ID.nl logo
Eufy by Anker 5-in-1-beveiligingssysteem: goed én goedkoop
© Reshift Digital
Huis

Eufy by Anker 5-in-1-beveiligingssysteem: goed én goedkoop

Zoek je een slim alarmsysteem om je huis te beveiligen? Dan kun je kiezen uit allerlei sets, waaronder een van het minder bekende Anker. In deze Eufy by Anker alarmset review testen we of dit alarmsysteem van 169 euro de beste keuze is.

Anker verkoopt de alarmset voor zo'n 169 euro in Nederland. Dat is een scherpe prijs, want grote concurrent Ring vraagt 299 euro voor zijn Ring Alarm-set en veel andere andere systemen kosten ook meer dan 199 euro. Een deel van de beveiligingssystemen vereist bovendien een maandelijks abonnement om gebruik te kunnen maken van alle functies. Bij de Eufy-set van Anker is dat niet nodig. Zo kom ik bij het eerste voordeel van deze alarmset: je hebt geen bijkomende kosten en dat is wel zo prettig. Bij concurrerende systemen betaal je drie tot tien euro per maand voor bijvoorbeeld cloudopslag. De Eufy-set slaat je gegevens lokaal op, waarover straks meer.

Inhoud van de doos en installatie

De 5-in-1-alarmset bestaat uit een basisstation, een bedieningspaneel, een bewegingsmelder en twee setjes bewegingssensoren. Je hangt de bewegingsmelder op in een ruimte naar keuze. Ik heb hem in de woonkamer opgehangen. De twee setjes bewegingssensoren zijn bedoeld om ieder een raam of deur in de gaten te houden. Ik heb ze op mijn voor- en achterdeur geplakt (aan de binnenkant, uiteraard). Zo registreert de set eventuele ongenodigde gasten die via de bekende wegen mijn huis binnendringen.

©PXimport

De installatie van het alarmsysteem is eenvoudig. Ik was binnen twintig minuten klaar. Download de Eufy-app en volg de stappen om het basisstation te installeren. Bevestig de sensoren op de gewenste plekken en stel het bedieningspaneel in, onder andere door een eigen pincode te kiezen. Je kunt het paneel neerleggen of ophangen. Ik heb hem in de gang opgehangen zodat ik snel mijn pincode kan invullen als ik het huis verlaat of binnenkom. Zo voorkom ik dat het alarm afgaat als de (zelfgekozen) vertragingstijd afloopt.

De sensoren zijn compact en kleiner dan die van Ring Alarm. Het bedieningspaneel is ook kleiner en ziet er naar mijn mening strakker en meer premium uit.

Een minpunt is de slechte verkrijgbaarheid van losse sensoren. Die kun je nodig hebben om meer ramen, deuren of kamers te beveiligen. De sensoren kosten een paar tientjes per stuk, maar zijn minder goed te koop dan de concurrentie. Anker maakt het dus niet aantrekkelijk om het systeem te vergroten.

©PXimport

©PXimport

Dit kan het basisstation

Het basisstation heeft verschillende functies. Ten eerste legt hij de verbinding met de sensoren en is hij op zijn beurt verbonden met je wifinetwerk. Als het basisstation zonder internet zit, werkt je systeem dus niet. Prettig is dat je het - compacte - basisstation via een ethernetkabel kunt aansluiten.

Ook heeft het station een ingebouwde sirene. Gaat het alarm af dan krijg je een melding via de app, maar gaat het station ook loeien. Dat klinkt en is handig, al had ik er meer van verwacht. Want waar de Ring Alarm hard genoeg is om door je buren of voorbijgangers gehoord te worden, mag je met de Eufy-alarmset blij zijn als je de sirene hoort terwijl je boven bent.

Tot slot functioneert het basisstation als opslagmedium. Dat is met name handig als je meer Eufy-domotica hebt, bijvoorbeeld een beveiligingscamera of deurbel. De videofragmenten die ze opnemen, worden dan bewaard op het ingebouwde opslaggeheugen van het station. Hier kun je ook een usb-stick in stoppen.

©PXimport

©PXimport

Alarmset werkt naar behoren

Als je een alarmset koopt om je huis te beveiligen, hoop je 'm nooit echt nodig te hebben. Maar om te testen of hij goed werkt, ben ik meermaals 'vergeten' mijn pincode in te vullen als ik via de voor- of achterdeur thuiskwam en het alarm ingeschakeld was. En ja hoor: na het eindigen van de binnenkomstvertraging, kreeg ik meteen een melding op mijn smartphone en startte de (relatief zachte) sirene in het basisstation. Hetzelfde gebeurde toen ik het alarm had ingeschakeld en vanuit de gang de woonkamer in liep. Op dit vlak heb ik dus niets te klagen.

Smart home-integratie kan beter

Anker kan zijn smart home-integraties wel verbeteren. Het is op dit moment mogelijk om het alarmsysteem te koppelen aan de Google Assistent en Amazon Alexa. Die laatste gebruik ik thuis momenteel niet, de Google Assistent wel. Ik heb via de Eufy-app mijn account gekoppeld aan de Assistent en kan wat basale acties uitvoeren. Echte slimme acties mis ik nog. Zo zou ik graag willen zeggen 'Hey Google, schakel het alarm in', maar dit kan alleen via het bedieningspaneel of de Eufy-app. Mogelijk komt hier later verandering in.

De Eufy-app is gelukkig erg gebruiksvriendelijk, biedt genoeg instellingen en werkt naar behoren.

©PXimport

©PXimport

Conclusie: Eufy by Anker alarmset kopen?

Ik vind het Eufy by Anker 5-in-1-alarmsysteem een goede keuze als je een betrouwbaar alarmsysteem onder de 199 euro zoekt. Extra prettig is dat deze set geen bijkomende kosten kent in de vorm van een abonnement. Het voornaamste nadeel is voor mij de slechte verkrijgbaarheid van aanvullende sensoren, die je misschien wel wilt kopen om je huis optimaal te beveiligen. Hopelijk komt hier nog verandering in. Voor nu is het goed om te weten dat het alarmsysteem gebruiksvriendelijk is en doet wat hij belooft.

Uitstekend
Conclusie

**Prijs** € 169,- **Sensoren** 2x contactsensor, 1x bewegingssensor **Geluid** Ingebouwde sirene in basisstation **Overig** Bedieningspaneel, basisstation **Extra's** Smart home-integratie, geen abonnement nodig **Website** [eufylife.com](https://www.eufylife.com/uk)

Plus- en minpunten
  • Installatie- en gebruiksgemak
  • Geen maandelijks abonnement nodig
  • Prettige app
  • Prijs-kwaliteitsverhouding
  • Smart home-integratie kan beter
  • Losse sensoren matig verkrijgbaar
  • Sirene is niet heel luid
▼ Volgende artikel
Super Mario-medley wint een Grammy
Huis

Super Mario-medley wint een Grammy

Een medley gebaseerd op soundtracks uit Super Mario-games van het Jazzorkest 8-Bit Big Band heeft afgelopen zondagnacht een Grammy gewonnen.

De medley ‘Super Mario Praise Break’ won een Grammy Award voor beste arrangement (instrumentaal of a capella). In de medley zijn nummers als Gusty Garden Galaxy uit Super Mario Galaxy en Bomb-Omb Battlefield uit Super Mario 64 te horen.

De 9-Bit Big Band is afkomstig uit New York en heeft al eens eerder een Grammy gewonnen voor gamemuziek. In 2022 won het orkest een Grammy voor het nummer Meta’s Knight’s Revenge uit de SNES-game Kirby Superstar.

View post on X

De Grammy Awards

De Grammy Awards worden al sinds 1959 georganiseerd en worden gezien als een van de belangrijkste prijzen voor muziek ter wereld. Ze worden vaak vergeleken met de Oscars, die worden uitgereikt aan films. Dit jaar won Bad Bunny de prijs van album van het jaar, en ging Billie Eilish er vandoor met een Grammy voor nummer van het jaar. Overigens won Austin Wintory een Grammy in de categorie beste gamesoundtrack voor de soundtrack van Sword of the Sea.

De Super Mario-reeks van Nintendo valt op diverse spelcomputers van het bedrijf te spelen, waaronder de Nintendo Switch 2 en Nintendo Switch. Onder de meest recente grote hoofddelen vallen Super Mario Wonder en Super Mario Odyssey.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten
Huis

Column: De PlayStation 6 mag nog jaren op zich laten wachten

De PlayStation 6 zou wel eens pas ergens na 2028 uit kunnen komen, zo claimde een analist onlangs. Dat betekent dat we minstens acht jaar met de PlayStation 5 opgescheept zitten. Maar niet getreurd: dat is juist goed nieuws voor de gemiddelde gameliefhebber.

Dat de PlayStation 6 in ontwikkeling is bij Sony, mag voor zich spreken. Nadat een nieuwe spelcomputer is uitgekomen, beginnen consolebedrijven vaak al snel met de research voor diens opvolger. Onderzoek naar de juiste specificaties en features van consoles beslaat vaak meerdere jaren, om nog maar te zwijgen over het maken van afspraken met bedrijven die de componenten daadwerkelijk leveren, en natuurlijk het produceren ervan.

Het is dan ook waarschijnlijk dat de specificaties van de PlayStation 6 al geruime tijd vastliggen, en dat Sony intern ook een schatting heeft gemaakt voor een releaseperiode voor de langverwachte console. Misschien was het bedrijf er zelfs van overtuigd dat het de console volgend jaar uit zou kunnen brengen.

Watch on YouTube

Verlengde levenscyclus

Onlangs meldde MST Financial-analist David Gibson dat Sony nu echter overweegt om de PS6 pas ergens na 2028 te leveren. “Sony verwacht dat de levenscyclus van de PlayStation 5 wordt verlengd, en dat de PlayStation 6-release langer op zich laat wachten dan de meesten voorspellen.” Dat zou betekenen dat de PS6 misschien pas ergens in 2029 of zelfs later in de winkels ligt.

De eerdere voorspellingen van ingewijden mikten voorheen vooral op eind 2027 of in de loop van 2028, op basis van wanneer de productie oorspronkelijk zou beginnen. De PlayStation 5 kwam in het najaar van 2020 uit, dus dat zou de console al een levenscyclus van ruim zeven jaar geven voordat de opvolger op de markt komt. Dat is in principe een zeer ruime levensloop voor een spelcomputer, en een release in 2027 of 2028 zou dan ook volkomen logisch zijn.

©PXimport

Stijgende RAM-prijzen

Maar de wereld houdt geen rekening met consolereleases, en gezien de huidige ontwikkelingen is de komst van een PlayStation 6 in 2027 of 2028 helemaal niet zo logisch meer. Dat heeft voor een groot deel te maken met de prijzen van RAM (Random Access Memory), die steeds hoger oplopen. RAM is namelijk in grote getale nodig om de alsmaar populairder wordende AI-assistenten als ChatGPT en Gemini draaiende te houden.

Als gevolg daarvan wordt RAM steeds schaarser en dus duurder, en laten spelcomputers nu ook net RAM nodig hebben. In deze periode een nieuwe spelcomputer uitbrengen zou dan ook betekenen dat de prijs van de console mogelijk erg hoog komt te liggen, wat de verkoop niet bepaalt stimuleert. Een dergelijke ‘valse’ start van de levenscyclus van een spelcomputer is iets dat veel bedrijven willen vermijden.

Ook de importheffingen die de Amerikaanse president Donald Trump op producten die buiten de Verenigde Staten worden gemaakt doorvoert, zorgen voor veel onzekerheid. Eerder moesten de prijzen van diverse spelcomputers, waaronder de PlayStation 5, al stijgen om dit op te vangen. Trump is – unieke politieke ontwikkelingen buiten beschouwing gelaten – de komende jaren nog aan de macht, dus ook dat maakt het uitbrengen van een nieuwe console bepaald geen veilige onderneming. De komende jaren een console lanceren is kortom dus een gigantisch risico, dat Sony volgensgeruchten zo klein mogelijk wil houden.

Trage consolegeneratie

Sony hoopt wellicht dat de economie eind dit decennium kalmeert. Dat zou echter wel betekenen dat we nog meerdere jaren op de komst van de PlayStation 6 moeten wachten. Wat mij betreft is dat niet iets om over te treuren, maar juist goed nieuws. Het geeft ontwikkelaars namelijk de kans om echt alles uit de PlayStation 5 te halen. Een kans die ze hopelijk met beide handen aangrijpen.

Hoewel de PS5 in november van 2020 uitkwam – ruim vijf jaar geleden – heb ik nog altijd het gevoel dat deze consolegeneratie nog maar net is begonnen. De generatie kwam sowieso vrij traag op gang, omdat deze middenin de coronapandemie viel. Dat was ook voor spelontwikkelaars een ingewikkelde tijd waarin halsoverkop naar thuiswerkmogelijkheden gekeken moest worden, waardoor veel games die in ontwikkeling waren vertraging op liepen.

Sony’s eigen game-line-up is de afgelopen vijf jaar ook wat karig geweest. Dat heeft deels te maken met een focus op liveservicegames, waarbij diverse projecten die bij Sony’s meest prominente studio’s in ontwikkeling waren uiteindelijk werden geannuleerd. Denk bijvoorbeeld aan de The Last of Us-multiplayergame die na jaren productie in de prullenbak werd gegooid.

Daarbij is de ‘cross-generation’-periode van deze generatie uitzonderlijk lang. Nog altijd komen diverse games niet alleen op PlayStation 5, maar ook op PlayStation 4 uit. Nu is dat iets wat in de toekomst alleen maar vaker voor zal komen – de grenzen tussen consolegeneraties vervagen en daarmee is het ook makkelijker om de prestaties van games terug of juist op te schalen.

Toch zorgt het er ook voor dat er onder gamers een gevoel groeit dat nog lang niet het uiterste uit de PS5 is gehaald. Er is méér met dat apparaat mogelijk, vooral met de bestaande PS5 Pro in het achterhoofd. Een verlengde levenscyclus voor de console geeft ontwikkelaars de kans om een aantal schitterende spellen af te leveren in de laatste jaren van de spelcomputer – de ontwikkeltijd van games wordt immers ook steeds langer. Met toppers als Grand Theft Auto 6, The Witcher 4 en Intergalactic: The Heretic Prophet nog in het verschiet, is er meer dan genoeg potentie om het de komende jaren uit te zingen met de PS5.

Niet zonder risico’s

Natuurlijk brengt het uitstellen van een consolelancering ook risico’s met zich mee, zowel voor Sony als voor de consument. Het is namelijk helemaal niet zeker dat de wereldeconomie er eind dit decennium beter voor staat. Daarnaast zet het Sony voor een moeilijke keuze: gooit het jaren aan research voor de PS6 weg om de console eind dit decennium met moderne specificaties uit te kunnen brengen, of behoudt het simpelweg de huidige specs zodat deze op release mogelijk al deels zijn verouderd?

De eventuele keuze om de PlayStation 6 uit te stellen zal dan ook niet over één nacht ijs gaan. Het is aan de goedbetaalde mensen in topposities binnen het bedrijf om die knoop door te hakken. Maar puur vanuit mijn eigen, egoïstische liefde voor games gezien, heb ik er totaal geen moeite mee om nog een jaar of drie, vier op de PlayStation 5 te spelen. Laat maar eens zien wat die console nog kan, en blaas ons in 2029 of 2030 weg met een nieuwe consolegeneratie die écht een flinke technologische stap zet!