ID.nl logo
Dit zijn de beste benchmark tools
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Dit zijn de beste benchmark tools

Die nieuwe game draait niet lekker, je video-editor hapert en je pc herstart soms zomaar – je computer loopt blijkbaar tegen zijn grenzen aan. Lastig, want ligt het nou aan het geheugen, de processor, de schijf of de grafische kaart? Gelukkig zijn er tools die de prestaties van je systeem en de diverse componenten haarfijn meten en benchmarken, zodat je de juiste oplossing kiest.Dit zijn de beste benchmark tools.

Wanneer je systeem nukkig doet of opvallend vertraagt, is het vaak niet precies duidelijk wat de oorzaak is. De prestaties van je pc zijn nou eenmaal een complex samenspel van software en diverse hardwarecomponenten. Stel je voor dat je bijvoorbeeld meer geheugen in je pc stopt of een nieuwe grafische kaart aanschaft en dan blijkt het niet te helpen. Om de juiste oplossing te vinden, is het daarom handig om de prestaties van diverse systeemonderdelen nauwkeurig te meten en die eventueel ook met andere systemen te vergelijken.

In dit artikel ontdek je een reeks tools waarmee je de nodige metingen en benchmarks uitvoert. In benchmarks is er een onderscheid tussen real world (ofwel real time) benchmarkers en synthetische (ofwel artificiële) benchmarkers. Die eerste maakt gebruik van bestaande applicaties om de prestaties in kaart te brengen, terwijl de tweede toepassingen nabootst en op basis daarvan de prestatiescore berekent. Beide komen hier aan bod. Maar voor we in de externe tools duiken, kijken we eerst even naar wat Windows zelf al aan boord heeft.

01 Prestatiemeter

Windows heeft zelf enkele tools in huis die in de buurt komen van wat benchmarkers en burn-in tests doen. Bijvoorbeeld de Geheugencontrole (druk op Windows-toets+R en voer mdsched uit), de Broncontrole (druk op Ctrl+Shift+Esc, ga naar het tabblad Prestaties en klik op Broncontrole openen) en de Betrouwbaarheidscontrole (druk op Windows-toets+R en voer perfmon /rel uit).

We beperken ons hiermee wel tot een ingebouwde prestatiemeter. Zorg dat je als administrator bent aangemeld, druk op Windows-toets+R en voer perfmon uit. In het linkerpaneel open je Controlehulpprogramma’s / Prestatiemeter. Rechts verschijnt een lege grafiek: geef hier zelf aan welk systeemonderdeel de tool moet meten en in de grafiek. Druk daarom op het groene plus-knopje, waarna je in een uitklapmenu uit verschillende computeritems kunt kiezen. Klik een pijltje naast zo’n item aan voor nog gedetailleerder opties. Om je een idee te geven: bij Fysieke schijf vind je maar liefst 21 verschillende meetbare onderdelen. Klik op Toevoegen>> bij de gewenste onderdelen en bevestig met OK.

©PXimport

02 Gegevensverzamelaarset

Een nadeel hiervan is wel dat deze prestatiemetingen slechts een momentopname zijn (tenzij je de tijd hebt om de grafiek langer te observeren). Er is ook een optie om die prestaties over langere periodes te laten meten. Klik daarvoor in het linkerpaneel op Gegevensverzamelaarsets en rechtsklik op Gedefinieerd door de gebruiker. Hier kies je Nieuw / Gegevensverzamelaarset. Voorzie een gepaste naam en vink Handmatig maken (geavanceerd) aan. Druk op Volgende en selecteer – voor onze doeleinden – Prestatiemeteritem (wil je liever bepaalde registerwaarden volgen dan kies je hier Systeemconfiguratiegegevens). Druk nogmaals op Volgende en vink alle gewenste items aan via Toevoegen. Bepaal een geschikt interval voor elk van deze items en bevestig met Volgende (2x). Kies Deze gegevensverzamelaarset nu starten of kies Opslaan en sluiten als je de set pas later uit wilt voeren. Rond af met Voltooien.

De controle kun je op elk moment starten of stoppen, door je set te selecteren bij Gegevensverzamelaarsets / Gedefinieerd door de gebruiker / <naam_van_set> en de start- of stopknop in te drukken. Naderhand bekijk je de resultaten door bij Rapporten / Gedefinieerd door de gebruiker op je setnaam te dubbelklikken.

Inplannen kan door bij Gegevensverzamelaarsets je set met de rechtermuisknop aan te klikken en Eigenschappen te selecteren. Je voegt de gewenste tijden toe op het tabblad Schema en op het tabblad Stop-voorwaarde geef je aan onder welke voorwaarden je de controle automatisch wilt laten stoppen.

©PXimport

03 Systeem: UBM

Een veelzijdige benchmarker die de prestaties van diverse systeemcomponenten meet is UserBenchMark (UBM). Surf naar www.userbenchmark.com om de tool te downloaden. Zodra je het portable programma opstart, zie je welke componenten worden gebenchmarkt: cpu, gpu, geheugen, vaste schijven en usb-opslagmedia. Je start die via de Run-toets; laat je pc met rust tijdens deze operatie van twee minuten. Zo nodig geef je in je firewall aan dat het betrouwbare software is; houd er wel rekening mee dat de testresultaten naar de UBM-server worden geüpload.

Na de test verschijnt het rapport in je browser. Hoe je systeem presteert, maakt UBM duidelijk met grappige classificaties van Tree trunk tot Speed boat en UFO. De criteria die UBM hanteert voor elk type pc, zoals Gaming pc, Desktop en Workstation, vind je hier terug. Voor een gaming-pc is dat bijvoorbeeld: 25%GCPU+50%GPU+15%SSD+10%HDD.

©PXimport

04 UBM-detailinformatie

Wat is de volgende stap als je pc een ‘gaming speed boat’ blijkt? Op de UBM-webpagina vind je nog veel meer nuttige feedback dan dat. Je krijgt namelijk gedetailleerde resultaten voor alle geteste systeemonderdelen en inzicht in wat er precies werd getest. Klik je op een vraagteken naast zo’n testonderdeel dan krijg je de bijbehorende uitleg.

Nog lager op de pagina wordt het vooral interessant wanneer je overweegt een systeemcomponent te vervangen door een beter exemplaar. Klik daarvoor bij het onderdeel Custom PC Builder op Explore upgrades for this PC. Linksboven op de pagina vink je de huidige onderdelen van de geteste pc aan, rechtsboven de onderdelen van een mogelijk alternatief. Stel, je overweegt om de grafische kaart te vervangen. Open dan eerst het tabblad GPU – je vindt hier trouwens ook de tabbladen CPU, SSD, HDD, RAM en MBD (moederbord) terug - en klik dan bij Change Alternative GPU een alternatief model aan. Hierbij kan je kiezen wat je belangrijk vindt: de prestaties (Bench), de prijs (Buy) of de combinatie van prijs en prestatieverhouding (Value). Na de aanpassing, lees je bovenaan rechts wat zo’n upgrade je oplevert. Ook kun je je eigen onderdeel en je alternatief vergelijken via de Compare-knop. Zo krijg je een erg gedetailleerde vergelijking, op basis van de resultaten van (vaak vele duizenden) andere UBM-gebruikers. Heel leerzaam dus.

©PXimport

05 Systeem: Novabench

Bepaal je liever zelf welke onderdelen je wil testen, probeer dan de tool Novabench (beschikbaar voor macOS, Linux en Windows 64 bit). Hier kun je wel zelf beslissen of je de testresultaten naar de Novabench-servers wil uploaden of niet. Houd wel rekening met enkele beperkingen in de gratis versie: er zijn bijvoorbeeld geen testscripts of ingeplande tests mogelijk.

Druk je op de knop Start Tests dan worden alle tests uitgevoerd. Via Tests / Individual Test kun je zelf kiezen tussen CPU, GPU, RAM en Disk. Op de wachttijd is in ieder geval niks aan te merken: binnen twee minuten is het gepiept. Het resultaat is een algemene score en een score voor elk van de geteste onderdelen. Niet al te veel diepgang, maar je krijgt nog wel wat details, zoals de float-, integer- en hash-ops (cpu), snelheid in MB/s (ram), fps en Gflops (gpu) en de lees- en schrijfsnelheden in MB/s (schijf).

Om je eigen systeem te vergelijken met eerder geteste systemen klik je op View Performance Charts en Comparisons. Je kunt je hiervoor registreren, maar het kan ook anoniem. Dan heb je de keuze uit drie knoppen: Performance Analysis (waarmee je je eigen cpu- en gpu-scores afzet tegen de gemiddelde scores van vergelijkbare systemen), Baseline Comparison (om je algemene score, je cpu- en gpu-score te vergelijken met bepaalde types pc’s) en Add to Comparison Chart (zodat je je resultaten direct met andere resultaten kunt vergelijken).

©PXimport

06 Processor

Er zijn ook tools die zich richten op het benchmarken van een specifieke systeemcomponent, zoals CPUID CPU-Z dat de centrale processor test. Eerst krijg je het tabblad CPU te zien met uitgebreide, technische informatie over je processor – hier tref je ook tabbladen met informatie aan over je moederbord (Mainboard), geheugen (Memory en SPD) en gpu (Graphics).

De eigenlijke benchmarks vind je op het tabblad Bench. Met Bench CPU start je de test en al na enkele seconden verschijnt het resultaat in de vorm van een getal, zowel bij Single Thread als bij Multi Thread. Bij die laatste kun je trouwens zelf het aantal simultane threads instellen. Wat het resultaat nou eigenlijk betekent, wordt duidelijker wanneer je bij Reference een andere cpu selecteert uit een modellenlijst om mee te vergelijken. Je merkt dan meteen hoe goed je eigen cpu boert. Je kunt met nog veel meer cpu’s vergelijken via https://valid.x86.fr/bench/<x>, waarbij je <x> vervangt door een cijfer tussen 1 en 16, afhankelijk van het aantal simultane threads waarmee je wil vergelijken (bijvoorbeeld: https://valid.x86.fr/8).

Verder tref je op het tabblad Bench nog de knop Stress CPU aan, waarmee je je cpu 100% belast, tot je de knop weer indrukt. Dat merk je wel wanneer je intussen in het Windows Taakbeheer (Ctrl+Shift+Esc) het tabblad Prestaties raadpleegt en Processor selecteert. Zo’n stresstest laat bijvoorbeeld zien hoe stabiel een overgeklokte cpu eigenlijk is.

©PXimport

CYRI?

Heb je een specifiek game op het oog, maar twijfel je of je systeem het wel aan kan? Dat kun je heel gemakkelijk testen met Can You Run It. Je selecteert de gewenste game, waarna je op Can You Run It klikt. Accepteer de bijhorende download en voer de tool uit zodat je hardware-specificaties worden gecontroleerd. Daarna laat de tool je op de website zien of je systeem aan de vereisten van de game voldoet via de diverse componenten zoals gpu, cpu, ram en os. Daarnaast ontdek je via de link Click here to see which games you can run hoeveel van de ongeveer 6000 games uit de database voldoen aan zowel de minimale als de aanbevolen systeemvereisten.

©PXimport

07 Grafisch

Een van de meer recente synthetische benchmarkers van het bedrijf UNIGINE is Superposition. De basic versie is gratis en kun je gebruiken om te testen hoe goed je systeem (game) graphics aan kan.

Start de tool op, klik op Benchmark en vink Performance aan – de optie Stress is alleen beschikbaar in de betaalde edities. Bij Preset kun je uit diverse resoluties kiezen, zoals 720p, 1080p, 4K en 8K. Bij 1080p zijn er drie mogelijkheden: Medium, High en Extreme. De kwaliteit van de shaders en de textures wordt automatisch aan je keuze aangepast. Wil je opties zoals Fullscreen, Resolution, Depth of Field en Motion Blur zelf instellen, kies dan bij Preset voor Custom. Onderaan zie je de totale en de beschikbare hoeveelheid video-ram. Klik op het vraagteken voor een uitgebreide handleiding.

Druk op de knop RUN om de benchmarktest te starten. Je ziet nu een aantal grafische scènes waarbij je de fps (frames per second) kan aflezen. Na afloop kun je het resultaat bewaren en via Compare results online met andere systemen vergelijken. Ook leuk: via de knop Game voer je vergelijkbare benchmarks uit, maar deze keer gaat het om interactieve graphics (lees: een game) waarbij je op elk moment de instellingen nog kunt aanpassen.

Wil je alleen de fps bij een specifiek game weten dan ben je beter af met Bandicam. Die laat je in real time de fps zien terwijl je aan het gamen bent.

©PXimport

08 Geheugen

Het geheugen speelt natuurlijk ook een belangrijke rol bij de prestaties van je systeem. De hoeveelheid ram-geheugen is vaak doorslaggevend, maar ook de snelheid van het geheugen heeft invloed en daarnaast is de ene ram-module de andere niet.

Een benchmarker die ook het ram-geheugen goed aan de tand voelt, is PassMark Performance Test (30 dagen gratis proef). Start de tool en druk op de knop Memory Mark. Die bestaat uit zeven tests die je allemaal in één keer of elk afzonderlijk kunt starten (via Run). Je vindt hier onder meer lees- en schrijftests, een latentietest en enkele intensieve database-operaties.

Een minuut later krijg je de totaalscore en diverse deelscores. De totaalscore kun je vervolgens vergelijken met allerlei andere systemen of met de prestaties van identieke ram-modules.

©PXimport

09 Schijf

Ook de schijfprestaties zijn van belang, vooral bij applicaties waarin veel data wordt gelezen of bewaard, zoals bij database-operaties. De gratis tool ATTO Disk Benchmark (beschikbaar voor macOS en Windows na registratie) kan met diverse schijftypes overweg zoals ssd’s, hdd’s en raid-arrays en je kan ook zelf allerlei parameters instellen. Zo kun je de blokgroottes (I/O Size) aanpassen (tot maximaal 64 MB) en de grootte van je testbestand (tot 32 GB). Verder kun je ook het maximale aantal lees- en schrijfcommando’s instellen dat je tegelijk wil laten uitvoeren (Queue Depth). Je beslist zelf of de benchmarker gebruik mag maken van systeembuffering en caching (via een vinkje bij Direct I/O en Bypass Write Cache). Je kunt zelfs een eigen testpatroon instellen wanneer je ook de optie Verify Data inschakelt.

Na afloop verschijnt de overdrachtssnelheid in aantal blokken per seconde (IO/s), zowel voor lezen als schrijven. De makers verzamelen zelf geen resultaatgegevens, daardoor kun je je scores niet rechtstreeks met andere systemen vergelijken. Maar een Google-zoektocht naar bijvoorbeeld ‘atto disk benchmark results’ levert je wellicht bruikbaar vergelijkingsmateriaal op.

Specifiek voor ssd’s, ook voor nvme-modellen, is er nog AS SSD. Aan de hand van een aantal synthetische benchmarks brengt deze tool mooi de sequentiële en random lees- en schrijfprestaties van je ssd in kaart.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Je smartphone als afstandsbediening voor je slimme huis: zo werkt dat
© ImageFlow - stock.adobe.com
Huis

Je smartphone als afstandsbediening voor je slimme huis: zo werkt dat

Je smartphone gebruik je wellicht voor allerlei handige zaken, maar wist je dat je je telefoon ook kunt gebruiken om apparaten in je huis te bedienen? Vaak heb je daar niet eens zoveel voor nodig. Maar hoe begin je en waar moet je allemaal op letten?

In dit artikel

Je ziet hoe je je telefoon inzet als afstandsbediening voor verlichting, verwarming, tv en andere slimme functies in huis. We laten je stap voor stap zien hoe je apparaten toevoegt, kamers indeelt, routines bouwt en je slimme huis laat reageren op tijd, locatie en aanwezigheid. Ook lees je waar je op let bij compatibiliteit en hoe je alles netjes en veilig houdt met onderhoud en updates. 

Lees ook: Starten met smarthome in één middag: een stappenplan voor beginners

We gebruiken thuis steeds meer slimme apparaten die het leven moeten vergemakkelijken. Bijna alle apparaten die je op internet aansluit, zoals een televisie of een basisstation voor slimme lampen, kun je op afstand bedienen of in ieder geval via je wifi-verbinding thuis aansturen. Dat hangt natuurlijk af van het merk en type producten dat je gebruikt en via welke protocollen dit gaat, maar het heeft ook te maken met je telefoon.

Wanneer is een apparaat slim?

Een slim apparaat is een lamp, thermostaat, tv, stekker, gordijnmotor of sensor die via wifi, bluetooth of een standaard als Matter verbonden is met internet en op afstand te bedienen is. Dat bedienen kan bijvoorbeeld via een app van de fabrikant van de apparatuur, maar het is ook mogelijk met de app van Google, Google Home. Deze app is op de meeste Android-toestellen aanwezig, maar als dat bij jou niet het geval is, kun je deze downloaden via de Google Play Store. De app is er ook voor de iPhone en werkt vrijwel hetzelfde. We gebruiken in dit artikel de Android-versie voor alle uitleg en afbeeldingen.

Google Home tref je aan in Google Play, maar kan soms al geïnstalleerd zijn. Check sowieso altijd op updates als je de app al hebt.
Google Home

Google Home is de app die al die apparaten verzamelt en bestuurt; je bedient ze met tikken op je scherm, via het snelle bedieningspaneel van Android en met spraak via de Google Assistant. Wanneer je apparaten in de Google Home-app toevoegt, kun je er routines mee bouwen: vaste acties die automatisch of met één tik worden uitgevoerd, zoals alle lampen uit zodra je het huis verlaat of de verwarming lager zodra iedereen slaapt. Inmiddels kun je met Google Home al meer dan 50.000 apparaten aansturen; je herkent ze aan de Works with Google Home of Matter-logo's.

Starten met aansturen

Om je slimme apparaten te kunnen aansturen, gebruik je een Android-telefoon met Android 11 of hoger. Het werkt in principe ook met oudere versies, maar sinds versie 11 kun je de meeste opties voor slimme apparaten direct vanaf je vergrendelingsscherm benaderen en hoef je dus niet eerst de app te openen om je apparaten te bedienen. Installeer de Google Home-app uit de Play Store en meld je aan met je Google-account. Aanmelden is vereist zodat de instellingen voor al je apparaten worden opgeslagen en ook via andere Android-toestellen zijn te bereiken. Je kunt er ook voor kiezen om een nieuw account aan te maken, dat je dan bijvoorbeeld met je huisgenoten kunt delen. Op die manier kan iedereen in huis bij dezelfde instellingen voor je slimme apparaten en hoef je je persoonlijke data niet met je huisgenoten te delen. Met de Google Home-app kun je eenvoudig schakelen tussen meerdere accounts, dus het is in theorie mogelijk om meerdere slimme huizen te beheren.

Met de Google Home-app kun je - net als alle andere Google-apps - eenvoudig schakelen tussen meerdere accounts.

Systemen zijn niet altijd compatibel

Voordat je een slim apparaat kunt toevoegen aan Google, moet dat apparaat eerst al zijn ingesteld met de app van de fabrikant, bijvoorbeeld Philips Hue, IKEA Home smart, Tado of de app van je gordijnmotor. Daarna koppel je ze in Google Home. Het is handig om minstens één slimme lamp of slimme stekker te hebben om mee te oefenen, plus bijvoorbeeld een televisie met Chromecast-functionaliteit. Heb je een smartspeaker of smartdisplay met ingebouwde Google Assistant (zoals de Nest Hub), dan kun je die gebruiken als extra microfoon in huis, maar strikt nodig is die niet, omdat je ook via je telefoon tegen de Assistant kunt praten. Apple-gebruikers hebben een vergelijkbaar systeem via Apple HomeKit en de Apple Home-app. Apple gebruikt een gesloten systeem, waardoor je niet kunt communiceren met Google Home en moeten de apparaten die je met een Apple-smartphone wilt aansturen, ook specifiek compatibel zijn met Apple HomeKit. Via Home Assistant - een losstaand protocol voor slimme apparaten - is het mogelijk om een koppeling te maken tussen Android-apparaten en Apple-apparaten, maar daar gaan we in dit artikel niet verder op in.

©sdx15 - stock.adobe.com

Ook Apple heeft een Home-app, maar die is niet compatibel met Android.

Lees ook: Philips Hue SpatialAware: dit is het en zo gebruik je het

Apparaten toevoegen en huis indelen

Om Google Home te gebruiken voeg je je eerste apparaten toe aan de Google Home-app en deel je ze logisch in kamers in, zodat aansturen en automatiseren later veel eenvoudiger wordt. Je opent eerst Google Home, controleert of het juiste huis geselecteerd is; als dit nog niet is aangemaakt, maak je dat aan. Vervolgens voeg je een nieuw apparaat toe met de +-knop, rechts bovenin. Tot slot kies je voor Apparaat.

Een nieuw apparaat toevoegen aan Google Home doe je hier.

Koppelen

Je krijgt nu de mogelijkheid om een apparaat direct toe te voegen door middel van een QR-code, die je vaak achter op een product vindt. Apparaten die Matter of Nest ondersteunen, kun je op deze manier dus direct toevoegen. Wil je een apparaat toevoegen dat geen Matter-ondersteuning biedt, dan kan dat alleen als je het betreffende apparaat hebt geconfigureerd via het systeem van dat merk, bijvoorbeeld een lamp van Philips Hue die aan de Hue-bridge is gekoppeld. In dat geval kies je voor de optie Apps of services koppelen. Vervolgens krijg je een overzicht van alle compatibele diensten die met Google Home werken.

Kies uit de lijst met compatibele merken om een koppeling te maken.

Lees ook: Matter uitgelegd: de nieuwe standaard voor een zorgeloos slim huis

Toestemming verlenen

Om een apparaat via deze route toe te voegen aan Google Home, moet je inloggen bij het account van de fabrikant waarvan je de dienst afneemt, bijvoorbeeld Philips Hue. Er komen nog wat meldingen in beeld omtrent de mogelijkheden die Google krijgt met betrekking tot de data van je externe account.

Wanneer de apparaten zichtbaar zijn als tegels, houd je een tegel even vast en kies je voor het tandwieltje. Vervolgens tik je op Ruimte en kun je het apparaat eventueel nog in een andere ruimte plaatsen. Dat kan door de betreffende ruimte aan te tikken uit de lijst, of zelf een nieuwe ruimte aan te maken. Het is handig om je apparaten onder te verdelen in ruimtes, omdat je - bijvoorbeeld in het geval van lampen - deze per ruimte in één keer kunt uitschakelen. Zo kun je dan bij je bedtijdroutine eerst de lichten in de woonkamer uitschakelen en daarna die op de overloop, zonder dat je je hele huis in duisternis brengt of juist iedere lamp afzonderlijk moet uitzetten.

Soms moet je extra toestemmingen goedkeuren om een apparaat te kunnen gebruiken.

Apparaten handmatig en met spraak bedienen

Heb je al je apparaten toegevoegd en eventueel onderverdeeld in verschillende ruimtes, dan kun je ze nu bedienen via je Google Home-app. Open de app, tik op de knop Alle apparaten bovenaan en je ziet alle tegels van de in Google Home aanwezige apparaten. Tik bijvoorbeeld op een lamptegel om die direct aan of uit te schakelen, of houd de tegel even vast om een schuifregelaar voor helderheid of kleur te zien.

Voor een slimme thermostaat tik je op de thermostaat-tegel en verschuif je de temperatuur hoger of lager; vaak kun je ook kiezen tussen de modi Verwarmen of Verkoelen, maar dat is afhankelijk van de aangeboden functies in het apparaat zelf, want niet alle functies zijn ook altijd te benaderen vanuit Google Home. Ook een andere handige optie is het bedienen van je televisie. Heb je een tv of Chromecast gekoppeld, dan kun je via de tegel media pauzeren of stoppen. Vervolgens activeer je spraakbediening door op je Android-telefoon de Google Assistant op te roepen, bijvoorbeeld via de Assistant-knop, een veegbeweging of door "Hey Google" te zeggen. Vervolg die aanroep dan door concrete opdrachten als "Doe de lampen in de woonkamer uit", "Zet de thermostaat op 20 graden" of "Speel Netflix op tv woonkamer". Omdat de Google Assistant de door jou opgegeven namen en kamers uit Google Home gebruikt, loont het dat je die eerder netjes hebt ingesteld.

Tik je op een slimme lamp in de Google Home-app, dan zie je de opties die geboden worden, bijvoorbeeld het aanpassen van de kleurtoon en de helderheid.

Slimme routines maken

Nu je weet hoe je apparaten direct bedient, laten we je zien dat je ook automatiseringen of routines kunt instellen, zodat combinaties van acties met één tik of automatisch worden uitgevoerd. Om dat voor elkaar te krijgen in de Google Home-app tik je onderaan op de knop Automatisering en kun je kiezen uit een aantal voorgestelde routines, zoals wat er gebeurt als je van huis weggaat, of juist aankomt. Het nadeel hiervan is dat je wel de locatie-instellingen op je telefoon moet aanzetten en je huisadres in Google Home moet instellen, maar we kunnen goed voorstellen dat je daar niet op zit te wachten, privacytechnisch gezien dan. Als je een nieuwe routine wilt maken, tik je rechtsboven op de knop Nieuw > Automatisering. Geef de automatisering eerst een naam, zodat deze alvast kan worden opgeslagen nog voordat je iets instelt. Een routine bestaat altijd uit drie delen: een starter, een voorwaarde (die is optioneel) en een actie. Een starter kun je het beste zien als een gebeurtenis, bijvoorbeeld: het is 20:00, er wordt een beweging gedetecteerd, of de temperatuur van de slimme thermostaat is lager dan 16 graden. Een starter kan ook een spraakopdracht zijn. Stel dat je een 'Alles uit'-routine wilt: je geeft de routine een naam, kiest als trigger bijvoorbeeld het spraakcommando "Ik ga weg" en voegt als acties toe dat alle lampen uit moeten, de thermostaat naar 17 graden gaat en de tv wordt uitgezet.

De opbouw van een routine in Google Home.

Lampen automatisch aanpassen

Voor een filmavond-scenario maak je een automatisering die handmatig start of op een spraakzin als "Filmavond": je selecteert dan bij Actie bewerken de lampen in de woonkamer en zet de helderheid naar bijvoorbeeld 20 procent, je zet eventueel gekleurde lampen op warm wit en schakelt een slimme stekker van de sfeerverlichting in. Heb je gordijnen met een slimme motor, dan voeg je toe dat die naar 100 procent dichtgaan. Tot slot wijs je de tv- of Chromecast-tegel toe om een bepaalde app te starten of in elk geval de tv in te schakelen. Omdat deze routines gebruikmaken van de apparaten en kamers die je eerder hebt ingericht, zie je direct hoe belangrijk een goede basisconfiguratie is.

De kleur en helderheid van de lampen kun je automatisch aanpassen bij het inschakelen van de tv.

Automatiseren op tijd, locatie en aanwezigheid

Nu je basisroutines hebt, ga je een stap verder door je huis zichzelf te laten aanpassen op tijd, locatie en aanwezigheid, zodat je smartphone meer regisseur dan bedieningspaneel wordt. In Automatisering kun je een routine laten starten op vaste tijden, bij zonsopkomst of zonsondergang of wanneer de toestand 'Thuis' of 'Afwezig' verandert. Stel bijvoorbeeld een ochtendroutine in die op werkdagen om 7:00 uur de thermostaat naar 20 graden zet, de gordijnen in de woonkamer op 50 procent opent en de keukenlampen op 60 procent helderheid inschakelt. In de avond kun je een routine laten starten rond zonsondergang, zodat de buitenlamp en de lamp bij de voordeur automatisch aangaan. Aanwezigheidsdetectie gaat nog een stap verder: Google Home kan via de locatie van je telefoon en sensors van bijvoorbeeld een Nest-thermostaat of Nest-speakers bepalen of er iemand thuis is. Wanneer iedereen weg is, kan de Afwezig-routine lampen uitzetten, de thermostaat terugschakelen en eventueel een robotstofzuiger starten. Je stelt dat in via de Instellingen in Google Home onder aanwezigheidsdetectie, waar je toestemming geeft voor gebruik van je telefoonlocatie en aangeeft welke apparaten mogen 'meekijken'.

Concrete scenario's

Nu je de algemene principes beheerst, richt je je op drie alledaagse toepassingen die samen veel comfort opleveren: licht, warmte en entertainment. Voor verlichting maak je in Google Home aparte scènes aan via Automatisering, zoals 'Thuiswerken' met helder wit licht op 80 procent in je werkkamer en 'Ontspannen' met warm licht op 30 procent in de woonkamer. Je roept ze op met "Hey Google, thuiswerken" of via een tegel in het bedieningspaneel. Voor verwarming stel je in de Google Home-app temperatuurschema's in voor je Nest-thermostaat, bijvoorbeeld overdag 20 graden en 's nachts 17 graden; voor warm water kun je eveneens schema's instellen, zodat de slimme boiler niet onnodig aanstaat. De routine 'We zijn weg' verlaagt de temperatuur en zet lampen uit. Voor tv-bediening koppel je je Chromecast of ingebouwde Chromecast-tv aan Google Home en wijs je die toe aan de kamer 'Woonkamer'. Daarna werkt "Hey Google, speel YouTube op tv woonkamer" of je tikt in de app op de tv-tegel om afspelen te pauzeren of te stoppen. Als je deze drie functies eenmaal soepel bedient, zie je hoe makkelijk het is om extra apparaten, zoals gordijnen of een slimme stekker voor je koffiezetapparaat, in bestaande routines in te passen.

Noodzakelijk onderhoud en uitbreiden

Nu je smartphone de centrale afstandsbediening van je slimme huis is, is het belangrijk dat je installatie veilig, overzichtelijk en toekomstbestendig blijft. Controleer regelmatig in Google Home onder Settings en Devices of er geen oude of dubbele apparaten meer staan, bijvoorbeeld een lamp die je hebt vervangen; verwijder ongebruikte apparaten, zodat routines niet breken en blijven hangen omdat een bepaald apparaat niet meer bestaat. Kijk af en toe ook kritisch naar machtigingen: in aanwezigheidsdetectie bepaal je expliciet welke apparaten en telefoons mogen meedoen aan 'Thuis' en 'Afwezig' en dus jouw locatie kunnen opvragen. Dat is misschien niet altijd gewenst. Koop je uitbreidingen, test die nieuwe apparaten eerst in een simpele routine, zoals een losse scène voor één kamer, voordat je ze in al je automatiseringen opneemt. Controleer daarnaast ook op updates: Google Home wordt bijvoorbeeld regelmatig bijgewerkt, zeker nu er ook steeds meer AI-functies worden toegevoegd. En ook je slimme apparatuur: vaak wordt er nieuwe firmware uitgebracht, maar die kun je niet vanuit Google Home updaten; dat moet doorgaans via het slimme apparaat zelf of de aangesloten hub. Tot slot kun je, mocht je later voor het Apple-ecosysteem kiezen, veel apparaten dankzij Matter eenvoudig ook aan Apple Home koppelen, al beheer je ze dan in een aparte app. Door regelmatig op te ruimen, updates te installeren en je routines te finetunen, blijft je slimme huis betrouwbaar en voelt je smartphone echt als een krachtige, maar toch overzichtelijke universele afstandsbediening.

Het updaten van de firmware van aangesloten apparaten gaat doorgaans via de app van de fabrikant zelf, niet via Google Home.
View post on TikTok
▼ Volgende artikel
It Takes Two- en Split Fiction-maker bezig met opnames voor nieuwe game
Huis

It Takes Two- en Split Fiction-maker bezig met opnames voor nieuwe game

Hazelight Studios, de ontwikkelaar van de succesvolle coöperatieve games It Takes Two en Split Fiction, heeft een nieuwe game in ontwikkeling en is op dit moment bezig met de opnames ervoor.

Enige tijd geleden gaf regisseur Josef Fares al aan dat er een nieuwe game in ontwikkeling was bij de studio, maar nu heeft hij op social media een foto geplaatst waarop Fares te zien is met drie acteurs in motion capturing-pakken. Daarmee wordt dus duidelijk gemaakt dat de opnames voor de game in ieder geval al in volle gang zijn.

Overigens is de identiteit van de acteurs niet bekend. Fares houdt zijn arm voor de gezichten van de acteurs. Mogelijk zijn het dus bekende acteurs en wil hij dat nog verhullen, al is dat speculatie. Over speculatie gesproken: het feit dat er drie acteurs te zien zijn, doet sommige fans vermoeden dat de nieuwe game van Hazelight mogelijk met drie spelers tegelijk te spelen valt in plaats van twee, maar ook dat is nog alles behalve bevestigd.

View post on X

Over de games van Hazelight Studios

Hazelight Studios is gespecialiseerd in het creëren van games die coöperatief doorlopen moeten worden. No Way Out, It Takes Two en Split Fiction vergen allen twee spelers. Daarbij draait het om samenwerken, wat hun games een populaire bezigheid maakt voor gamende koppels en vrienden.

It Takes Two bleek een grote hit voor de studio. In het spel spreekt een dochter van een ruziënd stel een vloek over het tweetal uit, waardoor ze minuscuul worden. Ze zullen moeten leren communiceren en samenwerken om zich uit deze hachelijke situatie te redden, terwijl ze als kleine poppen door een uitvergrote versie van hun huis en tuin reizen.

Na het succes van It Takes Two bracht Hazelight het conceptueel vergelijkbare Split Fiction uit. Die game draait om twee schrijvers, Mio en Zoe, die worden ingehuurd om verhalen te creëren voor een technologie die deze verhalen levensecht kan simuleren. De vrouwen worden door het bedrijf achter de technologie echter gevangen in een simulatie, en in de game wordt er constant tussen de twee verhalen van Mio en Zoe geschakeld. Dat levert zowel fantasievolle als futuristische settings op.

Zowel It Takes Two als Split Fiction komen met een Friend Pass. Dat houdt in dat maar één speler de game hoeft te kopen, en de tweede speler gratis online mee kan spelen. De games zijn ook via splitscreen samen op de bank speelbaar.

Watch on YouTube