ID.nl logo
Review Hisense 100LG9-B12 Laser TV – Voor wie een maatje groter wilt
© Reshift Digital
Huis

Review Hisense 100LG9-B12 Laser TV – Voor wie een maatje groter wilt

Projectoren zijn al jaar en dag de enige betaalbare oplossing als je voor 100 inch of groter beeld wilt gaan. En met de komst van Ultra Short Throw-projectoren is het een stuk eenvoudiger geworden om ze in de woonkamer op te stellen. De Hisense 100LG9-B12 kan echt als vervanging dienen voor je tv.

Fantastisch
Conclusie

Overweeg je een projector, maar kijk je op tegen de extra installatie-eisen van een klassiek model? Deze Ultra Short Throw 4K-projector van Hisense is mogelijk jouw ideale oplossing. Niet alleen wordt hij geleverd met een 100” Anti-Reflectiescherm, compleet met wandbeugel, maar hij neemt ook letterlijk plaats daar waar je tv stond. De triple laser lichtbron levert flink veel licht, intense kleuren, en vooral heel groot en knap beeld. Ook HDR-beelden zien er erg mooi uit. We hadden graag nog een HDMI 2.1-aansluiting gezien voor next-gen gaming, maar als je geen 4K120 eist, kan de Hisense ook dienen voor je gameplezier. Zijn naam als Laser TV heeft hij echt niet gestolen. De projector levert niet alleen groot beeld, maar ook prima audio en is voorzien van een erg gebruiksvriendelijk smart tv-systeem met een ruim app-aanbod. De ingebouwde tv-tuner is Ziggo gecertificeerd. Dit totaalpakket lijkt je misschien redelijk prijzig, maar is gezien het bijgeleverde scherm zeker correct geprijsd.

Plus- en minpunten
  • Bijgeleverd ALR-scherm met beugel
  • UST-projector staat op dezelfde plaats als je tv
  • Indrukwekkende beeldkwaliteit
  • Ingebouwde TV-tuner mét CI+-slot
  • VIDAA U smart tv is gebruiksvriendelijk
  • Laser lichtbron gaat erg lang mee
  • Goede ingebouwde luidsprekers, met Dolby Atmos
  • Lens heeft lichte focus-afwijking
  • Verbergt witdetail in zeer helder HDR-materiaal
  • Geen HDMI 2.1, noch gamingfuncties
  • (Voorlopig) geen Disney+ of AppleTV+

Hisense 100LG9-B12 Laser TV

  • Adviesprijs: 4.799 euro
  • Wat: Ultra HD DLP-projector met laser lichtbron en 100” ALR-scherm
  • Opstelling: resolutie 3.840 x 2.160, 3.000 ANSI lumen, projectieverhouding 0,25 (100 inch diagonaal op 0,30 m)
  • Aansluitingen: 4x HDMI (2.0, ARC), 2x USB (media), 1x stereo cinch, 1x composiet video, 1x optisch digitaal uit, ethernet, WiFi ingebouwd, 2x antenne, 1x CI+-slot Bluetooth
  • Levensduur lamp: triple laserlichtbron, tot 25.000 uur
  • Extra's 100 inch Anti-reflectiescherm met wandbeugel, HDR10, HLG, DVB-T/T2/C/S/S2 tuner, 2x 20 Watt luidspreker, Dolby Atmos, VIDAA U 4.0 smart tv, USB/DLNA-mediaspeler
  • Afmetinge:n 610 x 155 x 346 mm
  • Gewicht: 11,2 kg
  • Website: www.hisense.nl

Voor een groot beeld, lees 100 inch of meer, moet een projector vaak drie meter of verder van het scherm staan. Dat is heel wat gedoe en brengt nogal wat logistieke problemen met zich mee. Ultra Short Throw projectoren zijn daarvoor de oplossing. De Hisense Laser TV zet je op 31 cm van het scherm, en kijk, je hebt 100 inch beelddiagonaal. Het is zo eenvoudig als je tv weghalen en de glossy zwarte projector in de plaats zetten. 

Dan is er nog de kwestie van het scherm. Projectieschermen komen in allerlei maten, en meer nog in allerlei soorten doek, voor beter contrast, meer licht, enzovoort. Ook dat probleem heeft Hisense opgelost, de 100L9G-B12 is een projector én een bijhorend 100 inch scherm op een vast frame. Het wordt geleverd compleet met wandbeugels en installatietemplate. 

Het schermdoek is lichtgrijs voor verbeterd contrast, maar het is ook een ALR-scherm (Ambient Light Rejection). Omgevingslicht wordt dus sterk geweerd door dit scherm, zodat je van groot beeld kunt genieten zonder volledig te moeten verduisteren.

Opstellen en afregelen

Omdat de projector geen lensshift of zoom heeft, moet je de installatievoorschriften van het scherm wel precies volgen. Wanneer het ophangt kan je het scherm nog in beperkte mate op of neer laten. Staat je meubel bijvoorbeeld niet perfect waterpas, dan kan je de projector wat verstellen met de uitschroefbare poten. 

Bij het plaatsen van de projector merk je snel dat zelfs een kleine verschuiving grote gevolgen heeft voor het beeld. Zo een UST-lens moet immers onder een zeer zware hoek projecteren. Zodra je de perfecte opstelling hebt, plaats je de twee bijgeleverde plastic halve cirkels rond de poten, zodat een toevallige verschuiving onmogelijk is. 

©PXimport

Blijft er toch nog wat trapeziumvervorming over, dan kan je die wegwerken via de instellingen op basis van acht controlepunten op het scherm, of nog eenvoudiger, met je smartphone. Neem een foto van het scherm en de projector past het beeld zelf aan om alle vervorming op te ruimen.

Focus instellen is niet nodig, vermits de projector één correcte projectieafstand heeft. Wij merkten wel dat ons testsample een klein beetje chromatische afwijking had aan de bovenrand van het beeld. Tijdens het kijken stoorde dat niet, maar voor deze prijs hadden we graag iets betere optica gekregen.

Veel aansluitingen, maar geen HDMI 2.1

Bronnen aansluiten op deze projector zal geen probleem zijn. Hij is uitgerust met drie HDMI 2.0-aansluitingen, waarvan een met ARC. Omdat we dit toch als een premium product beschouwen vinden we het jammer dat er geen enkele HDMI 2.1-feature of aansluitingen beschikbaar is. Geen eARC bijvoorbeeld, maar ook geen gamerfuncties zoals ALLM of VRR, en uiteraard ook geen 4K120 ondersteuning. Je kan uiteraard wel gamen op deze projector (tot 4K60), maar de input-lag van 54ms in de game beeldmode wijst toch eerder naar casual gamers.

De projector is ook voorzien van een composiet video met stereo cinch ingang, een hoofdtelefoon aansluiting en digitaal optische uitgang. De twee USB-aansluitingen (eentje staat aan de zijkant) kan je gebruiken om media aan te leveren, of om live tv op te nemen of te pauzeren. Want ja, zeer uitzonderlijk voor een projector, de Hisense is uitgerust met een DVB-T/T2/C (Ziggo gecertificeerd) en DVB-S/S2 tuner, met CI+-slot. Tot slot is er een ethernetaansluiting en wifi, plus bluetooth voor draadloze hoofdtelefoon of soundbar. 

©PXimport

Volledig smart tv-systeem aan boord

Smart functies lijken op heel wat projectoren een eerder bijkomende gedachte. Dat is zeker niet het geval op de Hisense. Om zijn naam als Laser TV eer aan te doen is hij voorzien van hetzelfde VIDAA U smart tv-platform dat we terug vinden op de Hisense tv’s. En dat levert een prima gebruikservaring. VIDAA U werkt vlot en snel, en heeft een uitstekend app-aanbod. 

Op het moment van de test ontbraken Apple TV en Disney+ nog in het aanbod, maar die zouden volgens Hisense beschikbaar komen via een software update. Alle andere belangrijke streamingdiensten zijn al beschikbaar. De ingebouwde mediaspeler kent de oude xvid-codec niet, maar ondersteunt wel alle belangrijke moderne formaten, inclusief HDR en ondertitels, en ook Dolby of DTS soundtracks.

De slanke, lichtmetalen afstandsbediening kennen we al van de Hisense tv’s. Ze heeft een goede layout, al zouden we de Home toets toch een prominentere plaats geven of wat groter of duidelijker maken. 

Op een projector zien we ook graag een aparte toets om van beeldmode te wisselen, zo speel je gemakkelijk in op wisselende lichtomstandigheden in de kamer, maar die toets ontbreekt. Je vindt wel vier sneltoetsen voor Netflix, YouTube, Amazon Prime Video en Rakuten TV.

©PXimport

Lasers voor intens licht

De 100L9G-B12 is uitgerust met drie lasers, een voor elke basiskleur. Volgens de specificatie haalt hij daarmee 3.000 lumen. In de Dynamisch beeldmode meten we 2.460 lumen, dat is erg goed. Voor meer nauwkeurige kleuren schakel je beter over naar de Cinema Day of Cinema Night mode die nog steeds rond de 1.500 lumen bieden. Dat is ruim voldoende om een knap beeld op het 100 inch scherm te zetten, zelfs bij omgevingslicht. 

Het contrast ligt rond de 1.000:1 en het lichtgrijze scherm verbetert de weergave van donkere tinten. De Cinema Night mode heeft een zeer goede kleurweergave, met een lichtjes te koele kleurtemperatuur. De beelden ogen natuurlijk, en brengen de bioscoop sfeer echt wel naar de woonkamer. Kijk je echt bij veel zonlicht, dan kan de Standaard of Dynamisch mode een optie zijn. Hou er wel rekening mee dat je voor heel donkere scènes hoe dan ook het omgevingslicht moet dimmen, want de wetten van de fysica kunnen we niet zomaar veranderen.

Zijn lasers goed voor HDR?

De projector ondersteunt HDR10 en HLG, en heeft flink wat lichtopbrengst. Dat is alvast prima. Maar er is meer, want die lasers zorgen ook voor een zeer groot kleurbereik, tot 97% P3. Daarmee kan hij moeiteloos de competitie aan met veel toptelevisies. Sterker nog, wanneer de projector ingesteld is op de ‘Auto’ kleurruimte lijkt hij zichzelf wat te beperken. Door hem naar ‘Native’ te schakelen kregen we nog iets meer kleur uit de lasers. 

Dat is uitstekend nieuws voor HDR-beelden die er echt wel indrukwekkend uitzien. Toch laat Hisense wat potentieel liggen, want de kalibratie kan beter. Zeker wanneer de HDR-content zeer helder gemastered is. De tonemapping verplicht je dan om te kiezen tussen licht verborgen witdetail of iets te donkere beelden. Je hebt ook geen eenvoudige instelling om dat zelf wat naar smaak aan te passen. Maar voor de meeste HDR-content zijn de resultaten zeer mooi. 

©PXimport

Gezien zijn prijskaartje raden we aan om de projector te laten kalibreren eens hij opgesteld staat. Voor een kleine meerprijs til je de beeldprestaties dan nog een klasse hoger, de Hisense heeft kleur en licht op overschot. 

Beeldverwerking voor nog beter contrast

Zoals alle tv’s moet een projector tal van verschillende bronnen op het scherm zetten, en is degelijke beeldverwerking dan ook een belangrijke factor. Met interlaced content (bijvoorbeeld 1080i uit een settopbox) zien we iets te vaak moiré-patronen, zet je bronnen dus best in 1080p of 2160p. Deze Hisense is overigens een 4K-projector, maar hij gebruikt zoals bijna alle DLP-projectoren pixelshifting om dat te bereiken. Het resultaat is scherper dan Full HD, maar net geen 4K. Als pluspunt is er wel geen pixelrooster meer zichtbaar. 

De ruisonderdrukking werkt goed, maar zeker niet perfect. Projectiebeeld is echter altijd iets zachter dan een televisie en dus vergevingsgezinder voor kleine fouten. Wil je de schokken in panbeelden van 24fps zoveel mogelijk vermijden, activeer dan ‘Ultra Smooth Motion’. Het veroorzaakt geen overmatige beeldfouten, en elimineert bijna volledig de judder.

De beste troef van deze projector is de ‘Adaptief Contrast’ instelling. Die past de lichtoutput aan op basis van het beeld. Zo krijgen donkere scènes meer impact en krijg je ook beter zwartdetail. Het ‘native’ contrast verbeter je zo natuurlijk niet, maar het levert wel een beter totaalplaatje. Belangrijk is dat we ook geen negatieve gevolgen zagen van deze instelling.

©PXimport

Ingebouwde klank, met Dolby Atmos

Nog een nadeel van klassieke projectoren is dat je een aparte audio-installatie moet voorzien. Geen probleem als je toch een aparte thuisbioscoopkamer wilt inrichten, maar in de woonkamer is dat vaak geen optie. Daarom heeft Hisense een 2x 20 Watt audiosysteem in deze projector voorzien. Daarmee levert hij meer dan voldoende volume om de kamer te vullen. Filmsoundtracks komen goed tot hun recht, met krachtige muziek en duidelijke dialogen. 

De Dolby Atmos ondersteuning zorgt voor een mooie surroundervaring. Enkel de basweergave is wat te beperkt, al mag dat eigenlijk geen verrassing zijn. Een goede audio-installatie is nog steeds een klasse beter, maar is dus zeker geen noodzaak.

Conclusie

Overweeg je een projector, maar kijk je op tegen de extra installatie-eisen van een klassiek model? Deze Ultra Short Throw 4K-projector van Hisense is mogelijk jouw ideale oplossing. Niet alleen wordt hij geleverd met een 100” Anti-Reflectiescherm, compleet met wandbeugel, maar hij neemt ook letterlijk plaats daar waar je tv stond. De triple laser lichtbron levert flink veel licht, intense kleuren, en vooral heel groot en knap beeld. Ook HDR-beelden zien er erg mooi uit.

We hadden graag nog een HDMI 2.1-aansluiting gezien voor next-gen gaming, maar als je geen 4K120 eist, kan de Hisense ook dienen voor je gameplezier. Zijn naam als Laser TV heeft hij echt niet gestolen. De projector levert niet alleen groot beeld, maar ook prima audio en is voorzien van een erg gebruiksvriendelijk smart tv-systeem met een ruim app-aanbod. De ingebouwde tv-tuner is Ziggo gecertificeerd. Dit totaalpakket lijkt je misschien redelijk prijzig, maar is gezien het bijgeleverde scherm zeker correct geprijsd.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.