ID.nl logo
Kleintje op komst? Met deze baby-uitzetlijst ben je goed voorbereid!
© Юлия Клюева - stock.adobe.com
Gezond leven

Kleintje op komst? Met deze baby-uitzetlijst ben je goed voorbereid!

Hoera, je bent zwanger! Het krijgen van een kindje is fantastisch, maar vergt ook behoorlijk wat voorbereiding. Niet alleen moet je een babykamertje inrichten, maar je hebt ook spullen nodig voor de verzorging, het aankleden en het voeden van je kleintje. Weet je niet welke baby-items écht onmisbaar? In dit artikel vertellen wij je alles over baby-uitzetlijsten.

🍼 Dit artikel geeft antwoord op de volgende vragen: Wat is een baby-uitzetlijst? | Wat staat er allemaal op de baby uitzetlijst voor baby's? | Welke spullen heb je écht nodig voor je kleintje? | Welke babyspullen moet je al aanschaffen terwijl je zwanger bent? | Welke spullen koop je pas wanneer je kindje geboren is?

Lees ook: Zo kies je de beste babyfoon


Wat is een baby-uitzetlijst?

Een baby-uitzetlijst is een lijst waarop alle spullen staan die nodig zijn om in huis te halen wanneer je een kindje verwacht. Het handige aan zo’n lijst is dat je niet vergeet om bepaalde spullen aan te schaffen. Bovendien kun je alles gestructureerd afvinken, zodat je een goed overzicht hebt van de spullen die je al hebt en de spullen die je nog moet kopen (of krijgen natuurlijk).

Wat staat er allemaal op een baby-uitzetlijst?

Elke baby-uitzetlijst is net een beetje anders, maar in principe bevat elke uitzetlijst spullen die je kunt kopen op het gebied van:

Verzorging (wat heb ik nodig voor het verschonen, verzorgen en wassen van mijn baby?)
Kleding (hoeveel kleertjes en in welke maat?)
Slapen (wat heb ik nodig om mijn kindje veilig te laten slapen?)
Bevallen (wat heb ik nodig voor de bevalling, thuis en/of in het ziekenhuis?)
In huis (wat heb ik in huis nodig als ik een kindje heb? Denk aan een box, een commode en een kledingkast)
Onderweg (hoe vervoer ik mijn kindje veilig?)
Borstvoeding (wat heb ik nodig als ik borstvoeding wil gaan geven?)
Flesvoeding (wat heb ik nodig als ik flesvoeding wil gaan geven?)

 Doordat de meeste baby uitzetlijsten zijn opgedeeld in deze of vergelijkbare categorieën, is het voor jou heel overzichtelijk om binnen een bepaalde categorie te kijken wat je nodig hebt.

©Igor Stevanovic

Van flessenwarmers tot slabbetjes:

Bij Kieskeurig.nl bekijk & vergelijk je alles voor de uitzet van de kleine

Deze babyspullen heb je écht nodig:

Baby-uitzetlijsten zijn er in allerlei soorten en maten: van kort tot heel uitgebreid. Op iedere baby-uitzetlijst staan spullen die je écht nodig hebt als je een baby krijgt, maar veel lijsten bevatten ook items die niet per se essentieel zijn. Vaak is het een kwestie van voorkeur. Waar de één bijvoorbeeld zweert bij een draagzak of draagdoek, maakt de ander er nooit gebruik van. En waar de ene baby een flesje nodig heeft om te drinken, drinkt de andere baby uit de borst. In het geval van sommige spullen is het dus handig om even af te wachten tot je kindje er is, zodat je op dat moment kunt bepalen of je dat item nodig hebt.

🍼 Dit heb je nodig voordat de baby er is:

• 6 stuks van elkekledingsoort (romper, broekje, bovenkleding) voor je baby in maat 50/56
Een jasje of vestje voor als je je baby mee naar buiten neemt
Een kledingkast
Hydrofieldoeken - liever te veel dan te weinig.
Een Maxi-Cosi om je kindje veilig in te vervoeren (ook nodig als je thuis wilt bevallen, want je weet nooit of je onverwachts tóch naar het ziekenhuis moet).
• Luiers
maat 1 (newborn) en billendoekjes.
Een wieg of ledikantje met bijbehorend matrasje, 2 hoeslakens, 2 bovenlakens en 2 dekentjes.
Voor winterbaby’s: kruikjes. Baby’s kunnen zichzelf nog niet altijd goed op temperatuur houden en kruikjes helpen hen daarbij.
Een thermometer. Bij voorkeur voorlopig nog een rectale. Waarom dat zo is, lees je in dit artikel.
Commode met aankleedkussen. Het is fijn om een schone, opgeruimde plek te hebben waar jij je kindje veilig en praktisch kunt verschonen.
• Kraampakket
, ook als je in het ziekenhuis wil bevallen. Dit pakket kun je vrijwel altijd aanvragen via je zorgverzekeraar.
Kinderwagen. Zo heb je altijd een veilige manier om je kindje mee te nemen naar buiten.
• Sportbh’s/voedingsbh’s
. Of je nu wel of geen borstvoeding wilt gaan geven, vrijwel elke kraamvrouw krijgt te maken met stuwing in de kraamweek. Het dragen van een strakke sport-/voedingsbeha is dan prettig.


©africa-studio.com (Olga Yastremska and Leonid Yastremskiy)

 🍼 Dit heb je echt nodig, maar pas als de baby geboren is:

Borstkolf. Het is aan te raden om deze pas aan te schaffen of te huren als je zeker weet dat de borstvoeding lukt. Dit geldt overigens ook voor alle andere borstvoedingsgerelateerde producten, zoals tepelzalf, moedermelk-bewaarzakjes, zoogcompressen, enzovoorts.
• Flesjes en
kunstvoeding. Mocht borstvoeding niet lukken, dan kun je altijd nog naar de drogisterij gaan om een flesje en flesvoeding aan te schaffen. Een fles is natuurlijk wel handig als je op voorhand al weet dat je geen borstvoeding wilt/kunt geven.
Speentje. Niet elke baby vindt een speentje fijn. Kijk dus eerst waar je kindje behoefte aan heeft en koop alleen een speentje als blijkt dat je baby veel zuigbehoefte heeft.
• Babyfoon
. Veel baby’s slapen in eerste instantie bij hun ouders op de kamer. Je hebt dan dus nog geen babyfoon nodig. In de toekomst, wanneer je kindje zelf op een kamertje gaat liggen, is een babyfoon wél fijn. Zo kun je het altijd horen wanneer je kindje wakker wordt.

Lees ook: Op zoek naar een goed kolfapparaat?

©africa-studio.com (Olga Yastremska and Leonid Yastremskiy)

🍼  Deze babyspulletjes zijn leuk, maar niet essentieel

Een kammetje. Veel baby’s hebben weinig haar, waardoor er niet/niks gekamd hoeft te worden.
Héél veel kleertjes in de kleinste maatjes. Kindjes groeien heel snel uit de kleine kledingmaatjes.
• Wipstoeltje
. Veel baby’s vinden een wipstoeltje fijn, maar je redt het prima zonder wipstoel.
• Speelgoed en knuffels
. Deze krijg je ongetwijfeld genoeg van je kraamvisite.
Een babybadje. Je kunt ook heel lekker douchen met je baby.
• Spuugdoekjes
. Spuug kun je ook prima opvangen met een hydrofieldoek.


Met de baby-uitzetlijst in dit artikel ben je al een eind op weg. Heb je behoefte aan meer inspiratie, bekijk dan bijvoorbeeld ook de baby-uitzetlijsten van24Baby, Prénatal (een pdf die je kunt uitprinten, altijd handig) en Zwangerenportaal en de Consumentenbond (printbaar). Deze laatste lijst gebruikt icoontjes om onderscheid te maken tussen onmisbare items (□), items die mogelijk handig zouden kunnen zijn (○) en spullen voor je kleintje die je waarschijnlijk niet per se nodig hebt (△).


▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.