ID.nl logo
Zo kun je je slimme meter uitlezen met een Raspberry Pi
© Reshift Digital
Huis

Zo kun je je slimme meter uitlezen met een Raspberry Pi

Bijna iedereen heeft tegenwoordig een slimme meter, maar wist je ook dat je die zelf kunt uitlezen? Aan de hand van een Raspberry Pi leggen we uit hoe je dat doet.

Iedereen een slimme meter

Al circa vier miljoen huishoudens hebben tegenwoordig een slimme meter. Die meet je stroomverbruik en geeft dit samen met de standen van de gasmeter door via het mobiele netwerk. Handig voor de energieleverancier en netbeheerder, die verbruiksgegevens kunnen uitlezen en inzicht krijgen in pieken of storingen op het energienet. Maar ook handig voor jou, omdat je meer inzicht kunt krijgen in je verbruik en bijvoorbeeld de teruggave van zonnepanelen. Vanaf 2023 is het zelfs verplicht om een slimme meter te hebben bij zonnepanelen, vanwege belastingmaatregelen. Behalve via een internetportaal van je energieleverancier of een onafhankelijke dienst kun je ook zelf via de datapoort op de slimme meter, de zogenaamde P1-poort, het verbruik bijhouden. 

Uit onderzoek van Netbeheer Nederland is gebleken dat maar weinig huishoudens in Nederland de P1-poort benutten. Volgens het onderzoek willen mensen best energie besparen op basis van inzicht in hun energieverbruik, maar liefst zonder daarvoor zelf steeds in actie te hoeven komen. Door de stappen in dit artikel door te lopen, maak je het jezelf erg makkelijk.

©PXimport

Slimme meters kopen

Inzicht via onafhankelijke dienst

Wie het eenvoudig wil houden, kan bijvoorbeeld deze gratis dienst gebruiken. Na verificatie van je adres kun je via je account inzicht krijgen in je verbruik aan de hand van grafieken. Een leuke bonus is dat je je verbruik kunt vergelijken met mensen in je omgeving of met dezelfde woonsituatie. Erg gedetailleerd zijn de verbruiksgegevens niet, zeker voor die ouder dan twee maanden, en het is niet realtime. Ook geef je een derde partij de beschikking over je verbruiksgegevens. Daarom gaan we zelf aan de slag met software om het verbruik bij te houden.

Zelf je slimme meter uitlezen

Wie zelf zijn slimme meter wil uitlezen, heeft daarvoor alleen een Raspberry Pi nodig. Het nieuwste model is de Raspberry Pi 4, maar de Raspberry Pi 3 model B vosltaat ook, sterker nog deze hebben we gebruikt voor dit artikel. Verder heb je nog een kabeltje voor de P1-poort van de slimme meter (zie stap 5) en wat software op een micro-sd-kaart nodig. We bekijken twee softwareopties. De eerste is P1 monitor dat specifiek is ontwikkeld voor het uitlezen van de slimme meter. Het uitlezen van de slimme meter is verder vooral het domein van huisautomatiseringssoftware. We bekijken Domoticz dat de belangrijkste opties voor het uitlezen van de slimme meter biedt.

©PXimport

Laten installeren 

Ga je voor het eerst aan de slag met Raspberry Pi en bestel je een starterkit, dan kun je het besturingssysteem in veel gevallen – tegen een kleine vergoeding – door de leverancier laten installeren. Je kunt dan daarna direct Domoticz installeren. Je kunt het uiteraard ook zelf doen: in dit artikel leggen we uit hoe dat werkt.

Raspberry Pi en micro-sd-kaart

P1 monitor is net als Domoticz specifiek ontwikkeld voor de Raspberry Pi. P1 monitor werkt het beste op een Raspberry Pi 3 model B en zou ook moeten werken op de Raspberry Pi 4. De Pi 3 model B+ wordt sinds de laatste versie ook ondersteund en zou nog wat vlotter moeten werken. Hoewel het ook op een Raspberry Pi 2 werkt, wordt dit afgeraden door de wat langzamere processor.

Domoticz werkt goed op zowel de Pi 2 als 3 en 4, maar kun je bovendien ook prima op bijvoorbeeld een Linux-server of nas installeren, bijvoorbeeld van Synology.

Kabeltje voor de slimme meter

Er bestaan, zoals je verderop in dit artikel kunt lezen, verschillende protocollen voor de communicatie met de slimme meter en ook verschillende communicatie-instellingen. Heel veel verschillende kabeltjes zijn er gelukkig niet, al is het verstandig om vooraf te controleren of een kabel ook echt geschikt is voor jouw slimme meter. Het kabeltje is bij diverse webshops te koop zoals Cedel.nl of SOS Solutions, kost net geen 20 euro en is voor de meeste meters geschikt. Je kunt ze ook goedkoper vinden (bijvoorbeeld bij Chinese webshops) of zelf bouwen, maar dan heb je minder garantie dat het werkt.

©PXimport

Bijna realtime meten

Zowel P1 monitor als Domoticz kan het actuele elektriciteit- en gasverbruik laten zien en tevens, aan de hand van grafieken, het historische verbruik. Door je energietarieven op te geven, kun je tevens de bijbehorende kosten inzichtelijk maken. Het actuele verbruik is vrijwel realtime: dit wordt iedere 10 seconden door de slimme meter doorgegeven. Je kunt dus de invloed zien van een apparaat dat je inschakelt. De gegevens voor gasverbruik ontvang je wat minder vaak, die worden meestal per uur door de slimme meter doorgegeven.

Installatie op micro-sd-kaart

Naast de kant-en-klare image van 8 GB voor de Raspberry Pi 3 model B(+) heb je ook de USB Image Tool nodig. Plaats een micro-sd-kaart in de kaartlezer, selecteer in USB Image Tool de kaartlezer en kies Restore. Wijs het image-bestand aan en zet het op de micro-sd-kaart. Het kan mislukken als er nog data op de micro-sd-kaart staat. Dat kun je vaak oplossen met de optie Reset in USB Image Tool of met een tool als SD Formatter.

©PXimport

Instellingen voor de slimme meter

Plaats het micro-sd-kaartje in de Pi. Sluit netwerkkabel, voedingskabel en de slimme-meterkabel aan en start de Pi. Daarna staat P1 monitor voor je klaar in de browser op http://p1mon. Controleer via Informatie / P1 poort status of data van de slimme meter wordt ontvangen. Als dat niet zo is, moet je de seriële instellingen aanpassen via Instellingen / P1 poort. Gebruik de standaard inloggegevens (gebruikersnaam root, wachtwoord toor). Er zijn een paar gangbare combinaties die vrijwel altijd werken (zie kader ‘Slimme-meterprotocollen’). Komen na het aanpassen van de instellingen de eerste gegevens binnen (dit kan tot tien seconden duren), dan verandert de status naar groen.

Slimme-meterprotocollen

De communicatie met een slimme meter via de P1-poort is vastgelegd in het dsmr-protocol (Dutch Smart Meter Requirements). Bekende versies zijn dsmr 3, 4 en 5. Die laatste biedt paar leuke voordelen, zoals meetgegevens per seconde in plaats van tien seconden. P1 monitor is standaard ingesteld voor dsmr 3 met een baudrate van 9600 bit per seconde, 7 databits, even pariteit en 1 stop bit. Bij meters van Iskra en Kamstrup is dit het meest gangbaar. Voor slimme meters met dsmr 4 of 4.2, die we vaak terugzien bij Kaifa en Landis+Gyr, is de baudrate veelal 115200 bit per seconde met 8 databits, geen pariteit en 1 stop bit.

Ruimte micro-sd-kaart benutten

Heb je P1 monitor geïnstalleerd op een micro-sd-kaart groter dan 8 GB? De extra ruimte wordt standaard niet benut, maar het is gemakkelijk op te lossen door in te loggen op de Pi met PuTTY of een andere ssh-cliënt. Gebruik p1mon als hostnaam en de standaard inloggegevens (gebruikersnaam root, wachtwoord toor). Start vanaf de shell de tool raspi-config met het commando sudo raspi-config. Kies Advanced Options en vervolgens Expand Filesystem. Herstart daarna de Pi, zodra hierom wordt gevraagd, en log opnieuw in. Controleer met het commando df -h of het bestandssysteem /dev/root inderdaad is gegroeid tot (bijna) de hele omvang van de micro-sd-kaart.

©PXimport

Instellen energietarieven

Voordat je met P1 monitor aan de slag gaat, is het handig om de instellingen na te lopen via Instellingen. Het is bijvoorbeeld handig om je gebruiksgegevens te vertalen naar kosten. Onder Tarieven kun je aangeven wat jouw tarieven voor elektriciteit en gas zijn. Ook kun je een grenswaarde instellen. Dat is het streefbedrag voor je kosten per maand. In het overzicht met kosten zie je dit als grenslijn terug, zodat je direct ziet of je over of onder het gewenste maandbedrag blijft.

Verbruiksgegevens bekijken

Onder het Home-icoontje vind je vier icoontjes voor overzichten van het actuele of historische verbruik. Het eerste icoontje toont het actuele elektriciteitsverbruik, met aan de rechterkant het totaal voor vandaag en aan de onderkant een grafiek met het verbruik van de laatste vier uur. Geef je ook elektriciteit terug aan het energienet, dan kun je dit onder het kopje Levering bekijken. Het tweede icoontje laat het historische elektriciteitsverbruik in grafieken zien (per uur, dag, maand of jaar). Ook kun je hier nog verder op inzoomen als je dat wilt. Op vergelijkbare wijze bekijk je in het volgende overzicht grafieken voor het gasverbruik. Het laatste overzicht toont de gemaakte kosten.

©PXimport

Informatie over het weer toevoegen

Via Instellingen kun je onder Weer een API-sleutel invullen die je gratis via OpenWeatherMap kunt aanmaken na het registreren van een profiel. Let er op dat het zo’n tien minuten duurt voordat een aangemaakte API-sleutel actief is. In P1 monitor voer je de API-sleutel in en de gewenste locatie, bij voorkeur voorzien van het land, bijvoorbeeld Amsterdam,nl. Kies ten slotte Opslaan en ga via Exit terug naar het overzichtsscherm. P1 monitor zal nu in de grafiek met het gasverbruik via een pop-up laten zien wat de minimale, gemiddelde en maximale temperatuur op dat moment was.

Gegevens importeren en exporteren

Het is belangrijk om af en toe een back-up van alle metingen te maken. Hiervoor ga je naar Instellingen / in-export. Door op export te drukken wordt een zip-bestand aangemaakt met alle historische data, in de vorm van sql-statements. Daarmee kan op een later moment de database opnieuw gevuld worden, via de optie import. Wil je upgraden naar een nieuwere versie van P1 monitor? Dan kun je het beste eerst alle data exporteren, daarna een nieuwe image op de micro-sd-kaart schrijven en ten slotte weer de oude data importeren.

©PXimport

Uitlezen met Domoticz

Ook met Domoticz, software voor huisautomatisering, kun je de slimme meter uitlezen. De software laat het actuele verbruik inzien en presenteert ook mooie grafieken en rapporten met het historische verbruik, waarbij je gegevens desgewenst kunt exporteren. Hoewel Domoticz op dit punt iets minder uitgebreid is dan P1 monitor, biedt het wel alle belangrijke functies, en natuurlijk heel veel extra opties voor automatisering in en om het huis. Bovendien kun je in Domoticz flexibel gebruik maken van notificaties of de verbruiksgegevens op andere manieren gebruiken, bijvoorbeeld in zelfgeschreven scripts.

Instellen in Domoticz

Domoticz kun je op verschillende manieren instellen en werkt op veel apparaten. De installatie-instructies vormen een goed startpunt. Wil je Domoticz op een nas van Synology installeren, dan kun je voor actuele pakketten naar www.jadahl.com. Ondersteuning voor de slimme meter is al ingebouwd in Domoticz. Ga hiervoor naar Instellingen / Hardware en voeg het apparaat genaamd P1 Smart Meter USB toe. Daarna kies je in de lijst bij Seriële poort de usb-poort waarop je het kabeltje hebt aangesloten. Je kunt dit achterhalen via de shell, maar ook gewoon uitproberen. Stel ook de andere details in, zoals de baudrate die afhankelijk van je meter 9600 of 115200 bit per seconde kan zijn.

©PXimport

Inzoomen op je verbruik

In Domoticz kun je onder het tabje Overige zien wat het actuele verbruik van elektriciteit is en hoeveel gas je vandaag in totaal hebt verstookt. Druk op Log om grafieken te zien voor vandaag en voor de afgelopen week, maand en het afgelopen jaar. De grafiek per maand is vooral handig om piekdagen er uit te pikken, de jaargrafiek is nuttig om lange-termijn trends in je verbruik te ontdekken. Grafieken kun je eventueel exporteren als afbeelding of databasebestand, en de optie Rapport toont verbruiksgegevens als lijst.

Notificaties ontvangen

©PXimport

Naast het monitoren van het verbruik via de gebruikersinterface van Domoticz kun je ook notificaties instellen, zodat je gewaarschuwd word als het verbruik bijvoorbeeld over een bepaalde drempel komt. Hiervoor gebruik je de optie Notificaties die in het blokje voor elektriciteit en gas wordt getoond. Je kunt hier kiezen via welke systemen een notificatie verstuurd moet worden. Dat kan bijvoorbeeld per e-mail, maar ook met een notificatie direct op je smartphone. Als je een Android-smartphone hebt is Pushbullet daarvoor een mooie optie. Je moet de notificaties nog wel zelf configureren via de instellingen van Domoticz.

Waterverbruik meten

Heb je je energieverbruik goed in kaart gebracht, dan wil je wellicht ook je waterverbruik bijhouden. Hierop kun je natuurlijk ook besparen en het is ook nog eens beter voor het milieu als je zuinig omgaat met water. Sinds enkele maanden biedt P1 monitor een mogelijkheid om de watermeter uit te lezen. Hiervoor zijn wel wat extra handelingen nodig. In dit artikel wordt uitgelegd hoe dat werkt.

▼ Volgende artikel
SSD vs. HDD: waarom is een SSD zo veel sneller dan een harde schijf?
© arinahabich
Huis

SSD vs. HDD: waarom is een SSD zo veel sneller dan een harde schijf?

Waarom start een computer met een SSD binnen enkele seconden op, terwijl een oude harde schijf blijft ratelen? Het vervangen van een HDD door een SSD is de beste upgrade voor een trage laptop of pc. We leggen in dit artikel uit waar die enorme snelheidswinst vandaan komt en wat het fundamentele verschil is tussen deze twee opslagtechnieken.

Iedereen die zijn computer of laptop een tweede leven wil geven, krijgt vaak hetzelfde advies: vervang de oude harde schijf door een SSD. De snelheidswinst is direct merkbaar bij het opstarten en het openen van programma's. Maar waar komt dat enorme verschil in prestaties vandaan? Het antwoord ligt in de fundamentele technologie die schuilgaat onder de behuizing van deze opslagmedia.

De vertraging van mechanische onderdelen

Om te begrijpen waarom een Solid State Drive (SSD) zo snel is, moeten we eerst kijken naar de beperkingen van de traditionele harde schijf (HDD). Een HDD werkt met magnetische roterende platen. Dat kun je vergelijken met een geavanceerde platenspeler. Wanneer je een bestand opent, moet een fysieke lees- en schrijfkop zich naar de juiste plek op de draaiende schijf verplaatsen om de data op te halen. Dat fysieke proces kost tijd, wat we latentie noemen. Hoe meer de data op de schijf verspreid staat, hoe vaker de kop heen en weer moet bewegen en wachten tot de juiste sector onder de naald doordraait. Dit mechanische aspect is de grootste vertragende factor in traditionele opslag.

©Claudio Divizia

Flashgeheugen en directe gegevensoverdracht

Een SSD rekent definitief af met deze wachttijden omdat er geen bewegende onderdelen in de behuizing zitten. De naam 'Solid State' verwijst hier ook naar; het is een vast medium zonder rammelende componenten. In plaats van magnetische platen gebruikt een SSD zogenoemd NAND-flashgeheugen. Dat is vergelijkbaar met de technologie in een usb-stick, maar dan veel sneller en betrouwbaarder. Omdat de data op microchips wordt opgeslagen, is de toegang tot bestanden volledig elektronisch. Er hoeft geen schijf op toeren te komen en er hoeft geen arm te bewegen. De controller van de SSD stuurt simpelweg een elektrisch signaal naar het juiste adres op de chip en de data is direct beschikbaar.

Toegangstijd en willekeurige leesacties

Hoewel de maximale doorvoersnelheid van grote bestanden bij een SSD indrukwekkend is, zit de echte winst voor de consument in de toegangstijd. Een besturingssysteem zoals Windows of macOS is constant bezig met het lezen en schrijven van duizenden kleine systeembestandjes. Een harde schijf heeft daar enorm veel moeite mee, omdat de leeskop als een bezetene heen en weer moet schieten. Een SSD kan deze willekeurige lees- en schrijfopdrachten (random read/write) nagenoeg gelijktijdig verwerken met een verwaarloosbare vertraging. Dat is de reden waarom een pc met een SSD binnen enkele seconden opstart, terwijl een computer met een HDD daar soms minuten over doet.

©KanyaphatStudio

Van SATA naar NVMe-snelheden

Tot slot speelt de aansluiting een rol in de snelheidsontwikkeling. De eerste generaties SSD's gebruikten nog de SATA-aansluiting, die oorspronkelijk was ontworpen voor harde schijven. Hoewel dat al een flinke verbetering was, liepen snelle SSD's tegen de grens van deze aansluiting aan. Moderne computers maken daarom gebruik van het NVMe-protocol via een M.2-aansluiting. Deze technologie communiceert rechtstreeks via de snelle PCIe-banen van het moederbord, waardoor de vertragende tussenstappen van de oude SATA-standaard worden overgeslagen. Hierdoor zijn snelheden mogelijk die vele malen hoger liggen dan bij de traditionele harde schijf.

Populaire merken voor SSD's

Als je op zoek bent naar een betrouwbare en snelle SSD, is er een aantal fabrikanten dat de markt domineert. Samsung wordt door velen gezien als de marktleider op het gebied van flashgeheugen en staat bekend om de uitstekende prestaties van hun EVO- en PRO-series. Daarnaast is Western Digital (WD) een vaste waarde; dit merk heeft de transitie van traditionele harde schijven naar SSD's succesvol gemaakt met hun kleurgecodeerde (Blue, Black en Red) series voor verschillende doeleinden. Ook Transcend is een uitstekende keuze; dit merk staat al jaren bekend om zijn betrouwbare geheugenproducten en biedt duurzame SSD's die lang meegaan. Tot slot bieden merken als Kingston en Seagate betrouwbare alternatieven die vaak net iets vriendelijker geprijsd zijn, zonder dat je daarbij veel inlevert op stabiliteit.

▼ Volgende artikel
AI zonder programmeren: Zo bouw je je eigen chatbot
© ID.nl
Huis

AI zonder programmeren: Zo bouw je je eigen chatbot

Misschien heb je wel eens een vraag gesteld aan een AI-chatbot als ChatGPT, Microsoft Copilot of Perplexity. Maar hoe ontwerp je zelf nu zo'n chatbot? Met de juiste tools is daar zelfs weinig tot geen programmeerwerk voor vereist. We bekijken twee uiteenlopende oplossingen.

Een AI-chatbot is een digitale gesprekspartner die wordt aangedreven door kunstmatige intelligentie. Meestal is de intelligentie gebaseerd op een taalmodel dat is getraind om mensachtige gesprekken te voeren. In tegenstelling tot traditionele op regels gebaseerde chatbots, die alleen vooraf ingestelde antwoorden geven, kan een AI-chatbot vrije tekst begrijpen en ‘natuurlijke’ reacties geven.

In dit artikel kijken we naar het bouwen van een eigen chatbot die je op je desktop of mobiel kunt gebruiken en zelfs op een eigen website kunt plaatsen. We bespreken twee manieren. De eenvoudigste is een no-code chatbotplatform dat het AI-gedeelte achter de schermen afhandelt en je via een gebruiksvriendelijke interface laat bepalen hoe de gespreksflow verloopt. Typische voorbeelden zijn Chatfuel en Chatbot voor zakelijke toepassingen. Daarnaast zijn er de meer toegankelijke Poe en Coze, die we hier behandelen. Onze tweede oplossing is technischer, maar flexibeler. Daarbij gebruik je de Application Programming Interface (API) van een AI-taalmodel om de AI-functionaliteit in je eigen omgeving te integreren. Hiervoor werken we graag met de online omgeving Google Colab.

Poe

Laten we starten met een gebruiksvriendelijke optie: het no-code chatbotplatform Poe (www.poe.com). Je kunt hier ook de app voor desktop of mobiel downloaden en installeren, met vrijwel dezelfde interface en functies als in de browser. De eerste keer maak je een account aan of meld je je aan met je Google- of Apple-account. Via Bots and apps kun je met allerlei AI-chatbots praten, maar in dit geval willen we vooral een eigen chatbot maken. Concreet gaat het om het creëren van een eigen ‘persona’ binnen een gekozen AI-model. Zo’n persona kun je zien als het perspectief, de rol of identiteit die je een AI-bot meegeeft.

Klik hiervoor op Create +. Je krijgt nu verschillende opties, zoals Image generation bot, Video generation bot en Prompt bot. Wij kiezen dit laatste.

Poe bestaat ook als desktop-app en biedt toegang tot vele tientallen AI-modellen.

Creatie

Je hoeft nu eigenlijk alleen maar een onlineformulier in te vullen. We doorlopen kort de belangrijkste onderdelen. Naast het gekozen bottype moet je een naam verzinnen. Omdat deze deel uitmaakt van de url, kies je bij voorkeur een originele, korte naam in kleine letters. Voeg ook een beschrijving toe, die zichtbaar is voor gebruikers van je bot.

Bij Base bot selecteer je een geschikt AI-model, bijvoorbeeld Claude-Haiku-3, GPT-4o-mini, GPT-5 of Grok-4. Afhankelijk van het model gelden er soms beperkingen. Poe-abonnees krijgen doorgaans uitgebreidere toegang tot de duurdere modellen.

Bij Prompt beschrijf je nauwkeurig en uitgebreid hoe de bot moet reageren. De optie Optimize prompt for Previews kun je uitgeschakeld laten. Vul bij Greeting message een welkomstwoord in dat de bot bij elke start toont. Het onderdeel Advanced kun je eigenlijk ongemoeid laten, maar interessant is wel dat je bij Custom temperature het ‘creativiteitsgehalte’ van de bot kunt instellen: hoe hoger de waarde, hoe creatiever en onvoorspelbaarder.

Bij Access kies je de zichtbaarheid van je bot. Wellicht is Only people with the access link de handigste optie, waarna de url zichtbaar wordt en je deze kunt verspreiden. Klik bovenin op Edit picture en kies of ontwerp een passend pictogram. Is alles ingevuld, klik dan onderin op Publish. Je bot is nu klaar voor gebruik. Om je bot te bewerken, hoef je deze maar bij Bots and apps te selecteren en via het knopje met de drie puntjes op Edit te klikken. Ook de optie Delete is beschikbaar.

Geef duidelijk aan wat je bot precies moet doen.
GPT's van OpenAI

Binnen de omgeving van OpenAI (https://chat.openai.com) kun je ook je eigen AI-chatbots maken, de zogeheten GPT’s. Hiervoor heb je wel een plusabonnement nodig (23 euro per maand). Je bent daarbij ook beperkt tot de GPT-modellen van OpenAI, maar je kunt je creaties wel delen via een link of in de GPT-store.

In het kort werkt dit als volgt. Meld je aan en klik links op GPT’s. Klik rechtsboven op + Maken. Via Configureren stel je alles handmatig in, maar via Maken kan het ook ‘al converserend’. Beschrijf kort wat je GPT moet doen en voor wie. Laat de tool een naam en profielfoto voorstellen en beantwoord de vragen om toon en werking af te stemmen. Test je GPT in de preview en ga daarna naar Configureren, waar je naam, beschrijving, instructies en gespreksopeningen ziet. Bij Kennis kun je bestanden uploaden zodat je GPT ook informatie uit je eigen documenten haalt. Via Nieuwe handeling maken koppel je eventueel acties aan externe API’s, gebruik alleen API’s die je vertrouwt. Bevestig met Maken en bepaal hoe je je GPT deelt: Alleen ik, Iedereen met de link of GPT-winkel (in een zelfgekozen categorie). Rond af met Opslaan. Je kunt de link (https://chatgpt.com/g/<code><naam>) daarna kopiëren en verspreiden. Via GPT’s / Mijn GPT’s kun je eerder gemaakte GPT’s bewerken of verwijderen.

Je kunt ook je ook eigen ‘chatbots’ (GPT’s) ontwerpen, gebruiken en met anderen delen.

Poe biedt ook geavanceerdere mogelijkheden als een Server bot-type (waarmee je ook andere API’s kunt aanroepen). Via Knowledge base kun je verder eigen informatiebronnen toevoegen waaruit de bot kan putten. Voor complexere bots gebruiken we toch liever het no-code platform Coze (www.coze.com) dat veel extra opties kent. Meld je aan met je Google-account, klik op + Create in de linkerkolom en daarna op + Create bij Create agent.

Coze

Coze gebruikt de term agent in plaats van bot om duidelijk te maken dat je er een digitale assistent mee kunt maken die niet alleen met een AI-model antwoorden geeft, maar ook geheugen of context kan gebruiken en meerdere kanalen kan bedienen, zoals een website of een Discord-server, maar zover gaan we hier niet.

Vul een passende naam voor je bot of agent in en schrijf een korte maar duidelijke omschrijving, bijvoorbeeld “Deze bot haalt allerlei informatie uit onze eigen documenten rond computerbeveiliging.” Laat Personal geselecteerd bij Workspace en klik linksonder op het knopje om een geschikt pictogram te uploaden of klik op het sterretje om er een te laten genereren. Klik daarna op Confirm.

De start van je eigen AI-chatbot (of agent) in Coze.

Uitwerking

Je komt nu in je dashboard waar je de bot verder vorm kunt geven. Ontwerp de persona door in het linkerdeelvenster een uitvoerige omschrijving van de bot in te vullen. Optimaliseer deze omschrijving snel met het blauwe knopje Auto Optimize prompt rechtsboven. Na bevestiging met Auto-optimize werkt Coze meteen een geoptimaliseerde prompt uit voor de persona. Klik op Replace om deze te gebruiken. In het rechterdeelvenster kun je je bot direct testen. De antwoorden komen uit de kennisdatabank van het geselecteerde model (zoals GPT-4o).



Wil je dat de bot ook uit eigen bronnen put, dan moet je deze eerst uploaden. Dit doe je in het middelste deelvenster, bij

Knowledge, waar je uit Text, Table en Images kunt kiezen. Klik op het plusknopje bij bijvoorbeeld Text en daarna op Create knowledge. Selecteer Text format en geef een naam aan je informatiebundel. Je kunt data ophalen uit bronnen als Notion of Google Doc, maar wij kiezen voor Local documents om eigen bestanden te uploaden. Klik op Create and import en versleep de gewenste documenten naar het venster. Klik daarna op Next (3x) en wat later zijn je documenten verwerkt. Rond af met Confirm en met Add to Agent rechtsboven. Je vindt je informatiebundel nu terug bij Knowledge en de bot put voortaan (ook) uit deze gegevens.

Om je bot beschikbaar te maken, klik je rechtsboven op Publish en daarna op Confirm. Je kunt hem op diverse platformen publiceren, onder meer in de Coze Agent Store. Selecteer een passende categorie en bevestig met Publish.

Laat AI je helpen bij het ontwerpen van een optimale persona.

Extra's

Daarnaast biedt Coze nog diverse andere nuttige opties, zoals talrijke plug-ins. Klik hiervoor op het plusknopje bij Plugins of gebruik het A-knopje om automatisch geschikte plug-ins te laden op basis van je persona-beschrijving. Deze kun je meteen inzetten, eventueel na optimale afstelling via het tandwielpictogram.

Je kunt de functionaliteit van je bot eenvoudig uitbreiden met talrijke plug-ins.

API-sleutels

No code-platformen als Poe en Coze zijn handig, maar wil je meer flexibiliteit en schrik je niet terug voor enige basiscodering, dan werk je beter met de API van een AI-model. Deze fungeert als tussenpersoon die je script en de AI-dienst laat communiceren via een set regels en commando’s. We gaan uit van de API van OpenAI (GPT) en maken eerst een sleutel aan om de API-interface te gebruiken. Ga naar https://platform.openai.com/api-keys, meld je aan met je account (zoals Google) en klik op +Create new secret key. Geef de sleutel een naam, bijvoorbeeld aibot, en klik op Create secret key. Klik daarna op Copy en bewaar de sleutel op een veilige plek. Rond af met Done: de sleutel is nu toegevoegd. Je kunt deze hier op elk moment ook weer intrekken.

Je hebt een sleutel nodig om de API te kunnen gebruiken.

Interactie

Een snelle manier om een script te maken dat deze API aanroept, is via het gratis Google Colab (https://colab.research.google.com), een online notitieboek voor Python. Meld je aan met je Google-account, klik op + Nieuw notebook of ga naar Bestand en kies Nieuw notebook in Drive, en geef het ipynb-bestand (Interactive PYthon NoteBook) een zinvolle naam. Het notebook wordt automatisch in je Google Drive bewaard en is bereikbaar via het pictogram met de oranje cirkels.

Klik nu op + Code voor je eerste codecel, waarmee je de OpenAI-bibliotheek installeert:

!pip install openai

Voer dit uit met het pijlknopje en klik vervolgens op + Code voor de tweede cel met de volgende code:


from openai import OpenAI

client = OpenAI(api_key="<je_API-sleutel>")

response = client.chat.completions.create(

    model="gpt-3.5-turbo",

    messages=[{"role": "user", "content": "Wat weet je over Haarlem( Nederlands)?"}]

)

print(response.choices[0].message.content)


Je laadt hierbij eerst de geïnstalleerde Python-bibliotheek en zet je geheime sleutel in de clientconfiguratie. Vervolgens stuur je een chataanvraag naar OpenAI en bewaar je het antwoord in de variabele ‘response’. Vervolgens haal je de tekst van het (eerste) antwoord op en druk je dit af in de uitvoer van de code-cel.

Een eenvoudige interactie tussen je script en GPT via de API.

Eigen chatbot

 We gaan nu een stap verder en maken er een heuse chatbot van die via een while-lus een doorlopend gesprek kan voeren:


from openai import OpenAI

client = OpenAI(api_key="<je_API-sleutel>")

messages=[

    {"role":"system","content":"Je beantwoordt elke prompt leuk, maar correct, met een rijmschema zoals ABAB of ABBA"}]

while True:

  user_input=input("Jij:")

  if user_input.lower() in ["stop","exit","quit"]:

    break

  messages.append({"role":"user","content":user_input})

  response=client.chat.completions.create(

      model="gpt-4o",messages=messages)

  bot_reply=response.choices[0].message.content

  print("Bot:",bot_reply)

  messages.append({"role":"assistant","content":bot_reply})


Zolang de gebruiker geen stopwoord invoert, blijft de lus actief. De bot antwoordt in de stijl en taal die je zelf hebt vastgelegd in de systeemrol (zie coderegel 3). Met de methode-aanroep messages.append voeg je telkens een nieuw bericht van zowel de gebruiker (user) als de bot (assistant) toe aan de gespreksgeschiedenis.

Mocht je ergens een fout hebben gemaakt in je script, dan is de kans groot dat je via de knop Fout uitleggen nuttige feedback krijgt en met de knop Accepteren (en uitvoeren) de fout zelfs automatisch kunt laten verbeteren.

In het kader ‘Mooi gepresenteerd’ lichten we kort toe hoe je dit script bijvoorbeeld ook op een eigen webpagina kunt laten draaien.

Onze rijmende chatbot wordt wakker geschud vanuit Colab.
Mooi gepresenteerd

Je Colab-script werkt, maar het oogt niet fraai en je wilt het natuurlijk mooi gepresenteerd met anderen delen. Dit doe je het makkelijkst met Gradio, een opensource-Python-bibliotheek waarmee je snel een webinterface rond je script bouwt. Installeer en importeer daarvoor eerst Gradio in je Colab-omgeving:

!pip install -q gradio

import gradio

Via www.kwikr.nl/colabcode vind je de code (als py-bestand) waarmee je rond het Colab-script met Gradio een eenvoudige webinterface genereert. Deze verschijnt in je Colab-omgeving, maar je krijgt ook een publieke url te zien waar je de interface rechtstreeks kunt openen (https://<code>.gradio.live).

Dankzij de volgende aanroep in de laatste coderegel kunnen bezoekers van deze webpagina je chatbot-script ook als PWA-app op hun pc bewaren en starten:

demo.launch(share=True,pwa=True)

Een alternatief is deze webpagina via een <iframe>-instructie in de html-code van je eigen site op te nemen:

<iframe src=https://<code>.gradio.live></iframe>

Gradio heeft een eenvoudige webinterface gecreëerd voor ons chatbotscript.