ID.nl logo
Gratis je eigen NAS met TrueNAS CORE (deel 1)
© Reshift Digital
Huis

Gratis je eigen NAS met TrueNAS CORE (deel 1)

Heb je je zinnen op een heuse NAS gezet, maar houden de fikse prijzen je tegen? Weet dan dat het ook zo goed als gratis kan. Zowat de enige voorwaarde is dat je over een extra pc beschikt en bereid bent tot een eenmalige installatie en configuratie van TrueNAS CORE. Dat is een gratis en softwarematige NAS die zowat alles in huis heeft wat je van een slimme netwerkschijf mag verwachten.

NAS’ staat voor network-attached storage, wat zoveel betekent als: opslagruimte die jij en je gezinsleden (of collega’s) via het (thuis)netwerk kunnen benaderen. Daarbij wil jij als beheerder het liefst bepalen welke netwerkmappen toegankelijk zijn en voor wie. Dat is perfect mogelijk met TrueNAS CORE. Deze naam zegt je misschien niet zoveel, maar in feite vloeit deze NAS-software voort uit het erg populaire FreeNAS-project.TrueNAS CORE steunt op FreeBSD, maar dat hoeft je niet af te schrikken: op de installatie na laten alle onderdelen zich eenvoudig vanuit een grafische webinterface bedienen.

In dit eerste deel gaan we TrueNAS installeren, zodat we in het volgende nummer van Computer!Totaal de tool helemaal naar onze hand kunnen zetten en volop data kunnen delen.

Hardware

TrueNAS CORE download je in de vorm van een iso-bestand dat je vervolgens moet zien om te zetten in een opstartbare schijf. Tenzij je het hele installatieproces virtualiseert (zie tekstkader ‘Virtuele machine’), betekent dit dat je over een (extra) computer moet beschikken die van TrueNAS zal opstarten.

De belangrijkste voorwaarden zijn een 64bit-processor en (het liefst) 8 GB werkgeheugen. Verder heb je minimaal twee opslagmedia nodig. Een fiks en snel medium voor je eigenlijke data (bij voorkeur zelfs twee of meer, zodat je de schijven in RAID kunt plaatsen: zie ook bij ‘Opslagruimte’) en een bescheiden medium voor de installatie van TrueNAS zelf. Voor dit laatste heb je in principe voldoende aan 8 GB. Als je hier absoluut geen harde sc thijf of ssd aan wilt opofferen, kan het desnoods op een usb-stick, maar de ervaring leert ons dat dit lang niet zo vlot werkt.

©PXimport

Virtuele machine

Experimenteer je liever eerst met TrueNAS CORE, dan kun je een virtuele installatie overwegen. We tonen je hoe je dat aanpakt met VirtualBox. Installeer het programma, open het beheervenster en klik op Nieuw. Vul TrueNAS in en kies bij Type de optie Other en bij Versie de optie Other/Unknown (64-bit). Druk op Volgende en voer zoveel mogelijk werkgeheugen in (liefst 8 GB). Druk op Volgende, kies Maak nieuwe virtuele harde schijf nu aan en klik op Aanmaken. Kies VDI, druk op Volgende (2x) en selecteer minimaal 8 GB als schijfgrootte. Bevestig met Aanmaken. Selecteer je TrueNAS-virtuele machine en kies Instellingen. Open de rubriek Opslag, selecteer Leeg en klik op het cd-icoon. Selecteer Kies een virtuele optische schijfbestand en verwijs naar je iso-bestand van TrueNAS. Klik nu op Controller:IDE en op het plusknopje Voeg harde schijf toe. Kies Aanmaken en voer een naam, locatie en een opslaggrootte voor je data in. Sluit af met Aanmaken. Open de rubriek Netwerk en kies Bridged Adapter bij Gekoppeld aan, samen met de actieve netwerkadapter, zodat je na de installatie de webinterface van TrueNAS ook vanaf je fysieke machine(s) kunt benaderen. Bevestig met OK en klik op Starten. De installatie kan beginnen. Na afloop kies je OK, Shutdown System en OK. Tot slot open je bij Instellingen opnieuw de rubriek Opslag, rechtsklik je op het iso-bestand en kies je Verwijderen aansluiting. Je virtuele TrueNAS-installatie is klaar. Je vindt het ip-adres van de machine door in het startmenu voor Shell te kiezen en ifconfig uit te voeren.

©PXimport

Voorbereiding

Is de hardware gereed, dan kun je met de software aan de slag. Surf naar www.tiny.cc/trucdl en klik op No Thank you […] en Download Now om het iso-bestand van TrueNAS CORE te downloaden (900 MB). Dit schijfkopiebestand moet je nu omzetten naar een live systeem. Dat kan met een usb-stick en een gratis tool als Win32 Disk Imager. Stop een (lege) usb-stick in je pc en start de tool op. Verwijs via het mapicoon naar je iso-bestand, maar wijzig het uitklapmenu met Disk Images in *.*. Vervolgens selecteer je de stick bij Doelapparaat en hoef je verder alleen nog te bevestigen met Schrijven en Yes.

Het is nu de bedoeling dat je de andere pc van deze stick opstart. Mocht dat niet lukken, schakel dan in het BIOS de functie Secure Boot uit of stel het UEFI-BIOS eventueel in op Legacy Bios-mode of csm-boot.

Vervolgens gaan we TrueNAS op die pc installeren. Zoals gezegd kan dat desnoods op een usb-stick (die moet je dan eveneens ingeplugd hebben), maar loopt het veel lekkerder op een harde schijf of ssd.

©PXimport

Installatie

Kort nadat de pc van de installatiestick is opgestart, verschijnt een keuzemenu. Bevestig de bovenste optie (Boot TrueNAS Installer) met de Enter-toets en kies vervolgens voor 1Install/Upgrade. Je krijgt een melding als je systeem over minder dan 8 GB werkgeheugen beschikt. Wil je in dit geval toch verdergaan, kies dan Yes.

In het volgende venster vraagt TrueNAS je op welke schijf je het systeem wilt installeren en dat is dus de tweede stick of, veel beter nog, een (kleine) harde schijf. Bevestig je keuze met de spatietoets, zodat er een asterisk naast het geselecteerde medium verschijnt. Bevestig met OK en met Yes. Als toekomstig beheerder van TrueNAS wil je natuurlijk een stevig wachtwoord opgeven (2x). Bevestig nog eens met OK. Ten slotte kies je voor Boot via BIOS (tenzij je het met Boot via UEFI wilt proberen), zodat de eigenlijke installatie kan beginnen.

Normaliter duurt die zo’n tien minuten (op een stick veel langer). Bij sommige opties kan het lijken alsof je systeem bevriest: even wachten is dan de boodschap. Na afloop bevestig je met OK en kies je bij voorkeur 4 Shutdown System, zodat je rustig de tijd hebt om de installatiestick voor de herstart uit de pc te verwijderen.

Na deze herstart neemt het TrueNAS-bootmedium het heft in handen en kun je Boot TrueNAS selecteren. Wat later verschijnt een bootmenu met elf opties. Dat ziet er aardig ingewikkeld uit, maar gelukkig laat TrueNAS zich ook vanuit een fraaie grafische interface bedienen.

©PXimport

Basisinstellingen

Onder het menu met de elf opties zie je, als het goed is, ook het ip-adres van de TrueNAS-machine verschijnen, bijvoorbeeld http(s)://192.168.0.128. Deze machine moet je nu in principe ook op een willekeurige andere netwerk-pc kunnen bereiken. Daarvoor hoef je dit ip-adres alleen maar in te typen in je browser.

TrueNAS vraagt je uiteraard eerst om je aan te melden. Dat doe je met root als Username en het eerder ingevoerde wachtwoord als Password. Je belandt nu in het Dashboard met het statusvenster van TrueNAS, met aan de linkerkant een indrukwekkend aantal rubrieken als Accounts, System, Tasks, Network, Storage, Sharing enzovoort. Op enkele hiervan komen we in het volgende deel terug. Om je af te melden, klik je rechtsboven op Power en kies je voor Log Out.

In het dashboard tref je ook de knop Check for updates aan. Het is een goed idee om deze functie regelmatig uit te proberen. Dat kan trouwens ook via System / Update.

De interfacetaal is standaard ingesteld op Engels en dat is niet eens zo slecht, want de meeste TrueNAS-fora, -handleidingen en -instructievideo’s zijn ook Engelstalig. Via System / General kun je de taal in principe ook instellen op Dutch (nl), maar dat bleek op ons systeem geen effect te hebben, ook niet na een reboot via Power / Restart / Confirm / Restart.

Maak van de gelegenheid gebruik om in dit scherm ook meteen de Timezone in te stellen (op Europe/Amsterdam). Bevestig met Save.

©PXimport

Opslagruimte

Je hebt in je systeem nog (minstens) één andere schijf zitten voor je data, maar deze opslagruimte is helaas niet zomaar bruikbaar. Open daarom eerst de rubriek Storage en kies voor Pools (volumes). Klik vervolgens op Add / Create pool. Vul een naam in voor je volume, bij voorkeur helemaal in kleine letters. Laat de optie Encryption ongemoeid, tenzij je weet wat de consequenties zijn – op www.tiny.cc/encdoc lees je hier meer over. Verder plaats je een vinkje bij het medium dat je als dataopslagruimte wilt gebruiken en verplaats je dat met de blauwe pijlknop naar Data VDevs.

Dit selectieproces laat zich ook enigszins ‘automatiseren’ via de knop Suggest layout. TrueNAS tracht dan zelf een optimale indeling voor je opslagruimte te bedenken. Dat is vooral nuttig als je meerdere fysieke schijven voor je opslag wilt gebruiken. Het gebruik van meerdere schijven is wel zo veilig: de ingebouwde RAID-functie kan je gegevens dan redundant bewaren, zodat die mogelijk een schijfcrash overleven.

Heb je maar één schijf, dan verschijnt wellicht de melding dat een ‘stripe data vdev’ niet de meest aangewezen oplossing is. Maar het leven gaat verder en dus kies je achtereenvolgens voor Force / Confirm / Continue / Create / Confirm / Create pool. De betreffende media worden nu geformatteerd om je data te kunnen ontvangen.

In onze volgende aflevering lees je je nieuwe, softwarematige NAS in gebruik neemt.

©PXimport

ALTERNATIEVEN

TrueNAS mag dan goed doorontwikkeld zijn, het is natuurlijk niet de enige manier om een NAS aan je netwerk te koppelen. Naast hardwarematige oplossingen van bekende fabrikanten als Synology en QNAP, zijn er ook softwarematige diensten die goed te vergelijken zijn met TrueNAS. Andere bekende en gratis opensource-alternatieven zijn onder meer de Open Media Vault en de ‘personal cloud’ RockStor, die beide op Linux zijn gebaseerd. Ook is er het gratis XigmaNAS, dat net als TrueNAS is afgeleid van FreeNAS.

VERDER LEZEN? GA NAAR DEEEL 2

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.