ID.nl logo
Review Apple Mac mini (2024) – Compacte krachtpatser
© Jeroen Boer - ID.nl
Huis

Review Apple Mac mini (2024) – Compacte krachtpatser

Alle Macs hebben sinds de overgang naar Apples eigen chips inmiddels een fraaie make-over gekregen. Op één uitzondering na: de Mac mini had tot voor kort nog altijd hetzelfde ontwerp dat we al sinds 2011 kennen. Dat verandert met de vernieuwde Mac mini met M4-processors. Behalve nieuwe krachtigere chips is ook de behuizing flink aangepakt en een stuk kleiner geworden. Is de Mac mini hiermee nog steeds een prima mini-pc?

Fantastisch
Conclusie

Hoewel de Mac mini al een prima desktop-pc was, heeft Apple hem in 2024 met het nieuwe ontwerp nog beter gemaakt. Eindelijk krijg je aansluitingen op de voorkant en is de computer van minimaal 16 GB RAM voorzien. Voor de instapconfiguratie betaal je nog steeds 719 euro en daarmee krijg je een computer waarop je gewoon alles soepel kunt doen voor thuisgebruik. De M4-processor is vergeleken met de M2 en M3 een razendsnelle chip en voor wie nog meer kracht nodig heeft, is er de M4 Pro. Wij zouden gewoon voor een Mac mini met M4 gaan. Alleen de opslagcapaciteit van 256 GB is in de instapconfiguratie wellicht wat krap als je met grote bestanden werkt. Uiteraard kun je de Mac mini bij aanschaf upgraden, maar daar betaal je hoge prijzen voor. De aanwezigheid van genoeg snelle usb-c-poorten maakt ook uitbreiden met een flink goedkopere externe ssd prima mogelijk.

Plus- en minpunten
  • Aansluitingen op voorkant
  • Compact ontwerp
  • Veel sneller dan voorgangers
  • Eindelijk 16 GB RAM standaard
  • Kan luidruchtiger dan voorganger zijn
  • Upgrades zijn prijzig
  • Misschien mis je usb-a
  • Aan-uitschakelaar op onderkant vreemd

De Mac mini was eind 2020 een van de eerste Macs die overging naar Apples eigen ARM-processors. Aan het uiterlijk veranderde toen niks: de Mac mini met M1-processor zag er precies hetzelfde uit als zijn Intel-voorgangers in een ontwerp dat Apple al sinds 2011 gebruikte. Ook de introductie van de Mac mini met M2-processor was vorig jaar geen reden tot een nieuw ontwerp, terwijl alle andere Macs met een eigen processor zoals de MacBook Air, iMac en MacBook Pro inmiddels wél van een fris nieuw ontwerp waren voorzien. Driemaal is kennelijk ook bij Apple scheepsrecht, want voor de nieuwe Mac mini met M4-processor voorziet Apple zijn goedkoopste Mac eindelijk van een totaal nieuw ontwerp.

©Jeroen Boer - ID.nl

Op de Mac mini sluit je je eigen toetsenbord, muis en beeldscherm aan.

Op de Mac mini sluit je je eigen toetsenbord, muis en beeldscherm aan.

Zoveel kleiner

Het basisidee blijft hetzelfde: de Mac mini is een compact aluminium kastje waarop je je eigen beeldscherm en invoerapparatuur aansluit. Vergeleken met de vorige Mac mini zijn de afmetingen echter een stuk compacter. Waar de vorige Mac mini 19,7 x 19,7 x 3,58 cm mat, is dat nu slechts 12,7 x 12,7 x 5 cm. De computer is dus iets hoger, maar neemt wel veel minder ruimte op je bureau in beslag (zo'n 41,6 procent van het vorige model). Alle aansluitingen (waarover we verderop meer vertellen) vind je op de voor- en achterkant. Op die achterkant was kennelijk geen plek voor de aan-uitschakelaar, want die is onderop geplaatst. Een beetje vreemde keuze, want hoewel veel gebruikers een Mac niet zullen uitschakelen of aanzetten via het toetsenbord, heb je de knop soms toch nodig. Indrukken kan niet zonder de hele Mac op te tillen en dat voelt toch beetje als een compromis. Ondanks de compacte afmetingen is ook de voeding ingebouwd; een soepel netsnoer zonder randaarde is alles dat nodig is voor de stroomvoorziening.

©Jeroen Boer - ID.nl

De aan-uitschakelaar zit op de onderkant, net als de sleuven voor de koeling.

De aan-uitschakelaar zit op de onderkant, net als de sleuven voor de koeling.

Lekker veel aansluitingen

Functioneel is de Mac mini ook een stuk handiger geworden, want Apple heeft in de vorm van twee usb-c-poorten en een 3,5mm-geluidsaansluiting eindelijk poorten op de voorkant geplaatst. Die twee usb-c-poorten ondersteunen usb 3.2-snelheden tot 10 Gbit/s en zijn dus snel genoeg voor de meeste doeleinden. Het ontwerp doet hierdoor denken aan Apples professionelere Mac Studio, al missen wel de kaartlezer om het echt af te maken.

©Jeroen Boer - ID.nl

Net als de Mac Studio heeft de Mac mini nu poorten op de voorkant.

Net als de Mac Studio heeft de Mac mini nu poorten op de voorkant.

Op de achterkant vind je nog meer aansluitingen in de vorm van drie usb-c-poorten, een netwerkaansluiting en een HDMI-aansluiting. Afhankelijk van de gekozen processor ondersteunen die drie usb-poorten Thunderbolt 4 of 5, in beide gevallen razendsnelle universele poorten die je kunt gebruiken voor snelle dataoverdracht of het aansluiten van een beeldscherm. Een scherm kun je ook via HDMI aansluiten. Het hangt van de gekozen processor af hoeveel schermen je tegelijkertijd kunt gebruiken. Een Mac mini met de M4-processor ondersteunt maximaal drie beeldschermen tegelijkertijd terwijl een Mac mini met M4 Pro maximaal vier beeldschermen kan bedienen. Iets dat mist ten opzichte van de vorige Mac mini zijn de twee usb-a-poorten. Die wisselen we echter graag in voor usb-c op de voorkant. De instapvariant van de Mac mini heeft deze generatie bovendien net zo veel aansluitingen als de duurdere varianten, dus de meeste gebruikers gaan er flink op vooruit. De netwerkaansluiting ondersteunt standaard een snelheid tot 1 Gbit/s. Voor een meerprijs van 115 euro krijg je een 10Gbit/s-aansluiting.

©Jeroen Boer - ID.nl

Op de achterkant sluit je onder andere het netsnoer en je monitor aan.

Op de achterkant sluit je onder andere het netsnoer en je monitor aan.

Eindelijk genoeg RAM

Een fijne trendbreuk – die overigens vanaf nu voor alle Macs geldt die momenteel te koop zijn – is dat de instapconfiguratie van de Mac mini eindelijk van 16 GB RAM is voorzien. De prijs voor de instapconfiguratie is met 719 euro hetzelfde gebleven, waardoor je dus veel meer Mac voor je geld krijgt dan twee weken geleden. Dat geldt overigens ook voor Macs die niet onlangs zijn vernieuwd, zoals de MacBook Air met M2- of M3-processor. Dat Apple je nu geen 230 euro meer vraagt voor een upgrade naar 16 GB RAM komt door de introductie van macOS Sequoia 15.1 dat Apples AI-platform Apple Intelligence naar macOS brengt. Die AI-toepassingen draaien soepeler als een systeem van 16 GB RAM is voorzien. Je kunt Apple Intelligence in Nederland gebruiken als je je Mac instelt op Amerikaans-Engels. Het geheugen upgraden kan uiteraard ook: zo krijg je op een Mac mini met M4-processor voor 230 euro meer 24 GB RAM terwijl je voor 460 euro extra je Mac voorziet van 32 GB RAM. Op een Mac mini met M4 Pro-processor krijg je minimaal 24 GB RAM en kun je voor 460 of 690 euro extra kiezen voor 48 of zelfs 64 GB geheugen. 

Opslag en processors

De goedkoopste Mac mini begint bij 719 euro en is daarvoor uitgerust met een M4-processor met 10 cores, 16 GB RAM en 256 GB opslag. Meer opslag is mogelijk, maar daar betaal je wel een forse meerprijs voor. Zo vraagt Apple op een Mac mini met M4-processor maar liefst 460 euro voor een ssd van 1 TB terwijl 2 TB 920 euro kost. De Mac mini met M4 Pro-processor heeft een prijs vanaf 1669 euro en biedt daarvoor 24 GB RAM en 512 GB opslag. Voor een ssd van 1 TB betaal je dan 230 euro, terwijl 2 TB je 690 euro kost. De variant met M4 Pro gaat tot maximaal 8 TB, maar daar vraagt Apple wel een duizelingwekkende 2760 euro extra voor. Opslag-upgrades kosten kortom wat we van Apple gewend zijn. Door aanwezigheid van snelle usb-c-poorten is het echter prima mogelijk om (op termijn) een externe ssd op de Mac mini aan te sluiten. Daar krijg je ook op de instapvariant genoeg snelle aansluitingen voor.

Ook qua processor heb je nog keuzes, want voor 230 euro extra kun je in plaats van M4 Pro met 12 cores ook kiezen voor een M4 Pro met 14 cores.

Wij ontvingen van Apple een Mac mini voorzien van een M4 Pro met 14 cores, 48 GB RAM, 1 TB opslag en multi-gigabit-ethernet, waarmee de prijs op een pittige 2704 euro komt. 

©Jeroen Boer - ID.nl

De drie snelste usb-c-poorten met Thunderbolt-ondersteuning vind je op de achterkant.

De drie snelste usb-c-poorten met Thunderbolt-ondersteuning vind je op de achterkant.

Uitstekende prestaties

Wij kregen van Apple dus een van de duurste configuraties voorzien van de krachtigste M4 Pro-processor met 14 cores. Dat biedt goed vergelijkingsmateriaal met de meest krachtige uitvoering van de vorige Mac mini die we in 2023 getest hebben, maar we vermoeden dat veel van jullie meer geïnteresseerd zijn in een goedkopere Mac mini met de normale M4-processor. Die chip hebben we helaas nog niet in een Mac mini kunnen testen, maar hebben we wel kunnen gebruiken in een MacBook Pro. Hierdoor hebben we dus wel grofweg een idee van de prestaties van een Mac mini met een normale M4. We hebben de prestaties onder andere getest met de benchmarks Geekbench 5 en Cinebench R23 waarvoor we genoeg vergelijkingsmateriaal met andere Apple-processors hebben.

In Cinebench 23 zet de Mac mini met M4 Pro een score van 2252 en 23471 punten neer voor respectievelijk de single- en multi-core-prestaties. Een flink gat met het vorige topmodel Mac mini met M2 Pro dat in dezelfde test 1649 en 14822 punten scoort. Interessanter is wellicht dat de M4 in een MacBook Pro in dezelfde test 2202 en 13733 punten neerzet en gemiddeld dus sneller is dan de M2 pro in de vorige Mac mini. En de M4 is zelfs flink sneller dan een normale M3 die we vorig jaar in de iMac hebben getest en die in deze test 1906 en 9767 punten neerzet.

Dat beeld wordt bevestigd in Geekbench 5 waar de M4 Pro een uitstekende 2742 en 22909 punten neerzet waarmee de M4 Pro een flink stuk sneller is dan de M2 Pro die in deze test 1958 en 15144 punten scoorde. Maar wederom maakt de normale M4 ook indruk met 2609 en 13268 punten. Dat is niet veel slechter dan de M2 pro in de voorganger en sneller dan een M3 die tot 2351 en 10730 punten komt. De M4 Pro is kortom een echt razendsnelle chip, maar de gewone M4 is ook erg snel en krachtiger dan veel van Apples voorgaande chips. De instapper met M4 is hiermee voor eigenlijk alles dat je thuis doet meer dan snel genoeg. De 1TB-ssd presteert uitstekend met een lees- en schrijfsnelheid van 5126,9 en 6288,1 MB/s; we vermoeden wel dat de kleinere capaciteit ssd's wat langzamer zullen zijn.

©Jeroen Boer - ID.nl

Lekker compact, maar indrukwekkend krachtig.

Lekker compact, maar indrukwekkend krachtig.

Soms wel luidruchtig

Tijdens normaal gebruik doet de geteste Mac mini onhoorbaar zijn werk, maar als je hem langdurig volle bak aan het werk zet in een benchmark of in een taak als het langer renderen van beeldmateriaal slaat de koeling aan. Die koeling gebruikt de onderkant van de Mac voor zowel het aanzuigen als uitblazen van lucht en is vermoedelijk door de kleinere oppervlakte van de Mac mini luidruchtiger dan de voorganger. Je zult de koeling gelukkig niet vaak horen, maar het apparaatje kan wel flink blazen. De koeling doet wel goed zijn werk: er is vrijwel geen verval in prestaties als taken langdurig draaien.

Als je het apparaat voluit aan het werk zet, verbruikt de Mac mini met M4 Pro zo'n 80 watt. Bij een beetje browsen is dat veel minder en zagen we doorgaans een verbruik van slechts 5 watt. 

Conclusie

Hoewel de Mac mini al een prima desktop-pc was, heeft Apple hem in 2024 met het nieuwe ontwerp nog beter gemaakt. Eindelijk krijg je aansluitingen op de voorkant en is de computer van minimaal 16 GB RAM voorzien. Voor de instapconfiguratie betaal je nog steeds 719 euro en daarmee krijg je een computer waarop je gewoon alles soepel kunt doen voor thuisgebruik. De M4-processor is vergeleken met de M2 en M3 een razendsnelle chip en voor wie weet dat er nog meer kracht nodig is, is er de M4 Pro. Wij zouden gewoon voor een Mac mini met M4 gaan. Alleen de opslagcapaciteit van 256 GB is in de instapconfiguratie wellicht wat krap als je met grote bestanden werkt. Uiteraard kun je de Mac mini bij aanschaf upgraden, maar daar betaal je hoge prijzen voor. De aanwezigheid van genoeg snelle usb-c-poorten maakt ook uitbreiden met een flink goedkopere externe ssd prima mogelijk.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.