ID.nl logo
Review Apple iMac 24 inch (2023) – Vooral wat sneller
Huis

Review Apple iMac 24 inch (2023) – Vooral wat sneller

Iets meer dan twee jaar geleden bracht Apple de eerste iMac met een eigen M1-processor uit. Die eerste eigen processorgeneratie is inmiddels opgevolgd door de M2- en M3-familie, dus het was de hoogste tijd voor een nieuwe processor. Wij hebben de vernieuwde iMac met M3-processor getest en vertellen je wat er zoal veranderd is.

Uitstekend
Conclusie

Apples vernieuwde iMac is in de praktijk eigenlijk niet veel anders dan de het voorgaande model met M1-processor. Dat is niet zo gek, want de vernieuwde processor is in feite de enige verbetering. Heel erg is dat niet: de iMac blijft de fraaiste all-in-one-pc die je kunt kopen en valt op door zijn uitstekende scherm met hoge resolutie. In de meeste taken is de M3-processor een stuk sneller dan de M1, al maakt het bij normale kantoorwerkzaamheden niet zo veel uit. Het is al met al een prima computer, maar inmiddels begint het wel een beetje vreemd te worden dat ook de duurdere configuratie over slechts 8 GB RAM beschikt. Bovendien heeft zeker de goedkoopste uitvoering te weinig aansluitingen. Verder zou het handig zijn als de voet in hoogte verstelbaar zou zijn.

Plus- en minpunten
  • Stevige en goed afgewerkte behuizing
  • Fraai scherm
  • Goede webcam
  • Snelle processor
  • Goed geluid
  • Standaard maar 8 GB RAM
  • Weinig aansluitingen
  • Niet in hoogte verstelbaar
  • Muis en toetsenbord geen usb-c

Op zich kunnen we kort zijn over de 2023-uitvoering van de Apple iMac 24 inch, want de enige veranderingen zijn een snellere processor, de toevoeging van wifi 6E en bluetooth 5.3. Het uiterlijk is dan ook identiek aan de machine die Apple in 2021 introduceerde. Dit ontwerp gaat een beetje terug naar de roots van de iMac en is net als de allereerste iMac uit 1998 te koop in verschillende vrolijke kleuren: blauw, groen, roze, zilver, geel, oranje en paars. Die laatste drie kleuren zijn alleen beschikbaar in combinatie met duurdere configuraties die zijn voorzien van een iets snellere gpu, twee extra usb-c-poorten en een netwerkaansluiting.

©Jeroen Boer - ID.nl

Aan de voorkant combineert Apple een pastelkleur met een witte schermrand.

Bij elke kleur worden twee tinten op de behuizing gebruikt, want de aluminium kin en voet zijn uitgevoerd in een pasteltint die ook terugkomt op het toetsenbord en muis, terwijl de aluminium achterzijde in een harde kleur is uitgevoerd. Voor deze review ontvingen we een groene variant die we zelf erg fraai vinden.

©Jeroen Boer - ID.nl

De aluminium achterkant is uitgevoerd in een hardere kleur.

Weinig aansluitingen

Het ontwerp van de iMac is verder ongewijzigd en zodoende blijft een van de belangrijkste minpunten helaas intact: de iMac heeft voor een desktop-pc bijzonder weinig aansluitingen. De door ons geteste basisconfiguratie heeft achterop twee usb-c-aansluitingen met ondersteuning voor Thunderbolt 3 en usb 4. Dat is erg karig. Niettemin gaat Apple ervan uit dat je af en toe een poort vrij hebt, want zowel de muis als het toetsenbord laad je met een meegeleverde usb-c-kabel op...

©Jeroen Boer - ID.nl

De instapvariant heeft slechts twee usb-c-aansluitingen.

Kies je een van de duurdere configuraties, dan krijg je nog twee usb-c-poorten (gen 2, tot 10 Gbit/s) extra. Ook zijn de duurdere configuraties voorzien van een gigabit-netwerkaansluiting in de voedingsadapter; die ontbreekt in de basisconfiguratie, waardoor wifi je enige communicatiemogelijkheid is.

Als je de iMac bij Apple zelf bestelt, kun je voor 26 euro extra wel een voedingsadapter met netwerkaansluiting toevoegen. Welke variant je ook kiest, je krijgt alleen usb-c-poorten. Dat is tegenwoordig niet echt een nadeel meer en mocht je toch behoefte hebben aan usb-a, dan zijn er genoeg goedkope adapters verkrijgbaar. Dat de hoofdtelefoonaansluiting op de zijkant geplaatst is, blijft dan weer handig.

©Jeroen Boer - ID.nl

De hoofdtelefoonaansluiting zit op een handige plek aan de zijkant.

Opvallend is de magnetische voedingsaansluiting die je bijzonder eenvoudig aansluit. Ondanks de magneet is de aansluiting niet vergelijkbaar met het MagSafe-systeem dat we van de MacBooks kennen, want de magneet is te sterk om los te schieten als je over het snoer struikelt. Vermoedelijk is de magneet vooral bedoeld om de stekker met relatief veel pinnetjes (er kan immers ook een netwerksignaal doorheen) automatisch in de juiste oriëntatie aan te sluiten.

De behuizing is uiteraard ook voorzien van luidsprekers, en dat zijn er maar liefst zes (vier woofers en twee tweeters) die zorgen voor een uitstekende geluidskwaliteit. De speakers zijn achter de aluminium ‘kin’ geplaatst en stralen hun geluid naar openingen aan de onderkant.

Twee varianten

Zoals gezegd Net als zijn voorganger is de iMac met M3-processor net als zijn voorganger te koop in twee verschillende varianten, die verschillen in de gebruikte M3-chip en het aantal aansluitingen. De prijs van de goedkoopste basisconfiguratie (die er in vier kleuren is) begint bij 1619 euro. Dat is dus een stuk duurder dan de 1449 euro die Apple voor de basisconfiguratie met M1 in 2021 vroeg. Al gold die prijs niet meer, want Apple verhoogde de prijs begin dit jaar al naar 1569 euro.

Voor die hogere prijs krijg je nog steeds een iMac voorzien van 8 GB RAM en een 256GB-ssd. Het goedkoopste model is verder voorzien van een M3-chip met 8-core cpu en 8-core gpu, terwijl de duurdere variant een 10-core gpu heeft. Op deze instapconfiguratie ontbreken verder twee extra usb-c-poorten, een vingerafdrukscanner op het toetsenbord en de netwerkaansluiting op de voeding. Voor die ethernetaansluiting betaal je eventueel 26 euro extra en de vingerafdrukscanner kun je kiezen voor 50 euro extra.

De duurdere variant, die je in zeven kleuren kunt bestellen, biedt daarnaast twee extra usb-c-poorten, een netwerkaansluiting, vingerafdrukscanner en snellere gpu, en begint bij 1849 euro. Voor dat geld krijg je nog steeds een configuratie voorzien van 8 GB RAM en 256 GB opslag. Vooral die 8 GB RAM vinden we op een computer die 1849 euro kost wel magertjes, want achteraf upgraden is er niet bij.

Zelf zouden we toch wel voor minimaal 16 GB RAM (maximaal 24 GB) kiezen, wat een meerprijs van 230 euro met zich meebrengt. Ook een upgrade naar meer opslag is mogelijk vanaf 230 euro, maar als je ruimte tekortkomt kun je dat dankzij de snelle usb-poorten op zich ook wel extern oplossen.

Geen nieuwe muis

Het meegeleverde invoersetje bestaat uit een Magic Keyboard en Magic Mouse 2, waarvan het aluminium is uitgevoerd in dezelfde pastelkleur als de iMac. Op de basisconfiguratie krijg je een toetsenbord zonder vingerafdrukscanner – een mogelijkheid die de duurdere uitvoering wel heeft en bij een basisconfiguratie eventueel mogelijk is voor 50 euro extra. Het toetsenbord tikt fijn, zeker als je een voorkeur hebt voor een plat toetsenbord.

©Jeroen Boer - ID.nl

Het meegeleverde invoersetje heeft dezelfde kleur als de iMac.

Over de meegeleverde muis zijn we minder tevreden; we vinden de platte Magic Mouse 2 niet lekker in de hand liggen. Ook de onderop geplaatste laadaansluiting blijft vreemd. Die laadaansluiting is net als de laadaansluiting op het toetsenbord nog altijd een Lightning-poort, iets dat inmiddels toch wel ouderwets aanvoelt in Apples assortiment. Er wordt dan wel een usb-c-kabel meegeleverd, maar het is eigenlijk toch wel tijd voor een nieuwe variant met daarop een usb-c-poort.

©Jeroen Boer - ID.nl

Zowel het meegeleverde toetsenbord als de muis zijn nog voorzien van de Lightning-aansluiting.

Uitstekend scherm

Er is weinig veranderd aan de iMac, en de M3-variant is dan ook voorzien van hetzelfde 24inch-scherm als zijn voorganger. Erg is dat niet, want het 24inch-paneel met een resolutie van 4480 x 2520 pixels levert een uitstekend beeld. De helderheid kan ook lekker hoog, al heb je dat door de glanzende afwerking soms ook wel nodig.

Boven het scherm is een webcam in de rand verwerkt en dat is een uitstekend exemplaar. De Full-HD-camera levert scherpe en heldere beelden en doet dat ook in wat lastigere lichtomstandigheden. Iets wat nog altijd ontbreekt, is gezichtsherkenning. Een mogelijkheid waar Apple op de iPhone en iPad dankzij vergelijkbare processors juist wel op inzet.

Prestaties

De vernieuwde iMac is tijdens dagelijks gebruik een vlotte computer, waardoor applicaties snel opstarten. Dat is geen heel grote verrassing, want ook de voorganger met M1-processor was al een prettig systeem om op te werken. Maar de M3-processor is weer een stukje sneller dan de M1. Zo heeft deze iMac een Single-Core Score van 2351 punten in Geekbench 5, terwijl zijn voorganger tot 1744 punten kwam. Ook de Multi-Core Score is met 10.730 flink hoger dan de 7726 punten van de M1.

Dat beeld wordt grotendeels bevestigt in Cinebench R23, waar deze iMac 1906 punten in de single-core-test scoort tegenover 1510 punten voor zijn voorganger. Ook de multicore-prestaties zijn met 9767 punten hoger dan de 7364 punten van de voorganger. In toepassingen die de machine langdurig zwaar belasten zakken de deze scores naar 1898 en 7473 punten. Die multi-core-score komt in de buurt van de 7343 punten van de voorganger; voor echt langdurig zwaar werk is deze nieuwe iMac dus niet heel veel sneller dan de M1.

Apple stuurde ons het instapmodel voorzien van een 256GB-ssd. Die ssd is met een lees- en schrijfsnelheid van 1549 en 1700,4 MB/s opvallend veel langzamer dan die in het vorige model. In de iMac met M1-processor scoorde de 256GB-ssd een lees- en schrijfsnelheid van 2837,1 en 2303,4 MB/s. Dat is een ontwikkeling die we de laatste jaren vaker zien bij Apple; ssd’s met relatief weinig opslagcapaciteit worden langzamer doordat er minder geheugenchips nodig zijn. De snelste ssd’s zijn immers zo snel omdat er parallel meerdere geheugenchip tegelijkertijd worden gebruikt. Heel erg is dat ook weer niet, want de ssd is voor vrijwel alle werkzaamheden snel genoeg. De ssd's met meer opslagcapaciteit zullen vermoedelijk sneller zijn.

Conclusie

Apples vernieuwde iMac is in de praktijk eigenlijk niet veel anders dan de het voorgaande model met M1-processor. Dat is niet zo gek, want de vernieuwde processor is in feite de enige verbetering. Heel erg is dat niet: de iMac blijft de fraaiste all-in-one-pc die je kunt kopen en valt op door zijn uitstekende scherm met hoge resolutie.

In de meeste taken is de M3-processor een stuk sneller dan de M1, al maakt het bij normale kantoorwerkzaamheden niet zo veel uit. Het is al met al een prima computer, maar inmiddels begint het wel een beetje vreemd te worden dat ook de duurdere configuratie over slechts 8 GB RAM beschikt. Bovendien heeft zeker de goedkoopste uitvoering te weinig aansluitingen. Verder zou het handig zijn als de voet in hoogte verstelbaar zou zijn.

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.