ID.nl logo
Review Oppo Reno 13 Pro – Speelt op safe
© Wesley Akkerman
Huis

Review Oppo Reno 13 Pro – Speelt op safe

Met de Oppo Reno 13 Pro zet het Chinese merk een nieuwe middenklasser in de markt met een fors (advies)prijskaartje van 799 euro. Voor dat bedrag zou je een unieke ontwerp, verbeterde prestaties, camera's van hoog niveau en handige AI-functies in huis halen. Is dat ook zo?

Goed
Conclusie

Er is niet echt iets waar de Oppo Reno 13 Pro in uitblinkt. Voor deze prijs — en vaak minder — doen andere smartphones het op meerdere vlakken beter. De Honor 200 (vergelijkbaar geprijsd) heeft een beter camerasysteem. De OnePlus 13R (ook ongeveer even duur) biedt een betere processor én fijnere software. En de Nothing Phone (3a) levert gewoon een goede ervaring voor de helft van het bedrag. We kunnen dan ook weinig bedenken waarom je juist voor deze Oppo zou kiezen. Niet omdat het toestel slecht is, dat niet.Het scherm is mooi, de processor presteert prima bij dagelijks gebruik en wordt niet warm, en de batterijduur is ruim voldoende. Maar echt overtuigen doet het nergens. Alles voelt braaf, veilig, degelijk. Onderwaterfotografie maakt deze telefoon nog enigszins onderscheidend, maar of dat veel mensen over de streep trekt? Wij vragen het ons af.

Plus- en minpunten
  • Prachtig oled-scherm
  • Capabele processor
  • Oplaadsnelheid
  • Comfort en gewicht
  • Uniek ontwerp
  • AI-opties werken niet allemaal in Nederland
  • Camerasysteem kan beter
  • Updatebeleid kan scherper
  • Flink aan de prijs
  • Doet niet echt iets unieks

Het toestel kost dus bijna 800 euro en bevindt zich daardoor in een soort subpremiumsegment: hoge middenklassers die net geen high-end smartphone-ervaring aanbieden. Onder meer de eerder in 2025 uitgebrachte OnePlus 13R bevindt zich in dat segment. Dat toestel heeft een adviesprijs van 749 euro, maar is soms al met 50 euro korting te koop. Het is een belangrijke concurrent van de Oppo Reno 13 Pro, ook al gooien beide toestellen het net over een andere boeg. De een let op prestaties, de ander meer op design en camera's.

Beide toestellen komen uit dezelfde stal. Oppo en OnePlus zijn namelijk zustermerken, die een hoop technologie, concepten en patenten delen. Vanuit bedrijfsperspectief geen verkeerd idee, maar dat levert in de praktijk nogal homogene ervaringen op. Ook al vallen de Oppo Reno 13 Pro en OnePlus 13R in dezelfde categorie, toch verschillen ze op belangrijke vlakken van elkaar. Daardoor kunnen bepaalde onderdelen doorslaggevend zijn. En dan heb je ook nog midrangers die voor 400 euro of minder te koop zijn – dat soort rivalen eisen eveneens je aandacht op.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Belangrijke details

Het punt is: de markt voor middenklassers is complex. We hebben gemerkt dat je echt niet diep in de buidel hoeft te tasten voor een goede smartphone. Dus waarom zou je dan 800 euro betalen als het ook met de helft lukt? Dan gaan details meespelen. Zoals altijd geldt dat het er maar net aan ligt wat voor dingen je belangrijk vindt. OnePlus concentreert zich met name op prestaties en schone software, terwijl Nothing het moet hebben van een uniek ledsysteem en de nieuwe Essential-knop. Oppo richt zich dan weer op ontwerp, camera's en AI-functies.

Het ontwerp is duidelijk een van de speerpunten van de Oppo Reno 13 Pro. Dit is een van lichtste en dunste smartphones binnen zijn marktsegment. Daarnaast is er een stevig aluminium frame dat het toestel een duurzaam karakter geeft. De versie die wij hebben getest heeft een soort parelmoerafwerking die, wanneer het licht er goed op schijnt, een halve vlinder laat zien. Dat unieke effect verdwijnt zodra je er een hoesje omheen doet. We willen niet al te cynisch klinken, want het ziet er echt prachtig uit – maar dat is wel de realiteit.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Onder water foto's maken

Een ander, praktischer element dat we kunnen waarderen aan de Oppo Reno 13 Pro is dat het toestel voorzien is van een IP68- en IP69-certificaat. Daardoor kun je het toestel onderdompelen in het water en zal het zelfs een 'aanval' van een hogedrukspuit overleven. Om dit allemaal kracht bij te zetten, heeft Oppo camera-opties voor onder water geïntroduceerd. Je kunt nu moeiteloos foto's maken wanneer je in zoetwater zwemt. Je moet de functie dan nog wel even activeren, maar deze handige optie hebben we tot op heden nergens anders aangetroffen. Wanneer je de optie aanzet, reageert het amoledscherm voorop niet meer op input. Je maakt dan foto's met de knoppen aan de zijkant.

Het display is 6,83 inch groot en heeft een hoge resolutie van 1272 bij 2800 pixels; in beide gevallen een vooruitgang ten opzichte van de voorganger van dit toestel. De maximale helderheid is hoog genoeg voor zonnige dagen, de beeldverversing stelt met 120 Hertz eveneens niet teleur en de kleuren komen over het algemeen goed tot hun recht. Nee, over het beeldscherm van de Oppo Reno 13 Pro hebben we niets te klagen.

©Wesley Akkerman

7x zoom.

Voldoende kracht

Het systeem wordt aangedreven door de Mediatek Dimensity 8350-chipset. Die zit qua prestaties in tussen de processor in de Nothing Phone (3a) (aan de lage kant) en OnePlus Nord 4 (aan de hoge kant in). Hoewel dit voldoende krachtig is voor dagelijkse taken, haal je dus niet de beste processor van middenklassers in huis. Scrollen, multitasken, mailen, bellen, berichten versturen – het gaat allemaal van een leien dakje. Echter, bij intensief gebruik kan het toestel nogal warm worden, maar gelukkig wordt het nooit oncomfortabel heet.

Ook wordt het systeem niet onnodig dichtgeknepen om batterijduur te besparen. Met 12 GB aan werkgeheugen is er genoeg ram voor de meeste multitaskingtaken, terwijl minimaal 256 GB aan opslagruimte ruimte biedt aan een grote hoeveelheid apps, foto's en video's. Maar in tegenstelling tot het model van vorig jaar kun je dit keer géén microSD-kaart gebruiken. De accu is er wel op vooruitgegaan. Die heeft met 5800 mAh 800 mAh meer vermogen. Opladen zou daarnaast niet langer dan een uurtje in beslag moeten nemen. Dat is een prima score.

3,5x zoom.
2x zoom.
0,6x zoom.

Herhaling van zetten

Op het gebied van software zien we dat Oppo de zetten van de Reno 12 Pro herhaalt. Het toestel draait op Android 15, met daaroverheen het ColorOS. Die softwareschil zorgt ervoor dat alles een beetje op iOS lijkt en dat je toegang krijgt tot de Slimme zijbalk. In die balk tref je recent gebruikte apps en enkele gen AI-functies aan. Met de generatieve AI-opties kun je pagina's samenvatten, teksten laten voorlezen en meer – maar die onderdelen werken nog altijd niet in het Nederlands. Daarnaast zijn er de standaard bewerkopties voor foto's.

Daarmee bedoelen we dat je onderdelen uit foto's kunt verwijderen en de achtergelaten leegte kunt laten opvullen. Dat gaat het systeem relatief goed af, maar perfect is het niet. Ook is het mogelijk beelden op te fleuren of een andere stijl mee te geven, en kun je natuurlijk ultieme groeps-selfies maken waarbij iedereen dezelfde kant op kijkt. Je hoeft dit keer geen Oppo-account te gebruiken, maar moet wel akkoord gaan met de dataverwerking. Het updatebeleid van drie Android-upgrades en vier jaar aan updates is helaas standaard en mager te noemen.

7x zoom.
3,5x zoom.
2x zoom.

Zeven keer optisch inzoomen

Boven die prachtige halve vlinder op de achterkant zit een cameramodule die drie lenzen huisvest. Zowel de hoofdcamera als telelens beschikt over vijftig megapixel en optische beeldstabilisatie. De derde lens, een groothoekvariant, biedt acht megapixel. Over de hoofd- en telelens zijn we nog te spreken. Het systeem kan tot zeven keer inzoomen zonder kwaliteitsverlies. Details en kleuren blijven bewaard, zeker in omgevingen waarbij er voldoende licht is. Andere zaken gaan helaas toch minder goed. De groothoeklens kunnen we het beste omschrijven als 'redelijk'; deze lens maakt bijzonder onopvallende foto's.

Het complete systeem is prima in staat kekke kiekjes te maken voor sociale media. Maar als je er iets meer uit wilt halen, dan raden we aan de professionele modus te gebruiken. Dan kun je iets meer invloed uitoefenen op de beeldkwaliteit. Natuurlijk ben je wel beperkt door dit camerasysteem, maar wellicht levert het net wat betere beelden op dan in de standaardmodus. De Honor 200 Pro presteert veel beter op fotografievlak.

1x zoom.
0,6x zoom.

Oppo Reno 13 Pro kopen?

Er is niet echt iets waar de Oppo Reno 13 Pro in uitblinkt. Voor deze prijs — en vaak minder — doen andere smartphones het op meerdere vlakken beter. De Honor 200 (vergelijkbaar geprijsd) heeft een beter camerasysteem. De OnePlus 13R (ook ongeveer even duur) biedt een betere processor én fijnere software. En de Nothing Phone (3a) levert gewoon een goede ervaring voor de helft van het bedrag. Leuk die vlinder op de achterkant, maar daar win je natuurlijk geen oorlogen mee.

We kunnen dan ook weinig bedenken waarom je juist voor deze Oppo zou kiezen. Niet omdat het toestel slecht is, dat niet.Het scherm is mooi, de processor presteert prima bij dagelijks gebruik en wordt niet warm, en de batterijduur is ruim voldoende. Maar echt overtuigen doet het nergens. Alles voelt braaf, veilig, degelijk. Onderwaterfotografie maakt deze telefoon nog enigszins onderscheidend, maar of dat veel mensen over de streep trekt? Wij vragen het ons af.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.