ID.nl logo
Huis

Virtualisatie met VirtualBox en VMware Player

Windows op een Macbook draaien of Linux op een Windows-pc, dat kan door middel van virtualisatie. Twee programma's zijn daarvoor beide goed geschikt: VirtualBox en VMware Player. Hoe installeer en configureer je ze?

In dit artikel focussen we ons verder op de twee gratis virtualisatieprogramma’s voor Windows: VirtualBox en VMware Player. Maar welk programma je ook gebruikt: de stappen zoals beschreven zijn in alle gevallen in alle programma’s zeer vergelijkbaar. De installatie heeft telkens weinig opties, de standaard instellingen leiden altijd tot een werkend product. Lees hier meer over virtualisatie.

Het maken van een nieuwe virtuele machine gebeurt in alle programma’s met een wizard. De wizard zorgt ervoor dat alle belangrijke configuratieopties worden ingesteld. Klik in VMware Player op Create a new virtual machine. Als eerste moet je aangeven waar het besturingssysteem staat dat je in de virtuele machine wilt installeren. Is dit een echte cd of dvd, kies dan Installer disc en plaats de cd/dvd in de dvd-speler van de computer.

Heb je geen echte schijf, maar wel een iso-bestand, dan werkt dat ook prima. Klik dan op Installer disc image file (iso) en selecteer via Browse het iso-bestand (bevestig met Next). Player past nu het vervolg van de installatiewizard aan op het te installeren besturingssysteem. Bij Windows kun je de licentiesleutel al invoeren en een administrator-account compleet met wachtwoord aanmaken. Klik op Next en geef de virtuele machine een naam en een plek op de harde schijf.

Virtuele schijf/machine aanmaken

De volgende stap in VMware Player is het aanmaken van de virtual schijf. Je kunt de virtuele machine op je systeem opslaan als één groot bestand of een reeks kleinere. De grootte van de virtuele schijf kun je zelf aanpassen, maar maak deze niet te klein om later in de virtuele machine geen ruimtegebrek te krijgen.

Bovendien wordt de ruimte niet direct volledig ingenomen, de omvang die je opgeeft is de maximale grootte. Klik op Next, je ziet nu een overzicht van de instellingen voor de virtuele machine. Zijn deze in orde, klik dan op Finish om de virtuele machine aan te maken en het besturingssysteem te installeren.

Heb je voor VirtualBox gekozen, dan lopen de stappen zoals gezegd ongeveer hetzelfde. Om een nieuwe virtuele machine te maken klik je op Nieuw. Geef de virtuele machine een naam en selecteer het te installeren besturingssysteem en de versie. Klik op Volgende. Nu komen de configuratie-items geheugengrootte, harde schijf en locatie. Handhaaf alle standaard opties.

Om de virtuele machine echt te installeren, klik je op Start en selecteer je daarna de cd, dvd of via Bladeren het iso-bestand waarop de installatiebestanden van het besturingssysteem te vinden zijn. Daarna begint de installatie die je net zo uitvoert als een installatie in een echte pc.

©PXimport

Een virtuele machine denkt dat het een écht systeem is. Dat geldt ook voor alle software … en hackers en malware. Wil je Windows in een virtuele machine draaien, dan is een licentiesleutel nodig. Ook voor veel andere betaalde programma’s die je in de VM installeert zijn licenties nodig.

Al die software moet ook geüpdatet en gepatcht worden voor optimale beveiliging. Kortom: op een virtuele machine zijn alle beveiligingsmaatregelen nodig die op een gewone pc ook nodig zijn: dus de firewall inschakelen, antivirus installeren etc.

Virtualisatie en drivers

Een besturingssysteem kan alleen optimaal presteren wanneer het over de juiste drivers beschikt voor de onderliggende hardware. Een virtuele machine gebruikt meestal geen standaard drivers, er zijn aparte drivers voor nodig die niet standaard bij de installatie van een besturingssysteem in een virtuele machine worden gedownload en geïnstalleerd. Dat moet je in veel gevallen zelf doen, maar moeilijk is dat gelukkig niet.

In VMware Player log je eerst in met een admin-account in de virtuele machine. Klik daarna met de muis op Player / Manage / Install VMware Tools. Player zal dan een virtuele cd-rom met daarop de drivers laden, die je daarop in één keer kunt installeren.

In VirtualBox gaat het op bijna identieke wijze via Apparaten / Invoegen Guest Additions CD Image. Als de installatie niet al zelf start, open dan in de virtuele machine Windows Verkenner en open de (virtuele) cd-romspeler. Start dan het installatieprogramma. Na afloop moet je de virtuele machine meestal opnieuw opstarten. Daarna zullen de prestaties (vooral de grafische) veel beter zijn.

©PXimport

Wanneer je één of enkele virtuele machines gebruikt, wordt het ineens belangrijk in welke VM de input van je muis en toetsenbord terecht moet komen. Standaard is het zo dat zodra je met de muis in het venster van een virtuele machine klikt, de invoer daarna van muis én toetsenbord naar die virtuele machine gaan. Je kunt dit goed zien aan de muisaanwijzer.

Beweegt de muis zich buiten het venster van de virtuele machine, dan staat de muis in de virtuele machine stil. Klik je echter één keer in het venster van de virtuele machine, dan bestuur je de muis in die virtuele machine met je echte muis.

Het wordt lastiger wanneer je de muis of toetsenbord weer buiten de virtuele machine wilt gebruiken. Beweeg je de muis naar buiten de virtuele machine, dan wil dat niet altijd. De muis zit dan ‘gevangen’ in de virtuele machine. Om de muis en daarmee ook het toetsenbord te bevrijden uit de virtuele machine, gebruik je in VirtualBox de rechter Ctrl-toets en in VMware de sneltoets Ctrl+Alt.

Heb je de ‘Guest Addions’ van VirtualBox of de ‘VMware Tools’ geïnstalleerd, dan is het vaak niet nodig muis en toetsenbord op deze manier te bevrijden, dankzij de verbeterde drivers kun je dan de muis vrij in en uit de virtuele machine bewegen en daarmee ook de input van het toetsenbord sturen.

Werken met Snapshots

Snapshots zijn een heel krachtige mogelijkheid van (sommige) virtuele machines. Met een snapshot bevries je de toestand van een virtuele machine, zodat je daar later altijd naar terug kunt. Een soort savegame-functie die je uit games kent. Je gebruikt het bijvoorbeeld voordat je een programma installeert of een actie uitvoert waarvan je weet dat de virtuele machine die vermoedelijk niet goed doorstaat. Ben je klaar? Dan kun je met een paar klikken de virtuele machine weer terugzetten naar het moment dat je het snapshot maakte.

VMware Player ondersteunt het helaas niet, alleen de duurdere VMware Workstation. VirtualBox biedt wel snapshots. Om een snapshot te maken van een virtuele machine klik je in VirtualBox op Machinegereedschappen / Snapshots. In de werkbalk zie je Snapshots staan. Links is de actieve virtuele machine geselecteerd en rechts de opties voor snapshots. Klik daarna op Neem. Geef dan het snapshot een naam en eventueel een beschrijving, en klik op OK. Daarna kun je de virtuele machine gewoon verder gebruiken en (desgewenst) weer een nieuwe snapshot maken. Het kan ook via de toetsencombinatie rechter-Ctrl+T.

©PXimport

In het venster van de snapshotmanager kun je door meerdere snapshots te maken een hele boom van onderling verbonden snapshots bouwen. Om te zien wat de situatie van een bepaald snapshot was, selecteer je dat in de lijst. Bij Attributen zie je de naam en beschrijving die je zelf aan het snapshot hebt gegeven. Wil je meer weten, klik dan op Informatie. Hier zie je de instellingen van de machine op het moment van het snapshot met alle hardware en instellingen, en een preview.

Klik op Preview om een grotere weergave te zien. Wil je terugkeren naar een eerdere status van de virtuele machine, selecteer dan dat snapshot en klik op Terugzetten. VirtualBox biedt de mogelijkheid de huidige stand eerst als nieuw snapshot te bewaren, klik dan op Terugzetten en even later is de virtuele machine hersteld. Is de optie Terugzetten niet beschikbaar, sluit dan eerst de virtuele machine af.

Locatie virtuele machine

Bekeken vanaf het host-besturingssysteem is een virtuele machine tot slot niets dan een reeks bestanden op de harde schijf. Om die locatie op de harde schijf te vinden, kijk je eerst bij de instellingen van de virtuele machine. Bij VirtualBox klik je hiervoor met de rechtermuisknop op de virtuele machine en kies je Instellingen / Algemeen /Geavanceerd. Bij VMware Player klik je met rechts op Options / General / Working directory.

Kopieer het pad en open het in Windows Verkenner. Bij VMware zijn de .vmdk-bestanden de harde schijf van de virtuele machine. De .vmx is de virtuele machine zelf. Bij VirtualBox is de .vdi de virtuele harde schijf en is de .vbox de virtuele machine. In de map Snapshots vind je de ‘differencing-disks’, de verschillende afsplitsingen van de virtuele schijf, elk is een snapshot. Deze bestanden kun je gewoon kopiëren voor een werkende back-up van je virtuele machine(s).

▼ Volgende artikel
Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat
Huis

Nieuwe Resident Evil Requiem-beelden tonen wat je te wachten staat

Capcom heeft eerder deze week een livestream uitgezonden waarin nieuwe beelden werden getoond van het aankomende horrorspel Resident Evil Requiem. Ook werd er meer informatie gegeven over de game.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

Nadat eind vorig jaar al werd aangekondigd dat spelers niet alleen Grace Ashcroft zullen besturen, maar ook Leon S. Kennedy - een bekend gezicht voor mensen die eerdere delen hebben gespeeld - werd er tijdens de livestream uitgebreid gameplay van dit personage getoond.

Twee verschillende hoofdpersonages

Daarbij werd de nadruk gelegd op de verschillende speelstijlen van Leon en Grace. Op verschillende momenten gedurende de game wordt er automatisch tussen deze personages gewisseld, en ze zullen elk compleet andere gameplay bieden.

De segmenten met Leon - onder andere bekend uit Resident Evil 2 en Resident Evil 4 - zijn erg op actievolle schietgevechten gericht. Leon kan daarnaast ook de kelen van vijanden doorsnijden. Hij heeft ook een bijl waarmee hij aanvallen kan afweren. Grace's segmenten zijn juist erg gericht op spanning en horror en draaien vooral om het vermijden van intense gevechten.

Tijdens de livestream werd ook onthuld dat de game niet alleen naar consoles en pc komt, maar dat leden van Nvidia GeForce Now de game ook kunnen spelen. Ook werd er gepraat over de verschillende moeilijkheidsgraden - zo is er een extra makkelijke moeilijkheidsgraad voor mensen die weinig ervaring hebben met dit type spellen.

De complete livestream kan hieronder worden bekeken. In verband met de volwassen inhoud van de livestream kan het mogelijk zijn dat je op de link in de video moet klikken om naar YouTube te gaan en te bewijzen dat je volwassen bent.

Vanaf 27 februari verkrijgbaar

Resident Evil Requiem verschijnt op 27 februari (pre-orderen kan nu al) voor PlayStation 5, Xbox Series X en S, Nintendo Switch 2 en pc. Het is het negende hoofddeel in de horrorserie die al sinds de jaren negentig bestaat. In de loop der jaren is de franchise meermaals flink op de schop gegaan. Zo richtte Resident Evil 4 zich meer op actie, en zijn horrorelementen sinds Resident Evil 7: Biohazard weer teruggekeerd. Resident Evil Requiem lijkt dan ook een combinatie van al deze elementen te gaan bieden.

Op 27 februari zullen overigens ook Resident Evil 7 en Resident Evil Village (het achtste deel) op Nintendo Switch 2 uitkomen. Daarnaast verschijnt Village later deze maand op PlayStation Plus en Xbox Game Pass.

Watch on YouTube
▼ Volgende artikel
Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten
© chadchai - stock.adobe.com
Huis

Slechte wifi thuis? Dit zijn de 3 grootste wifi-fouten die je signaal verpesten

Je kijkt een spannende serie en opeens bevriest het beeld. Dat bekende draaiende cirkeltje… er zijn weinig dingen zó frustrerend. Gelukkig ligt de oplossing vaak binnen handbereik. De snelheid van je internet hangt namelijk sterk samen met de manier waarop je thuis met je apparatuur omgaat. Door een paar veelgemaakte fouten te vermijden en de juiste techniek te kiezen, merk je vaak direct dat je netwerk stabieler wordt, zonder dat daar een duurder abonnement voor nodig is.

In het kort

In dit artikel lees je welke drie wifi-fouten het vaakst zorgen voor traag internet of haperingen: een onhandige plek voor je router, drukte op 2,4 GHz en verouderde firmware of hardware. Je ziet ook hoe je zelf een rustiger kanaal vindt en wanneer het slim is om te kiezen voor 5 GHz of 6 GHz. Tot slot leggen we uit wat wifi 6 en wifi 7 doen en waarom een netwerkkabel van minimaal cat5e verschil kan maken.

Lees ook: Router of powerline-adapter: wat is de beste keuze voor betere wifi?

Fout 1: De router op de verkeerde plek neerzetten

Een router wint qua looks zelden een schoonheidsprijs. De neiging om het apparaat uit het zicht te plaatsen is daarom groot. Toch is een verkeerde locatie de meest gemaakte fout die je bereik merkbaar (en soms zelfs dramatisch) kan verkleinen.

Dat zit zo.  Je kunt wifi-signalen vergelijken met het licht van een gloeilamp. Als je die lamp in een houten kast of achter een dikke bank zet, blijft de rest van de kamer donker. Obstakels zoals muren, meubels en zelfs grote kamerplanten blokkeren de onzichtbare golven. Vooral metaal en water zijn beruchte boosdoeners; een router naast een aquarium of achter een radiator plaatsen is vragen om problemen.

Ook de hoogte is bepalend. Veel mensen zetten de router op de grond, maar op de grond zit het signaal sneller 'achter' meubels en andere blokkades. Zet het apparaat liever op een kast of boekenplank op ooghoogte voor een vrije weg naar je apparaten.

©ID.nl

Fout 2: Storing door andere apparatuur over het hoofd zien

Je staat er waarschijnlijk niet bij stil, maar veel apparaten in huis gebruiken dezelfde onzichtbare digitale snelweg als je internetverbinding. De magnetron, sommige babyfoons en zelfs de draadloze koptelefoon van de buren vechten om een plekje op de 2,4GHz-band. Ook andere wifi-netwerken in de buurt kunnen voor digitale files zorgen.

De meeste moderne routers ondersteunen gelukkig ook de 5GHz-frequentie. Deze band is veel breder en heeft minder last van andere apparatuur. Het handmatig selecteren van het 5GHz-netwerk levert vaak direct een snelheidswinst op. Heb je een router met wifi 6e of wifi 7, dan kun je soms ook de 6 GHz-band gebruiken. Die is vaak rustiger, maar het bereik is meestal wat kleiner dan bij 5 GHz.

Tip: geef je netwerken duidelijke namen

Veel routers zenden meerdere wifi-netwerken tegelijk uit: 2,4 GHz voor bereik, 5 GHz voor snelheid en soms ook 6 GHz voor extra ruimte in drukke omgevingen. Als al die banden onder één naam vallen, kiest je smartphone of laptop automatisch. Dat gaat vaak goed, maar niet altijd: je toestel kan blijven “plakken” aan 2,4 GHz terwijl 5 GHz op dat moment sneller en stabieler is.

Door je netwerken een herkenbare naam te geven, maak je de keuze simpel. Geef de 2,4 GHz-band bijvoorbeeld de naam thuis-2g, de 5 GHz-band thuis-5g en, als je die hebt, de 6 GHz-band thuis-6g. Dan zie je in één oogopslag welk netwerk je pakt. Zit je ver van de router, dan is 2,4 GHz vaak de veiligste optie. Zit je dichtbij en wil je vooral snelheid, dan ligt 5 GHz of 6 GHz meer voor de hand. Zo kun je bij haperingen of traag internet meteen testen of een andere band het probleem oplost, zonder dat je in instellingen hoeft te graven.

View post on TikTok

Fout 3: Verouderde software en hardware blijven gebruiken

Technologie verandert razendsnel en dat geldt ook voor de beveiliging en snelheid van je netwerk. Veel huishoudens werken nog met de router die ze jaren geleden bij hun eerste abonnement kregen. Deze oude techniek kan de moderne eisen van streaming en videobellen simpelweg niet meer bijbenen. Daarnaast vergeten veel gebruikers om de firmware van hun apparaat te updaten. Fabrikanten brengen deze software-updates uit om prestaties te verbeteren en lekken te dichten. Een verouderd systeem is niet alleen trager, maar ook een makkelijker doelwit voor hackers.


1️⃣2️⃣3️⃣Stappenplan: de beste wifi-kanalen scannen

Als je buren ook allemaal op hetzelfde wifi-kanaal zitten, ontstaat er interferentie. Je kunt dit zelf eenvoudig oplossen door een rustiger kanaal te zoeken.

1) Download een app zoals WiFi Analyzer (Android) of NetSpot (Windows, macOS, Android & iOS).

2) Open de app en bekijk de grafiek van de omgeving. Je ziet hier welke kanalen drukbezet zijn door netwerken in de buurt. Noteer het kanaalnummer dat het minst wordt gebruikt. Vaak zijn kanaal 1, 6 of 11 op de 2,4GHz-band de beste keuzes.

3) Log in op de webinterface van je router via je browser (meestal via een adres als 192.168.1.1). Zoek naar de draadloze instellingen en wijzig het kanaal van 'Automatisch' naar het door jou gekozen nummer. Sla de instellingen op en test of je verbinding stabieler aanvoelt.

Het verschil tussen wifi 6 en wifi 7

Sta je op het punt om een nieuwe router of laptop te kopen? Dan kom je de termen wifi 6 en wifi 7 tegen. Wifi 6 was een grote stap vooruit omdat het beter omgaat met veel apparaten tegelijk op één netwerk. Het zorgt voor een efficiëntere verdeling van de data. Wifi 7 is de allernieuwste standaard en gaat nog een flinke stap verder. Het maakt gebruik van extreem brede kanalen en kan verbinding maken via meerdere frequenties tegelijkertijd. Dit wordt Multi-Link Operation genoemd. Hierdoor is de vertraging merkbaar lager en kun je hogere snelheden halen, vooral op korte afstand en met geschikte apparaten. Voor een gemiddeld huishouden is wifi 6 momenteel een uitstekende keuze, terwijl wifi 7 echt voor de toekomst is gebouwd.

Heel belangrijk: de juiste bekabeling

Draadloos internet begint voor de meeste mensen bij een kabel: heb je een los modem en een losse router, dan vormt de kabel ertussen de basis. Gebruik je hier een oude kabel, dan wordt de snelheid al beperkt voordat het signaal de lucht in gaat. Controleer of er Cat 5e, Cat6 of Cat6a op de kabel staat, dan zit je meestal goed. Cat5 haalt soms maar 100 Mbps door kwaliteit/afmontage. Heb je cat5 liggen? Vervang dat dan in ieder geval door cat5e; dat is een veilige keuze voor gigabit. Een kleine investering in een kwalitatieve netwerkkabel kan een wereld van verschil maken voor de uiteindelijke wifi-snelheid op je telefoon.

Slechte wifi? Oplossen is makkelijker dan je denkt

Alles bij elkaar komt goed wifi minder neer op toeval dan veel mensen denken. Met een slimme plek voor je router, een rustige frequentie en actuele software haal je vaak al verrassend veel winst. Combineer dat met een fatsoenlijke netwerkkabel en je voorkomt dat de dat de verbinding al beperkt wordt voordat het signaal draadloos wordt verspreid. Door deze stappen een voor een toe te passen, los je de meest voorkomende wifi-problemen op zonder dat een duurder internetabonnement nodig is, en maak je van een haperende verbinding weer een stabiele basis voor alles wat je online doet.

Consumenten testen: TP-Link Deco BE25 WiFi 7 mesh set

Op Review.nl, het testplatform waarop consumenten nieuwe technologie uitproberen en hun bevindingen delen, krijgt de TP-Link Deco BE25, een router met dualband wifi 7,  een stevige 8,7 op Review.nl. En dat betekent iets: want omdat op Review.nl producten getest worden door een panel van echte gebruikers, zie je hoe iets in een normaal huishouden presteert.

Wat opvalt is hoe vaak testers terugkomen op de snelheid en stabiliteit. De overstap naar wifi 7 levert volgens veel gebruikers merkbaar meer rust in het netwerk op, vooral in huizen waar voorheen op zolder, in de tuin of achterin de woonkamer nauwelijks een bruikbaar signaal was. De Deco BE25 vult dat soort gaten zichtbaar op. Apparaten blijven stabiel verbonden, streamen gaat zonder haperingen en ook gamers merken volgens de testers dat de latency laag blijft. Wie een gigabitverbinding heeft, ziet die snelheid nu ook daadwerkelijk terug op plekken waar dat eerst niet haalbaar was.

Een tweede punt dat veel lof krijgt, is de installatie. De meeste testers spreken over een proces van enkele minuten. De app begeleidt je stap voor stap, herkent automatisch de nieuwe units en geeft advies over de beste plek voor elk wifipunt. Daardoor voelt het hele systeem toegankelijk, ook voor wie zichzelf niet technisch vindt. Eenmaal ingesteld blijkt het netwerk bovendien weinig onderhoud nodig te hebben: de app verdeelt verkeer slim, laat je apparaten prioriteren en biedt opties voor gastnetwerken en ouderlijk toezicht.

Het ontwerp en de functionaliteit leveren wel discussie op. Een deel van de testers vindt de units wat groot en mist montageopties of extra ethernetpoorten. Ook melden sommige gebruikers dat smartphones niet altijd direct naar het dichtstbijzijnde wifipunt schakelen. Toch wordt dat in de meeste reviews gezien als een detail naast de verbeterde dekking en het gemak van dagelijks gebruik.

Alles bij elkaar laat het testpanel zien dat de Deco BE25 vooral scoort op prestaties waar consumenten echt iets van merken: hogere snelheden, betere dekking en een probleemloos installatieproces. Voor veel huishoudens voelt het als een upgrade die een onrustig wifi-netwerk verandert in een betrouwbaar en snel geheel.