ID.nl logo
Uitrol 5G in Nederland: Hoe staat het er nu voor?
© Reshift Digital
Huis

Uitrol 5G in Nederland: Hoe staat het er nu voor?

Van nieuws over zendmasten die door actievoerders in brand zijn gestoken, tot de vele reclames van providers die de nieuwe netwerktechnologie ophemelen en overheden die elkaar beïnvloeden om vooral niet in zee te gaan met netwerkbouwer Huawei. Er valt veel te zeggen over 5G. Hoe staat het er inmiddels voor met de uitrol van 5G in Nederland?

Wellicht heb je nu nog het gevoel geen 5G nodig te hebben, omdat de internetsnelheid van 4G prima volstaat. Dat is niet verwonderlijk. 4G heeft echter grote veranderingen teweeggebracht hoe wij mobiele data gebruiken, en vooral het onderweg streamen van muziek en video heeft een enorme vlucht genomen dankzij 4G. 

Ook 5G zal een revolutie teweegbrengen dankzij de extra datasnelheid en het aantal apparaten dat gelijktijdig gebruik kan maken van het netwerk. Het zou zelfs je bestaande wifi-netwerk kunnen vervangen. Maar voordat het zover is, zijn er nog veel hordes te nemen. Vooral in Nederland lijken we achter de feiten aan te lopen ten opzichte van andere landen.

Om dat uit te kunnen leggen, moeten we even kijken naar een technisch deel van 5G-netwerken. 4G gebruikt op dit moment de frequentiebanden 800, 1.800 en 2.600 MHz om te werken. De frequenties die 5G gaan gebruiken, zijn 700, 1.400 en 2.100 MHz. Later gevolgd door 3.500 en tenslotte 26.000 MHz (oftewel 3,5 en 26 GHz). 

De eerste drie frequentiebanden vallen in het spectrum dat nu al gebruikt wordt voor mobiele netwerken en kon dus vrij vlot in gebruik genomen worden. Daardoor zal er qua dekking ook geen enorme uitdaging zijn voor de providers. De andere twee banden liggen behoorlijk buiten dat spectrum en zullen dus echt een merkbaar verschil maken, vooral op doorvoersnelheid.

3,5 GHz-band nog niet vrij

Alleen die 3,5 GHz-band. Die is in Nederland nog helemaal niet beschikbaar. In het Friese Burum staat een afluisterstation van de AIVD en MIVD, dat deze frequentieband gebruikt voor pakweg de noordelijke helft van Nederland. Voordat deze bandbreedte geveild kan worden aan providers moet er een oplossing gevonden worden voor het afluisterstation, dat verplaatst gaat worden naar buiten onze landgrenzen. In 2022 kan de 3,5 GHz-band dan eindelijk geveild worden aan providers.

De mobiele netwerken zullen echter wel bijgewerkt moeten worden, omdat de bandbreedte in een ander spectrum valt. Overigens zal dat bij de 26GHz-band al helemaal het geval zijn, zodat het bereik toereikend gemaakt kan worden. Dat houdt echter wel in dat we op zijn vroegst in 2022 pas écht iets van het verschil kunnen merken dat 5G maakt. Dat is nogal een andere boodschap dan de reclames van providers ons wijs willen maken.

©PXimport

5G-light

Marketeers van de Nederlandse providers zullen zich in november helemaal verslikt hebben in hun koffie toen de CEO van Vodafone (Nick Read) klare taal sprak: “De manier waarop VodafoneZiggo 5G in Nederland aanbiedt is geen echte 5G en misleidt daarmee consumenten en bedrijven.” Daar voegde Read aan toe: “Het is effectief een 5G-symbool laten zien, maar 4G-prestaties geven.” 

Dat komt omdat de provider Dynamic Spectrum Sharing (DSS) inzet, waarbij zowel 4G- als 5G-banden gebruikt worden, maar niet de maximale constante bandbreedte van 5G bereikt wordt. VodafoneZiggo reageerde snel tegenover techsite Tweakers.net met een nietes-reactie, dat 5G via DSS gewoon voldoet aan de standaarden.

De andere providers met een eigen netwerk (T-Mobile en KPN) zien geen meerwaarde in het gebruik van DSS en scheiden de 4G- en 5G-banden. Hoewel de andere providers geen DSS gebruiken, zijn er geen opvallende snelheids- en bereiksverschillen merkbaar. Door een woordvoerder van T-Mobile werden we gewezen op de zogenaamde Umlaut-test, waar T-Mobile zelf natuurlijk als beste uit de bus kwam. De verschillen zijn marginaal, terwijl twee van de drie providers geen frequentiedelingstechniek gebruiken.

Met die kleine vooruitgang die het huidige 5G biedt kunnen providers zichzelf in de voeten schieten. 5G heeft meer in z’n mars dan nu wordt geboden en er worden zoete broodjes gebakken door de marketingafdelingen van zowel providers als smartphonemakers, terwijl in praktijk 5G in Nederland nog lang niet zo ver is. 

Hierdoor kunnen de eerste gebruikerservaringen voor gebruikers tekortschieten, terwijl juist 5G wel wat positief sentiment kan gebruiken, aangezien het onderwerp veel terugkeert in nieuwskoppen: van complottheorieën tot spionagebeschuldigingen aan het adres van China, dat Huawei zou gebruiken voor grootschalige spionage.

Drie netwerken

In Nederland tellen we drie verschillende mobiele netwerken, van VodafoneZiggo, KPN en T-Mobile. De andere providers zijn zogenaamde virtuele providers (zoals Ben en Simyo) en maken gebruik van een van de drie netwerken. Die drie providers zetten enorm in op 5G, terwijl hogere databundels of lagere prijzen niet echt meer aan de orde lijken. 

Sterker nog: T-Mobile voerde afgelopen december nog een ‘inflatiecorrectie’ door. Hierdoor lijkt 5G eigenlijk alleen écht interessant in combinatie met het duurste ongelimiteerde abonnement. Je beperkte 4G-databundel brandt immers sneller op wanneer je deze blootstelt aan 5G.

©PXimport

Hoewel providers 5G aanprijzen, zal de ervaring waarschijnlijk nog niet aan de verwachtingen voldoen. Niet alleen is een 5G-abonnement niet voldoende, je moet ook de beschikking hebben over een 5G-smartphone. Hoewel dat aanbod steeds breder wordt, valt uit smartphonetests wel op te maken dat een 5G-verbinding de accu leeg trekt. 

Let ook op de 5G-frequentiebanden die het toestel ondersteunt, vooral als je een toestel van een Chinese fabrikant kiest. Zo claimt bijvoorbeeld Xiaomi’s submerk Poco dat de F2 Pro 5G ondersteunt. Maar ondanks dat je het 5G-logootje in de bovenhoek van het scherm ziet, worden de lage frequentiebanden niet ondersteund en blijft het toestel 4G gebruiken. 

Overigens hoef je je daar met recente smartphones van Samsung en Apple geen zorgen over te maken. De relatief kleine accu’s van de iPhone kunnen er echter wel voor zorgen dat de levensduur van de accu minder is door het hogere energieverbruik van 5G.

Voor het grote publiek

Uit onderzoek van Telecompaper van rond de jaarwisseling blijkt dat zo’n zes procent van de Nederlanders gebruikmaakt van 5G. Op de vraag of dat aan de verwachtingen voldoet, laten providers desgevraagd weinig over los. Het laat in ieder geval nog een flinke doelgroep over die verleid kan worden voor 5G. Het lijkt erop dat dit vooral moet gebeuren met betere netwerken die hogere snelheden en een goed bereik bieden. 

De prioriteit lijkt minder te liggen bij hogere databundels en meer gigabytes voor minder geld. Op de vraag hoe T-Mobile bijvoorbeeld gebruikers de komende jaren wil overtuigen over te stappen op 5G, is het antwoord voor de hand liggend: “(…) we zijn altijd bezig om ons netwerk verder te optimaliseren om onze klanten de beste netwerkervaring te bieden die zij gewend zijn van ons. Wij zitten nooit stil en zetten, door middel van tijdelijke of experimenteervergunningen, nu al 5G via 3,5 GHz, maar ook andere banden, zoals 26 GHz, in op testlocaties. T-Mobile biedt dit echter nog niet commercieel aan voor een groot publiek.” 

Of dat genoeg is voor 5G om de massa op korte termijn aan te spreken, wordt de vraag. Feit is wel dat het speelveld rondom 5G in Nederland vol hordes staat: we lopen achter de feiten aan vanwege de 3,5GHz-band, er is negatieve publiciteit rondom gezondheid en spionage, 5G op de lage frequentieband biedt weinig meerwaarde, en het speelveld met slechts drie netwerken moedigt providers (mogelijk) nauwelijks aan om de prijzen interessant te maken.

©PXimport

Uit het Global Mobile Consumer Survey, een onderzoek dat jaarlijks door Deloitte wordt uitgevoerd, blijkt dat zo’n 60% van de Nederlanders niet veel weet van 5G. Het onderzoek stipt tevens aan dat de aanpak van providers misschien niet de beste is. Zelfs als de netwerksnelheid tien keer zo snel zou zijn, zou slechts 68% van de Nederlanders bereid zijn meer te betalen. 

Van die Nederlanders die bereid zijn maandelijks in de buidel te willen tasten, geeft 22% aan zo’n vijf euro extra te willen betalen en 5% meer dan een tientje. Dat is een relatief klein marktaandeel en zijn vrij kleine bedragen, waardoor je kunt twijfelen aan de prijs- of gigabyte-strategie van providers. Gelukkig voor de providers kunnen ze de marketingkracht van smartphonemakers inzetten. Bedrijven als Apple, Samsung, Oppo en OnePlus proberen zichzelf maar al te graag neer te zetten als pioniers van het nieuwe netwerk. 

Nog even geduld

Het kan helpen Nederlanders bewuster te maken van de meerwaarde van 5G. Maar wordt de gemiddelde Nederlander bereidwilliger meer te betalen voor 5G, terwijl de prijzen van smartphones de afgelopen jaren flink lijken te zijn gestegen en een smartphone bij je abonnement je sinds enkele jaren zelfs een BKR-registratie oplevert?

Het valt te verwachten dat 5G nog niet echt een groot marktaandeel weet te veroveren tot het echt het verschil kan maken. We zitten immers nog in fase één van de drie en het grote publiek moeten nog bekend raken met de mogelijkheden van 5G.

Naar verwachting zal het verschil pas in 2023 gemaakt worden, wanneer fase twee van start kan gaan met de 3,5GHz-band. De mobiele brancheorganisatie GSMA is positief en verwacht (wereldwijd) dat in 2025 een op de vijf mobiele dataverbindingen via 5G verloopt. Hoe de nieuwe netwerktechnologie onze wereld gaat veranderen, zal voorlopig nog wel even vaag blijven.

▼ Volgende artikel
Je smartphone als afstandsbediening voor je slimme huis: zo werkt dat
© ImageFlow - stock.adobe.com
Huis

Je smartphone als afstandsbediening voor je slimme huis: zo werkt dat

Je smartphone gebruik je wellicht voor allerlei handige zaken, maar wist je dat je je telefoon ook kunt gebruiken om apparaten in je huis te bedienen? Vaak heb je daar niet eens zoveel voor nodig. Maar hoe begin je en waar moet je allemaal op letten?

In dit artikel

Je ziet hoe je je telefoon inzet als afstandsbediening voor verlichting, verwarming, tv en andere slimme functies in huis. We laten je stap voor stap zien hoe je apparaten toevoegt, kamers indeelt, routines bouwt en je slimme huis laat reageren op tijd, locatie en aanwezigheid. Ook lees je waar je op let bij compatibiliteit en hoe je alles netjes en veilig houdt met onderhoud en updates. 

Lees ook: Starten met smarthome in één middag: een stappenplan voor beginners

We gebruiken thuis steeds meer slimme apparaten die het leven moeten vergemakkelijken. Bijna alle apparaten die je op internet aansluit, zoals een televisie of een basisstation voor slimme lampen, kun je op afstand bedienen of in ieder geval via je wifi-verbinding thuis aansturen. Dat hangt natuurlijk af van het merk en type producten dat je gebruikt en via welke protocollen dit gaat, maar het heeft ook te maken met je telefoon.

Wanneer is een apparaat slim?

Een slim apparaat is een lamp, thermostaat, tv, stekker, gordijnmotor of sensor die via wifi, bluetooth of een standaard als Matter verbonden is met internet en op afstand te bedienen is. Dat bedienen kan bijvoorbeeld via een app van de fabrikant van de apparatuur, maar het is ook mogelijk met de app van Google, Google Home. Deze app is op de meeste Android-toestellen aanwezig, maar als dat bij jou niet het geval is, kun je deze downloaden via de Google Play Store. De app is er ook voor de iPhone en werkt vrijwel hetzelfde. We gebruiken in dit artikel de Android-versie voor alle uitleg en afbeeldingen.

Google Home tref je aan in Google Play, maar kan soms al geïnstalleerd zijn. Check sowieso altijd op updates als je de app al hebt.
Google Home

Google Home is de app die al die apparaten verzamelt en bestuurt; je bedient ze met tikken op je scherm, via het snelle bedieningspaneel van Android en met spraak via de Google Assistant. Wanneer je apparaten in de Google Home-app toevoegt, kun je er routines mee bouwen: vaste acties die automatisch of met één tik worden uitgevoerd, zoals alle lampen uit zodra je het huis verlaat of de verwarming lager zodra iedereen slaapt. Inmiddels kun je met Google Home al meer dan 50.000 apparaten aansturen; je herkent ze aan de Works with Google Home of Matter-logo's.

Starten met aansturen

Om je slimme apparaten te kunnen aansturen, gebruik je een Android-telefoon met Android 11 of hoger. Het werkt in principe ook met oudere versies, maar sinds versie 11 kun je de meeste opties voor slimme apparaten direct vanaf je vergrendelingsscherm benaderen en hoef je dus niet eerst de app te openen om je apparaten te bedienen. Installeer de Google Home-app uit de Play Store en meld je aan met je Google-account. Aanmelden is vereist zodat de instellingen voor al je apparaten worden opgeslagen en ook via andere Android-toestellen zijn te bereiken. Je kunt er ook voor kiezen om een nieuw account aan te maken, dat je dan bijvoorbeeld met je huisgenoten kunt delen. Op die manier kan iedereen in huis bij dezelfde instellingen voor je slimme apparaten en hoef je je persoonlijke data niet met je huisgenoten te delen. Met de Google Home-app kun je eenvoudig schakelen tussen meerdere accounts, dus het is in theorie mogelijk om meerdere slimme huizen te beheren.

Met de Google Home-app kun je - net als alle andere Google-apps - eenvoudig schakelen tussen meerdere accounts.

Systemen zijn niet altijd compatibel

Voordat je een slim apparaat kunt toevoegen aan Google, moet dat apparaat eerst al zijn ingesteld met de app van de fabrikant, bijvoorbeeld Philips Hue, IKEA Home smart, Tado of de app van je gordijnmotor. Daarna koppel je ze in Google Home. Het is handig om minstens één slimme lamp of slimme stekker te hebben om mee te oefenen, plus bijvoorbeeld een televisie met Chromecast-functionaliteit. Heb je een smartspeaker of smartdisplay met ingebouwde Google Assistant (zoals de Nest Hub), dan kun je die gebruiken als extra microfoon in huis, maar strikt nodig is die niet, omdat je ook via je telefoon tegen de Assistant kunt praten. Apple-gebruikers hebben een vergelijkbaar systeem via Apple HomeKit en de Apple Home-app. Apple gebruikt een gesloten systeem, waardoor je niet kunt communiceren met Google Home en moeten de apparaten die je met een Apple-smartphone wilt aansturen, ook specifiek compatibel zijn met Apple HomeKit. Via Home Assistant - een losstaand protocol voor slimme apparaten - is het mogelijk om een koppeling te maken tussen Android-apparaten en Apple-apparaten, maar daar gaan we in dit artikel niet verder op in.

©sdx15 - stock.adobe.com

Ook Apple heeft een Home-app, maar die is niet compatibel met Android.

Lees ook: Philips Hue SpatialAware: dit is het en zo gebruik je het

Apparaten toevoegen en huis indelen

Om Google Home te gebruiken voeg je je eerste apparaten toe aan de Google Home-app en deel je ze logisch in kamers in, zodat aansturen en automatiseren later veel eenvoudiger wordt. Je opent eerst Google Home, controleert of het juiste huis geselecteerd is; als dit nog niet is aangemaakt, maak je dat aan. Vervolgens voeg je een nieuw apparaat toe met de +-knop, rechts bovenin. Tot slot kies je voor Apparaat.

Een nieuw apparaat toevoegen aan Google Home doe je hier.

Koppelen

Je krijgt nu de mogelijkheid om een apparaat direct toe te voegen door middel van een QR-code, die je vaak achter op een product vindt. Apparaten die Matter of Nest ondersteunen, kun je op deze manier dus direct toevoegen. Wil je een apparaat toevoegen dat geen Matter-ondersteuning biedt, dan kan dat alleen als je het betreffende apparaat hebt geconfigureerd via het systeem van dat merk, bijvoorbeeld een lamp van Philips Hue die aan de Hue-bridge is gekoppeld. In dat geval kies je voor de optie Apps of services koppelen. Vervolgens krijg je een overzicht van alle compatibele diensten die met Google Home werken.

Kies uit de lijst met compatibele merken om een koppeling te maken.

Lees ook: Matter uitgelegd: de nieuwe standaard voor een zorgeloos slim huis

Toestemming verlenen

Om een apparaat via deze route toe te voegen aan Google Home, moet je inloggen bij het account van de fabrikant waarvan je de dienst afneemt, bijvoorbeeld Philips Hue. Er komen nog wat meldingen in beeld omtrent de mogelijkheden die Google krijgt met betrekking tot de data van je externe account.

Wanneer de apparaten zichtbaar zijn als tegels, houd je een tegel even vast en kies je voor het tandwieltje. Vervolgens tik je op Ruimte en kun je het apparaat eventueel nog in een andere ruimte plaatsen. Dat kan door de betreffende ruimte aan te tikken uit de lijst, of zelf een nieuwe ruimte aan te maken. Het is handig om je apparaten onder te verdelen in ruimtes, omdat je - bijvoorbeeld in het geval van lampen - deze per ruimte in één keer kunt uitschakelen. Zo kun je dan bij je bedtijdroutine eerst de lichten in de woonkamer uitschakelen en daarna die op de overloop, zonder dat je je hele huis in duisternis brengt of juist iedere lamp afzonderlijk moet uitzetten.

Soms moet je extra toestemmingen goedkeuren om een apparaat te kunnen gebruiken.

Apparaten handmatig en met spraak bedienen

Heb je al je apparaten toegevoegd en eventueel onderverdeeld in verschillende ruimtes, dan kun je ze nu bedienen via je Google Home-app. Open de app, tik op de knop Alle apparaten bovenaan en je ziet alle tegels van de in Google Home aanwezige apparaten. Tik bijvoorbeeld op een lamptegel om die direct aan of uit te schakelen, of houd de tegel even vast om een schuifregelaar voor helderheid of kleur te zien.

Voor een slimme thermostaat tik je op de thermostaat-tegel en verschuif je de temperatuur hoger of lager; vaak kun je ook kiezen tussen de modi Verwarmen of Verkoelen, maar dat is afhankelijk van de aangeboden functies in het apparaat zelf, want niet alle functies zijn ook altijd te benaderen vanuit Google Home. Ook een andere handige optie is het bedienen van je televisie. Heb je een tv of Chromecast gekoppeld, dan kun je via de tegel media pauzeren of stoppen. Vervolgens activeer je spraakbediening door op je Android-telefoon de Google Assistant op te roepen, bijvoorbeeld via de Assistant-knop, een veegbeweging of door "Hey Google" te zeggen. Vervolg die aanroep dan door concrete opdrachten als "Doe de lampen in de woonkamer uit", "Zet de thermostaat op 20 graden" of "Speel Netflix op tv woonkamer". Omdat de Google Assistant de door jou opgegeven namen en kamers uit Google Home gebruikt, loont het dat je die eerder netjes hebt ingesteld.

Tik je op een slimme lamp in de Google Home-app, dan zie je de opties die geboden worden, bijvoorbeeld het aanpassen van de kleurtoon en de helderheid.

Slimme routines maken

Nu je weet hoe je apparaten direct bedient, laten we je zien dat je ook automatiseringen of routines kunt instellen, zodat combinaties van acties met één tik of automatisch worden uitgevoerd. Om dat voor elkaar te krijgen in de Google Home-app tik je onderaan op de knop Automatisering en kun je kiezen uit een aantal voorgestelde routines, zoals wat er gebeurt als je van huis weggaat, of juist aankomt. Het nadeel hiervan is dat je wel de locatie-instellingen op je telefoon moet aanzetten en je huisadres in Google Home moet instellen, maar we kunnen goed voorstellen dat je daar niet op zit te wachten, privacytechnisch gezien dan. Als je een nieuwe routine wilt maken, tik je rechtsboven op de knop Nieuw > Automatisering. Geef de automatisering eerst een naam, zodat deze alvast kan worden opgeslagen nog voordat je iets instelt. Een routine bestaat altijd uit drie delen: een starter, een voorwaarde (die is optioneel) en een actie. Een starter kun je het beste zien als een gebeurtenis, bijvoorbeeld: het is 20:00, er wordt een beweging gedetecteerd, of de temperatuur van de slimme thermostaat is lager dan 16 graden. Een starter kan ook een spraakopdracht zijn. Stel dat je een 'Alles uit'-routine wilt: je geeft de routine een naam, kiest als trigger bijvoorbeeld het spraakcommando "Ik ga weg" en voegt als acties toe dat alle lampen uit moeten, de thermostaat naar 17 graden gaat en de tv wordt uitgezet.

De opbouw van een routine in Google Home.

Lampen automatisch aanpassen

Voor een filmavond-scenario maak je een automatisering die handmatig start of op een spraakzin als "Filmavond": je selecteert dan bij Actie bewerken de lampen in de woonkamer en zet de helderheid naar bijvoorbeeld 20 procent, je zet eventueel gekleurde lampen op warm wit en schakelt een slimme stekker van de sfeerverlichting in. Heb je gordijnen met een slimme motor, dan voeg je toe dat die naar 100 procent dichtgaan. Tot slot wijs je de tv- of Chromecast-tegel toe om een bepaalde app te starten of in elk geval de tv in te schakelen. Omdat deze routines gebruikmaken van de apparaten en kamers die je eerder hebt ingericht, zie je direct hoe belangrijk een goede basisconfiguratie is.

De kleur en helderheid van de lampen kun je automatisch aanpassen bij het inschakelen van de tv.

Automatiseren op tijd, locatie en aanwezigheid

Nu je basisroutines hebt, ga je een stap verder door je huis zichzelf te laten aanpassen op tijd, locatie en aanwezigheid, zodat je smartphone meer regisseur dan bedieningspaneel wordt. In Automatisering kun je een routine laten starten op vaste tijden, bij zonsopkomst of zonsondergang of wanneer de toestand 'Thuis' of 'Afwezig' verandert. Stel bijvoorbeeld een ochtendroutine in die op werkdagen om 7:00 uur de thermostaat naar 20 graden zet, de gordijnen in de woonkamer op 50 procent opent en de keukenlampen op 60 procent helderheid inschakelt. In de avond kun je een routine laten starten rond zonsondergang, zodat de buitenlamp en de lamp bij de voordeur automatisch aangaan. Aanwezigheidsdetectie gaat nog een stap verder: Google Home kan via de locatie van je telefoon en sensors van bijvoorbeeld een Nest-thermostaat of Nest-speakers bepalen of er iemand thuis is. Wanneer iedereen weg is, kan de Afwezig-routine lampen uitzetten, de thermostaat terugschakelen en eventueel een robotstofzuiger starten. Je stelt dat in via de Instellingen in Google Home onder aanwezigheidsdetectie, waar je toestemming geeft voor gebruik van je telefoonlocatie en aangeeft welke apparaten mogen 'meekijken'.

Concrete scenario's

Nu je de algemene principes beheerst, richt je je op drie alledaagse toepassingen die samen veel comfort opleveren: licht, warmte en entertainment. Voor verlichting maak je in Google Home aparte scènes aan via Automatisering, zoals 'Thuiswerken' met helder wit licht op 80 procent in je werkkamer en 'Ontspannen' met warm licht op 30 procent in de woonkamer. Je roept ze op met "Hey Google, thuiswerken" of via een tegel in het bedieningspaneel. Voor verwarming stel je in de Google Home-app temperatuurschema's in voor je Nest-thermostaat, bijvoorbeeld overdag 20 graden en 's nachts 17 graden; voor warm water kun je eveneens schema's instellen, zodat de slimme boiler niet onnodig aanstaat. De routine 'We zijn weg' verlaagt de temperatuur en zet lampen uit. Voor tv-bediening koppel je je Chromecast of ingebouwde Chromecast-tv aan Google Home en wijs je die toe aan de kamer 'Woonkamer'. Daarna werkt "Hey Google, speel YouTube op tv woonkamer" of je tikt in de app op de tv-tegel om afspelen te pauzeren of te stoppen. Als je deze drie functies eenmaal soepel bedient, zie je hoe makkelijk het is om extra apparaten, zoals gordijnen of een slimme stekker voor je koffiezetapparaat, in bestaande routines in te passen.

Noodzakelijk onderhoud en uitbreiden

Nu je smartphone de centrale afstandsbediening van je slimme huis is, is het belangrijk dat je installatie veilig, overzichtelijk en toekomstbestendig blijft. Controleer regelmatig in Google Home onder Settings en Devices of er geen oude of dubbele apparaten meer staan, bijvoorbeeld een lamp die je hebt vervangen; verwijder ongebruikte apparaten, zodat routines niet breken en blijven hangen omdat een bepaald apparaat niet meer bestaat. Kijk af en toe ook kritisch naar machtigingen: in aanwezigheidsdetectie bepaal je expliciet welke apparaten en telefoons mogen meedoen aan 'Thuis' en 'Afwezig' en dus jouw locatie kunnen opvragen. Dat is misschien niet altijd gewenst. Koop je uitbreidingen, test die nieuwe apparaten eerst in een simpele routine, zoals een losse scène voor één kamer, voordat je ze in al je automatiseringen opneemt. Controleer daarnaast ook op updates: Google Home wordt bijvoorbeeld regelmatig bijgewerkt, zeker nu er ook steeds meer AI-functies worden toegevoegd. En ook je slimme apparatuur: vaak wordt er nieuwe firmware uitgebracht, maar die kun je niet vanuit Google Home updaten; dat moet doorgaans via het slimme apparaat zelf of de aangesloten hub. Tot slot kun je, mocht je later voor het Apple-ecosysteem kiezen, veel apparaten dankzij Matter eenvoudig ook aan Apple Home koppelen, al beheer je ze dan in een aparte app. Door regelmatig op te ruimen, updates te installeren en je routines te finetunen, blijft je slimme huis betrouwbaar en voelt je smartphone echt als een krachtige, maar toch overzichtelijke universele afstandsbediening.

Het updaten van de firmware van aangesloten apparaten gaat doorgaans via de app van de fabrikant zelf, niet via Google Home.
View post on TikTok
▼ Volgende artikel
It Takes Two- en Split Fiction-maker bezig met opnames voor nieuwe game
Huis

It Takes Two- en Split Fiction-maker bezig met opnames voor nieuwe game

Hazelight Studios, de ontwikkelaar van de succesvolle coöperatieve games It Takes Two en Split Fiction, heeft een nieuwe game in ontwikkeling en is op dit moment bezig met de opnames ervoor.

Enige tijd geleden gaf regisseur Josef Fares al aan dat er een nieuwe game in ontwikkeling was bij de studio, maar nu heeft hij op social media een foto geplaatst waarop Fares te zien is met drie acteurs in motion capturing-pakken. Daarmee wordt dus duidelijk gemaakt dat de opnames voor de game in ieder geval al in volle gang zijn.

Overigens is de identiteit van de acteurs niet bekend. Fares houdt zijn arm voor de gezichten van de acteurs. Mogelijk zijn het dus bekende acteurs en wil hij dat nog verhullen, al is dat speculatie. Over speculatie gesproken: het feit dat er drie acteurs te zien zijn, doet sommige fans vermoeden dat de nieuwe game van Hazelight mogelijk met drie spelers tegelijk te spelen valt in plaats van twee, maar ook dat is nog alles behalve bevestigd.

View post on X

Over de games van Hazelight Studios

Hazelight Studios is gespecialiseerd in het creëren van games die coöperatief doorlopen moeten worden. No Way Out, It Takes Two en Split Fiction vergen allen twee spelers. Daarbij draait het om samenwerken, wat hun games een populaire bezigheid maakt voor gamende koppels en vrienden.

It Takes Two bleek een grote hit voor de studio. In het spel spreekt een dochter van een ruziënd stel een vloek over het tweetal uit, waardoor ze minuscuul worden. Ze zullen moeten leren communiceren en samenwerken om zich uit deze hachelijke situatie te redden, terwijl ze als kleine poppen door een uitvergrote versie van hun huis en tuin reizen.

Na het succes van It Takes Two bracht Hazelight het conceptueel vergelijkbare Split Fiction uit. Die game draait om twee schrijvers, Mio en Zoe, die worden ingehuurd om verhalen te creëren voor een technologie die deze verhalen levensecht kan simuleren. De vrouwen worden door het bedrijf achter de technologie echter gevangen in een simulatie, en in de game wordt er constant tussen de twee verhalen van Mio en Zoe geschakeld. Dat levert zowel fantasievolle als futuristische settings op.

Zowel It Takes Two als Split Fiction komen met een Friend Pass. Dat houdt in dat maar één speler de game hoeft te kopen, en de tweede speler gratis online mee kan spelen. De games zijn ook via splitscreen samen op de bank speelbaar.

Watch on YouTube