ID.nl logo
Review HMD Pulse Pro - Leuk idee verdient betere uitvoering
© ID.nl
Huis

Review HMD Pulse Pro - Leuk idee verdient betere uitvoering

De 179 euro kostende HMD Pulse Pro wil meer zijn dan een dertien-in-een-dozijn-smartphone. Volgens de fabrikant, die ook telefoons maakt onder de Nokia-naam, kun je belangrijke onderdelen van de Pulse Pro zelf vervangen. Zo moet het toestel duurzamer zijn dan die van de concurrentie. Is dat ook echt zo?

Oké
Conclusie

Duurzaam concept komt in de praktijk matig tot zijn recht. De HMD Pulse Pro is alsnog lastig zelf te repareren en biedt minder goede specificaties dan de concurrentie. Het updatebeleid valt ook tegen. In dit prijssegment zijn er betere telefoons te koop.

Plus- en minpunten
  • Sommige onderdelen kun je zelf vervangen
  • Lange accuduur
  • Repareren is aardig lastig
  • Specificaties schieten tekort
  • Korter updatebeleid dan de concurrentie

Eerst even over HMD Global, want de kans is groot dat die naam niet meteen een belletje bij je doet rinkelen. Het Finse elektronicamerk verwierf een paar jaar geleden de rechten om smartphones met de Nokia-naam uit te brengen en is trots op die licentieovereenkomst.

De Finse oorsprong van HMD Global wil niet zeggen dat de toestellen ook in Finland worden gemaakt. Het bedrijf valt onder het Taiwanese Foxconn en laat de meeste telefoons ook in Taiwan produceren. Op de doos van de Pulse Pro staat echter Made in China. HMD Global zegt steeds meer toestellen in Europa te willen produceren, naar eigen zeggen omdat zakelijke kopers daarom vragen.

©Rens Blom

Heb je de HMD Pulse Pro in de hand, dan merk je niet dat je zelf onderdelen kunt vervangen.

Onderdelen vervangen klinkt leuk...

Voor jou als consument is de Pulse Pro op het oog een standaard smartphone, geproduceerd in een land aan de andere kant van de wereld. Niet heel duurzaam dus. De Pulse Pro heeft echter wel een duurzaam karakter, aldus de fabrikant. Je kunt namelijk drie onderdelen van de telefoon zelf vervangen. Dat zijn de accu, het beeldscherm en de usb-c-poort. Logische onderdelen om te vervangen omdat een accu slijt door gebruik, het scherm kan beschadigen bij een val en de usb-c-poort eveneens slijt of stuk kan gaan.

HMD belooft minimaal vijf jaar vervangende onderdelen te verkopen, wat we netjes vinden. Een nieuw scherm inclusief benodigdheden kost 45 euro, voor de usb- of accu-kit betaal je 20 euro. Schappelijke prijzen als je het ons vraagt. Maar heb je de reparatiehandleidingen al gelezen?

©Rens Blom

De HMD Pulse Pro oogt wat gewoontjes, maar verder prima.

...maar is tijdrovend en complex

In de praktijk is het vervangen van bijvoorbeeld de accu zo makkelijk nog niet. De officiële handleiding vereist zestien stappen om tot het daadwerkelijk verwijderen van de accu te komen. Daarna moet je de stappen in omgekeerde volgorde uitvoeren om weer tot een complete telefoon te komen. De handelingen zullen minder technisch onderlegde gebruikers afschrikken en dat snappen we helemaal.

De usb-poort vervangen vergt zelfs achttien stappen (en weer in omgekeerde volgorde), het scherm vervangen zelfs 36 stappen (en weer in omgekeerde volgorde).

©Screenshot iFixit.com

Het scherm vervangen vergt 36 stappen, waaronder deze.

We pakken onze Fairphone 5 er nog maar eens bij, waarvan je de achterkant binnen een paar seconden loshaalt om vervolgens de accu eruit te peuteren. Ook onderdelen als het scherm en de usb-poort zijn veel makkelijker te vervangen dan bij de HMD Pulse Pro. Kortom: HMD heeft zich leuk laten inspireren, maar de uitvoering laat naar onze mening stevig te wensen over.

De HMD Pulse Pro als smartphone

Als telefoon an sich laat de Pulse Pro een nog minder positieve indruk achter. Natuurlijk kun je voor 179 euro geen wonderen verwachten, maar merken als Samsung, Xiaomi en Motorola tonen aan dat je in dit prijssegment een prima telefoon kunt kopen. De HMD Pulse Pro kan de concurrentie op veel vlakken niet bijbenen. Het toestel heeft geen Full-HD-scherm, maar een minder scherp HD-scherm. Bovendien is de Pulse Pro merkbaar trager door zijn oude Unisoc-processor en heeft hij één slechte camera op de achterkant. De tweede lens lijkt een camera, maar is slechts een dieptesensor die helpt om de achtergrond te vervagen bij het schieten van portretfoto's. Erg jammer, want zo hebben we dit toestel niet met plezier kunnen gebruiken.

©Rens Blom

Het HD-scherm oogt niet zo scherp.

Het grootste pluspunt van de smartphone is zijn accuduur. De 5000mAh-accu houdt het – dankzij de eenvoudige processor en HD-scherm – bijna twee dagen vol totdat je de oplader erbij moet pakken. In de doos vind je alleen een usb-c-kabel. Een oplaadadapter moet je zelf regelen, wat volgens HMD aansluit bij zijn duurzame filosofie (en ook de verkoopprijs drukt). Meer merken laten de adapter tegenwoordig achterwege.

©Rens Blom

In de doos vind je naast de telefoon alleen een usb-c-kabel.

De duurzame gedachte van HMD is overigens niet terug te zien in het updatebeleid van de Pulse Pro. Deze smartphone krijgt maar twee Android-upgrades en drie jaar beveiligingsupdates. Begin 2027 kun je hem dus niet meer veilig gebruiken. Dat is gek, omdat HMD nog jaren vervangende onderdelen verkoopt. Waarom zou je een accu vervangen van een telefoon die geen updates meer krijgt, nog los van ons vermoeden dat het toestel tegen die tijd erg traag in gebruik is?

Conclusie: HMD Pulse Pro kopen?

In dit prijssegment kun je in plaats van de HMD Pulse Pro bijvoorbeeld ook een Samsung Galaxy A15 kopen, die vijf jaar beveiligingsupdates krijgt en dus veel langer een comfortabele gebruikservaring oplevert. Dit toestel heeft bovendien een mooier oledscherm met Full-HD-resolutie, is sneller in gebruik en maakt betere foto’s. Zoek je echt een telefoon waarvan je onderdelen kunt vervangen, dan raden we je aan om door te sparen voor een Fairphone 4 of 5.

Lees hier onze Fairphone 5-review terug.

▼ Volgende artikel
Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?
© Dennis
Huis

Wanneer heb je HDMI 2.1 écht nodig (en wanneer is het weggegooid geld)?

HDMI 2.1 is de nieuwste standaard voor beeldoverdracht, maar lang niet iedereen heeft de extra bandbreedte ook écht nodig. Vooral voor gamers met een PlayStation 5, Xbox Series X of krachtige pc is het relevant. Kijk je alleen films of televisie? Dan volstaat de oudere aansluiting vaak prima. Wij leggen uit waar de grens ligt.

Als je momenteel op zoek bent naar een nieuwe televisie of monitor vlíegen de technische termen je om de oren. HDMI 2.1 wordt door fabrikanten en winkels vaak gepresenteerd als een absolute noodzaak voor een scherm dat klaar is voor de toekomst. Hierdoor ontstaat de angst dat je een miskoop doet als je kiest voor een model met de oudere HDMI 2.0-standaard. Toch is dat in veel Nederlandse huiskamers een misvatting, want de voordelen zijn nogal specifiek. Veel consumenten betalen onnodig extra voor een functie die ze technisch gezien nooit zullen activeren. Na het lezen van dit artikel weet je precies of jij die snelle poort nodig hebt, of dat je dat budget beter aan een groter scherm of beter geluid kunt besteden.

De kern van het probleem: bandbreedte

Het fundamentele verschil tussen de gangbare HDMI 2.0-standaard en de nieuwere 2.1-versie zit 'm in de digitale snelweg die ze bieden. Je kunt het zien als een waterleiding: door een 2.1-kabel kan veel meer water (of dus data) tegelijk worden gepompt (48 Gbit/s in dit geval) dan door de oudere 2.0-variant (die 'maar' 18 Gbit/s kan verwerken). Die extra ruimte is nodig voor 4K-beelden met een zeer hoge verversingssnelheid (120 beelden per seconde) of voor extreem hoge resoluties zoals 8K.

Een hardnekkige mythe is dat HDMI 2.1 het beeld altijd mooier maakt. Dat is onjuist. Als je naar een Netflix-serie kijkt in 4K, ziet dat er via een 2.0-poort exact hetzelfde uit als via een 2.1-poort. De kabel verandert niets aan de kleuren, de scherpte of het contrast; hij zorgt er alleen voor dat het signaal 'erdoor' past. Pas als er een file op de kabel ontstaat (omdat je te veel beelden per seconde wilt versturen) wordt de nieuwe standaard noodzakelijk. Zolang je dataverbruik onder de limiet van HDMI 2.0 blijft, voegt versie 2.1 niets toe aan de beeldkwaliteit.

Wanneer werkt dit wél goed?

HDMI 2.1 komt pas echt tot zijn recht als je de grenzen van beweging en snelheid opzoekt. Dat is vrijwel exclusief het domein van de fanatieke gamer. Heb je een PlayStation 5 of Xbox Series X in huis en wil je games spelen in de hoogste 4K-resolutie met 120 beelden per seconde (120 Hz)? Dan is een HDMI 2.1-aansluiting op je tv onmisbaar. Zonder deze poort blijft je console steken op 60 beelden per seconde, wat minder vloeiend oogt bij snelle shooters of racegames.

Ook pc-gamers met een zware, moderne videokaart (zoals de NVIDIA RTX 40- of 50-serie) profiteren hiervan als ze hun pc op de tv aansluiten. Naast de snelheid biedt de 2.1-standaard ondersteuning voor Variable Refresh Rate (VRR). Dat zorgt ervoor dat de televisie zijn verversingssnelheid continu aanpast aan de spelcomputer, wat haperingen en 'tearing' (waarbij het beeld in tweeën lijkt te breken) voorkomt. Daarnaast is er Auto Low Latency Mode (ALLM), een signaal waardoor je tv automatisch naar de spelmodus schakelt zodra je de console aanzet. Voor wie de maximale prestaties uit een moderne spelcomputer wil halen, is HDMI 2.1 dus een logische en eigenlijk verplichte keuze.

Oké, maar wanneer werkt dit níet goed?

Voor de gemiddelde kijker is de meerwaarde van HDMI 2.1 nagenoeg nihil. Kijk je voornamelijk lineaire televisie (nieuws, talkshows), sportwedstrijden, films op Blu-ray of series via streamingdiensten als Disney+ en Videoland? Dan kom je nooit in de buurt van de bandbreedte die HDMI 2.0 niet meer aankan. Films en series worden vrijwel altijd gemaakt en uitgezonden in 24, 30 of maximaal 60 beelden per seconde. Een standaard HDMI 2.0-aansluiting kan 4K-beeld op 60 Hz fluitend aan, inclusief HDR (High Dynamic Range).

Ook voor bezitters van een oudere of minder krachtige spelcomputer, zoals de PlayStation 4, de Xbox One of de Nintendo Switch, voegt de nieuwe poort niets toe. Het signaal dat deze apparaten uitsturen is simpelweg niet zwaar genoeg om de bredere snelweg nodig te hebben. Je koopt in dat geval een Ferrari om er vervolgens alleen maar mee in een 30-kilometerzone te rijden. Je betaalt voor capaciteit die ongebruikt blijft, terwijl je dat geld wellicht beter had kunnen investeren in een tv met een beter contrast of hogere helderheid.

Dealbreakers

Er zijn specifieke situaties waarin het blindstaren op HDMI 2.1 je keuze onnodig beperkt of zelfs leidt tot een slechtere aankoop. Dit zijn de harde grenzen:

Je zoekt een televisie in het budgetsegment. In de lagere prijsklassen is de term HDMI 2.1 vaak misleidend. Fabrikanten mogen de term soms gebruiken omdat de tv één specifieke feature ondersteunt (zoals ALLM), terwijl het paneel zelf technisch helemaal geen 120 Hz kan weergeven. Je koopt dan een tv met een 2.1-sticker, maar zonder het daadwerkelijke voordeel van vloeiend beeld. In dit segment is beeldkwaliteit altijd belangrijker dan het versienummer van de poort.

Je wilt alleen beter geluid via een soundbar. Vaak wordt gedacht dat je voor de beste geluidsoverdracht (eARC) per se een volledige HDMI 2.1-tv nodig hebt. Hoewel eARC officieel onderdeel is van de 2.1-specificaties, hebben veel fabrikanten deze functie ook toegevoegd aan televisies die verder gewoon op HDMI 2.0 draaien. Als je doel puur het doorsturen van Dolby Atmos-geluid is, is een volledige HDMI 2.1-poort dus geen harde eis, zolang eARC maar specifiek wordt vermeld.

Je kijkt puur films en series. Als je geen gamer bent, is er geen enkel scenario waarin HDMI 2.1 je kijkervaring verbetert. Het sluit een heleboel uitstekende oudere of goedkopere modellen uit die misschien wel een veel mooier OLED- of QLED-paneel hebben, maar niet de nieuwste aansluitingen. Beeldkwaliteit (zwartwaarden, kleur) wint het voor de filmkijker altijd van bandbreedte.

©DC Studio

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om de juiste keuze te maken, moet je kritisch kijken naar wat er in je tv-meubel staat of komt te staan. De vuistregel is eenvoudig: ben jij iemand die elke frame telt in een online shooter en heb je de hardware om dat te genereren? Dan moet HDMI 2.1 bovenaan je wensenlijst staan; zonder die poort knijp je de prestaties van je dure console af en mis je de soepelheid waarvoor je betaald hebt.

Ben je daarentegen een filmliefhebber die geniet van de hoogste beeldkwaliteit in HDR, of kijk je vooral sport? Richt je dan op het contrast, de helderheid en de kleurweergave van het paneel. Een kwalitatief hoogwaardig paneel met een 'oudere' aansluiting geeft een indrukwekkender plaatje bij films dan een middelmatige tv die toevallig wél een 2.1-aansluiting heeft. Laat je niet gek maken door het idee van toekomstbestendigheid als de beloofde toekomst niet aansluit bij jouw kijkgedrag.

Dus...

HDMI 2.1 is essentieel voor gamers met een PS5, Xbox Series X of krachtige pc die willen spelen in 4K bij 120 Hz. Voor filmkijkers, serie-bingers en tv-kijkers biedt de standaard geen zichtbare beeldverbetering ten opzichte van HDMI 2.0. De extra bandbreedte is puur bedoeld voor zeer hoge framerates die videocontent niet gebruikt. Kies alleen voor HDMI 2.1 als je hardware hebt die deze snelheid daadwerkelijk kan benutten. In alle andere gevallen is de kwaliteit van het beeldscherm zelf veel belangrijker dan het type aansluiting.

▼ Volgende artikel
Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?
© Wildlight Entertainment
Huis

Alles over Highguard - waarom heeft iedereen het over deze shooter?

Op 26 januari kan de wereld aan de slag met Highguard. Het lijkt erop dat iedereen weet wat Highguard is, terwijl tegelijkertijd ook niemand precies weet wát Highguard nou precies is. In dit artikel zetten we dus uiteen wanneer je de game kunt spelen, en waarom deze titel van Wildlight Entertainment zoveel aandacht krijgt.

Releasedatrum van Highguard

Highguard is vanaf vandaag, 26 januari, rond 19:00 uur Nederlandse tijd beschikbaar op pc, PlayStation 5 en Xbox Series X en S. De exacte releasetijd is nog niet bekend, maar vermoedelijk zal de game rond die tijd op alle platforms beschikbaar worden.

Daarbij is het spel free-to-play, dus je hoeft niets te betalen om Highguard te spelen. Daarbij ondersteunt de game crossplay en cross-save, dus je kunt de game samen met vrienden op andere platforms spelen en je progressie op andere platforms meenemen. Het spel is niet te preloaden, maar vereist op pc in ieder geval 25 GB aan beschikbare opslagruimte.

Met de lancering van het spel zendt ontwikkelaar Wildlight Entertaiment om 19:00 uur Nederlandse tijd ook direct een zogenaamde Launch Showcase uit op YouTube - ook hieronder te bekijken. De studio belooft in deze showcase een ‘deepdive in de gameplay’ van Highguard te tonen, de contentplannen voor het eerste jaar uit de doeken te doen en nog ‘veel meer’. 

Watch on YouTube

Wat is Highguard?

Aan team-based PvP heroshooters als Overwatch is geen gebrek, maar Highguard lijkt zich bij die groep te scharen. Het spel wordt ontwikkeld door Wildlight Entertainment, dat weer bestaat uit oud-ontwikkelaars van onder andere Titanfall en Apex Legends. Mensen die dus meer dan prima shooters in elkaar hebben gedraaid, waardoor de interesse toch ietwat gewekt wordt. 

Ieder team in de game bestaat uit drie zogenaamde Wardens, waarvoor verschillende personages gekozen kunnen worden. In de trailer zien we bijvoorbeeld een ridderachtige personage, die met een speciale vaardigheid elektrische stokken rond kan gooien. Ook is er een groot ijsmonster dat schijnbaar muren kan laten verschijnen, een soort cowboy met beestachtige klauwen en een personage dat met messen kan gooien. Ook heeft ieder personage schijnbaar toegang tot geweren om het vijandelijke team mee te bevechten.

Het doel van een potje is namelijk het vinden van de ‘Shieldbreaker’, een soort groot zwaard waarmee je de basis van de tegenstanders open kan breken en uiteindelijk overnemen. Wanneer dit lukt is het potje gewonnen. In de context van de game krijgt jouw team op die manier de controle over het continent. 

©Wildlight Entertainment

Waarom is er zoveel om Highguard te doen?

Wildlight positioneert de game in hun marketing als een “nieuw soort shooter”, maar veel spelers zijn op basis van de trailer nog niet overtuigd. Highguard doet qua opzet van de potjes wel een paar dingen anders dan hero-shooters als Overwatch en Marvel Rivals, maar zoals Concord in 2024 liet zien is de huidige markt voor dit subgenre binnen shooters redelijk verzadigd. Velen zijn simpelweg nog niet overtuigd dat Highguard daadwerkelijk iets vernieuwends met zich mee weet te brengen.

Dit valt ook te verwijten aan een opvallend gebrek aan marketing van de game. Zo’n anderhalve maand voor release hoorden we voor het eerst van Highguard, toen de trailer werd getoond als afsluiter van The Game Awards. Normaliter is de laatste aankondiging van die show een van de hoogtepunten, maar Highguard wist mensen niet te enthousiasmeren. 

De gesprekken rondom Highguard werden echter nog vreemder, toen opviel dat Wildlight geruime tijd niets meer plaatste op sociale media over de game. Na de initiële aankondiging van de game werd er wekenlang niets meer geplaatst op het X-account van Highguard, tot drie dagen voor launch - toen het bedrijf een countdown startte. Ook dit maakte het lastig om enthousiast te worden voor Highguard. 

©Wildlight Entertainment

In de afgelopen dagen doken er berichten en geruchten op die stelden dat Geoff Keighley - de presentator en oprichter van The Game Awards - Highguard specifiek had uitgekozen als afsluiter van The Game Awards, omdat hij hier wel iets in zag. Op 25 januari plaatste Keighley een gif op X, waarin John Hammond uit Jurassic Park zegt: “Over 48 uur accepteer ik jullie verontschuldigingen”. 

Natuurlijk gunnen we iedere game waar tijd en passie in heeft gezeten het beste, maar het is ook niet te ontkennen dat het verhaal rondom Highguard op zijn minst frappant te noemen is. Nou ja, vanaf 19:00 uur kunnen we het spel zelf onder handen nemen. Verwacht daarom binnenkort impressies op onze socials en ID.nl.