ID.nl logo
Zo kun je je slimme meter uitlezen met een Raspberry Pi
© Reshift Digital
Huis

Zo kun je je slimme meter uitlezen met een Raspberry Pi

Bijna iedereen heeft tegenwoordig een slimme meter, maar wist je ook dat je die zelf kunt uitlezen? Aan de hand van een Raspberry Pi leggen we uit hoe je dat doet.

Iedereen een slimme meter

Al circa vier miljoen huishoudens hebben tegenwoordig een slimme meter. Die meet je stroomverbruik en geeft dit samen met de standen van de gasmeter door via het mobiele netwerk. Handig voor de energieleverancier en netbeheerder, die verbruiksgegevens kunnen uitlezen en inzicht krijgen in pieken of storingen op het energienet. Maar ook handig voor jou, omdat je meer inzicht kunt krijgen in je verbruik en bijvoorbeeld de teruggave van zonnepanelen. Vanaf 2023 is het zelfs verplicht om een slimme meter te hebben bij zonnepanelen, vanwege belastingmaatregelen. Behalve via een internetportaal van je energieleverancier of een onafhankelijke dienst kun je ook zelf via de datapoort op de slimme meter, de zogenaamde P1-poort, het verbruik bijhouden. 

Uit onderzoek van Netbeheer Nederland is gebleken dat maar weinig huishoudens in Nederland de P1-poort benutten. Volgens het onderzoek willen mensen best energie besparen op basis van inzicht in hun energieverbruik, maar liefst zonder daarvoor zelf steeds in actie te hoeven komen. Door de stappen in dit artikel door te lopen, maak je het jezelf erg makkelijk.

©PXimport

Slimme meters kopen

Inzicht via onafhankelijke dienst

Wie het eenvoudig wil houden, kan bijvoorbeeld deze gratis dienst gebruiken. Na verificatie van je adres kun je via je account inzicht krijgen in je verbruik aan de hand van grafieken. Een leuke bonus is dat je je verbruik kunt vergelijken met mensen in je omgeving of met dezelfde woonsituatie. Erg gedetailleerd zijn de verbruiksgegevens niet, zeker voor die ouder dan twee maanden, en het is niet realtime. Ook geef je een derde partij de beschikking over je verbruiksgegevens. Daarom gaan we zelf aan de slag met software om het verbruik bij te houden.

Zelf je slimme meter uitlezen

Wie zelf zijn slimme meter wil uitlezen, heeft daarvoor alleen een Raspberry Pi nodig. Het nieuwste model is de Raspberry Pi 4, maar de Raspberry Pi 3 model B vosltaat ook, sterker nog deze hebben we gebruikt voor dit artikel. Verder heb je nog een kabeltje voor de P1-poort van de slimme meter (zie stap 5) en wat software op een micro-sd-kaart nodig. We bekijken twee softwareopties. De eerste is P1 monitor dat specifiek is ontwikkeld voor het uitlezen van de slimme meter. Het uitlezen van de slimme meter is verder vooral het domein van huisautomatiseringssoftware. We bekijken Domoticz dat de belangrijkste opties voor het uitlezen van de slimme meter biedt.

©PXimport

Laten installeren 

Ga je voor het eerst aan de slag met Raspberry Pi en bestel je een starterkit, dan kun je het besturingssysteem in veel gevallen – tegen een kleine vergoeding – door de leverancier laten installeren. Je kunt dan daarna direct Domoticz installeren. Je kunt het uiteraard ook zelf doen: in dit artikel leggen we uit hoe dat werkt.

Raspberry Pi en micro-sd-kaart

P1 monitor is net als Domoticz specifiek ontwikkeld voor de Raspberry Pi. P1 monitor werkt het beste op een Raspberry Pi 3 model B en zou ook moeten werken op de Raspberry Pi 4. De Pi 3 model B+ wordt sinds de laatste versie ook ondersteund en zou nog wat vlotter moeten werken. Hoewel het ook op een Raspberry Pi 2 werkt, wordt dit afgeraden door de wat langzamere processor.

Domoticz werkt goed op zowel de Pi 2 als 3 en 4, maar kun je bovendien ook prima op bijvoorbeeld een Linux-server of nas installeren, bijvoorbeeld van Synology.

Kabeltje voor de slimme meter

Er bestaan, zoals je verderop in dit artikel kunt lezen, verschillende protocollen voor de communicatie met de slimme meter en ook verschillende communicatie-instellingen. Heel veel verschillende kabeltjes zijn er gelukkig niet, al is het verstandig om vooraf te controleren of een kabel ook echt geschikt is voor jouw slimme meter. Het kabeltje is bij diverse webshops te koop zoals Cedel.nl of SOS Solutions, kost net geen 20 euro en is voor de meeste meters geschikt. Je kunt ze ook goedkoper vinden (bijvoorbeeld bij Chinese webshops) of zelf bouwen, maar dan heb je minder garantie dat het werkt.

©PXimport

Bijna realtime meten

Zowel P1 monitor als Domoticz kan het actuele elektriciteit- en gasverbruik laten zien en tevens, aan de hand van grafieken, het historische verbruik. Door je energietarieven op te geven, kun je tevens de bijbehorende kosten inzichtelijk maken. Het actuele verbruik is vrijwel realtime: dit wordt iedere 10 seconden door de slimme meter doorgegeven. Je kunt dus de invloed zien van een apparaat dat je inschakelt. De gegevens voor gasverbruik ontvang je wat minder vaak, die worden meestal per uur door de slimme meter doorgegeven.

Installatie op micro-sd-kaart

Naast de kant-en-klare image van 8 GB voor de Raspberry Pi 3 model B(+) heb je ook de USB Image Tool nodig. Plaats een micro-sd-kaart in de kaartlezer, selecteer in USB Image Tool de kaartlezer en kies Restore. Wijs het image-bestand aan en zet het op de micro-sd-kaart. Het kan mislukken als er nog data op de micro-sd-kaart staat. Dat kun je vaak oplossen met de optie Reset in USB Image Tool of met een tool als SD Formatter.

©PXimport

Instellingen voor de slimme meter

Plaats het micro-sd-kaartje in de Pi. Sluit netwerkkabel, voedingskabel en de slimme-meterkabel aan en start de Pi. Daarna staat P1 monitor voor je klaar in de browser op http://p1mon. Controleer via Informatie / P1 poort status of data van de slimme meter wordt ontvangen. Als dat niet zo is, moet je de seriële instellingen aanpassen via Instellingen / P1 poort. Gebruik de standaard inloggegevens (gebruikersnaam root, wachtwoord toor). Er zijn een paar gangbare combinaties die vrijwel altijd werken (zie kader ‘Slimme-meterprotocollen’). Komen na het aanpassen van de instellingen de eerste gegevens binnen (dit kan tot tien seconden duren), dan verandert de status naar groen.

Slimme-meterprotocollen

De communicatie met een slimme meter via de P1-poort is vastgelegd in het dsmr-protocol (Dutch Smart Meter Requirements). Bekende versies zijn dsmr 3, 4 en 5. Die laatste biedt paar leuke voordelen, zoals meetgegevens per seconde in plaats van tien seconden. P1 monitor is standaard ingesteld voor dsmr 3 met een baudrate van 9600 bit per seconde, 7 databits, even pariteit en 1 stop bit. Bij meters van Iskra en Kamstrup is dit het meest gangbaar. Voor slimme meters met dsmr 4 of 4.2, die we vaak terugzien bij Kaifa en Landis+Gyr, is de baudrate veelal 115200 bit per seconde met 8 databits, geen pariteit en 1 stop bit.

Ruimte micro-sd-kaart benutten

Heb je P1 monitor geïnstalleerd op een micro-sd-kaart groter dan 8 GB? De extra ruimte wordt standaard niet benut, maar het is gemakkelijk op te lossen door in te loggen op de Pi met PuTTY of een andere ssh-cliënt. Gebruik p1mon als hostnaam en de standaard inloggegevens (gebruikersnaam root, wachtwoord toor). Start vanaf de shell de tool raspi-config met het commando sudo raspi-config. Kies Advanced Options en vervolgens Expand Filesystem. Herstart daarna de Pi, zodra hierom wordt gevraagd, en log opnieuw in. Controleer met het commando df -h of het bestandssysteem /dev/root inderdaad is gegroeid tot (bijna) de hele omvang van de micro-sd-kaart.

©PXimport

Instellen energietarieven

Voordat je met P1 monitor aan de slag gaat, is het handig om de instellingen na te lopen via Instellingen. Het is bijvoorbeeld handig om je gebruiksgegevens te vertalen naar kosten. Onder Tarieven kun je aangeven wat jouw tarieven voor elektriciteit en gas zijn. Ook kun je een grenswaarde instellen. Dat is het streefbedrag voor je kosten per maand. In het overzicht met kosten zie je dit als grenslijn terug, zodat je direct ziet of je over of onder het gewenste maandbedrag blijft.

Verbruiksgegevens bekijken

Onder het Home-icoontje vind je vier icoontjes voor overzichten van het actuele of historische verbruik. Het eerste icoontje toont het actuele elektriciteitsverbruik, met aan de rechterkant het totaal voor vandaag en aan de onderkant een grafiek met het verbruik van de laatste vier uur. Geef je ook elektriciteit terug aan het energienet, dan kun je dit onder het kopje Levering bekijken. Het tweede icoontje laat het historische elektriciteitsverbruik in grafieken zien (per uur, dag, maand of jaar). Ook kun je hier nog verder op inzoomen als je dat wilt. Op vergelijkbare wijze bekijk je in het volgende overzicht grafieken voor het gasverbruik. Het laatste overzicht toont de gemaakte kosten.

©PXimport

Informatie over het weer toevoegen

Via Instellingen kun je onder Weer een API-sleutel invullen die je gratis via OpenWeatherMap kunt aanmaken na het registreren van een profiel. Let er op dat het zo’n tien minuten duurt voordat een aangemaakte API-sleutel actief is. In P1 monitor voer je de API-sleutel in en de gewenste locatie, bij voorkeur voorzien van het land, bijvoorbeeld Amsterdam,nl. Kies ten slotte Opslaan en ga via Exit terug naar het overzichtsscherm. P1 monitor zal nu in de grafiek met het gasverbruik via een pop-up laten zien wat de minimale, gemiddelde en maximale temperatuur op dat moment was.

Gegevens importeren en exporteren

Het is belangrijk om af en toe een back-up van alle metingen te maken. Hiervoor ga je naar Instellingen / in-export. Door op export te drukken wordt een zip-bestand aangemaakt met alle historische data, in de vorm van sql-statements. Daarmee kan op een later moment de database opnieuw gevuld worden, via de optie import. Wil je upgraden naar een nieuwere versie van P1 monitor? Dan kun je het beste eerst alle data exporteren, daarna een nieuwe image op de micro-sd-kaart schrijven en ten slotte weer de oude data importeren.

©PXimport

Uitlezen met Domoticz

Ook met Domoticz, software voor huisautomatisering, kun je de slimme meter uitlezen. De software laat het actuele verbruik inzien en presenteert ook mooie grafieken en rapporten met het historische verbruik, waarbij je gegevens desgewenst kunt exporteren. Hoewel Domoticz op dit punt iets minder uitgebreid is dan P1 monitor, biedt het wel alle belangrijke functies, en natuurlijk heel veel extra opties voor automatisering in en om het huis. Bovendien kun je in Domoticz flexibel gebruik maken van notificaties of de verbruiksgegevens op andere manieren gebruiken, bijvoorbeeld in zelfgeschreven scripts.

Instellen in Domoticz

Domoticz kun je op verschillende manieren instellen en werkt op veel apparaten. De installatie-instructies vormen een goed startpunt. Wil je Domoticz op een nas van Synology installeren, dan kun je voor actuele pakketten naar www.jadahl.com. Ondersteuning voor de slimme meter is al ingebouwd in Domoticz. Ga hiervoor naar Instellingen / Hardware en voeg het apparaat genaamd P1 Smart Meter USB toe. Daarna kies je in de lijst bij Seriële poort de usb-poort waarop je het kabeltje hebt aangesloten. Je kunt dit achterhalen via de shell, maar ook gewoon uitproberen. Stel ook de andere details in, zoals de baudrate die afhankelijk van je meter 9600 of 115200 bit per seconde kan zijn.

©PXimport

Inzoomen op je verbruik

In Domoticz kun je onder het tabje Overige zien wat het actuele verbruik van elektriciteit is en hoeveel gas je vandaag in totaal hebt verstookt. Druk op Log om grafieken te zien voor vandaag en voor de afgelopen week, maand en het afgelopen jaar. De grafiek per maand is vooral handig om piekdagen er uit te pikken, de jaargrafiek is nuttig om lange-termijn trends in je verbruik te ontdekken. Grafieken kun je eventueel exporteren als afbeelding of databasebestand, en de optie Rapport toont verbruiksgegevens als lijst.

Notificaties ontvangen

©PXimport

Naast het monitoren van het verbruik via de gebruikersinterface van Domoticz kun je ook notificaties instellen, zodat je gewaarschuwd word als het verbruik bijvoorbeeld over een bepaalde drempel komt. Hiervoor gebruik je de optie Notificaties die in het blokje voor elektriciteit en gas wordt getoond. Je kunt hier kiezen via welke systemen een notificatie verstuurd moet worden. Dat kan bijvoorbeeld per e-mail, maar ook met een notificatie direct op je smartphone. Als je een Android-smartphone hebt is Pushbullet daarvoor een mooie optie. Je moet de notificaties nog wel zelf configureren via de instellingen van Domoticz.

Waterverbruik meten

Heb je je energieverbruik goed in kaart gebracht, dan wil je wellicht ook je waterverbruik bijhouden. Hierop kun je natuurlijk ook besparen en het is ook nog eens beter voor het milieu als je zuinig omgaat met water. Sinds enkele maanden biedt P1 monitor een mogelijkheid om de watermeter uit te lezen. Hiervoor zijn wel wat extra handelingen nodig. In dit artikel wordt uitgelegd hoe dat werkt.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.