ID.nl logo
18 tips voor fotograferen met je smartphone
© Reshift Digital
Huis

18 tips voor fotograferen met je smartphone

Smartphones, maar ook tablets, hebben tegenwoordig goede camera's. Je hoeft niet langer meer per se een spiegelreflexcamera te hebben dus. Om mooie foto's te maken moet je wel de basisbeginselen van fotografie onder de knie krijgen. Met deze 18 tips wordt fotograferen met je smartphone een makkie.

Tip 01: Stevige grip

Je staat er misschien niet bij stil, maar je maakt zichtbaar betere foto’s en filmpjes door je smartphone stevig vast te houden. Als je erop let, zie je dat mensen hun telefoon vaak nogal nonchalant bedienen. Ze houden het toestel bijvoorbeeld met één hand losjes vast en nemen ‘en passant’ een filmpje op of schieten een foto. De kans is erg groot dat foto’s niet helemaal scherp en filmpjes schokkerig worden, doordat het toestel een beetje beweegt tijdens de opname. Houd je smartphone daarom liefst met twee handen vast zodra je opnamen maakt, net als bij een gewoon fototoestel. Dan beweegt of trilt het toestel minimaal. Oefen daarnaast zo min mogelijk druk uit op het scherm om af te drukken, want anders duw je het toestel precies op het kritieke moment van je af. Een vluchtige aanraking is meer dan voldoende, het is immers geen fysieke knop. Ook bij minder licht krijg je direct betere foto’s en films, want dan is de camera ultragevoelig voor zelfs de lichtste beweging. 

©PXimport

Tip 02: Afdrukknop

Om een foto of film te maken, gebruik je doorgaans de virtuele afdrukknop die je op het scherm ziet, maar het kan ook anders. Bij vrijwel elke smartphone en tablet kun je hier namelijk ook de volumeknop aan de zijkant van het toestel voor gebruiken. Omdat het (anders dan bij een gewone camera) niet echt uitmaakt in welke positie je de telefoon of tablet houdt (rechtop, liggend of ondersteboven), kun je zo ook mooi kiezen welke methode je wanneer handig vindt. Als je het toestel rechtop stevig met twee handen vasthoudt (om bij weinig licht de camera zo stil mogelijk te houden), kun je vaak precies met je duim op de volumeknop aan de zijkant afdrukken. In liggende stand zit soms een van je wijsvingers bij de knop in de buurt, maar komt het ook voor dat de virtuele knop op het scherm toch handiger is. Kortom, kies per situatie de meest praktische afdruknop.

©PXimport

Tip 03: Snel paraat

Een gewone camera zet je aan en is direct klaar om foto’s te maken. Bij een smartphone of tablet fotografeer en film je via een app. Je moet dus eerst de smartphone ontgrendelen en daarna de app nog zoeken en opstarten. Als je ergens snel een foto van maken, dan kunnen die extra handelingen vervelend zijn. Gelukkig kan het sneller en makkelijker, want je kunt de camera direct vanaf het vergrendelscherm opstarten. Op een iPhone veeg je vanaf iOS-versie 10 op het vergrendelscherm naar links, zodat de camera vanaf de rechterzijde het beeld in schuift. Bij andere tablets en smartphones versleep je meestal een camerapictogram. Op sommige toestellen activeer je de camera ook met een druk op een fysieke knop.

De camera kun je direct vanaf het vergrendelscherm opstarten om nog sneller te fotograferen

-

Tip 04: Technisch goed

Bij het maken van een foto zijn er op technisch vlak grofweg twee dingen om rekening mee te houden. De foto moet scherp zijn en de belichting moet kloppen. Het mooie is dat jouw smartphone dit allemaal automatisch voor je regelt. Of althans, probeert dat zo goed mogelijk te doen. Het is en blijft een apparaat, dus blijft het belangrijk dat jij in de gaten houdt of alles wel naar wens verloopt. Waar nodig kun je ingrijpen om de automatiek te corrigeren. Dat is nu eenmaal nodig bij zowel gewone camera’s, als smartphones en tablets.

©PXimport

Tip 05: Scherpstellen

Laten we met scherpstellen beginnen. Zodra je jouw telefoon of tablet ergens op richt, zal de camera razendsnel scherpstellen. Oudere modellen hadden hier best wat tijd voor nodig, maar vooral recente toestellen zijn hier razendsnel mee. Het kan nog steeds een keertje fout gaan, dat wel. Wordt bijvoorbeeld een boom in de verte scherp, in plaats van een persoon op de voorgrond? Dit komt vooral voor als je een persoon of voorwerp wat meer aan de zijkant in beeld neemt in plaats van exact in het midden. De camera raakt dan soms in de war. Tik dan op het scherm op de persoon om het hoofdonderwerp alsnog aan te wijzen. De camera stelt nu opnieuw scherp en ditmaal wel op de goede plek.

©PXimport

Tip 06: Belichting

Tegelijk met de scherpstelling wordt ook de belichting door de camera bepaald. Zowel als je het aan de camera overlaat, als wanneer je zelf een punt op het scherm aanwijst. Vooral als de voorgrond aanzienlijk lichter of donkerder is dan de achtergrond, wil het beeld nog weleens overbelicht of onderbelicht raken. Je kunt dan ergens anders op het scherm tikken om dit te corrigeren, maar ook de scherpstelling verandert dan. Dus tik niet op een verre bergketen als je een portretfoto maakt. Beter en makkelijker is het om belichtingscompensatie te gebruiken. Daarmee maak je een foto of film naar smaak lichter of donkerder, zonder aan de scherpstelling te komen. Vaak moet je eerst op het onderwerp tikken, waarna je via een schuifbalk de helderheid aanpast. Op Android-toestellen kan het ook een optie in het cameramenu zijn.

©PXimport

Tegelijk met de scherpstelling wordt ook de belichting door de camera bepaald

-

Tip 07: Vastzetten

In bepaalde situaties kan het handig zijn de scherpstelling en belichting te vergrendelen. Bijvoorbeeld wanneer je meerdere foto’s van hetzelfde onderwerp na elkaar wilt maken, of je alvast klaarstaat omdat er straks iets in beeld komt wat je wilt vastleggen. Je wilt dan niet telkens op het scherm moeten tikken om het juiste scherp en goed belicht te krijgen. Dan is het handig dat je de scherpstelling en belichting kunt vergrendelen. Meestal doe je dat door een vinger eventjes op het scherm gedrukt te houden totdat een vergrendelingsbericht verschijnt. Vanaf dat moment kun je zorgeloos foto’s en films maken. De scherpstelling en belichting blijven al die tijd exact hetzelfde, ook als je de camera ergens anders op richt. Haal de vergrendeling dus wel weer weg zodra het licht of de afstand tot het onderwerp verandert, want anders mislukken je foto’s en films. Je doet dat door ergens op het scherm te tikken.

©PXimport

Tip 08: Continustand

Soms speelt een gebeurtenis zich echt heel snel af. Maak je dan één foto, dan pak je misschien net niet het allermooiste moment, of je grijpt er zelfs helemaal naast. Denk dan aan het fotograferen van sport, snelle auto’s, rennende dieren en kinderen … allemaal situaties waar je maar weinig reactietijd hebt. Bij veel smartphone- en tablet-camera’s schakelt de camera over naar de zogeheten burst- of continustand wanneer je de ontspanknop ingedrukt houdt. Het toestel blijft dan heel snel achter elkaar foto’s maken tot je de knop weer loslaat. Op die manier heb je een veel grotere trefkans. Je hoeft na afloop alleen de fotoreeks nog maar af te speuren naar de beste foto’s. De rest mag meteen weer weg. Op sommige apparaten moet je de functie eerst in de instellingen inschakelen.

©PXimport

Tip 09: Gezichtsdetectie

Steeds vaker zit er gezichtsdetectie op een smartphone of tablet. Daarmee fotografeer en film je een stuk zorgelozer als je mensen in beeld neemt. Zodra één of meer gezichten gedetecteerd zijn, blijft de camera ze automatisch door het beeld volgen. Dus als jij de camera een beetje anders richt of iemand doet een paar stappen opzij, blijven de gedetecteerde personen al die tijd netjes scherp en goed belicht. Het is in die gevallen dan ook niet echt nodig om op het scherm te tikken om aan te geven wat het onderwerp is. Tenzij de camera er niets van bakt of er ineens een wildvreemde toerist voor die mooie berg in de verte gaat staan natuurlijk. Ook als de verkeerde persoon gedetecteerd wordt in een wat grotere groep mensen, kun je beter de juiste persoon even aantikken zodat die optimaal scherp wordt. Sommige camera’s hebben ook een lachsluiter, waarbij automatisch een foto wordt gemaakt als een lachend gezicht wordt gedetecteerd.

©PXimport

Zodra gezichten gedetecteerd zijn, blijft de camera ze automatisch volgen

-

Tip 10: Compositie

Naast technische zaken zoals belichting en scherpstelling, is ook compositie erg belangrijk. Daarmee bedoelen we hoe je iets in beeld neemt. Het is een kwestie van smaak, maar er zijn wel wat stelregels. Zo oogt een foto doorgaans prettiger als je het hoofdonderwerp niet precies in het midden plaatst. Laat bijvoorbeeld wat ruimte vrij in de kijkrichting bij een portretfoto of als in een film iemand aan het woord is. Hetzelfde geldt wanneer je een voorwerp fotografeert of een rijdende auto filmt. Fotografeer bijvoorbeeld schuin van voren en laat voor het object weer wat ruimte vrij. Als je een mooi landschap vastlegt, mag de horizon zich gerust ergens boven in het beeld bevinden. Gaat het juist om de mooie wolkenlucht of zonsondergang, dan draai je het om. Niet het beeld natuurlijk, maar dan neem je vooral veel lucht in beeld zodat het landschap een ondergeschikte rol krijgt.

Tip 11: Regel van derden

Veelgebruikte compositieregel bij zowel fotograferen als filmen is de zogenaamde regel van derden. Hierbij verdeel je het beeld via twee denkbeeldige horizontale en verticale lijnen in negen vlakken. De bedoeling is dat je het hoofdonderwerp op of in de buurt van zo’n lijn plaatst. Of nog beter, op het kruispunt van een horizontale en een verticale lijn. Om je hierbij te helpen, kunnen nagenoeg alle smartphones en tablets een raster op het scherm laten zien. Dat maakt het een stuk makkelijker om het onderwerp te positioneren. Nogmaals, je hoeft je hier echt niet strikt aan te houden. Soms staat het zelfs heel mooi om iets exact in het midden te plaatsen, met name om symmetrie te benadrukken. Denk aan een reflectie op een wateroppervlak, waardoor de bovenste en onderste helft exact elkaars spiegelbeeld zijn. Als je via de regel van derden werkt, is het extra belangrijk om op te letten of er goed scherp wordt gesteld. Camera’s zijn namelijk geneigd om het onderwerp eerst in het midden op te zoeken. Je zult dus wat vaker op het scherm moeten tikken om het juiste onderwerp aan te wijzen.

©PXimport

Tip 12: Licht is alles

De beste foto’s en films maak je bij mooi licht. Zelfs eenvoudige onderwerpen komen dan tot leven. Buiten ben je sterk afhankelijk van de zon en de weersomstandigheden. Vooral bij een lage zonnestand is het licht mooi en ontstaan indrukwekkende lange schaduwen. Vandaar dat de eerste uren na zonsopkomst en de laatste uren voor zonsondergang erg populair zijn. Binnen zijn we vaak afhankelijk van kunstlicht. Zorg dan dat het onderwerp goed in het licht staat. Gebruik dus niet het donkerste hoekje van de huiskamer, maar zoek bewust een plek op waar sfeervol licht is. Overdag kun je iemand bij een raam laten plaatsnemen, of een voorwerp op een tafeltje neerleggen. Is het zonlicht fel, schuif dan de vitrage dicht (niet de gordijnen), daarmee verzacht je het licht. Neem vervolgens ergens tussen het raam en je onderwerp plaats, dat nu mooi vanaf de voorzijde verlicht wordt en zich meer naar achteren vaak deels nog in de schaduw bevindt.

Vooral bij een lage zonnestand is het licht mooi en ontstaan indrukwekkende lange schaduwen

-

Tip 13: Niet zoomen

Op een smartphone of tablet zit een vaste groothoeklens. Dit betekent dat de camera een vrij brede blik heeft en er nogal veel tegelijk op de foto te zien is. Veel mensen zijn daarom geneigd om meteen in te zoomen, zodat het onderwerp groter in beeld komt en eventuele storende objecten in de omgeving wegvallen. Helaas is dit niet verstandig. Op een zeldzame uitzondering na, heeft een smartphone of tablet namelijk geen zoomlens, maar een lens die één vaste stand kent: groothoek. Zoom je op je telefoon of tablet dus in, dan vergroot je apparaat eigenlijk het digitale beeld zodat het lijkt of alles groter wordt. Hoe sterker je inzoomt, hoe meer beeldmateriaal er langs de randen wordt weggesneden. Het midden wordt dus alsmaar verder opgeblazen. Dit gaat ten koste van de beeldkwaliteit. Op een telefoonscherm lijkt het nog mee te vallen, maar op een televisie- of computerscherm (of als je inzoomt bij het terugkijken), blijft er nog maar weinig van de foto over. Kleuren zijn vaal, het beeld ziet er wat smoezelig uit en er zijn geen fijne details meer in te bekennen.

©PXimport

Tip 14: Voetenzoom

Als het even kan, gebruik je de zoomfunctie dus niet. Dan behoud je de allerhoogste beeldkwaliteit en kun je straks veel meer met je foto’s en films doen. Denk aan bekijken op een groot scherm of het maken van (grote) fotoafdrukken. Ga liever iets dichter bij je onderwerp staan als je dat groter in beeld wilt hebben. Kan of mag dat niet? Probeer de omgeving dan zo in beeld te brengen dat het iets aan de foto of film toevoegt en het dus niet meer stoort. De meeste mensen zijn geneigd om het hoofdonderwerp veel te groot in beeld te nemen, waardoor de context verloren gaat. Een Zwitserse koe is bijvoorbeeld gewoon maar een koe (wel met een mooie bel om de nek) als je helemaal inzoomt of te dichtbij staat. Je laat het echte vakantiegevoel pas in je foto’s en films zien als je ook de omgeving in beeld neemt. Bijvoorbeeld de alpenwei met het frisse groene gras en de kleurrijke weidebloemen, de besneeuwde toppen en het dal met het blauwe meer op de achtergrond.

©PXimport

De meeste mensen zijn geneigd om het hoofdonderwerp veel te groot in beeld te nemen

-

Tip 15: Heldere lens

Kijk ook eens zelf in de lens. Letterlijk. Wat we hiermee bedoelen, is dat het verstandig is om regelmatig de lens van de camera schoon te maken. Je hebt die telefoon of tablet namelijk de hele dag op zak of op tafel liggen, dus er verzamelt zich in een mum van tijd vuil en vettigheid op de lens. Dat zie je niet zo snel omdat de lens zo enorm klein is, maar het heeft wel nadelige invloed op foto’s. Heb je weleens een rare mist rondom verlichting of de zon gezien, of lange strepen die dwars door het beeld lopen? Dat effect wordt bijna altijd door een vettige lens veroorzaakt. Maak de lens schoon met een zacht doekje, het liefst een speciaal lesdoekje, al kan het ook met een brillendoekje of een (schoon) shirt. Niet met een stukje keukenrol, want daar kunnen houtfragmenten in zitten die de coating van de lens aantasten … en natuurlijk al helemaal nooit met iets wat schuurt.

Tip 16: Lensflare

Effecten die je niet kwijtraakt met een schone lens, ontstaan zodra je een smartphone of tablet in de richting van een lichtbron zoals de zon of een felle lamp richt. Je krijgt dan gekleurde vlekken te zien die allerlei vormen kunnen aannemen, of een kleurwaas over de complete foto. Deze verschijnselen worden lensflare genoemd. Bij gewone camera’s heb je dit minder snel, omdat vaak een flinke zonnekap wordt meegeleverd. Fotografeer of film je richting de zon of andere felle verlichting, dan helpt het enorm als je het licht met je hand of iets als een stuk karton afschermt. De flare ben je dan meteen weer kwijt. Let op: dit lukt alleen als je het licht ook echt kunt afschermen. Bijvoorbeeld bij een plafondlamp of als de zon schuin boven je staat. Overigens kan lensflare ook best mooi staan, het wordt veel gebruikt om meer sfeer in foto’s te krijgen.

©PXimport

Tip 17: Welke camera?

Telefoons en tablets hebben vrijwel altijd meerdere camera’s. De mooiste foto’s en films maak je met de camera aan de achterzijde, dus aan de niet-schermkant. Die camera biedt de meeste mogelijkheden en de hoogste beeldkwaliteit. De camera aan de voorzijde (de schermkant) is eigenlijk alleen bedoeld voor beeldbellen en het maken van selfies. Dan telt de kwaliteit minder. De resolutie is bijna altijd lager, de lens is minder lichtsterk en er zit vrijwel nooit autofocus op (de scherpstelling staat altijd vast). Je kunt dus veel beter de hoofdcamera aan de achterzijde gebruiken, al moet je dan vast enkele pogingen wagen voordat je er goed opstaat, omdat je nu niet op het scherm kunt meekijken. Je zelfportretten gaan er wel met sprongen op vooruit.

De mooiste foto’s en films maak je met de camera aan de achterzijde

-

Welke app?

In dit artikel richten we ons vooral op de mogelijkheden van de standaard camera-app die je op je iPhone of Android-telefoon vindt. Deze apps hebben echter hun beperkingen, waardoor je misschien liever een camera-applicatie van een derde partij gebruikt. Welke app moet je dan hebben? Daarover zijn de meningen verdeeld, maar wijzelf zijn erg te spreken over Open Camera voor Android. Niet zozeer als vervanging van de standaardcamera, maar eerder als aanvulling om er allerlei leuke en vooral handige camerafuncties bij te krijgen. Wil je meer lezen over Open Camera, sla dan dit artikel er eens op na. 

Tip 18: Liever zonder flits

Als het donkerder wordt, kan automatisch de flitser aanspringen. Dat is niet altijd iets om blij van te worden, want foto’s worden er vaak een stuk lelijker van. Het is een lampje dat alles op korte afstand in een (te) fel licht zet en niet verder dan enkele meters reikt. In de meeste gevallen kun je de flitser dan ook beter uitschakelen. Je foto’s houden dan meer sfeer omdat je alleen gebruikmaakt van het aanwezige licht en het koude flitslicht dit niet kan verpesten. Zonder flitser is het wel lastiger om in donkere situaties foto’s zonder bewegingsonscherpte te maken. Stevig vasthouden zoals beschreven in tip 1 helpt op een gegeven moment niet meer. Je moet nu ook steun zoeken om de camera echt goed stil te houden. Je kunt bijvoorbeeld tegen een muur leunen, of je ellebogen op een tafel, hek of laag muurtje plaatsen. Het beste werkt een ministatief met een houder waarin je smartphone past. Vervolgens kun je de volumeknop van je oordopjes als afstandsbediening gebruiken om trillingvrij te fotograferen en te filmen, of een timer instellen. Naarmate het donkerder wordt, kost het de camera wel steeds meer moeite om een goede foto te maken. Smartphones en tablets zijn helaas (nog) niet zo geschikt om in het donker te werken.

▼ Volgende artikel
Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?
© ER | ID.nl
Huis

Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Haperende streams en trage downloads op zolder zijn grote ergernissen in veel huishoudens. Om dat op te lossen twijfelen veel mensen tussen een krachtiger router of een set powerline-adapters. In dit artikel leggen we precies uit wanneer je voor welke oplossing moet kiezen, zodat je geen geld verspilt aan de verkeerde apparatuur.

Voordat je naar de winkel rent: je moet eerst begrijpen wat er precies misgaat met je verbinding. Wifi-problemen kun je doorgaans opdelen in twee categorieën: een gebrek aan bereik of een gebrek aan capaciteit. Bij een gebrek aan bereik komt het signaal simpelweg niet ver genoeg, bijvoorbeeld omdat dikke betonnen muren of plafonds het signaal blokkeren. Je hebt dan op zolder één streepje bereik of zelfs helemaal geen verbinding. Bij een gebrek aan capaciteit is het signaal wel sterk, maar is de router niet krachtig genoeg om alle data te verwerken. Dat merk je als het internet traag wordt zodra iedereen thuis tegelijk online is. Het onderscheid tussen deze twee oorzaken bepaalt of je een router of een powerline-adapter nodig hebt.

Wanneer is een nieuwe router de oplossing?

De router is het hart van je thuisnetwerk en regelt al het verkeer. Vaak gebruiken mensen het standaardmodem dat ze van hun internetprovider hebben gekregen, maar deze apparaten blinken zelden uit in prestaties. Een losse, hoogwaardige router kopen is de beste keuze wanneer je merkt dat de verbinding in de buurt van het modem al niet optimaal is of wanneer je regelmatig met veel apparaten tegelijk online bent.

Als je in de woonkamer zit en de verbinding hapert zodra de kids op hun tablets zitten, is je huidige router waarschijnlijk niet krachtig genoeg om al die gelijktijdige datastromen te verwerken. Een moderne router met ondersteuning voor wifi 6 kan veel meer apparaten tegelijk bedienen en zorgt voor een hogere, stabielere snelheid op de verdieping waar hij staat.

©Andrii

Internet via het stopcontact met powerline

Een powerline-adapter, ook wel homeplug genoemd, werkt volgens een totaal ander principe. Dit systeem maakt gebruik van het bestaande stroomnet in huis om het internetsignaal te verplaatsen. Je stopt één adapter in het stopcontact bij je router en de tweede adapter in een stopcontact op de plek waar je internet nodig hebt, bijvoorbeeld op zolder of in het tuinhuis.

Dit is de ideale oplossing wanneer het wifi-signaal door dikke betonnen muren of plafonds moet dringen. Waar wifi-golven afketsen op gewapend beton, stuurt de powerline het signaal simpelweg via de koperdraden in de muur naar boven. Dat maakt powerline-adapters uitermate geschikt voor specifieke 'dode zones' die te ver weg liggen voor het bereik van een gewone router.

Populaire merken voor netwerkoplossingen

Als je op zoek gaat naar powerline-adapters, kom je al snel uit bij Devolo. Dit Duitse merk is de onbetwiste marktleider op het gebied van homeplugs en staat bekend om de Magic-serie die zeer stabiele verbindingen via het stroomnet garandeert.

Voor routers en mesh-systemen is TP-Link een zeer populaire keuze vanwege de goede balans tussen prijs en prestaties, met modellen voor elk budget. Netgear richt zich met de Nighthawk-serie vaak op de veeleisende gebruiker en gamers die maximale snelheid wensen. Tot slot is AVM, bekend van de FRITZ!Box, een merk dat zowel uitstekende routers als powerline-oplossingen biedt die naadloos met elkaar samenwerken in één netwerk.

Stabiliteit versus snelheid

Bij de keuze tussen deze twee speelt ook het gebruiksdoel een rol. Powerline-adapters zijn vaak de favoriete keuze voor gamers of mensen die thuiswerken op een vaste pc. De reden hiervoor is dat de tweede adapter vaak beschikt over een netwerkafsluiting, waardoor je je computer met een kabel kunt aansluiten. Een bekabelde verbinding via powerline is doorgaans stabieler en heeft een lagere vertraging (ping) dan wifi, wat cruciaal is bij online gamen. Een nadeel is wel dat de snelheid van powerline afhankelijk is van de kwaliteit van je stroomnet. Oude bedrading of zware apparaten zoals een wasmachine kunnen storing veroorzaken, waardoor de snelheid soms fluctueert. Een high-end router biedt daarentegen vaak een hogere topsnelheid, maar is dus gevoeliger voor afstand en obstakels.

De opkomst van mesh-systemen

Tegenwoordig is er een hybride oplossing die de traditionele router steeds vaker vervangt: Multiroom Wifi of Mesh. Dit zijn feitelijk meerdere routers die met elkaar communiceren. Als je een groot huis hebt en overal perfecte wifi wilt zonder kabels te trekken, is dit vaak een betere, maar ook duurdere oplossing dan een simpele powerline-set. Kies je echter voor een budgetvriendelijke oplossing om snel internet op één specifieke, lastig bereikbare kamer te krijgen, dan wint de powerline-adapter het vaak op prijs-kwaliteitverhouding. Is je doel echter om de algehele snelheid en capaciteit in de woonkamer en keuken te verbeteren, investeer dan in een goede router.

▼ Volgende artikel
Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor
Huis

Professioneel en gratis video's bewerken? Aan de slag met VSDC Free Video Editor

Maak jij tijdens een welverdiende vakantie talloze video’s? Met VSDC Free Video Editor giet je de leukste fragmenten in een gelikte film. Dankzij het gebruik van mooie overgangen en fraaie effecten oogt het resultaat zeer professioneel. Het kost je bovendien geen cent, want je installeert deze zeer uitgebreide videobewerker gratis op een Windows-computer.

Tegenwoordig liggen er best wat goede gratis videobewerkers voor het oprapen. Zeker wanneer je geen torenhoge eisen aan de videomontage stelt, heb je niet per se een betaald programma als Adobe Premiere Elements of Magix Video Deluxe nodig. Zo krijg je met het gebruiksvriendelijke VSDC Free Video Editor al een heleboel voor elkaar. In tegenstelling tot diverse gratis alternatieven voegt dit programma geen lelijk watermerk toe aan jouw film. Deze freeware heeft daarnaast een verrassend uitgebreide gereedschapskist.

Videobewerker installeren

VSDC Free Video Editor heeft relatief lage systeemeisen. Zeker voor video’s tot een resolutie van 1920 × 1080 pixels heb je geen supersnelle pc of laptop nodig. Wil je haarscherpe 4K-video’s bewerken? In dat geval adviseren de makers een systeem met 8 of 16 GB werkgeheugen. Daarnaast is een krachtige processor met meerdere rekenkernen geen overbodige luxe.

Particulieren mogen VSDC Free Video Editor voor nop installeren. Ga naar de site via www.kwikr.nl/vsdc en download het installatiebestand. Je hebt keuze tussen de 32bit- en 64bit-versie. De meeste computers kunnen met de 64bit-versie uit de voeten. Dubbelklik op het gedownloade exe-bestand en doorloop de stappen van de installatie. 

Nieuw project starten

Zodra je de videobewerker voor de eerste keer opstart, verschijnt er een pop-upvenster met een aanbeveling voor de betaalde Pro-versie (zie kader). Je klikt dat via het kruisje weg. Laat de ietwat drukke gebruikersomgeving even op je inwerken. Het beginscherm toont diverse instructies voor geavanceerde bewerkingen. Laat die als beginnende gebruiker links liggen. Je kunt wel alvast even de tabbladen doornemen, want die herbergen verschillende bruikbare functies.

Je gaat nu eerst een nieuw (video)project starten. Klik op het tabblad Projects en daarna op New project. Er verschijnt een nieuw venster waarin je diverse instellingen voor de videomontage kunt bepalen. Het belangrijkste is de waarde achter Resolution. Voor een scherp beeld en soepele montage laat je de huidige waarde van 1920 × 1080 pixels (16:9) staan. Filmt jouw smartphone of videocamera in een hogere resolutie, dan kun je een andere waarde overwegen. Laat de overige opties ongewijzigd. Je typt achter Project title een relevante projectnaam en kiest onderaan voor Blank project. Bevestig tot slot met Finish.

Welke resolutie ken je aan de videomontage toe?
VSDC Pro

Naast de hier besproken gratis versie bestaat er met VSDC Pro (www.videosoftdev.com/video-editor-pro) ook een betaalde variant. Die bevat allerlei extra snufjes voor geavanceerde gebruikers. Je kunt bijvoorbeeld een achtergrondkleur verwijderen, gesproken commentaar toevoegen en trillende beelden stabiliseren. Daarnaast ondersteunt de Pro-versie hardwareversnelling door een geschikte grafische kaart. Dit leidt tot betere prestaties, omdat de processor minder hoeft te rekenen. Je merkt dat bijvoorbeeld aan kortere wachttijden en een vloeiendere videoweergave. VSDC Pro kost op het moment van schrijven circa 31 euro. 

Video’s toevoegen

Nu ga je met het zojuist aangemaakte videoproject aan de slag. Merk op dat het tabblad Editor is geopend. Je zit nu dus in de videobewerker. Zoals je ziet, zijn er flink wat opties beschikbaar. Laat je hierdoor niet afschrikken, want we nemen de basisfuncties stap voor stap met je door.

Je dient eerst relevante videoclips aan het programma toe te voegen. Gunstig is dat VSDC Free Video Editor alle bekende beeldformaten ondersteunt. Klik bovenaan in de werkbalk op Add object / Video en navigeer naar de map met de bestanden. Je selecteert één of meer video’s, waarna je bevestigt met Openen / OK. Wanneer je minimaal twee fragmenten toevoegt, kies je Add to layer.

Wegens de talloze toeters en bellen ziet deze videobewerker er nogal imponerend uit.

De videoclips verschijnen allemaal in de tijdlijn onderaan het venster. Deze tijdlijn is belangrijk, want die bepaalt welke momenten er in de uiteindelijke film terechtkomen. Verder kun je hieraan bijvoorbeeld ook titels, overgangen, speciale effecten en audiotracks toevoegen. Vind je de tijdlijn te klein? Je kunt dit onderdeel eenvoudig vergroten. Zweef onder Layer 1 op de scheidslijn totdat er een dubbele pijl verschijnt. Beweeg de muis nu met ingedrukte muisknop omlaag. In VSDC Free Video Editor pas je op soortgelijke wijze de grootte van alle deelvensters aan. Kortom, richt op die manier het bewerkvenster naar eigen wens in.

Alle geïmporteerde videobestanden belanden op de tijdlijn.

Volgorde clips wijzigen

Waarschijnlijk heb je een bepaalde volgorde voor de videoclips in gedachten. Geen probleem, want je kunt de clips op de tijdlijn verplaatsen. Sleep het beoogde fragment met ingedrukte muisknop één laag omlaag. De overgebleven video’s schuif je daarna naar links of rechts. Creëer op die manier een ‘gat’ en sleep het fragment ernaartoe. Het is belangrijk dat er geen loze ruimtes op de tijdlijn achterblijven. Anders zie je namelijk zwart beeld.

Sleep videoclips naar onder, boven, rechts en links om de volgorde op de tijdlijn te wijzigen.

Scènes inkorten

Vanzelfsprekend wil je alleen boeiende scènes in de film tonen. Saaie passages snijd je daarom resoluut weg. Dat doe je door een videoclip in te korten. Gebruik hiervoor wederom de tijdlijn. Selecteer een fragment en beweeg de rode schuifregelaar naar deze clip. Het bijbehorende beeld verschijnt nu in de voorbeeldweergave. Vind je dit beeld te klein? Klik dan helemaal rechtsonder in het programma op het kleine plusteken. Je past daarmee het zoomniveau aan. Klik nu onder de voorbeeldweergave op de rode afspeelknop (PijltjeRechts) om de video te starten. Begint of eindigt het saaie gedeelte? Via dezelfde rode knop (twee verticale streepjes) pauzeer je de video.

Inkorten is vrij eenvoudig. Een geselecteerde videoclip heeft op de tijdlijn aan weerszijden twee piepkleine vierkanten. Klik daarop en houd de muisknop ingedrukt. Beweeg de muis nu naar links of rechts tot de rode schuifregelaar. Laat de muisknop als laatste los. Het fragment is nu een kopje kleiner gemaakt! 

Fragmenten splitsen

Je kunt een lang fragment ook in twee (of meer) delen opsplitsen. Dat is nuttig wanneer je deze videootjes op verschillende momenten in de film wilt tonen. Selecteer in de tijdlijn een videoclip en bepaal met de rode schuifregelaar een geschikt ‘splitmoment’. Overigens kun je met de mediaknoppen onder de voorbeeldweergave dit moment heel precies bepalen. Spoel bijvoorbeeld een seconde voor- of achteruit. Het is zelfs mogelijk om een video frame voor frame door te nemen. Staat de rode schuifregelaar exact op de goede plek? Klik dan in de werkbalk boven de tijdlijn op het pictogram met de twee rode haakjes. Je ziet vervolgens twee aparte clips.

Maak via de optie Split into parts van één clip twee losse fragmenten.

Roteren en bijsnijden

Soms is het noodzakelijk om een video negentig graden te roteren, omdat het beeld in VSDC Free Video Editor is gedraaid. Gelukkig herstel je deze ‘fout’ simpel. Je selecteert in de tijdlijn de juiste video en klikt helemaal bovenaan bij de sectie Tools op het pictogram met de gebogen pijl. De video draait meteen.

Staat er een ongewenst persoon, lelijk logo of storend object in beeld? Gooi de videoclip dan nog niet weg! Je kunt het fragment namelijk nog bijsnijden. Beslis welk deel van de video je wilt gebruiken en gooi het overtollige beeldmateriaal weg. Je klikt met de rechtermuisknop op een videoclip in de tijdlijn en kiest Crop tools / Custom region. Bepaal in het nieuwe venster welk deel uit beeld moet verdwijnen. Je regelt dat door de zwarte vierkantjes aan de randen van de voorbeeldweergave te verslepen. Tevreden? Met OK voer je de actie definitief uit.

Nuttig om te weten is dat je met deze functie de oorspronkelijke resolutie verkleint. Zeker wanneer je de uiteindelijke film op een grote televisie of pc-monitor bekijkt, zie je mogelijk korrelige beelden. Snijd daarom liever niet te veel beeldmateriaal weg.

Alles buiten de rechthoekige selectie verdwijnt uit de video.

Video-effecten

Wie dat wil, gaat in deze videobewerker helemaal los met speciale effecten. Klik maar eens bovenaan in de werkbalk op Video effects. Er verschijnt een uitgebreid menu. Voordat je iets uitkiest, selecteer je eerst een clip op de tijdlijn. Via Quick styles pas je heel makkelijk een effect toe, omdat hiervoor geen extra instellingen zijn vereist. Laat de video bijvoorbeeld op een gedateerde film uit de jaren ‘70 lijken of pas automatisch de contrastwaarden aan.

Wil je zelf meer invloed op in hoeverre het programma een video-effect toepast? Bij veel filters stel je naar eigen inzicht de intensiteit in. Bekijk hiervoor de mogelijkheden via Video effects / Adjustments. Zo wijzig je onder andere de kleurverzadiging en helderheid. Daarnaast kun je ook een stijlvol sepia- of zwart-wit-effect op de video loslaten. Zodra je eenmaal iets hebt gekozen, pas je in het deelvenster Properties window aan de rechterkant de waarden aan. Als je dit deelvenster niet ziet, klik je achtereenvolgens op het tabblad View en Properties. Tot slot zijn ook de video-effecten binnen de rubrieken Filters en Nature de moeite waard. Spijt van een bepaalde keuze? Met de sneltoets Ctrl+Z maak je de laatste handeling weer ongedaan. Experimenteer er dus lustig op los!

Met het Auto contrast-filter optimaliseer je heel eenvoudig de contrastwaarden.
Gebruik het deelvenster Properties window om de instellingen van een video-effect te wijzigen.

Overgangen

Tijdens de montage van een video ontkom je eigenlijk niet aan het gebruik van overgangen. Doe je dat niet, dan lopen de fragmenten nogal abrupt in elkaar over. Dat is onprettig voor de kijker. Met een overgang wordt een nieuwe videoclip op subtiele wijze geïntroduceerd.

Klik in de tijdlijn op de videoclip waarbij je aan het einde een overgang wilt toevoegen. Je opent zo nodig eerst het tabblad Editor en navigeert daarna naar Video effects / Transitions. Probeer nu één van de beschikbare overgangen uit. Zo laat je het oude fragment bijvoorbeeld in vlammen opgaan (Paper burn) of in scherven uit elkaar vallen (Shattered glass). Kies een overgang en controleer in het pop-upvenster of de optie To the end of scene is geselecteerd. Klik op OK.

Merk op dat er op de tijdlijn een verse laag met de gekozen overgang verschijnt. Klik op de rode afspeelknop onder de videoweergave om de overgang te bekijken. Je past in het eigenschappenvenster aan de rechterkant diverse zaken aan, waaronder de tijdsduur en transparantie.

Deze videobewerker heeft een aantal spectaculaire overgangen in huis.

Geluid

De audiokwaliteit van zelfgeschoten video’s is vaak matig. Stond er toentertijd tijdens de opname een stevig briesje, dan hoor je waarschijnlijk voornamelijk windgeruis. Zet het geluid van dergelijke videoclips daarom gewoon uit. Klik in de tijdlijn op een fragment om de bijbehorende eigenschappen aan de rechterkant te tonen. Verschijnt dat niet, dan klik je op View / Properties. Je scrolt zo nodig een stukje omlaag totdat je de optie Audio track tegenkomt. Klik achter Track 1 op het kleine pijltje en kies Don’t use audio.

Je kunt eventueel zelf audio aan de videomontage toevoegen, zoals achtergrondmuziek of een voice-over. Klik zo nodig op het tabblad Editor en kies Add object / Audio. Je selecteert nu pakweg een mp3-, wma-, wav- of flac-bestand op de computer. Via Openen / OK belandt de audiotrack als nieuwe laag op de tijdlijn. Kies een geschikte plek en pas diverse eigenschappen in het Properties window desgewenst aan. Denk hierbij onder meer aan de snelheid en het volumeniveau.

Schakel bij video’s met slecht geluid het audiospoor eenvoudig uit.

Film opslaan

Deze workshop is slechts een bescheiden introductie van VSDC Free Video Editor. Je kunt namelijk nog veel meer met deze veelzijdige videobewerker doen. Ga er dus vooral ook zelf mee stoeien. Ben je eenmaal klaar, dan sla je het resultaat op. Je kunt de film daarna op verschillende schermen bewonderen.

Klik in de werkbalk op het tabblad Export project en speel zekerheidshalve de volledige videomontage nog eens af. Ben je helemaal tevreden, dan geef je in de werkbalk het gewenste videoformaat aan. Kies bijvoorbeeld voor mp4, mkv, mov, flv of mts. Het is ook mogelijk om de film op een dvd te branden. Wijzig via Change name zo nodig de bestandsnaam en opslaglocatie. Je bevestigt bovenaan ten slotte met Export project / Continue.

VSDC Free Video Editor ondersteunt een heleboel exportformaten.