ID.nl logo
De plug-in hybride Lexus NX450h+: Premium looks en techniek
Mobiliteit

De plug-in hybride Lexus NX450h+: Premium looks en techniek

De Lexus NX verscheen in 2014 en kende sindsdien een bescheiden succes in Nederland, met zo'n 1500 verkochte exemplaren. Het merk groeit wereldwijd echter flink. Met de lancering van de plug-inhybride NX450h+ zet Lexus deze lijn voort. Irwin van InstaAutoVlog heeft het model getest en deelt zijn bevindingen.

Download nu GRATIS het EV Duurtest-rapport 2024!

In het EV Duurtest-rapport zijn nieuwe elektrische auto's door verschillende consumenten getest. Alle resultaten vind je terug in dit digitale rapport. Door het invullen van je naam en e-mailadres meld je je aan voor ontvangst van het Kieskeurig EV Duurtest-rapport. Tevens ben je ingeschreven voor de Kieskeurig.nl EV-nieuwsbrief.

Dit artikel in het kort:

  • Concurrentie: de Lexus NX richt zich op modellen als de BMW X3, Volvo XC60 en Mercedes-Benz GLC. Hij onderscheidt zich met een rijke standaarduitrusting en hybride aandrijflijn.
  • Ontwerp en afwerking: hij is voorzien van dynamisch design, premium materialen en hoogwaardige afwerking met geavanceerde functies zoals e-Latch portierontgrendeling.
  • Comfort en prestaties: de auto heeft een rijke standaarduitrusting inclusief climate control, stevige motoren (tot 309 pk) en een goede elektrische actieradius.
  • Prijs en varianten: de Lexus is verkrijgbaar vanaf 61.995 euro afhankelijk van aandrijflijn en uitvoering.

Positionering

De Lexus NX strijdt met auto's als de BMW (i)X3, de Volvo XC60 en de Mercedes-Benz GLC. Ook de Audi Q5 is een directe opponent. Het onderscheidende vermogen? Een rijke standaarduitrusting, Lexus' Red Carpet Treatment en de standaard van een hybride aandrijflijn. 

Afmetingen

Met een lengte van 4,66 meter en een breedte van bijna 1,87 meter is hij iets compacter dan sommige concurrenten, maar hij wint het in hoogte met 1,66 meter. Dit geeft de NX een robuuste, maar nooit logge uitstraling, passend bij zijn klasse.

©Irwin Versteegh - Duijnstee

F-Sport-uitvoering

In het donker zorgt de scherp vormgegeven led-verlichting voor en achter voor een sterke uitstraling en herkenbare signatuur. De grille is een opvallend detail, zeker bij de F-Sport uitvoering. Deze testversie valt op door die grille, zwarte dakrails en raamomlijsting, en bijpassende zwarte buitenspiegels. De 20-inch F-Sport Design wielen versterken de sportieve uitstraling, vooral in combinatie met de F-White lak.

©Irwin Versteegh - Duijnstee

Premium interieur

De Lexus NX biedt een luxe interieur: alles voelt solide en prettig aan. Bovenop het dashboard zit standaard een 14inch-touchscreen voor infotainment vanaf de Business Line; de basisuitvoering heeft een 9,8inch-scherm. Navigatie en draadloos Apple CarPlay of Android Auto zijn standaard aanwezig.

©Irwin Versteegh - Duijnstee

E-Latch-deuropeners

Het zitcomfort is goed en ook de ondersteuning voor beide ellebogen is uitstekend. Enkel het axiaal beperkt verstelbare stuurwiel kan beter. De NX is voorzien van een deels digitaal instrumentarium en e-Latch deurontgrendeling. Deze portieropeners zorgen ervoor dat je geen deur kunt openen als er verkeer van achteren aankomt.

©Irwin Versteegh - Duijnstee

Details en afwerking

In de Lexus NX zijn details en finesse volop aanwezig. De bediening van elementen zoals de middenarmsteun voelt licht en doordacht, terwijl de klimaatregeling, met nanotechnologie, niet alleen nare geurtjes, maar ook droge huid helpt voorkomen. De geluidsisolatie zorgt daarnaast voor rust in het interieur.

Standaard krijg je een audiosysteem met negen luidsprekers en een subwoofer. Voor wie meer wil, is er in de President-uitvoering een Mark Levinson-systeem met zeventien luidsprekers en een vermogen van 1800 watt, voor een premium luisterervaring.

©Irwin Versteegh - Duijnstee

1500 kilo trekgewicht

Op de achterbank is voldoende plek voor drie volwassenen. De kofferbakinhoud is voor alle versies gelijk. Deze meet 520 liter en is te vergroten naar maximaal 1411 liter. Een sterk punt van de PHEV is het trekgewicht. Mag de normale hybride als 2WD en AWD maximaal 1000 kilogram trekken, na het aanvinken van het 2495 euro kostende Explorer Pack wordt dit naar 1500 kilogram verhoogd. In het pack zit een afneembare trekhaak en een kogeldruk van 100 kilogram. 

©Irwin Versteegh - Duijnstee

Bereik van de accu

De instap-Lexus NX betreft de 350h. Deze is voorwielaangedreven en beschikt over een 2,5liter-viercilinder benzinemotor die samenwerkt met een 192pk en 270Nm sterke elektromotor. Er is ook een 350h AWD met een extra 54pk en 121 Nm sterke elektromotor op de achteras.

Voor de test is gereden met de plug-in hybride 450h+. De basis-aandrijflijn is gelijk aan die van de 350h AWD. Dankzij een 18,1kWh-lithium-ion batterij kan het elektrische vermogen langer worden aangesproken: zo'n 74 (Luxury Line) of 69 kilometer volgens de WLTP-testmethode.

🚘Meer weten over auto-afkortingen? Lees dan: Van actieradius tot WLTP: dit is het EV-ABC

©Irwin Versteegh - Duijnstee

Accumanagement

De auto is uitgerust met een eenfase-6,6 kW boordlader, terwijl de warmtepomp ook in de winter zorgt voor een bruikbare actieradius. Interessant is de slimme software die ervoor zorgt dat de batterij in topconditie blijft, zelfs als je deze niet vaak oplaadt. De accu wordt regelmatig ont- en opgeladen om alle cellen actief te houden. Lexus biedt bovendien 10 jaar garantie op de batterij.

Krachtige en soepele aandrijflijn

Het gecombineerde vermogen is 309 pk en in 6,3 seconden ben je van 0 tot 100 km/u. De topsnelheid is 200 km/u. Prettig is het hoge elektrische vermogen van gecombineerd 246 pk, zo'n 100 pk meer dan bij de concurrentie.

Ontdek jouw ideale elektrische auto

Vergelijk en vind de beste deals op Kieskeurig.nl!

Verbruik bij lege accu

Is de accu na zo'n 65 kilometer te hebben gereden leeg, dan verandert de NX in een normale hybride. De elektromotor wordt getemperd en dat zorgt mede voor een op dat moment nog steeds laag brandstofverbruik. Een gemiddelde van 1 op 16 is dan prima te realiseren; een uitstekende waarde. 

©Irwin Versteegh - Duijnstee

Rijdynamiek

Voor wat betreft de rijdynamiek plaatst de NX zich tussen de compactere LBX en grotere broer RX. Zo stuurt hij verrassend direct en voelt hij mede dankzij het formaat wendbaar en overzichtelijk. Op de snelweg is het de rust in het onderstel waarmee hij overtuigt,net als de uitstekende geluidsisolatie, rechtuit-stabiliteit en het uitmuntend werkende Lexus Safety System+, inclusief een autonome rij-assistent van level 2. 

©Irwin Versteegh - Duijnstee

AVS-dempers

Kun je de Volvo, Mercedes en Audi optioneel met luchtvering krijgen, bij Lexus is dit niet het geval. Het merk focust zich op zogeheten AVS-dempers. Deze Adaptive Variable Suspension-ophanging is standaard onder de F-Sport en President Line en zorgt ervoor dat de NX te allen tijde vlak blijft. Dit kan extra comfort geven, maar met name bij het afrijden van drempels zou een soepelere demping juist voor wat meer comfort mogen zorgen. 

©Irwin Versteegh - Duijnstee

Prijzen en uitvoeringen

De Lexus NX is als 350h leverbaar vanaf 61.995 euro. De 350h AWD kost minimaal 71.995 euro. Pluggen kan met de 450h+ vanaf 65.995 euro en de geteste 450h+ F-Sport Line staat voor 74.995 euro op de lijst. 

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.