ID.nl logo
Linux Mint-software installeren met Flatpak, Snap en AppImage
© Reshift Digital
Huis

Linux Mint-software installeren met Flatpak, Snap en AppImage

In deze workshop bespreken we drie alternatieven voor Programmabeheer van Linux Mint: Flatpak, Snap en AppImage. Linux Mint-software installeren kan ook op deze manieren!

Flatpak

We beginnen met Flatpak, dat sinds versie 18.3 standaard geïnstalleerd is in Linux Mint. In het startscherm van Programmabeheer klik je rechtsonder op de Flatpak-knop om de lijst van beschikbare apps te tonen. Helaas is die niet verder onderverdeeld in categorieën, al kun je de lijst uiteraard doorzoeken op trefwoorden. Flatpak werkt achterliggend ook met repositories. De standaard reposity is FlatHub. De website flathub.org/apps biedt een gebruiksvriendelijkere methode om de apps in die repository door te bladeren. Heb je een leuke applicatie gevonden op die website? Klik dan op Install om het .flatpakref-bestand te downloaden en te openen in Programmabeheer. Daar klik je nogmaals op Installeren om de installatie te starten.

Flatpak gebruikt eigenlijk ook een soort afhankelijkheden, zij het minder granulair dan een klassieke package manager. Zo installeert de Flatpak Gimp-app bijvoorbeeld een afzonderlijke Flatpak-app met het volledige Gnome-platform. Gnome-apps die je via Flatpak installeert, gebruiken dan gedeelde Gnome-bibliotheken. Je hebt dus nog steeds twee Gnome-installaties op jouw systeem (één van Mint zelf en één van Flatpak), maar dat is natuurlijk al beter dan pakweg vijf installaties.

Flathub bevat zo’n 850 applicaties, zowel nieuwere versies van applicaties uit Linux Mint’s repository als extra applicaties. Flatpak-apps verschijnen netjes naast bestaande apps in het startmenu en krijgen ook automatisch updates. Installeer je een nieuwere versie van een bestaande app? Dan verwijder je het beste de oudere versie, anders heb je twee identieke snelkoppelingen in het startmenu. Uiteraard kunnen ontwikkelaars ook Flatpak-apps aanbieden buiten Flathub om of via een eigen Flatpak-repository.

©PXimport

Snap

De Snap package manager – Ubuntu’s alternatief voor Flatpak – is beschikbaar vanaf Linux Mint 18.2, maar je moet die wel nog installeren. Open Programmabeheer en installeer het snapd-pakket. Software vind je in de Snap Store op snapcraft.io/store. Standaard bevat Linux Mint geen grafische applicatie om Snap-pakketten (kortweg snaps) te zoeken of te installeren. Klik je op Install in de Snap Store-webpagina, dan krijg je een commando om te kopiëren in een terminalvenster. Bijvoorbeeld:

sudo snap install gimp

Maar dat los je op door de Snap Store te installeren via het snap-commando:

sudo snap install snap-store

Daarna start je die via Beheer / Snap-winkel. (Tijdens onze test moesten we even uitloggen en opnieuw inloggen om de menu-entries voor snaps te zien.) De Snap Store bevat ongeveer drie keer zoveel pakketten als Flathub. Let wel goed op als je onbekende programma’s installeert, want je vindt zelfs Windows-programma’s terug die via Wine draaien. Dergelijke programma’s zijn verre van ideaal om onder Linux te gebruiken, tenzij je écht niet zonder die ene specifieke applicatie kan.

Een voordeel van de Snap Store is wel dat je eenvoudig permissies van elke applicatie kunt instellen. Zo kies je bijvoorbeeld per applicatie of die toegang mag hebben tot jouw home directory, verwisselbare opslagmedia (zoals een usb-stick) of je printer. Flatpak bevat een gelijksoortig permissiesysteem, maar dat is momenteel alleen via de commandline aan te passen. Ook snaps worden automatisch up-to-date gehouden.

©PXimport

AppImage

AppImage is niet echt een package manager voor Linux, maar eerder een bestandsformaat voor zogenaamde ‘single file applications’. Een AppImage-applicatie hoef je zelfs niet te installeren: je downloadt een bestand, maakt het executable en start de applicatie. AppImages vergelijk je nog het beste met de bekende PortableApps voor Windows. Er is dus geen applicatie om apps te installeren en eigenlijk zelfs geen centrale repository met alle apps. Op appimage.github.io/apps vind je wel een – waarschijnlijk onvolledig – overzicht van beschikbare AppImages met links naar de downloadpagina’s.

AppImage lijkt vooral een populaire keuze te zijn voor hobby-programmeurs die hun applicaties snel beschikbaar willen maken voor alle Linux-distributies. Standaard is er nauwelijks integratie met de rest van je systeem: geen snelkoppelingen in het startmenu en geen manier om AppImages te updaten. Daarvoor moet je appimaged en AppImageUpdate installeren en configureren. Meer informatie daarover lees je op github.com/AppImage/appimaged en github.com/AppImage/AppImageUpdate.

©PXimport

Veel keuze

Programmabeheer zou nog steeds de eerste keuze moeten zijn om extra software te installeren in Linux Mint. Toch is het goed dat er alternatieven bestaan om nieuwe applicaties -of nieuwere versies van bekende apps- te installeren. Flatpak is het eenvoudigst te gebruiken: het is immers standaard al aanwezig. Vind je de gewenste app niet in terug in de Flathub? Zoek dan zeker ook eens via de website van de Snap Store en installeer die package manager eventueel in Linux Mint. Je kunt probleemloos apps van verschillende package managers naast elkaar installeren, zélfs verschillende versies van dezelfde app.

AppImage is een goed initiatief dat programmeurs eenvoudig toelaat om hun app voor verschillende distributies beschikbaar te stellen. AppImages integreren minder goed in het systeem dan Flatpak-apps of snaps, al kun je dat met een beetje configuratiewerk wel oplossen. Kortom, zowel Flatpak, Snap én AppImage zijn waardevolle aanvullingen op het softwarebeheer in Linux Mint.

▼ Volgende artikel
Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?
© ID.nl
Huis

Dekbed in de wasdroger: helpt een tennisbal echt?

Wanneer je je dekbed gewassen hebt, wil je dat het natuurlijk weer lekker dik en luchtig aanvoelt. Maar wanneer je hem gewoon in de droger gooit, kan de vulling gaan klonteren, zodat er dunne stukken en dikke stukken ontstaan. Dat slaapt niet echt lekker. Om dat te voorkomen, gooien veel mensen er een paar tennisballen bij. Helpt dat echt?

In dit artikel

Je leest wat tennisballen in de droger doen en bij welke dekbedden dat wel of juist minder goed werkt. We leggen uit hoeveel ballen je nodig hebt, waar je op let bij het type tennisbal en waarom voldoende ruimte in de trommel belangrijk is. Ook staan we stil bij alternatieven zoals speciale drogerballen en geven we praktische tips om je dekbed gelijkmatig te laten drogen en mooi in vorm te houden.

Lees ook: 9 veelgemaakte fouten bij het drogen van je was

Wat tennisballen in de droger doen

Tijdens het drogen raken de tennisballen telkens het dekbed. Dat helpt vooral bij dons en veren. Als die nat zijn, blijven ze aan elkaar plakken en zakt de vulling in. Door de constante beweging vallen die samengepakte delen weer uiteen, waardoor de vulling zich opnieuw verspreidt. Zo kan de warme lucht overal beter bij en droogt het dekbed gelijkmatiger. De droogtijd wordt er niet korter van, maar het dekbed komt wel duidelijk voller uit de droger.

Hoe vaak moet je je dekbed eigenlijk wassen?

Een dekbed hoeft niet vaak in de was. Voor de meeste mensen is één tot twee keer per jaar genoeg. Dat komt omdat het meeste vuil (denk bijvoorbeeld aan zweet of huidschilfers) niet in het dekbed zelf terechtkomt, maar in het dekbedovertrek. Dat overtrek was je regelmatig, meestal eens per één à twee weken. Het dekbed blijft daardoor relatief schoon.

Soms is vaker wassen wel logisch. Bijvoorbeeld als je veel zweet in je slaap, last hebt van een huisstofmijtallergie of het overtrek niet zo vaak verschoont. Ook na ziekte of bij zichtbare vlekken is een extra wasbeurt verstandig.

Hoe vaak je kunt wassen, hangt ook af van de vulling. Niet elk dekbed kan namelijk even goed tegen veel wasbeurten. Dons- en verendekbedden kunnen meestal in de wasmachine, mits je het waslabel volgt en ze daarna goed laat drogen. Synthetische dekbedden zijn in dat opzicht wat vergevingsgezinder en kunnen vaak vaker gewassen worden zonder dat de vulling daaronder lijdt.

Twijfel je of wassen echt nodig is? Dan is luchten een goed alternatief. Hang je dekbed regelmatig buiten of bij een open raam. Daarmee kun je een wasbeurt vaak nog maanden uitstellen.

View post on TikTok

Hoeveel tennisballen zijn genoeg?

Met één tennisbal in de wasdroger merk je vaak weinig, zeker bij een groot dekbed. Die verdwijnt al snel in de stof en heeft dan weinig effect. Met twee tot vier ballen werkt het beter, omdat ze het dekbed op meerdere plekken tegelijk in beweging houden. Zolang de ballen vrij kunnen bewegen en niet vast blijven zitten in de vulling, doen ze hun werk.

Kun je elke tennisbal gebruiken bij het drogen van een dekbed in de droger?

iet elke tennisbal is even geschikt. Vooral nieuwe of felgekleurde ballen kunnen bij hogere temperaturen kleur afgeven en kleine pluisjes verliezen van de vilten buitenlaag. Dat komt niet vaak voor, maar het risico is wel aanwezig. Gebruik je oudere tennisballen, dan is de kans hierop kleiner. Wil je dat verder beperken, dan kun je de ballen in een oude witte sok stoppen en die dichtknopen. Het effect blijft grotendeels hetzelfde, al is het iets minder uitgesproken dan met losse ballen.

Speciale drogerballen

Er bestaan ook speciale drogerballen van wol of kunststof. Die zijn bedoeld voor gebruik in de droger en geven geen kleur af. Ze doen hetzelfde als tennisballen: ze zorgen dat het dekbed tijdens het drogen in beweging blijft. Wolballen maken minder lawaai en zijn milder voor stoffen. Stop je je dekbed regelmatig in de droger? Dan kun je beter deze speciale bollen gebruiken in plaats van tennisballen.  

Geef het dekbed genoeg ruimte in de droger

Tennisballen helpen alleen als het dekbed voldoende ruimte heeft om te bewegen. Is de trommel te vol, dan draait alles als één geheel rond en gebeurt er weinig. Wil je grote tweepersoonsdekbedden drogen, dan heb je een droger met een ruime trommel nodig. Heb je die niet zelf? Kijk dan of er een wasserette bij je in de buurt is. Meer ruimte zorgt voor meer beweging en daarmee voor een beter eindresultaat.

Niet elk dekbed kan in de droger

Tennisballen hebben vooral effect bij dons- en verendekbedden. Bij synthetische vulling is dat verschil kleiner en kan de constante beweging van de ballen de vulling na verloop van tijd zelfs vervormen. Wol, zijde en andere natuurlijke materialen mogen meestal helemaal niet in de droger. Check daarom altijd eerst het waslabel voordat je het dekbed in de trommel legt.

Even tussendoor opschudden helpt

Haal het dekbed halverwege het programma even uit de droger en schud het los, alsof je het bed opmaakt. Leg het daarna omgedraaid terug in de trommel. Zo verdeelt de vulling zich opnieuw en kan het dekbed gelijkmatiger drogen.

Wat kun je van het eindresultaat verwachten?

Tennis- of drogerballen zijn vooral een hulpmiddel, geen vervanging voor de juiste drooginstellingen. Droog het dekbed niet te vaak of te heet: kies een lage of middelhoge temperatuur en selecteer een speciaal dons- of beddengoedprogramma als dat op je droger zit. Zorg ook voor voldoende ruimte in de trommel. Als je dan ook nog eens ballen laat meedraaien, heb je er alles aan gedaan om te zorgen dat je dekbed weer lekker vol uit de droger komt!

▼ Volgende artikel
SSD vs. HDD: waarom is een SSD zo veel sneller dan een harde schijf?
© arinahabich
Huis

SSD vs. HDD: waarom is een SSD zo veel sneller dan een harde schijf?

Waarom start een computer met een SSD binnen enkele seconden op, terwijl een oude harde schijf blijft ratelen? Het vervangen van een HDD door een SSD is de beste upgrade voor een trage laptop of pc. We leggen in dit artikel uit waar die enorme snelheidswinst vandaan komt en wat het fundamentele verschil is tussen deze twee opslagtechnieken.

Iedereen die zijn computer of laptop een tweede leven wil geven, krijgt vaak hetzelfde advies: vervang de oude harde schijf door een SSD. De snelheidswinst is direct merkbaar bij het opstarten en het openen van programma's. Maar waar komt dat enorme verschil in prestaties vandaan? Het antwoord ligt in de fundamentele technologie die schuilgaat onder de behuizing van deze opslagmedia.

De vertraging van mechanische onderdelen

Om te begrijpen waarom een Solid State Drive (SSD) zo snel is, moeten we eerst kijken naar de beperkingen van de traditionele harde schijf (HDD). Een HDD werkt met magnetische roterende platen. Dat kun je vergelijken met een geavanceerde platenspeler. Wanneer je een bestand opent, moet een fysieke lees- en schrijfkop zich naar de juiste plek op de draaiende schijf verplaatsen om de data op te halen. Dat fysieke proces kost tijd, wat we latentie noemen. Hoe meer de data op de schijf verspreid staat, hoe vaker de kop heen en weer moet bewegen en wachten tot de juiste sector onder de naald doordraait. Dit mechanische aspect is de grootste vertragende factor in traditionele opslag.

©Claudio Divizia

Flashgeheugen en directe gegevensoverdracht

Een SSD rekent definitief af met deze wachttijden omdat er geen bewegende onderdelen in de behuizing zitten. De naam 'Solid State' verwijst hier ook naar; het is een vast medium zonder rammelende componenten. In plaats van magnetische platen gebruikt een SSD zogenoemd NAND-flashgeheugen. Dat is vergelijkbaar met de technologie in een usb-stick, maar dan veel sneller en betrouwbaarder. Omdat de data op microchips wordt opgeslagen, is de toegang tot bestanden volledig elektronisch. Er hoeft geen schijf op toeren te komen en er hoeft geen arm te bewegen. De controller van de SSD stuurt simpelweg een elektrisch signaal naar het juiste adres op de chip en de data is direct beschikbaar.

Toegangstijd en willekeurige leesacties

Hoewel de maximale doorvoersnelheid van grote bestanden bij een SSD indrukwekkend is, zit de echte winst voor de consument in de toegangstijd. Een besturingssysteem zoals Windows of macOS is constant bezig met het lezen en schrijven van duizenden kleine systeembestandjes. Een harde schijf heeft daar enorm veel moeite mee, omdat de leeskop als een bezetene heen en weer moet schieten. Een SSD kan deze willekeurige lees- en schrijfopdrachten (random read/write) nagenoeg gelijktijdig verwerken met een verwaarloosbare vertraging. Dat is de reden waarom een pc met een SSD binnen enkele seconden opstart, terwijl een computer met een HDD daar soms minuten over doet.

©KanyaphatStudio

Van SATA naar NVMe-snelheden

Tot slot speelt de aansluiting een rol in de snelheidsontwikkeling. De eerste generaties SSD's gebruikten nog de SATA-aansluiting, die oorspronkelijk was ontworpen voor harde schijven. Hoewel dat al een flinke verbetering was, liepen snelle SSD's tegen de grens van deze aansluiting aan. Moderne computers maken daarom gebruik van het NVMe-protocol via een M.2-aansluiting. Deze technologie communiceert rechtstreeks via de snelle PCIe-banen van het moederbord, waardoor de vertragende tussenstappen van de oude SATA-standaard worden overgeslagen. Hierdoor zijn snelheden mogelijk die vele malen hoger liggen dan bij de traditionele harde schijf.

Populaire merken voor SSD's

Als je op zoek bent naar een betrouwbare en snelle SSD, is er een aantal fabrikanten dat de markt domineert. Samsung wordt door velen gezien als de marktleider op het gebied van flashgeheugen en staat bekend om de uitstekende prestaties van hun EVO- en PRO-series. Daarnaast is Western Digital (WD) een vaste waarde; dit merk heeft de transitie van traditionele harde schijven naar SSD's succesvol gemaakt met hun kleurgecodeerde (Blue, Black en Red) series voor verschillende doeleinden. Ook Transcend is een uitstekende keuze; dit merk staat al jaren bekend om zijn betrouwbare geheugenproducten en biedt duurzame SSD's die lang meegaan. Tot slot bieden merken als Kingston en Seagate betrouwbare alternatieven die vaak net iets vriendelijker geprijsd zijn, zonder dat je daarbij veel inlevert op stabiliteit.