ID.nl logo
Weg schilderstress: zo kies je de juiste verfsoort voor jouw klus in huis
© manuta - stock.adobe.com
Gezond leven

Weg schilderstress: zo kies je de juiste verfsoort voor jouw klus in huis

Schilderen is net als je koffers pakken: je denkt dat het zo is gepiept, maar het valt altijd weer tegen. Soms zit dat 'm in je skills, maar veel vaker in de voorbereiding. En die begint bij schilderen met het uitkiezen van de juiste verf voor jouw klus. Heb je eenmaal de juiste verfsoort, dan weet je ook welke kwast of roller daarbij hoort en wanneer je een nieuwe laag mag aanbrengen. Daarom een overzicht van de verschillende soorten verf, plus tips voor duurzaam schilderen.

Voor elke klus een andere verfsoort

Dat je voor een nieuwe kleur op de muur muurverf en voor het pimpen van een houten kastje lak nodig hebt, dat is bij de meeste thuisklussers wel bekend. Maar binnen die categorieën zijn er zo veel verschillende soorten verf met elk weer een ander resultaat en specifieke manier van aanbrengen, dat we je graag meer uitleg geven. Ook handig voor die andere ‘moetjes’ in huis, zoals het schilderen van de trap, deuren en kozijnen.

Ook lezen: Kleuren kiezen voor in huis: deze trucs en tools helpen je een handje!

©Тимур Конев - stock.adobe.com

Welke soorten muurverf zijn er?

Wanneer de veranderdrang in huis niet meer te temperen is, dan is het schilderen van een muur de meest voor de hand liggende klus: je creëert een heel nieuwe sfeer en het kost je alleen een blik verf, wat gereedschap en uiteraard tijd. Je hebt keuze uit de volgende verfsoorten voor de muur:

  • Latex: dit is de ‘gewone’ muurverf die we allemaal kennen en die je in alle bouwmarkten terugvindt in de schappen. Latex is goed ademende verf, overschilderbaar en toe te passen op de meeste muren. Latex is overigens ook geschikt voor het plafond; dit is namelijk dezelfde verf als op muren.

  • Schrobvaste muurverf: op plekken in huis waar vlekken op de loer liggen, bijvoorbeeld in de keuken of de speelkamer, is het verstandig om te kiezen voor speciale afwasbare verf. In principe is elke geverfde muur met een doekje af te nemen, maar gewone verf verliest al snel zijn matheid en diepe kleur. Schrobvaste muurverf is een acryllatex en doordat hij nauwelijks vocht doorlaat, kun je 'm goed boenen. Let wel: vaak duurt het een week of twee voordat de muur echt schrobvast is, omdat de verf nog moet uitharden. Kijk uit met de blender dus die eerste tijd!

  • Badkamerverf: steeds meer mensen verkiezen een gladde muur boven tegels in de badkamer. Kies in dat geval wel voor speciale badkamerverf – een vinyllatex – die waterafstotend, vochtbestendig en schimmelwerend is. Dat is bijna altijd zijdeglans verf, omdat deze afwerking goed tegen vocht kan. Houd er rekening mee dat de verf goed moet drogen en er meestal twee tot drie lagen nodig zijn. De ruimte is daarom een aantal dagen tot een week niet te gebruiken.

  • Krijtverf: houd je van een matte, poederige en bijna fluwelen uitstraling, dan is krijtverf een goede optie voor de muren. Het is redelijk makkelijk in gebruik en je kunt het ook aanbrengen op oude en andere verflagen. De verf heeft lijm als bindmiddel en daardoor dekt hij goed. Breng krijtverf alleen aan in ruimtes met weinig risico op vlekken, zoals de slaapkamer, want de verfsoort heeft als belangrijk nadeel dat vetten en vloeistoffen makkelijk geabsorbeerd worden. 

  • Kalkverf: vaak worden de termen krijt- en kalkverf door elkaar gebruikt. Dat zal door het matte eindresultaat komen, maar het zijn verschillende verfsoorten. Kalkverf heeft als belangrijkste bestand (het zal je niet verbazen) kalk en hierdoor is de verf ademend, schimmel-, brand- en bacteriewerend, milieuvriendelijk en haalt het ook nog eens CO² uit de lucht. Al met al zorgt dat voor een hoger prijskaartje, maar hoef je geen groot schildertalent te hebben. Je brengt de verf namelijk losjes aan voor een wat ‘wolkerig’ effect.  

  • Tadelakt of beton ciré: deze afwerkingen worden vaak gebruikt in de badkamer, maar zijn eigenlijk geen verfsoorten. Tadelakt is Marokkaans stucwerk met een mat, krijtachtig eindresultaat en het wat stoerdere beton ciré is betonstuc die met twee componentenlak waterdicht wordt gemaakt. Voor allebei geldt dat je er als amateurklusser beter niet zelf aan kunt beginnen. Net als gewoon stucwerk is het echt een vak en een specialist weet precies hoe je dit goed aanbrengt.

©bogdanhoda

Bereid je schilderklus goed voor door eerst de muren en stopcontacten af te plakken. Dat kost tijd, maar het eindresultaat mag er zijn.

Wat voor soort verf gebruik je voor hout?

Voor het verven van hout – van kast tot kozijn – ga je aan de slag met lak. Er zijn twee soorten lak: op waterbasis (acryl) en op terpentinebasis (alkyd). Verf op terpentinebasis is sterker, maar bevat schadelijke stoffen die verdampen tijdens het schilderen. Verf op waterbasis wordt verdund met water en is daardoor beter voor het milieu en de gezondheid. De glansgraad is wel lager dan bij verf op terpentinebasis. In huis wordt aangeraden alleen acryllak te gebruiken; alkyd kan nog wel buiten worden toegepast omdat de lucht daar sneller vervliegt.

Tip: Bekijk en vergelijk de bekendste verfmerken

Mat, zijdeglans of hoogglans

Er zijn drie soorten afwerkingen voor lak met elk zijn eigen uitwerking, maar ook zijn voor- en nadelen: 

  • Matte lak: kies je voor mat, dan houd je waarschijnlijk van minimale glans en een rustig eindresultaat. Matte lak absorbeert licht, maar reflecteert nauwelijks, waardoor oneffenheden dus bijna niet te zien zijn. Ideaal voor houtwerk dat ouder en niet meer helemaal strak is en het een en ander moet worden gecamoufleerd. Matte lak is wel lastiger schoonmaken en vaak wat poreuzer. 

  • Zijdeglans zit in het midden tussen mat en hoogglans en is de meest gebruikte afwerking. Het is goed dekkend, kleurvast, afwasbaar en reflecteert zonder dat het een al te spiegelend effect heeft. Ideaal voor meubels, maar bijvoorbeeld ook voor het schilderen van kozijnen.

  • Hoogglans lak is de meest harde lak en daardoor ideaal voor hout dat tegen een stootje moet kunnen. De trappen, binnendeuren en deurkozijnen bijvoorbeeld, maar ook dat kastje in de gang waar van alles op belandt en zelfs een badkamermeubel. Hoogglans reflecteert bovendien veel licht en werkt vergrotend op de ruimte. Door het gladde oppervlak is de verf goed te reinigen, maar je ziet daarentegen wel alle oneffenheden in het hout. Goed schuren voordat je gaat schilderen dus!

©Liliia - stock.adobe.com

Kozijnen schilderen? Gebruik dan bij voorkeur hoogglans lak: je hebt er langer plezier van en hoeft dus niet na een paar jaar weer aan de bak.

Verf voor metaal en kunststof

Wil je een metalen locker of een tafel met fineerlaag een nieuwe kleur geven? Dan vereist de ondergrond meestal een andere aanpak dan de standaard muur- en meubelmetamorfoses. Tenminste, de ondergrond verdient extra aandacht: het gebruik van een primer of grondverf is hierbij van groot belang. Kies daarom altijd een primer die geschikt is voor het betreffende materiaal. Het aflakken kun je daarna met gewone matte, zijdeglans of houtlak doen. 

Een radiatior, houtkachel, barbecue of andere metalen objecten die warm worden, hebben wel een speciale hittebestendige verf nodig. Deze lak is bestand tegen extreem hoge temperaturen tot wel 650 graden Celsius. Let wel, deze verf is alleen geschikt voor de buitenkant van deze objecten.

6 tips voor duurzaam schilderen

Geen enkele verf is echt helemaal duurzaam, maar je kunt wel duurzamere keuzes maken. Wat betreft de verfsoort of het verfmerk, maar ook of schilderen echt noodzakelijk is. Een aantal tips:

  1. Is schilderen echt nodig of ziet de muur of het meubel er met een beetje bijwerken ook weer prima uit? Hardhout, metaal en kunststof hebben eigenlijk geen afwerking nodig. Sterker nog: als je eenmaal begint met het schilderen hiervan, heb je juist meer onderhoud.

  2. Ga voor kwaliteit: de samenstelling van de bestanddelen, toegevoegde pigmenten en bindmiddelen bepalen de dekkracht, duurzaamheid, kwaliteit en de manier van aanbrengen van de verf. Hoe beter de kwaliteit, des te langer je plezier hebt van het resultaat. Vaak hangt er een prijskaartje aan kwaliteit, maar uiteindelijk hoef je minder snel over te schilderen, en daar heeft het milieu ook profijt van. Check daarom altijd de dekkingsgraad; deze herken je aan het aantal m2 per liter dat op de verpakking wordt vermeld. Hoe hoger dat getal, des te beter de dekking. 

  3. Gebruik een primer die geschikt is voor het materiaal. Dan hecht de verf beter, heb je langer plezier van het resultaat en hoef je minder lagen lak aan te brengen.

  4. Let op keurmerken voor verf: die zien toe op zo min mogelijk milieubelasting door grondstoffen, schadelijke pigmenten, oplosmiddelen, vluchtige organische stoffen (VOS) en microplastics. Kies een muurverf die niet meer dan 30 gram VOS per liter bevat en houtverf met maximaal 130 gram VOS per liter. Deze informatie vind je terug op de verpakking.

  5. Gebruik altijd verf die bedoeld is voor gebruik door consumenten, want stoffen in industriële verf kunnen schadelijk zijn voor je gezondheid. Let er bij verf uit een spuitbus op dat deze niet de drijfgassen propaan, (iso-)butaan of lachgas bevat.

  6. De laatste jaren kun je steeds meer biobased verf kopen. Dat is verf die voor een groot deel met biobased grondstoffen is gemaakt (100 procent is technisch nog niet mogelijk). Wanneer je wilt weten of er biobased grondstoffen zijn gebruikt, check dan het TüV OK biobased keurmerk.

Kijk voor meer tips over verantwoord verf kiezen op Milieucentraal.nl.

©contrastwerkstatt

Hulp nodig bij het kiezen van de juiste kleur? Gebruik een kleurenkaart of een van de vele handige apps.

Deze apps helpen je met het kiezen van de juiste kleur

Weet je welke soort verf je nodig hebt? Dan volgt de tweede hobbel: het kiezen van de juiste kleur. In de bouwmarkt of bij de verfhandel kun je meestal kleurenkaarten meenemen of een monster op een groter formaat aanvragen, zodat je thuis kunt kijken of die tint op die ene muur in huis nog steeds jouw favoriet is. En toch blijkt het lastig om van dat kleine kaartje een muurgrote voorstelling te maken. Een kleuren-app kan helpen om je wél een goed beeld van het uiteindelijke resultaat te geven. We noemen er een aantal:

  • Flexa Visualizer: een gratis app voor je iPhone of Android-telefoon waarmee je de kamer kunt scannen en die aangeeft welke muur een andere kleur moet krijgen. Je kunt honderden kleuren uitproberen en ziet meteen welk effect het heeft. Ook handig: de app vindt ook de verfkleur die precies overeenkomt met de bank of een detail uit een schilderij.

  • Histor MY Color: een soortgelijke app als die van Flexa. Je kunt met deze app aan de hand van inspiratiebeelden de best matchende kleur vinden en daarna virtueel de kleur op jouw wanden toveren. De app geeft ook suggesties voor goede kleurcombinaties en helpt zo met een persoonlijk kleurpalet.

  • Paint my wall: met deze kleuren-app kun je virtueel schilderen. Zo kun je blijven uitproberen totdat je de mooiste kleurencombinatie gevonden hebt. Je 'schildert' met je vingers op de muren om ze een kleurtje te geven en gumt het zo weer uit als je per ongeluk het halve plafond hebt meegenomen. Was het in echt ook maar zo simpel! Het resultaat kun je daarna delen om te checken wat anderen van je creatie vinden.

Ook de bekende verfmerken Sikkens en Sigma hebben handige verf-apps.

▼ Volgende artikel
Accupaniek: met deze aanpassingen haal je wél het einde van de dag
© Yuliia
Huis

Accupaniek: met deze aanpassingen haal je wél het einde van de dag

Je laptopaccu lijkt altijd leeg te zijn op het moment dat er nergens een stopcontact te bekennen is. Met de juiste software-instellingen pers je echter makkelijk een uur extra uit je apparaat, zonder dat je daarvoor technisch onderlegd hoeft te zijn. Wij leggen uit aan welke knoppen je precies moet draaien voor maximaal resultaat.

Er is weinig irritanter dan een laptop die in de spaarstand schiet of uitvalt terwijl je in de trein net de laatste hand legt aan een belangrijk document. Veel gebruikers denken bij een snel leeglopende batterij direct dat de hardware versleten is en kijken alweer naar een nieuwe laptop. Vaak is de accu zelf echter nog prima in orde, maar gaat het besturingssysteem slordig om met de beschikbare energie. Fabrieksinstellingen zijn namelijk vaak gericht op maximale prestaties en helderheid, niet op uithoudingsvermogen. In dit artikel leer je hoe je de regie terugpakt en de energievreters in toom houdt, zodat je met een gerust hart de dag doorkomt.

Waar die energie eigenlijk naartoe lekt

Om te begrijpen hoe je accucapaciteit bespaart, moet je eerst weten waar de energie aan opgaat. De twee grootste verbruikers in een laptop zijn vrijwel altijd het beeldscherm en de processor. Het scherm vreet stroom om pixels te verlichten; hoe feller het scherm, hoe sneller de teller tikt. Daarnaast speelt de verversingssnelheid een rol. Veel moderne schermen verversen het beeld 120 keer per seconde (120 Hz). Dat kijkt heel rustig, maar kost aanzienlijk meer rekenkracht dan de standaard 60 Hz.

Onder de motorkap is de processor continu bezig met het verwerken van taken. Een veelvoorkomende misvatting is dat je handmatig alle programma's moet afsluiten om stroom te besparen. Dat is maar ten dele waar, want moderne systemen zijn heel goed in het bevriezen van apps die je niet gebruikt. Wat wél energie kost, zijn achtergrondprocessen die actief blijven synchroniseren, zoals cloudopslagdiensten of mailprogramma's die elke minuut checken op nieuwe berichten. Ook randapparatuur die stroom trekt via de usb-poort, zelfs als je deze niet actief gebruikt, snoept procenten van je lading af.

Besparen tijdens eenvoudige taken

De energiebesparende modus is je beste vriend wanneer je taken uitvoert die weinig rekenkracht vereisen. Denk hierbij aan tekstverwerken, e-mailen, webbrowsen of het invullen van spreadsheets. In deze scenario's heb je de volledige kracht van je processor en videokaart simpelweg niet nodig. Door in Windows of macOS te kiezen voor de energiebesparende modus, klokt de processor zichzelf terug. Hij werkt dan letterlijk iets langzamer, maar voor administratieve taken merk je daar in de praktijk niets van. De letters verschijnen nog steeds direct op je scherm zodra je ze typt.

Daarnaast is dit het moment om eens kritisch naar je schermhelderheid te kijken. Binnenshuis is een helderheid van 50 tot 60 procent vaak meer dan voldoende om comfortabel te kunnen werken. Werk je vooral 's avonds? Dan kan het zelfs nog lager. Ook het uitschakelen van toetsenbordverlichting levert in deze context pure winst op. Het zijn kleine percentages per uur, maar op een hele werkdag maakt dit het verschil tussen wel of niet de oplader moeten pakken.

©PXimport

Prestaties boven accuduur

Er zijn momenten waarop je de batterijbesparingsinstellingen beter uit kunt laten, of zelfs agressief moet vermijden. Zodra je aan de slag gaat met zware grafische taken, zoals videobewerking, 3D-rendering of serieuze gaming, werkt een besparingsmodus averechts. De software knijpt de toevoer van stroom naar de componenten af, wat resulteert in een haperend beeld, trage exporttijden en een frustrerende gebruikservaring.

In deze gevallen heeft de hardware ademruimte nodig om te kunnen presteren. Als je probeert te gamen op een besparingsstand, zal het systeem de prestaties van de grafische chip zo ver terugschroeven dat het spel onspeelbaar wordt. Bovendien duurt het renderen van een video in spaarstand veel langer, waardoor het scherm en de schijf langer actief moeten blijven, wat onderaan de streep soms zelfs méér energie kost dan een korte piekbelasting op vol vermogen. Hier geldt: efficiëntie door snelheid is soms zuiniger dan traagheid.

Situaties waarin instellingen het niet meer redden

Hoewel je met software veel kunt optimaliseren, zijn er harde grenzen waarbij geen enkele instelling je meer gaat redden. Je moet realistisch zijn over de fysieke staat van je apparaat.

Ten eerste is er de chemische degradatie. Als de maximale capaciteit van je accu (ook wel battery health geheten) onder de 70 procent is gezakt, kun je instellen wat je wilt, maar de rek is er fysiek uit. De batterijcellen kunnen de lading simpelweg niet meer vasthouden. Ten tweede is oververhitting een doodsteek voor je accuduur. Als de ventilatoren van je laptop continu staan te loeien omdat de koelkanalen vol stof zitten, kost dat enorm veel energie. Warmte is in feite verspilde energie. Tot slot helpt software niet als je zware externe apparaten zonder eigen voeding aansluit. Een externe harde schijf die zijn stroom via de laptop krijgt, trekt de accu leeg alsof het een rietje in een pakje sap is, ongeacht je schermhelderheid.

Creëer je eigen energieprofiel

Om echt grip te krijgen op je verbruik, moet je de instellingen afstemmen op jouw specifieke gedrag. Begin met de slaapstand-instellingen. Veel mensen laten hun laptop openstaan als ze even koffie gaan halen, waarbij het scherm zomaar tien minuten op volle sterkte blijft branden. Stel in dat het scherm al na twee of drie minuten inactiviteit uitgaat. Dat is de makkelijkste winst die je kunt boeken.

Kijk ook naar je randapparatuur. Gebruik je een externe monitor? Zorg dan dat je laptop zo is ingesteld dat het interne scherm volledig uitschakelt, en niet 'zwart maar aan' blijft staan. Gebruik je veel bluetooth-apparaten? Schakel bluetooth uit als je ze niet gebruikt; het constant scannen naar verbindingen kost stroom. Voor gebruikers met een oledscherm is er nog een extra truc: gebruik een donkere modus. Bij oledschermen verbruiken zwarte pixels namelijk helemaal geen energie, in tegenstelling tot traditionele lcd-schermen waar de achtergrondverlichting altijd aan staat.

Balans tussen snelheid en stopcontact

Het verlengen van je accuduur is uiteindelijk een balansspel tussen comfort en noodzaak. De grootste winst behaal je door de schermhelderheid te temperen en de slaapstand agressiever in te stellen, zodat je geen energie verspilt in de pauzes. Wees niet bang om de energiebesparingsmodus standaard aan te zetten voor alledaags werk; de moderne processors zijn krachtig genoeg om dat zonder haperingen op te vangen. Pas als je merkt dat je laptop traag reageert bij zwaardere taken, is het tijd om de teugels weer iets te laten vieren. Zo bepaal jij hoelang de werkdag duurt, en niet je batterij.

▼ Volgende artikel
Super Mario-medley wint een Grammy
Huis

Super Mario-medley wint een Grammy

Een medley gebaseerd op soundtracks uit Super Mario-games van het Jazzorkest 8-Bit Big Band heeft afgelopen zondagnacht een Grammy gewonnen.

De medley ‘Super Mario Praise Break’ won een Grammy Award voor beste arrangement (instrumentaal of a capella). In de medley zijn nummers als Gusty Garden Galaxy uit Super Mario Galaxy en Bomb-Omb Battlefield uit Super Mario 64 te horen.

De 9-Bit Big Band is afkomstig uit New York en heeft al eens eerder een Grammy gewonnen voor gamemuziek. In 2022 won het orkest een Grammy voor het nummer Meta’s Knight’s Revenge uit de SNES-game Kirby Superstar.

View post on X

De Grammy Awards

De Grammy Awards worden al sinds 1959 georganiseerd en worden gezien als een van de belangrijkste prijzen voor muziek ter wereld. Ze worden vaak vergeleken met de Oscars, die worden uitgereikt aan films. Dit jaar won Bad Bunny de prijs van album van het jaar, en ging Billie Eilish er vandoor met een Grammy voor nummer van het jaar. Overigens won Austin Wintory een Grammy in de categorie beste gamesoundtrack voor de soundtrack van Sword of the Sea.

De Super Mario-reeks van Nintendo valt op diverse spelcomputers van het bedrijf te spelen, waaronder de Nintendo Switch 2 en Nintendo Switch. Onder de meest recente grote hoofddelen vallen Super Mario Wonder en Super Mario Odyssey.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.