Een sensor die 500 keer per seconde meet
In het hart van de Adidas Trionda zit een zogeheten inertial measurement unit, kortweg IMU. Deze kleine sensor registreert versnellingen, rotaties en de beweging van de bal in drie dimensies. Dat gebeurt niet af en toe, maar 500 keer per seconde. Elke twee milliseconden wordt nieuwe informatie vastgelegd. Ter vergelijking: de trackingcamera's rond het veld maken ongeveer vijftig beelden per seconde. De sensor in de bal registreert bewegingen dus tien keer vaker.
Die hoge meetsnelheid is vooral belangrijk om exact vast te stellen wanneer een speler de bal raakt. Bij buitenspel telt namelijk niet het moment waarop een speler de bal ontvangt, maar het moment waarop een medespeler de pass geeft. Camera's kunnen daarbij beperkt worden door hun kijkhoek of het aantal beelden dat ze vastleggen. De sensor in de bal helpt om dat contactmoment veel nauwkeuriger te bepalen.
Nieuwe plek voor de sensor
De Trionda verschilt op een belangrijk punt van de Al Rihla, de officiële WK-bal van 2022. Bij die bal hing de sensor met een speciale ophanging in het midden van de bal. Bij de Trionda zit de chip verwerkt in een van de vier panelen van de bal, in een aparte laag van het materiaal. In de andere panelen zijn tegengewichten geplaatst zodat de bal perfect in balans blijft.
Die nieuwe plaatsing zorgt ervoor dat de sensor steviger vastzit en minder last heeft van de enorme krachten die ontstaan bij harde schoten. Omdat de chip niet meer aan een losse ophanging hangt, kan hij de beweging van de bal nauwkeuriger meten.
Zo komt de informatie bij de VAR terecht
De sensor stuurt zijn gegevens draadloos naar ontvangers die op strategische punten in het stadion staan (zogeheten ankerpunten). Tegelijkertijd volgen zestien speciale camera's de spelers, waarbij 29 punten op het lichaam van iedere speler vijftig keer per seconde worden geregistreerd.
Beide datastromen komen samen in de VAR-kamer. Daar worden ze gecombineerd door kunstmatige intelligentie: de camera's bepalen waar spelers zich bevinden, terwijl de balsensor het exacte moment van balcontact levert.
Bij een duidelijke buitenspelsituatie kan de grensrechter een geluidssignaal in zijn oortje krijgen. De technologie maakt het mogelijk om veel kleinere afstanden automatisch te beoordelen: de marge voor geautomatiseerde buitenspeldetectie is verlaagd van ongeveer vijftig naar tien centimeter.
Ook een slimme voetbal moet worden opgeladen
In de Trionda zit een oplaadbare batterij. Voor iedere wedstrijd wordt de bal ongeveer anderhalf uur op een speciaal laadstation gelegd dat de batterij draadloos oplaadt. Daarna heeft de sensor genoeg energie voor ongeveer zes uur actief gebruik. De elektronica merkt zelf wanneer de bal niet wordt gebruikt en schakelt dan over naar een energiebesparende stand
Meer dan alleen buitenspel
De sensor is niet alleen bedoeld om buitenspel nauwkeuriger te bepalen. Ook subtiele aanrakingen van de bal kunnen worden geregistreerd. Dat kan helpen bij situaties waarin op camerabeelden moeilijk te zien is of een speler de bal nog heeft geraakt, bijvoorbeeld bij een mogelijke handsbal.
Daarnaast levert de technologie extra gegevens voor televisie-uitzendingen. Denk aan de snelheid van een schot, de draaiing van de bal en de hoek waaronder de bal wordt geschoten. Ook de 3D-animaties die kijkers bij buitenspelbeslissingen te zien krijgen, zijn gebaseerd op de combinatie van de gegevens uit de bal en de camera's.
Niet alleen slim, ook anders gebouwd
De elektronica is niet de enige vernieuwing. De Trionda heeft ook een afwijkende constructie. Waar veel traditionele voetballen bestaan uit twintig of meer panelen, heeft deze WK-bal er slechts vier. Door de diepe naden en het reliëf op het oppervlak beweegt de lucht anders langs de bal. Windtunneltests van de Universiteit van Tsukuba laten zien dat de Trionda bij hoge snelheden iets meer luchtweerstand heeft dan de Al Rihla. Lange passes en afstandsschoten kunnen daardoor iets sneller snelheid verliezen.
Bij lagere snelheden moet de bal juist stabieler door de lucht gaan. Dat zou je vooral moeten merken bij corners en vrije trappen, waar spelers erop moeten kunnen vertrouwen dat de bal doet wat ze verwachten.
De bal weet alles, behalve wie wint
Maar de technologie verandert natuurlijk niets aan het spel zelf. Uiteindelijk zijn het de spelers die bepalen of een wedstrijd wordt gewonnen of verloren, en niet de bal. Hoe slim die bal ook is.
















