ID.nl logo
Huis

Firefox 4.0 beta 4

Mozilla Firefox heeft in de paar jaar van zijn bestaan een grote schare fans verzameld. Toch blijft er altijd ruimte voor verbetering, bijvoorbeeld op het gebied van snelheid. Met Firefox 4 pakt Mozilla de pijnpunten aan en introduceert tegelijkertijd enkele interessante nieuwe features.

Wat als eerste opvalt aan onze testversie van Firefox 4, is de vernieuwde interface. Voor gebruikers van Mac, Windows Vista en 7 wordt linksboven de Firefoxknop weergegeven. Deze vervanger van de menubalk heeft de meest gebruikte opties onder één knop. Onder Windows XP en (vooralsnog) Linux blijft de traditionele menubalk wel zichtbaar. De werkbalk met bladwijzers wordt standaard ook niet weergegeven. De favoriete webpagina's bevinden zich nu onder een knop, maar als u de werkbalk fijner vindt, is deze nog te herstellen. Deze twee aanpassingen leveren een groot gewin op aan schermruimte: de hele bovenrand van Firefox 4 is veel compacter, waardoor er meer ruimte overblijft voor de weergave van webpagina’s.

Een even simpele als controversiële aanpassing is het omwisselen van tabs en adresbalk. De adresbalk wordt nu onder de tabs weergegeven in plaats van erboven. Volgens Mozilla heeft dit te maken met de “evolutie van het web als een platform”. Voor ons is het logisch: elke tab heeft een ander webadres, dus om de adresbalk 'in' de tab weer te geven, is een logische stap. Ook het zoekveld van Google en de navigatieknoppen bevinden zich nu in de tabs. Mocht dit alles u niet bevallen, dan zijn de wijzigingen alsnog terug te draaien. De navigatieknoppen zien er nu iets strakker uit en bovendien zijn de knoppen voor Stop en Vernieuwen samengevoegd. In de adresbalk kon u voorheen al zoeken, maar nu wordt automatisch ook gezocht in de openstaande tabs en kunt u direct naar de betreffende tab overspringen.

Webtrends

Net als de rest van de browserontwikkelaars gelooft ook Mozilla in de toekomst van webapplicaties. Omdat veel mensen gebruikmaken van webmail, online kalenders en zelfs online muziek (denk aan diensten als Spotify), wordt de browser steeds vaker gebruikt als verzamelpunt voor toepassingen. In Firefox 4 heeft Mozilla daarom App Tabs geïntroduceerd. U kunt willekeurige tabs markeren als App Tabs, waarna deze als een soort favorieten worden vastgepind aan de linkerkant van de tabbalk. U kunt ze niet per ongeluk sluiten als u met andere tabs bezig bent, en als u Firefox opnieuw opstart, verschijnen ze vanzelf weer. Erg handig, ware het niet dat ze in de door ons geteste bètaversie nog niet werkten. Voor mensen die veel gebruikmaken van webdiensten zijn App Tabs erg nuttig, en zeker als webapplicaties door html5 meer mogelijkheden krijgen, zoals het weergeven van notificaties, kunnen webapplicaties concurreren met desktoptoepassingen.

Het Firefox-team heeft hard gewerkt aan ondersteuning van nieuwe webstandaarden. Uit de css3-specificatie hebben de ontwikkelaars gezorgd dat overgangen (transitions) beschikbaar zijn. Webontwikkelaars kunnen met css3 hun pagina’s voorzien van nette overgangsanimaties in plaats van abrupte stijl- of kleurveranderingen. Er zijn echter nog genoeg delen van de css3-specificatie die nog niet af zijn en ondersteuning verschilt per browser, dus veel webpagina's die van css3 gebruikmaken zult u nog niet tegenkomen.

Ook aan het grote buzzword van het afgelopen jaar is gedacht: html5. In Firefox 3.6 werden al diverse html5-elementen ondersteund, zoals de videotag. In Firefox 4 is daar de WebM-codec aan toegevoegd. Video’s die met deze door Google beheerde codec zijn geëncodeerd, zijn in Firefox nu zonder verder configuratieperikelen te bekijken. Op onze test-pc lijkt dit echter niet probleemloos te verlopen. De testvideo’s van Mozilla zelf beginnen soms na een minuut zodanig te stotteren (terwijl ze wel volledig geladen zijn) dat we de pagina opnieuw moeten openen om een fatsoenlijke weergave te krijgen. Raar, want de video's worden met hardwareversnelling weergegeven, dus zouden voor onze test-pc geen probleem moeten vormen.

Techniek

Firefox is altijd sterk geweest met het aanbod van duizenden add-ons. Met versie 4 probeert Mozilla het vinden en installeren van add-ons nog eenvoudiger te maken. De nieuwe add-onbeheerder wordt schermvullend weergegeven en laat u eenvoudig extensies, thema's en plugins beheren. Add-ons kunnen nu ook automatisch bijgewerkt worden zonder tussenkomst van de gebruiker. De overzichtelijke manier om nieuwe add-ons te installeren, was in onze testversie helaas nog niet beschikbaar.

Vorige versies van Firefox wilden nog wel eens snelheid verliezen. Een vol profiel of veel tabs konden zorgen voor lange opstarttijden of langzame rendertijden. Van langzaam opstarten hebben we in onze tests met Firefox 4 niets gemerkt. Ook het openen van tabs en het laden van pagina’s gaat zonder merkbare vertraging. Wel is het geheugengebruik van Firefox als vanouds hoog: met één tab waarin we slechts enkele webpagina’s hebben bezocht, zitten we in no time boven de 120 mb. De Acid3-test, die compatibiliteit met webstandaarden onderzoekt, wordt met 97 van de 100 punten beter doorlopen dan Firefox 3.6 (die op 94 punten blijft steken). Ter vergelijking: Opera 10.60 haalt de volledige 100 punten, maar concurrent Internet Explorer blijft in versie 8 steken op een magere 20 punten.

PluspuntenMinpuntenConclusie

  • WebM-ondersteuning

  • handige App Tabs

  • opgeruimde interface

  • geheugengebruik als vanouds hoog

Qua moderne webtechnologieën komt Firefox 4 moeiteloos mee – op papier. Met de video-ondersteuning voor WebM ondervinden wij nog wat problemen. Een andere nieuwe feature, App Tabs, werkt ook nog niet naar behoren. De nieuwe, verduidelijkte interface bevalt ons in ieder geval al goed, en zodra de beloofde features ook naar behoren geïmplementeerd worden, zal Firefox op features een geduchte concurrent blijven voor Opera en Chrome.

Uitstekend
▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.