ID.nl logo
BYD Seal AWD: 2500 kilometer aan updates
Mobiliteit

BYD Seal AWD: 2500 kilometer aan updates

De BYD Seal is BYD's antwoord op populaire elektrische sedans zoals de Tesla Model 3 en Hyundai Ioniq 6. Na eerdere gemengde ervaringen met de AWD-variant is het tijd voor een uitgebreide praktijktest, waarin 2500 kilometer werd afgelegd naar bestemmingen als Noord-Frankrijk en Frankfurt. Heeft de Seal AWD zich weten te bewijzen?

Dit artikel in het kort:

  • Model: BYD Seal Excellence AWD, elektrische sedan met 530 pk.
  • Actieradius: Tot 520 kilometer (WLTP) dankzij 82,5kWh-batterij.
  • Pluspunten: Verbeterd energieverbruik, hoogwaardig interieur, sterke reisauto.
  • Minpunten: Semi-autonome systemen functioneren niet optimaal, stuurprecisie op hoge snelheid kan beter.
  • Prijs: Vanaf 45.995 euro voor de Design RWD, Excellence AWD kost net geen 51.000 euro.

Ook interessant: Review Tesla Model 3 – Elektrische revolutie opgefrist

Download nu GRATIS het EV Duurtest-rapport 2024!

In het EV Duurtest-rapport zijn nieuwe elektrische auto's door verschillende consumenten getest. Alle resultaten vind je terug in dit digitale rapport. Door het invullen van je naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van het Kieskeurig EV Duurtest-rapport. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl EV-nieuwsbrief.

Eerste praktijktest

Want jawel, de eerste praktijktest in Nederland met de BYD Seal verliep niet helemaal vlekkeloos. Het was destijds één van de allereerste exemplaren in Nederland. Uitgevoerd als Excellence AWD met 530pk aan vermogen dankzij de aanwezigheid van twee elektromotoren. De cijfers 3.8 op de achterklep duiden op de tijd die nodig is om vanuit stilstand de 100km/u aan te tikken. 

©Irwin Versteegh

Design en bouwkwaliteit

De BYD Seal maakt indruk met zijn strakke design, afkomstig van Wolfgang Egger, die eerder werkte aan modellen als Alfa Romeo 8C Competizione, Porsches en zelfs Lamborghini's. De sedan is aerodynamisch vormgegeven (CW-waarde 0,219) en wordt standaard geleverd met een panoramadak, led-verlichting rondom en 19-inch lichtmetalen velgen. Het interieur is stijlvol afgewerkt met hoogwaardige materialen zoals leer en suède-achtige stoffen. Zelfs een persdemo met 25.000 kilometer op de teller bleef vrij van slijtage of ongewenste geluiden.

©Irwin Versteegh

Comfort en ruimte

Binnenin valt direct de rijkelijke uitrusting op. Denk aan lederen bekleding met diamantpatroon, stoel- en stuurwielverwarming, stoelventilatie, gescheiden climate control en een twaalf speakers tellend audiosysteem van Dynaudio.

Denk aan lederen stoelen met ventilatie en verwarming, een verwarmd stuurwiel, en een 15,6-inch draaibaar infotainmentscherm met bijvorbeeld Spotify-integratie. Hoewel de navigatiesoftware in deze test niet volledig functioneerde, biedt het systeem diverse handige functies zoals Spotify-integratie. Als het wel werkt, moet het in staat zijn tot het zelfstandig uitstippelen van een route via snelladers. Live updates omtrent het verkeer en de status van de laadpalen doet dan de rest.

©Irwin Versteegh

Stille cabine

De stoelen zitten goed, de hele zitpositie laat zich uitstekend in- en verstellen en met name de uitstekende geluidsisolatie van de cabine is een sterk punt. Ook op de achterbank, waar meer dan genoeg ruimte is voor drie volwassen personen. De climate control werkt nu ook beter. Verloor deze in eerste instantie na verloop van tijd de controle, nu houdt hij de ingestelde temperatuur goed vast al dien je de temperatuur wederom (en dat geldt voor veel Chinese auto's) net even iets hoger te zetten. 

©Irwin Versteegh

Actieradius en opladen

De Seal is gebouwd op BYD's e-Platform 3.0 met een 82,5 kWh LFP-batterij. Dit betekent een innovatieve basis en in dit geval zelfs in combinatie met cell-to-body technologie. Zo maakt de batterij onderdeel uit van het platform. Goed voor de stijfheid en het scheelt bovendien centimeters in het interieur aangezien de batterij in de bodem net even iets dunner is.

En die accu betreft een LFP Blade Battery. Vrij van nikkel en kobalt. Deze is 82,5kWh groot en moet de Seal in combinatie met achterwielaandrijving maximaal 570 kilometer ver brengen. De AWD heeft een hoger verbruik en komt daardoor maar 520 kilometer ver. 

Het verbruik tijdens deze test lag op 21 kWh/100 km, een verbetering ten opzichte van eerdere ervaringen. Opladen kan tot 150 kW, wat resulteert in een laadtijd van 10-80 procent in ongeveer 35 minuten. Hoewel concurrerende modellen sneller laden, presteerde de Seal goed dankzij een efficiënte laadcurve en standaard warmtepomp.

©Irwin Versteegh

Snelladen mag beter

De BYD Seal kan opladen met een maximum van 11 kW en snelladen tot 150 kW. Tijdens een rit naar Frankfurt bleek de laadcurve efficiënt, met een laadtijd van 10 tot 80% in ongeveer 35 minuten. Hoewel de auto geen actieve batterijverwarming heeft vóór het laden, warmt de accu snel op, wat binnen enkele minuten een piek van 145 kW mogelijk maakt. Standaard is er een warmtepomp aanwezig om zowel het interieur als de batterij te verwarmen. Toch kan de laadsnelheid beter, aangezien concurrenten onder de 30 minuten blijven.

©Irwin Versteegh

Zuinige auto?

Het energieverbruik van de BYD Seal AWD is in de praktijk aanzienlijk verbeterd ten opzichte van een jaar geleden. Destijds bleek de auto niet erg zuinig, maar dankzij updates is het verbruik nu gemiddeld 21 kWh/100 km. Hoewel dit niet extreem efficiënt is, valt de score mee gezien de lange afstanden en de omstandigheden, zoals rijden in Nederland na 19.00 uur of op snelwegen zoals de Autobahn en Péage.

©Irwin Versteegh

Semi-autonoom geen droom

De werking van de semi-autonome systemen van de BYD Seal AWD laat ruimte voor verbetering. De adaptieve cruisecontrol reageerde soms traag en de stuurassistent kon onverwachte bewegingen veroorzaken. Ook had de snelheidsregelaar moeite om constante snelheid te houden bij oneffenheden in het wegdek. Wat betreft rijgedrag biedt de auto een goede balans dankzij de adaptieve dempers, die bewegingen van de carrosserie effectief onder controle houden. Dit maakt de Seal een comfortabele reisgenoot, zonder te stug of juist te zacht aan te voelen. 

©Irwin Versteegh

Onnauwkeurig op hoge snelheid

Bij hogere snelheden toont de besturing van de BYD Seal enige onnauwkeurigheid. De auto kan worden beïnvloed door spoorvorming of een aflopende weg, wat soms onrust veroorzaakt. Het aanpassen van de stuurrespons via de Comfort- of Sport-modus bood hierbij geen merkbare verbetering.

©Irwin Versteegh

De prijs maakt alles goed

De BYD Seal weet indruk te maken met verbeteringen zoals efficiënter energieverbruik, een bijgewerkt infotainmentsysteem en een stabielere climate control. Deze sterke punten, gecombineerd met zijn rijk uitgeruste Excellence AWD-variant, maken het tot een aantrekkelijke keuze. Met een instapprijs van 45.995 euro voor de Design RWD en 50.995 euro voor de topuitvoering, biedt de Seal veel waar voor zijn geld. Kleine tekortkomingen worden daardoor snel vergeven, wat bijdraagt aan het positieve totaalplaatje van deze veelzijdige elektrische sedan. 


▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.