ID.nl logo
Windows 10 S - Al je eitjes in het Microsoft-mandje
© Reshift Digital
Huis

Windows 10 S - Al je eitjes in het Microsoft-mandje

Windows 10 S is een nieuwe versie van Windows 10, naast de bestaande Windows 10 Home- en Pro-versies. Windows 10 S moet veiliger en energiezuiniger zijn, maar daar betaal je qua functionaliteit een hoge prijs voor. Of dat de moeite waard is lees je in deze review.

Windows 10 S doet me erg denken aan Windows RT, dat tegelijkertijd met Windows 8 verscheen en destijds (2012) draaide op de eerste Surface-tablet. Windows RT was een Windowsversie die ontwikkeld was om op ARM-processoren te draaien, die doorgaans te vinden zijn in smartphones en tablets. Deze processoren mogen dan wel een stuk energiezuiniger zijn, ze zijn echter niet in staat traditionele Windowsprogramma’s te draaien. Windows RT kon daarom alleen apps uit de lege schappen van de nieuwe Store installeren. Windows RT flopte uiteindelijk erger dan Windows 8.

Windows 10 S heeft veel gelijkenissen met Windows RT - en Windows 10 natuurlijk. Ook in deze Windowsversie is het niet mogelijk om je vertrouwde programma’s (Win32) buiten de Store om te installeren. Wederom ben je afhankelijk van apps uit de Store. Zo kan Windows energiezuiniger te werk, mede dankzij het feit dat Win32-programma’s zich als achtergrondproces een stuk dieper in het systeem kunnen nestelen, in tegenstelling tot apps. Eveneens is het zo voor malware een stuk lastiger om Windowssystemen te infecteren.

Verschil is er ook. Windows 10 S is niet gebonden aan ARM-processoren, en kan daardoor geüpgraded worden naar een andere Windows 10-versie, waarbij je wel weer gewoon buiten de Store om programma’s mag installeren. Ook heeft de Store enkele jaren de tijd gehad om te rijpen. Maar is de tijd wel rijp voor zo’n Windowsversie?

Wens of gebruikersbehoefte?

Tijdens het testen vroeg ik me echter al heel snel af wat het bestaansrecht is van Windows 10 S. Het concept van deze Windowsversie lijkt meer de wens van Microsoft om mensen te binden aan de eigen diensten en applicatiewinkel, niet zozeer de behoefte van de gebruiker. Deze wens is praktisch toegedekt met een sluier van de enige voordelen: veiligheid en energiezuinigheid.

Want Microsoft-diensten, daar ben je met Windows 10 S wel aan gebonden. Al deze diensten zijn gewoon aanwezig, zoals je van Windows 10 gewend bent. OneDrive, OneNote, Skype, et cetera. Maak je gebruik van Office, dan kun je (sinds kort, gelukkig) het Office 365-pakket uit de Store plukken. Heb je al je eieren in het Microsoft-mandje liggen en installeer je weinig toepassingen? Dan biedt Windows 10 S veel voordelen.

Je moet Windows 10 S eigenlijk ook meer beschouwen als Microsoft’s versie van Chrome OS.

-

Verchroomd

Je moet Windows 10 S eigenlijk ook meer beschouwen als Microsoft’s versie van Chrome OS. Het besturingssysteem van Google, dat op vele (voornamelijk goedkope) Chromebooks draait. Vooral in het onderwijs hebben deze Chromebooks een plekje veroverd. Bij Chrome OS wordt je in een warm bedje van Google-diensten gelegd, updates gaan automatisch en installaties zijn alleen mogelijk vanuit een gecureerde winkel, wat de snelheid en veiligheid weer ten goede komt. In grote lijnen vergelijkbaar met Windows 10 S dus.

Maar toch voelt het alsof je met een gemankeerde machine werkt. Dat komt vooral omdat je juist gewend bent aan de vrijheid als je met Windows werkt en een enorm aanbod van software. De pijn de beperkingen wordt op Chrome OS nog enigszins opgevangen door een goede browser met uitgebreid extensie-aanbod. Dat is precies het pijnpunt van Windows 10 S: de browser en applicatiewinkel zijn absoluut nog niet klaar voor een besturingssysteem dat er afhankelijk van is.

©PXimport

©PXimport

Gewenning

Windows is zoveel beter of productiever dankzij de programma’s van anderen. Programma’s die je 99 van de 100 keer niet als app in de Store terugvindt. Voor mij persoonlijk gaat dat nog een trapje verder: Windows 10 is voor mij pas werkbaar na de installatie van Chrome en Classicshell, omdat de Edge tekortschiet als browser en de tegeltjes van het startmenu me een doorn in het oog zijn. Maar het is wel het enorme aanbod van tools van derden die Windows nodig heeft, door de installatiemogelijkheid weg te snijden voelt het een beetje alsof je met een Zwitsers zakmes werkt waar alleen de kurkentrekker nog op zit.

Het voelt een beetje alsof je met een Zwitsers zakmes werkt waar alleen de kurkentrekker nog op zit.

-

Het aanbod in de Store schiet nog altijd zeer heftig tekort voor Windows om hierop te leunen. Dat het applicatie-aanbod wel goed gaat komen, hoor ik al jaren. Maar het geloof hierin is bij mij echter verwelkt. Google-toepassingen? Vergeet het maar. Ook kon ik geen fatsoenlijke vervangers vinden voor andere programma’s die ik dagelijks gebruik, zoals Paint.net, Irfanview, Classicshell, Steam (en z’n games), WhatsApp en zoveel meer. Gelukkig heeft Microsoft er wel voor weten te zorgen dat Office beschikbaar is voor Windows 10 S. Maar tot mijn grote frustratie alleen het hele pakket, waaronder dus ook Acces, Publisher, OneNote... Terwijl ik eigenlijk alleen Word, Excel en Outlook gebruik.

Overigens is het mogelijk om gratis apps uit de Store te halen zonder dat je daarvoor hoeft in te loggen met een Microsoft-account. Dat is erg prettig en logisch eigenlijk, waarom kunnen de applicatiewinkels van Android en iOS dit niet gewoon?

Wanneer je hardware aansluit worden de drivers hier gelukkig ook (automatisch) gewoon voor geïnstalleerd. Mits de hardware wel geschikt is voor Windows 10 natuurlijk.

©PXimport

Browsergemis

Ook is de browser van Windows 10 (Edge) nog lang niet klaar voor de taak als standaardbrowser. Ik mis synchronisatie met m’n andere apparaten, een uitgebreid extensie-aanbod en het is functioneel tamelijk beperkt. En zo snel en zuinig als Microsoft claimt (vergeleken met andere browsers in Windows 10) ervaar ik Edge gewoonweg niet.

Een ander nadeel van Windows 10 komen we ook weer tegen: bloatware. Daarbij heb ik het niet over de Microsoft-diensten, die kun je verwachten op een besturingssyteem van Microsoft. Maar bloatware als Candy Crush, March of Empires en Royal Revolt zijn gewoonweg vervuiling op een besturingssysteem waar je als gebruiker nota bene al geld voor hebt betaald. De ingebouwde reclame in de Windows Spotlight valt hier ook onder. Gebruikers betalen op deze manier gewoonweg dubbel.

©PXimport

Doelgroep

Tot nu toe een behoorlijk kritisch verhaal van iemand voor wie Windows 10 S niet werkbaar is. Maar het besturingssysteem is niet de miskleun die doet vermoeden na het lezen van bovenstaande woorden. Wie graag alles uit z’n machine haalt, zal hetzelfde ervaren als ik. Maar voor mensen die niet zo technisch zijn (en daardoor vaak hun Windowssysteem besmetten met malware), werknemers die beperkte toegangsrechten van systeembeheer hebben en studenten die een snel en zuinig apparaat nodig hebben voor Office is Windows 10 S een prima keuze. Er kan immers door de beperkte installatierechten weinig misgaan.

Conclusie

Wie jarenlang met Windows werkt zal erg moeten wennen aan Windows 10 S. Je mist gewoonweg de vrijheid om allerlei handige programma’s te installeren. Maar er is zeker een doelgroep voor, dat heeft Chrome OS al bewezen, want eigenlijk kun je het daar beter mee vergelijken, in plaats van een volwaardige Windowsversie. Toch denk ik dat de tijd nog niet rijp is voor Windows 10 S. Er wordt teveel verantwoordelijkheid gelegd bij een veel te beperkte browser en een applicatiewinkel die ernstig tekort schiet.

Upgrade Heb je een systeem (gekocht) waar Windows 10 S op staat? Dan kun je deze upgraden naar een volwaardige Windowsversie. Hier is geen volledige herinstallatie voor nodig, dus je verliest geen gegevens. Tot 2018 kan dit gratis. Daarna moet je de knip trekken: 79 euro.

©CIDimport

Ondermaats
Conclusie

**Prijs:** Nog niet bekend **Taal:** Nederlands **Website** [www.microsoft.com](https://www.microsoft.com/nl-nl/windows/windows-10-s)

Plus- en minpunten
  • Zuinig
  • Veiliger
  • Office
  • Edge
  • Store-aanbod ondermaats
  • Bloatware
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.