ID.nl logo
Usb-c en Thunderbolt: overeenkomsten en verschillen
© Reshift Digital
Huis

Usb-c en Thunderbolt: overeenkomsten en verschillen

Usb-c wordt ondersteund door Thunderbolt, maar usb-c is geen Thunderbolt. Omdat de aansluitingen voor beide poorten er tegenwoordig hetzelfde uitzien, leidt dat soms tot verwarring. We gaan je uitleggen hoe het precies in elkaar steekt!

In dit artikel vertellen we je:

  • Over de verschillen en overeenkomsten tussen usb-c en Thunderbolt
  • Welke kabel met welke standaard compatibel is
  • Alles over de versies van Thunderbolt en usb-c, en wat de verschillen zijn
  • Welke kabel je nodig hebt voor snelladen en (of) snelle data-overdracht
  • Wat een E-mark-chip is

Usb-c kennen we tegenwoordig (bijna) allemaal, al was het maar vanwege bijvoorbeeld de laad-aansluiting op je telefoon. Primair is usb-c een poort met een snelle overdrachtssnelheid. Hoe hoog die snelheid is, hangt af van de versie. Eerst was er usb-c 3.1 met een maximale overdrachtssnelheid van 10 Gb/s, later volgde usb-c 3.2, dat in staat was tot snelheden van 20 Gb/s.

Dat is – zeker voor thuisgebruikers – meer dan ruim voldoende; traditionele externe schijven halen bijvoorbeeld slechts een fractie van deze snelheid. Ook ssd’s (hoewel ze steeds sneller worden) zijn geen partij voor usb-c. Je kunt bijvoorbeeld moeiteloos meerdere externe schijven tegelijk gebruiken. Of koppel een usb-c naar HDMI-adapter aan je laptop voor (nog) een extra beeldscherm.

©PXimport

🔴 Tip: snel Usb-c is enorm veelzijdig en ook de allereerste versies zijn met hun doorvoersnelheden méér dan snel genoeg voor welke externe schijf dan ook.

Usb-c kan overweg met oudere usb-standaarden

Over laptops gesproken: de meeste exemplaren beschikken tegenwoordig standaard over één of meerdere usb-c-aansluitingen. Een deel daarvan heeft helemaal geen ‘traditionele’ usb-poorten meer aan boord. Om dan toch je standaard hardware zoals een scanner, printer of muis en toetsenbord aan te sluiten, kun je gebruikmaken van een verloopkabeltje.

Of ga voor een handig hubje waarmee je meteen meerdere usb-A-poorten krijgt. Heb je eenmaal zo’n verloopstukje, dan ontdek je direct dat usb-c naar beneden toe compatibel is met alle eerdere usb-standaarden, wat natuurlijk altijd prettig is. Lang niet alle usb-apparaten hebben immers een hoge doorvoersnelheid nodig – verre van zelfs.

©PXimport

🔴 Tip: Usb-c is backward compatibel Usb-c kan ook met alle eerdere versies van usb overweg. Alleen is dan wel vaak een simpel converterkabeltje nodig. Of ga voor een hub, dan maak je van één usb-c-aansluiting in een klap meerdere klassieke usb-aansluitingen.

Nog veel sneller: Thunderbolt 

Usb-c is dus snel, maar het kan nog veel sneller. Iets dat gebruikers van Apple-computers al veel langer weten. Op computers (en tegenwoordig ook een deel van de tablets) tref je alweer een hele tijd Thunderbolt-aansluitingen. Die poort brak groots door op het moment dat deze exact dezelfde aansluiting kreeg als usb-c. Een praktische gedachte, want behalve dat Thunderbolt een eigen standaard is, ondersteunt het ook een-op-een usb-c.

Dat betekent dat je tegenwoordig zonder nadenken elk usb-c-apparaat in een Thunderbolt-poort kunt prikken. Eerdere versies van Thunderbolt kenden overigens nog een eigen plug en connector, maar dat is geschiedenis. Usb-c via Thunderbolt ondersteunt ook de eerdergenoemde verloopkabels naar usb-c. Oftewel: al je nieuwe én oude apparatuur is er compatibel mee.

Maar Thunderbolt is veel meer. Het is ook een eigen standaard die extreem hoge doorvoersnelheden behaalt. Thunderbolt versie 4 haalt snelheden tot 40 Gb/s, het dit jaar aangekondigde Thunderbolt 5 zelfs tot 80 Gb/s. Nu zijn deze snelheden ook heel handig voor een extraatje dat usb-c niet ondersteunt. Via Thunderbolt is het namelijk mogelijk om PCIe-bussen naar buiten te halen. PCIe (ofwel PCI Express) is een bussysteem dat je misschien kent vanuit een traditionele pc. In de daarin aanwezige fysieke PCIe-sleuven steek je uitbreidingskaarten als bijvoorbeeld een videokaart of een geluidskaart. Via een verloop (veelal bestaande uit een kast met daarin een PCIe-slot) is op deze manier ook een van Thunderbolt voorziene notebook van een extra snelle videokaart (of een andere uitbreiding) te voorzien.

©PXimport

Thunderbolt-poorten zijn te herkennen aan de symbooltjes met een bliksemschicht.

🔴 Tip: Thunderbolt en usb-c hebben dezelfde aansluiting Thunderbolt en usb-c gebruiken dezelfde connector. Alle usb-c-hardware plug je moeiteloos in een Thunderbolt-poort, maar andersom werkt niet altijd.

Kabel-compatibiliteit

Kortom: Thunderbolt gaat een grote stap verder dan wat usb-c te bieden heeft. Die hoge overdrachtssnelheden hebben er ook voor gezorgd dat er bijvoorbeeld 4K-schermen met een Thunderbolt-video-ingang bestaan. En dan komen we bij een eerste beschouwing van de kabels: usb-c-kabels kun je probleemloos gebruiken in combinatie met een Thunderbolt-poort. Het overgrote deel van de Thunderbolt-kabels is ook als usb-c-kabel te gebruiken, al ben je dan wel een beetje een dief van je eigen portemonnee, want die zijn veel duurder dan 'gewone' usb-c-kabels.

Laptop met Thunderbolt-poorten?

Bekijk hier een overzicht van de beschikbare modellen!

Wil je écht de volledige snelheid uit je Thunderbolt-aansluiting halen (bijvoorbeeld voor het koppelen van een monitor of een externe PCIe-converter), dan moet je een Thunderbolt-kabel gebruiken. Let dan wel op of de kabel die je wilt aanschaffen compatible is met de Thunderbolt-versie die op jouw computer in gebruik is (zie handleiding of specs).

🔴 Tip: Thunderbolt-kabel Je kunt een Thunderbolt-kabel eventueel als usb-c-kabel gebruiken, maar dat is wel een onnodig dure grap als je verder geen Thunderbolt gebruikt.

Usb-c en de wirwar aan (laad)kabels 

Voor data-overdracht is de zaak dus vrij duidelijk. Een heel ander beeld heerst er – helaas – als het gaat om usb-c-kabels voor mobiel gebruik. Over het algemeen worden die vooral als laadkabel ingezet. Usb-c heeft nog een ander voordeel ten opzichte van voorgaande usb-versies: het ondersteunt veel hogere laadstromen en kan ook meer vermogen leveren, wat betekent dat je bijvoorbeeld je tablet in geval van nood als mobiele lader voor je telefoon onderweg kunt gebruiken.

Officieel zit er in een laad-annex-datakabel een speciale beveiligingschip verwerkt die overbelasting moet voorkomen: de zogeheten E-mark-chip. Die is vooral bij hogere laadstromen belangrijk, om bijvoorbeeld brand door oververhitting en dergelijke te voorkomen. Nu zul je bij je speurtocht naar een passende laadkabel al snel worden overspoeld door het grote aanbod en de vaak even grote prijsverschillen.

🔴 Tip: Alleen snelladen als de hele keten passend is Snelladen werkt alleen als je apparaat én de kabel én de lader compatibel met elkaar zijn. Indien in een van die componenten een onderdeel (of protocol) ontbreekt, haal je slechts standaard laadsnelheden.

Snel laden is vaak traag gegevens overdragen

Die prijsverschillen ontstaan niet voor niets. Een merkloze laadkabel van AliExpress heeft meestal helemaal geen E-mark-chip aan boord. In plaats daarvan is een simpel weerstandje ingebouwd, dat nauwelijks tot geen beveiliging geeft. In het gunstigste geval brandt de weerstand door bij overbelasting, waarna je de kabel in de vuilnisbak kunt gooien.

De wat duurdere kabels hebben de chip veelal wel aan boord, wat betekent dat je er veilig en effectief mee kunt snelladen. Maar – om de chaos compleet te maken – die snellaadkabels zijn meestal rampzalig traag als het gaat om doorvoersnelheden! In veel gevallen wordt maximaal de snelheid van usb 2.0 gehaald (ofwel slechts 480 Mb/s). Overhevelen van video’s en foto’s vanuit bijvoorbeeld je smartphone gaat dan erg lang duren.

Je kunt dat oplossen door een aparte laadkabel en datakabel aan te schaffen. Met de snelle datakabel kun je ook laden, maar dan langzaam. Of (veel handiger) lees vóór aanschaf heel goed de kleine lettertjes op de verpakking van de beoogde kabel. Is dat een snellaadkabel én biedt deze hoge doorvoersnelheden (zeg maar vanaf 5-10 Gb/s), dan zit je goed. Staat er geen snelheid op de verpakking vermeld, dan gaat het in de meeste gevallen om trage kabels met maximaal usb2.0-snelheid. Overigens: die usb2.0-snelheid komt niet helemaal uit de lucht vallen. Usb-c heeft namelijk óók een usb2.0-datakanaal aan boord. Dat vergt minder stevige afscherming in de kabel en is dus goedkoper te implementeren.

©PXimport

🔴 Tip: Snelle laadkabel Wil je een usb-c-laadkabel die óók een hoge data-doorvoersnelheid heeft, controleer die snelheden dan grondig voor aanschaf. Als hoge snelheden worden ondersteund, prijkt dat vaak duidelijk op de verpakking. Als er niks op staat of ergens in een hoekje 480 Mb/s, dan weet je genoeg: dan is het een trage kabel.

Apple en Thunderbolt

Apple is samen met Intel de ontwikkelaar van Thunderbolt. Vandaar dat je standaard op elke (recentere) Apple-computer Thunderbolt-poorten aantreft. Maar inmiddels hebben ook de iPad Pro’s Thunderbolt. Daardoor zijn extreem hoge overdrachtssnelheden mogelijk tussen bijvoorbeeld tablet en Macbook of iMac. Dat kan zo z’n voordelen hebben als je de iPad Pro als een energiezuinige en ultracompacte laptop gebruikt. Video’s overhevelen voor bewerking onderweg in de trein en later na bewerking weer terug overhevelen naar je Mac gaat dan lekker vlot. Thunderbolt heeft meer dan genoeg te bieden!

🔴 Tip: Ook meer en meer op pc's Hoewel Apple ongetwijfeld de koning van Thunderbolt genoemd mag worden qua uitrol op zijn hardware, verschijnt Thunderbolt ook steeds meer op Windows-computers.

▼ Volgende artikel
Trage computer? Zo versnel je de opstarttijd van Windows 11
© MG | ID.nl
Huis

Trage computer? Zo versnel je de opstarttijd van Windows 11

Een minuut wachten kan eindeloos lijken, bijvoorbeeld tussen het indrukken van de aanknop en het uiteindelijk erschijnen van het Windows-bureaublad. Met de juiste aanpassingen kun je die wachttijd vaak flink verkorten. En wie wil er nu niet sneller uit de startblokken?

Het is je vast al opgevallen dat je Windows-pc na maanden intensief gebruik trager opstart dan in het begin. Dat lijkt vreemd, maar is goed verklaarbaar: je hebt waarschijnlijk allerlei programma’s geïnstalleerd die automatisch met Windows mee opstarten. Deze automatisch opstartprogramma’s controleren en uitschakelen is dan ook een belangrijke optimalisatiestap.

Maar daarnaast bestaan nog wel andere trucs om de opstarttijd te verkorten. Staat Windows nog op een klassieke harde schijf, dan kun je de tijd vaak makkelijk met een minuut of meer inkorten door over te stappen op een ssd (Solid State Drive). Dit kost wel wat tijd en geld, maar levert meteen een flinke tijdwinst op. En als we het toch over drastische ingrepen hebben: ook een volledige, schone (her)installatie van Windows (op dezelfde schijf) geeft je pc gegarandeerd een snellere start.

Draait Windows al op een ssd en wil je geen nieuwe installatie uitvoeren, lees dan vooral verder: er zijn ook minder ingrijpende maatregelen die het opstarten van je computer merkbaar versnellen. 

Meten is weten

Hoeveel tijd je met de tips en technieken uit dit artikel precies wint, is lastig te voorspellen, want dit hangt af van meerdere factoren. We raden je aan dit zelf te meten. Dat kan met een stopwatch, maar gespecialiseerde applicaties doen dit nauwkeuriger. Windows Performance Analyzer (https://apps.microsoft.com/detail/9n0w1b2bxgnz) is een optie, maar is erg technisch. Een veel gebruiksvriendelijker alternatief is BootRacer (www.greatis.com/bootracer). Deze app is ook gratis en die kun je na enkele testrondes gerust weer verwijderen. We tonen eerst hoe je BootRacer gebruikt om de opstarttijd(en) te meten, want de tool biedt daarnaast ook enkele optimaliseringsopties.

WPA: een geavanceerd meetinstrument.

BootRacer (meten)

Download de app en pak het zip-bestand uit. Start het uitgepakte exe-bestand en installeer het. Laat de vier opties aan het einde van de setup aangevinkt, rond af met Voltooien en start BootRacer op. Sluit alle andere applicaties, klik op Start en kies bij Perform a full boot time test voor Start Test / Yes. Na de herstart van Windows verschijnt rechtsonder een pop-upvenster met de opstartduur. Standaard meet BootRacer dit bij elke nieuwe Windows-opstart, waarna je via History de opeenvolgende tijden kunt volgen. Deze duur is telkens opgesplitst in drie delen: de eigenlijke boottijd, de wachttijd om aan te melden, en de tijd tussen aanmelding en een gebruiksklaar bureaublad. De BIOS-tijd (Pre-boot) aan het begin zit er niet bij omdat BootRacer begrijpelijkerwijs dan nog niet draait. Tijdens de boottijd laadt Windows de kernel, start essentiële systeemservices en initialiseert stuurprogramma’s. Na je aanmelding worden je profiel, instellingen, de shell (Verkenner), achtergrondprocessen en automatische opstartprogramma’s geladen.

Wil je niet langer dat BootRacer de opstarttijd meet, ga dan naar Options en selecteer op het tabblad Show de optie Disable BootRacer AutoStart in plaats van Every boot.

BootRacer geeft je een mooi beeld van de opeenvolgende opstarttijden.

Automatisch opstarten

Je weet nu hoe je de opstartduur kunt meten en bekijken, dus kunnen we aan de slag om deze te optimaliseren en te verkorten. Vaak win je tijd door enkel noodzakelijke programma’s automatisch met Windows te laten starten. Dit overzicht vind je in het Windows Taakbeheer, bereikbaar via het contextmenu van de startknop. Klik hier op Opstart-apps. Zet overbodige apps (tijdelijk) uit door er met rechts op te klikken en Uitschakelen te kiezen, al blijft het hier gissen hoeveel tijd zo’n app werkelijk kost bij het opstarten.

Daarvoor gebruik je BootRacer, dat ook per app de opstarttijd kan vastleggen. Start BootRacer, ga naar Options, open het tabblad Startup Control, klik op Enable Control en vink Measure program’s startup time en Log history of started apps aan. Bevestig met Save. Na een nieuwe Windows-opstart klik je in BootRacer op History en kies je History of Executed Startup Programs, voor een exacte opstarttijd van elke app, in chronologische volgorde.

BootRacer registreert nauwkeurig de opstarttijd van elke automatisch opstartende app.

Opstart-optimalisatie

Je weet nu precies hoeveel impact elke app heeft op de totale opstarttijd. In BootRacer kun je deze apps niet alleen tijdelijk uitschakelen, maar ook de startvolgorde aanpassen. Open het onderdeel Startup Control voor een overzicht. Verwijder het vinkje om apps uit te schakelen. Klik je met rechts op een app, dan kies je Info om het pad naar het programma te zien of eventueel Delete als je de opstartverwijzing (in het register) helemaal wilt verwijderen. Met de knop Set Order links bovenin bepaal je via de pijlknoppen welke apps eerder of juist later starten. Bevestig je wijzigingen met Finish Reordering.

Je kunt ook de onderlinge opstartvolgorde aanpassen in BootRacer.

Opstart-vertraging

In BootRacer kun je het opstarten van specifieke apps niet uitstellen om sneller je bureaublad te zien, omdat de app pas daarna wordt gestart. Dat kan wel met de gratis HiBit start-up Manager (www.hibitsoft.ir/StartupManager.html). Kies bij voorkeur voor de installeerbare versie, want de portable editie mist enkele opties. Installeer de app en start deze op. Wil je een app later laten opstarten, klik er dan met rechts op, kies Add to Delay en stel de gewenste vertraging in (Hour, Minute, Seconds). Of kies Automatic Delay en bepaal hoeveel procent cpu- en/of schijfbelasting er maximaal mag zijn voordat de app start. Bevestig met OK.

Start-up Manager heeft bij de rubriek Tools ook enkele handige extra’s. Zo meldt System Monitoring zich zodra een nieuwe app met Windows wil opstarten en geeft Boot Optimizer de opstarttijden weer, ook van achtergrondservices (zie ook bij Service-optimalisatie).

Je kunt apps eventueel ook laten opstarten nadat je bureaublad is verschenen.

Functie: ‘Snel opstarten’

Windows heeft een functie ‘Snel opstarten’ die de boottijd verkort. Normaal sluit Windows bij het afsluiten alle apps en logt het systeem de gebruiker uit, waarna bij de volgende start alles opnieuw wordt geladen. Met ‘Snel opstarten’ bewaart Windows de status van de systeemkernel en stuurprogramma’s (in het verborgen bestand c:\hiberfil.sys). Bij een volgende start wordt dit snapshot ingeladen, waardoor Windows sneller opstart. In de meeste gevallen is het zinvol deze functie in te schakelen, behalve bij dual-bootconfiguraties of bij stuurprogramma’s die er niet goed mee werken.

Je beheert dit via de ingebouwde app Configuratiescherm. Ga naar Systeem en beveiliging / Energiebeheer, klik op Het gedrag van de aan/uit-knoppen bepalen en kies Instellingen wijzigen die momenteel niet beschikbaar zijn. Zet een vinkje bij Snel opstarten inschakelen (aanbevolen) en bevestig met Wijzigingen opslaan.

Windows heeft een ingebouwde functie om de opstarttijd wat in te korten. 

Energiemodi

De functie Snel opstarten werkt alleen bij een volledige afsluiting, maar in het venster Energiebeheer kom je ook Slaapstand en Sluimerstand tegen, die je hier meteen ook kunt activeren. Beide energiebesparende modi zorgen voor een nog snellere start.

Bij Sluimerstand (hibernate) schrijft Windows de volledige inhoud van het RAM naar schijf, zodat de pc geen stroom meer nodig heeft. Bij het opstarten hervat je de sessie exact waar je gebleven was, inclusief geopende programma’s. Nog sneller is Slaapstand, waarbij de sessie in het RAM-geheugen blijft, waardoor de pc wel nog een klein beetje stroom verbruikt.

De exacte opstarttijd hangt af van je hardware en opstartapps, maar grofweg kun je het volgende verwachten: volledig afsluiten zonder snel opstarten circa 30 tot 60 seconden, volledig afsluiten met snel opstarten circa 15 tot 30 seconden, sluimerstand circa 10 tot 20 seconden en slaapstand circa 5 seconden.

De energiebesparende modi kunnen je ook flink wat opstarttijd besparen. 

Procesoptimalisatie

Blijft de opstart lang duren, ook nadat je alle overtollige opstart-apps hebt uitgeschakeld, dan moet je dieper graven. Vaak zijn het services en achtergrondprocessen die vertraging veroorzaken, zoals cloud-synchronisatiesoftware, update-taken of diensten van derden.

Met een ietwat botte methode spoor je dit als volgt op. Druk op Windows-toets+R, voer msconfig uit, open het tabblad Services en vink Alle Microsoft-services verbergen aan. Klik op Alles uitschakelen en herstart de pc. Start hij nu merkbaar sneller op, dan veroorzaken een of meer van die processen de vertraging.

Met de Boot Optimizer van start-up Manager (zie bij ‘Opstart-vertraging’) kun je zien hoeveel tijd zulke processen kosten. Klik desgewenst met rechts op een proces en kies Disable om het uit te schakelen (het item kleurt grijs). Later kun je dit met Enable weer inschakelen. Kies Uninstall alleen als je zeker weet dat de software niet nodig is, want hiermee verwijder je deze. De optie Delete gebruik je beter niet, omdat dit enkel het item uit de lijst verwijdert terwijl het proces toch kan blijven opstarten.

Je kunt services ook rechtstreeks beheren in Windows via de ingebouwde app Services. Selecteer een service, klik met rechts en kies Eigenschappen. Op het tabblad Algemeen stel je het Opstarttype in op Handmatig of eventueel op Automatisch (vertraagd starten), zodat de service geen impact heeft tijdens de eigenlijke opstartfase. Bevestig met OK.

Services kun je uitschakelen vanuit Boot Optimizer, maar ook vanuit de Services-module.

Autoruns

Vanuit Taakbeheer en met tools als BootRacer, Boot Optimizer en Services kun je de meeste automatisch startende apps en services beheren. Wil je echt alle autostartpunten van Windows zien, gebruik dan het gratis AutoRuns (https://learn.microsoft.com/en-us/sysinternals/downloads/autoruns), bij voorkeur als administrator. Op het tabblad Everything zie je alle opstartpunten in één overzicht en beheer je ze via het contextmenu. Met Jump to Entry spring je direct naar de locatie vanwaar ze worden gestart en met Delete verwijder je de opstartverwijzing uit Windows. Houd er rekening mee dat dit niet eenvoudig terug te draaien is, tenzij je de koppeling handmatig herstelt.

Autoruns lijst letterlijk elk mogelijk opstartpunt van Windows op.

Opstartuitstel

Je hebt de totale opstarttijd waarschijnlijk al flink teruggebracht, maar er zijn nog extra ingrepen mogelijk. Mogelijk zag je in BootRacer een melding over een ‘Explorer start-up Delay’ van 10 seconden voorbij komen. Windows bouwt deze vertraging namelijk standaard in, zodat essentiële systeemdiensten rustig kunnen starten, maar op een modern en snel systeem is dit meestal niet nodig. In BootRacer kun je dit alleen met de betaalde Pro-versie uitschakelen, maar via het register kan het ook gratis.

Druk op Windows-toets+R, voer regedit uit en navigeer naar HKEY_CURRENT_USER\Software\Microsoft\Windows\CurrentVersion\Explorer. Klik met rechts en kies Nieuw / Sleutel, geef deze de naam Serialize. Klik met rechts op deze nieuwe sleutel en kies Nieuw / DWORD (32-bits)-waarde. Noem deze StartupDelayInMSec en laat de waarde 0 staan. Sluit Regedit en herstart je pc.

Met een registeringreep kun je nog eens tot tien seconden besparen.

Auto-doorstart

Wanneer je in BootRacer de totale opstartfase bekijkt, zie je mogelijk ook een ‘Password timeout’, de tijd dat Windows wacht tot je je wachtwoord hebt ingevoerd. Zonde van de verloren tijd, maar als je de enige gebruiker van de pc bent, kun je Windows ook automatisch laten doorstarten.

Druk op Windows-toets+R, typ netplwiz en klik op OK. Verwijder het vinkje bij Gebruikers moeten een gebruikersnaam en wachtwoord opgeven […]. Bevestig met OK en vul het wachtwoord in van het gewenste account.

Zie je deze optie niet, dan gebruik je waarschijnlijk een Microsoft-account. Wil je geen lokaal account aanmaken, dan omzeil je dit als volgt. Ga opnieuw naar Uitvoeren en voer regedit uit. Navigeer naar HKEY_LOCAL_MACHINE\SOFTWARE\Microsoft\Windows NT\CurrentVersion\PasswordLess\Device. Dubbelklik in het rechterdeelvenster op DevicePasswordLessBuildVersion en zet de waarde op 0 (in plaats van 2). Na een herstart van je pc zou de optie alsnog zichtbaar moeten zijn.

Als enige gebruiker kun je wellicht ook zonder aanmeldwachtwoord leven. 

UEFI/BIOS

Hoewel tools (zoals BootRacer) de opstarttijd van het UEFI/BIOS niet kunnen meten, kan deze fase toch ook enige tijd kosten. Hier controleert de firmware van je moederbord de hardware en start zij het verdere proces. Met enkele instellingen kun je de opstarttijd wellicht iets verkorten.

Om in het UEFI/BIOS te komen, druk je direct na het aanzetten van de pc op een toets als F10, F2 of Del (zie je systeemhandleiding). Zoek daar naar opties als Fast Boot, Quick Boot of Quick Power on Self Test en schakel deze in om bepaalde zelftesten of wachttijden over te slaan. Controleer ook de bootvolgorde: je stelt de Windows-schijf bij voorkeur in als eerste boot device. Vaak kun je ook ongebruikte hardware, zoals bepaalde poorten, uitschakelen, wat soms wat extra tijdwinst oplevert bij de initialisatie.

Je checkt ook even enkele instellingen in het UEFI/BIOS, zoals Fast boot.

▼ Volgende artikel
Resident Evil Village en meer titels komen naar PlayStation Plus-gamecatalogus
Huis

Resident Evil Village en meer titels komen naar PlayStation Plus-gamecatalogus

Sony heeft bekendgemaakt welke spellen deze maand aan de gamecatalogus voor PlayStation Plus Extra- en Premium-leden worden toegevoegd, en Resident Evil Village is er een van.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Het lijkt geen toeval dat de game naar de catalogus komt, want eerder bleek al dat Village deze maand ook op Xbox Game Pass verschijnt. Daarbij zal eind februari het negende deel in de reeks, Resident Evil Requiem, uitkomen, dus dit is het ideale moment om nog even het geheugen op te frissen met Village, dat het achtste deel in de horrorfranchise betreft.

Deze games komen op 20 januari naar PS Plus Extra en Premium:

Andere spellen die vanaf 20 januari worden toegevoegd, zijn onder andere Like a Dragon: Infinite Wealth, A Quiet Place; The Road Ahead, de oorspronkelijke Ridge Racer en Art of Rally. Voor de duidelijkheid: de moderne spellen op onderstaande lijst zijn speelbaar voor alle PlayStation Plus Extra- en Premium-leden, de klassieke game is alleen voor Premium-leden bestemd.

  •        Resident Evil Village (PS5 / PS4)

  •        Like a Dragon: Infinite Wealth (PS5 / PS4)

  •        Expeditions: A MudRunner Game (PS5 / PS4)

  •        A Quiet Place: The Road Ahead (PS5 / PS4)

  •        Darkest Dungeon 2 (PS5 / PS4)

  •        The Exit 8 (PS5 / PS4)

  •        Art of Rally (PS5 / PS4)

  •        A Little to the Left (PS5 / PS4)

Deze game komt op 20 januari naar PS Plus Premium:

  • Ridge Racer

Meer informatie over deze games valt te vinden op PlayStation Blog.

View post on X