ID.nl logo
Apple iMac 27 inch (2020) – Een indrukwekkend afscheid?
© Reshift Digital
Huis

Apple iMac 27 inch (2020) – Een indrukwekkend afscheid?

Nog altijd is de Apple iMac de bekendste all-in-one-pc. Traditiegetrouw heeft Apple de iMac ook dit jaar weer vernieuwd. Wat is er nieuw aan de 2020-uitvoering van de 27 inch iMac en wat is er hetzelfde gebleven?

Het begint een beetje saai te worden, maar over de behuizing kan ik net als vorig jaar vrij kort zijn: Apple heeft (op het optionele matte scherm na) niets veranderd aan het uiterlijk van de iMac. Je kunt een uitvoering met het standaard glanzende scherm uiterlijk dan ook niet onderscheiden van een 2019-uitvoering (of je moet heel goed kijken naar het vrijwel onzichtbare microfoongaatje op de achterkant). Heel erg is dat niet, want ook in 2020 blijft de iMac een fraai ontwerp hebben. Wel ogen de schermranden in 2020 erg ouderwets, zeker ook als je dit vergelijkt met het ontwerp van Apples eigen Pro Display XDR.

©PXimport

©PXimport

De bouwkwaliteit van de aluminium iMac is uitstekend. Alle aansluitingen zijn aan de achterkant geplaatst, iets dat af en toe best onhandig is als je een hoofdtelefoon, SD-kaart of usb-stick wilt gebruiken. Wellicht dat Apple met een nieuw ontwerp komt als de iMac voorzien wordt van een door Apple zelf ontworpen ARM-processor. Apple heeft immers aangekondigd dat alle Macs in de komende twee jaar voorzien zullen worden van een eigen ontworpen ARM-processor. De kans is dan ook erg groot dat dit de laatste iMac met een Intel-processor is en het lijkt me niet ondenkbaar dat een nieuwe architectuur ook een prima moment voor een nieuwe ontwerp is.

Aan de aansluitingen achterop is op het oog niets veranderd. Nog steeds is de iMac voorzien van een 3,5mm-hoofdtelefoonaansluiting, kaartlezer, vier usb-a-poorten, twee Thunderbolt3-poorten (usb-c) en een netwerkaansluiting. De Thunderbolt-aansluitingen zijn ook geschikt voor video-uitvoer. Toch is er een vernieuwing, want het is dit jaar mogelijk om de iMac tegen een meerprijs te voorzien van een multigigabit-netwerkaansluiting met ondersteuning voor 2,5, 5 en 10 Gbit. De draadloze techniek is met Wifi 5 hetzelfde als vorig jaar, helaas zijn er nog geen Macs met Wifi 6. Wel ondersteunt de iMac nu officieel Bluetooth 5.0, maar dat maakt voor de meeste gebruikers geen verschil met bluetooth 4.2.

©PXimport

Onhandige muis

De iMac is standaard voorzien van het Magic Keyboard zonder numeriek toetsenblok en de Magic Mouse 2. Tegen een meerprijs kun je ook kiezen voor de Magic TrackPad 2 en het Magic Keyboard met numeriek toetsenblok. Heel enthousiast ben ik niet over het meegeleverde setje invoerapparatuur. Hoewel de gebaren op Apples muis best handig zijn, ligt de muis niet echt lekker in de hand en mis ik bladerknoppen. Het blijft verder onhandig dat je de muis moet opladen via de onderkant waardoor je de muis niet kunt gebruiken tijdens het opladen. Het toetsenbord is simpel, maar tikt lekker en ik vind een zo plat mogelijk toetsenbord persoonlijk prettig werken.

©PXimport

©PXimport

Moderne specificaties

De iMac is leverbaar in verschillende configuraties waarvan de goedkoopste is voorzien van een Core i5-10500, een processor met 6 cores. Wij ontvingen van Apple de duurste standaardconfiguratie die is voorzien van een Intel Core i7-10700K (8 cores), een 512 GB ssd en een AMD Radeon Pro 5500 XT. Het is op papier een mooie configuratie, alleen de 8 gigabyte ram is in 2020 wel heel karig voor een computer van dit kaliber. Je kunt de iMac met meer ram configureren, maar Apple vraagt hier hoge prijzen voor. Het verdubbelen naar 16 GB ram kost al 250 euro. Gelukkig kun je de 27inch-uitvoering van de iMac via een klepje op de achterkant nog steeds zelf uitbreiden met meer geheugen. Betalen voor Apples upgradeprijzen voor ram zou ik dan ook niet doen, je kunt prima zelf meer geheugen in de iMac prikken.

Een fijne verandering ten opzichte van vorig jaar is dat nu alle varianten standaard voorzien zijn van een ssd met minimaal 256 GB opslag. Tegen (flinke) meerprijzen kun je de iMac behalve met 512 GB zoals in het geteste model ook configureren met 1, 2, 4 en zelfs 8 TB ssd-opslag. Overigens is het 21,5inch-model eventueel nog wel met een Fusion Drive (harde schijf plus kleine cache-ssd) leverbaar voor als je veel opslag wenst, maar standaard heeft ook die uitvoering dit jaar een ssd.

©PXimport

©PXimport

Concurrent voor de iMac Pro

De iMac is nog sterker dan vorig jaar een concurrent voor Apples eigen iMac Pro geworden, zeker de goedkoopste uitvoering van de iMac Pro staat onder druk. De iMac kan nu een 10core-processor bevatten en net als de iMac Pro ook voorzien worden van 10gigabit-ethernet. Zelfs als je de iMac net als de iMac Pro configureert met een 10core-processor, 32 GB ram, een 1 TB ssd, een Radeon Pro 5700 XT en een 10GBit-netwerkaansluiting is de iMac zeker niet goedkoop, maar nog altijd 645 euro goedkoper dan de iMac Pro en vermoedelijk zelfs een stukje sneller. En voor die 645 euro kun je dan weer kiezen voor een mat afgewerkt scherm, een optie die iMac Pro niet heeft. Het lijkt me dan ook niet toevallig dat de introductie van de vernieuwde iMac het einde van de 8core-uitvoering van de iMac Pro betekende.

Thuiswerk-proof webcam

In 2020 blijkt de webcam belangijker dan ooit en het is dan ook fijn dat de iMac dit jaar met een 1080p-camera komt. De kwaliteit van de camera is uitstekend en ook het geluid is verbeterd. De iMac is nu voorzien van drie microfoons: twee worden gebruikt om het gewenste geluid op te pikken terwijl een derde microfoon gebruikt wordt om storende omgevingsgeluiden weg te filteren. De betere beeld- en geluidskwaliteit komt volgens Apple ook doordat de T2-chip nu verantwoordelijk is voor de afhandeling hiervan. Deze chip doet ook dienst als ssd-controller en zorgt voor versleuteling van de gegegevens. De T2-chip doet op andere Macs ook dienst als besturing voor biometrisch inloggen met een vingerafdrukscanner. Helaas heeft de toevoeging van de T2 in de iMac op dat gebied niets nieuws gebracht. De nieuwe door de T2 aangestuurde webcam biedt dus geen gezichtsherkenning voor inloggen zoals iPads, iPhones en steeds meer Windows-pc’s wel bieden. Het meegeleverde toetsenbord biedt dan weer geen Touch ID vingerafdrukscanner die een MacBook Air en Pro dan weer wel hebben. Wellicht een vernieuwing voor volgend jaar?

Uitstekend scherm

Het scherm is hetzelfde als vorig jaar en is een 5K-scherm met een resolutie van 5120 x 2880 pixels. Het scherm heeft een hoge helderheid, goed inkijkhoeken en een uitstekende kleurweergave. Nieuw is de ondersteuning voor True Tone waarbij de kleurtemperatuur verandert op basis van het licht in je ruimte. Af en toe zag ik de kleurtemperatuur wel wat te vaak verspringen als er bijvoorbeeld wolken voor de zon langskwamen. Mocht je last van deze functie hebben, dan kun je True Tone via de instellingen uitschakelen, hetzelfde geldt voor de automatische helderheidsregeling.

Een andere vernieuwing is dat het scherm dit jaar voor het eerst voorzien kan worden van een matte afwerking. Het glas met nanotextuur heeft een meerprijs van 625 euro. Prijzig, maar de manier waarop Apple het scherm mat maakt, is wel bijzonder. Het gaat niet om een matte laag die op het scherm is geplakt, maar om microscopische krasjes in het glas die het licht zo verstrooien dat het beeld mat wordt. Glas met nanotextuur is verder alleen verkrijgbaar op Apples Pro Display XDR, de iMac Pro is dus niet met deze optie leverbaar. Helaas was het testmodel dat ik van Apple ontving voorzien van een scherm voorzien van de normale glanzende afwerking, dus ik kan hier verder niets over zeggen.

Prestaties

De Core i7-10700K is een krachtige processor en dat is te zien in de benchmark Geekbench 4. De geteste iMac scoort in de single-core-test 6256 punten en in de multi-core-test 32459 punten. Daarmee is het 2020-model in de Core i7-uitvoering grofweg net zo snel als het 2019-model voorzien van Core i9-processor. Voor de volledigheid: in de nieuwere benchmark Geekbench 5 wordt een single-core-score van 1260 en een multicore-score van 7565 neergezet. De single-core-score is sneller dan iedere iMac Pro die te koop is, de multi-core-score komt in de buurt van de 8core-uitvoering van de iMac Pro die sinds de introductie van de 2020-uitvoering van de iMac logischerwijs niet meer te koop is. De 10core-uitvoering van de iMac Pro is in de multi-core-test nog wel wat sneller.

Apple staat bekend om zijn uitstekende ssd’s en de iMac vormt dit jaar geen uitzondering. De ssd heeft een leessnelheid van 2347,4 MB/s en een schrijfsnelheid van 2341,6 MB/s. Hiermee ligt de leessnelheid 445 MB/s lager dan vorig jaar, maar de schrijfsnelheid is juist 442 MB/s hoger. Wat mij betreft geen gek compromis.

De iMac is voorzien van een ventilator. Tijdens normale werkzaamheden hoor je die niet. Zet je de iMac echter wat langer intensief aan het werk, dan wordt de ventilator duidelijk hoorbaar. Op zich prettig, een langdurige test in Cinebench R20 laat zien dat de iMac niet veel langzamer wordt als je hem langdurig aan het werk zet. In de eerste run scoort de iMac 4907 multicore-punten terwijl er na 20 keer nog altijd 4825 punten gehaald worden.

Grafisch heeft Apple de iMac een behoorlijke upgrade gegeven. De geteste uitvoering is voorzien van een Radeon Pro 5500 XT. Dit is een kaart die theoretisch wat sneller zou moeten zijn dan de bekendere Radeon RX 5500 XT, maar niet is geoptimaliseerd voor spellen. We hebben Windows geïnstalleerd om de benchmark 3DMark te kunnen draaien en iMac scoort in 3DMark Time Spy een graphics score van 4612 punten. De algemene score in Time Spy is 4864 punten en de cpu-score 7055 punten. De graphics score is vermoedelijk door de niet voor gaming geoptimaliseerde driver lager dan de score die een normale RX 5500 XT neerzet, die je op zo’n 5400 punten verwacht. De score is vergelijkbaar met wat een AMD Radeon RX 570 neerzet. Vrij recente spellen kun je hiermee in full hd spelen met wat lager ingestelde grafische instellingen. Een lichter spel zoals de het recent uitgebrachte Command & Conquer Remastered draaide zelfs in de volledige 5K-resolutie uitstekend, een indrukwekkende ervaring. De Radeon Pro 5700 XT die je tegen een meerprijs kunt configureren is theoretisch net wat sneller dan de Vega 56 die je in de instapuitvoering van de iMac Pro vindt.

Conclusie

Hoewel Apple de iMac in 2020 wederom niet van een nieuwe ontwerp heeft voorzien, betekent dat niet dat er niks veranderd is aan de iMac. Zo heeft de webcam een grote sprong gemaakt en kun je nu ook kiezen voor multigigabit-ethernet. Samen met de krachtige hardware zoals een 8- of zelfs 10-core-processor is de iMac hiermee wederom een stukje dichter naar de iMac Pro toegekropen. De iMac is simpelweg een prima machine voor de meeste gebruikers die een Mac nodig hebben en zouden we je normaal gesproken zonder twijfel aanraden.

Toch is dat laatste nu lastig, want er is één belangrijke maar: is het momenteel de beste tijd om een nieuwe Apple-computer te kopen? Apple heeft inmiddels aangekondigd dat het alle modellen in de komende twee jaar gaat voorzien van een eigen processor op basis van de ARM-architectuur en de kans is dan ook erg groot dat dit de laatste iMac met een Intel-processor is. Hoewel Apple de x86-computers ongetwijfeld nog jarenlang zal ondersteunen qua os-updates, is het erg aannemelijk dat de modellen voorzien van een eigen processor (software)functies krijgen die de op Intel gebaseerde Macs niet mogelijk zijn. Zo kunnen apps voor de iPad eenvoudig geschikt gemaakt worden voor een Mac voorzien van een Apple-processor, iets dat voor de Intel-architectuur niet zo evident is. Daar staat dan weer tegenover dat je op deze iMac gegarandeerd alle huidige (x86-)software uitstekend kunt draaien en je via Boot Camp ook Windows 10 kunt gebruiken. Vooral dat laatste lijkt niet meer te kunnen op ARM gebaseerde Macs.

Heb je echter nu een computer en in het bijzonder een Mac nodig, dan is de iMac zonder twijfel een fantastisch apparaat.

Uitstekend
Conclusie

**Prijs** € 2599,- (Basisuitvoering vanaf € 2099,-) **Besturingssysteem** macOS Catalina **Beeldscherm** 27 inch Retina 5K-display (5120 x 2880 pixels) **Processor** Intel Core i7-10700K (8 cores, 3,6 GHz) **Geheugen** 8 GB RAM **Grafisch** AMD Radeon Pro 5500 XT (8 GB) **Opslag** 512 GB ssd **Webcam** 1080p FaceTime HD-camera **Aansluitingen** 4x usb 3.0, 2x Thunderbolt 3 (ook DisplayPort), 10/100/1000-netwerkaansluiting (optioneel multigigabit), 3,5mm-hoofdtelefoonaansluiting, SD(XC)-kaartlezer **Draadloos** 802.11.a/b/g/n/ac, bluetooth 5.0 **Afmetingen** 51,6 x 65 x 20,3 cm **Website** [www.apple.com](https://www.apple.com/nl/imac/)

Plus- en minpunten
  • Goede bouwkwaliteit
  • Vlotte hardware
  • Fantastisch scherm
  • Ram uitbreidbaar
  • Goede camera
  • Geen Wifi 6
  • Weinig ram
  • Geen biometrie
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.