. En voor camerabewaking is QVR Pro een mooie en moderne optie, met een riante acht cameralicenties.

Om je thuisnetwerk en alle verbonden apparaten optimaal te laten draaien bieden wij de Tech Academy cursus Netwerkbeheer voor thuis aan. Naast de online cursus kun je ook kiezen voor de cursusbundel Netwerkbeheer voor thuis, inclusief techniek- en praktijkboek.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.