ID.nl logo
Tweak je Windows 10 prestaties met virtueel geheugen
© Reshift Digital
Huis

Tweak je Windows 10 prestaties met virtueel geheugen

Wist je dat je computer twee soorten werkgeheugen heeft? Naast het bekende random access memory (ram) is er ook virtueel geheugen (ook wel Virtual Memory genoemd). Alle programma’s gebruiken ram, maar wanneer er te weinig geheugen beschikbaar is dan schakelt je computer over op virtueel geheugen. Dan wordt er een zogenaamde pagefile aangemaakt. Daardoor kunnen programma’s hun werk blijven doen, zonder meteen vast te lopen of iets dergelijks.

Hoe meer werkgeheugen een computer heeft, hoe sneller programma’s kunnen werken. Als je te weinig werkgeheugen hebt, dan is het aanlokkelijk het virtueel geheugen uit te breiden. Dat is niet altijd de beste optie. Informatie uit de ram wordt sneller gelezen dan vanaf je harde schijf, waar het virtueel geheugen geparkeerd staat. Mocht je ergens de melding krijgen dat je niet genoeg werkgeheugen hebt, dan is het aan te raden je ram uit te breiden. Maar als dat niet lukt, is gebruikmaken van het virtueel geheugen ook een optie.

Zo bereken je het virtueel geheugen

Er bestaat een formule voor het berekenen van de juiste hoeveelheid virtueel geheugen. De initiële grootte is anderhalf keer zo groot als de hoeveelheid werkgeheugen in je computer. De maximale grootte van het virtueel geheugen is drie keer die initiële grootte. In ons geval werken we op een laptop met 8 GB aan werkgeheugen. Dat is 8192 MB om precies te zijn. Als we dat getal vermenigvuldigen met 1,5, dan komen we uit op 12.228 MB. Dat is dan de initiële ruimte. De maximale ruimte is in dit geval 12.228 keer 3; dan komen we uit op 36.864 MB. Deze laptop kan dus maximaal 36 GB aan virtueel geheugen hebben.

©PXimport

Zo verander je het virtuele geheugen

Om het virtuele geheugen aan te passen, gaan we naar de Systeem-pagina. Dat doe je door Verkennen te openen en links in het menu met de rechtermuisknop op Deze pc te klikken. Dit is meteen de pagina waar je je eigen hoeveelheid werkgeheugen kunt terugvinden. Klik nu links op Geavanceerde systeeminstellingen. Onder het tabblad Geavanceerd staat Prestaties, met de knop Instellingen. Druk daarop. In het volgende scherm druk je op Geavanceerd (tweede tabblad bovenin). Daar tref je het kopje Virtueel geheugen aan, inclusief de knop Wijzigen.

Bovenin staat er nu een vinkje aan bij Wisselbestandsgrootte voor alle stations automatisch beheren. Haal dat vinkje weg en selecteer nu Aangepaste grootte. Vul hier de initiële en maximale grootte in door de bovenstaande rekensom toe te passen op basis van je eigen werkgeheugen. Vul die getallen in en druk vervolgens op Instellen. Sluit nu alle vensters af door ofwel op OK of Toepassen te klikken. Je hebt nu het virtueel geheugen van je computer officieel uitgebreid.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Nieuwe Samsung Galaxy S26-teaser laat AI-fotomogelijkheden zien
© Samsung
Huis

Nieuwe Samsung Galaxy S26-teaser laat AI-fotomogelijkheden zien

Samsung geeft alvast een voorproefje van de nieuwe camerafuncties die het volgende week onthult tijdens Galaxy Unpacked. De stap vooruit zit dit keer vooral in de software: foto's en video's bewerken moet veel natuurlijker gaan, simpelweg door in je eigen woorden te zeggen wat je wilt.

Samsung noemt voorbeelden als een foto veranderen van dag naar nacht, een ontbrekend stukje herstellen of meerdere beelden automatisch samenvoegen. In plaats van verschillende apps openen of instellingen zoeken, beschrijf je kort wat je voor ogen hebt en doet de telefooncamera de rest. Vastleggen, aanpassen en delen moeten daardoor meer als één vloeiende handeling aanvoelen.

Ook in uitdagende situaties moet de software een groter deel van het werk overnemen. Denk aan fotograferen bij weinig licht, een sterrenhemel vastleggen of video's met een filmische uitstraling maken. Samsung spreekt wel over een helderder camerasysteem, maar geeft nog geen technische details. Uit alles blijkt dat de nadruk ligt op slimmer bewerken, niet op nieuwe lenzen of sensoren.

Lees ook: Samsung Galaxy S26-teaser richt zich op het privacyscherm

©Samsung

Wanneer wordt de Samsung Galaxy S26-lijn onthuld?

Samsung organiseert op 25 februari de nieuwste editie van het tweejaarlijkse Galaxy Unpacked-evenement. Het kan niet anders dan dat daar de nieuwe Samsung Galaxy S26-lijn wordt onthuld. Vanaf 19.00 uur  's avonds (Nederlandse tijd) weten we meer!

Watch on YouTube
Watch on YouTube
Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Je afzuigkap: waarom je hem al aanzet vóór je gaat koken
© Paul Maguire
Huis

Je afzuigkap: waarom je hem al aanzet vóór je gaat koken

Veel mensen zetten de afzuigkap pas aan als er al flink wat kookdampen in de keuken hangen. Lijkt logisch, maar: op dat moment ben je eigenlijk al te laat. Het is beter om de afzuigkap al een paar minuten voor het koken aan te zetten en hem pas een kwartiertje na de maaltijd weer uit te schakelen. Dit lijkt misschien overdreven, maar het maakt een groot verschil voor de luchtkwaliteit in je woning.

In dit artikel lees je waarom het helpt om je afzuigkap al een paar minuten vóór het koken aan te zetten en hem na afloop nog even te laten draaien. Je snapt hoe die luchtstroom werkt, welke stoffen bij koken kunnen vrijkomen (zeker bij koken op gas) en wat het verschil is tussen afvoer naar buiten en recirculatie. Ook laten we zien hoe je snel kunt testen of de afzuiging nog goed is en krijg je nog een paar slimme tips over het gebruik van je afzuigkap.

Lees ook: Hoe kies je de juiste afzuigkap?

Onzichtbare luchtstroom

Het geheim van een goed werkende afzuigkap zit in het juiste moment van inschakelen. Een afzuigkap werkt door onderdruk te creëren: zodra hij aanstaat, wordt lucht actief naar de filters gezogen. Maar warme kookdamp stijgt snel op en verspreidt zich direct alle kanten op. Als je de kap pas inschakelt wanneer de damp al opstijgt, is het al te laat om alles af te vangen.

Door de kap een minuutje of twee voor het koken aan te zetten, zorg je ervoor dat de zuigkracht al actief is op het moment dat de eerste damp vrijkomt. Die damp wordt dan direct de afzuigkap in getrokken, voordat hij de kans krijgt zich door de keuken en de rest van je huis te verspreiden. Kook je op gas? Zet de afzuigkap dan aan voordat je de pitten aansteekt. Zo worden ook de deeltjes die daardoor vrijkomen, meteen afgevoerd.

Koken vervuilt de lucht, ook als je niets ruikt

Koken is een belangrijke bron van luchtvervuiling binnenshuis. Bij een gasfornuis komen door verbranding stoffen vrij zoals stikstofdioxide (NO₂) en ultrafijne deeltjes. Ook bij elektrisch koken ontstaat fijnstof, vooral door het bak- en braadproces zelf. Je ruikt dat niet altijd, maar je ademt het wel in.

Daarom is het verstandig om de afzuigkap na het koken nog een tijdje te laten draaien. Damp en deeltjes die nog in de lucht zweven, worden dan alsnog afgevoerd of gefilterd. Houd daarbij wel rekening met het type kap. Bij een afvoerkap verdwijnt de lucht via een kanaal naar buiten. Bij een recirculatiekap gaat de lucht door filters en keert daarna terug de ruimte in – dat helpt goed tegen geuren, maar de vervuilde lucht verdwijnt niet volledig uit je woning.

Afvoer naar buiten of recirculatie: waar let je op?

Bij een afvoerkap naar buiten wil je vooral dat de luchtstroom sterk genoeg is en dat de lucht zo goed mogelijk kan worden afgevoerd. Is het afvoerkanaal extra lang en/of zitten er bochten in, dan gaat het afvoeren minder goed. Ook viezigheid in de afvoerbuis kan het afvoeren van de kookdampen belemmeren. Daarnaast maakt de vorm en diameter van het kanaal uit: een ronde buis geeft minder weerstand dan een rechthoekige, en een bredere diameter laat meer lucht door. Zeker bij de installatie van een nieuwe kap is het de moeite waard om hier rekening mee te houden.

Bij een recirculatiekap wordt de lucht niet naar buiten afgevoerd, maar intern gereinigd en daarna weer de ruimte in geblazen. De lucht passeert daarbij achtereenvolgens een vetfilter en een koolstoffilter. Vetfilters vangen het vet op dat vrijkomt bij het koken. Koolstoffilters absorberen geurstoffen, maar raken na verloop van tijd verzadigd en moeten dan worden vervangen. Zorg ook dat de filters goed gemonteerd zijn zodat de lucht er echt doorheen stroomt en niet erlangs.

©wertinio

De papiertest: hoe goed werkt jouw afzuigkap nog?

Twijfel je of je afzuigkap nog wel goed werkt? Je kunt dit makkelijk testen met een velletje keukenpapier of een A4-tje. Zet de afzuigkap op de middelste stand en houd het papier tegen de filters aan. Als de zuigkracht voldoende is, moet het papier zonder hulp blijven hangen. Valt het velletje direct naar beneden? Dan is de luchtstroom te laag. Dat kan komen doordat de filters verstopt zijn of is de motor niet krachtig genoeg meer is.

Handige tips

Niet iedereen zit te wachten op het monotone gebrom van een afzuigkap tijdens een gezellig diner. Gelukkig hoeft de kap na het koken niet op de hoogste stand te staan. De laagste stand is vaak al voldoende om de laatste restanten vieze lucht af te voeren. Veel moderne apparaten hebben een timer die na tien of vijftien minuten automatisch uitschakelt. Heb je die niet? Zet dan een kookwekker of wen jezelf aan om de kap pas uit te doen als je de tafel afruimt. Het resultaat is een huis dat niet alleen fris ruikt, maar waar de lucht ook echt schoon is.