ID.nl logo
Weg schilderstress: zo kies je de juiste verfsoort voor jouw klus in huis
© manuta - stock.adobe.com
Gezond leven

Weg schilderstress: zo kies je de juiste verfsoort voor jouw klus in huis

Schilderen is net als je koffers pakken: je denkt dat het zo is gepiept, maar het valt altijd weer tegen. Soms zit dat 'm in je skills, maar veel vaker in de voorbereiding. En die begint bij schilderen met het uitkiezen van de juiste verf voor jouw klus. Heb je eenmaal de juiste verfsoort, dan weet je ook welke kwast of roller daarbij hoort en wanneer je een nieuwe laag mag aanbrengen. Daarom een overzicht van de verschillende soorten verf, plus tips voor duurzaam schilderen.

Voor elke klus een andere verfsoort

Dat je voor een nieuwe kleur op de muur muurverf en voor het pimpen van een houten kastje lak nodig hebt, dat is bij de meeste thuisklussers wel bekend. Maar binnen die categorieën zijn er zo veel verschillende soorten verf met elk weer een ander resultaat en specifieke manier van aanbrengen, dat we je graag meer uitleg geven. Ook handig voor die andere ‘moetjes’ in huis, zoals het schilderen van de trap, deuren en kozijnen.

Ook lezen: Kleuren kiezen voor in huis: deze trucs en tools helpen je een handje!

©Тимур Конев - stock.adobe.com

Welke soorten muurverf zijn er?

Wanneer de veranderdrang in huis niet meer te temperen is, dan is het schilderen van een muur de meest voor de hand liggende klus: je creëert een heel nieuwe sfeer en het kost je alleen een blik verf, wat gereedschap en uiteraard tijd. Je hebt keuze uit de volgende verfsoorten voor de muur:

  • Latex: dit is de ‘gewone’ muurverf die we allemaal kennen en die je in alle bouwmarkten terugvindt in de schappen. Latex is goed ademende verf, overschilderbaar en toe te passen op de meeste muren. Latex is overigens ook geschikt voor het plafond; dit is namelijk dezelfde verf als op muren.

  • Schrobvaste muurverf: op plekken in huis waar vlekken op de loer liggen, bijvoorbeeld in de keuken of de speelkamer, is het verstandig om te kiezen voor speciale afwasbare verf. In principe is elke geverfde muur met een doekje af te nemen, maar gewone verf verliest al snel zijn matheid en diepe kleur. Schrobvaste muurverf is een acryllatex en doordat hij nauwelijks vocht doorlaat, kun je 'm goed boenen. Let wel: vaak duurt het een week of twee voordat de muur echt schrobvast is, omdat de verf nog moet uitharden. Kijk uit met de blender dus die eerste tijd!

  • Badkamerverf: steeds meer mensen verkiezen een gladde muur boven tegels in de badkamer. Kies in dat geval wel voor speciale badkamerverf – een vinyllatex – die waterafstotend, vochtbestendig en schimmelwerend is. Dat is bijna altijd zijdeglans verf, omdat deze afwerking goed tegen vocht kan. Houd er rekening mee dat de verf goed moet drogen en er meestal twee tot drie lagen nodig zijn. De ruimte is daarom een aantal dagen tot een week niet te gebruiken.

  • Krijtverf: houd je van een matte, poederige en bijna fluwelen uitstraling, dan is krijtverf een goede optie voor de muren. Het is redelijk makkelijk in gebruik en je kunt het ook aanbrengen op oude en andere verflagen. De verf heeft lijm als bindmiddel en daardoor dekt hij goed. Breng krijtverf alleen aan in ruimtes met weinig risico op vlekken, zoals de slaapkamer, want de verfsoort heeft als belangrijk nadeel dat vetten en vloeistoffen makkelijk geabsorbeerd worden. 

  • Kalkverf: vaak worden de termen krijt- en kalkverf door elkaar gebruikt. Dat zal door het matte eindresultaat komen, maar het zijn verschillende verfsoorten. Kalkverf heeft als belangrijkste bestand (het zal je niet verbazen) kalk en hierdoor is de verf ademend, schimmel-, brand- en bacteriewerend, milieuvriendelijk en haalt het ook nog eens CO² uit de lucht. Al met al zorgt dat voor een hoger prijskaartje, maar hoef je geen groot schildertalent te hebben. Je brengt de verf namelijk losjes aan voor een wat ‘wolkerig’ effect.  

  • Tadelakt of beton ciré: deze afwerkingen worden vaak gebruikt in de badkamer, maar zijn eigenlijk geen verfsoorten. Tadelakt is Marokkaans stucwerk met een mat, krijtachtig eindresultaat en het wat stoerdere beton ciré is betonstuc die met twee componentenlak waterdicht wordt gemaakt. Voor allebei geldt dat je er als amateurklusser beter niet zelf aan kunt beginnen. Net als gewoon stucwerk is het echt een vak en een specialist weet precies hoe je dit goed aanbrengt.

©bogdanhoda

Bereid je schilderklus goed voor door eerst de muren en stopcontacten af te plakken. Dat kost tijd, maar het eindresultaat mag er zijn.

Wat voor soort verf gebruik je voor hout?

Voor het verven van hout – van kast tot kozijn – ga je aan de slag met lak. Er zijn twee soorten lak: op waterbasis (acryl) en op terpentinebasis (alkyd). Verf op terpentinebasis is sterker, maar bevat schadelijke stoffen die verdampen tijdens het schilderen. Verf op waterbasis wordt verdund met water en is daardoor beter voor het milieu en de gezondheid. De glansgraad is wel lager dan bij verf op terpentinebasis. In huis wordt aangeraden alleen acryllak te gebruiken; alkyd kan nog wel buiten worden toegepast omdat de lucht daar sneller vervliegt.

Tip: Bekijk en vergelijk de bekendste verfmerken

Mat, zijdeglans of hoogglans

Er zijn drie soorten afwerkingen voor lak met elk zijn eigen uitwerking, maar ook zijn voor- en nadelen: 

  • Matte lak: kies je voor mat, dan houd je waarschijnlijk van minimale glans en een rustig eindresultaat. Matte lak absorbeert licht, maar reflecteert nauwelijks, waardoor oneffenheden dus bijna niet te zien zijn. Ideaal voor houtwerk dat ouder en niet meer helemaal strak is en het een en ander moet worden gecamoufleerd. Matte lak is wel lastiger schoonmaken en vaak wat poreuzer. 

  • Zijdeglans zit in het midden tussen mat en hoogglans en is de meest gebruikte afwerking. Het is goed dekkend, kleurvast, afwasbaar en reflecteert zonder dat het een al te spiegelend effect heeft. Ideaal voor meubels, maar bijvoorbeeld ook voor het schilderen van kozijnen.

  • Hoogglans lak is de meest harde lak en daardoor ideaal voor hout dat tegen een stootje moet kunnen. De trappen, binnendeuren en deurkozijnen bijvoorbeeld, maar ook dat kastje in de gang waar van alles op belandt en zelfs een badkamermeubel. Hoogglans reflecteert bovendien veel licht en werkt vergrotend op de ruimte. Door het gladde oppervlak is de verf goed te reinigen, maar je ziet daarentegen wel alle oneffenheden in het hout. Goed schuren voordat je gaat schilderen dus!

©Liliia - stock.adobe.com

Kozijnen schilderen? Gebruik dan bij voorkeur hoogglans lak: je hebt er langer plezier van en hoeft dus niet na een paar jaar weer aan de bak.

Verf voor metaal en kunststof

Wil je een metalen locker of een tafel met fineerlaag een nieuwe kleur geven? Dan vereist de ondergrond meestal een andere aanpak dan de standaard muur- en meubelmetamorfoses. Tenminste, de ondergrond verdient extra aandacht: het gebruik van een primer of grondverf is hierbij van groot belang. Kies daarom altijd een primer die geschikt is voor het betreffende materiaal. Het aflakken kun je daarna met gewone matte, zijdeglans of houtlak doen. 

Een radiatior, houtkachel, barbecue of andere metalen objecten die warm worden, hebben wel een speciale hittebestendige verf nodig. Deze lak is bestand tegen extreem hoge temperaturen tot wel 650 graden Celsius. Let wel, deze verf is alleen geschikt voor de buitenkant van deze objecten.

6 tips voor duurzaam schilderen

Geen enkele verf is echt helemaal duurzaam, maar je kunt wel duurzamere keuzes maken. Wat betreft de verfsoort of het verfmerk, maar ook of schilderen echt noodzakelijk is. Een aantal tips:

  1. Is schilderen echt nodig of ziet de muur of het meubel er met een beetje bijwerken ook weer prima uit? Hardhout, metaal en kunststof hebben eigenlijk geen afwerking nodig. Sterker nog: als je eenmaal begint met het schilderen hiervan, heb je juist meer onderhoud.

  2. Ga voor kwaliteit: de samenstelling van de bestanddelen, toegevoegde pigmenten en bindmiddelen bepalen de dekkracht, duurzaamheid, kwaliteit en de manier van aanbrengen van de verf. Hoe beter de kwaliteit, des te langer je plezier hebt van het resultaat. Vaak hangt er een prijskaartje aan kwaliteit, maar uiteindelijk hoef je minder snel over te schilderen, en daar heeft het milieu ook profijt van. Check daarom altijd de dekkingsgraad; deze herken je aan het aantal m2 per liter dat op de verpakking wordt vermeld. Hoe hoger dat getal, des te beter de dekking. 

  3. Gebruik een primer die geschikt is voor het materiaal. Dan hecht de verf beter, heb je langer plezier van het resultaat en hoef je minder lagen lak aan te brengen.

  4. Let op keurmerken voor verf: die zien toe op zo min mogelijk milieubelasting door grondstoffen, schadelijke pigmenten, oplosmiddelen, vluchtige organische stoffen (VOS) en microplastics. Kies een muurverf die niet meer dan 30 gram VOS per liter bevat en houtverf met maximaal 130 gram VOS per liter. Deze informatie vind je terug op de verpakking.

  5. Gebruik altijd verf die bedoeld is voor gebruik door consumenten, want stoffen in industriële verf kunnen schadelijk zijn voor je gezondheid. Let er bij verf uit een spuitbus op dat deze niet de drijfgassen propaan, (iso-)butaan of lachgas bevat.

  6. De laatste jaren kun je steeds meer biobased verf kopen. Dat is verf die voor een groot deel met biobased grondstoffen is gemaakt (100 procent is technisch nog niet mogelijk). Wanneer je wilt weten of er biobased grondstoffen zijn gebruikt, check dan het TüV OK biobased keurmerk.

Kijk voor meer tips over verantwoord verf kiezen op Milieucentraal.nl.

©contrastwerkstatt

Hulp nodig bij het kiezen van de juiste kleur? Gebruik een kleurenkaart of een van de vele handige apps.

Deze apps helpen je met het kiezen van de juiste kleur

Weet je welke soort verf je nodig hebt? Dan volgt de tweede hobbel: het kiezen van de juiste kleur. In de bouwmarkt of bij de verfhandel kun je meestal kleurenkaarten meenemen of een monster op een groter formaat aanvragen, zodat je thuis kunt kijken of die tint op die ene muur in huis nog steeds jouw favoriet is. En toch blijkt het lastig om van dat kleine kaartje een muurgrote voorstelling te maken. Een kleuren-app kan helpen om je wél een goed beeld van het uiteindelijke resultaat te geven. We noemen er een aantal:

  • Flexa Visualizer: een gratis app voor je iPhone of Android-telefoon waarmee je de kamer kunt scannen en die aangeeft welke muur een andere kleur moet krijgen. Je kunt honderden kleuren uitproberen en ziet meteen welk effect het heeft. Ook handig: de app vindt ook de verfkleur die precies overeenkomt met de bank of een detail uit een schilderij.

  • Histor MY Color: een soortgelijke app als die van Flexa. Je kunt met deze app aan de hand van inspiratiebeelden de best matchende kleur vinden en daarna virtueel de kleur op jouw wanden toveren. De app geeft ook suggesties voor goede kleurcombinaties en helpt zo met een persoonlijk kleurpalet.

  • Paint my wall: met deze kleuren-app kun je virtueel schilderen. Zo kun je blijven uitproberen totdat je de mooiste kleurencombinatie gevonden hebt. Je 'schildert' met je vingers op de muren om ze een kleurtje te geven en gumt het zo weer uit als je per ongeluk het halve plafond hebt meegenomen. Was het in echt ook maar zo simpel! Het resultaat kun je daarna delen om te checken wat anderen van je creatie vinden.

Ook de bekende verfmerken Sikkens en Sigma hebben handige verf-apps.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.