ID.nl logo
Met deze benchmarktools test je de prestaties van je pc
© Reshift Digital
Huis

Met deze benchmarktools test je de prestaties van je pc

Bij sommige programma’s of taken vallen de prestaties van je systeem toch wat tegen. Ligt het aan de processor of de grafische kaart, de schijf of het intern geheugen? Met benchmarktools kun je deze systeemonderdelen grondig testen. Het wordt duidelijker waar de potentiële bottlenecks zitten en eventueel ook wat je eraan kunt doen.

Tip 01: Synthetisch vs. écht

De term benchmarken verwijst naar het testen van een product waarbij je een of ander referentiepunt gebruikt om aan te geven in hoeverre het geteste product beter of slechter presteert dan andere (vergelijkbare) producten.

Als je naar zulke tools googelt, kom je vaak de term ‘synthetische benchmark’ tegen. Deze tools beschikken over eigen, ingebouwde tests die een bepaalde werklast genereren, waaruit dan een prestatiescore wordt afgeleid.

Een kleiner deel van de testprogramma’s behoort tot de categorie ‘real world’ benchmarks. Die maken gebruik van echte software, zoals die ook door de gebruiker zelf wordt ingezet (denk aan echte games of echte kantoorapplicaties enzovoort) en berekenen op grond daarvan een prestatie-index. Een typisch voorbeeld hiervan zijn testprogramma’s die de grafische kaart testen, die weinig meer doen dan tijdens een live gameplay het aantal frames per seconde bijhouden. Dat is bijvoorbeeld nuttig voor gamers die willen weten hoe goed een bepaalde videokaart presteert bij specifieke games.

©PXimport

Tip 02: UserBenchmark

We beginnen met een synthetische benchmark die de prestaties van verschillende systeemonderdelen kan meten. Surf naar de site www.userbenchmark.com en download de gratis portable tool UserBenchmark. Wanneer je het programma opstart, zie je welke componenten worden getest (waaronder de processor, grafische kaart en de schijven) en krijg je hier ook enige uitleg bij. Zodra je op Run klikt, worden de tests achter elkaar uitgevoerd; zorg wel dat je firewall de verbinding met het internet niet blokkeert. Het hele proces neemt nauwelijks twee minuten in beslag. Je doet er wel goed aan om terwijl de tests lopen, alle andere applicaties en zoveel mogelijk achtergrondprocessen af te sluiten. Dat geldt overigens voor alle benchmarks in het algemeen.

Na afloop krijg je meteen de resultaten te zien. Je krijg te zien hoe goed je eigen systeem presteert als game-pc, desktop en workstation. Hoe hoger het percentage, hoe beter je eigen systeem voor dat type gebruik geschikt is. Via deze link zie je hoe UserBenchmark deze percentages precies berekend worden. Voor het gaming-percentage bijvoorbeeld hanteert men de volgende formule: 25% processor + 50% videokaart +15% ssd + 10% harde schijf, waarbij de processorscore is samengesteld uit 30% singlecore, 60% quadcore en 10% multicore.

©PXimport

Tip 03: Testresultaten

Het loont de moeite wat verder te kijken op de webpagina met de testresultaten. Bij de High level summary krijg je een beschrijving van de prestaties van de diverse systeemcomponenten, vergeleken met andere pc’s die over dezelfde componenten beschikken. Nog lager op de pagina krijg je voor elk onderdeel nog meer details. Bij de processor-score bijvoorbeeld zie je je eigen score evenals de gemiddelde score, en zie je ook de verdeling van de verschillende scores in een grafiek.

Onderaan de pagina, bij de rubriek Custom PC Builder kun je via de link Explore upgrades for this PC nagaan welk prestatie-effect het vervangen van een of meer specifieke componenten zou hebben, en wat dat ongeveer zou kosten. Links vovenaan staan de onderdelen van je eigen pc (Baseline), rechts daarvan de componenten van een mogelijk alternatief (Alternative). Je bepaalt zelf de samenstelling van dit alternatief. Daarvoor klik je linksonder de diverse tabbladen open (zoals CPU, GPU, SSD enzovoort) en geef je bij Change Alternative […] telkens aan welke upgrade je voor elk van deze onderdelen overweegt.

©PXimport

Soms is een hardware-upgrade de snelste weg naar betere prestaties

-

Tip 04: Echte software-test

Terwijl het bij UserBenchmark duidelijk om een synthetische benchmark gaat, werkt de bekende tool PCMark 10 met echte applicaties. PCMark 10 bestaat uit verschillende edities, waaronder een gratis Basic Edition en een betaalde Advanced Edition (27,99 euro). Wij zijn met de betaalde versie aan de slag gegaan.

Start de tool na de installatie op en klik rechtsboven op Benchmarks. Je kunt in principe meteen op Run klikken in de module PCMark 10, maar de knop Details geeft je meer feedback over de testonderdelen. Bovendien kun je op het tabblad Custom run zelf bepalen welke tests je wilt laten uitvoeren.

Je merkt dat PCMark 10 vooral is gericht op het benchmarken van pc’s voor zakelijk gebruik, met items als Video conferencing, Web Browsing, Spreadsheets en Photo Editing. Er is weliswaar ook een onderdeel Rendering and Visualization, maar je kunt beter een meer gespecialiseerde benchmark voor game-pc’s gebruiken (zie tip 8). Een volledige testronde kan makkelijk twintig minuten of langer in beslag nemen. Na afloop krijg je een uitvoerig resultaat van elk onderdeel. De testresultaten kun je bewaren en ook vergelijken met reeds vastgelegde resultaten. Via de knop View online kun je de testresultaten ook naast die van andere systemen leggen.

©PXimport

Tip 05: Services uitschakelen

Vind je de systeemprestaties aan de lage kant, dan lukt het wellicht met de volgende tips om je pc wat vlotter te maken. Begin met uitzoeken welke programma’s er automatisch ee met Windows opstarten. Dat kan via het Windows Taakbeheer (Ctrl+Shift+Esc), maar beter nog met een tool als Autoruns. Je hoeft hier maar het vinkje te verwijderen naast een overtollig item om te zorgen dat het niet langer automatisch opstart.

Controleer ook of er geen overtollige of ongewenste services actief zijn. Open wederom het Windows Taakbeheer en ga naar het tabblad Services. Via de link Services openen kun je vanuit het Eigenschappen-menu het Opstarttype van een specifieke service aanpassen. Onderaan de webpagina vind je aanbevelingen over welke services je eventueel op Handmatig of Uitgeschakeld kunt zetten.

©PXimport

Tip 06: Processor

UserBenchmark en PCMark 10 mogen dan zeer uiteenlopende benchmarks zijn, ze zijn beide bedoeld om een totaalbeeld van een systeem te krijgen. Er zijn echter ook benchmarks die zich specifiek op een bepaald onderdeel richten. Het gratis Cinebench bijvoorbeeld test je processor door een 3D-afbeelding in hoge kwaliteit te renderen. Je hoeft de tool alleen maar te starten en bij CPU op de knop Run te klikken. Even later krijg je de score uitgedrukt in ‘cb’ en de prestaties van je processor worden in een vergelijkende tabel in beeld gebracht. Via File / Advanced benchmark vind je bij CPU (Single Core) nog een Run-knop, die meet de snelheid van individuele processorkernen. De aanduiding MP ratio geeft hierbij de verhouding tussen singlecore en multicore aan.

AIDA64 is een uitgebreide suite voor systeeminformatie en -diagnose, maar ook dit programma heeft uiteenlopende cpu-benchmarks aan boord. Je downloadt een gratis proefversie hier. Start de tool en open de rubriek Benchmark. Daar vind je elf cpu- en fpu-tests (floating point unit). Je hoeft weinig meer te doen, dan op Start drukken. Desgewenst geef je eerst bij Parameters aan hoeveel processorkernen er worden gebruikt en of hyperthreading mag worden gebruikt. Via de F1-toets en de optie Benchmark guide krijg je informatie over elk van deze tests.

©PXimport

Tip 07: Overklokken

Wil je hogere prestaties voor je processor en is vervanging door een krachtiger exemplaar geen optie, dan kun je eventueel overwegen de processor over te klokken. Je laat dan voor en tijdens de verschillende overklok-stapjes een stresstest op je cpu los, bijvoorbeeld met het gratis Prime95 in combinatie met een tool als HWiNFO, zodat je continu de temperaturen van je processor kunt monitoren.

Heb je een moderne uefi-bios in je pc, dan vind je daar wellicht een categorie genaamd overclocking of tweaking of iets dergelijk, mogelijk met kant-en-klare overklokprofielen. Desnoods pas je zelf de multiplier-waarde in kleine stapjes aan. Voor AMD Ryzen-cpu’s download je hiervoor het best de tool Ryzen Master.

©PXimport

Overklokken leidt vaak tot betere prestaties, maar doe je wel op eigen risico

-

Tip 08: Videokaart

Een van de populairste benchmarking tools voor grafische kaarten is 3DMark, afkomstig van dezelfde makers als PCMark. De Basic Edition is gratis en kun je inzetten voor het testen van DirectX 10, 11 en 12. De tool stelt zelf de meest geschikte test voor de gedetecteerde hardware voor, maar je kunt zelf voor andere tests kiezen. In de pdf die je kunt downloaden via deze link staat uitgebreide informatie over de diverse testprocedures.

Een andere bekende tool is Heaven UNIGINE, beschikbaar voor Windows, macOS en Linux. De gratis Basic-versie toont standaard 26 opeenvolgende en grafisch veeleisende scènes, waarbij je zelf allerlei parameters kunt instellen, zoals de api’s OpenGL of DirectX11, anti-aliasing, resolutie enzovoort. Na afloop krijg je de gemiddelde, minimale en maximale fps-waarde te zien, evenals een globale score zodat je met andere systemen kunt vergelijken.

Gebruik je liever een realtime-benchmark die de frames per seconde meet tijdens je game-sessies, dan kun je tools als Fraps en Bandicam overwegen. Deze laatste is een lichtgewicht programma dat zowel met DirectX, OpenGL als Vulkan overweg kan en ook uiteenlopende video- en audiocodecs ondersteunt.

©PXimport

Tip 09: Snellere gpu

Had je graag 60 fps gehaald voor je games, maar schiet je grafische kaart duidelijk tekort, dan kun je nagaan of je over de nieuwste drivers voor je videokaart beschikt. Kijk voor Nvidia-producten hier en voor AMD hier. Controleer tevens of je wel alle patches en bugfixes voor je games hebt geïnstalleerd. Eventueel kun je sommige grafische instellingen wat minder ambitieus instellen, zoals die voor texturen, HDR-effect, schaduwen, motion blur enzovoort.

Geeft dat niet het gehoopte resultaat en is een andere grafische kaart geen optie, dan kun je overwegen ook je gpu te overklokken, met behulp van tools als MSI Afterburner of EVGA Precision X. We hebben hier niet de ruimte dieper op deze materie in te gaan, maar via de links en www.tiny.cc/ocgpu kom je op webpagina’s waar je heel wat concrete instructies vindt. Let op: overklokken doe je altijd op eigen risico.

©PXimport

Tip 10: Schijf en ssd

Met benchmarktools kun je ook de lees- en schrijfsnelheden van ssd’s en harde schijven achterhalen. Een van de bekendste is ATTO Disk Benchmark, die zowel met harde schijven, ssd’s en raid-arrays overweg kan. Je kunt diverse parameters voor de snelheidstests instellen. Je bepaalt niet alleen de blokgrootte (tussen 512 bytes en 8 MB), maar tevens de grootte van de testbestanden (tot 2 GB) en de ‘Queue Depth’ (het maximum aantal lees/schrijf-commando’s dat op een gegeven moment kunnen worden uitgevoerd). Handig is ook dat je via de optie Direct I/O de schijf kunt testen zonder gebruik te maken van systeembuffering of caching. De ingebouwde helpfunctie van de tool geef je hierover verdere informatie.

Ook Crystal Disk Mark is een populaire benchmark, die eveneens geschikt is voor diverse opslagmedia zoals ssd’s, harde schijven en geheugenkaarten. Je bepaalt hier zelf de grootte van het testbestand en de tool voert automatisch zowel sequentiële als random lees- en schrijftests uit.

AS SSD is dan weer specifiek bedoeld voor ssd’s, ook exemplaren met het snelle nvme-protocol. De tool bevat zes synthetische tests voor het meten van de sequentiële en random lees- en schrijfprestaties. Bij één test (de optie 4K-64 THRD) worden de prestaties op willekeurig gekozen 4K-blokken gemeten, opgedeeld in 64 threads zodat je de werking van de ncq-functie kunt nagaan (native command queuing).

©PXimport

Tip 11: Schijf versnellen

Heb je een trage harde schijf, dan levert vandaag de dag het defragmenteren van de harde schijf hoogstwaarschijnlijk weinig prestatiewinst (de meeste besturingssystemen doen dit namelijk al automatisch op de achtergrond). De meest merkbare snelheidswinst boek je wanneer je die door een ssd vervangt.

Heb je een sata-model ssd, check dan zeker de schijfmodus in het bios van je systeem en ga na of die wel staat ingesteld op ahci en niet op ide. Immers, ahci ondersteunt ncq en dat zorgt voor snellere verwerkingen van parallelle lees- en schrijfopdrachten.

Met de gratis tool Disk Alignment Test kun je nagaan of je ssd wel correct is uitgelijnd; normaliter gebeurt dat automatisch als je de schijf met Windows 7 of hoger hebt gepartitioneerd. Desnoods kun je dat nog bijspijkeren met een tool als het gratis MiniTool Partition Wizard Free, waar je dan Align Partition kiest.

Ga voor alle zekerheid ook na of de trimfunctie wel is geactiveerd op je ssd. Open de Opdrachtprompt en voer dit commando uit:

fsutil behavior query disabledeletenotify

Krijg je DisableDeleteNotify = 0 terug, dan is trim inderdaad actief. Is die waarde 1, dan kun je trim alsnog activeren met de opdracht:

fsutil behavior set disabledeletenotify 0

©PXimport

Tip 12: Intern geheugen

Er bestaan verschillende tools waarmee je de prestaties van het intern geheugen kunt meten, waaronder het al eerder vermelde UserBenchmark en AIDA64. Ook PassMark Performance Test (30 dagen gratis proefversie) bevat een uitgebreide module voor zo’n benchmark.

Zodra je bij Memory Mark op Run klikt, start een gecombineerde geheugentest, waarbij zowel database-operaties, leestests, een schrijftest en een latentiecheck worden uitgevoerd. De hele test duurt nauwelijks een minuut en na afloop kun je je eigen testresultaat afzetten tegen systemen met vergelijkbare geheugenmodules.

Ook MemTest86, eveneens van PassMark, is een populaire tool (ook beschikbaar in een gratis versie), maar die is vooral toch bedoeld om het geheugen te stresstesten. Immers, onvolkomen of onbetrouwbaar geheugen kan voor de vreemdste verschijnselen zorgen, zoals onverwachte vastlopers. In een meegeleverde pdf staat hoe je MemTest86 precies kunt inzetten en hoe je de resultaten moet interpreteren.

Laat je in elk geval niet verleiden om een zogenaamde ‘ram booster’ in te zetten. Dat is software die prestatieverbeteringen claimt door “ongebruikt geheugen vrij te maken”. In nagenoeg alle gevallen komt het er gewoon op neer dat nuttige data vanuit het ram-geheugen wordt verplaatst naar het trage wisselbestand op de schijf en daar ben je dus niets mee geholpen.

©PXimport

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.