ID.nl logo
Review: Wolfgang AT-AS40SE
© Reshift Digital
Huis

Review: Wolfgang AT-AS40SE

Aldi bracht naast zijn grote broertje, de Wolfgang AT-AS45IPS, ook de AT-AS40SE in de schappen. Een smartphone, uitgerust met Android 4.0, voor slechts 119 euro. De vraag is wat je kan verwachten van zo’n budget-toestel. Wij hebben dat uiteraard getest en onze bevindingen lees je in deze review.

Zodra je de doos openmaakt, zie je een smartphone met een 4 inch-scherm en de bekende Android touch-toetsen liggen. Het toestel is eenvoudig zwart, maar de zijkant heeft een bronsachtige kleur. Dit zorgt ervoor dat hij er toch net wat beter uitziet, het doorbreekt het standaard uiterlijk van het toestel.

©PXimport

De achterkant van het toestel is erg besmettelijk, je ziet er alles op.

De achterkant lijkt op die van de oudere iPhone 3: een plastic plaat waar je werkelijk alles op ziet. Al heb je hem net schoongemaakt, je hoeft hem maar aan te raken of de achterkant zit alweer onder de vingerafdrukken. Doordat de achterkant glad is, ligt hij ook wat minder stevig in de hand. Hij is daarbij vrij dik en met zijn 140 gram ook zeker geen lichtgewicht. Door zijn iets afgeronde hoeken ligt het toestel wel lekker in de hand.

De bekende volumeknoppen vinden we aan de linkerkant van het toestel. Aan de bovenkant bevindt zich de aan-/uitknop en de ingang voor de koptelefoon. De knoppen voelen vrij robuust aan en zijn gemakkelijk te bedienen. Opvallend is dat de micro-usb-aansluiting aan de rechterkant van het toestel te vinden is. Dit is in de praktijk wel wat onhandig, zeker als je hem wilt gebruiken terwijl je het toestel oplaadt. Het kabeltje zit dan in de weg waardoor je de telefoon lastig met één hand kan bedienen. Aan de onderkant van het toestel zit de microfoon.

Dual-Sim functie

Het is toch wel een kenmerk van Wolfgang geworden, de mogelijkheid om twee simkaarten in je toestel te stoppen om deze zowel privé als zakelijk te gebruiken. Ideaal als je niet continu met twee toestellen wilt rondlopen. Ook met de AT-AS40SE heb je deze mogelijkheid. Je kan bij het bellen, bij het sms’en en bij het browsen kiezen welke simkaart je hiervoor wilt gebruiken. Zo houd je mooi die scheiding tussen je twee simkaarten, maar gebruik je slechts één telefoon. Het bellen verloopt verder goed. Het geluid is prima en je bent ook voor je gesprekspartner goed te verstaan.

Het scherm van deze budget-Wolfgang is geen uitblinker. Het display heeft een resolutie van 480 × 800 pixels die alles prima weergeeft. Het toestel laat de kleuren echter erg flets uitkomen. Er hangt een lichte blauwe gloed over het scherm waardoor alle kleuren lichter worden weergegeven. Daarnaast is de kijkhoek een probleem. Wil je het beeldscherm goed kunnen zien moet je het toestel recht voor je houden. Draai je hem naar je buurman toe, dan zie je zelf niet meer wat er op het scherm staat. In direct zonlicht spiegelt het scherm ook nog eens enorm.

©PXimport

Het beeldscherm spiegelt flink en de kijkhoek is beperkt.

Prestaties

Het toestel draait op een zo goed als kale versie van Android 4.0 en beschikt over een 1Ghz dualcore-processor. Dit is genoeg om het toestel lekker soepel te laten lopen. Zeker in deze prijsklasse is dit echt een toptoestel als het gaat om de snelheid. Zelfs vergeleken met zijn grote broer, de AS45IPS (review), loopt hij nog goed mee.

Het gamen gaat prima. Het toestel heeft wat moeite met de zwaardere 3D-spellen (het opstarten duurt lang en af en toe loopt het wat stoterig) maar dat is niet raar voor een toestel in dit prijssegment. De wat minder grafische spelletjes draaien perfect.

Camera

Deze Wolfgang AT-AS40SE beschikt over zowel een camera aan de achterkant van het toestel als eentje aan de voorkant. De camera achterop heeft 5 megapixels en die aan de voorkant 0.3 megapixels. De laatstgenoemde maakt het zogenoemde videobellen mogelijk via bijvoorbeeld Skype. Van de camera aan de achterzijde hoef je niet veel te verwachten. Hij maakt de foto’s die hij moet maken, maar voor het scherpstellen neemt hij uitgebreid de tijd. Een snel moment vastleggen wordt met dit toestel dus al wat lastiger. Als je inzoomt, wordt het beeld ook snel korrelig en wazig.

©PXimport

De Wolfgang beschikt over een 5 megapixel-camera die aardige foto’s maakt.

Zoals al eerder aangegeven draait dit toestel op een zo goed als kale versie van Android 4.0 (Ice Cream Sandwich). Dat betekent dat ook de muziekspeler er vrij standaard uitziet. Deze muziekspeler werkt perfect en bevat geen overbodige poespas. Ditzelfde geldt voor de videospeler. Verder beschikt het toestel ook nog over een FM radio.

Bij de telefoon krijg je erg simpele in-ear oordopjes, waar je niet veel van moet verwachten. Toch ben je bijna wel genoodzaakt om deze te gebruiken. Het toestel werkt namelijk niet goed met oordopjes die een bedieningspaneel voor een Apple product bevatten. Ook blijft niet elk type headset goed in de telefoon zitten, waardoor de jack-aansluiting er soms uit vliegt en het contact verloren gaat.

Het toestel wordt geleverd met 4 GB aan geheugen, maar dit is eenvoudig uit te breiden tot 32 GB door middel van een microSD-kaart. Zo’n kaartje wordt overigens niet meegeleverd.

Batterij

In dit toestel zit een batterij van 1500 mAh welke het prima een dagje volhoudt. Bij heel intensief gebruik mag je hem wel direct aan de lader hangen zodra je ’s avonds thuis komt, maar bij normaal gebruik laad je hem pas op zodra je je bed in stapt. Elke dag aan de lader is dus wel nodig, maar dat is natuurlijk niets nieuws voor een smartphonegebruiker.

©PXimport

Een toptoestel qua prestaties, maar laat bij het beeldscherm en de aansluiting van de headset wat steken vallen.

Conclusie

Voor slechts 119 euro heb je qua prestaties een toptoestel in handden dat eenvoudig mee komt met smartphones uit een duurder segment. Van binnen is het echt een topper. Helaas merk je wel dat Wolfgang ergens op moest bezuinigen. Dit zie je vooral terug in het beeldscherm en in de aansluiting van je headset. Als je niet van plan bent je telefoon als mp3-speler te gebruiken en je genoegen kunt nemen met een beeldscherm dat nogal te wensen over laat, dan is de AT-AS40SE een hele goede keuze.

Wolfgang AT-AS40SE

Adviesprijs € 119,-

Besturingssysteem Android 4.0

Processor MT6577 1GHz dualcore

Simkaart 2 simkaarten (Dual Standby)

Geheugen 512 MB

Opslag 4 GB

Afmetingen 124 x 64 x 11 mm

Gewicht 140 gram

Accu 1500 mAh

Scherm 4 inch TFT (480 × 800)

Camera voorkant 0.3 megapixel

Camera achterkant 5 megapixel

Verbindingen Bluetooth 2.1, wifi 802.11b/g/n

Pluspunten

Prijs

Kale Android

Prestaties

Minpunten

Beeldkwaliteit

Ingang voor de koptelefoon

SCORE: 7 / 10

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.