ID.nl logo
Apple MacBook Air M2 – Eindelijk een fris ontwerp
© Reshift Digital
Huis

Apple MacBook Air M2 – Eindelijk een fris ontwerp

De lancering van de M2-processor is voor Apple reden om de MacBook Air voor het eerst sinds jaren van een nieuw ontwerp te voorzien. De MacBook Air M2 is qua vormgeving in lijn met de duurdere 14- en 16inch-uitvoeringen van de MacBook Pro en heeft onder andere een scherm met notch. Wat is er nog meer veranderd?

De eerste laptop met de M2-processor was de 13inch-uitvoering van de MacBook Pro. Die viel een beetje tegen omdat Apple dezelfde behuizing als de Intel-voorganger gebruikte met onder andere de Touch Bar. Die functie vind je op de topmodellen niet meer terug, waardoor de eerste laptop met M2-processor al bij lancering ouderwets aanvoelde.

Apple heeft de MacBook Air M2 wel van een nieuw ontwerp voorzien dat totaal anders oogt dan we tot nu toe van de MacBook Air gewend waren. Het hoekigere ontwerp met een scherm met inkeping doet denken aan de 14- en 16inch-uitvoeringen van de MacBook Pro die Apple vorig jaar op de markt bracht. 

De behuizing is nog steeds gemaakt van aluminium en de bouwkwaliteit is alleen maar te omschrijven als uitstekend. Het geheel voelt solide aan en nergens is de behuizing in te drukken. 

©PXimport

©PXimport

De MacBook Air is leverbaar in vier kleuren: zilver, champagne, grijs en heel donkerblauw. Ons reviewmodel is uitgevoerd in de champagnekleur die Apple sterrenlicht noemt. Het is een subtiele kleur die dicht tegen zilver aanligt waarop vingerafdrukken niet zichtbaar zijn, iets dat overigens wel het geval schijnt te zijn bij de donkerblauwe kleur. 

Een stijlbreuk met eerdere MacBook Air-laptops is dat de onderkant nu niet meer naar een kant taps afloopt, de laptop is nu net als de MacBook Pro overal even dik. In de praktijk is hij toch dunner dan MacBook Air M1, die was op het dikste punt namelijk dikker. Al met al vinden we het nieuwe ontwerp een verbetering ten opzichte van het vorige model.

MagSafe is terug

Qua aansluitingen houdt Apple het in tegenstelling tot de MacBook Pro minimaal. Je krijg nog steeds twee Thunderbolt-poorten, maar toch win je een aansluiting. Opladen verloopt op dit nieuwe model namelijk via de magnetische MagSafe-aansluiting die net als op de 14- en 16inch-uitvoeringen van de MacBook Pro terug is. Opladen kan overigens ook nog steeds via de Thunderbolt-poorten, handig voor dockingstations. 

Op de Thunderbolt-poort kun je ook een beeldscherm aansluiten, een nadeel is dat de MacBook Air maar één extern scherm ondersteunt. Helaas zijn de twee Thunderbolt-poorten en de laadaansluiting allemaal aan de linkerkant geplaatst. Het had handig geweest om iedere kant van een Thunderbolt-aansluiting te voorzien. Rechts vind je een hoofdtelefoonaansluiting. 

©PXimport

©PXimport

Voor het opladen wordt afhankelijk van de gekozen uitvoering een 30watt-lader met één usb-c-poort (8-core GPU) of naar keuze een 35watt-lader met twee usb-c-poorten of 67watt-lader meegeleverd (10-core GPU) meegeleverd. Dat de al niet goedkope instapper is voorzien van een mindere oplader is een beetje flauw wat ons betreft. 

Tegen een meerprijs van 20 euro kun je ook op het instapmodel voor de 35- of 67watt-lader kiezen. De losse MagSafe-laadkabel is met stof omhuld en daardoor hopelijk minder kwetsbaar voor uitdrogen en scheuren dan laadkabels van oudere MacBooks.

©PXimport

Hoge prijzen

De MacBook Air is met een prijs vanaf 1519 euro een stuk duurder dan zijn voorganger die bij introductie vanaf 1129 euro te koop was (al is dat nu vanaf 1219 euro). Voor die hogere prijs krijg je nog steeds slechts 8 GB RAM en 256 GB opslag. Daarnaast is er een duurdere basisuitvoering van 1869 euro met 8 GB RAM en 512 GB opslag. Die variant heeft een iets andere GPU met 10 in plaats van 8 cores. Wanneer je de variant met 8 GPU-cores met 512 GB opslag configureert, dan kost deze 1749 euro. Ons reviewmodel is de duurdere basisuitvoering voorzien van de M2-processor met een 10-core GPU, 8 GB RAM en 512 GB opslag.

De prijzen van upgrades zijn hoog, iedere stap naar meer RAM of opslag kost je 230 euro. Wanneer je de MacBook Air M2 configureert met 16 GB RAM en 512 GB opslag ben je afhankelijk van de gekozen GPU (8 of 10 cores) 1979 of 2099 euro kwijt. Ter vergelijking: de 14 inch MacBook Pro met 16 GB RAM en 512 GB opslag die een stuk sneller is en een beter scherm heeft, kost 2249 euro. Voor dat prijsverschil krijg je dan een veel snellere laptop. 

De MacBook Air M2 is met identieke specificaties zelfs duurder dan de 13 inch MacBook Pro met M2-processor, die kost voorzien van de 10-core GPU, 16 GB RAM en 512 GB opslag 2079 euro. De MacBook Air M2 is kortom hoog geprijsd, zeker als je meer geheugen wilt dan 8 GB RAM en 256 GB opslag. De vorige MacBook Air met M1-processor is misschien daarom nog altijd te koop als goedkopere optie die met 16 GB RAM en een 512 GB ssd overigens 1679 euro kost.

©PXimport

Toetsenbord en touchpad

Het is prettig werken op de MacBook Air. Het toetsenbord is hetzelfde Magic Keyboard als we eerder op de 16 inch MacBook Pro zagen met als belangrijkste verschil dat het aluminium tussen de toetsen bij de MacBook Air in dezelfde kleur is als de rest van de behuizing. De rij functietoetsen heeft nu dezelfde afmeting als de rest van de toetsen. In de aan-uit-schakelaar is een vingerafdrukscanner verwerkt. 

Het tikcomfort van de toetsen is erg goed en vergelijkbaar met andere recente MacBooks. Vergeleken met veel Windows-laptops heb je wel wat minder travel, maar de klik is dan weer wel relatief goed voelbaar. De toetsen zijn voorzien van verlichting en de intensiteit stel je via het menu onder macOS traploos in, er zijn geen toetsen om de toetsverlichting te regelen.

©PXimport

Onder het toetsenbord vind je een ruime Force Touch-touchpad en die werkt zoals we van Apple gewend zijn uitstekend. De touchpad simuleert een klik waardoor je overal op het oppervlak kunt drukken. De sterkte van de klik kun je instellen en gebaren worden goed herkend. Naast het toetsenbord zijn geen luidsprekeropeningen meer te vinden, de vier speakers zijn verstopt in de behuizing en het geluid komt uit de ventilatieopening bij de schermscharnier. 

De speakers klinken gelukkig nog steeds goed, maar de stereoscheiding is net wat minder goed dan op het vorige model.

©PXimport

Scherm met notch

Het scherm met inkeping, dunnere schermranden en afgeronde schermhoeken bovenaan doet denken aan wat we eerder op de 16 inch MacBook Pro zagen. Toch is het een heel ander scherm. Deze MacBook Air heeft namelijk geen achtergrondverlichting met mini-leds, maar een normale achtergrondverlichting. Het scherm ondersteunt ook geen HDR en heeft een maximale helderheid van 500 nits. Wel is er ondersteuning voor de brede kleurweergave (P3) en wordt ook True Tone dat de kleurtemperatuur aanpast aan de omgeving ondersteund. 

Technisch lijkt het scherm hiermee op het scherm van de vorige MacBook Air. Wel is het scherm met een afmeting van 13,6 inch iets groter en dat komt doordat het scherm iets hoger is. In deze balk is de menubalk van macOS verwerkt met in het midden de inkeping met camera. Op zich win je hierdoor ruimte in macOS, al zijn er wellicht nog programma’s die niet goed met de notch om kunnen gaan. 

Ook als je heel veel programma’s met menubalk-pictogrammen gebruikt ervaar je wellicht wat nadelen van de notch. Zelf hebben we er geen last van gehad en de notch valt bij normaal gebruik niet echt op. Er zit in macOS overigens een workaround voor applicaties die echt niet goed werken met de notch, het beeld wordt dan tijdelijk kleiner geschaald.

©PXimport

Goede camera

Het voordeel van de inkeping is dat Apple een betere Full HD-camera kan plaatsen. Die levert merkbaar een veel beter beeld op dan de 720p-camera in het vorige model en kan ook goed omgaan met lastige lichtomstandigheden. Die 720p-camera van het vorige model was overigens al veel beter dan de camera’s in de doorsnee Windows-laptop, dus dat geldt extra sterk voor deze MacBook Air. Een fijne verbetering, zeker nu videovergaderen meer gebruikt wordt dan ooit. Je bent met deze laptop simpelweg altijd goed in beeld.

©PXimport

Prestaties

In alledaagse werkzaamheden is de nieuwe MacBook Air wat sneller dan zijn al vlotte voorganger. In Geekbench 5 zet de MacBook Air een single-core-score van 1932 en een multi-core-score van 8935 punten neer, dat is vrijwel identiek aan de MacBook Pro met M2-processor en een verbetering ten opzichte van de MacBook Air met M1-processor die 1723 en 7447 punten scoorde. Ook de scores in Cinebench R23 zijn met een multi-core-score van 8628 en een single-core-score van 1581 vrijwel identiek aan de MacBook Pro met M2-processor. 

Maar waar de prestaties van de M2-processor in de actief gekoelde MacBook Pro ook gedurende langere tijd constant bleven, is dat bij de MacBook Air niet het geval. De prestaties vallen in Cinebench met een multi-core-score van 7964 punten duidelijk terug. Bovendien wordt de behuizing bij de langdurige benchmark aan de onderkant voelbaar warm.

Deze laptop is bij alledaagse werkzaamheden dan ook net zo snel als de MacBook Pro M2, maar voor zwaardere taken als videobewerking is de Air minder geschikt. Professionele gebruikers die veel aan foto-en videobewerking doen en langdurige exports maken, kunnen beter kiezen voor bijvoorbeeld de 14 inch MacBook Pro. Een voordeel van de passieve koeling is uiteraard wel dat de MacBook Air nooit een ventilator laat horen.

©PXimport

De ssd in het testmodel is een variant met een opslagcapaciteit van 512 GB en die zet met een lees- en schrijfsnelheid van 2813,5 en 2526,3 MB/s prima prestaties neer. Wel schijnt het zo te zijn dat de uitvoeringen met een ssd van 256 GB flink lagere snelheden heeft, vergelijkbaar met wat we zagen in de MacBook Pro met M2-processor. 

In die laptop haalt de 256GB-ssd een lees- en schrijfsnelheid van van 1611,34 en 1640,18 MB/s. Wellicht maakt dat voor de doelgroep weinig uit, want een ssd van 256 GB is sowieso al krap als je de laptop voor bijvoorbeeld videobewerking wilt gebruiken.

Om de accuduur te meten hebben we een script gebruikt dat geautomatiseerd websites bezoekt. De MacBook Air M2 heeft hiermee een accuduur van 12 uur en 44 minuten. Dat is een goede tijd en een werkdag zonder lader is mogelijk. Wel is de accutijd een stuk lager dan de 15 uur en 29 minuten die de MacBook Pro met M2-processor haalt. Die laptop heeft dan ook een wat grotere accu.

Conclusie

Voor het eerst sinds jaren heeft Apple de MacBook Air van een nieuw ontwerp voorzien en die nieuwe behuizing is wat ons betreft echt een verbetering. De MacBook Air ziet er weer modern uit en de geheel platte vormgeving is handiger om mee te werken. Sowieso is dit een prettige laptop die is voorzien van een goed scherm en fijn toetsenbord. 

Helaas is de MacBook Air een stuk duurder geworden dan het vorige model dat waarschijnlijk daarom ook nog te koop is. Voor die hoge prijs krijg je nog altijd slechts 256 GB opslag en 8 GB RAM. Ook in vergelijking met de MacBook Pro is de Air hoog geprijsd. Zeker als je kiest voor 16 GB RAM en een 512 GB ssd, wordt het prijsverschil met de 14inch-uitvoering van de MacBook Pro bijvoorbeeld relatief klein. 

Die MacBook Pro is niet alleen veel sneller, maar heeft ook een beter en groter scherm. Terwijl voor de werkzaamheden waar deze MacBook Air M2 voor bedoeld is, de MacBook Air met M1-processor ook prima prestaties neerzet.

Goed
Conclusie

**Prijs** Vanaf € 1.519,- (zoals getest € 1.869,-) **Processor** Apple M2-chip (8 CPU-cores, 4 snel en 4 langzaam plus 8 of 10 GPU-cores) **RAM** 8 (getest), 16 of 14 GB **Opslag** 256 GB, 512 GB (getest), 1 TB of 2 TB **Scherm** 13,6 inch (2560 x 1664 pixels) **OS** macOS Monterey **Aansluitingen** 2x Usb-c (Usb 4/Thunderbolt 3), Mag Safe-laadaansluiting, 3,5mm-geluidsuitgang **Webcam** Ja (1080p) **Draadloos** Wifi 6 (2x2), bluetooth 5.0 **Afmetingen** 30,41 x 21,5 x 1,13 cm **Gewicht** 1,24 kilogram **Accu** 52,6 Wh **Website** [www.apple.com](https://www.apple.com/nl/macbook-air-m2/)

Plus- en minpunten
  • Goede accuduur
  • Uitstekende bouwkwaliteit
  • Stille werking
  • Goede camera
  • Goede prestaties voor dagelijks gebruik
  • Prijs(stelling)
  • Specificaties instapmodel
  • Poorten aan één kant
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.