ID.nl logo
Wolfgang AT-AS40D2 - Kleine tegenvaller
© Reshift Digital
Huis

Wolfgang AT-AS40D2 - Kleine tegenvaller

Wolfgang is zeker niet meer zo onbekend als een paar jaar terug. Dankzij het brede scala aan telefoons, welke via de Aldi en hun eigen webshop verkocht worden, is de naamsbekendheid sterk aan het groeien. Opnieuw hebben ze een toestel aan hun assortiment toegevoegd: de Wolfgang AT-AS40D2.

De Wolfgang AT-AS40D2 is volledig van plastic. De achterkant is geribbeld zwart en aan de bovenkant en rondom de camera zien we zilverkleurige accenten terug. Deze accenten zorgen ervoor dat het design er voor een budgettoestel nog best leuk uitziet.

Voelt goedkoop

Helaas heeft Wolfgang niet zoveel tijd besteed aan de afwerking van de behuizing. Zo zie je in de zilveren lijn bovenop het toestel nog de randen zitten, wat een beetje goedkoop aandoet. Het relatief kleine stukje plastic is dus niet uit één geheel opgemaakt. Daarnaast zit er vrij veel ruimte tussen de volumetoetsen en de behuizing, waardoor er al snel stof in gaat zitten. Deze kleine details zijn niet heel storend, maar verraden wel de mindere bouwkwaliteit. Het toestel is redelijk dik, maar dankzij de plastic behuizing valt het gewicht mee.

De standaard aansluitingen zijn ook op deze smartphone aanwezig; de aansluiting voor je hoofdtelefoon en die voor de oplader zitten beiden bovenop het toestel. Daar zit tevens de vergrendelknop. Deze voelt wat goedkoop aan. Aan de linkerkant bevinden zich de volumetoetsen, die wel weer degelijk aanvoelen.

©PXimport

De behuizing voelt wat goedkoop aan door een niet zo'n goede afwerking en de wat gammele vergrendelknop.

Het beeldscherm

De AT-AS40D2 beschikt over een 4 inch beeldscherm met een resolutie van 800 x 480 pixels. Deze resolutie is prima voor een telefoon in deze prijsklasse. Helaas kleven er toch ook flink wat nadelen aan het scherm. Zo ligt hij wat dieper in de behuizing wat het lastiger maakt om het scherm af te lezen in de volle zon. Daarnaast is de kijkhoek erg slecht, zoals we dat bij veel andere Wolfgang-telefoons ook zijn tegengekomen. De kleuren zijn daarbij ook nog eens niet erg levendig.

©PXimport

De kijkhoek van de Wolfgang valt flink tegen.

Een ander nadeel is dat het aanraakscherm niet heel erg gevoelig is. Dit zorgt ervoor dat je bijvoorbeeld bij het scrollen tussen je apps lange veegbewegingen moet maken wil je naar de volgende bladzijde toe gaan. Ook moet je wat harder op de icoontjes drukken wil je ze openen. Door het niet gevoelige scherm in combinatie met de wat gebrekkige multi touch, gaat het typen heel lastig. Druk je op backspace, dan registreert de telefoon dat regelmatig als een M of zelfs een N als je je tweede vinger iets te dicht op het scherm houdt. Dit zorgt voor een hele hoop frustratie.

©PXimport

Het touchscreen werkt frustrerend.

Redelijk goede prestaties

Hoewel de telefoon amper 100 euro kost, vallen de prestaties niet tegen. Je kan redelijk vlot door de menu's heen. Uiteraard merk je dat hij niet zo vloeiend is als duurdere toestellen, maar daar is het toestel ook niet naar. Simpele spelletjes zijn geen probleem. Wil je wat zwaardere games spelen, dan heb je toch echt een toestel met betere specificaties nodig.

De telefoon draait op Android 4.2.2 met een eigen Wolfgang-skin die nauwelijks afwijkt van de originele Android interface. Wel zitten er een aantal apps op, die lang niet iedereen zal gebruiken. Deze kan je ook niet verwijderen, wat vervelend is aangezien de netto opslagcapaciteit slechts 1,32 GB bedraagt.

Je hebt met de Wolfgang AT-AS40D2 een 5 megapixel-camera aan boord. Van deze camera hoef je overigens niet veel te verwachten. De foto's zijn namelijk erg wazig. Een simpel kiekje kan, maar daar blijft het dan ook echt bij. Aan de voorkant bevindt zich een 0,3 megapixel camera, niet bepaald genoeg voor stijlvolle selfies.

©PXimport

Verwacht niet veel van de camera; de foto's zijn erg wazig.

De accu van de telefoon gaat bij normaal gebruik een dag mee, maar ben je een wat actievere smartphonegebruiker dan zal je moeite gaan hebben om de dag zonder oplader door te komen. Dit is ook geen wonder, aangezien de telefoon een accu van slechts 1400 mAh heeft.

Overigens heb je wel de beschikking over een dual-sim ondersteuning, zodat je dus twee simkaarten kan plaatsen. Dit is ideaal als je een nummer voor je werk gebruikt en een nummer voor privé. Deze kan je dus eenvoudig combineren in één telefoon.

Conclusie

Voor een telefoon van 99 euro is de snelheid prima. Lichte spellen spelen en multitasken is dan ook geen probleem. Helaas valt de rest een beetje tegen. Het meest frustrerende is het beeldscherm. Ook al koop je een telefoon van 99 euro, dan mag je verwachten dat het beeldscherm goed reageert op je aanrakingen. We communiceren veel via sociale media en diensten als WhatsApp, en daar is een prettig toetsenbord en accuraat touchscreen heel belangrijk bij. Veel telefoons van Wolfgang zijn het geld waard, maar helaas is dat bij deze AT-AS40D2 niet het geval.

©PXimport

Deze Wolfgang valt helaas in het niet bij de andere Wolfgangs.

Slecht
Conclusie

Wolfgang AT-AS40D2 ------------------ **Prijs:** 99 euro **Besturingssysteem:** Android 4.2.2 **Beeldscherm:** 4 inch (800 x 480) **Camera achterkant:** 5 megapixel **Camera voorkant:** 0,3 megapixel **Processor:** 1,3 GHz dualcore **Werkgeheugen:** 512 MB **Opslaggeheugen:** 4 GB (netto 1,32 GB) **Uitbreidbaar geheugen:** MicroSD **Afmetingen:** 126 x 66 x 12,7 mm **Gewicht:** 149 gram

Plus- en minpunten
  • Redelijk snel
  • Dual-sim functie
  • Touchscreen
  • Afwerking
  • Accu
▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.