ID.nl logo
Review Honor 200 Pro – Goede midranger, maar niet fantastisch
© Wesley Akkerman
Huis

Review Honor 200 Pro – Goede midranger, maar niet fantastisch

Als je de specificaties van de Honor 200 Pro ziet, zou je niet meteen denken dat dit een vlaggenschiptoestel is. Met een prijskaartje van 799 euro zit hij dan ook onder de (introductie)prijs van menig concurrent.

Goed
Conclusie

De Honor 200 Pro laat zich – ondanks de positieve elementen – toch wat moeilijk aanbevelen. Laten we positief beginnen. De camera’s presteren ontzettend goed, het beeldscherm oogt levendig en soepel en de accu is zo opgeladen. De processor is ideaal voor dagelijks gebruik en ook het design is wat ons betreft een dik pluspunt. Maar het updatebeleid valt tegen, niet iedereen zak het MagicOS kunnen waarderen en de batterijduur stelt ook wat teleur. En hoewel de selfiecamera beschikt over veel megapixels, voelt het gebrek aan autofocus echt aan als een groot gemis. 799 euro is misschien niet duur voor een vlaggenschipervaring, maar op dit prijspunt mag je net even wat meer verwachten.

Plus- en minpunten
  • Prachtig oledscherm
  • Goede camera's
  • Opmerkelijk ontwerp
  • Capabele processor
  • Unieke software-opties
  • Oplaadsnelheid
  • Matig updatebeleid
  • MagicOS niet voor iedereen
  • Selfiecamera zonder autofocus
  • Slappe batterijduur

Nadat het Chinese merk Honor in 2020 door moederbedrijf Huawei verkocht werd, zodat het zelfstandig verder kon en geen last zou hebben van de handelsrestricties van de Amerikaanse regering, is het in Europa lang stil geweest rondom dit merk. Niet dat de fabrikant geen toestellen maakte, maar niet elk model kwam naar Europa of Nederland. We hebben nog wel de Honor Magic V2 (een vouwtelefoon) en Magic 6 Pro langs zien komen, maar heel veel aandacht was daar niet voor. Met de Honor 200 Pro zet het merk zichzelf weer in de spotlights.

Dat doet Honor met een opmerkelijke smartphone. Het ontwerp doet ons denken aan smartphones van pakweg twee tot vier jaar geleden, toen afgebogen schermranden nog volop furore maakten. Het display van de Honor 200 Pro is dus niet plat, terwijl veel fabrikanten daar inmiddels weer op zijn overgestapt. Toegegeven, het geeft de 200 Pro een uniek gezicht in het huidige landschap, maar is dat wel wenselijk? Niet alleen gaat dit soort schermen eerder kapot, ook zijn ze moeilijker te repareren en worden aanrakingen soms genegeerd.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Verder niets mis mee

Met het 6,8-inch oledscherm zelf is gelukkig helemaal niets mis. Het biedt diepe en rijke kleuren, de kijkhoek is breed en de resolutie is voldoende. De resolutie van 1224 bij 2700 pixels is niet superhoog, maar alles oogt desondanks scherp en fraai. Hogere resoluties kunnen natuurlijk, maar dat gaat ten koste van de accuduur. Nog fijner is de verversingssnelheid. Dankzij het ltpo-scherm kan het systeem dynamisch wisselen tussen 1 en 120 Hz, afhankelijk van de content. Zodoende krijgt de batterij meer ruimte en duurt het langer voordat die helemaal leeg is.

Verder is er een vingerafdrukscanner in het scherm verwerkt. Net als bij de Poco F6 Pro merken we op dat die gevoelsmatig te laag zit, waardoor je soms je duim in een oncomfortabele positie houdt. Smartphones zijn inmiddels ontzettend doorontwikkeld, waardoor dit soort minuscule punten meetellen (maar toegegeven: ook weer niet te zwaar). We maken er desondanks melding van, zodat dit niet als een verrassing komt. De stereospeakers klinken tot slot prima en kunnen redelijk hoog in volume zonder dat er enige vervorming optreedt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Prima processor, maar…

De Honor 200 Pro is tevens een van de eerste smartphones die beschikt over de Qualcomm Snapdragon 8s Gen 3-processor. Die is qua prestaties vergelijkbaar met wat de eerdergenoemde Poco F6 Pro biedt, evenals toestellen die de afgelopen vijftien maanden zijn voorzien van de Snapdragon 8 Gen 2-cpu. Het grote verschil tussen beide modellen is dat de nieuwe variant veel meer nadruk op AI-capaciteiten legt. Voor dagelijks gebruik is de processor ideaal en zul je op weinig momenten merken dat het aan optimalisaties ontbeert.

In vergelijking met de Exynos-processor in de Samsung Galaxy S24 en Tensor G3-chipset van de Google Pixel 8 presteert de Snapdragon 8s Gen 3 in de Honor 200 Pro stukken beter als het gaat om gaming. Ook in onze throttle-test komt naar voren dat de telefoon z’n mannetje staat. Niettemin zit de nieuwe processor net onder het niveau van de 8 Gen 2. Het aantal frames per seconde kan wat tegenvallen bij wat meer veeleisende games. Daarnaast kan het toestel best warm worden, maar de hitte van bijvoorbeeld de ASUS Zenfone 11 blijft uit.

©Wesley Akkerman

1x

©Wesley Akkerman

1x

Hoe zit het precies met de prijs?

Gezien de prijs willen we iets coulanter zijn met ons oordeel daarover. Maar ondertussen kun je bijvoorbeeld ook de eerdergenoemde Poco F6 Pro aanschaffen, die een premium smartphone-ervaring biedt voor de helft van de prijs. Dan valt de Honor ineens wat duurder uit dan we zouden willen. Waar komt dat prijsverschil dan precies vandaan? Daar zijn verschillende verklaringen voor. Zo rust Honor dit toestel meteen uit met meer opslagruimte en een grote accu (van 5200 mAh). In beide toestellen komen we daarnaast 12 GB aan werkgeheugen tegen.

Opladen gaat met een snelheid van 100 watt, waardoor je binnen drie kwartier bent voorzien van een volledig opgeladen smartphone. Ook is draadloos laden met 66 watt beschikbaar, en dat is een van de belangrijkste verschillen. Het kan dan ongeveer een uurtje duren voordat die gevuld is. Dan zijn betere scores dan bij Samsung of Google. Echter, verwacht niet eenzelfde soort gebruiksduur. Gemiddeld genomen houd je het een dag uit met de Honor 200 Pro (uiteraard afhankelijk van gebruik), terwijl concurrenten het tot anderhalve dag volhouden.

©Wesley Akkerman

Portretmodus

©Wesley Akkerman

50x digitaal

©Wesley Akkerman

10x digitaal

De ovale cameramodule

Het prijsverschil met andere vlaggenschipvechters is beter te verklaren aan de hand van de cameramodule. Dit is duidelijk waar veel tijd en aandacht naar is uitgegaan. Achterop zitten een hoofdlens en een telelens van elk 50 megapixel (allebei met optische beeldstabilisatie). Ook zijn er een ultragroothoeklens van 12 en zelfs een selfiecamera van 50 megapixel aanwezig. De telelens stelt je in staat tot 2,5x optisch te zoomen. Dankzij de relatief grote sensor maakt de hoofdcamera zowel overdag als 's avonds mooie beelden.

Daarmee heeft de Honor 200 Pro een van de krachtigste camerasystemen voor midrange smartphones van dit moment in handen. De hoofdcamera kan goed overweg met lichtbronnen en legt zowel een heldere lucht als details in de schaduw goed vast. We vinden wel dat de kleuren soms wat kunstmatig worden ingevuld, maar je socials krijgen er ongetwijfeld een boost van. Verder is het zo dat de lens weinig tot geen ruis introduceert, ook niet 's avonds, en dat vooral portretfotografie overtuigt met een goed onderscheid tussen de persoon en de achtergrond.

Ingezoomde foto’s laten eveneens weinig te wensen over, mits je niet té ver inzoomt. Tot 2,5x gebeurt dat dus optisch, terwijl 5x alweer leunt op digitale zoom. Pas vanaf 10x zien we de eerste scheurtjes ontstaan, en dat is eigenlijk gewoon heel netjes. De ultragroothoeklens beschikt over autofocus en kan ook van dichtbij nette beelden schieten (ondanks de lagere resolutie). Tot slot heeft de selfiecamera een grote kijkhoek, waardoor die uitermate geschikt is voor groepsselfies. Door het gebrek aan autofocus kan het zijn dat je foto’s soms opnieuw moet maken.

©Wesley Akkerman

5x digitaal

©Wesley Akkerman

2,5x optisch

©Wesley Akkerman

2x optisch

Matig updatebeleid, leuke functies

Het systeem leunt op Android 14 met daaroverheen MagicOS 8.0. Het updatebeleid is met drie Android-upgrades en vier jaar aan beveiligingsupdates wat mager – daarvoor zit de Honor 800 Pro te hoog in het middensegment. Daarnaast komen we aardig wat bloatware tegen op de smartphone. Gelukkig is het gros van de ongewenste apps gewoon te verwijderen, maar dan nog. Hoe minder, hoe beter en hoe eerder je gewoon met je smartphone aan de gang kunt. Daar staat tegenover dat je best wat leuke functies tegenkomt op de Honor 200 Pro.

Zo is er de Magische capsule. Dat is een kloon van het Dynamische eiland op een iPhone, maar dat maakt hem niet minder welkom. In die capsule tref je muziekbediening, een timer of de opname-app aan. Dat scheelt weer een keer dat snelle menu naar beneden trekken. Daarover gesproken: dat menu doet sterk denken aan wat andere Chinese smartphonemakers ook bieden, zoals Oppo en Poco. Dat is een van Apple overgenomen stijl die we niet altijd kunnen waarderen – maar gelukkig kun je hier snel heen en weer swipen tussen menu en notificaties.

©Wesley Akkerman

1x

©Wesley Akkerman

0,5x

Honor 200 Pro kopen?

Onderaan de streep laat de Honor 200 Pro – ondanks de positieve elementen – zich toch wat moeilijk aanbevelen. Laten we positief beginnen. De camera’s presteren ontzettend goed (maar dat moet ook wel op dit prijspunt), het beeldscherm oogt levendig en soepel, en de accu is zo opgeladen. De processor is ideaal voor dagelijks gebruik en ook het design is wat ons betreft een dik pluspunt. O, en dat hadden we nog niet genoemd, maar de witte versie die wij hebben beschikt over een soort golvend effect op de ac wat het totaalplaatje echt uniek en eigen maakt.

Maar daar tegenover staan wel wat teleurstellende keuzes. Zo valt het updatebeleid tegen, zal niet iedereen het MagicOS kunnen waarderen en stelt de batterijduur ook wat teleur. En hoewel de selfiecamera beschikt over veel megapixels, voelt het gebrek aan autofocus echt aan als een groot gemis. 799 euro is misschien niet duur voor een vlaggenschip-ervaring, maar op dit prijspunt mag je net even wat meer verwachten. Honor heeft in elk geval duidelijke keuzes gemaakt en dat levert een goede smartphone op – maar helaas geen fantastische.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.