ID.nl logo
Uitrol 5G in Nederland: Hoe staat het er nu voor?
© Reshift Digital
Huis

Uitrol 5G in Nederland: Hoe staat het er nu voor?

Van nieuws over zendmasten die door actievoerders in brand zijn gestoken, tot de vele reclames van providers die de nieuwe netwerktechnologie ophemelen en overheden die elkaar beïnvloeden om vooral niet in zee te gaan met netwerkbouwer Huawei. Er valt veel te zeggen over 5G. Hoe staat het er inmiddels voor met de uitrol van 5G in Nederland?

Wellicht heb je nu nog het gevoel geen 5G nodig te hebben, omdat de internetsnelheid van 4G prima volstaat. Dat is niet verwonderlijk. 4G heeft echter grote veranderingen teweeggebracht hoe wij mobiele data gebruiken, en vooral het onderweg streamen van muziek en video heeft een enorme vlucht genomen dankzij 4G. 

Ook 5G zal een revolutie teweegbrengen dankzij de extra datasnelheid en het aantal apparaten dat gelijktijdig gebruik kan maken van het netwerk. Het zou zelfs je bestaande wifi-netwerk kunnen vervangen. Maar voordat het zover is, zijn er nog veel hordes te nemen. Vooral in Nederland lijken we achter de feiten aan te lopen ten opzichte van andere landen.

Om dat uit te kunnen leggen, moeten we even kijken naar een technisch deel van 5G-netwerken. 4G gebruikt op dit moment de frequentiebanden 800, 1.800 en 2.600 MHz om te werken. De frequenties die 5G gaan gebruiken, zijn 700, 1.400 en 2.100 MHz. Later gevolgd door 3.500 en tenslotte 26.000 MHz (oftewel 3,5 en 26 GHz). 

De eerste drie frequentiebanden vallen in het spectrum dat nu al gebruikt wordt voor mobiele netwerken en kon dus vrij vlot in gebruik genomen worden. Daardoor zal er qua dekking ook geen enorme uitdaging zijn voor de providers. De andere twee banden liggen behoorlijk buiten dat spectrum en zullen dus echt een merkbaar verschil maken, vooral op doorvoersnelheid.

3,5 GHz-band nog niet vrij

Alleen die 3,5 GHz-band. Die is in Nederland nog helemaal niet beschikbaar. In het Friese Burum staat een afluisterstation van de AIVD en MIVD, dat deze frequentieband gebruikt voor pakweg de noordelijke helft van Nederland. Voordat deze bandbreedte geveild kan worden aan providers moet er een oplossing gevonden worden voor het afluisterstation, dat verplaatst gaat worden naar buiten onze landgrenzen. In 2022 kan de 3,5 GHz-band dan eindelijk geveild worden aan providers.

De mobiele netwerken zullen echter wel bijgewerkt moeten worden, omdat de bandbreedte in een ander spectrum valt. Overigens zal dat bij de 26GHz-band al helemaal het geval zijn, zodat het bereik toereikend gemaakt kan worden. Dat houdt echter wel in dat we op zijn vroegst in 2022 pas écht iets van het verschil kunnen merken dat 5G maakt. Dat is nogal een andere boodschap dan de reclames van providers ons wijs willen maken.

©PXimport

5G-light

Marketeers van de Nederlandse providers zullen zich in november helemaal verslikt hebben in hun koffie toen de CEO van Vodafone (Nick Read) klare taal sprak: “De manier waarop VodafoneZiggo 5G in Nederland aanbiedt is geen echte 5G en misleidt daarmee consumenten en bedrijven.” Daar voegde Read aan toe: “Het is effectief een 5G-symbool laten zien, maar 4G-prestaties geven.” 

Dat komt omdat de provider Dynamic Spectrum Sharing (DSS) inzet, waarbij zowel 4G- als 5G-banden gebruikt worden, maar niet de maximale constante bandbreedte van 5G bereikt wordt. VodafoneZiggo reageerde snel tegenover techsite Tweakers.net met een nietes-reactie, dat 5G via DSS gewoon voldoet aan de standaarden.

De andere providers met een eigen netwerk (T-Mobile en KPN) zien geen meerwaarde in het gebruik van DSS en scheiden de 4G- en 5G-banden. Hoewel de andere providers geen DSS gebruiken, zijn er geen opvallende snelheids- en bereiksverschillen merkbaar. Door een woordvoerder van T-Mobile werden we gewezen op de zogenaamde Umlaut-test, waar T-Mobile zelf natuurlijk als beste uit de bus kwam. De verschillen zijn marginaal, terwijl twee van de drie providers geen frequentiedelingstechniek gebruiken.

Met die kleine vooruitgang die het huidige 5G biedt kunnen providers zichzelf in de voeten schieten. 5G heeft meer in z’n mars dan nu wordt geboden en er worden zoete broodjes gebakken door de marketingafdelingen van zowel providers als smartphonemakers, terwijl in praktijk 5G in Nederland nog lang niet zo ver is. 

Hierdoor kunnen de eerste gebruikerservaringen voor gebruikers tekortschieten, terwijl juist 5G wel wat positief sentiment kan gebruiken, aangezien het onderwerp veel terugkeert in nieuwskoppen: van complottheorieën tot spionagebeschuldigingen aan het adres van China, dat Huawei zou gebruiken voor grootschalige spionage.

Drie netwerken

In Nederland tellen we drie verschillende mobiele netwerken, van VodafoneZiggo, KPN en T-Mobile. De andere providers zijn zogenaamde virtuele providers (zoals Ben en Simyo) en maken gebruik van een van de drie netwerken. Die drie providers zetten enorm in op 5G, terwijl hogere databundels of lagere prijzen niet echt meer aan de orde lijken. 

Sterker nog: T-Mobile voerde afgelopen december nog een ‘inflatiecorrectie’ door. Hierdoor lijkt 5G eigenlijk alleen écht interessant in combinatie met het duurste ongelimiteerde abonnement. Je beperkte 4G-databundel brandt immers sneller op wanneer je deze blootstelt aan 5G.

©PXimport

Hoewel providers 5G aanprijzen, zal de ervaring waarschijnlijk nog niet aan de verwachtingen voldoen. Niet alleen is een 5G-abonnement niet voldoende, je moet ook de beschikking hebben over een 5G-smartphone. Hoewel dat aanbod steeds breder wordt, valt uit smartphonetests wel op te maken dat een 5G-verbinding de accu leeg trekt. 

Let ook op de 5G-frequentiebanden die het toestel ondersteunt, vooral als je een toestel van een Chinese fabrikant kiest. Zo claimt bijvoorbeeld Xiaomi’s submerk Poco dat de F2 Pro 5G ondersteunt. Maar ondanks dat je het 5G-logootje in de bovenhoek van het scherm ziet, worden de lage frequentiebanden niet ondersteund en blijft het toestel 4G gebruiken. 

Overigens hoef je je daar met recente smartphones van Samsung en Apple geen zorgen over te maken. De relatief kleine accu’s van de iPhone kunnen er echter wel voor zorgen dat de levensduur van de accu minder is door het hogere energieverbruik van 5G.

Voor het grote publiek

Uit onderzoek van Telecompaper van rond de jaarwisseling blijkt dat zo’n zes procent van de Nederlanders gebruikmaakt van 5G. Op de vraag of dat aan de verwachtingen voldoet, laten providers desgevraagd weinig over los. Het laat in ieder geval nog een flinke doelgroep over die verleid kan worden voor 5G. Het lijkt erop dat dit vooral moet gebeuren met betere netwerken die hogere snelheden en een goed bereik bieden. 

De prioriteit lijkt minder te liggen bij hogere databundels en meer gigabytes voor minder geld. Op de vraag hoe T-Mobile bijvoorbeeld gebruikers de komende jaren wil overtuigen over te stappen op 5G, is het antwoord voor de hand liggend: “(…) we zijn altijd bezig om ons netwerk verder te optimaliseren om onze klanten de beste netwerkervaring te bieden die zij gewend zijn van ons. Wij zitten nooit stil en zetten, door middel van tijdelijke of experimenteervergunningen, nu al 5G via 3,5 GHz, maar ook andere banden, zoals 26 GHz, in op testlocaties. T-Mobile biedt dit echter nog niet commercieel aan voor een groot publiek.” 

Of dat genoeg is voor 5G om de massa op korte termijn aan te spreken, wordt de vraag. Feit is wel dat het speelveld rondom 5G in Nederland vol hordes staat: we lopen achter de feiten aan vanwege de 3,5GHz-band, er is negatieve publiciteit rondom gezondheid en spionage, 5G op de lage frequentieband biedt weinig meerwaarde, en het speelveld met slechts drie netwerken moedigt providers (mogelijk) nauwelijks aan om de prijzen interessant te maken.

©PXimport

Uit het Global Mobile Consumer Survey, een onderzoek dat jaarlijks door Deloitte wordt uitgevoerd, blijkt dat zo’n 60% van de Nederlanders niet veel weet van 5G. Het onderzoek stipt tevens aan dat de aanpak van providers misschien niet de beste is. Zelfs als de netwerksnelheid tien keer zo snel zou zijn, zou slechts 68% van de Nederlanders bereid zijn meer te betalen. 

Van die Nederlanders die bereid zijn maandelijks in de buidel te willen tasten, geeft 22% aan zo’n vijf euro extra te willen betalen en 5% meer dan een tientje. Dat is een relatief klein marktaandeel en zijn vrij kleine bedragen, waardoor je kunt twijfelen aan de prijs- of gigabyte-strategie van providers. Gelukkig voor de providers kunnen ze de marketingkracht van smartphonemakers inzetten. Bedrijven als Apple, Samsung, Oppo en OnePlus proberen zichzelf maar al te graag neer te zetten als pioniers van het nieuwe netwerk. 

Nog even geduld

Het kan helpen Nederlanders bewuster te maken van de meerwaarde van 5G. Maar wordt de gemiddelde Nederlander bereidwilliger meer te betalen voor 5G, terwijl de prijzen van smartphones de afgelopen jaren flink lijken te zijn gestegen en een smartphone bij je abonnement je sinds enkele jaren zelfs een BKR-registratie oplevert?

Het valt te verwachten dat 5G nog niet echt een groot marktaandeel weet te veroveren tot het echt het verschil kan maken. We zitten immers nog in fase één van de drie en het grote publiek moeten nog bekend raken met de mogelijkheden van 5G.

Naar verwachting zal het verschil pas in 2023 gemaakt worden, wanneer fase twee van start kan gaan met de 3,5GHz-band. De mobiele brancheorganisatie GSMA is positief en verwacht (wereldwijd) dat in 2025 een op de vijf mobiele dataverbindingen via 5G verloopt. Hoe de nieuwe netwerktechnologie onze wereld gaat veranderen, zal voorlopig nog wel even vaag blijven.

▼ Volgende artikel
Ontwerp van Nothing Phone (4a) onthuld
Huis

Ontwerp van Nothing Phone (4a) onthuld

Het Britse bedrijf Nothing heeft het design van de aankomende nieuwe smartphone Phone (4a) onthuld.

Dat deed het bedrijf gisteren via social media. De smartphone komt op 5 maart uit. In de tweet hieronder is het ontwerp alvast te zien, met de typische drukke achterkant die we inmiddels gewend zijn van het bedrijf.

De aankomende Phone (4a) heeft een zogeheten 'Glyph Bar'. Dit is een micro-led-paneel aan de zijkant, die mensen zelf kunnen programmeren om ze in verschillende patronen te laten knipperen. Het gaat om de vierkantjes aan de rechterzijde, naast het camera-eiland. De led-lampjes zijn volgens het bedrijf 40 procent feller dan die op de Phone (3a).

Over de precieze technologie van de Nothing Phone (4a) zijn nog geen aankondigingen gedaan, maar volgens geruchten krijgt de smartphone een Snapdragon 7s Gen 4-chip. Er zal ook een duurdere en snellere Phone (4a) Pro verschijnen, al is daar het uiterlijk nog niet van onthuld.

Officieel wordt de Phone (4a) op 5 maart onthuld.

View post on X
▼ Volgende artikel
Waarom je monitor op het moederbord aansluiten je pc vertraagt
© Provokator
Huis

Waarom je monitor op het moederbord aansluiten je pc vertraagt

Je sluit je nieuwe monitor aan, de pc start op, maar de prestaties in zware programma's en games vallen vies tegen. In dit artikel ontdek je waarom de aansluiting op je moederbord de grafische kracht van je computer negeert en hoe je dat direct oplost voor maximale rekenkracht.

Het is een klassieke fout bij het opbouwen van een werkplek: de videokabel in het eerste gat steken dat je tegenkomt aan de achterzijde van je computerkast. Vaak belandt de kabel dan in een van de poorten van het moederbord, terwijl de krachtige videokaart een verdieping lager ongebruikt blijft. Dit misverstand ontstaat omdat beide aansluitingen identiek ogen, maar de interne route die de data aflegt verschilt als dag en nacht. Daarom leggen we je uit hoe je het volledige potentieel van je hardware benut en waarom die extra investering in je grafische kaart anders weggegooid geld is.

De interne omweg via de processor

Als je de HDMI- of DisplayPort-kabel in het moederbord plugt, dwing je de computer om de geïntegreerde grafische chip van de processor te gebruiken (mits die is ingeschakeld via het BIOS). Wij hebben dat uiteraard nog even getest en merkten dat alles inderdaad veel minder soepel aanvoelt zodra de processor deze dubbelrol moet vervullen. In plaats van dat de data direct naar de gespecialiseerde kernen van de videokaart gaat, moet de processor nu zowel de algemene berekeningen als de visuele output verwerken.

Dat veroorzaakt een een hoop warmte in de behuizing en de ventilatoren van de CPU beginnen sneller te loeien om de extra last op te vangen. Het is al met al een onhandige route waarbij de dure videokaart onderin je kast simpelweg geen signaal doorgeeft aan je scherm.

©stas_malyarevsky

Hier moet je de HDMI-kabel dus níét in steken als je de beste prestaties wilt.

Aansluiting heeft wel degelijk een functie

Er zijn echter specifieke scenario's waarin deze aansluiting juist je beste vriend is, bijvoorbeeld tijdens het stellen van een diagnose als er iets opeens niet werkt. Als je pc bijvoorbeeld geen beeld geeft via de videokaart, is inpluggen op het moederbord de enige manier om te controleren of de rest van je systeem nog wel functioneert.

Ook voor een eenvoudige kantoormonitor, die alleen wordt gebruikt voor tekstverwerking en e-mail, volstaat de interne chip van de processor en is een dedicated videokaart niet eens nodig. Deze route bespaart energie en houdt de pc stiller, omdat de zware videokaart (als die er is) in een diepe slaapstand kan blijven. Voor een secundair scherm waarop je alleen statische informatie zoals een chatvenster of Spotify in beeld hebt, kan deze configuratie zelfs een slimme manier zijn om de hoofdvideokaart te ontlasten van onnodige basistaken.

Verlies grafische rekenkracht

Zodra je echter een zware taak start, zoals videobewerking of een moderne game, loopt de pc direct tegen een muur aan. De geïntegreerde graphics hebben namelijk geen eigen snel geheugen en snoepen zodoende rekenkracht van het werkgeheugen van je systeem. Je merkt dat aan haperende beelden, een lage framerate en textures die traag laden.

Zo kan het gebeuren dat een krachtige gaming-pc, die normaal gesproken honderd frames per seconde (100 fps) haalt, via de moederbordaansluiting terugvalt naar een onwerkbare diavoorstelling van minder dan 10 fps. De hardware is aanwezig, maar de snelweg naar het scherm is afgesloten, waardoor je in feite maar een fractie van de capaciteit krijgt waarvoor je hebt betaald.

Situaties waarin je deze aansluiting sowieso moet vermijden

Het aansluiten op het moederbord is een absolute dealbreaker voor iedereen die met visuele content werkt of veeleisende games speelt. Als je voor honderden euro's een videokaart hebt aangeschaft, is het een kostbare vergissing om de monitor ergens anders in te pluggen.

Ook bij het gebruik van een 4K-monitor kan de interne chip de verversingssnelheid vaak niet bijbenen, waardoor je naar een schokkerig beeld zit te kijken terwijl je hardware veel vloeiender kan presteren. Voor creatieve professionals die software gebruiken voor 3D-rendering is het gewoon onmogelijk om te werken; de software zal vaak zelfs een foutmelding geven omdat de benodigde grafische bibliotheken niet worden ondersteund door de standaard processor-chip.

De snelle poorten zitten meestal verder naar onderen en zijn doorgaans horizontaal gepositioneerd.

Zo vind je de juiste poort

Kijk eens goed naar de achterkant van je computerkast om te bepalen of je de volle snelheid benut. De aansluitingen van het moederbord staan altijd verticaal in een blok met andere poorten, zoals usb en ethernet. De aansluitingen van de videokaart zitten een stuk lager en staan horizontaal in een aparte sleuf. Zit je kabel in het bovenste blok, dan werk je op de 'reservemotor'.

Verplaats de kabel naar de horizontale poorten onderaan en je zult direct horen dat de pc anders reageert bij het opstarten. Soms moet je na deze wissel de pc even herstarten, zodat de drivers de nieuwe configuratie herkennen en de resolutie optimaal kunnen instellen voor jouw specifieke beeldscherm.

Klaar voor optimale prestaties?

Het aansluiten van een monitor op het moederbord in plaats van de videokaart zorgt ervoor dat de grafische rekenkracht van de pc onbenut blijft omdat het systeem terugvalt op de beperkte interne chip van de processor. Dat leidt tot een drastische afname in prestaties bij games en zware software, aangezien de gespecialiseerde hardware van de videokaart volledig wordt gepasseerd. Voor een optimale ervaring moet je de monitor altijd in de horizontale poorten van de videokaart prikken. Alleen in noodgevallen of bij eenvoudiger kantoortaken is de moederbordaansluiting een bruikbaar alternatief.