ID.nl logo
iPhone 16-serie krijgt cameraknop en veel AI-functies
© Apple
Huis

iPhone 16-serie krijgt cameraknop en veel AI-functies

Apple heeft de iPhone 16-serie gepresenteerd. De nieuwe modellen krijgen een hoop AI-functies op basis van Apple Intelligence. Maar net als bij de recente Google Pixel 9-modellen geldt dat niet alle functies direct naar Nederland komen.

De iPhone 16-aankondigingen in het kort:

  1. De toestellen krijgen een nieuwe cameraknop
  2. Ze hebben een betere processor en de Pro-modellen een groter scherm
  3. Vooral de camerahardware heeft aandacht gekregen
  4. Ze zijn vanaf 13 september te bestellen, vanaf 20 september te koop

We beginnen met de iPhone 16 en iPhone 16 Plus. De nieuwe smartphones krijgen een capacitieve cameraknop, waarmee je gemakkelijker foto’s en video’s maakt. Klinkt wellicht speciaal, maar Sony biedt die optie al jaren bij de Xperia-reeks. Omdat de knop capacitief is, kan die net even wat meer. Met een simpele tik maak je een foto en door je vinger over het kleine oppervlak te vegen, zoom je in en uit. Daarnaast kun je er diverse AI-functies mee bedienen.

Nóg een nieuwe knop op de iPhone 16

De dempknop moet ondertussen plaatsmaken voor een actieknop, die je eerder op de iPhone 15 Pro aantrof. Die knop kun je zelf een functie geven. De schermen meten respectievelijk 6,1 en 6,7 inch, en bieden een verbeterde glaslaag die meer bescherming biedt tegen krassen.

De cameralens heeft een update gekregen. Zo is er een 48-megapixelcamera met een brede kijkhoek toegevoegd. Daarnaast is de iPhone 16 in staat 3D-video's te maken, zodat je vervolgens zogenaamde 'ruimtelijke foto's en video's' kunt bekijken op een Apple Vision Pro. Dat is de mixed reality-headset van het bedrijf.

View post on Instagram
 

Onder de motorkap zit de A18-processor, die tot 30 procent sneller is dan de A16 Bionic-cpu in de iPhone 15. Tijdens de presentatie werd vooral duidelijk dat het bedrijf uit Cupertino maar wat graag zijn nieuwe AI-functies promoot. Hoewel we nog niet weten welke functies precies naar Nederland komen, heeft de iPhone 16 wel die extra rekenkracht nodig om alle AI-functies on-device te berekenen. Sommige onderdelen worden ook in de cloud berekend.

Meer in de toekomst

Verder is het zo dat Apple de interne onderdelen onder handen heeft genomen. Niet alleen kunnen de nieuwe iPhones daardoor hun snelheid duurzaam vasthouden, ook is de hitteregeling verbeterd. Door die verhoogde efficiëntie belooft de iPhone-maker een verbeterde batterijduur, maar Apple vertelde niet op wat voor verbetering we dan kunnen rekenen.

In de komende maanden zal Apple mondjesmaat meer Apple Intelligence-functies uitbrengen. Zo komt er onder meer een Genmoji- en Image Playgrounds-beeldgenerator aan. Verder zal de iPhone zelf kunnen bepalen welke notificaties prioriteit genieten en zal Siri van meer slimheden worden voorzien.

©Apple

Grotere displays op iPhone 16 Pro-modellen

Net als de iPhone 16 en 16 Plus zijn ook de iPhone 16 Pro en Pro Max van de grond af aan opgebouwd voor Apple Intelligence. Beide modellen zijn voorzien van iets grotere schermen dan het jaar ervoor. De gewone Pro heeft nu een display van 6,3 inch, terwijl de Pro Max maar liefst 6,9 inch krijgt. Nice. Naast de dunste schermranden op een iPhone tot op heden krijgen beide Pro-varianten ook de langste accuduur. Maar ook hier ontbreekt harde data helaas. Je kunt de smartphones straks kopen in de kleuren Black Titanium, White Titanium, Desert Titanium en Natural Titanium.

De iPhone 16 Pro-reeks wordt aangedreven door de A18 Pro-cpu, waar Apple Intelligence tot 15 procent sneller op draait in vergelijking met de processor van vorig jaar. Zowel de grafische als reguliere processor hebben allebei zes kernen. De gpu biedt een versnelling van 20 procent, en twee keer snellere ray tracing. De cpu is 15 procent sneller dan de A17 Pro en verbruikt 20 procent minder energie. Onduidelijk is of dat ook geldt wanneer je volop gebruikmaakt van de AI-functies.

View post on Instagram
 

Nog betere camerafuncties

Het camera-eiland achterop heeft een flinke upgrade gekregen in de vorm van de tweede generatie Fusion-camera met een 48 megapixel-lens. Dit systeem heeft een brandpuntsafstand van 24 millimeter en een lensopening van f/1,78. De lens kan tot twee keer optisch inzoomen (tot 48 mm). Daarnaast is er verbeterde optische beeldstabilisatie en een anti-reflecterende laag aan de lens toegevoegd.

Verder is er een groothoeklens van 48 megapixel met autofocus en een brandpuntsafstand van 13 millimeter. De lensopening is nu f/2.2. Tot slot is er een telelens die vijf keer optisch inzoomt en is het systeem in staat video’s in 4K op 120 frames per seconde op te nemen. Ook ben je in staat de videoafspeelsnelheid na het opnemen aan te passen.

Met vier microfoons 'van studiokwaliteit' moet je audio bovendien in een hogere kwaliteit kunnen opnemen. Verder is er een professionele Audio Mix-optie beschikbaar, waarmee je onder meer achtergrondgeluid kunt filteren van de video.

©Apple

Prijs en beschikbaarheid

De iPhone 16 en 16 Plus zijn vanaf vrijdag vooruit te bestellen en kosten respectievelijk 969 en 1119 euro. De releasedatum is 20 september.

Ook de iPhone 16 Pro en Pro Max zijn vanaf vrijdag te bestellen en komen de 20ste uit. De kosten: 1229 voor het Pro-model en 1479 voor de Pro Max.

▼ Volgende artikel
Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?
Huis

Wanneer is een tv écht te groot voor je woonkamer?

Iedereen droomt weleens van een thuisbioscoop, maar groter is niet altijd beter. Een te groot scherm kan bijvoorbeeld zorgen voor vermoeide ogen of korrelig beeld. Ontdek hoe zaken als kijkafstand, de resolutie en de kijkhoek bepalen of een televisie daadwerkelijk in je woonkamer past.

In de felverlichte showroom van de elektronicawinkel lijkt die enorme 75-inch televisie waanzinnig indrukwekkend, maar eenmaal aan de muur in een doorsnee Nederlandse doorzonwoning kan zo'n gapend zwart vlak de ruimte volledig domineren. Veel consumenten denken onterecht dat een groter scherm automatisch garant staat voor een betere kijkervaring, ongeacht de afmetingen van de kamer. Toch is er een harde technische grens waarbij groot verandert in té groot, met hoofdpijn en onscherp beeld als direct gevolg. In dit artikel leer je precies hoe je die grens bepaalt en de ideale televisie kiest.

De kern van het probleem: resolutie en blikveld

Het probleem van een te grote tv is niet alleen esthetisch, maar vooral fysiologisch en technisch. Het draait allemaal om de verhouding tussen de resolutie (het aantal beeldpunten) en je blikveld. Zelfs bij moderne 4K-televisies zijn de pixels niet oneindig klein. Als je een enorm scherm neemt en daar te dicht op zit, trek je het beeld als het ware uit elkaar. Hierdoor verliest het beeld zijn scherpte en samenhang; je hersenen moeten harder werken om de losse informatie tot één geheel te smeden.

Een veelgehoorde misvatting is dat je simpelweg went aan elk formaat. Hoewel de eerste shock van een groot scherm inderdaad verdwijnt, blijft de fysieke belasting overeind. Als een scherm meer dan 40 graden van je horizontale blikveld inneemt, kun je niet meer het hele plaatje in één oogopslag zien. Je ogen moeten dan constant van links naar rechts scannen om de actie te volgen, vergelijkbaar met het kijken naar een tenniswedstrijd vanaf de eerste rij. Dat zorgt voor vermoeide ogen en kan op den duur zelfs leiden tot misselijkheid, ook wel 'cybersickness' genoemd.

©Gorodenkoff

Wanneer werkt een groot formaat wél goed?

Er zijn specifieke scenario's waarin een wandvullend scherm niet alleen kan, maar zelfs de voorkeur heeft. Dat geldt vooral als je de televisie primair gebruikt voor hoogwaardige content. Denk hierbij aan films op 4K Blu-ray of streamingdiensten die uitzenden in de hoogste bitrate, en uiteraard gaming op moderne consoles. In deze gevallen is de bronkwaliteit zo hoog dat je dichterbij kunt zitten zonder fouten in het beeld te zien.

Daarnaast werkt een groot formaat goed als de kijkafstand het toelaat. In moderne woningen met een open plattegrond of een loft-indeling staat de bank vaak wat verder van de muur. Als je kijkafstand meer dan 3 meter is, valt een 55-inch televisie al snel in het niet en moet je turen om details te zien. Een 65-inch of groter model herstelt in dat geval de balans en zorgt voor die gewenste bioscoopervaring, waarbij het scherm groot genoeg is om je onder te dompelen zonder dat je individuele pixels ziet.

Wanneer werkt dit níet goed?

De nadelen van een te grote tv worden pijnlijk duidelijk bij 'gewoon' tv-kijken. Veel lineaire televisieprogramma's, zoals het journaal, talkshows of sportuitzendingen via de kabel, worden niet in 4K uitgezonden, maar in Full HD of zelfs nog lager. Een enorme tv vergroot dat signaal genadeloos uit. Op een te groot scherm zie je dan plotseling ruis, compressieblokjes en onscherpe randen die op een kleiner scherm onzichtbaar zouden blijven. Het beeld oogt daardoor onrustig en rommelig.

Ook in de fysieke ruimte kan het tegenvallen. Een tv die uit staat is een groot, zwart en reflecterend vlak. In een compacte woonkamer zuigt een te groot scherm alle aandacht naar zich toe, zelfs als hij uitstaat. Zoiets verstoort de balans in je interieur en kan de kamer kleiner laten aanvoelen dan hij eigenlijk is. Daarnaast is de plaatsing van sfeerverlichting vaak lastiger; een gigantisch scherm blokkeert lichtinval of reflecteert lampen op een storende manier.

©RDVector

Als je té dicht op je televisie zit, kun je de kleurenleds van elkaar onderscheiden.

Dealbreakers: hier ligt de grens

Er zijn een paar harde grenzen die aangeven dat je beter een maatje kleiner kunt kiezen. Als je een van de onderstaande punten herkent, is dat een duidelijk signaal.

Je moet je hoofd fysiek draaien

Als je tijdens het kijken naar een film ondertiteling leest en daardoor de actie boven in het scherm mist, of als je je nek daadwerkelijk moet draaien om van de linker- naar de rechterhoek te kijken, is het scherm te groot voor je kijkafstand. Je verliest het overzicht.

De tv past fysiek niet op het meubel

Dit klinkt misschien logisch, maar wordt vaak genegeerd. Als de pootjes van de tv net aan op de rand van je tv-meubel balanceren, of als het scherm breder is dan het meubel zelf, oogt dat niet alleen goedkoop, het is ook onveilig. Een scherm dat buiten de kaders van het meubel steekt, is enorm kwetsbaar voor (om)stoten.

Je ziet pixels of rastervorming

Ga op je favoriete plek op de bank zitten. Zie je bij normaal HD-beeld een soort hordeur-effect of individuele blokjes? Dan zit je te dichtbij voor dat specifieke formaat. Dat is geen kwestie van wennen; het is een mismatch tussen resolutie, inch-maat en kijkafstand.

Wat betekent dit voor jouw situatie?

Om te bepalen of een tv past, moet je de rolmaat erbij pakken en even kritisch naar je eigen kijkgedrag kijken. De algemene vuistregel voor 4K-televisies is: meet de afstand van je ogen tot het scherm in centimeters en deel dat door 1,2 tot 1,5. De uitkomst is de ideale schermdiagonaal.

Zit je bijvoorbeeld op 2,5 meter (250 cm) van je scherm? Dan kom je uit op een schermdiagonaal tussen de 166 cm (65 inch) en 208 cm (82 inch). Maar let op: dat geldt alleen voor pure 4K-content. Kijk je veel normale televisie (praatprogramma's, nieuws)? Hanteer dan factor 2. Bij 250 cm afstand kijkt een scherm van 125 cm diagonaal (ongeveer 50 inch) dan vaak prettiger en rustiger. Ben je een fanatieke gamer of filmfanaat? Dan kun je de grens opzoeken. Ben je een casual kijker? Kies dan veilig voor een formaatje kleiner.

©BS | ID.nl

In het kort

Een televisie is te groot wanneer het beeld onscherp oogt of wanneer je fysiek je hoofd moet draaien om alles te kunnen volgen. Hoewel een groot scherm indrukwekkend lijkt, vergroot het bij standaard televisie-uitzendingen ook alle beeldfouten uit. De ideale grootte is een balans tussen kijkafstand en de kwaliteit van wat je kijkt. Meet daarom altijd de afstand tussen bank en muur, en wees realistisch over je kijkgedrag. Zo voorkom je hoofdpijn en blijft tv-kijken ontspannend.

▼ Volgende artikel
Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt
Huis

Microsofts Xbox Developer Direct heeft de code gekraakt

Het is ergens in 2025 als Fable voor het eerst, een soort van, getoond wordt. Beelden volgen elkaar in rap tempo op. We zien de dame die de hoofdrol lijkt te spelen, geen HUD en vooral heel veel mooie filmpjes. Daarna begint het wild speculeren, de klachten over het hoofdpersonage, de vraagtekens over de gameplay. Gelukkig was daar gister de Xbox Developer Direct, waar Microsoft eens te meer bewees de code gekraakt te hebben.

Vóór de pandemie, toen de Electronic Entertainment Expo (E3) nog bestond en online showcases, Directs en State of Plays nog niet echt een ding waren, wisten gameboeren hun spellen prima te verkopen. Ontwikkelaars verschenen op het podium tijdens liveshows, praatten over hun games, speelden live een demo (wat net zo vaak goed als faliekant misging) en dergelijke presentaties werden afgewisseld met teasers, hypetrailers en (nog verder terug) zelfs weleens grafieken en verkoopcijfers. Hoe anders is de wereld anno nu.

Watch on YouTube

Trailers vol trailers

Klaar zitten voor The Game Awards, een gemiddelde Direct, Showcase of Summer Game Fest is leuk, maar niet hetzelfde als ‘toen’. Want de formule is inmiddels bekend. Een half uur, een uurtje, een paar uur lang wordt er de ene na de andere trailer op je hersenen afgevuurd. Wat is ‘reclame’ en wat niet? Geen idee. Standaard zijn de animegames die elkaar zo rap opvolgen dat de gemiddelde kijker niet eens meer weet waar de ene game begint en de ander ophoudt. Meestal zit er een klapper aan het begin, waarna het grote wachten op de klapper aan het einde begint.

Vraag iemand een week later wat ie gezien heeft, en meer dan de helft van de getoonde games is waarschijnlijk uit het geheugen verdwenen.  En al die flarden van beelden zonder fatsoenlijke uitleg leiden vaker wel dan niet tot hetzelfde als die ene soort van trailer van Fable: speculaties, wild geroep en vraagtekens. Het komt de online discussie rondom games niet ten goede.

©Playground Games

Hoe anders was de inmiddels traditionele Xbox Developer Direct. Langer dan een uur, voor maar vier games. Die games kregen zodoende alle tijd, net als de ontwikkelaars. Gameplaybeelden zijn niet aan te slepen, verscheidene modi worden uitgebreid besproken en zelfs de kleinste details krijgen meer dan genoeg ademruimte. Zo horen we tijdens de Forza Horizon 6-presentatie dat het nummer van je eigen hangar (78) gekozen is omdat de game zich afspeelt in Japan, en die cijfers daar een positieve lading hebben. Fijn om te horen hoe scherp het oog voor detail van een ontwikkelaar is. Dat zegt iets over het project. En het is ook iets wat je never nooit in een hypetrailer van anderhalve minuut langs had zien komen.

Trailers vol trailers

En dus zit ik gisteravond te genieten. Niet eens per se van de games, want ze vallen net niet in mijn straatje. Forza Horizon 6 vind ik héél indrukwekkend en de game zal ongetwijfeld miljoenen spelers perfect bedienen, maar ik ben niet zo van het racen. Game Freak - de makers van Pokémon die eindelijk hun vleugels uitslaan met graphics uit dit decennium - komen met Beast of Reincarnation. Het ziet er oké uit. Double Fine vindt in mij ook geen fan en een multiplayer-pottenbakgame (Kiln) is niet iets wat hoog op mijn lijstje stond. Zelfs afsluiter Fable wist me met z’n levenssimulaties ook niet te overtuigen. Maar, nogmaals, wat heb ik genoten. Van ontwikkelaars die ruim de tijd kregen. Van de games, die van alle kanten belicht werden. Van de antwoorden die we kregen.

©Playground Games

Want wat ik nou precies van die games vond, is niet eens zo heel belangrijk. Veel belangrijker is dat iedereen dit keer in ieder geval een uitgebreid beeld kreeg van wat deze games nu precies worden. Een Xbox Developer Direct creëert geen valse hype. Van die vier getoonde games, weten we nu eigenlijk alles wat we redelijkerwijs moeten weten. Zoals bijvoorbeeld dat Fable een character creation-modus heeft, om maar iets te noemen. En plots zie je de discussies rondom de games gaan om… de inhoud. En niet op wilde speculaties rondom hoofdpersonages die helemaal niet vast blijken te staan. Love it.