ID.nl logo
Zo kies je het beste mobiele abonnement
© Reshift Digital
Huis

Zo kies je het beste mobiele abonnement

Bij mobiele abonnementen is er geen ‘one size fits all’. De wensen lopen sterk uiteen, maar één ding is voor iedereen belangrijk: goed en snel mobiel internet. Hoe kies je een abonnement dat bij je past? En waar moet je op letten bij de keuze van een provider? Mobiel internet kan, mede dankzij 4G, een volwaardig alternatief zijn voor de vaste internetverbinding. Daarmee kun je dan weer geld besparen. Maar wanneer is dat interessant en wat zijn de beperkingen? In dit artikel gaan we op zoek naar het beste mobiele abonnement.

Hoeveel belminuten heb je nodig? Die vraag wordt nauwelijks nog gesteld. De databundel is tegenwoordig het uitgangspunt bij een mobiel abonnement, ook als je het aanbod van providers gaat vergelijken. Toepassingen als WhatsApp, Facebook, Snapchat, Spotify, YouTube en browsen zijn voor veel mensen minstens zo belangrijk als bellen. Meestal zelfs nog belangrijker. Het aantal belminuten of sms’jes is bij de duurdere abonnementen vaak onbeperkt.

De honger naar data is groot: het gemiddelde gebruik stijgt snel en ligt inmiddels rond 1 GB per maand. Providers haken erop in met steeds grotere databundels. Zo verhoogde T-Mobile zijn XL-bundel in 2016 van 12 GB naar 20 GB en introduceerde het ook nog de nieuwe bundel Oneindig Online met onbeperkt internet. Die bundel is nog altijd vrij prijzig met 70 euro per maand. In vergelijking met buitenlandse providers zijn de tarieven vrij hoog. Zo heb je bij Three in het Verenigd Koninkrijk al onbeperkte data voor 23 pond (ongeveer 25 euro). Helemaal onbeperkt is het aanbod van T-Mobile trouwens niet: gebruik je meer dan 5 GB op een dag, dan kun je ongelimiteerd 1 GB per keer toevoegen via de app My T-Mobile. Dat kost niets maar is wel even een handeling natuurlijk. De voorwaarden van dit onbeperkte abonnement zijn wel goed: je mag de dienst op alle apparaten gebruiken, dus ook op bijvoorbeeld mifi-routers (zie 4G via wifi).

©PXimport

Hoeveel data heb je nodig?

Hoeveel data je nodig hebt, hangt sterk af van je gebruik. Vooral streaming muziek (150 tot 200 MB per uur) en video (500 tot 1200 MB per uur) vragen erg veel data. Bij een snelle internetverbinding, bijvoorbeeld via 4G of zelfs 4G+ (zie kader), kiezen streaming-apps als YouTube en Netflix meestal ook nog eens automatisch de hoogste kwaliteit, waardoor het verbruik nog verder toeneemt.

Van 4G naar 4G+ met het juiste toestel

Net als de bundelgrootte, neemt ook de snelheid van mobiel internet toe, met dank aan de ontwikkelingen rond 4G. Inmiddels hebben alle providers het netwerk opgewaardeerd naar 4G+. KPN, Vodafone en Tele2 bieden een maximale snelheid van 225 Mbit/s, bij T-Mobile is dat 120 Mbit/s. De gemiddelde internetsnelheid voor 4G ligt rond 40 Mbit/s, maar zal dankzij 4G+ zo’n 50 procent hoger komen te liggen. Kenmerkend voor de technologie is dat meerdere frequenties worden gecombineerd voor een betere snelheid en stabielere verbinding. De apparatuur moet de standaard wel ondersteunen om te profiteren. Als smartphone zijn bijvoorbeeld de Samsung Galaxy S7, iPhone 6s en Sony Xperia Z5 geschikt. In de specificaties van je toestel, te vinden op bijvoorbeeld GSMArena, kun je dit nagaan. Met LTE Cat4 is een download/uploadsnelheid van 150/50 Mbit/s haalbaar. Om van 4G+ te profiteren heb je Cat6 nodig, dat in theorie tot 300/50 Mbit/s gaat. Overigens experimenteren enkele providers in het buitenland al met Cat9 met een topsnelheid van 450/55 Mbit/s. In Nederland lijkt dat voorlopig toekomstmuziek.

©PXimport

Dekking

Snel en stabiel internet, dat willen we allemaal, maar bij welke provider moet je zijn? Vier providers (KPN, T-Mobile, Vodafone en Tele2) hebben in Nederland een eigen netwerk. Ze vermelden graag hoeveel procent van de bevolking ze bereiken, maar als je op het platteland woont heb je weinig aan zo’n percentage. Het bestuderen van de dekkingskaartjes is in alle gevallen raadzaam. Alle providers hebben zo’n dekkingskaart op hun website. Let op het onderscheid tussen dekking binnenshuis en buitenshuis, maar ook op de beschikbaarheid van 2G en 3G. Zo heeft Tele2 niet alleen de minste 4G-dekking maar ook alleen een 4G-netwerk. Hierdoor kun je buiten het dekkingsgebied niet terugvallen op 2G of 3G, zoals bij de andere providers. Op termijn zullen providers hun 2G- en 3G-netwerken afbreken, zodat ze de frequenties weer kunnen gebruiken voor een betere 4G-dekking. Dat moment is waarschijnlijk nog ver weg: er zijn nog te veel toepassingen die op het langzame maar betrouwbare 2G vertrouwen en nog lang niet iedereen heeft een 4G-toestel. Een andere bron die je kunt raadplegen is het Antenneregister. Deze instantie geeft een overzicht van antenne-installaties in Nederland, waaronder de mobiele zendmasten van providers. Zo kun je wat specifieker opzoeken waar de zendmasten staan.

©PXimport

Meten is weten!

Zelfs als een dekkingskaart uitwijst dat je goed bereik hebt binnenshuis, kan de praktijk anders zijn. Het is daarom altijd verstandig het netwerk uit te proberen voordat je een (duur) abonnement afsluit. Gebruik daarvoor bijvoorbeeld een prepaid simkaart met mobiel internet van diezelfde provider of leen de smartphone van een kennis. De bekende website www.speedtest.net van Ookla is geschikt voor je meting. Hiervoor is bovendien een app beschikbaar, zodat je comfortabel met een smartphone kunt meten (zet dan wel wifi uit!). Er zijn natuurlijk wat factoren die de test beïnvloeden. Zo zal een wat oudere smartphone niet de laatste standaarden ondersteunen waardoor de snelheid lager uit kan vallen.

Netflix heeft ook een eigen speedtest genaamd Fast. De app meet alleen de downloadsnelheid, al is dat bij het bekijken van video of downloaden van bestanden natuurlijk wel de meest relevante waarde. Voor de berekening worden enkele downloads uitgevoerd vanaf Netflix-servers. Na het starten van de app zie je, na een korte wachttijd, direct het resultaat. Uit de Tech Blog van Netflix blijkt dat er, ondanks de simpele werking, behoorlijk wat techniek achter schuilgaat.

Snelheid en latency

Dat 4G razendsnel kan zijn, blijkt wel uit een eenvoudige test op het netwerk van KPN met de app van Speedtest. We hebben dit binnenshuis getest op ongeveer 500 meter afstand van een zendmast met een Galaxy Note 4. We halen gemakkelijk een downloadsnelheid van 115 Mbit/s en uploadsnelheid van 50 Mbit/s. Veel sneller dan de meeste dsl-aansluitingen en ook veel sneller dan normaliter nodig zal zijn op een smartphone. De ping, ook wel latency genoemd, is met 26 ms via 4G ook prima. De ping kun je zien als de tijd die pakketjes tussen gebruiker en server moeten afleggen. Die heb je het liefst zo laag mogelijk, voor een optimale surfervaring en zeker bij het spelen van online games. Tot 100 ms is acceptabel.

Via het wifi-netwerk thuis halen we een hogere snelheid (ruim 200 Mbit/s) en betere ping (6 ms), met dank aan een 500 Mbit/s glasvezelverbinding. Hierbij is wifi natuurlijk een vertragende factor ten opzichte van een bekabelde verbinding.

Simonly

Om een idee te geven welke abonnementen de vier providers momenteel aanbieden zetten we de eenjarige simonly-abonnementen op een rijtje. Daarbij krijg je zoals de naam al aangeeft alleen een simkaart. Een abonnement met toestel levert tegenwoordig niet zo veel voordeel op: toestelsubsidies zijn de afgelopen jaren flink teruggebracht. Koop je wel een toestel bij je abonnement, dan zijn aanbieders verplicht om te specificeren welk deel je voor het toestel betaalt.

Deze tabel is vooral een indicatie: er zitten nog de nodige haken en ogen aan. Zo zijn er vaak forse kortingen, bijvoorbeeld bij T-Mobile, en lopen tarieven buiten de bundel ook aardig uiteen. Wat er gebeurt als je datategoed op is, verschilt ook per provider: bij KPN en T-Mobile gaat de snelheid omlaag zodat je gewoon kunt blijven internetten zonder extra kosten. Bij Vodafone moet je extra betalen: 2 euro per 200 MB. Met de optie BloX Extra Data (maandelijks opzegbaar) kun je je databundel vergroten, bijvoorbeeld 1 GB extra voor 5 euro. Verder kun je bij alle providers op de kosten besparen door een tweejarig in plaats van eenjarig abonnement te kiezen. Zo wordt de aanschaf hoe dan ook nog een flinke puzzel.

©PXimport

Gebruik binnen de EU

De kosten voor roaming zijn de afgelopen jaren fors teruggebracht. Op dit moment mogen providers nog maar 5 cent per minuut en 5 cent per MB voor gebruik binnen de EU afrekenen. Vanaf 15 juni 2017 verdwijnen deze kosten na jaren gesteggel helemaal en mogen providers geen extra kosten meer in rekening brengen. Voorwaarde is wel dat je tijdelijk en niet permanent in het buitenland verblijft. Bij de meeste providers kun je een abonnement al zonder meerprijs gebruiken binnen de EU. KPN gaat daarin het verst: bij de Zorgeloos-abonnementen is de hele bel- en databundel geldig binnen de EU, met een maximum van zestig dagen. Bij T-Mobile is (beperkt) datagebruik inbegrepen bij een databundel en mag je de twee belbundels (120 min. en onbeperkt) ook tot 120 minuten binnen de EU gebruiken. Vodafone biedt bellen en internet in de EU hoofdzakelijk als betaalde optie aan, met BloX. Vanwege de nieuwe wet zullen alle providers op termijn aanpassingen (moeten) maken.

Kleinere providers

Naast de vier providers met een eigen netwerk, bestaan er diverse kleinere providers die – met een eigen aanbod – gebruikmaken van de netwerken van de grote providers. Het loont de moeite om te kijken of je bij die providers goedkoper uit bent. We zetten hier enkele interessante opties voor je op een rijtje. We gaan uit van 4G, een bundel vanaf 2 GB en ongeveer 300 minuten bellen. Bij Telfort is 4G inbegrepen, bij de andere providers betaal je tussen 2 en 5 euro per maand extra. Robin Mobile biedt 4G alleen bij de duurdere abonnementen, maar weet zich wel te onderscheiden met onbeperkt gebruik, al is de snelheid gelimiteerd. Bij het pakket Super Snel 4G is de snelheid maximaal 15 Mbit/s voor de eerste 15 GB, daarna gaat de snelheid omlaag naar 0,4 Mbit/s.

©PXimport

4G via wifi

Met een flinke bundel is het natuurlijk interessant om met meerdere apparaten te profiteren van mobiel internet. Je kunt om te beginnen natuurlijk de hotspot-functie van je smartphone gebruiken. Andere apparaten kunnen dan via wifi een verbinding met de smartphone maken en de mobiele internetverbinding delen. Er zijn ook losse kastjes voor beschikbaar, zogenaamde mifi-routers. Een populair voorbeeld is de Huawei E5377 (ongeveer 120 euro). Het is een handzaam apparaatje dat zowel thuis als onderweg van pas kan komen. Een aardige feature is de wifi-offload: de router kan bijvoorbeeld thuis of op het werk verbinding met een bestaand wifi-netwerk maken. Zo heb je altijd de beste verbinding. Een ander voorbeeld is de AVM Fritz!Box! 6820 LTE-router die sinds kort verkrijgbaar is in Nederland. De router ondersteunt 4G maar kan ook terugvallen op 3G en 2G. Ideaal voor wifi in je vakantiehuisje, maar het is functioneel wel wat beperkter dan de routers van hetzelfde bedrijf voor vast internet. Verder kun je bij diverse providers twee simkaarten voor één abonnement gebruiken (zie kader meerdere simkaarten).

©PXimport

Meerdere simkaarten

Om op meerdere apparaten mobiel te internetten, kun je bij diverse providers een extra simkaart aanschaffen. Er zijn over het algemeen twee mogelijkheden: duo-sim en multi-sim. Bij een duo-sim krijg je feitelijk twee identieke simkaarten met hetzelfde simkaartnummer. Je kunt de twee simkaarten niet tegelijkertijd gebruiken. Multi-sim werkt anders: de twee simkaarten hebben een verschillend simkaartnummer. Eén simkaart is bedoeld voor je telefoon en je kunt er mee bellen en internetten. De andere is data-only en gebruik je voor mobiel internet in bijvoorbeeld een tablet of laptop. Vodafone biedt momenteel als enige een multi-sim aan. Die is gratis bij de abonnementen Red Super en Black, bij andere abonnementen betaal je 5 euro per maand extra (met 1 GB extra data). T-Mobile biedt sinds ongeveer een jaar een MB-verdeler die ongeveer hetzelfde werkt: je krijgt voor eenmalig 14,99 euro extra simkaarten voor bijvoorbeeld een tablet of laptop.

4G voor thuis

Er zijn nog veel huishoudens die last hebben van traag of instabiel internet via de vaste lijn. Woon je binnen het dekkingsgebied van een mobiele provider, dan kan mobiel internet een interessant alternatief zijn, zeker als je niet te veel data verstookt. KPN en T-Mobile springen er handig in op: KPN heeft een speciaal aanbod exclusief voor gebruikers in buitengebieden waar geen of traag vast internet beschikbaar is, genaamd Internet Buitengebied via 4G. Het 4G-modem, die het signaal omzet naar wifi, kost je eenmalig ongeveer 100 euro. Dat geldt ook voor aanbod van T-Mobile, 4G voor Thuis, dat in oktober werd geïntroduceerd. Hier mag wél iedereen gebruik van maken. T-Mobile geeft je de keuze uit drie bundels: 25, 50 en 100 GB. Als je door de bundel heen bent stopt de verbinding. Je kunt het dan aanvullen met 5 GB (€ 10), 25 GB (€ 20) of 100 GB (€ 40). T-Mobile heeft gekozen voor de aantrekkelijke Huawei E5186-22a, een router die als een van de eerste ook al Cat6 voor snelheden tot 300 Mbit/s ondersteunt. De router biedt bovendien snel wifi (802.11ac) en vier gigabit-ethernetpoorten. Valt het mobiele bereik nog wat tegen, dan is dat met een buitenantenne te verbeteren.

©PXimport

Besparen?

Kun je nou besparen op je mobiele abonnement? Dat hangt natuurlijk helemaal af van het abonnement dat jij nu hebt. Heb je een duur abonnement waarbij je veel data mag verbruiken, maar verbruik je bijvoorbeeld maar 200 MB? Dan kun je wellicht overstappen naar een veel goedkoper abonnement. De prijzen van de verschillende aanbieders ontlopen elkaar over het algemeen niet zo gek veel. Ben je toe aan een nieuw abonnement, bepaal dan met behulp van dit artikel jouw eisen, en zoek (online) naar een mooie aanbieding.

▼ Volgende artikel
Redesign van mobiele Netflix-app krijgt ruimte voor verticale video's
© ink drop - stock.adobe.com
Huis

Redesign van mobiele Netflix-app krijgt ruimte voor verticale video's

Netflix gaat dit jaar zijn mobiele app van een redesign voorzien. Daarbij komt er ruimte voor verticale video's om het verticale scherm van smartphones tegemoet te komen.

Dat kondigde co-CEO Greg Peters gisteren aan tijdens een gesprek met investeerders. De nieuwe interface van de mobiele app is nog niet getoond, maar moet ergens dit jaar uitkomen en Netflix helpen met "de uitbreiding van onze zaken gedurende het komende decennium".

Verticale video's

Netflix geeft aan dat het al sinds mei vorig jaar experimenteert met verticale video's. Daarbij worden er korte clips uit films en series van Netflix getoond in een verticaal formaat - iets wat voor smartphonegebruikers wereldwijd steeds natuurlijker voelt dankzij socialmedia-apps als TikTok en Instagram. Daarbij wordt het voor consumenten steeds normaler om videocontent op hun mobiel te kijken in plaats van op tv.

Netflix wil de opties voor verticale video's dus uitbreiden en de vernieuwde mobiele app die later dit jaar uit zal komen, moet dit mogelijk maken. Daarnaast wil het bedrijf ook meer stappen maken in de wereld van videopodcasts, waar de vernieuwde app ook geschikter voor moet worden. Deze week heeft Netflix de eerste exclusieve videopodcasts gedebuteerd.

Plannen van Netflix

De hierboven beschreven veranderingen lijken te suggereren dat Netflix zijn markt wil verbreden en het een en ander leert van populaire socialmediaplatforms. Tegelijkertijd blijft het streamingbedrijf investeren in nieuwe films en series.

Netflix wil ook nog altijd filmproductiebedrijf Warner Bros. overnemen, en daarmee dus ook HBO Max. Beide bedrijven zien de overname zitten, maar Paramount zit ertussen en wil Warner Bros. ook graag overnemen. Uiteindelijk beslissen aandeelhouders van Warner Bros. Daarom heeft Netflix de overnamedeal deze week nog wat verfijnd, waarbij er in meer 'contant' geld uitbetaald wordt in plaats van aandelen.

Nieuw op ID: het complete plaatje

Misschien valt het je op dat er vanaf nu ook berichten over games, films en series op onze site verschijnen. Dat is een bewuste stap. Wij geloven dat technologie niet stopt bij hardware; het gaat uiteindelijk om wat je ermee beleeft. Daarom combineren we onze expertise in tech nu met het laatste nieuws over entertainment. Dat doen we met de gezichten die mensen kennen van Power Unlimited, dé experts op het gebied van gaming en streaming. Zo helpen we je niet alleen aan de beste tv, smartphone of laptop, maar vertellen we je ook direct wat je erop moet kijken of spelen. Je vindt hier dus voortaan de ideale mix van hardware én content.

▼ Volgende artikel
Hoe kies je de juiste powerbank?
© Tevarak Phanduang | NaMaKuki_2016
Huis

Hoe kies je de juiste powerbank?

Je bent onderweg en ziet dat je telefoon nog maar vijf procent batterij heeft. Op dat moment is een powerbank precies wat je nodig hebt. Alleen: welke? De juiste keuze begint met twee vragen: hoeveel energie heb je onderweg nodig en hoe snel moet die energie eruit kunnen?

In dit artikel

Je leest hier hoe je een powerbank kiest die past bij jouw gebruik. Je ziet waarom mAh op de verpakking niet alles zegt en hoe je met wattuur (Wh) beter ziet hoeveel energie een powerbank kan opslaan en afgeven.  Ook leggen we uit waar laadsnelheid vandaan komt, wat usb-c en Power Delivery doen en waarom de juiste kabel bij hogere vermogens belangrijk is. Tot slot krijg je tips voor het opladen van een tablet of laptop.

Lees ook: Slimme tips om energie te besparen op je smartphone

Capaciteit: mAh is handig, maar reken in Wh

In de specificaties van powerbanks zie je bijna altijd een getal in milliampère-uur (mAh). Maar daarbij moet je je wel realiseren dat dat niet het hele verhaal is. Fabrikanten geven die mAh vaak op bij de interne batterijspanning van de cellen in de powerbank (meestal rond 3,6 tot 3,7 volt). Jouw telefoon laadt meestal via 5 volt, en bij snelladen soms op 9 of 12 volt. Die omzetting kost energie.

Zie de powerbank als een watertank met een kraan die je moet omzetten naar een andere maat aansluiting. Dat omzetten levert altijd wat verlies op. Daarom haal je in de praktijk niet 10.000 mAh uit 10.000 mAh. Reken grofweg met een bruikbare opbrengst die vaak ergens rond de 60 tot 80 procent ligt, afhankelijk van de kwaliteit van de elektronica en hoe je laadt. Met 10.000 mAh kun je een gemiddelde smartphone daarom meestal geen twee keer volledig vullen, maar eerder ongeveer anderhalf keer. Heb je een telefoon met een kleinere accu, dan kom je dichter bij de opgegeven twee keer; met een grotere accu haal je dat juist minder snel.

Wil je wat preciezer rekenen, kijk dan naar wattuur (Wh). Dat is de eenheid die echt iets zegt over hoeveel energie erin zit. Een eenvoudige omrekening helpt: Wh = (mAh × volt) / 1000. Staat er op de powerbank bijvoorbeeld 10.000 mAh bij 3,7 V, dan is dat ongeveer 37 Wh aan energie in de cellen, voordat je het omzetverlies meeneemt.

Powerbanks vergelijken

In de winkel zie je bijna altijd mAh als capaciteitsaanduiding. Zoals je hierboven hebt kunnen lezen is dat niet perfect. Maar omdat fabrikanten dezelfde soort cellen gebruiken en allemaal op dezelfde manier rekenen, kun je mAh wel gebruiken om powerbanks onderling te vergelijken. Heb je een powerbank gevonden die je wat lijkt, dan kun je bovenstaande berekening gebruiken om een meer realistisch beeld van het aantal keer opladen te krijgen.

View post on TikTok

Hoeveel capaciteit heb je echt nodig?

Als je vooral een extra lading voor je telefoon zoekt op een lange dag, dan zit je met 10.000 mAh in de praktijk vaak goed. Is 'bijna vol' al al genoeg, dan kan 5.000 mAh ook, maar reken er dan niet op dat je elke moderne smartphone die helemaal leeg is weer volledig volgeladen krijgt. Ga je een weekend weg of laad je meerdere apparaten op, dan is 20.000 mAh een logische stap. Je hebt dan meer oplaadcapaciteit, maar houd er wel rekening mee dat dat ook betekent dat de powerbank groter en zwaarder is.

Voor tablets geldt hetzelfde principe, alleen is de interne accu meestal groter dan die van een telefoon. Daardoor lijkt een powerbank die voor je telefoon prima is, bij een tablet ineens snel leeg. Dat is niet vreemd: je giet simpelweg meer water in een grotere emmer. Voor laptops ligt het net even anders: daar draait het niet alleen om capaciteit, maar vooral om het vermogen (wattage). Daar komen we zo op terug.


🔋Tot zover ging het over de hoeveelheid energie (mAh/Wh). De volgende stap is de afgifte: met welk vermogen (watt) kan de powerbank die energie aan je telefoon, tablet of laptop leveren? 


Snelheid: wattage maakt het verschil

Capaciteit zegt iets over hoe vaak je kunt laden. Snelheid gaat over wattage: hoeveel vermogen de powerbank kan leveren. Dat vermogen is vooral relevant als je snel wilt bijladen, of als je een tablet of laptop wilt opladen. USB-c is daarbij de norm geworden, en USB Power Delivery (PD) is de techniek waarmee lader en toestel afspraken maken over spanning en stroom. Je powerbank en je telefoon of laptop stemmen dat onderling af, zodat laden snel kan zonder dat het onveilig wordt. Daarvoor moeten de poort en je kabel het wel ondersteunen. Let daarom ook op de aansluitingen: usb-c heb je nodig voor snelladen met Power Delivery, terwijl usb-a vooral handig is als je oudere kabels of accessoires gebruikt.

©vadish - stock.adobe.com

Eén powerbank voor telefoon én laptop: waar je op let

Een laptop opladen vraagt meer dan een telefoon. Bij een telefoon kom je vaak weg met 10 tot 20 watt. Een laptop heeft meestal 45 watt of meer nodig, en veel modellen werken prettiger met 65 watt of hoger, zeker als je tijdens het laden ook blijft werken. De beste snelcheck is simpel: kijk naar het wattage van je eigen laptoplader. Dat is je richtgetal. Zit je daar ver onder, dan kan het laden extreem traag worden, of je laptop accepteert de lader helemaal niet.

Ook de juiste kabel is belangrijk. Voor hogere vermogens is niet elke usb-C-kabel geschikt. Tot ongeveer 60 watt (meestal 20 V bij 3 A) gaat het vaak goed met een kabel die expliciet 3 A ondersteunt. Ga je boven de 60 watt, dan heb je doorgaans een usb-c-kabel nodig die 5 A aankan. Zulke kabels hebben meestal een kleine chip in de stekker, een zogeheten e-marker. Die chip vertelt aan de powerbank en je laptop dat de kabel veilig meer stroom kan verwerken. Zie het als een identiteitsbewijs: zonder e-marker schakelt het systeem vaak terug naar een lagere stand, zodat het laden langzamer gaat en de kabel niet te warm wordt. Kijk in de specificaties of op de kabel zelf of er 3 A (tot circa 60 W) of 5 A (voor hogere vermogens) staat; dat is de snelste check. 

Formaat en gewicht: energie weegt nu eenmaal wat

Meer capaciteit betekent meestal meer cellen, en dus meer gewicht. Een powerbank van 20.000 mAh zit vaak ergens in de buurt van 350 tot 500 gram. Dat voelt in een jaszak al snel log. In een rugtas valt het mee. Stel jezelf dus de vraag: wil je elke dag een kleine powerbank mee voor noodgevallen, of is dat voor jou niet genoeg en ga je dus voor een grotere powerbank? 

Veiligheid: kies niet alleen op prijs

Bij draagbare accu's wil je geen twijfel over veiligheid. Een powerbank hoort bescherming te hebben tegen oververhitting, overladen en kortsluiting, maar bij heel goedkope modellen is dat niet altijd goed geregeld. De kans dat het misgaat is klein, alleen zijn de gevolgen groot als het wél gebeurt. Kies daarom liever een merk dat laat zien hoe het met veiligheid omgaat en dat testnormen en keurmerken gewoon vermeldt. Je hoeft die standaarden niet uit je hoofd te leren, maar het helpt als een merk concreet zegt welke testen en keurmerken het gebruikt. 

Zo kies je de juiste powerbank

 De juiste powerbank kies je door stap voor stap te bepalen wat je nodig hebt: eerst de hoeveelheid energie (liefst in Wh, met mAh als praktische indicatie), daarna de laadsnelheid (wattage en PD), en pas daarna pas de vorm en het gewicht. Voor dagelijks gebruik zit je vaak goed met een compacte powerbank rond 10.000 mAh met usb-c en Power Delivery. Wil je meer capaciteit zodat je meerdere keren kunt opladen (of ook je tablet opladen), dan is 20.000 mAh logischer. Houd er dan wel rekening mee dat de powerbank zwaarder wordt. Wil je ook een laptop kunnen laden, kijk dan naar het wattage van je laptoplader en kies een powerbank die dat vermogen via usb-c PD kan leveren, inclusief een kabel die geschikt is voor dat hogere vermogen.