ID.nl logo
Zelf te programmeren ledstrips installeren: Zo doe je dat
© Reshift Digital
Zekerheid & gemak

Zelf te programmeren ledstrips installeren: Zo doe je dat

Ledstrips zijn leuk en veilig om mee te werken en bovendien flexibel inzetbaar. Je kunt ze bijvoorbeeld gebruiken als sfeerverlichting in woonkamer of tuin. Programmeerbare ledstrips maken het nóg leuker om te experimenteren met licht. Daarmee kun je met kleuren, effecten en patronen werken. Met WLED hoef je niet eens echt te programmeren.

Met ledverlichting en ledstrips kun je vrijwel alle soorten licht maken en je creativiteit de vrije loop laten. In dit artikel kijken we naar ledstrips. Deze kun je flexibel inzetten. Zo kun je ze aan de binnenkant van een koof langs het plafond monteren voor een indirecte verlichting. Omdat het licht mooi wordt verdeeld, kan dit prima als (sfeervolle) basisverlichting dienen. In een koof kun je ook gemakkelijk extra kabels kwijt.

Als alternatief zou je ook een aluminium profiel met kap tegen het plafond kunnen monteren waarin je de ledstrips plaatst. Zo’n profiel is eigenlijk altijd raadzaam: het houdt stof weg en aluminium geleidt warmte, wat de levensduur van de leds ten goede komt. Bij een profiel in het zicht kun je een diffuse kap gebruiken die de elektronica verbergt en het licht mooier verdeeld. Ledstrips worden ook vaak buiten gebruikt.

Voor het monteren van ledstrips kun je doorgaans (bijgeleverde) clipjes gebruiken of dubbelzijdige klevende tape. Dit laatste gaat meestal prima, want het geheel weegt niet veel. De ledstrip zelf heeft ook een kleefzijde, dus die plak je zo in het profiel.

Vele varianten

Ledstrips zijn er in allerlei soorten en maten. Zo varieert de lengte van de strip (veelal 1, 2 of 5 meter), de spanning (doorgaans 5, 12 of 24 volt), de dichtheid van leds op de strip en de waterdichtheid. Bij dit artikel gebruikten we ledstrips met de populaire WS2812B.

Op een ledstrip zijn de componenten, die we pixels noemen, achter elkaar geplaatst, meestal met 30 of 60 per meter. Voor elke component kan de kleur (rgb) en helderheid afzonderlijk worden geregeld. De strip werkt op 5 volt. Je kunt er meerdere achter elkaar gebruiken, maar zeker bij hoge dichtheid van de leds en bij langere lengtes moet je de spanningsvoorziening goed in de gaten houden, waarover later meer.

Wat waterdichtheid betreft heb je bij dit type nog diverse opties. Hiervoor kijk je naar de beschermingsgraad. Bekend zijn vooral IP30 voor gebruik binnenshuis en IP65 of IP67 voor buitenshuis. Voor binnen kun je het beste IP30 kiezen, omdat deze strips gemakkelijker zijn te verwerken; denk aan het doorknippen en aan elkaar solderen van losse eindjes.

©PXimport

Ledstrips aansturen

Om een ledstrip aan te sturen heb je maar één pin van een microcontroller nodig (zie het kader hieronder ‘Hoe werken ledstrips?’). Voor het aansturen kun je een Raspberry Pi of Arduino gebruiken, maar ook een ESP8266- of ESP32-microcontroller. Wij kiezen voor de wat krachtigere ESP32. Daarop installeren we de software WLED. Ook voor een beginner is dat goed te doen. Dankzij WLED hoef je namelijk niet zelf te programmeren.

Na het flashen van de software maakt je microcontroller een wifi-hotspot aan waar je kunt inloggen om de eerste configuratie af te handelen en om verbinding met je eigen wifi-netwerk te maken. Daarna kun je de ledstrips eenvoudig via een browser of app bedienen. Ook is integratie met Home Assistant mogelijk, de bekende software voor thuisautomatisering, waar we al vaker over hebben geschreven. Je hebt dus ook direct slimme verlichting.

©PXimport

Hoe werken ledstrips?

Ledstrips met de WS2812B zijn erg populair en relatief makkelijk te gebruiken. Maar hoe werken ze precies en wat gebeurt er als je deze aanstuurt? Elke component op de strip (of pixel) kan de kleuren rood, groen en blauw weergeven en heeft een ingang en uitgang voor data. Die data wordt binnen de component verwerkt.

Feitelijk stuurt de microcontroller een lange ‘puls-trein’ met voor elke pixel de gewenste kleur en helderheid. Iedere component ‘snoept’ zijn informatie eraf en geeft het restant door. Daarom zul je in WLED het aantal pixels moeten instellen, zodat feitelijk die puls-trein lang genoeg is. De volgorde van de pixels maakt ook niet uit, zolang de uitgang van de ene pixel maar naar de ingang van de volgende gaat. Je mag de strip dus ook tussen iedere pixel losknippen, op de kniplijn, om deze in te korten of aan een tweede strip te koppelen.

©PXimport

Spanningsvoorziening

Zowel de microcontroller als de ledstrips hebben een voeding nodig. Dat mag dezelfde voeding zijn, beide werken namelijk met 5 volt. Gebruik je een aparte voeding, zorg dan dat de ground (gnd) gemeenschappelijk is. Je zou optioneel de voeding voor de leds kunnen aan- en uitschakelen met een relais, via een pin op de microcontroller. WLED biedt daar standaard ondersteuning voor. De WS2812B verbruikt namelijk altijd wat stroom, ook als deze geen licht geeft. Het stand-bygebruik kun je hiermee beperken.

Wat voor voeding je nodig hebt, hangt af van het aantal pixels en de gewenste helderheid. Bij de WS2812B kun je uitgaan van tot 60 milliampère (mA) per pixel. Dat is bij de kleur wit, waarbij alle leds (rood, groen en blauw) zullen branden, en met volledige helderheid. Bij 60 pixels per meter gaat het om 3,6 ampère (A) per meter. Voor 5 meter heb je zodoende een voeding nodig die 18 ampère kan leveren, dus 90 watt in totaal. We raden aan wat extra marge te nemen. Bekend en degelijk zijn bijvoorbeeld de voedingen van Mean Well.

©PXimport

Spanningsval

Een probleem bij het werken met ledstrips, vooral bij 5 volt, is dat er een flinke spanningsval kan optreden, zeker bij grotere lengtes. Hierdoor branden de leds aan het einde van de strip minder fel of met afwijkende kleuren. Een tweede probleem is dat er zeker bij hogere helderheid een relatief grote stroom kan lopen, wat onveilige situaties kan opleveren.

Genoemde problemen kun je oplossen door extra voedingskabels parallel aan te sluiten, bijvoorbeeld elke 2,5 of 5 meter. Een ledstrip van 5 meter heeft aan het einde meestal een extra paar voedingskabeltjes. Je kunt ook altijd zelf snoertjes op de 0 en + van de strip solderen. Zorg dat de kabels dik genoeg zijn, zodat ze de benodigde stroom aan kunnen en de spanningsval beperkt blijft.

Als het voor jouw project heel lastig is om extra kabels naar de ledstrips te brengen, bijvoorbeeld omdat je met hele lange lengtes gaat werken, zou je misschien beter voor 12 volt kunnen kiezen. Heb je alles aangesloten, dan sluit je als laatste de datalijn van de ledstrip aan op de datapin van de microcontroller. Bij de ESP32 is dat D2 (gpio 2). Bij een langere kabel kun je een zogenoemde level shifter nodig hebben (3,3 naar 5 volt), omdat de ESP32 een lagere spanning (3,3 volt) geeft dan de WS2812B verwacht (5 volt).

©PXimport

Installatie van WLED

WLED is een van de populairste pakketten voor het aansturen van ledstrips met bijvoorbeeld de WS2812B. De software biedt ook ondersteuning voor enkele andere types, zoals de WS2811 en WS2815, beide op 12 volt. De eerste stap is het flashen van de software op bijvoorbeeld een ESP32. Daar zijn meerdere methodes voor.

Een eenvoudige methode is het gebruik van de ESP Home Flasher-tool. Dat is een programma voor Windows dat de ESP32 herkent, als de drivers zijn geïnstalleerd, en vervolgens het image-bestand van WLED kan flashen. We raden je aan de instructies op de website van WLED te raadplegen als het niet direct lukt. Via een smartphone of tablet kun je vervolgens inloggen op de hotspot met de naam WLED-AP en het wachtwoord wled1234.

Bezoek dan met een browser het adres 4.3.2.1. Je kunt nu de instellingen van je wifi-netwerk opgeven, zodat de microcontroller voortaan direct verbinding met dat netwerk maakt. Je kunt ook een naam kiezen, bijvoorbeeld wled-kantoor.local. Je kunt dan met een browser op dat adres de ledstrips verder bedienen.

©PXimport

Werken met WLED

Als je de gebruikersinterface van WLED opent, is het handig om eerst onder Config de instellingen voor je leds door te nemen. Vooral het aantal leds is van belang. Is het aantal niet goed ingesteld, dan branden de leds verderop in de strip niet. Je leest op deze configuratiepagina ook wat voor voeding wordt aanbevolen.

Onder Colors kun je een kleur of patroon kiezen en onder Effects een van de meer dan honderd effecten. Interessant is ook dat je onder Segments verschillende segmenten kunt maken die je dan een aparte kleur of helderheid kunt geven. Voor het instellen daarvan is het handig om naar PC Mode te gaan. 

Zorg daarna dat rechts een segment is aangevinkt en kies links de kleur, het patroon en het effect. Je kunt de ledstrips met WLED ook via externe programma’s aansturen. Zo kun je bijvoorbeeld lichtshows geven door de software xLights op je pc te installeren. Die werkt dan samen met WLED.

©PXimport

Andere toepassingen

Naast WLED zijn er nog andere toepassingen voor het aansturen van je ledstrips. Populair is bijvoorbeeld het nabootsen van het bekende Ambilight van Philips (zie het kader hieronder ‘Sfeervolle achtergrondverlichting’). Dit kan prima met ledstrips met de WS2812B. We raden voor een optimale helderheid ledstrips met 60 leds per meter aan. Bereken de wattage voor de voeding die nodig is, met wat marge. Het hangt vooral af van de totale lengte van de strip en daarmee van de grootte van je tv.

Kenmerkend voor Ambilight is dat de leds aan de achterkant van de televisie niet steeds allemaal dezelfde kleur aannemen, maar zich individueel aanpassen aan de kleur die op diezelfde positie op het scherm is te zien. Omdat je voor elke pixel op een ledstrip met WS2812B de kleur en helderheid kunt aanpassen, is dit geen probleem. Het verkrijgen van de beeldinformatie is een grotere uitdaging. Er zijn een paar manieren om dat voor elkaar te krijgen.

Een beproefde methode is het gebruik van een Raspberry Pi Zero W met een hdmi-splitser met één ingang en twee uitgangen. Op de ingang sluit je het signaal van bijvoorbeeld een mediaspeler aan. De eerste uitgang gaat gewoon naar de televisie en de tweede naar een video capture card die hdmi naar usb omzet, aangesloten op de Pi. 

Software, zoals Hyperion, kan die videostream vervolgens gebruiken om een Ambilight-signaal naar de ledstrip te sturen via één van de gpio-pinnen op de Raspberry Pi. Je moet wel wat instellingen invoeren, zodat de software bijvoorbeeld weet waar en hoe de ledstrips zijn geplaatst.

©PXimport

Sfeervolle achtergrondverlichting

Ambilight is een feature op televisies van Philips. Feitelijk gaat het om ledlampjes die aan de achterkant langs de randen van de televisie zijn aangebracht. Hierdoor kleurt de muur achter de televisie mee met de kleur op het scherm. Je kunt het op allerlei manieren naar je smaak afstellen. Het ziet er niet alleen sfeervol uit, maar is ook rustiger voor je ogen. Je Philips Hue-lampen kun je desgewenst ook weer aan je Ambilight koppelen.

Voor televisies zonder Ambilight biedt Philips sinds enige tijd de prijzige Hue Play gradient lightstrip (vanaf 180 euro). Met de ledstrip, voorzien van bevestigingsklemmen en leverbaar in drie formaten, voeg je Ambilight aan elke televisie toe. Met de aanschaf van de ledstrips ben je er nog niet, want je hebt ook een Hue Bridge (60 euro) en Hue sync box (250 euro) nodig. Dat maakt het aantrekkelijk om zelf na te bouwen, zoals kort uitgelegd in het artikel.

▼ Volgende artikel
Productiever met de muis: zo werk je een stuk efficiënter
© tippapatt | stock.adobe.com
Huis

Productiever met de muis: zo werk je een stuk efficiënter

Efficiënt werken draait niet alleen om software. Soms zit de grootste winst in iets eenvoudigs, zoals hoe je de muis gebruikt. De Windows-muis zit vol slimme functies die de meeste gebruikers nooit opmerken: automatisch scrollen, vensters in lay-outs plaatsen, snel bestanden selecteren, acties aan muisknoppen koppelen…

 De middelste muisklik (scrollwieltje-klik) is een onderschatte snelkoppeling. Klik met het scrollwieltje op een app die vastgemaakt is aan de taakbalk en er wordt meteen een nieuw venster van die app geopend. Handig als bijvoorbeeld Word al actief is en je snel een tweede leeg document wilt openen. Ook in Windows Verkenner werkt dit trucje. Klik met het scrollwieltje op een map en hij opent in een nieuw tabblad. Een tabblad sluiten gaat al even eenvoudig. Klik met het scrollwieltje op het tabblad van Verkenner of de webbrowser en het verdwijnt meteen. Kortom, de scrollwieltje-klik is de snelste manier om tabbladen te openen en te sluiten.

Je kunt met rechtsklikken een map in een nieuw tabblad openen, maar nog sneller gaat het met de scrollwieltje-klik.

Automatisch scrollen

Wist je dat je helemaal niet hoeft te blijven draaien aan het scrollwieltje om door lange webpagina’s of documenten te gaan? Klik ergens op de pagina met het scrollwieltje (middelste muisknop). Er verschijnt een rond pictogram bij de cursor: automatisch scrollen is actief . Beweeg nu de muis lichtjes omhoog of omlaag. De pagina begint automatisch te scrollen. Hoe verder je de cursor van het pictogram af beweegt, hoe sneller de pagina scrollt. Breng je de cursor terug naar het midden, dan vertraagt het scrollen of stopt het helemaal. Ideaal voor lange artikelen, pdf’s of Word-documenten. Als je klaar bent, klik je nogmaals op het scrollwieltje om automatisch scrollen uit te schakelen.

De nieuwe cursor geeft aan dat je automatisch horizontaal en verticaal kunt scrollen.
Muisknoppen aanpassen met XMBC

Heb je jezelf een high-end muis cadeau gedaan, dan krijg je daar meestal bijbehorende software bij waarmee je knoppen en snelkoppelingen kunt configureren. Daarmee kun je de productiviteit van de muis enorm verhogen. Maar ook met een gewone muis kun je verrassend veel aanpassen dankzij X-Mouse Button Control (XMBC, www.kwikr.nl/xmbc). De freewaretool werkt met profielen per programma, zodat je de standaard muisbediening niet verandert. X-Mouse Button Control is een klein maar bijzonder krachtig Windows-programma waarmee je muisknoppen kunt herprogrammeren. Vooral handig voor wie veel aan de pc werkt, games speelt of specifieke software gebruikt met terugkerende handelingen. Enkele voorbeelden van wat je met XMBC kunt doen: een muisklik instellen om met één handeling tekst te kopiëren of plakken; extra muisknoppen simuleren (ideaal voor gamers die geen duimknoppen hebben); een schermafdruk maken via een muisknop; of meteen een screenshot-tool zoals het Knipprogramma starten. De tool is gratis en reclamevrij. Enig minpunt: de interface oogt wat technisch en kan beginners even afschrikken.

Met XMBC kun je toepassingen koppelen aan muisknoppen.

Snap Layouts

In Windows 11 kun je vensters moeiteloos in een vaste indeling op het scherm plaatsen dankzij Snap Layouts. De officiële Nederlandstalige term is Uitgelijnde vensters, maar vrijwel iedereen spreekt van Snap Layouts. In plaats van zelf vensters te verslepen en te schalen, kies je een voorgedefinieerde lay-out: twee vensters naast elkaar, drie of vier vensters in een raster, een asymmetrische verdeling, zoals 1/3 + 2/3 van het scherm. Open een venster dat je wilt plaatsen. Beweeg de muisaanwijzer boven de knop Maximaliseren. Er verschijnt een menu met verschillende lay-outs. Je kunt ook de toetscombinatie Windows-toets+Z gebruiken. Klik op een lay-outzone en het venster wordt daar automatisch in geplaatst. Windows toont vervolgens de andere open vensters. Klik om de resterende zones te vullen. Extra handig is ook de volgende methode. Sleep een venster langzaam naar het midden bovenaan het scherm. Hierdoor verschijnt een raster met alle beschikbare lay-outs. Laat los om het venster vast te klikken. Het is mogelijk om de instellingen aan te passen via Instellingen / Systeem / Multitasking en dan kies je Uitgelijnde vensters. Hier kun je onder andere bepalen of Windows suggesties toont voor het vullen van de andere zones.

Selecteer hoe je de vensters wilt uitlijnen.

Horizontaal scrollen

Werk je in een grote spreadsheet, bewerk je een brede afbeelding of wil je in een video-editor door de tijdlijn bewegen? Dan hoef je niet te mikken op de kleine schuifbalk onderaan het scherm, je kunt ook horizontaal scrollen met het scrollwieltje. Om horizontaal te scrollen met een muis en het scrollwieltje, houd de Shift-toets ingedrukt en scrol daarna omhoog of omlaag met het scrollwieltje. In sommige programma’s, zoals Microsoft Excel, is de sneltoets Ctrl+Shift in combinatie met het scrollwieltje. Scrol je naar beneden, dan verschuift de inhoud van links naar rechts. Scrol je naar boven, dan gaat de inhoud van rechts naar links. Laat je de Shift-toets los, dan werkt het scrollwieltje weer gewoon verticaal.

Met Ctrl+Shift kun je in Excel horizontaal scrollen met het muiswieltje.

Slepen met de rechtermuisknop

We slepen bestanden en mappen bijna altijd met de linkermuisknop om ze te verplaatsen. Maar probeer het eens met de rechtermuisknop, dat geeft je veel meer controle. Klik met de rechtermuisknop op een bestand of map en sleep het naar de gewenste locatie. Wanneer je de muisknop loslaat, verschijnt een snelmenu waarin je kunt kiezen: Hierheen kopiëren, Hierheen verplaatsen, Hier snelkoppelingen maken. Heb je een compressietool geïnstalleerd, zoals 7-Zip of WinRAR, dan verschijnen die opties ook in het menu. Je kunt bovendien meerdere items selecteren en die tegelijk met de rechtermuisknop slepen. Ideaal om in één keer snelkoppelingen op het bureaublad te plaatsen.

Door met rechts te slepen, opent een snelmenu.

Meteen het volledige contextmenu

In Windows 11 is het contextmenu (het menu dat verschijnt bij een rechtermuisklik) vereenvoudigd. Pictogrammen voor Knippen, Kopiëren, Plakken, Naam wijzigen en Verwijderen staan bovenaan en het menu zelf is korter. Dat oogt overzichtelijker, maar soms heb je juist het klassieke volledige contextmenu nodig. Je kunt onderaan op Meer opties weergeven klikken, maar dat kost telkens een extra handeling. Ben je het beu om telkens die extra klik te moeten maken? Houd dan gewoon de Shift-toets ingedrukt en klik met de rechtermuisknop op de map of het bestand. Hierdoor opent direct het volledige klassieke contextmenu waar je toegang hebt tot alle rechtermuisknopopties van Windows.

Links het gewone contextuele menu van Windows 11, rechts het volledige menu.

Vensters maximaliseren en verkleinen

Dubbelklik op de titelbalk bovenaan een venster om een venster te maximaliseren. Staat het venster al gemaximaliseerd? Dubbelklik opnieuw op de titelbalk en het venster keert terug naar zijn vorige formaat. Dit werkt een stuk sneller dan mikken op de kleine maximaliseer-/herstelknop. Je kunt ook dubbelklikken op het pictogram van het venster in de linkerbovenhoek om dat venster meteen te sluiten. Bij sommige moderne Windows 11-apps staat er géén pictogram in de titelbalk en werkt deze truc dus niet. Voorbeelden waarbij het wel werkt: Kladblok, Taakbeheer, register-editor en veel traditionele desktopsoftware. 

Sneller zoomen

Een van de meest onderbenutte functies van de muis is de mogelijkheid om in en uit te zoomen met behulp van het scrollwieltje. Houd de Ctrl-toets ingedrukt en rol met het wieltje omhoog om in te zoomen, rol omlaag om uit te zoomen. Dit werkt bijna overal: op webpagina’s, Word-documenten, Excel-sheets, pdf-bestanden, fototoepassingen en grafische software, Windows Verkenner … Het voordeel is dat je hand op het toetsenbord én op de muis blijft, zonder de workflow te onderbreken. In sommige browsers kun je met Ctrl+0 (nul) altijd terugkeren naar 100 procent zoom. In Microsoft Word werkt Ctrl+muiswieltje zelfs terwijl je een selectie maakt in de statusbalk onderaan, waardoor je extra controle krijgt over de weergave.

Via Ctrl+muiswieltje kun je traploos inzoomen.

Slimmer selecteren

Meerdere bestanden selecteren hoeft geen gedoe te zijn. Windows biedt twee handige methoden. De eerste manier (Shift+klik) gebruik je om een aaneengesloten reeks items te selecteren. Klik op het eerste bestand in de reeks, houd de Shift-toets ingedrukt en klik op het laatste bestand. Alles daartussen wordt automatisch geselecteerd. De tweede manier (Ctrl+klik) dient om meerdere niet-aansluitende bestanden te selecteren. Houd de Ctrl-toets ingedrukt en klik op elk bestand dat je wilt toevoegen. Als je per ongeluk het verkeerde bestand hebt geselecteerd, klik je er nogmaals op terwijl je de Ctrl-toets nog steeds ingedrukt houdt. Vaak is het handig om deze twee methoden te combineren. Veronderstel dat je eerst met Shift-klik een aansluitende reeks bestanden hebt geselecteerd vanaf nummer 7 tot en met 63, maar je wilt bestand 52, 57 en 60 niet in de selectie. Dan kun je met Ctrl-klik deze drie items uit de selectie verwijderen.

Met Shift-klik selecteer je een aaneengesloten reeks bestanden.
▼ Volgende artikel
Pokémon FireRed en LeafGreen komen op 27 februari naar Switch eShop
Huis

Pokémon FireRed en LeafGreen komen op 27 februari naar Switch eShop

Er gingen onlangs al geruchten over, maar nu is het zeker: vanaf 27 februari zijn Pokémon FireRed Version en Pokémon LeafGreen Version speelbaar op Nintendo Switch en Nintendo Switch 2 via de eShop.

Na eerdere geruchten zijn beide games nu inmiddels op de Nintendo eShop verschenen: hier en hier. Daarbij kost elk spel 20 euro.

De ports zijn nu officieel aangekondigd door Nintendo en The Pokémon Company op sociale media, met een trailer die hieronder ook te bekijken is. Op 27 februari is het Pokémon Day, een jaarlijkse viering van alles rondom Pokémon. Het is dan ook logisch dat de Switch-versies van de games op die dag worden uitgebracht.

Watch on YouTube

Volgens de beschrijving op de eShop wordt lokale draadloze multiplayer ondersteund, en zal Pokémon Home op een later moment ook worden ondersteund. Overigens zullen diverse regio's unieke taalversies ontvangen, net als bij het origineel. Dat betekent bijvoorbeeld dat mensen die het spel in de Verenigde Staten kopen, alleen een Engelse taal kunnen selecteren in de games.

Er gingen eerder al geruchten dat de Pokémon-games opnieuw uitgebracht zouden worden om de franchise te vieren. De Pokémon-reeks bestaat dit jaar namelijk dertig jaar.

View post on Instagram
 

Over Pokémon FireRed en LeafGreen

Pokémon Red en Pokémon Blue waren de eerste Pokémon-games die in 1996 verschenen, terwijl FireRed Version en LeafGreen Version uit 2004 afkomstige Game Boy Advance-remakes zijn van de spellen.

In deze Pokémon-games verkennen spelers de originele Kanto-regio, waar men wilde pokémon tegenkomt die men kan vangen, om ze vervolgens in te zetten in gevechten tegen andere pokémon. Spelers nemen het namelijk op tegen ervaren Gym Leaders en proberen de beste pokémontrainer ooit te worden. De FireRed- en LeafGreen-versies van de game voegen ook de nieuwe regio Sevii Islands toe.