ID.nl logo
Babyfoons met camera: zijn ze het waard?
© Reshift Digital
Gezond leven

Babyfoons met camera: zijn ze het waard?

Mocht je je baby niet alleen willen horen, maar ook willen zien, dan biedt een goede babyfoon met camera uitkomst. Dit type babyfoon is vaak echter wel duurder dan een babyfoon met enkel geluid. Je kunt je dus afvragen of een babycamera de aanschaf wel waard is. Hier geven we je extra informatie over dit type babyfoon, zodat je zelf kunt beslissen of babyfoon met camera iets voor jou en je kindje is.

Voordelen van een babyfoon met camera

Het grote voordeel van een babyfoon met beeld is dat je extra zekerheid krijgt over een situatie. Je hoeft niet voor elk geluidje naar de babykamer te lopen: je ziet immers precies of je baby echt wakker is of dat hij alleen wat slaapgeluidjes maakt. Met andere woorden: je hoort je baby bewegen en kunt dan op het scherm kijken om te zien of hij of zij wakker is of alleen maar wat beweegt in de slaap. Met een babyfoon zonder camera moet je toch vaak gokken wat er aan de hand is en eventueel een kijkje in de kamer nemen. Dat zorgt voor extra onrust, voor jou én de baby. Dit voordeel van een babyfoon met camera geldt natuurlijk dubbel en dwars als je baby wat ouder wordt en meer gaat bewegen.

Er zijn twee soorten babyfoons met camera: de een werkt met een speciale monitor, de ander werkt via je eigen tablet of smartphone. De eerste is de klassieke babyfoon met camera, de tweede is de slimme babyfoon. Hierbij wordt het ouderstation (de traditionele monitor) vervangen door een smartphone. We noemen deze slimme babyfoon ook wel eens een wifi-babyfoon, omdat het babystation (de camera) verbonden is met je thuisnetwerk. Het voordeel van deze combinatie van babyfoon, camera, wifi en app is dat je overal ter wereld naar je baby kunt kijken, mits er internet is natuurlijk. Ook is het beeld vaak wat scherper, soms zelfs in HD-kwaliteit.

Als tussenoplossing kun je kiezen voor een dual mode-babyfoon. Deze babyfoon kent zowel een babyfoon-app als een extra ouderstation met monitor. Dat klinkt misschien een beetje overbodig, maar kan zeker handig zijn wanneer de ene ouder thuis is en de ander op het werk. De werkende ouder kan de baby in de gaten houden via zijn of haar smartphone, terwijl de ouder thuis gebruik maakt van de monitor.

Babyfoons met camera

Een Alecto babyfoon met camera, een Dormi baby monitor of een Luvion Essential babyfoon: wat de beste babyfoon met camera is, is helemaal afhankelijk van je wensen. Om je op weg te helpen, bespreken we hieronder een aantal aandachtspunten. Want ongeacht of je voorkeur uitgaat naar een traditionele babyfoon met camera of naar een smartphone-oplossing, is het altijd belangrijk om op de babyfooncamera te letten. Is de resolutie hoog genoeg voor scherp beeld? Beschikt de camera over een nachtlampje of nachtzicht? Kun je inzoomen en/of bewegen? Wil je je baby graag in kleur zien of volstaat zwart-witbeeld? Is het mogelijk om te filmen en foto’s te maken?

Naast de kwaliteit van de camera is het ook belangrijk te letten op de functionaliteiten van de babyfoon. Zo is het soms mogelijk anderen uit te nodigen om mee te kijken, zoals opa en oma. Kijk daarnaast bijvoorbeeld ook naar de aanwezigheid van sensoren, die beweging, warmte en luchtvochtigheid kunnen meten. Hiermee kun je bijvoorbeeld een melding krijgen als er beweging op de babykamer gedetecteerd wordt. Een volgende optie die het overdenken waard is, is de zogenoemde terugspreekfunctie. Hiermee kun je tegen je baby praten en hem geruststellen. Ten slotte noemen we nog de accuduur. Het is natuurlijk belangrijk dat je babyfoon niet zomaar halverwege de nacht leeg raakt. Let daarbij ook op de aanwezigheid van een alarm, dat je waarschuwt wanneer de accu weer aan opladen toe is.

Vind je een babyfoon met camera te veel poespas? Onthoud dan dat beeld niet per se nodig is. Er zijn ook mensen die dit juist enorm afleidend vinden; zo gaan ze (onbewust) de hele avond naar de monitor zitten kijken. Of jij een babyfoon met camera de moeite waard vindt, is dus helemaal afhankelijk van je eigen voorkeuren!

©PXimport

▼ Volgende artikel
Ontslagronde bij studio achter pas uitgekomen Highguard
© Wildlight Entertainment
Huis

Ontslagronde bij studio achter pas uitgekomen Highguard

Er vallen ontslagen bij Wildlight Entertainment, dat eind januari nog hun multiplayergame Highguard uitbracht.

Wildlight bevestigde eerdere geruchten over een ontslagronde op social media. "Vandaag hebben we de moeilijke beslissing gemaakt om afscheid te nemen van een aantal teamleden, terwijl we een kerngroep van ontwikkelaars aanhouden om de game te blijven ondersteunen en innoveren."

Het bericht vervolgt: "We zijn trots op het team, talent en het product dat we samen hebben gecreëerd. We zijn ook enorm dankbaar voor de spelers die een poging waagden om de game te spelen, en allen die onderdeel van onze gemeenschap blijven."

View post on X

Grootschalige ontslagronde

Hoewel Wildlight niet praat over de precieze hoeveelheid ontslagen, lijkt de vermelding van een "kernteam" dat overblijft te suggereren dat het om een aanzienlijke hoeveelheid mensen gaat.

Dat komt overeen met een LinkedIn-bericht van Alex Graner, een ontwikkelaar van die game die eerder ook aan Battlefield 6 werkte. Hij laat weten dat "het grootste gedeelte van het team" ontslagen is, waaronder hij zelf.

Over Highguard

Highguard is de debuutgame van Wildlight Entertainment. De game viel op voorhand vooral op omdat er een trailer van werd getoond aan het einde van The Game Awards eind vorig jaar. Die positie is meestal gereserveerd voor grote aankondigingen en aankomende games, en sommige kijkers vonden Highguard daar niet onder behoren.

Sinds eind vorige maand is Highguard speelbaar via Steam. De game ontving veel negatieve gebruikersrecensies, al heeft dat Wildlight niet tegengehouden om updates uit te blijven brengen. Rond release bereikte het spel een indrukwekkende gelijktijdige spelerspiek van bijna 100.000 mensen op Steam, maar inmiddels hangen de gelijktijdige spelersaantallen onder de 10.000. Het is dan ook aannemelijk dat dit deels de keuze om een grootschalige ontslagronde door te voeren heeft beïnvloed.

Lees hier meer informatie over Highguard.

▼ Volgende artikel
Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig
© Blizzard
Huis

Column: Overwatch 2 heeft juist nu een PvE-modus nodig

Liveservicegames en hero shooters waren in 2016 niet per se nieuw. Destiny ging al twee jaar hard, en hoewel nieuwkomer Overwatch erg goed ontvangen werd, trokken sommigen al snel vergelijkingen met Valve’s inmiddels oude Team Fortress 2. Toch wist de hero shooter van Blizzard een Game of the Year Award voor de neus van onder andere Uncharted 4: A Thief’s End weg te grissen. Het was een glorieus begin van een moeizaam traject.

In de afgelopen tien jaar onderging Overwatch grote veranderingen. Na een groot succes met ruim 50 miljoen totale spelers in de eerste drie jaar kondigde Blizzard in 2019 aan dat er een vervolg zou komen, dat ‘naast het originele Overwatch’ moest bestaan en uitgebreid werd met Player-versus-Environment-content. De 6-tegen-6 Player-versus-Player-gameplay waar Overwatch om bekendstaat, zou blijven bestaan en voorzien worden van dezelfde content in de twee games. Ook zou Overwatch 2 een exclusieve PvE-modus met een verhaallijn en skill-trees krijgen, waarmee ieder personage op zowel grote als subtiele wijze aangepast kon worden.

©Blizzard

Nee, toch niet

Wie Overwatch 2 sinds de early access-verschijning eind 2022 heeft gespeeld, weet dat daar maar bar weinig van is waargemaakt. Overwatch en Overwatch 2 werden ten eerste geen aparte titels: laatstgenoemde heeft de plaats van het origineel simpelweg ingenomen. Die verhaalmodus? Voor 15 euro kreeg je met de 1.0-release van Overwatch 2 in augustus 2023 toegang tot drie missies. Die verkochten niet goed genoeg voor Blizzard – volgens bronnen Bloomberg - waarmee de mogelijkheid van meer PvE-content direct werd begraven.

Het was toen zelfs al bekend dat de PvE-modus grotendeels geschrapt was, gezien de modus volgens regisseur Aaron Keller ‘de focus tijdens het ontwikkelproces van de game belemmerde’. Dat is geen vreemde redenering, maar PvE was wel juist datgene dat Overwatch 2… nou ja, Overwatch 2 maakte. Uiteindelijk was de lancering van de ‘nieuwe’ game vooral een grote update, met drie nieuwe personages, wat extra arena’s en een nieuwe 5v5-opzet in plaats van 6v6. Er stond nu slechts een ‘2’ achter.

©Blizzard

Een alternatieve toekomst

Recent werd aangekondigd dat Overwatch 2 het cijfer van de naam afknipt met het twintigste seizoen en dus weer gewoon Overwatch heet – we zijn dus weer terug bij af. Ik stapte zelf destijds op de Overwatch-trein door juist de belofte van PvE in het vervolg, en heb uiteindelijk pakweg 300 uren tussen beide games verdeeld. Hoewel ik naarmate de tijd vorderde wat uren in de competitieve modus stak, maakte het spelen met vrienden de ervaring écht vermakelijk.

Gezellig kletsen, schreeuwen tegen willekeurige teamgenoten en de mix van tactiek en variatie die de vele personages in Overwatch bieden: dat staat mij bij. Een PvE-modus waarin juist dat samenspel en de speelwijze van de verschillende heroes aan te passen zijn naar jouw speelstijl was een soort heilige graal, die uiteindelijk dus nooit verscheen. Dat is eeuwig zonde. De competitieve e-sportscene van Overwatch is al sinds het begin een belangrijk aspect van de game, dus ergens is het begrijpelijk dat het team dit niet uit het oog wilde verliezen.

©Blizzard

Maar juist in de laatste jaren zien we een interessante verschuiving naar PvE, of in ieder geval multiplayer-ervaringen die niet geheel om competitie draaien. Denk aan Helldivers 2 van een paar jaar terug, waarin vrienden en willekeurige spelers het opnemen tegen legioenen aan vijanden – en zelfs wereldwijd samen naar een doel werken. Of de explosie aan zogenaamde ‘friendslop’ games als Peak en Lethal Company, die geheel draaien om het samen uitvoeren van taken als een berg beklimmen of het verzamelen van schroot. Een game als Arc Raiders bevat daarbij ook PvP-elementen, maar staat ook bij omdat meerdere spelers samen kunnen komen om een gigantische robot te verslaan. Video’s waarbij spelers plots oude vrienden tegenkomen in de game tonen aan waarom PvE momenteel zó ontzettend leuk kan zijn.

De realiteit

Het is achteraf makkelijk te zeggen, maar de originele visie voor Overwatch 2 had best een prominente rol in het huidige gamelandschap kunnen bekleden. Met de aankondiging werden uitgebreide skilltrees getoond voor de verschillende personages waar Overwatch om bekendstaat.

©Blizzard

Een van Mei’s speciale vaardigheden is bijvoorbeeld het veranderen in een ijspegel, om zo health terug te verdienen en een paar seconden onverwoestbaar te zijn. Met een van de skills die getoond werd veranderde deze ijspegel in een ijsbal, waarmee ze op spectaculaire wijze door groepen vijanden kan kegelen. De PvE-modus had de potentie om een soort zandbak voor dergelijke ideeën en ingrijpende veranderingen voor het klassieke Overwatch te worden. Een speelsere mix van skills en samenwerking om juist die avonturen uit bijvoorbeeld een Helldivers 2 te nabootsen. De tactische teamgameplay had dan ook niet hoeven verdwijnen, het zou juist vet geweest zijn om met vrienden verschillende skills af te stemmen en los te laten op de robots van Null Sector.

Dat is nog zoiets: de lore en verhaallijn van Overwatch zijn ontzettend interessant, en had meer in de schijnwerpers kunnen staan met de PvE-insteek. Nog voordat ik de games überhaupt had aangeraakt, verslond ik de prachtig geanimeerde filmpjes van Blizzard en verhalen die ze voor de personages uitbrachten.

Watch on YouTube

Wat ik dan ook zie van de nieuwe update wringt met mijn gevoel. Ja, het lijkt erop dat Blizzard een inhaalslag maakt en sneller met nieuwe personages komt om de game fris te houden. Het wekt de indruk dat we weer terug zijn bij het ‘oude’ Overwatch, en dat de ontwikkelaar nog altijd een sterke hero shooter wil behouden nu concurrenten als Marvel Rivals het speelveld hebben betreden. Toch kan ik het niet laten om te fantaseren over hoe Overwatch meer had kunnen zijn dan een hero shooter.

De realiteit is dat het Overwatch-team geen goede balans wist te vinden tussen het bijhouden van de PvP- en competitieve scene van Overwatch en de ontwikkeling van de PvE. Zonde, want zeker in het huidige multiplayerklimaat, waar mensen steeds meer achterover lijken te hangen om met elkaar te spelen in plaats van tegen elkaar, had het originele Overwatch 2 perfect gepast.