ID.nl logo
De nieuwe Peugeot E-5008: verrassend zuinige zevenzitter
© Irwin Versteegh
Mobiliteit

De nieuwe Peugeot E-5008: verrassend zuinige zevenzitter

De gloednieuwe Peugeot E-5008 is hier: een volledig elektrische zevenzitter die de concurrentie aangaat met duurdere modellen. Met een actieradius tot 660 km, een 21-inch HD scherm en slimme ruimte-indeling zet Peugeot een belangrijke stap in de EV-markt. Wij namen de E-5008 mee voor een uitgebreide test en delen onze bevindingen.

Watch on YouTube

Download nu GRATIS het EV Duurtest-rapport 2024!

In het EV Duurtest-rapport zijn nieuwe elektrische auto's door verschillende consumenten getest. Alle resultaten vind je terug in dit digitale rapport. Door het invullen van je naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van het Kieskeurig EV Duurtest-rapport. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl EV-nieuwsbrief.

Bij de introductie van een nieuwe generatie Peugeot 3008 volgt vrijwel altijd een extra praktische variant. Onlangs presenteerde Peugeot dan ook een kakelverse 5008. Ook deze keer betreft het een zevenzitsvariant van de meer op dynamiek gerichte 3008. Het grootste nieuws is echter de komst van een volledig elektrische Peugeot E-5008, waarmee Irwin van InstaAutoVlog onlangs uitgebreid kennis heeft gemaakt.

©Irwin Versteegh

Niet de eerste 7-zits-EV

Een volledig elektrische zevenzitter is geen unicum. De Kia EV9, Mercedes-Benz EQB, Tesla Model X en de binnenkort te verschijnen Volvo EX-90 zijn enkele voorbeelden, al zijn dat voornamelijk auto's uit het duurdere segment. Peugeot brengt daar verandering in. De nieuwe E-5008 concurreert met auto's als de Renault Scenic e-Tech Electric en de Tesla Model Y, met als geheim wapen twee extra stoelen.

Het design van de E-5008 leunt sterk op dat van de E-3008. De auto heeft een karaktervol front met kenmerkende dagrijverlichting, koplampen en velgen tot 20 inch. Peugeot verlengde de wielbasis met maar liefst 27 cm voor extra ruimte, wat het totaal op 4,79 meter brengt. Daarmee is hij zo'n 4 centimeter langer dan de Model Y en zelfs 22 cm langer dan de Renault Scenic e-Tech. Net als bij de E-3008 ontbreekt de traditionele raamomlijsting, wat zorgt voor een eigentijds en rank ogend voorkomen.

Hoogwaardige materialen en bouwkwaliteit

De E-5008 heeft dezelfde comfortabele hoge instap als de E-3008. De fraai gevormde zetels hebben een verlengbaar zitvlak en ook de verstelling en ondersteuning van de overige componenten is uitstekend. Het interieur toont Peugeots i-Cockpit, gecombineerd met hoogwaardige materialen en bouwkwaliteit. Een echte blikvanger is het 21-inch Panoramic Display. Dit HD-scherm bevat deels een touchscreen en de zogenaamde i-Toggles: tien naar wens in te stellen snelkoppelingen voor favoriete functies.

De toevoeging van online EV-routeplanning houdt tijdens je reis rekening met de resterende batterijcapaciteit. Ook biedt de auto connectiviteit als draadloze Apple CarPlay en Android Auto. Qua opbergruimte profiteert de E-5008 van het nieuwe STLA-platform. Er is een forse, diepe opbergruimte onder de middentunnel en een gekoeld vak onder de middenarmsteun – ideaal om flesjes water lekker koud te houden. Bekerhouders, een draadloze telefoonlader en voldoende ruimte in de deurpanelen en het dashboardkastje maken het geheel af.

©Tibo - The Good Click

Achterin krap maar comfortabel

Op de tweede zitrij biedt de E-5008 voldoende ruimte, al voelt het door de vrij lage plaatsing van de achterbank een beetje krap aan. Comfort wordt geboden door een eigen bediening voor de klimaatregeling en twee usb-c-oplaadpunten. De E-5008 beschikt trouwens niet langer over drie individuele zitplaatsen, waardoor er slechts twee IsoFix-aansluitpunten op de buitenste zitplaatsen te vinden zijn.

De derde zitrij is toegankelijk doordat de tweede zitrij over een lengte van 15 centimeter kan worden verschoven. Hiermee kun je kiezen voor extra bagage- of beenruimte. De rugleuning en zitting van de tweede zitrij klap je gemakkelijk met één hand in één beweging naar voren. Ze schuiven dan in een verhouding van 60-40 over de rails naar voren.

De instap naar de derde zitrij is zelfs voor een volwassene prima te doen, al is het zitcomfort wel wat beperkt, met net voldoende hoofd- en leefruimte. De twee extra zitplaatsen zijn prima voor incidenteel gebruik, maar voor langere ritten alleen geschikt voor kleine kinderen.

©Tibo - The Good Click

Tot 1815 liter bagageruimte

Zelfs met de derde zitrij opgeklapt blijft er voldoende ruimte over voor twee forse boodschappentassen. Een extra diepe bak onder de vloer biedt ruimte voor het opbergen van de afdekrolhoes. Met de derde zitrij neergeklapt ontstaat een inhoud van 740 liter. Klap je alles plat, dan krijg je een volledig vlakke vloer met een totaal van 1815 liter – zo'n 400 liter extra ten opzichte van de E-3008.

©Tibo - The Good Click

Verrassend zuinig in de praktijk

Ik testte eerst de instapmotorisering. Deze beschikt over een 73kWh-batterij (gekoeld en verwarmd) die zijn energie naar een 213 pk sterke elektromotor op de voorwielen stuurt. Dat resulteert in een maximale actieradius van 500 km. De batterij kan standaard met een 11kW- en optioneel met een 22kW-boordlader worden bijgeladen, of snel met maximaal 160 kW in iets meer dan 30 minuten (van 10 naar 80 procent).

Over 350 kilometer was de E-5008 verrassend efficiënt. Het verbruik schommelde rond de 17,4 kWh/100 km onder 'Nederlandse' omstandigheden, zij het in het zuiden van Zweden. De E-5008 wordt trouwens standaard uitgerust met een warmtepomp voor extra efficiëntie.

©Tibo - The Good Click

Tot 660 km range

Er zijn meer opties beschikbaar. Voor wie meer range of tractie wenst, biedt Peugeot een grotere accu van 98 kWh. In combinatie met een 230 pk sterke elektromotor op de vooras is die goed voor 660 km range. Liefhebbers van meer tractie kunnen de 73kWh-batterij voorzien van een extra motor op de achteras. Het totale vermogen stijgt dan naar 320 pk en 500 Nm, met een maximale actieradius van circa 450 km. De extra elektromotor neemt wel ongeveer 50 liter van de bagageruimte in beslag.

©Tibo - The Good Click

Ondanks enkele minpunten, zoals het ontbreken van drie stoelen op de tweede zitrij en de krappe ruimte op de derde zitrij, heeft Peugeot met de nieuwe E-5008 een knappe en waardige elektrische opvolger neergezet. De auto is praktischer dan de E-3008 en biedt dezelfde keuzevrijheid wat betreft batterijtechniek. Met acht jaar garantie (maximaal 160.000 km) en een 'Made in France'-stempel (zelfs op de accu) is alleen de prijs nog een vraagteken. Die is nog niet bekend, maar reken op een instapprijs van net geen 50.000 euro.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.