ID.nl logo
Oppo Reno-smartphones hebben opvallende zoom- en schuifcamera’s
© Reshift Digital
Huis

Oppo Reno-smartphones hebben opvallende zoom- en schuifcamera’s

De twee nieuwe Oppo Reno-smartphones beschikken over een voorkantvullend display en een uitschuifbare camera. Het duurdere model belooft bovendien tien keer hybride zoom. In deze Oppo Reno preview lees je onze eerste indrukken van de toestellen.

Oppo is een Chinees smartphonemerk dat groot is in Azië en nu ook Europa wilt veroveren. Vorig jaar betrad de fabrikant de Nederlandse markt en inmiddels kan je ook in Engeland, Italië en Zwitserland Oppo-toestellen aanschaffen. Het is daarom geen verrassing dat het merk groots uitpakt bij de lancering van zijn nieuwste smartphones. Computer!Totaal stapte met een paar honderd andere Europese journalisten op het vliegtuig naar Zürich om Oppo’s Reno-serie uit te proberen.

De gloednieuwe Reno-lijn bestaat uit drie toestellen. Het duurste model is de Reno 5G, die 899 euro kost maar in eerste instantie alleen in Zwitserland uitkomt. Reden is dat de smartphone 5G-internet ondersteunt, en Zwitserland is het eerste land dat een werkend 5G-netwerk heeft. In Nederland duurt dat nog wel even. Oppo brengt hier daarom de Oppo Reno en Reno 10x Zoom uit, twee 4G-smartphones.

De Reno is een midrange model dat begin mei verschijnt voor 499 euro. Voor de Reno 10x Zoom, een high-end model met een driedubbele camera, betaal je 799 euro wanneer hij begin juni uitkomt. In deze Oppo Reno preview nemen we de twee smartphones voor het eerst onder de loep. Uitgebreide reviews volgen als de toestellen te koop zijn.

©PXimport

Oppo Reno preview: geen notch!

Waar plaats je de selfiecamera op je smartphone? Traditioneel zit ‘ie in de rand boven het scherm, maar die is tegenwoordig zo smal dat fabrikanten met alternatieve oplossingen komen. OnePlus, Huawei en Apple kiezen bijvoorbeeld voor een scherminkeping aan de bovenzijde, terwijl de Samsung Galaxy S10 een cameragaatje in de schermhoek heeft. En op de Xiaomi Mi Mix 3 komt de camera tevoorschijn door een deel van de behuizing omhoog te schuiven. Oppo kiest weer een andere methode en toont die voor het eerst op zijn Reno-toestellen. De selfiecamera zit in een balkje dat standaard in de bovenkant van de behuizing zit. Wil je een selfie maken dan schuift het balkje schuin omhoog. Als je de camera-app sluit, verdwijnt de camera weer in de bovenkant. Deze ontwerpkeuze maakt een voorkantvullend scherm mogelijk, waarover zo meteen meer.

Zo werkt de uitschuifbare selfiecamera

Eerst iets meer over die uitschuifbare cameramodule. Het in- en uitschuiven gaat automatisch en volgens Oppo gaat het mechanisme meer dan tweehonderdduizend keer mee. Dit komt neer op honderd keer per dag, vijf jaar lang. Dat klopt, maar het voorbeeld is erg subjectief. Want de een gebruikt de frontcamera misschien maar twee keer per dag, terwijl dat bij een ander tweehonderd keer is. Je kan de camera namelijk gebruiken voor – een niet zo veilige vorm van – gezichtsontgrendeling, wat betekent dat hij telkens in- en uitschuift als je je toestel ontgrendelt. Hoewel het mechanisme stevig overkomt, durven we niet te zeggen hoelang hij daadwerkelijk meegaat. Dit zal ook van allerlei factoren afhangen die we niet konden testen in de congreshal. Blijft de uitschuifbare cameramodule goed werken na een stranddag, een val in de wc of na een stootje? Oppo heeft hier uiteraard over nagedacht en heeft onder andere valdetectie via sensoren ingebouwd. Laat je de Reno-telefoon vallen tijdens je selfieshoot dan schuift de camera automatisch terug in de behuizing. Tijdens mijn testsessie werkte dit prima. Het in- en uitschuiven ging ook vlot. Volgens Oppo duurt het 0,8 seconde om de camera in- of uit te schuiven, een claim die lijkt te kloppen. Het wisselen tussen de camera op de voor- en achterkant duurt niet veel langer dan op een smartphone met een reguliere selfiecamera aan de voorkant.

©PXimport

©PXimport

©PXimport

Voorkantvullend scherm

Zoals gezegd heeft de uitschuifbare selfiecamera een doel; hij maakt een voorkantvullend display mogelijk. Persoonlijk vind ik een kleine notch of cameragaatje in het display niet storend, maar een bijna randloos scherm oogt fraaier en moderner. Een bijkomend voordeel is dat de minimale randen de smartphone compact houden. De Reno (6,4 inch) en Reno 10x Zoom (6,6 inch) zijn daarom kleiner dan de schermgrootte doet vermoeden. Toch blijft het lastig om de smartphones met één hand te bedienen. De schermen zien er op het eerste gezicht goed uit: de full-hd-resolutie resulteert in scherp beeld en het oled-paneel levert een mooie kleurweergave.

De Reno-toestellen komen in de kleuren Ocean Green en Jet Black. De groene uitvoering heeft een matte afwerking en is daarom minder gevoelig voor vingerafdrukken dan het glanzende zwarte model. Beide smartphones gebruiken een zogeheten gradient-achterkant die verschillende kleuren reflecteert. Hier moet je van houden – ik ben erg gecharmeerd van de groene versie. Jammer is dat de toestellen geen ip-certificering hebben voor water- en stofbestendigheid. Volgens Oppo overleeft de Reno een val in de wc-pot, maar moet je er niet mee gaan zwemmen of douchen.

©CIDimport

Software blijft slikken

Oppo’s softwareschil blijft een heikel punt. De Reno-toestellen draaien op Android 9.0 (Pie) met Oppo’s nieuwe ColorOS 6.0-softwareschil. Voorgaande ColorOS-versies werden door veel Europese media, inclusief Computer!Totaal, bekritiseerd vanwege de ingrijpende veranderingen. Oppo claimt dat versie 6.0 verbeterd en vereenvoudigd is, maar daar lijkt het niet op. De software oogt en werkt nog steeds heel anders dan de standaard Android-versie, en niet in positieve zin. Zo zijn de icoontjes van het snelle instellingen-scherm ongeveer drie keer groter dan normaal, waardoor er minder ruimte is voor notificaties. Ook het instellingen-menu is flink onder handen genomen en Oppo levert veel eigen apps mee. Het updatebeleid van de fabrikant is ook niet best, en de vraag is of daar verandering in komt. De Reno-toestellen krijgen minimaal één jaar beveiligingsupdates en minstens één Android-update, dus naar Android Q. Meer informatie wil Oppo niet geven. Veel andere merken garanderen twee tot drie jaar softwareondersteuning.

©CIDimport

Tien keer zoom

Een bijzonder kenmerk van de Oppo Reno 10x Zoom is dat hij tien keer hybride zoom belooft. Met deze techniek kan je objecten dichterbij halen met een minimaal kwaliteitsverlies. Huawei bracht begin april de eerste smartphone met tien keer hybride zoom uit, de 999 euro kostende P30 Pro. Oppo’s toestel gaat 799 euro kosten en moet hetzelfde kunnen, al werkt de zoom-functie op een andere manier. De Reno 10x Zoom heeft een 48 megapixel primaire camera, een 8 megapixel groothoeklens en een 13 megapixel telefotolens. De beursvloer was vanwege de vreemde verlichting niet zo geschikt om de camera goed aan de tand te voelen en Oppo waarschuwde dat de camera-software nog niet definitief is. Dit kan invloed hebben op de foto- en videokwaliteit. Ik heb de tien keer zoom-foto’s van de Reno vergeleken met die van de Huawei P30 Pro, die ik ook bij me had. De plaatjes van de Oppo Reno ogen wat fletser, maar neigen wel meer naar de realiteit. De Huawei-telefoon produceert foto’s met meer detail en diepte. In onze review vellen we een uitgebreid oordeel met test- en vergelijkingsfoto’s. Voor nu kan ik zeggen dat de zoom-functie doet wat hij moet doen, en dat hij inderdaad verder en beter kan zoomen dan een iPhone of dure Samsung-smartphone.

De reguliere Reno heeft alleen een normale camera en een dieptesensor voor portretfoto’s. Hopelijk verbetert een software-update de fotokwaliteit, want nu verandert de portretfunctie de kleuren. Kijk en oordeel zelf. Links de normale foto, rechts het portret.

©CIDimport

©CIDimport

Opvallende specificaties

Als we naar de specificaties kijken, vallen er een paar zaken op. Zo hebben beide Reno-toestellen maar liefst 256GB opslaggeheugen. Dit is niet alleen heel veel, maar ook veel meer dan op concurrerende smartphones. Een ander noemenswaardig punt is dat de goedkopere Reno een 3,5mm-hoofdtelefoonaansluiting heeft en de dure niet. Beide modellen missen ondersteuning voor draadloos opladen en dat is vooral een gemis op de 10x Zoom-versie. De meeste premium smartphones kunnen namelijk wel draadloos laden. Bij de 499 euro kostende Reno valt juist weer op dat hij gebruikmaakt van een Snapdragon 710-processor, een chip die we vooral zien in goedkopere toestellen.

De andere specificaties zijn wel in orde. Beide Reno’s hebben veel werkgeheugen, grote accu’s en ondersteuning voor dual-sim, usb-c en nfc.

©CIDimport

Voorlopige conclusie

Oppo wil de Europese markt veroveren met zijn twee nieuwe Reno-smartphones. De toestellen vallen op met hun voorkantvullende display, uitschuifbare selfiecamera en zee aan opslaggeheugen. De duurdere versie heeft bovendien een camera met tien keer hybride zoom, een techniek die goed lijkt te werken. Of deze features genoeg zijn om te winnen van de concurrentie, valt nog te bezien. De ColorOS-software blijft slikken en de Oppo’s missen een aantal zaken die we wel terugvinden op concurrerende toestellen. Dat laatste zal te maken hebben met de prijs/kwaliteitsverhouding waar Oppo klanten mee hoopt te winnen. Of je genoeg waar voor je geld krijgt, zoeken we binnenkort uit in onze uitgebreide reviews.

▼ Volgende artikel
Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt
© Wesley Akkerman
Huis

Review Poco F8 Ultra – Toptoestel zodra de prijs zakt

De smartphones van Poco zijn over het algemeen goed geprijsd als je kijkt naar wat je ervoor terugkrijgt. De nieuwe Poco F8 Ultra heeft een prijskaartje van minimaal 800 euro. Gaat die regel ook hier op?

Uitstekend
Conclusie

De Poco F8 Ultra oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze variant een paar gram zwaarder maakt dan de zwarte versie). Wel plaatsen we wat kanttekeningen bij de software- en camera-ervaring. De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

Plus- en minpunten
  • Bose-subwoofer
  • Faux denim achterop
  • Stevig, handzaam en licht
  • Vlotte en overzichtelijke software
  • Gemiddeld tot goed softwarebeleid
  • Batterijduur
  • Kleuren kunnen beter
  • Camera laat te wensen over
  • Bloatware en advertenties
CategorieSpecificatie
Display6,9 inch Amoled-display, 120Hz (adaptief), 3500 nits maximale helderheid
ProcessorSnapdragon 8 Elite Gen 5 (3nm)
Geheugen12 GB of 16 GB LPDDR5X (9600 Mbps)
Opslag256 GB of 512 GB (UFS 4.1)
Batterij6500 mAh met 100W HyperCharge en 50W draadloos laden
Camera achter50 MP hoofdcamera (OIS), 50 MP periscooptelelens (OIS), 50 MP ultragroothoek
Camera voor32 MP met autofocus
VideoTot 8K op 30 fps (achter) / 4K op 60 fps (voor)
SoftwareXiaomi HyperOS 3
BouwIP68 waterbestendig, POCO Shield Glass, 218 (Black) - 220 gram (Denim Blue)
Connectiviteit5G, Wifi 7, Bluetooth 6.0, NFC
Extra'sUltrasone vingerafdrukscanner, Infrarood (IR-blaster), Bose audio

Want wat voor smartphone kun je precies aanbieden als je er net wat meer geld tegenaan gooit? Dat idee heeft een unieke telefoon opgeleverd, voorzien van een denimlook én een extra subwoofer achterop. Gewaagde keuzes, maar in een wereld waarin smartphones steeds meer naar elkaar toe groeien, en in hun identiteitscrisis meer en meer op iPhones gaan lijken, geen verkeerde ontwikkeling. Alleen daarom al zijn we enthousiast over de Poco F8 Ultra (Blue Denim-uitvoering).

Het helpt dan ook zeer dan de subwoofer daar niet alleen voor de show zit. Dit compacte speakertje geeft geluiden en audio meer dan genoeg ruimte om beter tot hun recht te komen vergeleken met reguliere smartphonespeakers. Weg is dat blikkige geluid, dat nu ruimte maakt voor warmere tonen en een bredere soundstage. Klinkt de muziek perfect? Dat kun je niet verwachten, maar we zijn desondanks onder de indruk van de Bose-luidspreker.

©Wesley Akkerman

Uniek en tof

De Poco F8 Ultra ligt prettig in de hand en voelt solide aan dankzij het aluminium frame. Met 220 gram is hij ook niet overdreven zwaar. Het fauxdenim op de achterkant draagt daarbij merkbaar bij aan de grip, waardoor hij niet snel uit je handen glipt. Juist door dat eigenzinnige uiterlijk is dit zo'n smartphone die je liever zonder hoesje gebruikt, ook al loop je daarmee iets meer risico op valschade.

Het grote amoled-paneel van 6,9 inch stelt evenmin teleur. Met zijn hoge resolutie (1.200 bij 2.608 pixels) en verversingssnelheid (120 Hertz) kom je niets tekort en oogt alles scherp en vlot. Het contrast is breed en zwartwaarden zijn diep, maar de kleuren kunnen soms net even wat flets ogen. Dat valt alleen op in directe vergelijkingen met andere smartphones; de kans is heel klein dat dit je hier iets van merkt in het dagelijkse gebruik of als je een minder geoefend oog hebt.

©Wesley Akkerman

©Wesley Akkerman

Wat je mag verwachten

Ook al draait de Poco F8 Ultra niet op de krachtigste processor die Qualcomm te bieden heeft, in de praktijk merk je daar weinig van. De Snapdragon 8 Elite Gen 5 voelt vlot aan bij multitasking en kan games zonder moeite aan, al moet je er wel rekening mee houden dat de Gen 5 warm (niet heet, gelukkig) kan worden wanneer je high-end spellen speelt. Niets om je zorgen over te maken, je zult hier namelijk je vingers niet aan branden.

Ook de accu stelt niet teleur. Met een capaciteit van 6.500 mAh haal je in veel gevallen probleemloos twee dagen, al hangt dat vanzelfsprekend af van hoe intensief je de smartphone gebruikt. Speel je veel games, dan loopt hij sneller leeg, maar opladen gaat razendsnel. Met een geschikte 100w-lader, die je zelf moet aanschaffen, zit de accu binnen ongeveer veertig minuten weer helemaal vol.

0,7x

1x

2x

Camera en software

Toch is niet alles goud wat er blinkt. Onder de juiste lichtomstandigheden maakt de Poco F8 Ultra kleurrijke en gedetailleerde beelden. Zoomen is geen probleem en ook de selfiecam lijkt goed om te gaan met verschillende huidtypen. De groothoeklens presteert echter minder goed: kleuren komen minder goed uit de verf en details vallen weg. De avondmodus stelt teleur, met een overdaad aan exposure, gebrekkige kleurenaccuraatheid en trage vastlegging.

Aangezien Poco een dochteronderneming is van Xiaomi, draait het toestel op HyperOS 3.0. De Poco staat daardoor vol met overbodige en dubbele apps, waaronder die van Xiaomi, waarvan je het gros kunt verwijderen. Ook kom je her en der wat reclame tegen. Verder is het besturingssysteem vlot en overzichtelijk, twee eigenschappen die we extreem belangrijk vinden. Je krijgt tot slot 'maar' vier Android-upgrades, evenals zes jaar aan beveiligingsupdates.

5x

10x

Poco F8 Ultra kopen?

Ondanks de kanttekeningen die we plaatsen bij de software- en camera-ervaringen, zijn er eigenlijk weinig redenen om niet voor de Poco F8 Ultra te kiezen. Hij oogt uniek, vindt in de subwoofer een handige toevoeging en voelt stevig aan. De door ons geteste Denim Blue-uitvoering heeft bovendien een faux denimlaagje op de achterkant voor extra grip (wat deze uitvoering wel een paar gram zwaarder maakt dan de Poco F8 Ultra Black). De prijs is misschien gevoelsmatig nog wat hoog, zeker voor dit merk. Maar zakt de prijs richting de 600 euro, dan krijg je een toptoestel dat zijn prijs meer dan waarmaakt en waar je langdurig plezier van hebt.

52137934

▼ Volgende artikel
Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid
© ER | ID.nl
Huis

Spatial audio: de zin en onzin van 3D-geluid

Spatial audio, oftewel ruimtelijke audio, belooft een luisterervaring waarbij het geluid niet alleen van links en rechts komt, maar je volledig omringt. Hoewel de marketingkreten je geregeld om de oren vliegen, is de techniek niet in elke situatie even zinvol. In dit artikel ontdek je wanneer ruimtelijke audio je ervaring verrijkt en wanneer je prima zonder kunt.

Vergeet het statische geluid van je oude vertrouwde stereo-set. Met spatial audio krijgt geluid eindelijk de diepte die het verdient. Dankzij slimme algoritmes die de akoestiek van de echte wereld nabootsen, ontsnapt de audio aan je koptelefoon of soundbar. Geluid beweegt vrij door de kamer, waardoor een helikopter in een film ook echt boven je hoofd lijkt te cirkelen. Het is de overstap van een platte foto naar een hologram, maar dan voor je oren.

Bioscoopervaring thuis

De meest logische toepassing voor spatial audio is zonder twijfel de moderne filmervaring. Wanneer je een blockbuster kijkt die is gemixt in formaten zoals Dolby Atmos, komt de techniek pas echt tot leven. Een helikopter die overvliegt of regen die op een dak klatert, krijgt een verticale dimensie die voorheen onmogelijk was met een standaard hoofdtelefoon of een simpele soundbar.

Voor filmliefhebbers die niet de ruimte hebben voor een volledige surround-installatie met fysieke speakers in het plafond, biedt spatial audio een overtuigend en compact alternatief dat de zogenaamde immersie aanzienlijk vergroot.

Spatial audio in de praktijk

Je komt ruimtelijke audiotechnieken op steeds meer plekken tegen, vaak zonder dat je er specifiek naar hoeft te zoeken. In de filmwereld is Dolby Atmos de absolute standaard, waarbij streamingdiensten zoals Netflix en Disney+ deze techniek inzetten om geluidseffecten via een soundbar dwars door je kamer te laten bewegen.

Muziekliefhebbers vinden soortgelijke ervaringen bij Apple Music en Tidal, waar speciale mixes van bekende albums een breder en dieper geluidsveld bieden dan de originele stereoversie. Ook in de gamingwereld is het inmiddels de norm; Sony gebruikt de Tempest 3D-technologie voor de PlayStation 5 om spelers midden in de actie te plaatsen, terwijl Microsoft met Windows Sonic en Dolby Atmos for Headphones vergelijkbare resultaten behaalt op de Xbox en pc.

©ER | ID.nl

Muziek met een extraatje

Voor muziek is het nut van ruimtelijke audio iets genuanceerder en sterk afhankelijk van de productie. Bij klassieke concerten of live-opnames kan de techniek je het gevoel geven dat je midden in de concertzaal zit, waarbij de akoestiek van de ruimte tastbaar wordt. Ook bij moderne popmuziek die specifiek voor dit formaat is geproduceerd, kunnen artiesten creatiever omgaan met de plaatsing van instrumenten of subtiele geluidseffecten.

Toch blijft voor de purist die zweert bij een eerlijke, ongefilterde weergave van een studio-album de traditionele stereomix vaak de voorkeur genieten, omdat spatial audio de oorspronkelijke balans soms onnatuurlijk kan veranderen.

Gaming en de functionele voorsprong

In de wereld van gaming verschuift de waarde van spatial audio van puur esthetisch naar functioneel. Vooral in competitieve shooters is het horen van de exacte positie van een tegenstander een serieus dingetje. Door gebruik te maken van ruimtelijke audio kun je voetstappen boven, onder of achter je nauwkeurig lokaliseren. Dat geeft niet alleen een intensere spelervaring waarbij je volledig wordt opgeslokt door de spelwereld, maar biedt ook een tactisch voordeel dat met standaard audio simpelweg niet te evenaren is. Hierdoor is de techniek voor fanatieke gamers bijna onmisbaar geworden.

Wanneer kun je het beter uitschakelen?

Ondanks de indrukwekkende demonstraties is spatial audio niet altijd de beste keuze. Voor dagelijks gebruik, zoals het luisteren naar podcasts of het kijken van het journaal, voegt de extra ruimtelijkheid weinig toe en kan het de verstaanbaarheid van stemmen zelfs negatief beïnvloeden. Ook bij oudere opnames die door softwarematige kunstgrepen naar ruimtelijk geluid worden omgezet, ontstaat er vaak een hol en onnatuurlijk resultaat. In dergelijke gevallen is een zuivere stereoweergave nog altijd de meest betrouwbare weg naar een prettige luisterervaring.

Populaire merken voor spatial audio

Verschillende fabrikanten lopen voorop in de adoptie van ruimtelijke audiotechnieken. Apple heeft met de integratie in de AirPods Max en AirPods Pro in combinatie Apple Music de techniek toegankelijk gemaakt voor de massa, terwijl Sony met hun 360 Reality Audio een sterk eigen ecosysteem heeft gebouwd dat vooral schittert bij gaming en specifieke streamingdiensten. Daarnaast is Sonos een dominante speler op het gebied van home-entertainment met soundbars die Dolby Atmos ondersteunen. Bose en Sennheiser zijn eveneens belangrijke namen die met hun geavanceerde algoritmes en hoogwaardige hardware zorgen dat de ruimtelijke beleving ook voor de veeleisende luisteraar geloofwaardig blijft.